Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Deadletter-2026...
Concertreviews

Uz Jsme Doma

Uz Jsme Doma - Tsjechish monument nog niet in verval

Geschreven door

Wat laat vertrokken in de hoop dat de eerste band, waar ik na een korte kennismaking op het net niet veel van verwachtte, reeds tot het verleden zou horen. Niets was echter minder waar, La Jungle (een duo uit Mons) moest er nog aan beginnen en dat werd verdomd een aangename verrassing. Zelf omschrijven ze hun muziek als techno/kraut/trance/noise. Een bizarre combinatie die grotendeels klopte. De gitarist kon keer op keer verrassen met noise-achtige repetitieve motieven en liet een onzichtbare maar infecterende (techno) basbeat meelopen die voor een onweerstaanbare groove zorgde. En dan was er nog Rémy, een explosieve drummer, die ik aan het lijstje met fenomenale drummers die ik dit jaar zag gerust mag toevoegen, als kers op de taart. Slechts een paar keer deed de gitarist een voorzichtige poging om iets te zingen of was dat dan toch slechts een gevolg van acute kiespijn?

Het Tsjechische Uz jsme doma (spreek uit als oosh-smeh-dough-ma) heeft het communistisch regime nog meegemaakt en gaat dus al bijzonder lang mee (sinds ‘85). Al gaat het hier om voorman Miroslav Wanek die steeds andere muzikanten recruteert, de groep heeft toch een indrukwekkende staat van dienst waarin o.a. een samenwerking met The Residents. Hun muziek wordt doorgaans omschreven als complexe avant-garde met een punkspirit en een activistisch hart waarbij de nodige humor niet geschuwd wordt. Een hele hap maar dat was wel ongeveer hetgeen ik zag en hoorde, alleen die complexe avant-garde klonk hier verbazend toegankelijk.
Nee, die grillige structuren vonden ze eerder in de seventies progrock die ze verder bijkleurden met invloeden uit de Balkanmuziek en de punk. Die vele gekke stemmetjes deden dan weer denken aan Frank Zappa ten tijde van Howard Kaylan en Mark Volman, begin jaren ‘70. Miroslav Wanek, die ik voor de show nog even verwarde met één van Oostendes bekendste kroegbazen, bleek een erg minzaam man. Geen virtuoos op zijn instrumenten (vooral in de pianoles zal hij wel geen uitblinker geweest zijn) maar wat hij ermee aanving bleek altijd even onvoorspelbaar als doeltreffend. Tot tweemaal toe liet hij zich gaan in een ranzige gitaarexcursie, geheel op zijn eigen, met niemand te vergelijken, wijze. Naast hem zagen we een veel jongere drummer, een goedlachse bassist en een geweldige trompettist die voor een absolute meerwaarde zorgde. Op het einde charmeerde Wanek nog het publiek door enkele zinnen in zijn beste Frans te debiteren.

Echt van deze tijd klonk Uz jsme doma niet, het was veeleer een relikwie die met liefde gekoesterd dient te worden.

Organisatie: Le Watermoulain, Tournai

Beoordeling

Mø - rijzende popqueen

Geschreven door

Deens en razend populair in België. Dat bewees maandagavond nogmaals aan een uitverkochte en laaiend enthousiaste AB. De ene hit achter de andere werd gespeeld en het publiek danste totdat ze er bij neer vielen.

Iedereen kent Mø van haar featurings met onder andere Major Lazer en Justin Bieber, maar er is meer. Veel meer! Eerste hit “Don’t wanna dance” kon uiteraard niet ontbreken, en ook andere singles waaronder “Pilgrim” en “Kamikaze” kwamen aan bod.
Mø probeerde de Ancienne Belgique om te toveren tot danszaal, en dat werkte enorm goed. Overal zag je mensen springen en diegene die er in het begin precies niet zo veel zin in hadden, kreeg de Deense uiteindelijk toch in beweging.
Mø heeft charisma en uitstraling. Een popster herken je vaak aan de verschillende pakjes dat ze draagt, en dat maakt Mø net weer dat tikkeltje uniek. Geen pakjes, wel gewone kleren en uiteraard de kenmerkende lange vlecht op haar hoofd.
Hoogtepunt van de show was ongetwijfeld het tegenwoordig razend populaire “Final Song” waarop de AB nogmaals volledig uit zijn dak ging. Mø verdween nadien van het podium, maar niet finaal want ze kwam nog even terug voor een bisrondje. Nieuw nummer “Drum” werd nog snel aan het publiek voorgesteld en volledig afsluiten deed Mø met publieksfavoriet “Lean on”.

