logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Guns N Roses
Afghan Whigs
Erik Vandamme

Erik Vandamme

Future Palace - Drie eigen gezichten, één gedeelde ontlading
Future Palace
De Casino
Sint-Niklaas
Datum: 2026-10-11
Erik Vandamme
Beoordeling: 8

Stevige muziek kan een uitlaatklep zijn voor gevoelens die zich moeilijk in woorden laten vatten. Bij Future Palace krijgen die emoties vorm in een samenspel van zware riffs, elektronische klanken en melodieuze passages.
De Berlijnse band rond zangeres Maria Lessing bracht met ‘Resurgence’ bovendien een recent hoofdstuk mee naar De Casino in Sint-Niklaas.
Met het Britse As Everything Unfolds en het Finse Luna Kills als voorprogramma stonden drie bands op de affiche die elk op hun eigen manier de verbinding zochten tussen muzikale slagkracht en gevoeligheid. Ze keken dezelfde richting uit, maar benaderden die vanuit een opvallend andere hoek.

Luna Kills (**** ) koos nadrukkelijk voor melodie, maar klonk tegelijk opvallend gebald en krachtig. De band gaf de combinatie van melodieuze zang en stevige metal een eigen gezicht en straalde daarbij veel energie uit. Dat zetten de Finnen vanaf opener “Deep cuts”, gevolgd door “Love u” en “Slay ur enemies’, stevig in de verf. Die power sloeg ook over op het publiek, waar al een eerste voorzichtige moshpit ontstond.
Luna Kills legde meteen de fundamenten voor de rest van de avond: een intens, zweterig cluboptreden waarbij band en publiek elkaar voortdurend van energie voorzagen. Zo kregen we al vroeg een eerste hoogtepunt. Met een straf “Fever dream” en een overdonderend “LEECH” sloot de band overtuigend af.
De lont zat in het kruitvat en de lat lag meteen hoog voor de twee volgende bands.
Setlist: deep cuts // love u // slay ur enemies // supervillain // LOWER // fever dream // LEECH

As Everything Unfolds (*****) deed er nog een schep bovenop. Nog meer vuurkracht, met een charismatische frontvrouw die haar publiek voortdurend aansprak: een ware wervelstorm trok door De Casino. Met “Denial”, “Set in Flow” en “Felt Like Home” deelde de band meteen enkele ferme uppercuts uit. De heldere, hoge zangstem van Charlie Rolfe gaf de gebalde songs een melodieuze glans, terwijl het publiek steeds verder werd meegesleept. Vuisten gingen de lucht in en de temperatuur steeg.
Die aanstekelijke knaldrang vertaalde zich in enkele stevige moshpits en een wall of death. De energie spatte alle kanten uit.
As Everything Unfolds haalde verschroeiend hard uit en liet ons na afloop even verweesd achter. Voor ons de sterkste band van de avond.
Setlist: DENIAL // SET IN FLOW // Felt Like Home // Twilight // Flip Side // WHAT YOU WANTED // GASOLINE // Ultraviolet // On the Inside

De podiumopstelling bij Future Palace (****) deed het beste verhopen. Lichtgevende attributen achteraan, de drums op een verhoogd podium en veelkleurige boxen vooraan gaven het geheel een haast epische uitstraling. Zelfs de microfoon was fraai versierd. Het oog wil ook wat.
Na een aanstekelijke intro tapte Future Palace uit hetzelfde vaatje als zijn voorgangers, maar met een meer epische en bombastische invulling. Zangeres Maria Lessing heeft een glasheldere stem waarmee ze ook stevig kon uithalen. Bovendien spoorde ze haar publiek voortdurend aan. Een emotionele oproep versterkte het gevoel van verbondenheid in de zaal, met zwaaiende gsm-lichtjes als bijzonder beeld. Op andere momenten kreeg de fysieke energie dan weer vrij spel in de moshpit.
De band kwam vooral zijn nieuwe plaat ‘Resurgence’ voorstellen. Die songs klonken stevig en gepolijst: met “Deep Blue”, “The Shades” en “Uncontrolled” zette Future Palace meteen krachtig in.
Toch dreigde de set op enkele momenten wat te gezapig te worden en verslapte onze aandacht. Telkens herpakte de band zich echter net op tijd. Het hoogtepunt van de hele avond kwam tijdens “The Echoes of Disparity”, waarvoor Charlie Rolfe van As Everything Unfolds Maria op het podium vervoegde. De wisselwerking tussen beide stemmen gaf de song extra dynamiek en emotionele kracht. Hier viel alles samen. As Everything Unfolds had ons als band net iets meer overtuigd, maar in dit gezamenlijke moment vonden beide acts elkaar op hun sterkst.
Met het intieme “Defeating Gravity” bezorgde Maria ons later een krop in de keel en werd de finale ingezet. “Dead Inside” liet die opborrelende emoties uitmonden in een vurige mokerslag die elke negatieve gedachte leek te verbrijzelen. Afsluiter “Malphas” zette daar nog een stevig uitroepteken achter.
Future Palace liet horen over een eigen gezicht en flink wat groeipotentieel te beschikken. Hier en daar is er nog ruimte om de spanning wat aan te scherpen, maar de overtuiging en uitstraling zijn er volop.
Voor ons zou 2026 weleens het begin van een grotere doorbraak kunnen betekenen.
Setlist: Deep Blue // The Shades // Uncontrolled // Ebb and Flow // Supernova // The Echoes of Disparity (met Charlie Rolfe) // Nixy // Heads Up // Cyclone // Resurge // Disintegrate // Tidal Waves // Nightfall // Defeating Gravity // Paradise // Dead Inside // Malphas

Deze kleurrijke avond toonde alvast hoe drie verschillende benaderingen van stevige muziek konden samenkomen in één gedeelde ontlading.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Wim Heirbaut
Future Palace
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10332-future-palace-11-10-2026?Itemid=0

As everything unfolds
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10333-as-everything-unfolds-11-10-2026?Itemid=0

Luna Kills
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10334-luna-kills-11-10-2026?Itemid=0

Organisatie: Biebob ism De Casino, Sint-Niklaas

Ever Present - Tijl Piryns - Het dagelijkse leven als verbindende draad

Met Ever Present geeft saxofonist en componist Tobias Volckaert dagelijkse indrukken en overpeinzingen een muzikale stem. Op het debuut ‘Alledaagse gedachten’ krijgen speelsheid en hoop evenveel ruimte als twijfel en verwondering.
De plaat kon ons alvast bijzonder bekoren, lees gerust Alledaagse gedachten
De live voorstelling was in de Rataplan in Borgerhout. Samen met Nicolas Van Belle op gitaar, effecten en stem, Emanuel Van Mieghem op contrabas en Robbe Broeckx op drums bracht Tobias zijn composities tot leven, met ruimte voor improvisatie en de belangvolle  inbreng van elke muzikant.
Tijl Piryns opende de avond met een voorstelling waarin interviews, percussie en elektronica verschillende toekomstbeelden met elkaar verbonden.

De afwisseling tussen speelsheid, hoop en twijfel bleek de rode draad doorheen de volledige avond.
Ook Tijl Piryns (****) vertrok vanuit verhalen en beelden, waarbij hij een klankentapijt uitspreidde die de vertellingen een extra gevoelslaag gaven. Grappige anekdotes kregen een speelse, ongedwongen muzikale invulling, terwijl bij twijfel en onzekerheid een dreigende ondertoon binnensloop.
De gefilmde interviews waren op zich al bijzonder boeiend. Ze zetten aan tot nadenken of toverden een glimlach op onze lippen. Het meest intrigerende verhaal kwam van een man die vertelde over zijn buurman, die op 76-jarige leeftijd overleed. Zonder televisie of krant leefde die op zijn boerderij, helemaal in zijn eigen kleine wereld. Volgens de verteller was hij de gelukkigste mens die ooit had geleefd. Schuilt daarin het geheim van geluk? Een sluitend antwoord kregen we niet.
Maar Tijl gaf de verhalen muzikaal zo treffend vorm dat er ruimte ontstond om onze eigen antwoorden te zoeken. Een bijzondere ontdekking, die helaas slechts een halfuur duurde. Wat ons betreft had dit gerust veel langer mogen duren. De combinatie van multi-instrumentale speelsheid en boeiende verhalen leverde beelden en klanken op die nog lang bleven nazinderen.

