logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (8 Items)

The Young Gods

The Young Gods - The Young Gods speelden een heerlijke, eigentijdse set vol heimwee en jeugdsentiment

Geschreven door

The Young Gods - The Young Gods speelden een heerlijke, eigentijdse set vol heimwee en jeugdsentiment
The Young Gods en Das Kinn


Heerlijk nostalgisch eigentijds klonk het Zwitserse trio The Young Gods die moeiteloos nieuw werk ‘Appear Disappear’ verbindt aan hun begindagen eind80s en hun muzikale sterkte mid90s. In hun 40 jarige carrière tekenen ze sterk ge-krijt hun muzikale cirkel rond van fris meeslepende, pittige, spannende industrial rock. Puik concert zondermeer dus.

The Young Gods, laat ons even diep graven terug in de mid80s toen ze debuteerden met hun EP, het titelloze debuut en ‘l’Eau rouge” én live op het pre Pukkelpop festival, Futurama genaamd, stonden geprogrammeerd. We werden muzikaal overweldigd door hun boeiende carrousel van industrial rock, niet vies van wat wave en gothic. Het klonk iets unieks en aparts; een amalgaan van elektronische sounds, dwarrels, beats, ondersteund van zwevende, scherpe, rammelende gitaarloops en galmende, slepende, hitsende drums. Eromheen golvende soundscapes, ambientstukken en exploderende noise in een melodieus alternatief muzikaal verhaal. Samen met Swans en Einstürzende Neubauten bepalend voor die scene. Songs als “Envoyé”, “Jimmy”, “Did you miss me”, “Charlotte”, “l’Amourir”, “Longue route” wisten ons diep te raken. Verder stoomde het trio van Franz Treichler naar een hoogtepunt met ‘TV sky’ , met o.m uppercuts “Skinflowers”, “Gasoline man” en later nog “Kissing the sun”. Materiaal dat nét dat gewaagde alternatieve in een intrigerend melodieus dansbaar concept bracht.
En het moet nu toch wel lukken, in 2025 brengen de drie het oude samen in een nieuw plaat ‘Appear Disappear’. Net die memorabele beginperiode, ‘TV sky’ en het recente staan hier tijdens deze tour centraal in de anderhalf uur durende set. Niet dat de drie hebben stilgezeten, allerhande muzikale scenario’s en projecten brachten ze met regelmaat uit, maar eerlijkheidshalve met wat we nu live zagen en hoorden, kregen we het meest interessante oeuvre. Bijgevolg de waardig ouder wordende wave industrial rock liefhebbers werden hier op hun wenken bediend. The Young Gods zijn bij God nog lang niet versleten …

