logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (11 Items)

The Smashing Pumpkins

Aghori Mhori Mei

Geschreven door

The Smashing Pumpkins waren eigenlijk al een paar decennia aan het waggelen, de laatste echt goeie Pumpkins plaat is inmiddels bijna zo een slordige 30 jaar oud, maar met de laatste ondingen ‘Shiny and Oh So Bright’ (2018), ‘Cyr’ (2020) en het pompeuze triple-album ‘Atum’ (2023) hadden wij hen voorgoed afgeschreven. De opgezwollen sound had alle grenzen van de wansmaak overschreden, de songs verzopen onder een overdaad aan opgezwollen ballast, egotripper Billy Corgan leek definitief het Noorden kwijt.

Onze verwachtingen voor nieuw Pumpkins werk zaten dus wel ver beneden het vriespunt. Maar kijk, plots komen de herboren Pumpkins opzetten met een tamelijk opwindend en fris nieuw album, geen mens die daar nog geld durfde op in te zetten. De gitaren staan terug op scherp, het bombast is tot een minimum herleid en de riffs snijden bij momenten als een vers geslepen Zwitsers zakmes. Dat Billy Corgan ze nog steeds niet allemaal op een rij heeft bewijst de vreemde albumtitel (laat ons hopen dat ie zelf weet wat het betekent, want wij vonden na enig opzoekingswerk niks zinnigs terug) maar de muziek is tenminste to the point, en dat hoor je aan de venijnige rockers als “War Dreams Of Itself” en “Sighommi”. De meer epische songs “Edin” en “999” zijn ook uit het goede Pumpkins-hout gesneden, dezelfde materie waaruit destijds ‘Siamese Dream’ en ‘Mellon Collie & The Infinite Sadness’ werden geboetseerd.
Het is nu ook weer niet allemaal rozengeur en maneschijn, de plaat heeft ook wat melige misstapjes in petto (check “Pentecost” en de orkestrale slijmer “Murnau”), maar deze keer zijn dat uitzonderingen, terwijl het op de vorige platen de regel was.

Laat ons wel duidelijk stellen dat ‘Aghori Mhori Mei’ nog altijd niet tot aan de enkels reikt van het ongenaakbare ‘Siamese Dream’, maar na de rommel die The Smashing Pumpkins de laatste decennia uitgeworpen hebben mag dit toch wel als een onverhoopte aangename verrassing beschouwd worden.
Met ‘Aghori Mhori Mei’ hebben ze hun eigen houdbaarheidsdatum terug voor een stuk verlengd, en dat is al heel wat!

