logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
The Wolf Banes ...
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 27 april 2017 03:00

The Texas-Jerusalem Crossroads

Sommige platen zijn een eeuwig leven als cultklassieker beschoren, nooit hebben zij van enig commercieel succes mogen proeven maar tot in het oneindige worden ze aanbeden door een select kransje liefhebbers. ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ van Lift To Experience is zo een plaat. Het is ook het enige album dat ooit door dit Texaanse trio werd gemaakt, ondertussen al 16 jaar geleden, en het is een parel van het zuiverste water.
Op vandaag komt ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’  in een geremasterde versie terug op ons af. De plaat is door Mute Records/Pias terug opgevist en werd voor deze heruitgave in een fraai nieuw hoesje verpakt. De nieuwe release is gelukkig gespaard gebleven van overbodige bonus tracks, alternatieve versies of wat dan ook. Een chef d’oeuvre als dit behoeft geen extraatjes.
Op zich vonden wij trouwens niet dat er iets mis was met het origineel, maar dankzij deze remixing of remastering (wat dat dan ook moge inhouden) komt dit miskende meesterwerk terug in de schijnwerpers te staan, en dat is een bijzonder goede zaak.
‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ is een prachtige symbiose van het desolate gitaargeluid en de bezielde vocals van frontman Josh T Pearson, een domineeszoon uit het diepe Zuiden van de States. Pearson predikt de songs op een begeesterende toon ergens tussen Jim Morrison, Jeff Buckley en Dave Eugene Edwards. De gitaar dwaalt sporadisch rond in shoegaze-land en manifesteert zich elders als een voorbode van een soort woestijn-post-rock die het pad geëffend heeft voor bands als Explosions In The Sky en Mono. “These Are Days”, dat minuten uitloopt via een leegbloedende gitaar, is dan weer pure Sonic Youth. Maar hoezeer wij het elders ook mogen gaan zoeken, dit album onderscheidt zich vooral door een eigen geluid, een mysterieuze en intrigerende sound die nergens zijn gelijke kent.
Gitaarnoise wordt vaak afgewisseld met verstilde pracht, maar altijd gaat het ergens naar toe, al is het een eind buiten de horizon. Bovenal schitteren hier overwegend lange songs die als ratelslangen doorheen het barre woestijnland sluipen en op gepaste momenten fataal naar hun prooi uitpakken, check het fenomenale “With Crippled Wings” dat 10 minuten lang zalft en stenigt tegelijkertijd.
‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ is vooral een plaat die zijn luisteraars meesleept op een innemende road trip doorheen het diepe Zuiden van de States en daarbij nogal wat bizarre verhalen en ervaringen op zijn pad tegenkomt. Een unieke trip, dat was het 16 jaar geleden ook al, maar weinigen hadden dat toen door. Laat ons hopen dat de plaat met deze heruitgave nu wel de erkenning krijgt die ze verdient.

“Komt er hier een tournee van ?” horen wij u al luidop denken. In zijn korte bestaan heeft Lift To Experience immers niet zo gek veel op het podium gestaan. Wij hebben de band toch één keer mogen meemaken op een onmogelijk vroeg uur in een halflege Marquee-tent op Pukkelpop. Daar mochten wij de magie van dit trio even aan den lijve ondervinden, en dat is iets wat een mens niet vergeet. Het duurde maar een halfuurtje, in hun geval goed voor amper een viertal tracks, en dat was natuurlijk veel te kort om ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ in vol ornaat te bewonderen.
Wij snakken dus nu meer dan ooit naar een integrale live uitvoering van dit meesterstuk. Er is een waterkansje, in de States heeft de heruitgave van ‘The Texas-Jerusalem Crossrads’ al tot enkele reünieconcerten geleid. Lift To Experience mocht zelfs aantreden op het befaamde SXSW, een festival waar doorgaans jonge en nieuwe bands worden opgevoerd, maar hier ging het dus duidelijk om het herontdekken van een band die veel te lang onder de radar is gebleven.
In Europa blijft het voorlopig beperkt tot één geplande showcase ergens in juni in Engeland. Doch wij blijven vooral hopen.

