Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (8 Items)

Star Industry

Star Industry - Feest met onverwoestbare klassiekers

Geschreven door

Star Industry - Feest met onverwoestbare klassiekers
Star Industry + Next! + The Dirty Scums

In de Asgaard in Gent staat doorgaans metal op het programma, maar vorige zaterdag stond er een mix van punk en gothic/wave op de affiche, met drie bands die elk een bijzonder verhaal hebben.

De West-Vlaamse punkband The Dirty Scums bestaan al sinds 1981 en zijn daarmee zowat generatiegenoten van The Kids en Red Zebra, twee bands die ook nog steeds actief zijn. The Dirty Scums hebben in de Belgische punkscène een goede reputatie, maar daarbuiten hebben ze de voorbije 40 jaar misschien minder fans gemaakt.
Bij de start van hun optreden in de Asgaard zijn maar een handvol fans van de band opgedaagd in een shirt van de Scums. Ze zijn met te weinig, niet meer van de jongste en misschien ook niet enthousiast genoeg voor een onstuimige pogo. Zanger-gitarist Dirty Pik geeft wel het volle pond, maar legt zich al snel neer bij het feit dat dit voor The Dirty niet de meest gedenkwaardige avond zal worden.
De set is een mooie dwarsdoorsnede van hun oeuvre, met onder meer een ode aan Debbie Harry (van Blondie) en een sneer aan de toenmalige eerste minister Wilfried Martens (“Martens, Jij Ouwe Rukker”).
Het leukste moment bij The Dirty Scums is als het trio elk een bouwvakkershelm opzet en hun versie brengen van het Bob De Bouwer-lied, met als refrein ‘Gaan We Eentje Drinken? Nou En Of!’. Na de reguliere set gaan The Dirty Scums gretig in op de vraag voor een toegift. Het trio perst er in een rotvaart nog drie nummers uit, met onder meer het hilarische nummer “Joat” (Ja in het West-Vlaams).
The Dirty Scums verdienen respect voor wat ze al gepresteerd hebben, maar dit concert in de Asgaard voegt weinig toe aan hun palmares.

Next! kwam al eens eerder aan bod op deze site. Deze ook al West-Vlaamse band begon als coverband met een voorliefde voor new wave-hits en vervelde van daar uit naar een band met eigen nummers die nog wel wortels hebben in de postpunk en punk van de jaren ’80.
Met hun Ramones-cover “Blitzkrieg Bop” als eerste in de setlist rapen die van Next! de cover-punten op die The Dirty Scums hebben laten liggen. De andere covers die nog op de setlist prijken zijn “Modern Dance” van The Definitivos (doet jammerlijk geen belletje rinkelen bij het Gentse publiek) en “Living Room” van Red Zebra. Bij die laatste gaat het dak er wel af.
“Nude As The News” is een cover van Cat Power en sluit dus minder aan op de roots van deze band. Het is niet zo’n heel bekend nummer. Het is wel het nummer waarop zangeres Saskia haar visitekaartje afgeeft: wat een stem, wat een performance, …
Het is twee jaar geleden dat ik Next! live zag en wat een progressie heeft zij gemaakt. Vroeger stond ze op het podium met een houding van ‘ik sta hier ook maar omdat ik een te grote mond heb opgezet op café’ terwijl ze vandaag echt een frontvrouw is die terecht met bijna alle aandacht gaat lopen.
Bijna alle aandacht, want bij Next! zijn ze met z’n zessen en dan nog netjes gender-gelijk verdeeld met de helft vrouwen en de helft mannen. Een klassieke rockband-bezetting met wel twee gitaristen en dan nog een saxofonist. Vooral die laatste drie maken dat het geluid van deze band soms heel vol zit en dat elk podium bij voorbaat te klein is om iedereen zijn moment in de spotlights te gunnen. Next! was er in de Asgaard op gebrand om alle nummers van hun eerste release (op cassette!) te spelen en daarvan onthouden we vooral “Greedy”, “Lovesong” (geen cover van the Cure) en “War” als hoogtepunten.
Net als The Dirty Scums eerder eigent ook Next! zichzelf nogal vlot een bisronde toe en daarin brengen ze hun versie van “Bad Reputation” van Joan Jett & The Blackhearts.
Next! kan nog wat groeien in hun eigen nummers en moet wat meer ‘lucht’ brengen in hun sound, maar dit is een band met een mooie toekomst voor zich.