Hetzelfde gebeurde bij Ever Present (****), maar dan zonder beelden op het scherm. De sympathieke Tobias Volckaert gaf zijn muzikanten alle ruimte, wat resulteerde in een aanstekelijk samenspel waarin improvisatie en avontuur hand in hand gingen. Wanneer hij met zijn sprankelende saxofoon inpikte, plaatste hij zich niet boven de anderen: zijn klanken vonden hun plek tussen gitaar, contrabas en drums.
Hoewel Tobias de bindteksten verzorgde, profileerde Ever Present zich vooral als een volwaardige band. Die wisselwerking bracht de verhalen die ons op plaat al aanspraken nog meer tot leven. Zacht geneurie en lichtvoetige passages zorgden voor intimiteit, terwijl kleine wervelstormen ontstonden wanneer alle instrumenten samenkwamen. De drum- en gitaarsolo's en de groovy saxofoonlijnen gaven telkens een andere kleur aan Tobias' alledaagse gedachten. Daardoor leek het alsof we die gedachten nog iets beter begrepen, met ruimte om er onze eigen ervaringen in te herkennen. Naast speelsheid en levensvreugde klonken ook ontgoocheling en verdriet door. De band wist die uiteenlopende gevoelens treffend instrumentaal uit te beelden.

Zo kregen we twee verschillende manieren van verhalen vertellen te horen. Tijl Piryns verbond gesproken getuigenissen en beelden met muziek; Ever Present liet de instrumenten spreken.
Beiden prikkelden de verbeelding en stemden tot nadenken, met het dagelijkse leven als verbindende draad.

Organisatie: Rataplan, Borgerhout (Antwerpen)

donderdag 08 oktober 2026 08:40

Alledaagse gedachten

Ever Present is een muzikale verbeelding van het dagelijks leven, zoals Tobias Volckaert dat ervaart. De ideeën ontstaan uit terugkerende taferelen in vertrouwde omgevingen en onderweg, maar ook uit zijn overpeinzingen over de wereld waarin we leven.
‘Alledaagse gedachten’ zijn soms luchtig, speels en hoopvol, dan weer zoekend, aarzelend en twijfelend.
Met dit project wil Tobias die verweving van indrukken en gedachten zonder woorden delen met de mensen om hem heen. Gebaseerd op de voorstellingstekst van Rataplan.

De rustgevende klanken van “Eerst” laten meteen horen welke richting het uitgaat. Geen oorverdovend gedonder, maar een zacht kabbelend beekje dat rust brengt in een onrustig leven. Ook bij “Much Room” kun je even op adem komen. De zachtmoedige saxofoon trekt de aandacht, maar elke muzikant blijkt even belangrijk. Sprankelende baslijnen, zalvende gitaarlijnen en zacht beroerde cimbalen vormen samen een intiem geheel dat je geen moment in slaap wiegt. Hiervoor zorgen onder meer de groovy vuurwerkjes in “Vervolgens” en “Teruggeven wat je nooit had 2".
De contrasten en de manier waarop de muzikanten elkaar voortdurend nieuwe prikkels geven, vormen de grote kracht van alledaagse gedachten. Ook in “Overgroeid”, “Teruggeven wat je nooit had 1” en “En Verder” worden geen geluidsmuren afgebroken. Harten worden er op subtiele, doordachte wijze wel geraakt. Met het rustgevende “Flight of the Plastic Seagull” eindigt dit eenvoudige maar wondermooie album zoals het begon.

Ever Present laat de haast van smartphones, snelle auto's en volle agenda's even achter zich. De band geeft aandacht aan de dagelijkse momenten waar we zo vaak aan voorbijgaan. Deze muziek maakt je niet alleen stil: ze nodigt je uit om anders naar het leven te kijken.

Tracklist: Eerst (06:17) We, Here (05:35) Much Room (08:14) Vervolgens (04:32) Teruggeven, wat je nooit had 2 (05:17) Overgroeid (07:40) Teruggeven, wat je nooit had 1 (05:56) En verder... (02:32) Flight of the Plastic Seagull (02:12)

‘Alledaagse gedachten’ wordt op 8 oktober live voorgesteld in Rataplan, op een double bill met Tijl Piryns. (Info: www.rataplanvzw.be )
LIVE Ever Present - Tijl Piryns - Het dagelijkse leven als verbindende draad
Op 15 oktober speelt Ever Present samen met Telehiv in nona in Mechelen.

donderdag 08 oktober 2026 08:29

Symphony In Flesh

We volgen Carnation al sinds hun jonge jaren. In 2016 zagen we hen op Antwerp Metal Fest aan het werk; een jaar later maakten ze ook op Alcatraz indruk. Hun debuut ‘Chapel of Abhorrence’ bevestigde vervolgens wat we op die podia al vermoedden. Ondertussen heeft de band zich tot ver buiten België bewezen. Op het nieuwe ‘Symphony In Flesh’ klinkt Carnation nog altijd even gedreven.

Carnation hoeft zichzelf op deze vierde plaat niet opnieuw uit te vinden. Vanaf opener “Blackmouth” krijgen we de vertrouwde rauwheid, ahw een bloederige biefstuk op de nuchtere maag. Riffs klieven door je heen, terwijl de drums en de demonische stem van Simon Duson je nauwelijks de kans geven om op adem te komen.
Toch draait ‘Symphony In Flesh’ niet alleen om brute kracht. In het titelnummer horen we een dramatischer, haast symfonisch kantje dat de gruwelijke beelden nog scherper inkleurt. Ook “Towards Death”, “Twisted Visions” en “Boundless Pathways” laten de verbeelding op hol slaan. Met de ogen dicht zie je de band haast voor je staan. Die herkenbaarheid is geen bezwaar. Afsluiter “Legacy of the Forefathers” neemt ruim elf minuten de tijd en slaat een epischer, melodieuzer pad in. De uitgesponnen riffs klinken anders dan we van Carnation gewend zijn, maar onder de oppervlakte blijft die typische dreiging voelbaar.

Zoals AC/DC al decennialang zijn eigen muzikale taal spreekt, weet ook Carnation precies waar zijn kracht ligt. ‘Symphony In Flesh’ klinkt rauw en vertrouwd, maar bovenal levendig. Tegelijk herinnert de plaat eraan waarom je deze band live moet beleven: op het podium krijgen de beelden die hun muziek oproept pas echt een gezicht.

Carnation stelt de plaat op 7 november voor in Kavka Zappa in Antwerpen en speelt op 21 november ook op Pluto Fest in Deinze. Twee uitgelezen kansen om deze nieuwe nummers tot leven te zien komen.

Tracklist: Blackmouth - Flesh Eating Frenzy - Symphony In Flesh - Kingdom of Dreams - Labyrinth of Silence - Towards Death - Twisted Visions - Boundless Pathways - Legacy of the Forefathers

Deathmetal
Symphony In Flesh
Carnation

 
Interview 2026 Carnation – Onze doelen worden telkens opnieuw verlegd

Alister Spence - Dorothy Carlos – double bill - Subtiliteit en experiment als rode draad
Alister Spence - Dorothy Carlos

Hoe ver de klank van een vertrouwd instrument kan reizen, hoor je bij Alister Spence (****) en Dorothy Carlos (****). Het zijn twee artiesten samen die elk hun eigen antwoord op zoeken.
De Australische pianist en improvisator Alister verkent de mogelijkheden van toetsen en klank, terwijl Carlos haar cello met digitale bewerkingen nieuwe gedaantes laat aannemen. Twee verschillende vertrekpunten, verbonden met elkaar door de drang om te ontdekken wat er buiten de vertrouwde contouren van hun instrument ligt.
Met die nieuwsgierigheid zakten we af naar het AB Salon.