Michael Chapman & Steve Gunn  - Virtuoso’s on stage, maar mag het iets meer zijn?
Michael Chapman & Steve Gunn
Vooruit (Theaterzaal)
Gent
2017-04-12
Sam De Rijcke

Laat ons even toe om u uit te leggen waarom wij, na het ondergaan een tweetal uurtjes virtuoze en verfijnde akoestische gitaarmagie, vanavond toch met een gevoel van ontgoocheling die fraaie Theaterzaal van de Gentse Vooruit zijn buiten gewandeld.

De Engelse jarenlang onderschatte folkrock-veteraan Michael Chapman heeft na een carrière van 50 jaar en een slordige 25 albums eindelijk zijn welverdiende erkenning gekregen met het album ‘50’, een juweeltje die wereldwijd terecht met lof werd overladen. De plaat is zo sterk is omdat de prachtige akoestische folksongs van Michael Chapman op de achtergrond uiterst knap ondersteund worden door de heerlijke elektrische gitaarpartijen van … jawel Steve Gunn, de jonge gitaargod die ook de productie van ‘50’ heeft verzorgd.
Als beide heren dezelfde affiche delen dan zou je toch op zijn minst verwachten dat ze voor enkele songs samen op het podium staan. Helaas, vandaag kregen we gewoon een uurtje Michael Chapman netjes gevolgd door een uurtje Steve Gunn. Hadden de twee klasbakken zoveel respect voor elkaar dat ze niet in mekaars vaarwater wilden zitten ? Geen idee, maar wij vonden het vooral een gemiste kans.

Begrijp ons niet verkeerd, de fraaie en bezielde songs van Michael Chapman bleven wel duidelijk overeind in hun uitgeklede versies, en zijn fingerpicking werk was bij vlagen wonderlijk, maar hoe mooi zou het niet geklonken hebben als Steve Gun de songs van enige omlijsting had voorzien met zijn fraaie doch niet opdringerige elektrische gitaar, zoals hij dat zo magistraal doet op ‘50’.
De sympathieke Chapman wist ons wel te entertainen met een handvol knappe songs die opgeluisterd werden met virtuoos gitaarwerk, zoals onder meer een fantastisch “Memphis In Winter” dat hier niets aan intensiteit moest inboeten. Een begenadigd zanger is Chapman zeker niet, maar hij klonk wel doorleefd en eerlijk, met een stem die volledig in functie stond van de integriteit van de songs. Het vakwerk van Chapman deed ons bij vlagen denken aan Tony Joe White of JJ Cale, en dat zijn natuurlijk niet van de minsten.

Ook tijdens de set van Steve Gunn (zie pics homepag) vonden wij het maar al te jammer dat er in heinde en verre geen elektrische gitaar te bespeuren was. Gunn is met name een gitarist van het slag Kurt Vile (waarmee hij nog samen heeft gespeeld), Tom Verlaine, Adam Granduciel (The War On Drugs), Chris Forsyth, Cian Nugent en onze eigen Bert Dockx, stuk voor stuk instrumentalisten die prachtige dingen doen met een elektrische gitaar zonder dat ze daar zo nodig een batterij powerakkoorden moeten uit halen. Het is net dat fraaie elektrische gitaarwerk, die van het recente ‘Eyes On The Line’ zo een geweldig plaatje maakt, dat we hier misten. Dus bleven wij wederom een beetje op onze honger zitten omdat Steve Gunn bij het uitkleden van zijn songs toch een paar essentiële componenten moest afleggen.
Jazeker, bloedjes van songs als “Ancient Jules”, “Way Out Weather” en “Old Strange” waren ook in hun sobere akoestische versie niet kapot te krijgen en moesten niets van hun innerlijke pracht prijsgeven, maar er ontbrak toch wat variatie en diversiteit in de hele act. Bovendien presenteerde een ietwat schuchtere Steve Gunn zich nu ook niet bepaald als een spraakwaterval en gaf hij zelfs een beetje een verveelde indruk. Hoewel hij met de nodige toewijding zijn songs bracht, liep ook zijn stem niet over van de intonatiewisselingen. Maar dat hij een verdomd aardig potje akoestische gitaar kan spelen, daar bestond geen twijfel over.