The Smashing Pumpkins

Atum

Geschreven door

De periode dat Smashing Pumpkins een toonaangevende gitaargroep was ligt ondertussen al 3 decennia achter ons, maar de overmoedigheid van Billy Corgan kent nog steeds geen grenzen. Destijds maakten de Pumpkins, als opvolger van het onovertroffen ‘Siamese Dream’, het epische ‘Mellon Collie and The Infinite Sadness’, een ambitieuze dubbelaar die als klassieker de geschiedenis in ging maar die wel al duidelijk de eerste symptomen van bombast en hoogdravendheid vertoonde. Daarna kon ‘Adore’ nog net door de beugel, maar de pompeuze en inferieure albums die er op volgden, inclusief de recente comeback platen ‘Shiny and Oh So Bright” en ‘Cyr’, hebben er definitief voor gezorgd dat wij de Pumpkins al lang niet meer serieus nemen. Met het vehikel ‘Atum’ zullen ze ons alleszins niet van gedacht doen veranderen.
Je zou denken dat Smashing Pumpkins, nu ze in hun originele line up herenigd zijn, zouden teruggrijpen naar de bruisende gitaarrock van hun betere dagen, maar niets is minder waar. Ze leggen het er hier immers nog wat dikker op, de pathos wordt in volle containers aangevoerd. ‘Atum’ is een drievoudig album geworden dat aangekondigd wordt als een rockopera. Hier houden we al de adem in, het begrip rockopera werd eind jaren 60 in het leven geroepen door bands als The Pretty Things en vooral The Who, die er trouwens bijzonder goed mee wegkwamen met kleppers als ‘Tommy’ en ‘Quadrophenia’. Maar sinds ‘Bat Out Of Hell’ Van Meat Loaf ervaren wij de term rockopera eerder als een verschrikking dan als een verademing, en het gedrocht ‘Atum’ bevestigt dat alleen maar.
De rockers zijn pompeus, de ballads zijn stroperig, de gezwollen sound komt te pas en te onpas naar boven en het kale opperhoofd Billy Corgan waant zich meermaals in de hemel, zijn eigen hemel wel te verstaan, waar hij zelf de plak zwaait. De songs halen nergens het niveau van de Pumpkins hun hoogdagen en met de regelmaat van de klok verzandt het hele zootje in het soort pathetische synthrock die ook hoogtij viert op de laatste wansmakelijke platen van het al even diep gezakte Muse. Wij moeten ook regelmatig aan het meest weerzinwekkende werk van Depeche Mode denken. Dit kan toch allemaal niet de bedoeling geweest zijn, menen wij dan.
Maar met Billy Corgan, wiens ego hoger reikt dan de Mount Everest, weet je nooit, het is was waarschijnlijk wel zo bedoeld. We kunnen ons ook niet van de indruk ontdoen dat dit album Corgan’s visitekaartje is en dat de inspraak van de overige groepsleden herleid is tot het absolute nulpunt.
Met een beetje goeie wil selecteren we uit deze drie pafferige brokken misschien één deftige plaat. Laat het ons op een EP houden, eentje die dan nog maar op zijn best de stempel ‘middelmatig’ kan meekrijgen. Daarop de tracks “Empires”, “Beguiled”, “In Lieu Of Failure”, “That Witch Animates The Spirit” en “Harmageddon”, de enige songs die ergens nog een zweem van dat originele pompende Pumpkins bloed in zich hebben.
Als u zich toch geroepen voelt om deze zogenaamde rockopera in één ruk uit te zitten, dan wensen wij u veel sterkte toe. Inmiddels zetten wij nog eens ‘Siamese Dream’ op om de pijn wat te verzachten.

The Smashing Pumpkins

CYR

Geschreven door

Geen enkele band moet steeds hetzelfde kunstje herhalen bij elk nieuw album en Billy Corgan heeft solo en met zijn Smashing Pumpkins al behoorlijk wat bokkesprongen gemaakt, maar we betwijfelen toch of het nieuwe album ‘Cyr’ nog de fans van het eerste uur of massa’s nieuwe fans zal kunnen bekoren.
De synthpop op ‘Cyr’ staat mijlenver van de grungerock van ‘Mellon Collie’ of ‘Siamese Dream’, maar ook ver van het materiaal op recentere albums van The Smashing Pumpkins. De gitaren van James Iha en Jeff Schroeder moet je hier te vaak met een vergrootglas gaan zoeken in de geluidsmix. Drummer Jimmy Chamberlain is beter te horen, maar kan of mag hier nauwelijks iets van zijn talent tonen en beperkt zich tot een ondergeschikte rol in dienst van Corgan en zijn synth.
En het is dan ook nog  eens behoorlijk middelmatige synthpop, met melodietjes van dertien in een dozijn. De reeds geloste singles hebben nog een zekere catchyness, maar met liefst 20 tracks op het album wegen die half-goede singles niet op tegen de rest.
Wat heeft Corgan bezield om met één van de beste bezettingen van de Pumpkins het laken volledig naar zich toe te trekken en de luisteraar te tergen met enkel zijn lijzige stem en zijn matig geïnspireerde synthpop? Om de jaren ’80-pastiche compleet te maken, laat Corgan zich bovendien nog begeleiden door een koortje van twee dames. Het lijkt alsof hij het publiek wil uitdagen. Enkel met een nektapijt en een zweetbandje om de pols kon Corgan nog meer retro-pastiche klinken.
“Anno Satana” en “Wyttch” (twee van de weinige nummers met gitaar een beetje in de hoofdrol) en voorts “Birch Grove” zijn degelijk, maar kunnen niet op tegen de bloedarmoede van de rest van het album.