De Limburgse gothic rockband Star Industry is de headliner van de avond in Gent. Deze band kende zijn hoogtepunt op het einde van de jaren ’90 met hun radiohit “Nineties” (op StuBru) en daarna volgden erkenning en concerten en festivals in het buitenland. Ze haalden de mosterd bij The Mission en de Sisters Of Mercy. Heel productief zijn ze niet. Doorgaans zit er minstens vijf jaar tussen elke albumrelease en sinds ‘The Renegade’ uit 2015 heeft Star Industry geen nieuw studiowerk meer uitgebracht.
In de set in Gent zaten ook nog altijd geen nieuwe nummers. Wel kregen we een mooie doorsnede van hun muzikale erfenis. Het Gentse publiek reageerde met het grootste enthousiasme op het oudste werk (“Ceremonial”, “Be Real”, “Sodium Haze”, …) en de Asgaard ontplofte als “Nineties” werd ingezet. Het publiek was al behoorlijk enthousiast maar bij dit nummer ging elke vleermuis aan het dansen.
Star Industry nam al mooie covers op van onder meer Depeche Mode en Roxette, maar in Gent brachten ze een compleet herwerkte versie van “Eleanor Rigby” van The Beatles. En in “Sodium Haze” werden ook nog een paar zinnen gezongen van the Eurythmics (uit “Here Comes The Rain Again”).
Ook deze band ging niet naar huis zonder een toegift en daarna was het aanschuiven aan de merch-stand. Star Industry bracht in de Asgaard een mooi opgebouwde set met veel vaste waarden en weinig verrassingen. Ze kunnen nog altijd teren op hun oudste materiaal, maar nieuw werk is zeker welkom.

Organisatie: EGW-Rock & ENG

Dust Bolt

Trapped In Chaos

Geschreven door

Toen we vorige zomer de Duitse Thrash Metal band Dust Bolt zagen optreden op Antwerp Metal Fest waren we danig onder de indruk van de stevige en gevarieerde performance. We schreven daarover: ''Dust Bolt zorgt, door middel van een wervelende show, dan ook voor één van de hoogtepunten op de eerste festivaldag. En dan hebben we het dus zowel over de instrumentale als vocale aankleding die ons met verstomming slaat, als de enorm spontane manier waarop alles gebeurt." De band timmert sinds 2006 aan de weg en bracht zijn nieuwste schijf uit: ‘Trappend In Chaos'. Waaruit blijkt dat Dust Bolt over de grenzen van het doorsnee thrashmetalgebeuren heen kijkt, met het oog naar de toekomst gericht, maar ook met respect voor hun verleden.
Want vanaf die eerste songs, “The Fourth Strike”, “Dead Inside” tot “The Bad Ad” hoor je dat Dust Bolt heel bewust kiest om niet meer puur en alleen thrashmetal te brengen. Er worden bladzijdes omgeslagen naar andere muziekstijlen in het metalgebeuren. Hoewel de roots niet wordt vergeten, luister maar naar het typische thrashmetalpareltje “Rythm to My Madness”, waar verschroeiende riffs de haren op onze armen doen rechtkomen van innerlijk genot. Het is net dat schipperen tussen verleden en toekomst dat niet enkel de rode draad vormt doorheen deze plaat, maar dat ook de reden is waarom wij over de streep worden getrokken. We houden nu eenmaal van bands die zichzelf blijven uitvinden. En dat is wat Dust Bolt anno 2019 dus doet.
Meerdere adrenalinestoten en kroppen in de keel verder blijven we dan ook totaal van de kaart achter in een hoekje van de kamer. Dust Bolt moet al lang niet onderdoen voor de grote namen in de thrashmetal. Anno 2019 doet Dust Bolt er gewoon meerdere scheppen bovenop. En zet de Duitse and nog maar eens meer stappen voorwaarts naar compleet volwassen worden. De toekomst van Dust Bolt zag er al rooskleurig uit. Op basis van deze gloednieuwe schijf zien we vooral een band die zijn eindpunt totaal niet heeft bereikt, integendeel. En dat is dus de verdienste van een band die toekomst, heden en verleden perfect met elkaar verbindt.

Tracklist: The Fourth Strike, Dead Inside, The Bad Ad, Bloody Rain, Rythm To My Madness, Shed My Skin, Killing Time, Trapped In Chaos, Another Day In Hell, Chaos Possession, Who I Am.