Dorothy Carlos is een experimentele celliste die actief is in Chicago en New York. Ze studeerde klassieke cello en antropologie aan NYU en behaalde daarna een master in geluidskunst in Chicago.
In haar werk verbindt ze vrije improvisatie met digitale bewerking. De cello blijft het vertrekpunt, maar de klank kan door die bewerkingen een heel andere gedaante aannemen. Ze onderzoekt daarbij hoe elektronica intimiteit en denkbeeldige werelden kan oproepen. Tijdens haar optreden bleef het fysieke karakter van de cello overeind.
De subtiele klankenpracht ging nergens verloren, ook wanneer knarsende tonen en mysterieuze weerhaakjes het geluid binnenslopen. Die gaven het instrument een haast sacrale gloed, die nu eens bedwelmend inwerkte en dan weer de grens van het oorverdovende opzocht, zonder die te overschrijden.
Subtiliteit en experiment vormden samen de rode draad. Precies in die wisselwerking school de schoonheid van haar optreden.

De Australische pianist, improvisator en componist Alister Spence werkte o.a. met Satoko Fujii, Myra Melford en Jim O'Rourke. In de AB Salon zat hij achter zijn opengelegde Rhodes-elektrische piano als een klankentovenaar. Met een bel, percussie en een strijkstok haalde hij de meest onverwachte geluiden uit het instrument, om vervolgens de toetsen te laten spreken.
Een klein uur lang opende Spence allerlei deurtjes. Herhaling, klankkleur en vrije passages boden telkens nieuwe aanknopingspunten. Een rechte lijn viel moeilijk te herkennen, maar chaotisch klonk het nooit. Onderhuids paste alles binnen één verhaallijn. Bedwelmende klanken wisselden af met indringende drones, waarbij ook de intensere passages hun subtiliteit behielden.
Het spel met klank en materiaal deed ons bij momenten aan Einstürzende Neubauten denken, zonder vocale inbreng of grootse gebaren. De warme elektrische pianoklanken gaven die avontuurlijke zoektocht een bijzonder tegengewicht.

Het werd een avond waarop subtiliteit en experiment elkaar voortdurend versterkten. Dorothy Carlos en Alister Spence behielden elk hun eigen klankwereld, maar deelden de gave om onverwachte geluiden tot een meeslepend verhaal te verweven.
Twee klankwizards die experiment tot kunst verhieven.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel (ikv BRDCST)

Hunter Omega - Een goede band verandert en evolueert door de jaren heen. Daar is niets mis mee, zolang iedereen gelooft in wat hij doet

Een naamsverandering luidt wellicht een nieuwe bladzijde in voor een band, maar daarom verandert een band het wapen niet volledig van schouder. Neem nu Hunter Omega die na tien jaar hun naam verandert, van gewoon Hunter naar Hunter Omega dus. Met hun nieuwste EP ‘Lake of Death’ lijkt nog niet volledig nieuwe wegen ingeslagen, maar toch voel je bij sommige songs al een andere ‘vibe’ tevoorschijn komen.
Benieuwd als we zijn stelden we Joost enkele vragen erover, polsten naar de toekomstplannen en of de ambities nog steeds dezelfde zijn als op onze vorige babbel in 2021.

We spraken elkaar al enkele keren en ik heb jullie onder de naam Hunter
ook live gezien. Waarom besloten jullie na tien jaar de naam te veranderen in Hunter Omega? Waar staat die ‘Omega’ precies voor?
Joost:
Daar zijn eigenlijk twee redenen voor. De eerste reden heeft te maken met de nieuwe leden. De klank is onderweg veranderd en we hadden allemaal het gevoel dat het misschien geen volledig nieuwe band is, maar toch wel versie 2.0 van de band. ‘Omega’ komt grotendeels door David. Zijn teksten gingen altijd al over de dood en het einde, maar dat wordt steeds meer uitgesproken. Het wordt steeds meer apocalyptisch en grootser. Omega is de laatste letter van het Griekse alfabet en wordt gebruikt als symbool voor het einde van de dingen. In mijn hoofd staat het ook een beetje voor de ultieme versie van Hunter. Daarnaast is er een praktische reden. ‘Hunter’ is heel moeilijk te googelen en bijna niet terug te vinden op streamingdiensten. Mensen kwamen ons geregeld zeggen: “Ik zoek naar jullie, maar ik vind jullie niet.” Je komt terecht bij allerlei andere artiesten: een rapper, een techno dj of nog iemand anders—iedereen behalve ons. Tien jaar geleden hadden we er niet bij stilgestaan hoe belangrijk het is dat je online gemakkelijk vindbaar bent. Zonder de bezettingswissel hadden we de naam waarschijnlijk niet veranderd. Op dat moment voelden we echter allemaal dat de tijd rijp was: er kwam een nieuwe injectie en daarom hebben we de wijziging doorgevoerd.

Welke impulsen hebben de nieuwe bandleden gegeven? Muzikaal, maar ook op andere vlakken?
Joost:
Dat zijn in ieder geval nieuwe invloeden. Onze drummer is een jonge gast van twintig jaar. Hij luistert naar volledig andere dingen dan wij en brengt een massa ideeën en invloeden mee die wij niet kennen. Ik denk dat je die input op de EP al een beetje hoort. Manu komt meer uit de thrashhoek. Thomas was eerder de hardrocker van de groep; Manu zit veel meer in heavy metal en thrash. Op deze EP is dat allemaal nog niet zo
duidelijk, omdat de nummers al geschreven waren. Het zal duidelijker worden in het nieuwe materiaal waaraan we nu werken.

Ik merk die verandering op deze EP nog niet heel sterk. De plaat ligt nog altijd in het verlengde van het vroegere Hunter, al hoor ik subtiel iets meer thrash. Bij de jongeren die erbij gekomen zijn, voel je wel al dat er iets nieuws in zit
Joost:
Die invloed is er nu al, maar het is nog een beetje vroeg. Het zal een evolutie zijn. Het is niet onze bedoeling om te breken met wat Hunter was. We zijn altijd een heavymetalband geweest en dat zullen we blijven. Er komen gewoon nieuwe kleuren bij op het palet. Het wordt geen drastische ommekeer waarbij we plots een deathmetalband worden. Het zal allemaal wat intenser en wat zwaarder worden. Een goede band verandert en
evolueert door de jaren heen. Daar is niets mis mee, zolang iedereen gelooft in wat hij doet.

Met Hunter legden jullie al een mooi parcours af. Jullie stonden onder meer op Alcatraz in 2023. Heeft dat optreden werkelijk nieuwe deuren geopend?
Joost:
Daar zijn eigenlijk heel weinig concrete gevolgen uit voortgekomen. We hebben in 2024 wel nog stevig wat optredens gehad, maar we kunnen moeilijk zeggen dat Alcatraz en de promotie eromheen een wereld van verschil hebben gemaakt. Ik ben wel heel blij dat we er gespeeld hebben. Dat op zich is beloning genoeg. Het is een droomoptreden: een perfecte organisatie en een massa publiek. Maar echte contacten of concrete gevolgen zijn er niet uit voortgekomen. Met Hunter Omega hopen we dat het misschien iets beter lukt, maar dat zal de komende tijd moeten blijken. Er komt nog een promotiecampagne aan, dus we zullen zien. Voor mij mag dit alvast nog zeker tien jaar verdergaan, al voel je zoiets soms wel in je hoofd of in je lichaam.