‘Appear Disappear’ verschijnt zes jaar na hun laatste werk vóór corona, het verhaalt de harde tijden waarin we leven, de rollercoaster die dagdagelijks op ons valt, ‘er zijn’, ‘aanwezig zijn’, meegezogen worden in de verwachtingen, af en toe eens tegen de schenen schoppen, en tot slot ‘eens ontvluchten’, ‘onthaasten’, ‘verdwijnen’ in ‘me-quality time’ als het nodig is.
De songs van dit overtuigende sterke nieuw album stonden voorop en sloten erg nauw aan hun succesvolste periode. Ze bouwden op, zwollen aan, klonken spannend, dreigden en durfden te exploderen of ze lieten ons even wegdromen in een grimmige wereld of sprookjesbestaan. We werden in hun greep gehouden, de dansspieren konden worden geprikkeld en de creativiteit, tempowissels sierden. Treichler verhaalt, zingt, declameert het allemaal wisselend in het Engels en in het Frans . Mooi dus.
We worden warm ontvangen bij hun return en we krijgen meteen een voorstelling van het nieuwe materiaal. De titelsong, “Systemized”, “Hey amour” en “Blackwater”, een eerste hoogtepunt, dat mooi lang uitgewerkt is en intens, broeierig, trance-huiverend, duister en filmisch klinkt; het schuurt en scheurt soms door de nerveuze ritmiek, alsof Halloween ons op de hielen zit. In de tempowissels durven de beats een EBM karakter te hebben. Het bundelt hun veertigjarige carrière samen. Ook “All my skin standing”, die volgde ,uit hun vorige ‘Data mirage tangram’ (van 2019) werd 10 minuten lang mooi uitgediept. Een ‘waauw gevoel’ hadden we.
Zalvend zachtmoediger klonk het tussendeel met “She rains” en “Intertidal” , de minimal sobere, dromerige aanpak was welgekomen. Het tempo werd dan opgedreven , een zwaardere , fellere electrogroove met twee kleppers van ‘TV sky’, “The night dance” en “Gasoline man”, die beiden een op herkenningsapplaus konden rekenen; het klonk melodieus opbouwend , groovy, expansief waarbij de dansspieren hier iets meer werden geprikkeld en aangesproken. Op even hoog niveau kwamen uitmuntende vurig meeslepende, gedreven nummers van hun recentste album aan bod als closing final; “Mes yeux de tous”, “Blue me away” en “Shine that drone”; de laatste werd hier in een neurotische 90s Eurodance trommel gemixt. Dit was een geslaagde drop, een back naar hun 80s roots.
In de bis nostalgie ten top met “Skinflowers”, “l’Amourir”, tussenin een nieuwtje “Off the radar” en op het eind de hoempapa/kermistune van “Charlotte/Did you miss me” op z’n Arno’s als het ware. Het Young Gods avontuur werd meer dan overtuigend besloten.
Ze mochten persoonlijk nog verder in hun backcatalogue grijpen, met een “Rue des tempêtes”, “Kissing the sun” of “Lucidogen”, maar het publiek was tevree én de band was tevree. De warme respons deed hen enorm veel deugd.
The Young Gods speelden een heerlijke, eigentijdse set vol heimwee en jeugdsentiment. Iets waar we nog even kunnen van nagenieten. St-Pieter in de hemel mag nog even wachten, want de hemelsluizen staan nog niet open voor deze zestigers.

Support was Das Kinn, die teruggrijpt naar die vergeten tijd van de ‘Neue Deutsche Welle’. Hij ademt in alles die sfeer uit, alleen op z’n keys. Het hedendaagse project van Toben Piel, de man achter Das Kinn, is een jong hart met een oude ziel en een liefde voor alles wat deze 80s sound en krautrock  op z’n Kraftwerk, DAF, Die Krupps en Front uitstraalt. Een ideale geleider op wat die avond volgde …

Lees gerust ook de review FR https://musiczine.net/index.php/fr/item/100591-l-aeronef-balaye-par-un-tourbillon-indus-the-young-gods

Neem gerust een kijkje naar de pics @Ludovic Vandenweghe  

The Young Gods
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8789-the-young-gods-29-10-2025?catid=category