Na haar optreden werd heel duidelijk dat Mø het indieverhaal achter haar wilt laten en zich volledig wilt richten op de mainstream elektronica. Wat nog duidelijk werd is dat de wereld er een nieuwe popqueen bij heeft!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/mo-03-10-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/moonlight-matters-03-10-2016/

Organisatie : Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Lapsley

Lapsley – Meer dan de hipsterversie van Adele

Geschreven door

Holly Lapsley Fletcher, de frontvrouw van Lapsley, is amper 20 jaar. 20! Maar slaagde erin het de afgelopen twee jaar tot BBC Sound Of The Year te schoppen, ‘Long Way Home’ haar  full length debuutplaat te releasen en wereldwijd harten te veroveren. Oh, en daarnaast electroplaten te producen en al haar teksten zelf te schrijven.

Twee jaar geleden kostte het mij –omstreeks 15u op Pukkelpop- de grootste moeite mijn gezelschap mee te tronen naar Lapsley. Achteraf was iedereen, van dat gezelschap tot de voltallige Vlaamse pers, het erover eens: dit is een nieuwe popster in wording. Sindsdien maakte ze haar passage in verschillende Belgische zalen, op 31 maart van dit jaar stond ze al eens in de AB en nu afgelopen weekend nogmaals. Lapsley maakt mechanische soul en wordt ook weleens in het rijtje James Blake, The XX of Elliot Moss –waar het Belgische voorprogramma Yellowstraps ook duidelijk goed naar geluisterd had- genoemd.

Lapsley ziet er misschien uit als een Zweedse schone, ze is afkomstig uit Liverpool. Zelfs zonder haar mond open te doen doet ze al denken aan de hipsterversie van Adele, wanneer ze dat wel doet, is de vergelijking compleet. Maar Lapsley verdient meer dan een makkelijke vergelijking. Openen doet ze voorzichtig en met een nieuwe song. “Falling Short”, tweede op de setlist, knalt onmiddellijk. Het nummer ademt evenveel ballen als kwetsbaarheid. De doodse blik en droge vingerklik van Lapsley zorgen voor een afstand met het publiek. Maar wel eentje die ruimschoots goedgemaakt wordt door de soul in haar stem. En de clumseyness –“ik kan absoluut niet op hakken lopen”- die dienst doet als de perfecte bindtekst.
“Painter” schreef ze toen ze 17 was, zegt ze, terwijl ze plaatsneemt aan de piano en het nummer a capella aanvat. De volgende minuten zullen schommelen tussen de kinderlijke onschuld van een xylofoon en de verzwelgende dreiging van de drums. Een dreiging die tot kippenvel aanzwelt wanneer Lapsley zelf haar eerste stem ondersteunt met een tweede mechanisch, bijna buitenaards geluid.
Een trucje dat ze ook in “Station” herhaalt en het nummer naar een hoger niveau tilt. Een absoluut hoogtepunt. “Love is Blind”, meer naar het einde van de set geschoven omwille van zijn dansbaarheid, is een onmiskenbaar popnummer, maar scheert weinig hoge toppen.
De drie muzikanten, drie exacte kopietjes in het zwart, met ronde bril en opgekruld mutsje, verdienen ook wel wat lof, maar blijven jammer genoeg zo goed als onzichtbaar gedurende het optreden.