De EP
Lake of Death is de aanleiding voor dit interview. Waarom kozen jullie specifiek voor een EP? Is dat omdat de band nog niet helemaal op punt staat?
Joost:
Het was eigenlijk gewoon een teken van leven. Rebel Angels Rise is ondertussen drie jaar oud en mensen vergeten snel tegenwoordig. We wilden iets op de markt brengen onder de
nieuwe naam, om ons opnieuw te presenteren en te zeggen: “Mensen, vergeet niet dat we er nog zijn.” We hadden vier nummers klaar en hebben die opgenomen. We
wilden er niet snel nog enkele nummers bij schrijven die misschien minder goed zouden zijn. Ik heb liever een EP zonder fillers dan een album waarvan je na een tijdje de helft overslaat.

De herkenbare muzikale basis blijft overeind, maar ik hoor een iets hardere aanpak, soms meer gericht op Amerikaanse heavy metal. Hoe kijken jullie zelf naar die ontwikkeling?
Joost:
De bedoeling was inderdaad dat het wat harder zou worden. Deze keer heb ik een groter deel van de muziek geschreven, uiteraard met de inbreng van de anderen. De reden waarom wij altijd vrij traag nummers schrijven, is dat iedere song het werk van de volledige groep is. Iemand komt met een basisidee, een strofe of een refrein. Daar werken we dan gezamenlijk op verder en iedereen voegt zijn bijdrage toe. Zo wordt het
een Hunter-nummer. We hadden vier nummers klaar en hebben die vier opgenomen. Ik heb bewust geprobeerd meer tempo in de songs te steken en te bekijken hoe het heviger kon en hoe ik betere riffs kon schrijven. Eigenlijk ben ik pas songs beginnen schrijven toen we met Hunter begonnen. Ik ben dus nog altijd volop aan het ontdekken hoe dat werkt, maar het lijkt mij steeds gemakkelijker af te gaan. Ook voor de volgende plaat ligt er al een steviger riffnummer klaar. Vroeger stond ik daar minder voor open. Vijftien jaar geleden was het voor mij bij wijze van spreken: “Heavy metal or get the fuck out.” Dat is breder geworden. Negentig procent van wat ik beluister, is nog altijd metal of daaraan verwant, maar je wordt nieuwsgieriger naar andere dingen. Dat kan bijna niet anders; je groeit als mens en als muziekliefhebber. De hokjesmentaliteit valt stilaan weg. Vroeger was je ofwel rockfan, ofwel hardrocker, ofwel iets anders. Onze drummer en zijn generatie denken niet meer op die manier in genres. Of iets nu populair is of niet, is voor hen niet belangrijk. Dat is een verrijking, want die gasten sluiten niets bij voorbaat uit. Wij deden dat vroeger wel sneller: “Dat is disco, dus daar luister ik niet naar.” Nu luister ik naar alles als ik het goed vind.

“Ghost of Anarchy”
sluit misschien het nauwst aan bij het vroegere Hunter. Was het een bewuste keuze om daarmee te openen en zo een brug tussen  verleden en heden te slaan, of is dat te ver gezocht?
Joost:
We hebben dat niet bewust zo gedaan. Als ik het mij goed herinner, was dit het eerste nummer waarmee ik afkwam. Daardoor is het misschien nog het meest in de geest van het vroegere Hunter geschreven. Ik kwam met een riff, we bouwden daarop verder en iedereen vond het goed. Je moet van ons geen schokkende verrassingen verwachten in de zin dat we ons plots 180 graden keren. Hopelijk blijft er wel een stijgende lijn en een duidelijke evolutie zichtbaar, maar in de kern zal het altijd goede heavy metal blijven. Ik ben dus niet bewust met het idee gekomen: dit moet de link met het verleden worden. We waren het er wel allemaal over eens dat het met die riff de perfecte opener was. Het is fijn als het ook het effect heeft dat jij beschrijft.

De titeltrack
“Lake of Death” lijkt onder zijn donkere heavymetal verpakking over verlies en rouw te gaan. Is dat een heel persoonlijk verhaal? Willen jullie met dat nummer een bepaald hoofdstuk van een rouwproces afsluiten?
Joost:
Het is veel abstracter. De teksten zijn natuurlijk Davids domein. Ik wil niet voor hem spreken, want dat is gevaarlijk. Voor mij is Lake of Death niet de bestemming, maar de weg die je moet passeren om op je bestemming te raken. Je moet over dat meer; aan de overkant wacht iets. Zo interpreteer ik het. David heeft er zijn eigen invulling aan gegeven, maar ik weet zelf niet precies welke.

Mijn ouders zijn op vrij korte tijd overleden. Ik voel me erdoor persoonlijk met het nummer verbonden
Joost:
Dat is geen probleem. Iedereen kan op zijn eigen manier invulling geven aan dat rouwproces. Voor jou betekent het iets anders dan voor David en misschien is zijn betekenis nog persoonlijker. Ik denk dat een van Davids sterke eigenschappen, en ook een evolutie in zijn werk, is dat zijn teksten steeds minder specifiek worden en steeds meer symboliek en diepte krijgen. Het zijn metaforen en parabels. Op het debuut stond bijvoorbeeld No Man’s Land. Dat nummer ging heel concreet over de Eerste Wereldoorlog en de loopgraven. Ondertussen zijn de teksten veel breder. Ze zijn nog altijd verpakt als een verhaal met een thema, maar er zit veel meer achter.

“F.A.F.O.
” behoort tot het snelste en venijnigste materiaal dat jullie hebben uitgebracht. Is dat een richting die Hunter Omega verder wil verkennen?
Joost:
Het lijkt voor iedereen het nummer te zijn dat eruit springt. Het is een knaller en valt met die drumintro meteen met de deur in huis. Het basisidee kwam van onze bassist. Ik begon daarop te spelen en vond snel wat ik met zijn baslijn moest doen. Daarna viel alles op zijn plaats. Het is het krachtigste nummer van de plaat. Ik ben er dan ook voorstander van om de EP ermee af te sluiten. Je moet met een knal eindigen en het niet laten wegzakken. Je moet blijven opbouwen naar een climax. Volgens mij is dat zeker gelukt. Je kunt natuurlijk geen nummers op commando schrijven. Ik ga er dus niet van uit dat er op de volgende plaat automatisch een F.A.F.O. 2 komt. We zullen wel proberen songs te maken die dezelfde reactie bij de mensen losmaken. Die energie willen we behouden; ze moet in onze muziek zitten.

Met
“Knight of the Black Rose Part 3” zetten jullie een verhaal voort dat op het debuut begon. Is dit de afsluiting van de saga?
Joost:
Dit is inderdaad het laatste luik van de trilogie. Met dit nummer is het verhaal verteld. Het is gebaseerd op een personage uit de Dragonlance boeken. Ik wilde het derde deel echt afwerken. Toen David voor Rebel Angels Rise deel twee had geschreven, zei hij dat zijn tekst nog niet afgerond was. Ik antwoordde: “Dan zal er nog een derde deel komen waarin je het verhaal op een goede manier kunt afronden.”
Dat heb ik bewust proberen te doen. Het nummer verschilt qua sfeer van de eerste twee delen. Het past bij het verhaal en sluit aan bij de tekst, maar het klinkt misschien ook wat anders dan mensen van ons verwachten.

Was het volledige verhaal vooraf uitgetekend, of is het drieluik gaandeweg gegroeid?
Joost:
Het is gegroeid. Bij het begin was een drieluik nooit de bedoeling. Toen deel twee er was, merkte ik dat David zijn verhaal nog niet volledig had kunnen vertellen. Ik wilde dat het een duidelijk begin en einde kreeg. Anders bleef het voor mij als een cliffhanger aanvoelen, zonder dat er ooit een einde kwam. Daarom vond ik dat we nog een derde deel moesten maken en het op deze EP moesten zetten. Nu is het verhaal
rond. We hebben nog even gespeeld met het idee om deel één en deel twee opnieuw op te nemen en het volledige drieluik samen uit te brengen. Misschien doen we dat ooit nog, maar nu was het belangrijk om nieuw materiaal te presenteren.