Zowel Michael Chapman als Steve Gunn lieten vanavond de songs voor zich spreken. Fair enough, maar soms mag het iets meer zijn.

Organisatie: Vooruit, Gent

dinsdag 11 april 2017 02:00

Grandaddy - Opa in topconditie

Het is ondertussen al 20 jaar geleden dat Grandaddy de neus aan het venster kwam steken met het lo-fi indie-pareltje ‘Under The Western Freeway’, een plaat die hen meteen geliefd maakte in het indie wereldje. Drie jaar later kwamen ze met een tweede meesterwerkje opzetten ‘The Sophtware Slump’, een huzarenstukje die ze later niet meer zouden kunnen evenaren, ook al waren ‘Sumday’ (2003) en ‘Just Like The Fambly Cat’ (2006) zeer verdienstelijke plaatjes. Daarna hield Grandaddy het jammerlijk voor bekeken. Tot nu dus.

Frontman Jason Lytle maakte ondertussen wel twee fijne soloplaatjes, maar wij zijn maar al te blij dat hij op vandaag zijn ouwe makkers terug heeft bijeen geroepen en daar het voortreffelijke ‘Last Place’ mee heeft ingeblikt, een plaat waarin de draad terug wordt opgenomen en die typische sympathieke Grandaddy sound nieuw leven wordt ingeblazen.
Uit die nieuwe plaat werd vanavond gegrepen naar fijne juweeltjes als “Way We Won’t”, “The Boat Is In The Barn”, “I Don’t Wanna Live Here Anymore” en “Evermore”, allemaal bijzonder fijne songs die hier schitterden tussen een resem onvervalste klassiekers. En die klassiekers, die stuk voor stuk nog niks van hun pluimen verloren waren, kwamen tot onze grote vreugde grotendeels uit die twee fameuze albums uit 1997 en 2000.
De jarenlange stilte heeft Grandaddy blijkbaar goed gedaan, want de herboren band kwam bijzonder fris en levendig uit de hoek. De songs klonken strak en soms best wel stevig, met de gitaar van Jim Fairchild in een glansrol. Natuurlijk was het fantastische “AM 180”, met dat heerlijke speelse orgeldeuntje, een absoluut hoogtepunt, samen met “Laughing Stock”, “Hewlett’s Daughter”…. en eigenlijk alle anderen, want zowat alles was prachtig vanavond. Maar laat ons toch niet vergeten om het kippenvelmoment “He’s Simple, He’s Dumb, He’s The Pilot” de hemel in te prijzen, want dit was van een onaardse pracht en schoonheid. Dit heuse Grandaddy-monument was, afgaande op de applausmeter, de uitgesproken winnaar van de avond. Doch het enthousiasme van het publiek loog er heel de avond niet om, Grandaddy werd hier na elke song op luid gejuich onthaald, en dat hadden ze volledig aan hun sterke performance en onsterfelijke songs te danken.
Als ultieme punch liet Grandaddy als bis een fel en onstuimig “Summer Here Kids” op het publiek los, een levendige afsluiter van een prachtconcertje waar we maar één bemerking op hadden : Te kort ! Amper een uur en een kwart. Grandaddy had ons hier vermaakt met een dozijn prachtsongs, maar evenveel waren er in de kast blijven liggen. Maar goed , overdaad schaadt, laten we dus positief blijven en tevreden zijn met al dat fraais die Grandaddy ons wel presenteerde.