The Smashing Pumpkins

The Smashing Pumpkins - Bij wijlen de magie van weleer

Geschreven door

Na ‘Mellon Collie and The Infinite Sadness’, het laatste album dat er echt toe deed, ging het steeds verder bergafwaarts met The Smashing Pumpkins. Tot het opgezwollen ego van Billy Corgan er na enkele jaren de stekker helemaal uit trok. Corgan probeerde nadien nog van de grond te komen met enkele halfslachtige solo-pogingen of met Zwan, een nieuwe band die al was opgedoekt nog voor die echt was gelanceerd. De platen die hij nadien onder de naam Smashing Pumpkins uitbracht , waren eigenlijk ook solo-vehikels, want de originele bandleden werden gemeden als waren het besmettelijke ziektes. Die platen toonden hier en daar wat opflakkeringen maar geen van hen reikte ook maar tot aan de enkels van ‘Gish’, ‘Siamese Dream’ of ‘Mellon Collie’.

In 2018 kwam er dan toch die langverwachte reünie van de originele bandleden, met uitzondering van bassiste D’Arcy. De reünie op zich was het beste nieuws, want het nieuwe album ‘Shiny And Oh So Bright’ kon de magie van weleer geenszins terug brengen en is op een tweetal songs na totaal verwaarloosbaar.
Met enige argwaan trokken wij dus naar de Lotto Arena, maar omdat ‘Siamese Dream’ nog altijd één van onze favoriete albums aller tijden is, vonden wij dat wij hier absoluut moesten bij zijn. We hebben het ons niet beklaagd.
Ons wantrouwen werd al gauw de kiem in gesmoord, want bij momenten evenaarden The Smashing Pumpkins de magie van hun gloriejaren. Enkele zwakke momenten zorgden er voor dat dit net geen vijfsterrenset was, maar in globo mochten wij over vanavond zeer content zijn.
Dat Billy Corgan nog steeds een beetje wacko is was te merken aan zijn outfit. Gehuld in een zwart paterskleed en opgetut met een lading zwarte mascara moest hij er zogenaamd een beetje schrikwekkend uit zien. Of dat echt zo was laten we in het midden. Wij dachten eerder van : zet er nog een mijter op en je kan hem zo bij het bedenkelijke metal-groepje Ghost inlijven. Maar goed, voor de rest had hij zijn ego vanavond thuisgelaten en gaf hij een vrij losse en sympathieke indruk. Bovendien was hij prima bij stem en toverde hij een stel striemende solo’s uit zijn gitaar.
Het stemde ons al meteen tevreden dat de Pumpkins met drie gitaren in de aanslag hun set inzetten met bijzonder scherpe versies van “Siva” en “Rhinoceros” uit hun allereerste album ‘Gish’. Dit was die typische gedreven Pumpkins-sound die wij wilden horen. Toen ze daarachter “Zero” ook nog eens deden ontploffen leek het dat de Pumpkins de drive van weleer volledig hadden teruggevonden. Zouden ze dit wel volhouden ? Laat ons zeggen : bijna. Een stel  inferieure songs (“Knights Of Malta”, “G.L.O.W.”, “Tiberius”) haalden soms de vaart uit het optreden, en als absolute dieptepunt kregen we een soort Japanse karaoke versie (sorry, James Iha) van het Cure vehikel “Friday I’m In Love”. Wat daar de bedoeling van was bleef ons een volkomen raadsel, dit was ronduit beschamend. De Pink Floyd cover “Wish You Were Here” klonk dan misschien wat minder genant, maar was eigenlijk even overbodig.
Maar de zwakke passages werden telkenmale triomfantelijk hersteld met splijtende klassiekers als “Bullet With Butterfly Wings”, “Cherub Rock”, “Disarm” en “Tonight, Tonight”. Niet alle klassiekers klonken echter even geïnspireerd, “1979” bijvoorbeeld werd een beetje op automatische piloot afgehaspeld en kreeg niet de behandeling die het verdiende.
The Smashing Pumkins verrasten ons dan weer aangenaam met enkele schitterende song die destijds nooit een regulier album hebben gehaald. Met name een stevig en geweldig “Superchrist” (pure stoner!) en een wederom fantastisch “The Aeroplane Flies High”. Dit zijn afleggertjes die beter zijn dan eender wat dat na de eerste drie albums is verschenen.
De band ging er uit in stijl met een drieluik om van te snoepen, een wondermooi “Today”, een fantastisch “Muzzle” en als fenomenale afsluiter het geweldige “Hummer”.

