logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

woensdag 04 november 2009 01:00

Muse: beste stadionrock van het moment

Als er vandaag één band is waar de term stadionrock voor uitgevonden is dan is het Muse wel. Meer nog dan U2 zijn zij de absolute live act van het moment. Terwijl U2 nu meer dan ooit teert op hun status en de credibility die zij vooral in het verleden verworven hebben, is Muse de groep van het moment, met een nieuw album dat weliswaar bol staat van het bombast en theatraal gedoe, maar de formule werkt wonderwel, op een podium nog meer dan in de studio.

Aan kosten is er niet gespaard in hun live act. Prachtige videobeelden en een originele opbouw met wolkenkrabbers op een rond podium zorgen voor een maximale respons bij de fans. Hun repertoire met uitmuntende songs doet de rest. Schitterend nieuw werk als “Uprising”, “United States of Eurasia”, “Unnatural Selection” en zelfs het semi klassieke “Exogenesis symphony, part 1” (hier in de bisnummers opgenomen), staat mooi te pronken tussen de klassiekers van de vorige platen. Enkel de fletse ballad “Guiding light”, ook al een zwak broertje op ‘The Resistance’, valt door de mand wegens te weinig om het lijf. Maar voor de rest: super !!
Matthew Bellamy is de grote man achter Muse. Zijn stem die eenzame hoogten bereikt en vooral zijn machtige gitaarspel maken van de man een supertalent. Tevens weet hij op de rustige momenten, een geweldig “Feeling good” en een intiem “Unintended”, fijne klanken uit een vleugelpiano te toveren. Hij mag dan al een beperkte pianist zijn, hij slaat de juiste toetsen aan op het juiste moment.
Het bombast waarvoor wij een beetje vreesden na beluistering van ‘The Resistance’ blijft live binnen de perken en dat is de sterkte van dit ganse optreden. Muse speelt krachtig, luid, loepzuiver en vooral geweldig.
Hoogtepunten, vraagt u ? Het volledige optreden is één lang hoogtepunt. Laat ons als mega fantastische momenten de volgende eruit halen : Een machtig “New Born”, een uiterst fel “Plug in baby” en als absolute knaller een immens wervelend “Knights of Cydonia” dat een ideale intro meekrijgt met een hier volledig op zijn plaats staande schitterende interpretatie van “The man with the harmonica” uit ‘Once upon a time in the West’ van Morricone.

Muse is dé supergroep van het moment. Ook een zekere Herman S. kan hier niet aan voorbijgaan.

Organisatie: Live Nation

zaterdag 07 november 2009 01:00

Motörhead: vertrouwd, maar oppermachtig

“We are Motorhead and we play rock’n’roll”, al zo een dertig jaar begint Lemmy zijn optredens met deze inmiddels legendarische woorden. Wat er steevast op volgt is een salvo van potige hard-rock songs, steeds hard, luid en altijd rechtdoor. Geen overbodige lichtshows, geen mega videoschermen, geen opblaaspoppen, geen vuurwerk, geen toeters en bellen. Niets van dat, gewoon straight forward luide rock’n’roll. De hondstrouwe fans die naar een Motorhead concert gaan, weten wat ze mogen verwachten, ze worden nooit ontgoocheld door Lemmy en co en gaan steeds opgewekt naar buiten.

Ook in Vorst Nationaal was dit niet anders. We stellen vast dat er nog geen sleet zit op de unieke Motorhead formule, ook al is het allemaal zo voorspelbaar als wat. Motorhead stond ook hier weer enorm fel en verbeten zichzelf te zijn, ze ramden er een interessante setlist door met werk van de laatste cd ‘Motorizer’ tussen de klassiekers door.
We onthouden brutale mokerslagen als “Iron fist”, “Killed by death”, “Over the top”, “Rock out with your cock out” (subtiel!), ”Going to Brazil”, “Metropolis” en “Bomber”.
Ook de finale was er weer patat op met eerst een zeldzame adempauze met “Whorehouse blues” (Motorhead zowaar akoestisch, je moet het gezien hebben om het te geloven), daarna een loeiend “Ace of spades” en helemaal op het einde de ultieme explosie “Overkill” (natuurlijk een hoofdrol voor ‘The best drummer in the World’ Mikkey Dee).