Grandaddy was uitermate fantastisch ! Ze zijn wel degelijk terug.

Organisatie: Aéronef, Lille

zondag 09 april 2017 03:00

Soulwax - From Deewee To Stage

Soulwax - From Deewee To Stage
Soulwax
Aéronef
Lille
2017-04-07
Sam De Rijcke

Dat Soulwax terug is, zullen we geweten hebben. Het lijkt er op alsof de media kost wat kost de band extra moet pushen met het oog op de komende festivalzomer. Er moet precies een nieuwe hype worden gecreëerd, want de Belgische pers is wel héél euforisch over de nieuwe plaat ‘From Deewee’. Wij zijn iets meer terughoudend, het album is meer dan OK, bij momenten zeer verfrissend zelfs, maar echt vernieuwend ?  Niets van, eigenlijk zitten we hier met een retro plaat die nadrukkelijk teruggrijpt naar de synths van Kraftwerk, Depeche Mode en …ja, zelfs Tangerine Dream. De broertjes Dewaele hebben er ook heel wat extracten uit de DFA stal van LCD Soundsystem in gedropt, het bandje van hun maatje James Murphy.

Wat we de plaat wel moeten toegeven, is dat ze vrij consistent klinkt er nagenoeg de ganse rit de spanning in houdt zonder dat daarbij echt over de rooie wordt gegaan.
Dat is ook het concept dat Soulwax naar het podium probeerde te brengen, een goed uitgedokterde trip maar geen uitbundig feestje. Zij die naar hier waren gekomen om met Soulwax eens goed uit de bol te gaan , kwamen wat bedrogen uit. Diegene die de nieuwe plaat in levende lijve wilden ondergaan kwamen wel mooi aan hun trekken. ‘From Deewee’ bleek ook live moeiteloos overeind te blijven, hoewel er hier en daar nog wat aan de uitvoering mocht geschaafd worden.
Soulwax hield het immers strak en kleurde maar sporadisch buiten de lijntjes die ze met ‘From Deewee’ hadden uitgezet, maar ze pakten wel uit met maar liefst drie drummers. Een formidabele zet en een absolute meerwaarde die het ganse optreden lang extra kleur gaf aan de wat klinische sound van het album. Met name “Missing Wires”, “Is It Always Binary” en het groovy “Do You Wanna Get Into Trouble” kregen met al dat drumwerk een flinke boost. Ook “Masterplanned” en “Transient Programs For drums And Machinery” leken ons blijvertjes, maar het zou niet mis zijn mochten die iets meer buiten hun oevers kunnen treden.
Hoe knap en fris die nieuwe songs ook mochten klinken, toch hadden we het gevoel dat Soulwax zichzelf met dit nieuwe opzet een beetje te veel in een strak keurslijf had gewrongen. De anders zo avontuurlijke broertjes Dewaele hielden zich te zeer aan de plaatversies, hoewel wij de indruk hadden dat een handvol van die nieuwe songs in hun live uitvoering nog aardig wat groeipotentieel in zich hebben, en dan wel richting dansvloer. Het was aan de ene kant genieten van de frisheid van het nieuwe materiaal en tegelijkertijd was het stiekem verlangen naar  ‘From Deewee, Nite Versions’.
Het was duidelijk dat het publiek zich best wel kon inleven in de nieuwe ‘Deewee’-sound, maar het dak ging er pas echt af met die songs waarin Soulwax als vanouds nog eens echt loos ging. Middenin de ‘From Deewee’ songs had “Krack” al een eerste keer het vuur aan de lont gestoken en op het einde kwamen krakers als “NY Excuse” en “E Talking” doen waarvoor ze gemaakt waren, namelijk de boel op zijn kop zetten.