In de Lotto Arena bleek dat die legendarische nineties band terug volop in leven was, en dat was wat telde. De schoonheidsfoutjes van dit twee en een half uur durende concert namen we er dan maar graag bij.

Oh, ja, nog dit. Een kort woordje over de support act Fangclub. Dit was van “We willen Nirvana zijn, maar we kunnen het niet”. Kijk, wij wilden destijds ook Nirvana zijn, en we speelden met behulp van onze oude tennisraket Kurtje Cobain in onze slaapkamer. Hadden die gasten van Fangclub het daar ook niet beter bij gehouden ? Idiote groepsnaam trouwens.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/lotto-arena-antwerpen/smashing-pumpkins-10-06-2019
Organisatie: Live Nation

The Smashing Pumpkins

Shiny And Oh So Bright Vol 1 /LP: No Past. No future. No sun

Geschreven door

Billy Corgan… een genie volgens sommigen en overroepen volgens anderen. Feit is dat hij in de jaren ’90 enkele klassiekers heeft voortgebracht met o.a. ‘Gish’, ‘Siamese Dream’ en het nog steeds fabelachtige opus ‘Mellon Collie And The Infinite Sadness’. Hij slaagde er telkens in om met niet voor de hand liggende songs te scoren en commercieel met niet-commercieel te combineren. Live liep het niet altijd vlotjes. Corgan is geen publieksmenner en iets te eigenzinnig in zijn songkeuzes. Er werd voor deze release en tour geschermd met het feit dat het terug met de originele bezetting zou zijn. Dat is op de bassiste na ook zo geworden. Verder zit Rick Rubin (de wonderproducer) achter de knoppen. Het moet dan ook de zoveelste wederopstanding voor Corgan en co worden. Dat is toch wat ze ons willen doen geloven, maar is dat ook zo? Laten we het album eens nader bekijken en afwegen tegenover hun topmateriaal van vroeger.
De single “Silvery Sometimes (Ghosts)” is wat schatplichtig aan “1979”, en een aardige track. Geproduceerd door wonderproducer Rick Rubin. Opener “Knights of Malta” en “Travels” vallen helaas tegen. De song zitten goed in elkaar, maar zijn boring. Geen enkel weerhaakje of verrassing. Op “Solara” vinden we het vuur van vroeger terug en dit is een heel degelijke rocker. In de zang hoor je wat venijn in Corgan’s stem. “Alienation” begint interessant en de overgangen met gitaar en strijkers zijn goed gelukt. Het refrein overtuigt mij helaas niet. Een gemiste kans. “Marching On” is een goede, maar netjes binnen de lijnen gehouden rocker. Dat geldt overigens ook voor “Seek And You Shall Destroy”. Na acht liedjes en 35 minuten is het al over. Maar eigenlijk ben ik blij dat het geen album van een uur is. Daarvoor is het te slap.
Spijts alle grote namen en manoeuvres zal dit album geen grote potten breken. Te braaf en te middelmatig. Jammer want er zijn waarschijnlijk nog een heleboel muziekliefhebbers die maar al te graag een nieuwe knaller van The Smashing Pumpkins zouden horen. Helaas, dat zit er ook ditmaal niet in. En live? Hum, vroeger konden ze mij live al niet overtuigen dus waarom zouden ze dit nu wel doen…

The Smashing Pumpkins

Solara (single)

Geschreven door

De legendarische Amerikaanse grungerockband Smashing Pumpkins is terug. Billy Corgan doekte de band op in 2000 en blies hem nieuw leven in in 2005. Voor het volgende album, dat uitkomt bij Napalm Records, neemt Corgan de oorspronkelijke mede-oprichters James Iha (gitaar) en Jimmy Chamberlain (drums) opnieuw aan boord. Gitarist Jeff Schroerder, sinds 2007 de vervanger van Iha, is eveneens van de partij en producer Rick Rubin zat achter de knoppen bij de opnames van het nieuwe album. In afwachting van dat album is er de single “Solara”.