Jaja, we wisten dat allemaal op voorhand, maar we gingen weer volledig voor de bijl, want Motorhead was oppermachtig, levende legende Lemmy (‘the coolest guy on earth’) zijn hese strot klonk als geen ander (leve de whiskey) en onze oren piepen dat het niet meer mooi is. Iedereen content!

Organisatie: Live Nation

zondag 01 november 2009 01:00

Placebo herboren

Op de tournee die Placebo maakte na ‘Meds’ uit 2006 gaven de heren een beetje een uitgebluste indruk. Ze stonden toen ook op Rock Werchter maar gaven daar in geen geval een onvergetelijk optreden, integendeel, wij waren geen klein beetje ontgoocheld.

Maar kijk, het kan verkeren, anno 2009 werd de band nieuw leven ingeblazen en dit vooral via nieuwe drummer Steve Forrest die met ware Dave Grohl allure zijn trommels molesteert. Ook de uiterst vinnige nieuwe plaat ‘Battle for the sun’ zorgt ervoor dat Placebo er weer helemaal staat. Dit album is zo sterk dat de band er hier maar liefst 9 songs uit puurde, waarvan de kleppers “For what it’s worth” , “Ashtray heart” en “Battle for the sun” al helemaal vooraan zaten. Hiermee was de toon gezet voor een pittig en krachtig optreden. Op het podium is Placebo niet langer een trio, een extra gitarist en bassist en een ravissante blondine die af en toe de strijkers en toetsen beroerde, zorgden voor een volle en krachtige sound. Die extra muzikanten bleven netjes onopvallend op de achtergrond zodat half vrouw half man Brian Molko en lange wapper Stefan Olsdal, die bijna gans het optreden gitaar speelde in plaats van bas, als gewoonlijk de show konden stelen. Beiden waren trouwens goed op dreef en speelden al hun songs met power en vuur.
We kregen niet zozeer een greatest hits ( met uitzondering van “Every you en every me” dat in een ander kleedje zat werden de eerste twee albums volledig achterwege gelaten) maar dat misten we nergens.
De set was evenwichtig, barstte van sterke songs en was van een constant hoog niveau. Placebo hield er twee uur lang een strak tempo op na en werd dan ook door een tevreden publiek op handen gedragen.

Setlist : For what it’s worth - Ashtray heart – Battle for the sun – Soulmates – Speak in tongues – Follow the cops – Every you and every me – Special needs – Breathe underwater – Because I want you – 20 years – Julien – Neverending why – Blind – Devil in the details – Meds – Song to say goodbye – Bright lights – Special K - Bitter end – Trigger happy – Infra red – Taste in men

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

zaterdag 24 oktober 2009 03:00

Sonic Youth op automatische pilot

Het was niet zozeer omwille van het feit dat Sonic Youth zeer rijkelijk putte uit hun nieuwste cd ‘The Eternal’, want dat vinden wij een prachtplaat, het was eerder de manier waarop waardoor wij een beetje op onze honger bleven zitten. Sonic Youth speelde weliswaar strak en snel maar ze kleurden te veel binnen de lijntjes, op een paar uitzonderingen na zoals in “Death valley 69” helemaal op het einde, maar toen was het kalf al verdronken. Enige vormen van noise, feedback en lange gitaaruitspattingen, wat ons betreft Sonic Youth’s almachtige handelsmerk, werden volledig achterwege gelaten. En dat hadden wij nu echt niet verwacht.

Het bijzonder sterke album ‘The Eternal’ kreeg op het podium geen enkele meerwaarde, de songs werden gewoon (te) netjes gebracht en konden in de live uitvoering dan ook niet boven zichzelf uitstijgen. Let wel, een nummer als “Anti Orgasm” is en blijft absoluut fantastisch en was ook in de AB een hoogtepunt, net als het ingetogen “Shadow of a doubt”, één van de weinige oudjes die vanavond in de set mochten. Waarmee we maar willen zeggen : Niets was echt slecht, goeie songs blijven goeie songs, en zo heeft SonicYouth er wel een pak op hun palmares en ook in de AB was dit niet anders.
Na het concert wisselden gemengde indrukken elkaar af. Wij hoorden termen als ‘gecontroleerd’, ‘berekend’, ‘subtiel’ en ‘afgelijnd’. Afgelijnd ??? Als wij een afgelijnd concert willen dan zullen we wel naar fuckin’ Pink Floyd gaan kijken, maar van Sonic Youth verwachten we wilde gitaren die op geniale wijze naast de pot pissen. En wie enkele jaren geleden de woorden ‘gecontroleerd’ en ‘berekend’ met Sonic Youth in één hap in de mond durfde te nemen zag zijn kop algauw onder de guillotine belanden.