Een blij terugzien met The Men In Suits. Na vanavond zijn wij er trouwens van overtuigd dat een set als deze nog hopen sterker en uitbundiger kan worden, eens alle remmingen overboord zijn gegooid en de beats nog wat zijn aangewakkerd. Want hiermee kan Soulwax nog alle kanten uit. Het ziet er dus goed uit voor de festivals.

Neem gerust een kijkje naar de pics van de set in de AB, Brussel , 12 april 2017
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/soulwax-12-04-2017/

Organisatie: Aéronef, Lille

 

vrijdag 07 april 2017 02:00

Pallbearer - Heftige slow motion metal

Aan de vooravond van hun passage in de Botanique heeft Pallbearer  (Arkansas, USA) het geweldige ‘Heartless’ uitgebracht, een album dat zich met zijn logge kracht al enkele dagen in ons brein heeft vast geankerd. De band komt de plaat voorstellen in de sfeervolle Rotonde waar ze een zwaar, duister en mistig geluidsgordijn optrekken. Pallbearer heeft zijn biotoop in de donkere krochten van doom-metal en ook de groepsnaam, vrij vertaald ‘lijkdrager’, laat weinig vrolijke deuntjes vermoeden. Pallbearer doet het slow en heavy, de massieve slepende metal klinkt bij momenten loeihard maar er kan ook regelmatig naar adem gehapt worden via verstilde passages en glasheldere gitaarbeekjes.

Pallbearer blinkt uit in overwegend lange solide songs waarin een emotionele diepgang ontluikt van achter die stevige geluidsmuur. De grondvesten zijn vervaardigd volgens de aloude Black Sabbath formule, maar Pallbearer heeft in een geheel eigen stijl daarop een mooi complex van uitgedokterde songs gebouwd. “Dancing In Madness” is zo een parel van het zuiverste water waar glooiende gitaren verbroederen met zware riffs en ijle vocals. De song loopt vlotjes boven de 10 minutengrens, en het is elke seconde genieten. Nog zo een majestueuze  knaller is het ruigere meesterstuk “Worlds Apart” uit hun vorige plaat ‘Foundations Of Burden ‘. Ook deze fenomenale motherfucker van een song scheurt een eind weg tot ie tot ver boven de wolken uitstijgt. Een trance oproepen noemen wij dat dan, en dat lijkt hier aardig te lukken want die intense zwaargebouwde Pallbearer-sound gedijt prima in de heerlijke Rotonde, een prachtzaaltje waar de bandleden vol lof over zijn. Vandaar dat ze hier wellicht één van hun beste concerten tot op heden weten te brengen.

Zoals vaak bij dit soort bands moet ook Pallbearer het niet van een verschroeiend tempo hebben, maar eerder van rijzige en krachtige bulldozers van songs die zich ergens tussen nevel en duisternis bevinden en daarbij een bijzonder verslavende werking veroorzaken. Geen oeverloos trash-geweld, wel een overwegend heavy geluid die vaak door merg en been snijdt en waarin fijne nuances zijn uitgewerkt. We denken spontaan aan Sleep, Windhand of Earth, maar soms ook aan Metallica die door hun psychiater bewust op downers zijn gezet (het gitaarintermezzo in “Thorn” bijvoorbeeld lijkt te zijn weggelopen uit zo een typische Metallica ballad en ook “Lie Of Survival” heeft in de tragere passages van ‘The Black Album’ zitten graaien).
Een wondermooi en flink uitgesponnen “A Plea For Understanding” weet de gevoelige post-metal snaar te raken, terwijl de bronstige afsluiter “Foreigner” (de oudste song van de avond) de heaviness terug aanwakkert en er in een apocalyptische bui nog een flinke snok aan geeft. Een uitvoerige mokerslag die kan tellen als krachtige afsluiter van een avondje verbluffend stevige en uitgedokterde doom-metal.