De single keert niet enkel in de bezetting maar ook inzake geluid helemaal terug naar de glorieperiode van de band, met het typische grunge-geluid van begin jaren ’90. Vooral aan Corgan’s stem valt te horen dat we intussen enkele decennia verder zijn. Of deze terugkeer naar het oergeluid van de band genoeg is om alle vroegere fans terug te winnen, valt te betwijfelen, maar velen zullen toch gecharmeerd zijn met deze stap terug in de tijd. 

 

The Smashing Pumpkins

Monuments To An Elegy

Geschreven door

Billy Corgan, muzikaal icoon uit de nineties, weet met zijn Smashing Pumpkins van geen ophouden.  De band die pakweg twintig jaar geleden verantwoordelijk was voor enkele legendarische rockalbums is met ‘Monuments To An Elegy’ al aan haar negende plaat toe.  Binnenkort komt met ‘Day for Night’ trouwens nummer tien eraan.
‘Monuments’ is een voor Corgan opvallend kort album want de amper negen songs klokken af na iets meer dan een half uur.  De egocentrische multi-instrumentalist keert duidelijk terug naar de nineties want gitaren vormen de basis. Verwacht echter geen doorslagje van ‘Siamese Dreams’ want de synths zijn daarvoor te prominent aanwezig. 
‘Monuments To An Elegy’ is in ieder geval het beste Pumpkins-album in zeer lange tijd.  Met tracks als opener “Tiberius”, het meezingbare “Monuments” en het dreigende “Anti-Hero” heeft Billy Corgan namelijk een pak goeie, cathy poprocknummers geschreven, iets waar hij in de nineties een patent op had. 
Nog meegeven dat Tommy Lee (nog zo een iconografisch individu uit de vorige eeuw) instond voor het slagwerk.
De samenwerking tussen Lee en Corgan is in ieder geval geslaagd en misschien wel  het bewijs dat oude rocksterren het alleen maar kunnen vinden met andere bejaarde rocksterren …

The Smashing Pumpkins

Oceania

Geschreven door

Smashing Pumkins was in de jaren negentig een essentiële gitaargroep die drie fantastische platen maakte met als absolute hoogtepunt het onklopbare ‘Siamese Dream’ uit 1993. De band mocht in die tijd gerust in één adem genoemd worden met invloedrijke groepen als Nirvana en The Pixies. Daarna ging het wel heel snel bergaf, het donkere album ‘Adore’ kon er nog net mee door, maar hetgeen daarna kwam (‘Machina/ The Machines of God’ in 2000 en het niet te pruimen come back vehikel ‘Zeitgeist’ in 2007) was huilen met de pet op. Frontman Billy Corgan had het zot in zijn kop gekregen, hij gooide alle oorspronkelijke leden de deur uit en begon zodanig te zwijmelen over God en Krishna dat wij hem spontaan in een diepe kerker zouden gegooid hebben.
Sedertdien neemt niemand Billy Corgan nog serieus en zijn er ook nog weinigen die zitten te wachten op een nieuwe Pumpkins plaat. Met ‘Oceania’ is dat er nu toch van gekomen, hoewel, naast Corgan zelf zit er geen enkel origineel groepslid meer in de band en toch blijft de koppige zeurpiet hardnekkig vasthouden aan de groepsnaam. Maar goed, hij is de baas. Wat moeten we nu met ‘Oceania’? Toch eerst even grondig beluisteren voor we de hakbijl bovenhalen.
Tot onze verbazing zit het met openingstrack “Quasar” meteen goed, de song drijft op een jachtige groove die we sinds ‘Siamese Dream’ niet meer gehoord hebben, en dat is inmiddels al bijna 20 jaar geleden. Het kan haast niet anders dan dat het daarna terug naar af gaat, songs als “Panopticon” en “Violet Rays” kunnen inderdaad niet tippen aan de kracht van die binnenkomer, maar we gaan nu ook niet meteen onze skip toets indrukken. Vanaf het sullige synthesizer riedeltje van het melige “One diamond, one heart” begint het toch weer aardig naar ongepast melodrama te stinken en met de ballad “Pinwheels” wordt onze argwaan bevestigd. Dan toch die hakbijl ? Ja, dus, want de titelsong is een draak van negen minuten slechte progrock en ook van het stroperige “Pale Horse” gaan onze tenen krullen. En dan plots, als de moed ons al zwaar in de schoenen is gezakt, komt een lekker ouderwetse old school Pumkins song “The Chimera” (zoals ‘Gish’ en ‘Siamese Dream’ er vol van staan) de meubelen redden. Een tijdelijke opklaring, zo blijkt want daarna zakt de pudding terug in.