Dit was een concert die niet-Sonic Youth fans geweldig zouden vinden, maar als fan kunnen wij enkel maar ontgoocheld zijn, temeer daar wij de band een dik jaar geleden nog schitterend zagen scheuren op de Lokerse Feesten.
Wij vermoeden dat het in de AB wel hun bedoeling zal geweest zijn, eigenwijs als ze zijn, om eens een proper concertje te spelen. Voor hetzelfde geld trekken ze bij hun volgende doortocht terug alle registers open dat onze oren er drie dagen later nog zullen van piepen. Dat is ook de reden waarom we er de volgende keer terug bij zullen zijn. Want, dit mocht dan al een zeer propere Sonic Youth zijn, we hoeven toch nog niet echt te vrezen dat ze op één van de volgende edities van Night of The Proms zullen staan…

Organisatie: Live Nation

zondag 25 oktober 2009 18:12

The Jim Jones Revue

Als u uw rock’n’roll echt vuil, gortig en smerig wil dan moet je bij The Jim Jones Revue zijn, een bende vunzige rioolratten uit London die hun sporen verdiend hebben in de garage underground van Thee Hypnotics en Black Moses.
In amper 48 uren hebben zij op 4 sporen hun debuut op plaat gekwakt in een -hoe kan het ook anders- extreem rauwe en gure productie (Raw Power van The Stooges, iemand ?).
Jones zingt met het geweld van een op drift geslagen Little Richard, hij huilt en schreeuwt als vuile honden Lux Interior of Jon spencer. De sound is ruig als The Sonics en splijtend als MC 5. Een stel wilde gitaren barsten niet zelden uit hun voegen en een piano wordt op regelrechte Jerry Lee Lewis wijze zwaar gemolesteerd. In amper een half uurtje worden er aan een hels tempo tien ongeschoren gruizige lappen van songs doorgejaagd. Eigenlijk zijn het simpele -maar soms compleet ontspoorde- rock’n’roll songs voorzien van een ongezonde dosis buskruit.
The Jim Jones Revue staat voor vuile blues, gestoorde hard-rock, gemene rock’n’roll en de goorste garage-rock. Hoera !
Wat ons betreft is dit geweldige rioolrock. We just love it !

donderdag 08 oktober 2009 03:00

Chickenfoot

Help! een supergroep. En dan nog eentje bestaande uit vergane hard-rock iconen als Sammy Hagar en Michael Anthony (Van Halen), RHCP drummer Chad Smith en gitaarneuker Joe Satriani. Dat kan niet goed komen. En inderdaad, dit album is nog maar net uit en het klinkt al hopeloos verouderd. Hier staat haar op, veel haar. Het bulkt van de typisch Amerikaanse hard-rock clichés, neigt niet zelden naar de belachelijke jaren tachtig poedelrock en heeft op de koop toe nog een paar drakerige ballads te koop (zo is“Learning to fly” echt pijnlijk, geloof ons).
En ja, die gasten kunnen spelen, het zou er nog aan mankeren. Maar met een beetje inspiratie en creativiteit voor de dag komen ? Ho maar. Satriani mag dan al een meer dan bedreven gitarist zijn (hij zwiert hier met de solo’s dat het niet mooi meer is), Mark Knopfler is dat ook, wat nog niet wil zeggen dat hij goede platen maakt (bij deze laatste toch een paar uitzonderingen buiten beschouwing gelaten). De heren kleuren hier volledig binnen de lijntjes van het op zich al belachelijke genre en weten dat ze daarmee, in hun thuisland althans, hun nu al uitpuilende bankrekeningen nog royaal zullen aanscherpen.
In de States is er een markt voor, wij krijgen er diarree van.