Doe uzelf een plezier en schaf hun laatste pronkstuk ‘Heartless’ aan. Wij hebben hier alvast een fraai vinyl-exemplaar op de kop getikt en dat door de voltallige band laten signeren op die prachtige binnensleeve. Een lekker vinyltje, toch nog altijd veel straffer dan die verdomde Spotify, nietwaar ?
Pallbearer is op 23/04 nog te bewonderen op Roadburn, een festival die hen op het lijf geschreven is.

Organisatie: Botanique, Brussel

donderdag 09 maart 2017 01:00

Nightmare Logic

Power Trip, het beestige hardcore-trash-metal combo uit Texas, pakt op ‘Nightmare Logic’ uit met hondsbrutale metal die recht op doel afgaat. Het allesverwoestende album beukt met volle geweld de deuren in en slaat ondertussen alle ramen aan diggelen. Het staat bol van moordriffs, extreem vette trash-gitaren, bloeddorstige vocals en een pompende ritmesectie die de boel onverbiddelijk aan flarden rijt.
Acht barbaarse songs worden er in een dik half uur met een rotvaart doorgejaagd en ze richten flink wat averij aan. Geen tijd voor franjes of rustpuntjes, laat staan ballads. Er is maar één richting en dat is rechtdoor, alles wat men onderweg tegenkomt wordt meedogenloos verpletterd.
Dit is van de meest furieuze en directe metal die er dezer dagen te vinden is. Hiermee vergeleken is Metallica een loungegroepje en Slayer een balorkest.

dinsdag 14 maart 2017 01:00

Grails - Sfeervolle post-rock noir

Hoewel het al hun vijfde plaat was, kreeg Grails pas onze volle aandacht in 2008 bij de release van het geweldige ‘Doomsdayer’s Holiday’, een album waarop de band een soort filmische heavy post-rock serveerde die ons fel intrigeerde.
Met ‘Deep Politics’ uit 2011 evolueerde het geluid naar een meer psychedelische en zwevende sound met hier en daar wat dubinvloeden. De zware rock werd wat naar de achtergrond geschoven, maar het unieke geluid van Grails bleef ongeschonden. De nieuwe ‘Chalice Hymnal’ lijkt daar het logische gevolg op, een verdere uitdieping van een prachtige eigen stijl die zich perfect zou kunnen nestelen in een cinema-noir omgeving. De songs worden niet zelden ingekleed met strijkers en spreken tot de verbeelding dankzij sterke arrangementen, oosterse invloeden en gevatte tempowisselingen.

De strijkers waren live niet van de partij, en dat zorgde ervoor dat de instrumentale muziek van Grails op het podium toch wat meer teruggreep naar de geestdriftige, vaak hevig rockende sound van de eerste platen. Het had de intensiteit van de stevigste Mogwai of Russian Circles, de avontuurlijkheid van Goat, de psychedelica van vroege Pink Floyd, de finesse van Explosions In the Sky en de flow van All Them Witches.
Grails was echter niet zomaar de zoveelste post-rock band, want geregeld werden andere oorden opgezocht en bij momenten werden de brokken uit de muur gerockt. Hierin speelde spilfiguur Emil Amos trouwens een cruciale rol. Hij manifesteerde zich als een fenomenale drummer, maar voor een kwart van de set liet hij zijn drumstel over aan een ander en bleek hij ook een uitmuntende leadgitarist te zijn. Het was net op die momenten dat Grails leek te transformeren in een heuse hard-rock band waarbij drie gitaren wild tegen elkaar aan schuurden en zo een ferme gelaagde wall of sound verspreidden. Die hard-rock neigde soms stevig naar een inspirerende doom-metal sound, ook niet zo verwonderlijk als je weet dat Emil Amos een tweede onderdak heeft in het doom-metal collectief Om.
Door die wisselingen van instrumenten en van sfeerschepping zat er heel wat variatie en ademruimte in de set. Het ging van hard naar zacht en van subtiel naar onstuimig. Het klonk filmisch, sfeervol en psychedelisch.
Het ganse concert was een uitermate boeiende trip die zowel band als publiek in hogere sferen bracht. Een sympathiek clubzaaltje als Het Bos leende zich bovendien perfect voor dit donkere sfeertje. Missie geslaagd, zeggen wij dan.