Orion Dust

Legacy

Geschreven door

De muziek van het Franse Orion Dust omschrijven is niet zo moeilijk maar je hebt een heleboel dingen die in hun muziek verweven zit die je kan opsommen. Hun muziek heeft een progressief kantje, vooral in de opbouw van de nummers. Daarnaast heeft die ook een folk en jaren ‘70 sfeertje. Ze klinken dus niet zoals de meeste hedendaagse progressieve rock- en metalacts. We waren al onder de indruk van hun debuut ‘Duality’ en hun opvolger gaat verder waar de eerste plaat eindigde. Maar voor ‘Legacy’ hebben ze wel gekozen om die in een organischer en warmer klinkend jasje te steken. Dit past uitstekend bij de teksten van zangeres Cecile Kaszowski. De teksten staan vol met verhalen over mythes en andere geheimzinnig zaken. De muziek ondersteunt dit ook mooi via de akoestische gitaren, orgels etc...
Verder moeten we terug zeggen dat Cecile hier indrukwekkende vocals tentoonspreidt. Wat een stem heeft ze toch. “Norroway Song” begint met een soort sjamaan die je in trance moet laten komen. Hetgeen Cecile daarna laat horen, met de nodige ritmeversnellingen, is heel verslavend. Op “Unrising Sun” beginnen ze terug met een uitgestrekte intro. Ditmaal is het een synth die samen met de percussie voor de inkleuring zorgen. Het gitaartje dat langskomt, maakt het geheel af. De spoken words geven het tevens een mysterieus tintje. Ook “The Awakening” is ongeveer op dezelfde manier opgebouwd. Op “Mireio” verlaten ze een beetje het gevolgde pad en hier doet de ritmesectie heel mooie dingen. Dit klinkt heel hedendaags. Er staan zeven songs op en een korte prelude. Samen is dit goed voor meer dan 50 minuten luisterplezier.
‘Legacy’ is het tweede album van Orion Dust en is terug een schot in de roos. Deze band verdient het om ook hier bekendheid te genieten. Fantastisch album!

Orion Dust

Duality

Geschreven door

In feite is dit een re-release. Het album verscheen vorige jaar in maart maar was vrij snel uitverkocht. De band besliste dan maar om hem nog eens op de markt brengt. Als regular cd en als digipac. ‘Duality’ is het debuut van deze Franse band dat sinds 2014 bestaat. Een viertal muzikanten bestaande uit 2 mannen en 2 vrouwen.
Het album brengt ons middels verschillende verhalen op verschillende plaatsen maar als rode draad gaat het over een persoon die vecht tegen zichzelf en de wereld om zich heen. Een gevecht om niet in waanzin en depressies te belanden. Niet echt opgewekte materie dus. Er zit veel melancholie in de songs maar het is nu ook niet zo dat het depressief klinkt. Muzikaal spreken we van stevige rock en progressieve rock. Zo zijn er songs die afklokken rond de drie en vier minuten, maar ook songs die tot elf minuten duren. “Hapiness Inside” is zo’ n lang uitgebouwde song. Een lang uitgesponnen intro dat overgaat in stevige rock met een instrumentaal tussenstukje dat ingevuld wordt door een orgel/key. Het is eens wat anders dan een gitaarsolo. Het nummer heeft een fijne opbouw met veel variatie dat wat aan de jaren ‘70 doet denken. De stem van zangeres Cécile Kaszowski is schitterend. Luister maar eens hoe ze naar het einde toe een soort van zangsolo weggeeft. “Tightrope Walker” bevat akoestische gitaar, een babbelende bas, een pianoriedeltje dat halfweg wat kleur komt meegeven en wat percussie. De stem doet de rest. Het titelnummer is dan weer een chique rocker.
‘Duality’ is een volwassen album en een sterk debuut. Met verscheidene sterke elementen zoals de stem, de composities en de arrangementen. Een heel fijne ontdekking.

Masda/Dustbug

12” Split LP

Geschreven door

12” Split LP
Masda/Dustbug
Kinky Star records/Eigen Beheer


Masda/Dustbug is een splitrelease die we op volgende wijze kunnen opsplitsen :
Masda draait rond Tuur Delodder en Mathias Spriet . Vier nummers tellen we hier, deels instrumentaal zelfs, die ergens baden in de donkere romantiek en ritmiek van Dez Mona. Ze zijn gekenmerkt van een wisselende opbouw die sober , treffend , filmisch, dreigend, onheilspellend  spannend is door het gitaargetokkel, de keys en de soundscapes . “Wake me”, en “Shots for fun” zijn al intens, maar het is vooral “All things grow in springtime” dat hier intrigeert!