donderdag 08 oktober 2009 03:00

Preliminaires

Het is niet omdat ik onvoorwaardelijk fan ben van Iggy Pop dat ik geen bedenkingen zou mogen hebben bij zijn platen. Iggy is tot op heden nog steeds de beste en meeste energieke performer die ik ooit op een podium gezien heb maar in de studio slaat hij nogal dikwijls eens de bal mis.
Zijn nieuwste ‘Preliminaires’ is –godbetert- gebaseerd op het werk van de Franse schrijver Houellebecq, mij (en waarschijnlijk ook u) totaal onbekend, dus dat voorspelt al niet veel goeds. Naar eigen zeggen heeft Iggy die plaat gemaakt omdat hij dat banale gitaarrocken beu was. Het loopt daar niet meer lekker in diens hersenpan.
Met dergelijke aankondigingen deed Iggy dan ook onze verwachtingen dalen naar het nulpunt en, jawel, ze blijken uit te komen.
Het begint al weinig belovend met “Les feuilles mortes” waar Iggy zowaar in het Frans zingt, of zeg maar brabbelt. Potsierlijk. Pop probeert ergens om onbegrijpelijke redenen een soort Gainsbourg te zijn, maar wij denken dat Serge niet meer zou bijkomen van het lachen mocht hij dit hier nog kunnen meemaken.
“King of the dogs” kunnen we nog leuk noemen, vanwege de feestachtige New Orleans stijl, zowat de enige keer waar Iggy iets ongewoons probeert zonder zichzelf daarbij volkomen belachelijk te maken. Ook de akoestische blues “He’s dead / she’alive” is nog geloofwaardig. Elders slaat Iggy meer aan het croonen dan aan het rocken, met uitzondering van “Nice to be dead”, laat ons zeggen een matige rocksong. Vergelijkingen met zijn album ‘Avenue B’, ook al niet bepaald een hoogvlieger, dringen zich dan ook op, alhoewel we deze plaat uit 1999 bij momenten nog iets draaglijker vonden. Deze ‘Preliminaires’ zullen we maar gauw vergeten.
Het enige goede nieuws dat we van Iggy vernamen de laatste tijd is dat hij The Stooges in de bezetting van Raw Power (1973)  terug heeft bijeengeroepen om op tournee te gaan. Laten we vooral daarop hopen.

Vorst Nationaal was volgelopen voor deze lekker eigenzinnige band die eind jaren tachtig en begin jaren negentig vier magistrale en essentiële platen afleverde en er daarna prompt mee ophield.

Tegendraads zijn de Pixies altijd een beetje geweest en ook vanavond startten ze, om het publiek een beetje te plagen, met een viertal obscure b-kantjes. Daarna ontplofte de boel en kwam het publiek ten volle wakker met de integrale vertolking van de klassieker ‘Doolittle’, na 20 jaar nog steeds een mijlpaal in de geschiedenis der rockmuziek. Dat deze plaat van de eerste tot de laatste snik absoluut prachtig is wist iedereen al lang, daarvoor waren ze tenslotte ook gekomen. De songs staan als een huis, en dat was hier niet anders, dus was het ook echt genieten. Tussen de nummers door werd er soms iets te lang getalmd, maar de bevallige Kim Deal maakte er gebruik van om de interactie met het publiek toch een beetje aan te houden, want brompot Frank Black hield als gewoonlijk de lippen stijf op elkaar.
Moet het nog gezegd, de volledige ‘Doolittle’ werd prachtig gebracht, in het tweede deel was de band nog een stuk beter op dreef, onze favorieten van de avond waren dan ook de felle punker “Crackity Jones” en heerlijke versies van “Hey”, “Mr Grieves” en “Number 13 baby”. Kim Deal maakte meer dan duideljik hoe onmisbaar haar geniale basloopjes zijn voor het geluid van de Pixies, Frank Black’s vlijmscherpe strot is intact gebleven en Joey Santiago haalde alweer de meeste splijtende klanken uit zijn gitaar. Bovendien kreeg het sowieso al fantastische ‘Doolittle’ een uiterst gesmaakte meerwaarde in de vorm van originele en indrukwekkende visuals. Bijzonder knap en met een gezonde dosis humor.
Het publiek werd alsmaar uitbundiger en na het geweldige “Gouge away”, dat ‘Doolittle’ op magistrale wijze afsloot, joelde, krijste en stampte men om meer.
Pixies kwamen terug het podium op voor nog enkele b-kantjes met o.a. de fijne slow motion versie van “Wave of mutilation” en, het meest naar onze strot grijpend, een sluipend en volledig in rookwolken gehuld “Into the white” met een ijle Kim Deal in de hoofdrol.
Na wel een beetje lang wachten, was het in een volgende bisronde de beurt aan de prijsbeesten van ‘Surfer Rosa’. Met de zaallichten aan brachten de wervelende Pixies met uitstekende versies van “Vamos” (jaaaaaa !!) , “Gigantic” en absolute kraker “Where is my mind” de zaal in volle extase.