“Falling Short” en Painter werden in 2014 en 2015 al gereleased, haalden het nu ook op de debuutplaat en werden vlot meegelipt door het publiek. En met reden. Het zijn de sterkste nummers van de plaat. Of de eerste. De rest lijkt meer van hetzelfde. Binnen een spectrum van licht verteerbare pop, naar warm digitaal minimalisme. Van intiem tot een klein beetje saai. De set kabbelt voort. Op zang en beats is niets, of toch niet veel, aan te merken. Maar dat is het net. Liever een uitschuiver door een niet altijd weloverwogen risico, dan helemaal geen. Lapsley kan meer. Geef ze wat tijd, ze is amper 20.

Organisatie:
Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel  

Beoordeling

Mike Watt

Mike Watt - Legende van de jaren tachtig

Geschreven door

Mike Watt en King Champion Sounds
N9
Eeklo
2016-10-01
Nick Nyffels

Een absolute legende van de Amerikaanse underground stond op zaterdag in de N9 in Eeklo: Mike Watt. Mike Wie? Wel iedereen kent een nummer van hem, maar niemand beseft dat het van Mike Watt’s Minutemen is: “Corona” uit ‘Double nickels on the dime’ uit 1984 is het kenwijsje van MTV’s Jackass met Johny Knoxville en Steve-O. Wij leerden Watt kennen in 1995 met zijn solo album ‘Ball Hog or Tugboat?’, zijn solodebuut dat hij opnam met de crème de la crème van de alternatieve scene: J Mascis, Frank Black, Evan Dando, Mark Lanegan, Dave Grohl, Flea en Eddie Vedder, om er maar een paar te noemen.
Sindsdien heeft Watt in verschillende bands en projecten gespeeld, onder meer met Wilco gitarist Nels Cline en ook als live bassist bij de reunie van The Stooges.

In Eeklo stond Mike Watt er als Il Sogno del Marinaio, ofte de droom van de zeeman, een trio dat hij met twee Italianen, Stefano Pilia en Andrea Belfi opgezet heeft. Watt, met zwarte ziekenfondsbril, introduceerde de band, en zei vereerd te zijn dat een select Eekloos publiek er voor had gekozen om op zaterdagavond naar zijn muziek te luisteren. Il Sogno del Marinaio speelde rock met een jazz insteek, veel instrumentale nummers, met veel dynamiek en tempowisselingen, en de kenmerkende met de deur in huis vallende basstijl van Watt: van zacht ging hij plots over naar hard, krachtig en dominant. Soms zong Watt, maar meestal was het dus instrumentaal, met veel gitaarsolo’s, hoekig, soms kubistisch van inslag en dikwijls met vijf nummers die  in een enkele song gedrumd werden. Je kon het een beetje vergelijken met het Belgische Stuff. Naast nummers in het Engels, kregen we ook nummers in het Italiaans, en omdat de drummer tegenwoordig in Berlijn woont, ook in het Duits. Toen de gitarist een snaar brak, bewees Watt ook een volleerde stand up comedian te zijn. Tijdens de bisronde kroop er een funkske tevoorschijn, Nile Rodgers zou er trots op geweest zijn.

De hoofdact vanavond King Champion Sounds is een Nederlands-Engelse band rond zanger G.W. Sok van The Ex, aangevuld met een aantal jonge honden. Mike Watt speelde op de laatste plaat van King Champion Sounds, maar kon vanavond niet mee spelen omdat ze vroeg de ferry moesten nemen voor hun volgende optreden in Sheffield. Waar Watt een heel diverse, grillige set bracht, was King Champion Sounds veel duidelijker en eenvormige van klank: GW Sok, zijn tekstvellen in de hand, declameerde zijn nummers in jaren tachtig stijl, ondersteund door een new wave bass, en dit contrasteerde met de vrolijke blazers. Dit was voer voor de dansvloer, feestmuziek voor fans van The Fall, Gang of Four, The Pop Group, Madness en ska in het algemeen.

Het voorprogramma had een link met de hoofdact: Deutsche Ashram is een Nederlands duo dat bestaat uit de gitarist van King Champion Sounds, Ajay Saggar, en zangeres Merinde Verbeek. De ritmesectie stond op de computer, en verder hoorden we een geluid dat het ging gaan zoeken bij Beach House, Mazzy Star en new waveklanken. Charmant.