Dan hebben we verder drie songs op deze release van Dustbug , het éénmansproject van Karel Thant , ook al gebaad in donkere soundscapes en klanktapijten . Twee ervan zijn mooi uitgediept door repetitief stuiterende , sferische tunes .

Beiden hebben dus duidelijk iets speciaals binnen dat donker concept …

Dust & Soul

Elevate EP

Geschreven door

“Elevate yr mind, to change the times” … Dust & Soul is een samenwerking tussen 72 Soul (Brussel) en Trust in Dust (Brighton) . De EP ‘Elevate’ is het resultaat van hun ‘laidback’ session . En er is de vibe, de groove op hun dampende trippop/funk/soul. Vier aanstekelijke nummers hoor je … “the bass is thumping, the vocals crisp & clear”, en daar mee is alles gezegd van dit fijn EP’tje … http://dustandsoul.bandcamp.com  

The New Industry

Lights on saturday

Geschreven door

Onlangs had ik een diepgaand gesprek met een Britse muzikant die hier in Brussel woont en me op het hart drukte dat de Belgische muziekscene één van de interessantste ter wereld is. Jammer genoeg heeft deze scene alleen af te rekenen met zowel communautaire beperkingen (het is niet zo simpel voor Vlaamse bands om optredens te versieren in Wallonië en omgekeerd) alsook het catastrofaal gebrek van de broodnodige persaandacht. Het lijkt inderdaad wel of dit één of ander scenario is dat weggerukt werd uit de Wetstraat want het zijn nu niet bepaald nieuwe problemen te noemen. In ieder geval zijn het wel deze problemen die je bij het horen van de debuutcd van The New Industry een dubbel gevoel bezorgen.
Er is enerzijds het gevoel van “wow, wat een plaat is dat!” maar anderzijds is er dat ander wrang gevoel waarbij je weet dat indien deze jonge wolven uit Liverpool zouden komen (en niet uit Hoogstraten zoals nu het geval is) dat zij dan onmiddellijk omgedoopt zouden worden als een soort van nieuwe Bloc Party en op die manier wereldwijd succes boeken.
Maar dit is en blijft België, en gelukkig voor The New Industry hebben zij toch reeds allerlei prijzen  kunnen versieren en konden ze ook Patrick Delabie (bekend van zijn werk met Confuse The Cat) strikken voor de productie van deze plaat.
Blijkbaar heeft Jan en alleman problemen met de omschrijving van hun muziek want : “is het nu postpunk of postrock, of gewoon indie”?
Een onbelangrijke en zelfs nutteloze vraag eens je opener “Sublety is an art” hoort want meteen herken je hier niet alleen het vakmanschap van deze nieuwe talenten maar ook dat zij het soort groep zijn dat perfect begrepen heeft waarom Editors tegenwoordig zo populair zijn. Niet dat ze Editors-klonen zouden zijn want daarvoor klinkt The New Industry net iets te fris en te origineel maar gewoonweg omdat zij de juiste ingrediënten weten uit te kiezen die nodig zijn voor pakkende indiesongs die je blijven volgen, nummers die je een uur nadien niet vergeten bent.
’Lights on Saturday’ is een plaat die alle aandacht verdient en zoals eerder gezegd, niet alleen hier in België.
Hou alvast maar de concertkalender op Musiczine in het oog want als deze mensen ergens in je buurt neerstrijken : gaan kijken, en nu naar de winkel!

INFO op
www.myspace.com/thenewindustrymusic of www.vi.be/thenewindustry

Lightning Dust

Lightning Dust : ingetogen pracht - Thee Oh Sees : een bom

Geschreven door

Heartbreaktunes zorgde nog maar eens voor een goedgevulde avond in Trix met drie groepen die wel heel uiteenlopende muziek brachten. Niet iedereen kon alles smaken hoewel ze allen gezien mochten worden. BacheloretteThee Oh SeesLightning Dust

