logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_03
Gavin Friday - ...
CD Reviews

Savatage

Still The Orchestra Plays: Greatest Hits Vol. 1 & 2

Geschreven door

Savatage is een legendarische metalband uit Florida die al enkele jaren niet meer actief is. Toch komt de band op de proppen met dit nieuwe verzamelalbum. De groep  wordt eind jaren zeventig opgericht door de broertjes Jon en Chris Olivia. Eerst wordt er gekozen voor de naam Avatar maar aangezien er in Europa al een band met die naam bestond, wordt snel geopteerd voor Savatage. De band speelt op zijn eerste albums ‘Power of the night’ en ‘Fight for rock’ heavy metal met stevige speedmetalriffs. Geleidelijk aan schakelt men over op een meer bombastische en epische sound wat zich vertaalt in albums als ‘Hall of the mountain king’, ‘Gutter Ballet’ en ‘Streets’.
In 19993 slaat  het noodlot echter toe wanneer gitarist Chris Olivia wordt aangereden door een auto en sterft. Opvolgers worden er gevonden in de personen van Alex Skolnick (oa Testament) en Al Pitrelli (oa Alice Cooper). Savatage werkt op dat moment trouwens al met zanger Zachary Stevens. De groep opteert in die periode tevens voor een nieuwe koers in de vorm van rockopera’s en de combinatie van klassieke muziek en metal. Na het laatste album ‘Poets and Madmen’ uit 2001 gaat Jon verder met Jon Olivia’s Pain (deze zomer trouwens te zien op de main stage van Graspop) en staat Savatage defacto op non actief.
De chronologisch opgebouwde dubbelaar biedt een mooi overzicht van de indrukwekkende carrière van deze metalformatie. Wel staan er geen nummers van de eerste twee albums op, ongetwijfeld heeft dit te maken met problemen rond de rechten hiervoor.
Het album biedt een mooie mix tussen stevige nummers (“Gutter Ballet”, “Hall of the Mountain King”, “24 hours ago”) en ballads (“Summers Rain”, “When the crowds are gone”, “All that I bleed”…). In verschillende van de volgende  nummers zoals “One child”, “Morphine Child” (wat een ongelooflijke riff), “Edge of Thorns” hoor je duidelijk de geslaagde combinatie van klassieke muziek en metal. Als bonus zijn er nog drie akoestische nummers van Jon Olivia toegevoegd. Misschien was er in plaats hiervan toch beter gekozen voor enkele songs uit de begindagen van Savatage. Nog opmerken dat de limited edition van deze verzamelaar de dvd ‘Japan Live’ uit 1994 bevat.
De echte fans zullen de meeste nummers van deze dubbelaar al in hun bezit hebben, voor de jongere metalfans en diegenen die de band niet kennen, biedt ‘Still The Orchestra plays’ een mooie bloemlezing uit het oeuvre van Savatage.

Scorpions

Sting in The Tail

Geschreven door

‘Sting in the tail’ is het zeventiende en volgens eigen zeggen laatste album van The Scorpions. Niet verwonderlijk als je weet dat zanger Klaus Meine en gitarist Rudolf Schenker ondertussen 62 zijn en de band momenteel aan een tournee van drie jaar bezig is! In meer dan veertig jaar wist deze Duitse hardrockband overbekende hits te scoren als “Rock you like a Hurricane”, “Wind of Change”, “Still Loving you” en “Send me an angel”.
Met het nieuwe album keert de groep duidelijk terug naar de jaren tachtig. Niet alleen verwijst de titel naar het meest succesvolle album ‘Love at first Sting’ uit 1984, ook qua sound is er duidelijk gekozen voor de jaren tachtig.
The Scorpions hebben er samen met producers Mikael Nord Andersson en Marin Hansen alles aan gedaan hebben om deze cd tot een voltreffer te maken. En het moet gezegd zijn: de plaat staat als een huis, zanger Klaus klinkt jonger als nooit tevoren en er is opnieuw een prima verdeling tussen ballads en stevige rockers.
Een aantal songs vallen in zeer positieve zin op: het retestrakke openingsnummer “Raised on Rock”, het hitgevoelige “The Good die young” , het stevige “No Limit” en het zeemzoete “Sly”. Verder horen we degelijke rocksongs maar jammer genoeg zijn die compositorisch niet altijd van het niveau dat de groep vroeger wel wist te  halen. Toch is ‘Sting in the tail’ een waardige afsluiting van een lange en indrukwekkende rockloopbaan.