De verhalende aanpak en de samenhang zouden zich uitstekend lenen voor een conceptalbum. Is dat iets wat jullie ooit zouden overwegen?
Joost:
Ik ben niet tegen conceptalbums. Er bestaan goede en slechte conceptalbums. Als het te vergezocht is, werkt het niet; als het goed gedaan is, kan het heel goed zijn. Ik vind Operation: Mindcrime van Queensrÿche bijvoorbeeld een van de beste platen die ooit gemaakt zijn. Een conceptalbum zou mij dus niet storen, maar het is enorm veel werk. Ik zie mezelf dat als songwriter voorlopig nog niet doen. Je moet dan werken met muzikale thema’s die terugkeren en dat lijkt mij nog wat hoog gegrepen. Maar zeg nooit , nooit. Onze songs hebben wel een overkoepelend thema: het einde en de dood, in verschillende vormen. Ze zijn alleen niet bewust als één samenhangend geheel geschreven. In die zin lijkt het misschien een beetje op een concept, maar eigenlijk is het dat niet.

Ook het artwork verbindt verschillende nummers. De ridder, het meer en het kasteel verwijzen elk naar een verhaal op de EP. Hoe nauw waren jullie bij het ontwerp betrokken?
Joost:
We werkten opnieuw met dezelfde artiest die de hoes van Rebel Angels Rise heeft gemaakt, Pedro Sena die onder de naam Lordigan werkt. Hij levert fantastisch werk. David reikte een aantal concepten aan. We geven de artiest enkele richtlijnen, ideeën en informatie over de onderwerpen van de songs. Vervolgens stuurt hij een paar schetsen, wij kiezen de richting en daarna krijgen we een afgewerkt product waar iedereen heel tevreden over is. De elementen uit de nummers zitten inderdaad in de hoes. Het meer uit Lake of Death wilden we er expliciet op, bijvoorbeeld op de achtergrond. De ruïne of het bouwvallige kasteel was een toevoeging van de artiest die er perfect bij paste. Hoe langer je naar de hoes kijkt, hoe meer details je ontdekt. Dat gaat in deze tijd van streaming en digitale muziek soms verloren. Mensen die de vinylversie kopen, kunnen de hoes echt in handen nemen en ernaar blijven kijken, zoals wij vroeger met een nieuwe plaat of cd deden: de teksten volgen en alle details bestuderen.

In ons vorige interview omschreef je de band als een hechte vriendenkring. Is die dynamiek door de bezettingswissel veranderd?
Joost:
Dat is onvermijdelijk. Er komen nieuwe mensen bij die hun eigen persoonlijkheid en ideeën meebrengen. Het belangrijkste was voor mij in beide gevallen—zowel bij de nieuwe drummer als bij de nieuwe gitarist—dat we iemand vonden die als persoon bij de groep paste. Ik wil niet met een vervelende kerel in een band zitten. Ik wil iemand met wie je kunt omgaan en met wie je vrienden kunt worden. Dat is gelukt. De vader van onze drummer ken ik al ongeveer vijfentwintig jaar. Met de nieuwe gitarist heb ik vroeger lange tijd in een andere groep gespeeld. Hij moest toen stoppen omdat hij voor zijn werk naar het buitenland vertrok. Hij is letterlijk teruggekomen in de maand waarin wij een nieuwe gitarist nodig hadden. Dat kon niet beter uitkomen: we kenden hem al, hij is een uitstekende muzikant en een fijne mens. Het was voor ons een evidente keuze. Hij kon meteen in de groep stappen. Iedereen wint daarbij.

In 2021 zei je dat jullie het zo ver mogelijk wilden brengen, maar tegelijk evenveel plezier wilden blijven beleven. Is dat nog altijd zo, of heeft Hunter Omega andere ambities gekregen?
Joost:
Dat is nog altijd hetzelfde. We willen zoveel mogelijk mensen bereiken, maar niet ten koste van alles. Het is in de eerste plaats voor onszelf: wij moeten tevreden zijn en wij moeten het plezierig vinden. Ons doel is de best mogelijke muziek maken die wij kunnen maken. Als je dan op Alcatraz mag spelen, is dat mooi meegenomen. Dat was een heel mooie ervaring en hopelijk lukt het ons nog eens. We slaan geen optredens
af en willen overal spelen zolang we dat op onze eigen manier kunnen doen.

Hadden jullie iets bijzonders gepland voor het tienjarige bestaan?
Joost:
Het tienjarige jubileum is door de naamsverandering een beetje in het water gevallen. Je kunt moeilijk tien jaar bestaan vieren onder een nieuwe groepsnaam. Eerst bestond het idee om terug te rekenen naar ons eerste optreden en daar later nog iets mee te doen, maar met de overgang naar Hunter Omega voelde dat wat verkeerd aan.

Zijn er beslissingen die je met de kennis van vandaag anders zou nemen?
Joost:
Het enige wat ik achteraf anders zou doen, is meteen een andere groepsnaam kiezen—een naam die gemakkelijk te googelen en te vinden is. Voor de rest niet. We hebben voor niemand een knieval gemaakt en ons nooit aangepast tegen onze principes in. We doen wat we willen  doen en dat zullen we blijven doen. Alleen hadden we beter meteen een gemakkelijker vindbare naam gekozen.

Het is al even geleden dat ik jullie live zag. Komen er nieuwe optredens aan?
Joost:
Dit jaar was het redelijk rustig op het vlak van optredens. We hebben tijd besteed aan het inwerken van de nieuwe mensen en legden de focus vooral op de opnames. Ondertussen zijn er drie optredens geboekt en zijn we volop aan het zoeken en plannen voor volgend jaar.
16 oktober in B52
16 januari in Asgaard
9 april Gullegem Metal Fest

Is er ook ambitie om meer in het buitenland te spelen?
Joost:
Ja, graag. Overal. Je moet daarvoor de juiste contacten hebben en het is aan ons om die te leggen. Een goede promotor kan daarin een belangrijke rol spelen en de juiste deuren openen.

Jullie zeiden vroeger al: “We zijn geen achttien meer.” Hoe zorgen jullie ervoor dat Hunter Omega ambitieus blijft zonder dat de band ten koste gaat van werk, gezin, plezier en gezondheid? Ik geef toe dat ik zelf ook geregeld met mijn gezondheid wordt geconfronteerd.
Joost:
Het gaat altijd om de vraag hoeveel tijd je ervoor wilt vrijmaken. In de jaren negentig speelde ik in een ban waarin we drie keer per week moesten repeteren, anders was het niet goed. Tijdens een van die drie repetities zat iedereen dan toch maar met zijn duimen te draaien. Nu repeteren we één keer per week. Dat volstaat om de set te onderhouden en aan nieuwe nummers te werken. Gezondheid heeft altijd voor een
deel met geluk te maken. In de jaren tachtig dacht ik dat iemand van vijfentwintig te oud was om nog in een groep te spelen. Ondertussen zien we iemand als Biff [Byford] op zijn vijfenzeventigste nog op het podium staan als
een jonge gast. Zolang het fysiek gaat, zie ik mezelf niets anders doen. Ik speel al zesendertig jaar in bands en ik weet niet wat ik anders met mijn vrije
tijd zou moeten aanvangen. Soms speel ik zelfs nog liever gitaar dan vroeger. Ook nu we weer actiever zijn, is er een nieuwe dimensie opengegaan. Zolang ik er niet tegenop begin te zien om mijn materiaal mee te sleuren en naar een optreden te gaan, blijf ik doorgaan. Ik geef wel toe dat ik mijn installatie behoorlijk heb ingekrompen. De tijd van gigantische luidsprekerkasten en zware
versterkers meesleuren, heb ik achter mij gelaten. Tegenwoordig bestaat er zoveel compact materiaal van topkwaliteit. Dat maakt het een stuk gemakkelijker voor mijn rug.