Organisatie: N9, Eeklo

Beoordeling

Moderat

Moderat - Beats voor de meerwaardezoeker

Geschreven door

De Berlijnse underground dance-scene wordt groot, dat kunnen we toch besluiten na het uitverkochte concert van Moderat in Vorst-Nationaal. Uitverkocht, wil in dit geval zeggen de kleine versie van Vorst, zonder de bovenste ring, maar niettemin blijft het een prestatie die we nooit verwacht hadden toen we Moderat de eerste keer zagen op Pukkelpop 2009. Hun debuutalbum hebben ze ook met de nieuwe plaat ‘III’ niet overtroffen, maar toch hebben ze hun aanhang gestaag weten uit te bouwen. Wat ons nog heel goed bijstaat van die Pukkelpop-passage waren de uiterst verzorgde visuals die de elektronica van Moderat naar een hoger plan brachten, en dit was ook de sterkte vanavond in Vorst.
Uiteindelijk is een elektronisch trio niet zo interessant om naar te kijken, dus sterke visuals zijn een must voor een boeiende concertavond. Net als Kraftwerk pakken Sascha Ring (Apparat), Gernot Bronsert en Sebastian Szary (beiden ook aan de slag als Modeselektor) met ‘Deutsche Grundlichkeit’ het design van muziek en beeld als een ‘Gesamtkunstwerk’ aan. Vóór aanvang van het concert vroeg Moderat om geen flits te gebruiken, om de sfeer van hun donkere projecties te bewaren zodat iedereen de Moderat-ervaring kon ondergaan. Voor een concertfotograaf was dit dus een heel ondankbaar concert, maar dat belette niemand in het publiek om toch uitgebreid foto’s en filmpjes te schieten met de smartphone tijdens het concert, die waarschijnlijk achteraf toch verwijderd werden wegens veel te donker en onscherp.

Moderat begon met “Ghostmother”, waarin Sascha Ring de eerste keer zijn ijle stem over de beats liet glijden, met passende beelden van schimmige, amorfe vormen die als het ware uit de duistere diepten van de zee opdoken. Mijn absolute favoriet, “ A new error”, met zwart-witte projecties van bewegende handen, werd ook door het publiek op herkenningsapplaus onthaald. De huidige single “Running” combineerde de elektronische Radiohead met acid house, beats voor de meerwaardezoeker dus, maar altijd dansbaar, een beetje als Underworld bij momenten, maar nooit met een simpele vierkwartsbeat, maar altijd met breakbeats die de bouwstenen zijn die deze producers naar believen toevoegden of weglieten, zoals een stel meesterkoks die hun kunnen etaleerden. “Rusty nails” was sensueel, ook door de projecties van spookachtige figuren in wapperend textiel. “Reminder” klonk als een samenwerking tussen Jonsi van Sigur Ros en Breakbeat Era.
Wij genoten vooral van de meer stevige nummers, omdat de zang van Sascha Ring in de rustige nummers op de duur toch wel wat eentonig klonk. Beelden van versplinterde betonblokken kondigden een stevige versnelling van het tempo aan, het publiek ging echt loos op een trance nummer dat sterk opbouwde en mij deed denken aan een mix van “King of Snake” van Underworld met “French Kiss” van Little Louis. Er zijn slechtere mash-ups denkbaar. “Last time” ging het in de jaren tachtig zoeken, bij Depeche Mode en Human League. “Les grandes marches” was het hoogtepunt van het concert, een langgerekte climax van de eerste tot de laatste minuut, gevolgd door een hard inkomend “Nr. 22”. De lichtshow speelde daar passend op in met vloeiende laserlijnen. We kregen ook nog een comic strip in de stijl van Charles Burns (voor wie deze comic tekenaar niet kent, de hoes van Iggy  Pop’s ‘Brick by brick’ is van hem) dat “Bad kingdom” illustreerde met een opeenhoping van clichés uit de film noir.
Het einde van het concert zakte een beetje in met “The fool” en “Intruder”, beiden iets te veel downtempo om het concert mee af te sluiten, gelukkig riep het publiek Moderat nog eens terug voor “Versions”, een stevige psychedelische stamper zoals we die kennen van The Orb.