Heerlijk concert van een groep die in de annalen van de rockmuziek echt geschiedenis heeft geschreven, meer nog dan Nirvana of U2.
Het volledige concert is te verkrijgen via pixies.sandbag.uk.com. U kan het bestellen als dubbel cd, USB polsband of digitale download, uiteraard tegen betaling. Doen!

Organisatie: Live Nation

donderdag 15 oktober 2009 03:00

Mudhoney: Punkrock van het betere allooi

Mudhoney stond begin jaren 90 samen met Nirvana aan de wieg van de grunge scene in Seattle. Beide bands waren even belangrijk voor de grunge beweging, maar Mudhoney is in de underground scene blijven circuleren terwijl Nirvana ondermeer door toedoen van geldruikende businesslui tot wereldact werd gebombardeerd en nu letterlijk onder de grond zit.
In tegenstelling tot verwante bands als Pearl Jam en Soundgarden, wiens sound eerder gericht was op de oer-rock van Led Zeppelin en Black Sabbath, lagen de roots van Nirvana en Mudhoney duidelijk in de punkrock. Tot op vandaag is Mudhoney aan dat rauwe geluid trouw gebleven. De groep is gestaag de clubs blijven afschuimen en bleef ver weg van stadions en mega zalen. Ook op de festivals vond je Mudhoney steevast terug op de kleinere nevenpodia, daar stond je dan welgemutst met uw kop te schudden tussen de echte liefhebbers, die kerel links van u met een Melvins t-shirt, die rechts met één van Dead Moon.
Moet het gezegd dat Mudhoney zich thuisvoelt in een zaaltje als Minnemeers waar de toog zich op enkele meters van het podium bevindt en waar het bier van de muren druipt ?

Het concert kwam een beetje moeilijk op gang. De band putte voor de eerste vijf songs uit hun nieuwste -en wat ons betreft voortreffelijke-  album ‘The Lucky Ones’ en dat was niet bepaald waar de zaal zat op te wachten. Niet slecht maar een beetje braaf, dachten wij zo. Het bleek maar een opwarmingsronde.
Vanaf nummer zes, een ferm “You got it” (uit de prille beginperiode, toen ze hun haren nog niet wasten), plugde ook zanger Mark Arm zijn gitaar in en de groep was vanaf dan goed vertrokken voor een wervelend uurtje punkrock van het betere allooi, gevuld met een mooie greep uit hun 9 platen. Fel en verbeten waren de bloedende kronkel “Sweet young thing ain’t sweet no more” en de publiekslieveling “Touch me I’m sick”, die er met het elan van de vroege jaren keihard doorgeramd werd, punkrock it is.
Mark Arm ging heviger en agressiever zingen naarmate de set vorderde en dat resulteerde in een knallende finale. Helemaal op het eind blies Mudhoney er met een geweldige kwak “In and out of grace “ en “Hate the police “ door, twee uiterst gemene lappen uit hun klassieker van 1990 ‘Superfuzz bigmuff’ (rode draad doorheen dit optreden en dit jaar heruitgebracht, u weet wat u te doen staat), waarmee ze meteen een vettig punt zetten achter een fijn concertje. 

In het voorprogramma mochten de Gentse straathonden Kapitan Korsakov hun nieuwe cd komen voorstellen (het kreng was helaas na de persing in Duitsland blijven steken waardoor ze het niet konden verkopen aan de toog, balen is dat). Ze deden hun ding met veel power, energie, geschreeuw (echt gezongen werd er niet) en korte gemene harde stroomstoten van songs. Tamelijk luidruchtig, maar er zat iets in.