Organisatie: Aéronef, Lille

The Young Gods

Data Mirage Tangram

Geschreven door

Het nieuwe album van The Young Gods heeft een hele tijd op zich laten wachten. ‘Data Mirage Tangram’ vormt dan ook een complete stijlbreuk met het vroege en het voorgaande werk van dit Zwitserse trio. Alles klinkt trager, mysterieuzer en langer. Een mix van dromerige ambient, drones, jazzy ritmes en postpunk-elementen in de gitaarstukken en vervormde stemmen.
Het nieuwe album is wel nog steeds heel herkenbaar, o.m. dankzij de heel zuinig gebrachte lyrics in het Frans en in het Engels, en de typische soundscapes van Cesare Pizzi. “Entre En Matiere” is donkere dreamambient. “Tear Up The Red Sky” is drijft op vervormde gitaarlijnen en is dansbaar, misschien niet voluit, maar wel voor postpunkers. Het is een heel gelaagde track met terugkerende motieven en een mooie, vrij klassieke opbouw naar een paar uitbarstingen rond het refrein. Niet zo vernieuwend als je de geschiedenis van de elektrorock bekijkt, maar het is wel mooi hoe The Young Gods er zijn eigen ding mee doet.  
Hetzelfde geldt in grote lijnen voor “Figure Sans Nom”, een track met subtiele muzikale hints naar de jaren ’80, met name dankzij een heel ijle, vervormde gitaar.  Franz Treichler speelt nog meer dan vroeger met tekstuele herhalingen, die hij als een mantra afvuurt. Ze nemen vooral ook hun tijd. Geen enkele track op dit album blijft onder de vijf minuten.
“Moon Above” is een moeilijke. Het is een richtingloze mix van jazz, krautrock, blues en minimal elektro.  Doorgaans worden The Young Gods-tracks rechtgehouden met een strak ritme, maar als – zoals hier – dat ritme-geraamte wegvalt, blijft er mar weinig over. De welgemikte blues-harmonica maakt nog iets goed door aan te sluiten op het ritme van de tekst, maar dit zal voor heel wat fans toch een brug te ver zijn. “Everythem” en “All My Skin Standing” lijden voor een deel aan dezelfde ziekte, maar gelukkig keren op “All My Skin Standing” de ritmes van de tribal drums wel genoeg terug om de luisteraar houvast te bieden.  De erupties komen op deze track onder de vorm van gitaarnoise. Het doet een beetje denken aan Neon Electronics of aan TB Frank & Baustein.
Staat er dan niets op ‘Data Mirage Tangram’ voor de fans van het eerste uur? Toch wel. Zeker “You Gave Me A Name” sluit van alle tracks op dit album nog het beste aan op hits als “Kissing The Sun”, “Gasoline Man” en “Skinflowers”, al heeft ook deze track niet dat voortdenderende EBM-ritme.
Blij dat The Young Gods terug zijn en dat ze niet ter plaatse zijn blijven trappelen.

The Young Gods

The Young Gods zuigt z’n publiek in de set op …

Geschreven door

Hoe zou het nog zijn met de Young Gods? Jong kan je frontman Franz Treichler (Franz Muse) en knoppendraaier Cesare Pizzi (Ludan Dross) bezwaarlijk nog noemen. Daarvoor zit er intussen al wat teveel grijs in hun respectievelijke paardenstaarten. Aan de opkomst voor hun shows te zien, kan je ook Gods al schrappen. In de afgerond 20 jaar dat ze naar België komen voor shows, zijn ze de capaciteit van de Botanique niet kunnen ontgroeien. Hun godenstatus maken ze dan weer wel waar als andere bands en artiesten in interviews vertellen waar ze de mosterd gehaald hebben. Dan komen o.m. Pitchshifter, U2 en David Bowie al eens vaak bij dit Zwitserse trio uit.