Moderat bewees vanavond een grote zaal aan te kunnen. Festivalprogrammatoren, doe eens zot en zet die mannen eens als afsluiter op de main stage ipv voor de elfendertigste keer Chase & Status of Chemical Brothers te programmeren. ‘Moderat ist
fertig’!

Setlist: Ghostmother – A new error – Running –Abandon Window – eating hooks –Rusty  nails –reminder –animal trails – last time – Les grandes marches –nr. 22

Milk – bad kingdom – the fool – Intruder – Versions

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Nickelback

Nickelback – Haters krijgen lik op stuk

Geschreven door

Volgens sommigen verdienen ze de titel van meest gehate band ter wereld, volgens anderen zijn de Canadezen dan weer  één van de beste rockbands ter wereld. Een tot de nok gevulde Lotto Arena bewees ondanks al het namedroppen dat Nickelback nog een grote schare fans heeft in ons Belgenlandje.

Opwarmer van de avond is Monster Truck. De band afkomstig uit Hamilton, Ontario lanceerde met ‘Sittin’ Heavy’ (2016) een tweede album en mag die vanavond deels promoten. De band die deze zomer nog op de affiche van Graspop Metal Meeting prijkte, stelt niet teleur. Hun experimentele rock ’n roll met invloeden uit de hard and blues rock werkt aanstekelijk en het duurt niet lang voor de eerste hoofden gestaag het aangegeven ritme van drummer Steve Kiely volgen. Zanger en bassist Jon Harvey is goed bij stem en toetsenist Brandon Bliss neemt ons bij momenten mee naar de symfonishe rockwereld van Kansas. Mijns inziens een meer dan geslaagde opener die het afzakken naar de arena al waard maakt.

Rond 21.25 u., met een 25-tal minuten vertraging,  floepen de witte spots van de grote rondboog op het podium aan en maakt de duisternis plaats voor een zee van licht. Op het podium verschijnt de band waar de hele avond om draait: Nickelback. Een luid gejoel stijgt op vanuit het publiek en Chad Kroeger en co antwoorden met protest song “Edge of Revolution”. Het lied wordt met zoveel muzikale energie gebracht, dat de mensen op het middenplein bijna letterlijk en figuurlijk uit hun sokken geblazen worden.
Na een hartelijke begroeting door een fris ogende Chad, zonder golvende manen weliswaar, volgen “Something in your Mouth”, “Animals” en “Too Bad”.  Een eerste gevoelige snaar wordt beroerd door “Far Away”, gevolgd door “Photograph”. Romantiek wordt blijkbaar gesmaakt in het publiek en de sfeer doet bij momenten denken aan  een prom night.
Monsterhits als “How you remind me”, “Hero” (Chad Kroeger) en “Rockstar” kunnen (uiteraard) rekenen op veel bijval en zorgen ervoor dat menig stemmetje schor zal zijn de volgende dag.  
Na de geslaagde Foo Fighters cover “Everlong” drukken de Canadezen nog een laatste maal hun stempel met “Burn it to the Ground”.

Hoewel het lijkt alsof we het hoogtepunt van de charmerockers reeds een tiental jaren geleden gehad hebben, bewijst dit optreden dat de band nog steeds in staat is om een zaal in vuur en vlam te zetten. Dit was een meer dan geslaagd optreden waarmee Nickelback overtuigend ‘the haters’ lik op stuk geeft.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/monster-truck-30-09-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/nickelback-30-09-2016/

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Moose Blood

Moose Blood – Een draaikolk vol emoties

Geschreven door

Moose Blood zit momenteel erg in de lift. In eigen land, UK,  is de band de nieuwste trots voor de emotionele rockliefhebbers, in Europa is de band langzaam maar zeker aan zijn opmars bezig. De nieuwste plaat ‘Blush’ kwam uit op het befaamde Hopeless Records waar bands als All Time Low, Sum 41 en Yellowcard deel van uitmaken. Het resultaat is een toegankelijke plaat vol stadionanthems waarop het volledig publiek de nummer luidkeels kan meezingen. Voorlopig nog in een kleine zaal als La Péniche maar binnenkort in gigantische zalen.