Organisatie: Democrazy, Gent

zondag 11 oktober 2009 03:00

Archive: een lange, bloedstollende trip

Fransen zijn geen kiekens… In Frankrijk heeft men al jaren door dat het Britse Archive een fameus groepje is. Terwijl in België de band enkel maar even passeerde in de Hallen Van Schaarbeek, loopt het bij onze zuiderburen storm voor Archive en zijn in het hele land zo een tiental concerten volledig uitverkocht. Niet toevallig ook dat de band hun live album uit 2007 in Frankrijk hebben opgenomen.
En nog zo iets wat die Fransen doorhebben: de nieuwste plaat ‘Controlling Crowds’ is dermate fantastisch dat er zeer waarschijnlijk niemand dit jaar nog beter zal doen, of ze zullen zich toch erg moeten haasten.
Het album heeft zich dus al duidelijk kandidaat gesteld voor de titel ‘plaat van het jaar’, welnu, de live act van Archive doet hetzelfde met de titel ‘concert van het jaar’.

Archive overtuigde van begin tot eind met hun onweerstaanbare mix van trip hop, indie en symfonische rock (normaal een lelijk woord, doch niet bij Archive, geloof ons vrij). De band plaatst zich daarmee ergens op een eiland tussen Massive Attack, dEUS, Primal Scream en Pink Floyd, een plaats waar nog nooit iemand geweest is.
De huidige live set is volledig gebouwd rond ‘Controlling Crowds’. Het album werd voor een overvolle Aéronef (als haringen in een ton, zeggen ze dan) haast integraal afgevuurd op het wel zeer enthousiaste Franse publiek. De opbouw werd zelfs quasi volledig overgenomen, het uitmuntende openingstrio “Controlling crowds”, “Bullets” en “Words on signs“ startte in dezelfde volgorde van de plaat en zette hiermee de toon voor een fantastische en bezwerende set van meer dan twee uur. Variatie genoeg, zowel qua sound als qua vocale prestaties. Dave Pen en Danny Griffiths (groots in “Funeral”) namen elk een deel van de vocals voor hun rekening, allebei klonken ze bij vlagen hemels. De heerlijke vrouwenstem in het wonderlijke “Collapse/Collide” mocht dan al op tape staan, de song was een hoogtepunt. Archive had bovendien met Rosko John een rapper meegebracht om de sfeer nog wat op te zwepen in “Quiet time“ en “Bastardised ink “.
De atmosferische klanken van Archive grepen het publiek zonder ophouden bij het nekvel, het spanningsveld in hun muziek bleef de ganse set aanhouden en wij stonden bijgevolg perplex, alleen maar termen als ‘wonderlijk’, ‘bloedstollend’ en ‘prachtig’ kwamen in ons op. Ook mooi : hoe de groepsleden aan het einde van het eerste deel één voor één het podium verlieten terwijl de muziek mooi verder bleef uitwaaien.
Tot zover het nieuwe werk, waarna de bisnummers (vier stuks, maar wel goed voor zo een dikke drie kwartier extase) het concert naar een zowaar nog indrukwekkender climax loodsten. Archive schakelde nog een versnelling hoger en deed hun songs nog wat meer openscheuren en lang uitfreaken. Het Franse publiek, dat nu al ver over zijn kookpunt heen was, onthaalde de oude songs op een juichend herkenningsapplaus. De absolute apotheose was het geweldige “Again” (meer dan een vol kwartier, geen seconde te veel), de ultieme Archive song, een schitterend einde van een geweldig concert.
Onze eerste live kennismaking met Archive was er eentje om in te lijsten. De Fransen dragen deze band al jaren op handen, het wordt tijd dat wij volgen.
Ik zei het al, Fransen zijn geen kiekens.

Als voorprogramma kregen het trio Birdpen, het nevenproject van zanger Dave Pen, die dus twee keer het podium op mocht. De sound is enigszins te vergelijken met Archive, maar het geheel is een pak grilliger en rauwer, ergens in de richting van Primal Scream ten tijde van ‘XTRMNTR’. De songs hebben soms een opzwepende elektronica-industrial sound meegekregen, elders dan weer een rauwe gitaar aanpak Best wel interessant. Benieuwd of deze band uit de schaduw van Archive zal kunnen treden.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Pagina 98 van 113