Eerder dit jaar verscheen er eindelijk nog eens nieuw werk van deze industrial elektro-rockband. ‘Data Mirage Tangram’ kwam tot stand in 2015 op het Cully Jazz Festival en is drie, vier jaar later pas afgeraakt.  Op dit twaalfde album, het eerste sinds 2010, doen The Young Gods het meer atmosferisch, maar vooral langer en trager. Gelukkig doen ze dat in stijl. Er zit nog steeds een flinke dosis rock en techno in hun nieuwe tracks, maar deze band heeft z'n eigen plekje gevonden in het muzieklandschap, met onverwachte gitaren en breaks, maar een stuk verder weg van hun aan Front 242-verwante EBM van de begindagen.
De Young Gods starten hun set in Brussel met “Entre En Matiere” uit hun jongste album. Het nummer start met een ambient-vibe en heel minimale belichting. Heel jammer dat de sfeer nog verpest door een heel ijverige roadie die nog wat kabels moet controleren. De gitaarklanken van Franz Muse doen hier vaag wat denken aan The Cure tijdens “Fascination Street”. Het publiek reageert meteen enthousiast maar ondanks dat deze Zwitsers reeds acht of negen keer eerder in deze zaal speelden, kan er aan het begin van de set niet meer begroeting af dan een wel heel zuinig ‘bonsoir’.
Het tweede nummer in de set is “Figure Sans Nom”, ook al van ‘Data Mirage Tangram’, een stuk dansbaarder en met die heel repetitieve tekst die als een mantra de zaal wordt ingeblazen. Nog meer nieuw werk volgt met “Tear Up The Red Sky”: aanvankelijk krijgen ze het publiek hiermee niet veel verder dan wat heen en weer wiegen, maar met een mooi opgebouwde, bulderende finale komt er eindelijk wat leven in het publiek. Opnieuw krijgt het enthousiaste publiek een wel heel zuinig ‘merci beaucoup’ teruggekaatst van Franz Muse.
Ook “All My Skin Standing” komt van het nieuwe album en krijgt een net iets warmere ontvangst. Tribale drums, EBM en explosieve gitaarnoise in de stijl van Thurston Moore (Sonic Youth) worden in deze track op een hoopje gegooid in een wel heel lange versie van deze track. We zijn dan al 40 minuten ver in de set en er zijn nog maar vier tracks gepasseerd. Maar het publiek geniet met volle teugen.
“Moon Above” valt live wat tegen. Hier mixen de Young Gods improvisatie-jazz met noise en dikke geuten blues, met zelfs een stukje mondharmonica.
Daarna komt eindelijk ouder werk aan de beurt met “About Time” uit 2007. Op “Envoyé” laat Franz Muse voor het eerst zijn gitaar aan de kant. Op dit oudje uit 1987 gaan de fans helemaal los. De reguliere set wordt afgesloten met een track uit het nieuwe album die als beste aansluit bij het oudere werk: “You Gave Me A Name”.
De bisronde is één grote dankbetuiging aan de fans, met de Young Gods-klassiekers “Kissing The Sun”, “Gasoline Man” en “Skinflowers”. Anders dan in Londen of Parijs krijgt het Brusselse publiek nog een extra toegift: “Everythem”.

Young Gods is één van die zeldzame bands die erin slaagt om zijn publiek te laten meegroeien met de band. Niet in aantallen fans, maar in de muzikale reis die afgelegd wordt.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/the-young-gods-24-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/amute-24-03-2019

Organisatie: Botanique, Brussel.

The Young Gods

Everybody knows

Geschreven door

Een vijftal jaar terug verscheen een mooie compilatie van de twintigjarige carrière van deze grootmeesters binnen de industrial/rock. Ze waren samen met Swans en Einstürzende Neubauten de basis van de industrial, door hun elektronicasounds. Trouwens, zonder hen was er geen sprake van de huidige sliert industrial/waverock/gothic bands.
Door de jaren bleef hun muzikaal recept wel uniek: dwarrelende elektronica, een strakke en opzwepende percussie en een dosis voorgeprogrammeerde metalgitaarloops, bepaald door de Frans/Engelse galmende, declamerende schreeuw/zegzang van Treichler. De songs hadden een dreigende, onheilspellende spanning, en er waren de slepende ritmes en verrassende wendingen.
In 2008 verbreden ze ietwat het gezichtsveld met een akoestische sound op ‘Knock on wood’, een geluid dat in vroegere nummers al eens doorsijpelde …
Op de nieuwe plaat hoor je de evenwichtsoefening, een dosis oud vertrouwde elektronica, industrial en een akoestische setting.
Ondanks het feit dat ze minder ruig, hard en experimenteel klinken, intrigeren ze in hun toegankelijk karakter; ze voeren met regelmaat het tempo op en behouden de aandacht in die nerveuze, broeierige sfeer en spanning, gedragen door de herkenbare stem van Treichler, o.m. op songs als “Blooming”, “No man’s land”, “Mister sunshine”, “Miles away” en “Once again”. “Tenter le grillage” is stevig en krachtig. Intussen kun je even wegdromen en genieten van enkele sfeervolle songs als “Two is tango” en “Introducing”.
Uitgeblust is de band zeker niet, integendeel ze gaan nog steeds creatief te werk en zorgen voor meeslepend materiaal. Jong zijn ze niet meer, maar de goden leven nog steeds  