Het drumstel fungeerde vanavond wel in een vooraanstaande rol. Niet alleen Emil Amos had zich met zijn fameus slagwerk in de kijker gewerkt, ook support act Anthony Paterra deed dat onder zijn alter ego Majeure. De man creëert zijn albums in zijn dooie eentje en ook op het podium hoeft hij geen gezelschap. De op keyboards en synths gebouwde groovy krautrock had ie op voorhand in de machine gepompt, live hoefde hij maar op de startknop te drukken en hele boeltje te ondersteunen met, het moet gezegd, een portie indrukwekkend drumwerk. In Het Bos kwam hij gedurende een dikke 20 minuten zijn nieuwste werkje ‘Apex’, een drie songs tellende EP, voorstellen. Hij deed dat met verve en had toch wel een flink stuk van de het publiek in zijn greep met dat bezwerend spacy geluid. Vooral de drummers onder de aanwezigen gingen na zoveel geniaal drumwerk vanavond naar huis met een knoert van een minderwaardigheidscomplex.

Als wij even naar de verdere programmatie kijken van Het Bos, dan zie wij nog veel fraais, onder andere Ex-Cult, True Widow, Part Chimp, Briqueville en het legendarische Psychic TV !
Check toch maar even de website van deze fijne club. http://www.hetbos.be

Organisatie: Het Bos, Antwerpen

donderdag 02 maart 2017 01:00

Firefang


Les één voor nieuwe bandjes die een eerste  plaatje uitbrengen : Val met de deur in huis en zorg dat uw eerste song al meteen het kot afbreekt. Dat hebben ze bij het Gentse Firefang goed begrepen, “Crazy” is namelijk een binnenkomer van formaat, een razende brok ontvlambare garage-rock die ons meteen bij de keel grijpt. De manier waarop frontman Steven De Poorter in die helse opener de boel aan flarden schreeuwt, geflankeerd door een muur van ontbolsterd gitaargeweld, is echt wel fameus. Verder verkent Firefang met verve alle uithoeken van de garage-rock en daarbuiten. Bij momenten doen ze dat wild en onstuimig, elders dan weer slepend en emotievol.
De Poorter zijn gitaar is gedoopt in een substantie vervaardigd uit Crazy Horse water aangelengd met een geut Cobain-lotion, een bijtend goedje dat nog eens werd overgoten met een Gun Club buskruitmengsel.
Zelf hebben ze het over garage-grunge. What’s in a name? maar het is nog zo gek niet. We horen flarden Nirvana in “Nothing” en “One Day”, en we herkennen het zwaar onderschatte Come in sluipende songs als “I Sing I Sing” en “In A Home”. Als we het bij hedendaagse groepjes gaan zoeken, dan komen we steevast bij The Wytches terecht, ook zo een bandje die overtuigend uitpakt met een lekker smerige rock’n’roll sound en een hoop kwieke songs.
De garage-rock in Vlaanderen is op vandaag nog maar een eng wereldje, maar we mogen er met Firefang een verdomd sterk bandje bij verwelkomen.


Je mag Helmet gerust een legendarische band noemen, pioniers wat ons betreft. Een band die zichzelf met het onsterfelijke en extreem rauwe ‘Meantime’ in 1992 definitief op de wereldkaart zette. De band creëerde op die mijlpaal een alternatieve en kurkdroge metalsound  die tot ver buiten de grenzen van het genre reikte en hen zeer geliefd maakte bij een steeds groter wordend kransje alternatieve muziekliefhebbers. Nadien heeft Helmet het geweldige ‘Meantime’ nooit meer kunnen evenaren, laat staan overtreffen, maar platen als ‘Betty’ (dat vanavond uitgebreid aan bod kwam) en ‘Monochrome’ (dat dan weer compleet genegeerd werd) kwamen toch aardig in de buurt.