Krokus

Hoodoo

Geschreven door

Liefhebbers van melodieuze, rechttoe- rechtaan rock mogen blij zijn! Het Zwitserse Krokus is terug met een ijzersterk album ‘Hoodoo’. Deze band bestaat al sinds 1974, bracht voorheen vijftien albums uit waarvan  het meer dan 13 miljoen exemplaren verkocht. De mannen zijn nu terug in de originele line up en rocken als nooit tevoren. Tien nieuwe songs staan er op dit plaatje met welluidende titels als “Rock N’ Roll Handshake”, “Ride in to the Sun”, “Keep Me Rolling” en “Shot of Love”. Daarenboven houden ze zich aan hun principe om op ieder album 1 cover te zetten, deze keer kozen ze voor “Born to be Wild” van het legendarische Steppenwolf.

De muziek van Krokus zit vol heerlijke gitaarrifs, vurige ritmes en de heerlijke stem van Mark Storace die verduiveld sterk aan Bon Scott doet denken!  Dit is de ideale muziek om loeihard door de boxen van je auto te laten knallen en op mooie lentedagen als deze over de weg te scheuren!

Moke

The long & dangerous sea

Geschreven door

De groepsleden van het Nederlandse Moke hebben al een verleden bij andere bands die het binnen de Britpopscène houden. Inderdaad de band draaiende rond Felix Maginn (zang/gitaar) en gitarist Phil Tilli hebben een sterke tweede cd uit, die het debuut ‘Shorland’ van 2007 opvolgt  … én overstijgt. Hun songs hebben een spannende, broeierige opbouw, krijgen kleur door de weelderige arrangementen en elektronica en worden gedragen door de warme stem van Maginn.
De songs zijn mooi uitgewerkt en staan pal naast de return van Echo & The Bunnymen. Meer zelfs, Ian McCulloch kan misschien bij deze heren even aankloppen om te horen hoe hij nog een best een popsong schrijft! Ze hebben alvast de kunst om te beroeren en te ontroeren door die gitaarlagen en fijne melodielijnen. Ze spelen ten dienste van het liedje en hebben hiermee en heel overtuigende, heerlijke plaat uit, luister maar eens naar “Love my life”, “Switch”, “Nobody’s listening” en de titelsong.
Nederlandse band die het verdient zich te onderscheiden van die hippe (Nederlandse) hiphopscène en nog iets muzikaals kan betekenen na het verhaal van Johan …

Lou Rhodes

One Good Thing

Geschreven door

Vorig jaar dachten we even dat er wel een nieuwe plaat van Lamb op stapel ging staan door de onverwachtse reünietour met Andy Barlow. Maar het trippoppende drum’n’bass duo was maar een tijdelijke opleving. Het is wel zo dat de derde soloplaat van znageres Lou Rhodes werd opgenomen in diens studio, zonder dat hij ook maar aan de knoppen moest komen. ‘One good thing’ belicht haar folky sing/songwriter kwaliteit en is een sober gehouden plaat. Ingetogen nummers, vorm gegeven door haar het akoestische gitaarspel, aangevuld met een stemmige strijker (= cello ) en gedragen door haar breekbare, zwoele, ijzige en pakkende vocals.
De plaat onderscheidt zich toch van het eerder onopvallende tweede ‘Bloom’, dat alvast een bredere omlijsting had, en plaatst zich naast het debuut ‘Beloved one’.
Indrukken van de verhuis naar het platteland en het (plotse) verlies van haar zus Janey zijn de thema’s van de cd. De elf songs liggen in elkaars verlengde. De ingetogen folky popballads genieten een intieme pracht met de titelsong voorop.