The Young Gods

Cercueil – The Young Gods - Frans synthpoptalent ontmoet uitmuntende Zwitserse klasse

Geschreven door

Vorig jaar waren talrijke Sinners Day-bezoekers ervan overtuigd dat The Young Gods één van de hoogtepunten in de Ethias waren. Met zo een gedachte in het achterhoofd was het dan ook uitkijken naar de komst van de Zwitserse indusrockers die ons land tweemaal een bezoekje brachten, want daags na de Botanique stonden ze op de planken in Diksmuide.

Vooraleer het allemaal zover was mochten we eerst kennis maken met een trio uit Lille: Cercueil. Deze band begint in het gothwave-milieu aardig naam te maken en daar zal de stem van Penelope wel voor veel tussen zitten.
Het toeval wil namelijk dat zij met een stem gezegend is die als twee druppels water lijkt op die van Siouxsie. Beweren dat ze een kopie zouden zijn van dit gothinstituut zou echter meer dan oneerlijk zijn want ook al bezit hun geluid de typische staccatogitaartjes die in de jaren ’80 iedere waveplaat sierden, balanceren ze mooi tussen eigentijdse synthpop en donkere wave.
Het trio moet misschien nog leren dat je op een podium best wat beweegt maar voor de rest waren alle verwachtingen ruimschoots nagekomen.

De laatste cd van The Young Gods ligt ondertussen reeds enkele maanden in de winkel  te glunderen. De nieuwe plaat is weliswaar wat je noemt een groeier maar toch behoort ‘Everybody knows’ niet tot het sterkste van wat The Young Gods ooit gepresteerd hebben.
Niettemin blijft het steeds een verademing om de stem van Franz Treichler door je boxen te horen galmen en dat bleek gisteren ook nog maar eens het geval te zijn in de 4AD.
Meteen bij opener “Blooming” beseften we weliswaar dat Franz opgescheept zit met die vervelende grijze haren maar gelukkig bezit deze man nog steeds dezelfde betoverende stem als uit de tijden toen we met zijn allen naar de platenwinkel trokken om ‘L’eau rouge’ aan te schaffen.
Het eerste deel van het concert bestond grotendeels uit materiaal dat uit de nieuwe cd geplukt werd. Hierdoor kregen, mede door het overdonderend livegeluid, nummers als de uptempo-rocker “No man’s land” of het langzaam kabbelende “Mr. Sunshine” een extra dimensie die het op cd wat mist.
The Young Gods zijn niet voor niets vernoemd naar een nummer van Swans en anno 2011 staan zij nog steeds garant voor een hoge brok energie waarbij beukende gitaren de electronicaklanken van Alain Monod mooi weten te omhelzen en dit met Treichler als ideale dirigent.
Van de nieuwe tracks onthouden we vooral het ingetogen “Introducing” en “Tenter le grillage” die ons deed herinneren hoe beklijvend nummers als “Envoyé” ooit wel waren, dat trouwens later op de avond bovengehaald werd en zoals te verwachten op enthousiast gedans door het publiek onthaald werd.
Met een concert dat bijna de kaap van twee uur haalde, verwenden The Young Gods niet alleen hun fans door hun nog eens “Gasoline man” of meebruller “Skinflowers” uit de kast te halen maar ze bewezen ook dat hun geluid heeft weinig of niks aan decibels ingeboet had.
Een mens zou zelfs het woord ‘Memorabel’ durven prevelen!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: 4AD, Diksmuide

The Young Gods

The Young Gods – zinnenprikkelende goden van het alternatieve circuit

Geschreven door

Het Zwitsere The Young Gods (bandnaam gekozen naar een EP van hun helden Swans) zijn na meer dan een kwarteeuw nog steeds een buitenbeentje waarvan het aantal dungezaaid is in het muzikale landschap. Heden gaan ze als een viertal door het leven: naast Franz Treichler (zang, gitaar), Al Comet (toetsen) en Bernard Trontin (drums) is Vincent Hänni (gitaar en jaren creatieve sidekick) toegevoegd als vierde volwaardig lid. Roli Mosimann kan gezien worden als vijfde lid achter de schermen en tevens vaste producer.