Laat ons hopen dat we hier samen nog minstens tien jaar mee kunnen doorgaan, Joost. Hopelijk komen we elkaar binnenkort opnieuw tegen op een concert. Veel succes met dit nieuwe verhaal.

Carnation – Onze doelen worden telkens opnieuw verlegd

We volgen Carnation al sinds hun jonge jaren. In 2016 zagen we hen aan het werk op Antwerp Metal Fest; een jaar later maakten ze ook op Alcatraz indruk. Hun debuut ‘Chapel of Abhorrence’ bevestigde wat we op die podia al vermoedden.
Ondertussen heeft de band zich tot ver buiten België bewezen. Met ‘Symphony in Flesh’, dat nu in oktober verschijnt, klinkt Carnation nog altijd even gedreven.
We hadden een fijne babbel met Jonathan Verstrepen over de nieuwe plaat, blikten terug op het verleden en de evolutie van Carnation, en keken vooruit naar de toekomst en de ambities van de band.

Carnation bestaat inmiddels al meer dan tien jaar. Als je terugkijkt op dat parcours, zijn er zaken die je vandaag anders zou aanpakken?
Ik denk niet dat we fundamenteel andere keuzes zouden maken. We zijn blij met hoe alles gelopen is en hebben van bij het begin veel zelf in handen genomen. Dat heeft ons als band sterk vooruitgeholpen. We brachten drie albums uit via Season of Mist. Als we dat contract vandaag opnieuw zouden onderhandelen, zouden we misschien proberen om er minder albums aan te koppelen. In die periode hadden we soms minder controle over zaken als promotie en online advertenties. Achteraf denk je dan weleens dat je bepaalde dingen zelf beter had kunnen aanpakken. Toch hebben we daar geen spijt van: het was vooral een belangrijk leerproces.

Wanneer jullie in 2013 begonnen, waren de ambities vermoedelijk heel anders. Hoe hebben die doelen zich door de jaren heen ontwikkeld?
In het prille begin leek het ons al geweldig om ooit samen te spelen met bands waarnaar we zelf opkeken en waaruit we inspiratie haalden, zoals Entombed of Obituary. Vrij snel kregen we zulke kansen en merkten we dat er meer mogelijk was. Sindsdien worden de doelen telkens wat verlegd. We proberen ze haalbaar te houden, zodat we niet voortdurend teleurgesteld raken, maar tegelijk blijven we vooruitkijken. We zijn vooral heel blij met en dankbaar voor wat we al hebben kunnen doen.

Death metal is geen vanzelfsprekend genre om een groot publiek mee te bereiken. Waarom is Carnation er volgens jou toch in geslaagd om door te groeien?
Onze muziek is binnen death metal misschien nog vrij muzikaal en herkenbaar. Onze invloeden komen niet uitsluitend uit death metal. We luisteren bijvoorbeeld ook naar Iron Maiden, Motörhead en progressieve muziek. Als een nummer van een andere band sterk in elkaar zit, analyseer ik graag waarom het werkt. Die manier van denken nemen we mee in onze eigen songwriting. We proberen goede deathmetalnummers te schrijven die tegelijk blijven hangen. Iemand omschreef ons ooit als een deathmetalband die hits kan schrijven. Dat vond ik eigenlijk een mooie beschrijving.

Met ‘Symphony in Flesh’ lijken jullie opnieuw dichter bij de kern van Carnation te komen dan op ‘Cursed Mortality’. Was het de bedoeling om terug te grijpen naar de brutaliteit van de eerste platen?
Cursed Mortality was experimenteler, trager en op bepaalde momenten ook zwarter. Voor de nieuwe plaat wilden we opnieuw iets van de rauwheid en brutaliteit van de eerste twee albums naar boven halen. Tegelijk wilden we alles toepassen wat we onderweg geleerd hebben. Het mocht geen herhaling van ons debuut worden: we wilden een nieuw album met een eigen geluid maken. In sommige nummers komt die brutale kant sterker naar voren dan in andere.

Wat is volgens jou het grootste muzikale verschil met de vroegere albums?
We werken nu veel meer met melodie en sfeer. Ook onze manier van nummers schrijven is geëvolueerd. De typische Carnation-sound blijft aanwezig, maar daarnaast durven we andere elementen toe te voegen. Het laatste nummer van de plaat is daarvan waarschijnlijk het duidelijkste voorbeeld.

De afsluiter, ‘Legacy of the Forefathers’, duurt ongeveer elf minuten en voelt bijna als een verhaal op zich. Hoe is dat nummer ontstaan, en toont het mogelijk een richting voor de toekomst?
Dat is voorlopig moeilijk te zeggen, omdat we nog maar aan het begin van het schrijfproces voor de volgende plaat staan. Mijn broer en ik houden wel van lange, progressief opgebouwde nummers waarin echt een verhaal wordt verteld en de muziek een belevenis op zich wordt. Er mogen onverwachte passages in zitten. Uit de eerste recensies blijkt bovendien dat dit nummer bij veel mensen blijft hangen. Ik zou het dus zeker niet erg vinden om in de toekomst vaker zoiets te doen, maar we zullen zien waar het schrijfproces ons brengt.

De muziek en de teksten roepen vaak beelden van psychologische horror en folklore op. Hebben jullie ooit aan een volwaardig conceptalbum gedacht?
Ik heb daar al verschillende keren over nagedacht, omdat het volgens mij goed bij de band zou passen. Het is er tot nu toe nog niet van gekomen, maar misschien is het wel een idee voor een volgende plaat. Het is in ieder geval iets waarover we al gesproken hebben.

Ook op plaat heeft Carnation een sterk livegevoel. Proberen jullie die podiumenergie bewust in de studio te behouden?
In het begin kregen we vaak te horen dat onze livesound erg sterk was. Daardoor zijn we gaan nadenken over hoe we die energie ook in de studio konden vastleggen. We proberen de muziek niet te veel te bewerken en alles zo puur mogelijk te houden. Dat draagt er waarschijnlijk toe bij dat de plaat live en direct klinkt.

Is Carnation volgens jou een band die je echt live moet zien?
Ik denk het wel. Dat horen we ook vaak van mensen. We houden zelf van een theatrale show en vinden het belangrijk dat het publiek niet alleen iets te horen, maar ook iets te zien krijgt. Momenteel werken we aan een volledig nieuw podiumontwerp. Het hele podium zal meer aangekleed worden, zodat de volgende shows een andere sfeer krijgen. We willen live nog sterker en theatraler worden.

De productie werd opnieuw binnen de vertrouwde kring aangepakt. Wat zijn de voordelen daarvan?
Het grootste voordeel is de vrijheid en de tijd die we krijgen. Wanneer je een externe studio voor twee weken boekt, moet alles binnen die periode klaar zijn. Nu kunnen we opnemen, later opnieuw luisteren en terugkeren wanneer we nog ideeën krijgen of iets willen verbeteren. Bovendien kent Yarne  de band en weet hij hoe we live klinken. Daardoor kunnen we samen veel gerichter naar het juiste geluid zoeken.

Hebben de buitenlandse optredens ook nieuwe deuren geopend in België?
Dat helpt zeker. Helemaal in het begin zijn we met onze eerste EP zelfs naar Japan gevlogen, terwijl bijna niemand ons daar kende. Door zulke avonturen kregen we ook in België meer bereik. Hetzelfde geldt voor Europese tournees: tijdens shows ontmoet je organisatoren van andere zalen en festivals, en zo leidt het ene vaak tot het andere.