We Have Band

WHB

Geschreven door

Het trio uit Manchester, We Have Band, is maar al te graag bezig binnen de electropop en punkfunkstyle. We Have Band gaat van een dromerig , sfeervolle popgroove van “Piano” en “Buffet”, naar de dansbare stijl van Friendly Fires en Hot Chip met songs als “Divisive”, “Oh” en “Centerfolds & empty screens”. Ze borduren hier op de gekende stijl van The Klaxons, !!!, LCD Soundsystem, de ‘70’s funk en ‘80’s Talking Heads, Gang Of Four en de electro van New Order. De dansspieren worden aangesproken door de aanstekelijke beats en percussie. En na deze ravesound maken ze een brede bocht naar de onderkoelde Human League elektronica en de warmte van Pet Shop Boys, waaronder “How to make friends”, “Honey trap” en “Hear it in the cans”. Samen met de drie afsluitende songs tappen ze hier ietwat teveel uit hetzelfde zalvende vaatje waardoor de songs zich niet echt meer van elkaar onderscheiden. Op die manier merken we dat We Have Band deel uitmaakt van de grote meute bands met hun mix tussen indie en elektronische popmuziek. 

Built To Spill

There is no enemy

Geschreven door

Built To Spill, onder Doug Martsch, zijn samen met Galaxie 500 één van de pijlers van de ‘independant’ indierock eind’80’s. Slepende, hemels klinkende gitaren, repetitief opbouwende en uitgesponnen gitaarlagen gelinkt aan Neil Young’s Crazy Horse en The Feelies, gedragen door de dromerige, melancholische en breekbare stem van Martsch. Ook de nieuwe plaat, ruim vier jaar na de vorige cd, moet écht niet onderdoen aan het vroegere materiaal. De sympathieke band heeft met “Good ol’ boredom”, “Done”, “Things fall apart” en “Tomorrow” enkele uiterst genietbare gitaarparels uit, songs soms aangevuld met blazers.
Mijmerende, aanstekelijke, aantrekkelijke hoogstaande gitaarpracht horen we op de songs, die knipoogt naar hun oudbakken formule, maar ook ruimte biedt voor een breder instrumentatie. Met opgeheven hoofd slaagt BTS er na al die jaren nog in zich te manifesteren in de huidige indie-boom. Ontegensprekelijk besluiten we dus met respect voor zo’n band!

MGMT

Congratulations

Geschreven door

Een goede twee jaar terug waren zij één van de meeste hippe bands, Management aka MGMT, het leuke gezelschap onder Ben Goldwasser en Andrew VanWyngaerden. Hun geestesverruimende pop, rock’n’roll en dancepsychedelica zetten ze om in enkele meesterlijke hits als “Time to pretend”, “The electric feel” en het meezingbare- fluitende “Kids” van de plaat ‘Orucalar Spectacular’. De plaat werd een wereldsucces. De band, die tuimelt in de ‘70’s retrosychedelica, haalde de sound van Pink Floyd, Pavlov’s Dog , Hawkind, Bowie, The Doors en jongere bands Flaming Lips, Mercury Rev en Ozric Tentacles van onder het stof. Ze maakten er een kleurrijke ‘peace en love’ van.
De opvolger ‘Congratulations’ is andere koek. Het duo verbleef lange tijd op het strand van Malibu voor het schrijven en opnemen van nieuwe songs. Ze putten uit een creatief psychedelisch vaatje en borgen de hitgevoeligheid op. Een drietal toegankelijke nummers horen we binnen hun poppsycherock, “Flash delirium”, “Brian eno” en de titelsong. “ Siberian breaks” is het epos van de cd, ruim twaalf minuten, én wel in vier stukken verdeeld: een dromerig concept, verrassende, onverwachtse en gewaagde wendingen, slepende melodieën, (vocoder) stemmen, synths, (akoestische) gitaarloops, symfo en orkestraties. Samen met “Lady Dada’s nightmare” is er sprake van een lang instrumentaal stuk en een elektronische outtro. Eerbetoon aan The Beatles en Brian Eno zijn op z’n plaats.
Ze benaderen op die manier wat Flaming Lips op hun laatste plaat deed. Pete Kember, die in de ‘90’s deel uitmaakte van de poppsychedelica van Spacemen 3 en Sonic Boom stond mee in voor de productie.
’Congratulations’ is een apart plaatje, apart muziek, een muzikale rijkdom, maar waar soms geen touw aan vast te knopen is …