The Young Gods zijn sinds hun debuut midden de jaren tachtig altijd een stapje voor geweest op de rest: ondergetekende vergeet nooit de opengesperde monden in het publiek bij hun doortocht in 1987 op het legendarische Futurama-festival in Deinze, waar Franz een meeuwendans deed tijdens “Je fais la mouette”. Door de jaren heen sloegen ze voortdurend nieuwe paden in. “Het voor zichzelf spannend blijven houden” is een motto dat de Zwitsers nauw aan het hart ligt. Ook op hun laatste album ‘Everybody Knows’ van eind 2010 nemen ze terug een nieuwe en spannende muzikale koerswijziging. Een mengeling van ingetogen elektronische en akoestische parels en uitbarstende mini-orkaantjes maken van dit laatste album terug een ontdekking voor het oor. Het was ook rond dit laatste album dat de tournee van 2011 werd opgebouwd en die op woensdagavond 13 april halt hield in de prachtige ‘Orangerie’-zaal in de Brusselse Botanique.

The Young Gods startten hun set met 4 songs uit hun laatste album: de duivelse intro “Sirius Business” (een kleine minuut synths on speed) dat moeiteloos overvloeide in het prachtig openbloeiende “Blooming” (een perfecte soundtrack voor een nieuwe film van David Lynch). “Tenter le grillage” zorgde voor de eerste bewegingen in de voorste rijen waar het publiek heupwiegend werd meegenomen op een mantra-esque trip met Franz Treichler’s hese stem als leidraad. Bij het opzwepende “No Man’s Land”(een song om op volume 11 af te spelen tijdens een nachtelijke autorit) was het hek volledig van de dam en stond de zaal in rep in roer. De vlam zat in de pan en met nummers als “Supersonic” uit hun ‘Second Nature’ van 2000 en “About Time” uit het ‘Super Ready / Defragmenté’ album van 2007 werd het er alleen maar heter op in de zaal.
Daarna werd terug overgeschakeld op waakvlam en volgde een ingetogen, vrolijk klinkend “Mister Sunshine”, een melancholisch en up-tempo “Miles Away” met trippy synths, een prachtig accoustisch gitaartje en een Spartaans ondersteunende ritmesessie. Deze laatste song klokte af na 10 minuten zonder één seconde verveling. De akoestische weg werd verder ingeslagen met “Introducing”, terug een meeslepend pareltje uit het laatste album. Na nog 2 songs uit het ‘Super Ready’ album (“Everythere” en “I’m the drug”) werd afgesloten met een kopstoot van jewelste: de mini-orkaan “Envoyé” uit hun titelloos debuutalbum uit 1987 – het publiek in extase achterlatend.
Een publiek dat meer wou en ook meer kreeg met een dubbele bisronde. Ronde 1 met magistrale versies van klassiekers “Skinflowers”, “Kissing the Sun” en “C’est quoi, c’est ça” en eindigend met het ingetogen “Two to Tango” van hun laatste album.
Ronde 2 met een ontvlambaar “Gasoline Man”, een bevriezend “Freeze” en een beklijvend “Once Again”.

Eens te meer maakten The Young Gods hun live-reputatie waar! Ondergetekende werd nog nooit ontgoocheld tijdens de meerdere concerten van deze ondertussen al wat oudere goden die hij mocht meemaken tijdens hun kwarteeuw carrière (of het moest vorig jaar op Hellfest geweest zijn, waar ze – buiten hun wil om – er na twee nummers de brui aan moesten geven wegens organisatorische stroomproblemen die niet tijdig opgelost geraakten). En ook woensdagavond stonden deze geniale Zwitsers terug de pannen van het dak te spelen in de Europese hoofdstad. Niet alleen het publiek genoot met volle teugen, maar ook op het podium niets dan lachende gezichten. En zo zou het altijd moeten zijn tijdens concerten. We wachten al vol ongeduld op hun volgende doortocht!