De looks hebben ze alvast mee, vooral frontman Eddy Brewerton dan. Met een felwitte T-shirt, een lichaam vol tattoos en een zwarte muts is hij de droom van alle jongedames die vooraan post vatten. Naast dit idool staan nog drie muzikanten die een klein beetje verdwijnen in de spotlights, gericht op de frontman. Muzikaal start de set erg catchy met “Pastel” en horen we een streepje van The 1975. Een misleidend begin want niet veel later met “Honey” gieren de gitaren door de boot ; een orkaan-gevoel.
De pop punk van Moose Blood wordt met zoveel overgave gebracht dat het lijkt op emo rock als van Brand New of Modern Football. Op “Bukowski” begint het publiek voor het eerst gezamenlijk mee te zingen en dit blijven ze doen tot het eind van het concert. De stem van Eddy Brewerton is erg rauw, passioneel en bij de grote uithalen erg toonvast. Schreeuwen doet hij net niet maar in de luide refreinen neigt het er wel naar. In de ontroerende songs wenst hij het pijnlijke gevoel te associëren met zijn vocals.

De hartstocht van Brewerton maakt dit concert zo sterk. Nog meer valt het op bij de oudere songs als “Boston” en “Cherry”. “Cherry”  biedt zelfs rust in het concert, enkel zang en een kalme, rustgevende gitaar , die het nummer boordevol liefde en overgave biedt. Niet veel later volgen dan weer vette riffs, lekkere solo’s en een sound die de post rock fan siert, o.m. op een “I Hope You’re Missing Me”.
Naar het einde toe teert de band vooral op hun nieuwste plaat . Die songs hebben een grote meezingwaarde. De hechte schare fans schreeuwen hun geluk uit op “Sulk” of “Shimmer”. Ze beginnen te springen, gaan aan het dansen en zingen luidkeels mee. De band speelt de nieuwe duidelijk met een ‘happy feeling’ . Er valt zelfs een lach te bespeuren op de gezichten. Moose Blood sluit af met “Knuckles” , een bis-ronde  blijft uit .

Moose Blood - Een set van net geen uur , boordevol stevige songs en een gefascineerd zanger als emotioneel hangijzer.


Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Beoordeling

Yak

Yak - Wat een band!

Geschreven door

Yak kwam donderdagavond hun eerste album ‘Alas Salvation’ aan het publiek voorstellen. Een support act was er niet, maar wij vonden daar geen reden voor. Yak moest volledig in de spotlight staan om te overtuigen en niemand met een slecht gevoel naar huis te laten gaan. En dat gebeurde.

Yak zijn twee Britten en een Nieuw-Zeelander die in de UK al een fikse podiumreputatie hebben opgebouwd en die klaar zijn om nu ook de rest van de wereld te overtuigen. Na het beluisteren van debuut ‘Alas Salvation’, dat in mei uitkwam, ben je eigenlijk in drie woorden uitgepraat: Wat een plaat. Ook bij hun optreden in de Witloof Bar was dit niet anders. 3 kwartier vol noise, punk, pop, garagerock. Zolang het maar hectisch bleef. Nummers vol anarchie waaronder “Victorious”, “Roll Another” en “Curtain Twitcher” werden uit die eerste gespeeld. Punky, maniakaal, strofes- en een refreinuitspuwende zanger, drumstokken die hels tegen de drumvellen kletterden en simplistische gitaarrifs is wat je die avond kon zien. En dat allemaal op 1 podium.

YAK kwam, zag en overwon meer dan ooit. Dit optreden gemist? Dan krijg je sowieso een herkansing volgende festivalzomer, want deze band kan wel eens de underground revelatie van 2017 worden. Je bent gewaarschuwd!

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Pagina 179 van 386