Opener Bachelorette uit Nieuw-Zeeland staat voor Annabel Alpers die op Drag City het behoorlijke ‘My electric family’ uit heeft. Veel valt er nooit te beleven bij dit soort éénvrouwsprojecten. Achter een tafel wat klavieren bedienend, een loop hier en een sample daar (die ze soms zelf inspeelde op gitaar) is het nooit geheel duidelijk of er live wel iets gebeurt. En de bijhorende visualisatie, op een computerscherm vooraan en een groot scherm achteraan, was ook niet van die aard om ons langer dan een paar minuten te boeien. Maar de muziek, en daar gaat het toch om, mocht er bij momenten best wezen.
Zonnige synthpop die verrassend organisch klonk en me deed denken aan de betere seventiespop en vreemd genoeg ook aan kermisorgels (nochtans was ik toen nog bloednuchter). Eén enkele keer kwam zelfs Kraftwerk de kop opsteken maar helaas waren er ook veel flauwe momenten waarin ze gebruik maakte van veel te goedkope effecten die we al lang vergeten waanden.

Het Canadese Lightning Dust is naast o.a. Pink Mountaintops en Blood Meridian een tak van de wel zeer vruchtbare boom Black Mountain. Met ‘Infinite light’ maakten zangeres Amber Webber en toetsenist Joshua Wells (drummer bij Black Mountain) één van de beste platen van 2009. De verwachtingen waren dus hooggespannen en die werden net niet volledig ingelost. Het duo had versterking meegebracht : een man aan de elektronica die ook voor de percussie zorgde en de zus van Amber (tweede stem en sporadisch op bas).
Lightning Dust bracht mooie pastorale songs waarin die zacht vibrerende stem van Amber Webber ons meermalen koude rillingen bezorgde. Daarnaast kwam de elektrische piano soms de hoofdrol opeisen, zij het nooit spectaculair. Hoogtepunt was uiteraard "Never seen", een song buiten categorie, die voorzien is van een flinke snuif progrock. Deze set kende geen inzinkingen en toch was ik niet echt tevreden. Hoofdschuldige was de mix waarin de elektronica veel te luid stond waardoor een deel van de stemmenpracht verdronk.
Toevallig zag ik Lightning Dust de dag nadien nog eens in de 4AD in Diksmuide en daar was het geluid wel perfect zodat hun concert daar meteen een ster meer waard was.

"Zet alles open en dan heb je dat soort problemen niet" moeten Thee Oh Sees gedacht hebben. Thee Oh Sees, van wie ik me afvroeg of al die effecten op hun platen niets moesten verdoezelen. NEEN dus, zoveel was meteen duidelijk. Dit was een bom! Er werd gestart met een alles versplinterende intensiteit die me meermaals naar adem deed happen. Zanger John Dwyer, die met zijn hoekige gezicht iets weg had van David Coulthard, ging bijzonder opgefokt tekeer. Zijn gitaar overal tegen stoten, zijn microfoon in zwelgen, mijn verse pint die ik op het podium gezet had omschoppen : enige lichaamscontrole leek hem vreemd. En de man speelt geen gitaar, neen, hij laat zijn gitaar galmen. Toch had ik een boontje voor de tweede gitarist : Petey Dammit. Van kop tot teen getatoeëerd, stijf als een houten plank, gitaar hoog opgehangen tot tegen de kin, steeds met een psychotische blik in het oneindige turend maar wel met een zelfgemaakt hartje op zijn gitaar gekleefd met daarop de letters ECSR. Een kerel naar mijn hart en wie haalt Eddy Current Supression Ring eens naar België? Naast die twee weggelopen stripfiguren stond het drumstel van Mike Shoun volkomen terecht centraal op het podium opgesteld. Fantastische, explosieve drummer die de boel naadloos bijeen hield. En dan was er nog Brigid Dawson die naast mooi zijn ook nog op keyboards speelde en regelmatig voor de tweede stem zorgde, niet echt een onmisbare schakel.
Met de volumeknop volledig open brachten deze vier individuen totaal overstuurde psychedelische garagerock die live veel opwindender dan op plaat klinkt. Die moordende intensiteit van in het begin konden ze niet blijven aanhouden maar echt verslappen deed het nooit ondanks die enkele momenten dat er teveel gefreakt werd.
De in wezen catchy songs waren goed verborgen onder tonnen reverb en effecten, zelfs de stemmen waren voortdurend vervormd. Thee Oh Sees maakten het op het podium volledig waar, iets wat op plaat voorlopig niet lukt. En voor een goeie pot psychedelica moet je blijkbaar nog steeds in San Francisco zijn.

Organisatie: Trix, Antwerpen (ism Heartbreaktunes)