Organisatie: Botanique, Brussel

The Young Gods

Super Ready/Fragmenté

Geschreven door

In 2006 verscheen van het Zwitserse trio al een mooi overzicht van hun twintigjarig oeuvre. The Young Gods, onder zanger Franz Treichler, waren samen met Swans en Einstürzende Neubauten de basis van de industrial, door hun elektronicasounds. Trouwens, zonder hen was er geen sprake van de huidige sliert industrial/waverock/gothic bands.
Het Young Gods recept blijft uniek: dwarrelende elektronica, een strakke en opzwepende percussie en een dosis voorgeprogrammeerde metalgitaarloops, bepaald door de Frans/Engelse galmende, declamerende schreeuw/zegzang van Treichler.
De songs hebben een dreigende, onheilspelende spanning, er zijn de slepende ritmes, de onverwachtse wendingen en er is een vleugje psychedelica.
Huiveringwekkend. Luister maar eens naar opener  “I’m the drug”, “C’est quoi c’est ça”, “El magnifico”, “Secret”, “Everywhere”, “Un point c’est tout” en de titelsong, die zomaar eventjes negen minuten duurt! Oosterse sitargeluidjes horen we op “Stay with us”  en het meest ingehouden klinken ze op “About time” en “The color code”. Een fijne afwisseling.
The Young Gods gaan scherp en inventief te werk. Uitgeblust zijn ze dus zeker nog niet! Integendeel, ze bewijzen nogmaals een gevestigde waarde te zijn.

The Young Gods

The Young Gods: na ruim twintig jaar nog steeds niet uitgeblust

Geschreven door

The Young Gods besloten het Riffs’n’Bips (mix van electro en rock) festival te Mons.
Het Zwitsere trio The Young Gods, onder zanger Franz Treichler, zijn al ruim twintig jaar bezig. Samen met The Swans en Einstürzende Neubauten gaven ze de elektronica een bepalende push onder de stijl van ‘industrial’.
Hun combinatie van elektronica sounds, en –dwarrels en de dosis voorgeprogrammeerde gitaarexperimenten (en –noise), opgezweept door een begeesterende percussie, en ondersteund door de Frans/Engelse galmende, declamerende schreeuw/zegzang van Treichler, blijft een uniek gegeven. Af en toe integreerden ze ambient en technotrance. Trouwens, The Young Gods gaven twee jaar terug een fijn overzicht van hun muzikale carrière en bewezen dat ze totaal nog niet waren uitgeblust.
Met hun donkere dreigende, broeierige sound, slaagden ze er nog steeds in zich te kunnen meten tegenover de huidige sliert industrial/waverock/gothic bands. Witte spotlights (inclusief een spot op het microstatief!) en stroboscoop gaven kleur; Onlangs verscheen de nieuwe cd ‘Super ready/Fragmente’, waaruit live gretig werd geplukt: op “El magnifico” kwamen de drums op het voorplan,  “C’est quoi c’est ça” leidde de middernachtmis in, “Un point, c’est tout” leek de soundtrack voor een nieuwe ‘The excorcist’ en met ‘Every where’ en ‘I’m the drug’ toonden ze aan hoe inventief en scherp ze kunnen klinken. “Kissing the sun” en “Envoyé” waren alvast twee niet te missen klassiekers, die op een sterke respons konden rekenen. Spijtig genoeg waren ze gelimiteerd qua tijd, wat hen beperkte nog meer muzikaal afwisselend materiaal voor te stellen.

Organisatie: Riffs’n’Bips festival, Mons (in het kader van het Riffs'n'Bips festival)