Ondertussen heeft Page Hamilton, bezieler van de band en de enige overgebleven oude krijger, met een stel jonge wolven toch weer een oerdegelijk nieuw album in mekaar gebokst. Op “Dead To The World” duikt de primitieve power van weleer af en toe terug op en wordt die bij momenten een gepast grunge jasje aangemeten.
Hamilton zette de avond in met een jazzy gitaarintro om dan via “Beautiful Love” en “I Know” meteen los te barsten in een spervuur van kolkende riffs, pompende bassen en loeiende gitaren. Nieuwelingen als “Life Or Death”, “Bad News”, “Red Scare” en vooral een gloeiend heet “I love My Guru” kwamen de test heel goed door en nestelden zich als flink uit de kluiten gewassen uitdagers tussen het onverbloemde geweld van de oudere songs.
De Helmet-wall of sound vertoonde geen tekenen van verbrokkeling en Hamilton doorkliefde de moordsongs met zijn overstuurde gitaarsolo’s, waarin het leek alsof vlijmscherpe scheermesjes dwars doorheen de snaren sneden.
Helmet stond er weer, dat was een feit. Een solide band met een volle en harde sound, straight in your face. Hier zat hoegenaamd nog geen sleet op. Het werd naarmate de set vorderde ook alsmaar snediger, beter en heftiger, want Helmet spaarde de gevaarlijkste splinterbommen tot op het laatst. “Turned Out”, “I Know” en vooral de regelrechte klassieker “Milquetoast” kwamen lelijk huishouden in de Kreun. Als klap op de vuurpijl mocht de ultieme Helmet-bom, een verschroeiend “In The Meantime”, de genadeslag toedienen. Voor eeuwig zal dit de song blijven waarmee Helmet in menig geheugen gegrift zal staan, een moordzuchtige krachtstoot van amper drie minuutjes die overal een spoor van vernieling aanricht. Geen betere song om zo een splijtende set te eindigen.

Dit was Helmet zoals we ze het liefst lusten. Rauw, retestrak, loeiend hard en kurkdroog. Alleen een grotere greep uit ‘Meantime’ had ons nog gunstiger kunnen stemmen, maar de uitgebreide en vurige sessie in bed met ‘Betty’ was natuurlijk ook lekker meegenomen.

We hebben toch nog een niet mis te verstane tip voor Hamilton : ‘Meantime’ viert dit jaar zijn 25e verjaardag. Kom godverdomme als de bliksem terug en speel die motherfucker van een plaat integraal met de volumeknop ver over de rooie !
Op Graspop dan maar ?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/helmet-08-03-2017/

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/local-h-08-03-2017/


Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

donderdag 02 februari 2017 01:00

Melodium Rag

‘Melodium Rag’ is de blues in zijnen puren. Het is al de vierde worp van Tiny Legs Tim en de plaat is nog naakter dan diens voorgangers, de stekker gaat er deze keer niet in. Tim De Graeve doet het met enkel een akoestische gitaar, een goudeerlijke bluesstem en de less is more-ondersteuning van de subtiele mondharmonica van Steven Troch. Het heeft letterlijk dus niet veel om het lijf maar des te meer in de onderbuik. Wat hier in zit is een ziel, een rootshart en een stokoude koffer gevuld met het talent van een bescheiden fingerpicking-bluesgod die de genen lijkt te hebben geërfd van Son House, Lightnin’ Hopkins en Woody Guthrie.
Je zou het hoegenaamd niet zeggen, maar dit is Belgisch. België bevindt zich ergens in een afgelegen hutje in het diepe moerassige zuiden van Amerika.
Geef ons een lazy chair en een ferme whisky en we gaan met ‘Melodium Rag’ lekker onderuit zakken.

Pagina 30 van 111