Arkona

Goi, Rode Goi

Geschreven door

Help, de Russen zijn daar! De Russen!!! En ze hebben dan nog eens goede muziek mee ook! Wie zijn de Russen? De Russen zijn Arkona. Wat is de goede muziek? Dat is hun nieuwste album ‘Goi, Rode Goi!’
Arkona is een Russische Slavian Pagan Metalband die in 2002 opgericht werd door de blonde zangeres Maria Arichipowa. Na enkele bezettingswisselingen staan ze er nog altijd. Intussen hebben ze al vier studio-albums, een live-album en dvd en toch bestaat het dat ik nog nooit van deze band gehoord had. Tot nu, want met hun vijfde album ‘Goi, Rode Goi!’ hebben ze me grondig wakker geschud. Rusland is blijkbaar ook in staat om goede Folk/Pagan Metal af te leveren.
En dan halen ze het in hun hoofd om na een uitstekend openingsnummer en twee goede nummers er onmiddellijk al een episch, muzikaal avontuur tegenaan te gooien in de vorm van “Na Moey Zemble”. Het nummer duurt ruim een kwartier en bevat enkele opmerkelijke gastbijdrages. Zo hoor je o.a. Nederlandse zang van de zanger van Heidevolk, aan aangename verrassing tussen al dat onverstaanbare Russisch. Let wel, geen slecht woord over dat Russisch. Die taal leent zich er uitstekend voor om zo'n liederen te zingen.
Tjah, het hele album gaat verder met dit hoge niveau en deze mengelmoes van Folkinstrumenten en het Metalen geweld. Alsook de kruising van Russische folkzang en grunts.
Een klein minpuntje is de lange speelduur van 78 minuten. Want dit soort muziek vergt toch wel veel aandacht van de luisteraar en die aandacht gaat na een tijdje toch verminderen. Ondanks dit is het toch een heerlijk album geworden!

The Hotrats

Turn ons

Geschreven door

The Hotrats, genaamd naar dat fantastische Zappa album, zijn het hobbyclubje van Danny Goffey en Gaz Coombes van Supergrass en Radiohead producer Nigel Godrich.
Met ‘Turn Ons’ hebben zij een fris plaatje vol met covers gekwakt. Fijne, veelal straightforward rockende versies van bekende en minder bekende songs van de betere der aarde. Een vrij aardige selectie met maar een paar uitschuivers.
“Fight for your right” van de Beastie Boys is op hoogst originele wijze omgebouwd tot een sixties song in regelrechte Who- en Kinks traditie. The Kinks hun “Big sky” wordt hier trouwens ook met verve gecoverd. Costello’s “Pump it up” heeft nog nooit zo stevig gerockt en “The Lovecats” van The Cure is zo opzwepend dat we met graagte het origineel (wat ook al niet mis was) onderaan in de kast gaan opbergen. “I can’t stand it” van de Velvet Underground is nog feller en verbetener dan het al grillige origineel (wij durven wedden dat ouwe knorpot Lou Reed deze versie maar niks zou vinden maar wij zijn er helemaal weg van, en wij zijn wel degelijk VU-fan !) en The Doors hun “Crystal ship” krijgt een extra portie dynamiet toegediend. En we hadden er nog nooit eerder bij stilgestaan maar “Queen Bitch” van Bowie is een verdomd krachtige song. Met de psychedelica van Syd Barrett’s Pink Floyd in “Bike” weten ze ook wel raad en de eighties klassieker “Damaged Goods” van The Gang of Four krijgt een uiterst potente viagra injectie.
Het is evenwel niet altijd feest, “Up the junction” (Squeeze) is wat slapjes, met “Love is the drug” (Roxy Music) hebben The Hotrats bitter weinig aangevangen en The Sex Pistols’ “E.M.I” is ontdaan van al zijn punk energie, en dat kan niet de bedoeling zijn geweest.
Desalniettemin, heel fijn coverplaatje.

Pagina 339 van 396