Jullie speelden inmiddels drie keer op Graspop. Welke komende optredens springen er voor jou uit?
We kijken vooral uit naar onze eigen releaseshow, op 7 november in Kavka.  https://kavka.be/event/carnation-symphony-in-flesh-release-show/ omdat dit de eerste keer wordt dat we de nieuwe nummers live brengen. Daar voelen we wellicht ook de meeste gezonde stress voor, want we willen alles zo goed mogelijk voorbereiden. Daarnaast volgen nog andere optredens en festivals. Zoals Pluto Fest in Deinze op 21 november.  https://www.facebook.com/events/brielpoort-deinze/pluto-fest-2026/2428360317616272/

Is optreden voor een klein publiek moeilijker dan voor een grote festivalmassa?
Een kleine, goed gevulde zaal kan heel aangenaam zijn. Wanneer er echter maar tien mensen staan, zie je ieder gezicht afzonderlijk en voel je hun reactie veel directer. Voor een grote menigte zie je eerder één zee van mensen. In die zin kan een heel klein publiek soms inderdaad moeilijker zijn.

Wat beschouw je persoonlijk als een van de grootste hoogtepunten uit de carrière van Carnation?
De 70,000 Tons of Metal-cruise is zonder twijfel een van de grootste hoogtepunten. We hadden nooit gedacht dat we dat zouden meemaken, en inmiddels hebben we het al twee keer mogen doen. Veel mensen dromen ervan om daar ooit als bezoeker naartoe te gaan. Dat wij er met de band een hele week konden verblijven en optreden, was echt bijzonder.

Welke grote ambitie staat er nog op de lijst?
Een tournee door Amerika. We speelden er al op de cruise, maar dat is niet hetzelfde als echt door het land touren. We krijgen die vraag vaak en weten dat onze platen er goed verkopen. Toch is het tegenwoordig niet eenvoudig. Werkvisa vragen maanden voorbereiding, kosten veel geld en vormen voor veel bands een struikelblok. Ook touren zelf verloopt er anders dan in Europa en je moet veel meer zelf organiseren. Toch blijft het iets wat we graag willen doen.

Waar hoop je dat Carnation over twintig jaar staat?
Daar heb ik nog nooit heel concreet over nagedacht. Ik hoop vooral dat we dan nog altijd kunnen doen wat we nu doen en dat we er evenveel plezier aan beleven. Of de band tegen dan groter of kleiner is, vind ik minder belangrijk, zolang we het nog graag doen.

Kunnen jullie tijdens het schrijven al voorspellen welke nummers erbovenuit zullen steken?
Soms denken we dat te weten. Onze nummers worden eerst instrumentaal geschreven en af en toe voel je in die fase al dat een bepaald nummer bijzonder kan worden. Maar zodra er tekst en zang bij komen, kan je mening volledig omslaan. In het verleden hebben we meermaals gemerkt dat een nummer pas echt zijn identiteit krijgt wanneer de zang erop staat.

Hoe belangrijk is de vriendschap binnen de band?
Heel belangrijk. We maken onderweg ook minder aangename dingen mee: shows waar alles slecht geregeld is, problemen met vervoer en allerlei andere tegenslagen. Omdat we zo’n hechte groep zijn, kunnen we daar achteraf meestal nog mee lachen. Iedereen doet bovendien iets voor de band. De taken achter de schermen worden verdeeld volgens ieders sterke punten. Ik denk dat die dynamiek ons sterker maakt.

Wanneer zou Carnation voor jullie niet langer hoeven door te gaan?
Wanneer we zouden voelen dat het niet meer vooruitgaat, dat de muziek niet meer is wat we willen maken of dat we ons niet langer kunnen verbeteren. Vooral het idee dat we geen beter album meer zouden kunnen schrijven dan het vorige, zou moeilijk zijn. Maar zover zijn we gelukkig nog lang niet.

In de popwereld ligt de nadruk steeds meer op losse singles. Waarom blijft een volledig album voor Carnation belangrijk?
Mensen die naar metal luisteren, kopen en beluisteren volgens mij nog graag volledige albums. In onze wereld wordt het albumformaat nog altijd gewaardeerd en begrepen. We hebben onze strategie wel aangepast: vroeger brachten we misschien twee singles vooraf uit, nu kunnen dat er vijf zijn, verspreid over een langere periode. Zo bereik je via streaming meer mensen. Maar die singles moeten voor ons nog altijd deel uitmaken van een volledig album; we willen niet uitsluitend losse nummers uitbrengen.

Tussen de albums zit doorgaans behoorlijk wat tijd. Willen jullie het tempo in de toekomst verhogen?
Na de release van een plaat willen we er zoveel mogelijk mee optreden. Daardoor blijft er aanvankelijk weinig tijd over om nieuw materiaal te schrijven. Pas later ontstaat opnieuw ruimte voor een volgende plaat. Nu proberen we iets sneller te werken, omdat alles tegenwoordig veel vlugger voorbijgaat en een nieuw album na enkele weken alweer uit de aandacht kan verdwijnen. We zijn daarom al aan het schrijven voor de volgende plaat. Toch mag snelheid nooit belangrijker worden dan kwaliteit. We schrijven graag muziek en willen onszelf niet zo onder druk zetten dat we later spijt krijgen van keuze.

CD review 2026 Symphony In Flesh

Dank voor de fijne babbel. Veel succes met de nieuwe plaat en hopelijk zien we jullie binnenkort opnieuw live aan het werk

Steamroller – Een riff moet vanaf de eerste seconde binnenkomen

Op een festivaldag die nog maar net op gang is getrokken, krijgt Steamroller de ondankbare taak om vlak na het middaguur de deuren open te beuken. De Belgische band speelt vol overgave, strak en gevarieerd. Zanger Pieter Van Hecke probeert zelfs een eerste moshpit uit te lokken, al blijkt het daarvoor nog wat vroeg. Aan het enthousiasme van de groep ligt het alvast niet. Na die stevige start van Devils Rock For An Angel praten we met Steamroller over het ontstaan van de band, de maatschappijkritische EP ‘Stolen Focus’, onze door technologie gekaapte aandacht en nieuwe muziek. Ook Alcatraz en Graspop blijken nadrukkelijk op de verlanglijst te staan.

Steamroller is voortgekomen uit Kill Corruption. Wanneer voelden jullie dat het niet langer een voortzetting was, maar echt een nieuwe band met een eigen identiteit?
Steamroller is inderdaad voortgevloeid uit Kill Corruption, dat zelf een afsplitsing was van Cuttermess. De bassist en drummer waren daar samen met twee gitaristen vertrokken, maar die gitaristen hielden het vrij snel voor bekeken. Vervolgens gingen de bassist en drummer op zoek naar nieuwe muzikanten. Joni en David kwamen erbij als gitaristen en iets later vervoegde Pieter de band als zanger. Met die bezetting namen we één single op, ‘Steamroller’. De bassist en drummer kregen daarna andere prioriteiten en het werd steeds moeilijker om de band met hun gezinsleven te combineren. Uiteindelijk gingen we uit elkaar, maar wij besloten verder te werken met de muziek die er al lag. We hadden alleen nog een nieuwe naam nodig. De vrouw van David stelde Steamroller voor, naar de titel van de single, en die naam voelde meteen goed. Niet lang daarna kwamen Tom erbij als bassist en Jef als drummer. Zo waren we opnieuw met vijf en kreeg de band zijn huidige vorm.