Niet zo slecht als ‘Zeitgeist’ dus, maar ‘Gish’ en ‘Siamese Dream’ zijn mijlenver uit de buurt.
‘Oceania’ is een plaat als een dementie patiënt, met een paar onverhoopte nuchtere momenten als heuse opflakkering, maar over ‘t algemeen is het brein een hopeloos gestoord zootje die niet meer normaal te krijgen is.  

The Smashing Pumpkins

The Smashing Pumpkins - The Other Side of The Kaleidyscope Tour – hard & zacht …

Geschreven door

The Smashing Pumpkins, het alter ego van Billy Corgan, speelde zoals in 2008, hard en zacht voor hun fans!, waarbij ruimte, heel veel ruimte was voor soli; liefst twee en een half uur, Astemblieft!, serveerden zij nieuw werk uit de volgend jaar te verwachten cd ‘Oceana’, aangevuld met enkele rarities en een druppelswijze terugblik naar ‘Gish’ en ‘Siamese dream’. Bekende songs van de Topplaat ‘Mellon Collie & The Infinite Sadness’ hoorden we in de bis met de obligate “Zero” en “Bullet with butterfly wings” . De donkere platen ‘Machina / The machines of God’ en ‘Zeitgeist’ waren veilig opgeborgen in de koelkast. Van Godverhevenheid was na een paar nummers geen sprake meer . Een reikende hand, een glimlach, spelplezier én als de set ten einde was een oprechte buiging en dankende Corgan . De afstand tussen het publiek en hem werd per nummer ‘closer’. Een ‘Human –Under-The Humans’! Ook in 2008 sijpelde al de warme interactie door … Een dosis correcte zelfrelativering en leerschool, die zegt dat er met het publiek moet rekening gehouden worden.
Geen opgepompt ego van een zelfverzekerd, niet-tot-deze-wereld-behorende,  norse Corgan; ook de flamboyante kledij was mooi in de kast opgeborgen … gewoon in een t-shirt werd hij geflankeerd door Jeff Schroeder (tweede gitarist sinds de vorige plaat, die James Iha overtuigend vervangt) , de bevallige bassiste Nicole Fiorentino , die d’Arcy en andere bassistes doet vergeten en een enthousiaste Byrne (? ), die Chamberlain, de vroegere rechterhand van Corgan, wegdrumde. Duidelijk was dat het kwartet sterk op elkaar was ingespeeld in de soms lang uitgerekte songs; de flashy lights en het  decor van  molenwieken deden de rest om er een uiterst genietbaar gitaaravondje van te maken ...

… Hard en zacht … Inderdaad … Meteen werden we in a ‘wallofsound’ ondergedompeld , stevig, krachtig gitaren  met felle uitbarstingen, heel veel tempowisselingen, en bezwerende, opzwepende drums, op de nieuwe “Quasar”, “Panopticon”, “Starla” en het oude “Geek USA”. Hier werd nogal geschakeld hoor, de gitaarsnaren gespannen en een gitaararm, die ze in allerlei standen plaatsten. En er werd al eens geput uit hun ‘Mellon Collie …’ en hun grootse debuut ‘Gish’ met prachtversies van “Muzzle” en “Windowpaine”, die lekker lang tot op het bot werden gespeeld . Ook “Soma”  van ‘Siamese dream’ had hetzelfde recept . Heerlijk zoiets.
Wat gas namen ze terug in enkele sfeervolle nummers, in de opbouw ontroerend als verbeten, waaronder de titelsong van de nieuwe ‘Oceana’ en het oude “Siva” , terug uit, jawel, ‘Gish’ . Schitterend! Een ware jamsessie, balancerend tussen subtiliteit , virtuositeit en een geluidsbrij, hielden ze er op na met “Trail & Bedazzled”, “Silverfuck” en “Thru the eyes of Ruby” … soli, noise, distortion, feedbackgeraas en opzwepende drums. De songs werden in allerlei bochten gewrongen en zagen alle uithoeken in hun broeierige intensiteit.
Een verademing tussenin hadden de ingetogen, gevoelige “Pinwheels” en “Pale horse”. Om dan met “Cherub rock” het pad van de herkenbaarheid te bewandelen. “For Martha”, uit ‘Adore’, besloot de set,  werd uitgediept en kreeg krachtige lappen muziek . “We play music” gaf Corgan ons mee! . 

