Sprints - Explosieve postpunk
Terwijl onze noorderburen steevast hun meest platte en puberale popartiesten naar onze festivals sturen (Goldband, Merol, Roxy Dekker, Froukje, MEAU,…) hebben ze nochtans wel degelijk fijne bands in hun arsenaal zitten, maar deze worden om onbegrijpelijke redenen onder de radar gehouden. Wij houden bijvoorbeeld enorm van bands als Lewsberg, Tramhaus en Rats On Rafts, om er maar enkele te noemen. Allemaal bandjes die eerder in de underground vertoeven en geen weides laten vollopen met jankende bakvissen, maar wel een veel boeiender repertoire aan te bieden hebben dan de hier eerder opgenoemde banale of carnaveleske acts.
Neem nu Marathon, een heerlijke band als je ’t ons vraagt, maar heeft iemand dat eigenlijk al door? Hun speelveld situeert zich ergens tussen post-punk en shoegaze, een wereld waarin doorgaans de Britten uitblinken. Het mag dan ook geen verrassing heten dat Marathon bij momenten zeer Brits klinkt, maar het is hoegenaamd geen lauwe kopie van al die frisse Britse post-punk bandjes.
Daarvoor heeft dit Nederlandse vijftal te veel sterke songs in de etalage, en met maar liefst drie gitaren in de aanslag klinken die al wel eens overweldigend. De echo’s in “Tired” of de shoegaze gitaren in “Shadow Raised A Star” bijvoorbeeld, het zijn avontuurlijke en energieke uitspattingen die de sound van Marathon indrukwekkend maken.
Marathon moest het hier stellen met amper een half uurtje, waarin ze het beste uit zichzelf persten. Wij hadden het hoegenaamd niet erg gevonden als dit wat langer had geduurd. Alleszins eentje om te onthouden.
Bands met furieuze dames die de punkspirit in de genen dragen, zo zijn er nogal wat op vandaag, en ze hebben allemaal bijzonder veel pit en animo in hun koker, check Amyl & The Sniffers, Lambrini Girls, Die Spitz, Wet Leg en Panic Shack.
Een band die zeker thuishoort in dat rijtje is Sprints, met de frontale en krachtige Karla Chubb aan het roer, een frontvrouw met heel wat passie overtuigingskracht. In al haar enthousiasme kost het maar weinig moeite om een knetterend vuurtje aan te steken.
Sprints zette de set in met “Something’s Gonna Happen”, en daar was geen woord van gelogen. Er hing meteen buskruit in de lucht en met “Descartes” kwam de band al vroeg op kruissnelheid.
In “Beg” werd dan tijdelijk wat gas teruggenomen, het bleek wel een eerste hoogtepunt van de avond, maar zeker niet het enige. “Shadow Of A Doubt” was er ook zo eentje, of hoe een voorzichtige intro zich ontpopt tot een bruisende en extatische mokerslag van een song. Ook het snerende “Heavy” barstte open uit al zijn poriën en in “Up and Comer” zette Karla Chubb een heuse circle pit in gang.
Met de vlammende punkkopstoten “Pieces” en “Need” schakelde ze nog enkele tandjes hoger en tijdens de geweldige cover van “Deceptacon” (van Le Tigre, na Bikini Kill de tweede band van het grote voorbeeld en riot-girl icoon Kathleen Hanna) smeet ze zichzelf met volle overgave in het gewoel.
Een prachtig “Desire” werd ingezet met een zeldzame akoestische gitaar en mocht dan verder openbarsten op een driftige basriff. Niet evident, trouwens, die basgitaar, want Sprints had in laatste instantie in allerijl een nieuwe bassiste laten aanrukken om deze Europese tournee te kunnen aanvatten. De dame in kwestie had in een tijdspanne van 5 dagen zo een kleine 20 songs moeten aanleren, het concert in de Grand Mix bleek trouwens haar vuurdoop te zijn. Maar daar was weinig van te merken, ze begon misschien wat aarzelend maar was algauw even sterk dreef als haar nieuwe collega’s.
Het roerige gezelschap liet met de geweldige knaller “Little Fix” de boel nog één keer ontploffen, een uiterst opwindende finale van een bijzonder snedig en zeer levendig concertje.
Organisatie: Grand Mix, Tourcoing