Het kwartet liet een erg goede indruk na met pittig gekruide songs; een uiterst afwisselende, gevarieerde set, niet steeds even boeiend, maar relaxt, fris en ongedwongen, wat resulteerde in een fijn gearrangeerde muzikale trip, uitermate geapprecieerd . Toegegeven, we misten in het SP concept wat meer herkenbaarheid , want graag hadden we er een “Today”, “Mayonaise”, “1979” of “Rhinocerose” erbij; “Zero”en “Bullet with butterfly wings” in de bis, hadden een meezinggehalte en zorgden nog voor een smaakvol toetje.
De pompoenen daverden in de Club van Vorst Nat, die qua populariteit hebben ingeboet. Ze zijn een gewone band geworden, geen ‘blahblahblah’, kitsch & glitter; maar een deugddoend ‘Back to Earth’-gevoel.

Support was Ringo Deathstarr, shoegaze met noisegolven , ingedrukte pedaaleffects en overwaaiende vocals … het klonk naar meer, maar niet  in zo’n grote zaal. Ze hadden beter tot hun recht gekomen in de Bota. Voor wie houdt van een mengeling My Bloody Valentine, het oude Jesus & Mary Chain en het hitsige karakter van ‘Gish’ …

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-smashing-pumpkins-07-11-2011/

Organisatie: Live Nation

The Smashing Pumpkins

Smashing Pumpkins: Oud en Nieuw, Hard en Zacht

Geschreven door

The Smashing Pumpkins gaven vorig jaar nieuw teken van leven door de cd ‘Zeitgeist’, die enkele pittig gekruide, stevige nummers bevatte, maar ook enkele spanningloze afknappers. De stops in de AB en op Pukkelpop boden alvast niet het gewenste resultaat qua songkeuze en contact met het publiek. Het opgepompte ego van de zelfverzekerde, niet-tot-deze-wereld-behorende en norse Corgan, surplus z’n flamboyante kledij speelt hem al jaren parten.
Het voorspelde, eerlijk gezegd, weinig goeds , dachten we …maar
Inderdaad, in het eerste uur was Corgan maar weinig van zegs: door een schuchtere poging “Hey, I’m Billy” behield hij afstand tussen band en publiek; het ijs doorbrak hij met de vroegere (negatieve) ervaringen te verhalen van z’n optredens te België. Een dosis correcte relativering en leerschool bewezen dat er met het publiek moet rekening gehouden worden. Een warme interactie wat we van den Corgan in jaren niet meer gezien hadden! Corgan leek ontdooid. Fijn zo, man, human-under-the-humans!

The Pumpkins traden aan met volgende bezetting: drummer Chamberlain (rechterhand van Corgan!), toetseniste Lisa Harriton, en nieuwe leden van Ginger Reyes (bassiste, als een vervaarlijk elfje gekleed, die d’Arcy verving) en Jeff Schroeder (tweede gitarist, die James Iha verving).
Ze speelden een kleine drie uur. De band laveerde tussen oud en nieuw, hard en zacht en een paar covers. De Pumpkins toonden aan sterk op elkaar te zijn ingespeeld, en we zagen de drie-eenheid Corgan-Chamberlain-Harriton, die anno 2008 de sound bepalen.

Ze begonnen alvast stevig, …heel stevig met “Porcelina of the vast oceans” uit ’95 en “Bring the light”. De toetsen kwamen op het voorplan op “Behold the nightmare” en “Tonight tonight”, mooi ingeleid op piano. “Mayonaise” drukte het gaspedaal opnieuw in en “Come on let’s go” werd spijtig getroffen door Corgans oeverloos gesoleer. Maar hij kon opnieuw een bocht van 360 graden maken met akoestische tracks als “Perfect” en “The rose march (uit de ‘American gothic’ EP) waarbij de vocals van de twee dames aangenaam verrassend naar boven kwamen. ”Today”, “Neverlost” en “Bullet with butterfly wings” gaven een schitterende finale, wat de set totdantoe twee uur klokte.
Gedaan dan ? Nee, zeker niet , want Corgan kwam solo terug met het prachtig ingetogen “1979”, bepaald door akoestische gitaar en stem, en ondersteund door het handgeklap van een uitgelaten publiek. “That’s the way my love is” en het aan Frank Sinatra gelinkte “My blue heaven” waren het tweede rustpunt.
Tenslotte zette het viertal (Harriton kwam dan eerder op de tweede rij!) alle registers open en hoorden we een terugblik naar de ‘Machina’ platen (2000) met “The everlasting gaze”, “Wound”  en “Cash car star”. Hoogtepunt vormde “United States”, ruim twintig minuten lang , refererend aan de sound van Sonic Youth en Sugar: gesoleer, opzwepende drums, noise, distortion en feedbackgeraas. In die krachtige lappen muziek en gitaarbrij hoorden we zelfs Uriah Heeps “Easy livin’” en Jimi Hendrickx “Star spangled banner”.
Een adembenemende trip die bijna drie uur duurde! De groep breidde er nog een Echo & The Bunnymen cover aan toe “Lips like sugar”. Corgan probeerde enkele danspasjes uit, maar verloor bijna het evenwicht door z’n loodzware lapjesrock.

De groep liet alvast een goede indruk na , serveerde het publiek op een uiterst afwisselende doch lange set . Het vrijheidsbeeld op ‘Zeitgeist’ knipoogde en zag dat het goed was. Waar voor z’n geld… en uitermate geapprecieerd!
 
Support Tim Vanhamel staat er momenteel met z’n eerste soloplaat ‘Welcome to the blue house’. Het is een gevarieerde poppy plaat, die maar weinig gemeen heeft met het werk van Millionaire. Hij leek wel een herboren Lou Reed op het podium, sterk geruggensteund door z’n tweede gitarist en backing vocalist. De groep speelde een korte set met enkele rockers als “Which of us” en de aanstekelijke single “Until I found you”.
Vorst Nationaal was duidelijk te groot om Vanhamel en Co met broeierige pop te laten boeien. We kijken uit naar het clubcircuit waar hij met z’n songs optimaler tot z’n recht kan komen.

Organisatie: Live Nation

The Smashing Pumpkins

Zeitgeist

Geschreven door

Het is niet omdat de nieuwe Pumpkins hard, gemeen en stevig klinkt, dat het daarom een goede plaat is geworden. Trouwens, in hoeverre kunnen we hier echt spreken van een Smashing Pumpkins reünie ? Op vandaag is de groep immers herleid tot enkel boegbeeld Billy Corgan en drummer Jimmy Chamberlain. Geen spoor van D’Arcy  of James Iha. Mijnheer Corgan vindt zichzelf nogal een ‘ubermensch’ en speelt gewoon alles zelf in. De egocentrische klootzak overschat nog geen klein beetje zijn eigen kunnen en staat hier wat aan te klooien en wat wild om zich heen te roepen, maar goede songs ? nee hoor.
Zoals gezegd, de plaat is wel hard, maar ze blijft niet hangen. Kortom, veel lawaai, weinig inhoud. Corgan heeft als gitarist wel een paar rake en vette riffs uit zijn mouw geschud, maar de songs die erop gebouwd zijn vallen te mager uit, op een drietal uitzonderingen na. Het tien minuten durende “United States” vinden we nog sterk omwille van de als vanouds uitfreakende en scheurende gitaren. Ook “Come on let’s go” en “Tarantula” halen nog een behoorlijk niveau maar voor de rest is het  la grande tristesse. En dit voor een rockgroep die ooit nog baanbrekend geweest is en met ‘Siamese dream’, een absolute vijfsterrenklassieker heeft gemaakt, maar dat is ook alweer heel lang geleden.
Deze reünie, die er eigenlijk geen is, had er nooit mogen komen en ‘Zeitgeist’ is bijgevolg een volkomen overbodige plaat waar we verder niet veel woorden meer aan gaan vuilmaken.