De naam past natuurlijk uitstekend bij de muziek: die dendert inderdaad als een pletwals over de luisteraar heen. Wat mij eveneens opvalt, is de maatschappijkritische insteek. Welke onderwerpen of frustraties doen jullie naar de pen en de gitaren grijpen?
Pieter schrijft over zaken waarvan hij wakker ligt, waar hij last van heeft of waarover hij kwaad wordt. De muziek is daarbij een uitlaatklep, maar niet zijn enige. Door zijn beroep werkt hij ook rond kwaadheid en agressie. Hij heeft geleerd die woede op de juiste temperatuur te krijgen: hoog genoeg om op het podium te kunnen presteren, maar niet zo hoog dat hij niet meer weet wat hij doet. Op het podium is die kwaadheid dus beheerst. Daarin zijn we misschien geen traditionele thrashband. Veel thrashteksten gaan over grote maatschappelijke problemen, terwijl onze teksten vaak persoonlijker en socialer zijn. Het is zeker geen nonsens: we willen dat iedereen binnen de band zich erin kan vinden. Pieter is verantwoordelijk voor de meeste teksten, maar het blijft belangrijk dat we met zijn allen min of meer in dezelfde richting kijken.

De titel van jullie EP ‘Stolen Focus’ verwijst naar het gelijknamige boek van Johann Hari, over de manier waarop onze aandacht wordt aangetast. Waarom wilden jullie dat thema in een nummer verwerken?
Het boek gaat over de manier waarop onze aandacht massaal wordt weggenomen door technologie en grote technologiebedrijven. Pieter vond het een fantastisch boek en werd tegelijk kwaad van wat erin stond, omdat hij zichzelf erin herkende. Hij is zelf behoorlijk verslaafd aan zijn smartphone en moet die aan het begin van de dag zo ver mogelijk wegleggen om goed aan de dag te kunnen beginnen. Daarom leek het hem een goed idee om er een nummer over te schrijven. Voor een band zijn sociale media en streaming tegelijk bijna onmisbaar geworden. Je kunt er veel meer mensen mee bereiken, maar de vraag is hoe diep dat contact nog gaat. Mensen krijgen zoveel muziek aangeboden dat ze iets even beluisteren en daarna alweer verdergaan. Vroeger kon een luisteraar een sterkere band met een plaat ontwikkelen. Dat dubbele gevoel zit eveneens in het onderwerp: sociale media zijn nuttig, zolang ze je leven niet gaan beheersen.

De vijf nummers op ‘Stolen Focus’ voelen niet allemaal hetzelfde aan, hoewel er wel een duidelijke rode draad doorheen loopt. Is die variatie bewust ontstaan?
Iedereen brengt zijn eigen invloeden mee. Een van ons speelt ook in een punkband, terwijl iemand anders opgroeide met de nu-metal uit de jaren negentig. Al die invloeden sijpelen, vaak onbewust, in Steamroller door. Tijdens de studio-opnames hadden we bovendien veel aan de begeleiding van onze producer Francis. Hij leerde ons anders naar de nummers kijken: kunnen we hier variëren, kan dit anders en zijn we niet voortdurend hetzelfde aan het doen? Ook bij het schrijven van zanglijnen en teksten denken we daar nu bewuster over na. Het onderwerp en de formule mogen herkenbaar blijven, maar binnen die structuur moet voldoende gebeuren om het interessant te houden. Onze muziek moet in de eerste plaats luisterbaar zijn. De nummers zitten doordacht in elkaar, maar het draait niet om muzikaal haantjesgedrag of zoveel mogelijk noten in één compositie stoppen. Een riff moet vanaf de eerste seconde binnenkomen. We maken nummers die we zelf goed vinden. Wanneer het publiek daarin meegaat, is dat uiteraard mooi meegenomen.

In de mix staat de bas opvallend ver naar voren. Was dat een bewuste keuze om Steamroller van andere thrashbands te onderscheiden?
Dat is deels een bewuste keuze en deels gewoon het gevolg van de manier waarop Tom speelt: hij heeft een bijzonder krachtige aanslag. Mogelijk hoor je daarin ook iets van onze hardcore-invloeden. Bij veel thrashbands domineren de scherpe gitaren, terwijl wij willen dat je de bas echt in de buik voelt. Het ontstond niet vanuit een theoretisch plan om anders te klinken, maar het geeft ons geluid wel een eigen karakter.

Jullie openden het festival DRFAA. Zorgt een festival openen ervoor om meteen voluit te gaan, of is het net moeilijker om een spanningsboog op te bouwen?
Openen is nooit de makkelijkste plaats maar we gaan altijd direct voluit . In eerste instantie hadden we 30 min speeltijd . Maar uiteindelijk zijn tot een compromis gekomen en mochten we vroeger  beginnen, en hebben de volle veertig minuten voluit kunnen gaan . We proberen onze set wel zo samen te stellen dat we onmiddellijk met enkele stevige nummers beginnen en het publiek snel meekrijgen. Eigenlijk geven we altijd vol gas, of de zaal nu meteen reageert of niet. Omdat we als band allemaal in dezelfde richting kijken en er samen volledig voor gaan, slaat die energie doorgaans ook over op het publiek.

Denken jullie tijdens het schrijven al na over de manier waarop een nummer op het podium zal werken?
We vertrekken altijd vanuit een goede riff en bouwen vervolgens een nummer dat we zelf sterk vinden. We schrijven dus niet bewust volgens een formule om bepaalde publieksreacties uit te lokken. Bij het zoeken naar zanglijnen denkt Pieter er soms wel over na hoe iets tegelijk catchy en opzwepend kan klinken. Als frontman is het uiteindelijk ook zijn taak om de mensen mee te krijgen.

Ook visueel vormen het logo, de hoes, de shirts, de podiumbanners en het kleurgebruik één duidelijk geheel. Wie bewaakt dat aspect?
We vinden het belangrijk dat mensen die een ticket kopen ook visueel iets terugkrijgen. Het hoeft niet overdreven te zijn, maar het totaalbeeld moet kloppen. Tegelijk willen we de bekende metalclichés vermijden. Niet iedere hoes heeft een doodskop of een monster nodig. Het artwork van onze eerste release werd trouwens door een echte kunstenaar gemaakt, niet met artificiële intelligentie. Ook daarin willen we iets tonen dat werkelijk bij Steamroller past.

De opbrengst van Devils Rock For An Angel gaat naar verschillende goede doelen. Geeft het dit optreden een extra betekenis, zeker omdat ook jullie muziek maatschappelijk betrokken is?
Zeker. Iedereen wordt vroeg of laat geconfronteerd met situaties waarin ondersteuning nodig is. Een van de organisaties die door het festival wordt gesteund, is bovendien vanuit het beroepsleven van Pieter niet onbekend. Het is fijn dat we door hier te spelen iets kunnen bijdragen.

Merken jullie dat Steamroller als liveband snel groeit? Wat leren jullie uit ieder optreden?
Hoe vaker je speelt, hoe beter je op elkaar ingespeeld raakt. Na repetities en optredens geven we elkaar voortdurend feedback, al gebeurt dat niet via een formele evaluatie. We luisteren ook naar wat andere mensen vertellen. Dat betekent niet dat we iedere opmerking zomaar voor waar aannemen, maar we leggen de reacties samen en bekijken wat we ermee kunnen doen. Ook podiumpresence kun je oefenen. In het begin ben je vooral bezig met je noten; later ga je nadenken over hoe je overkomt en beweegt. Dat proberen we al tijdens de repetities mee te nemen, zodat het op het podium natuurlijk aanvoelt. We spelen geen vijftig concerten per jaar en moeten daarom iedere gelegenheid aangrijpen om zoveel mogelijk te leren. Bij elk optreden voelen we de band verder groeien.

In 2027 willen jullie opnieuw de studio in. Kunnen jullie al iets vertellen over het nieuwe materiaal en het nummer “Whispering Train”?
‘Whispering Train’ is een van de nieuwe nummers die we vandaag hebben gespeeld en die we willen opnemen. Daarnaast werken we nog aan andere songs, maar die zijn nog niet allemaal voldoende gerepeteerd om ze live te brengen. Het nieuwe materiaal blijft stilistisch in de lijn van Stolen Focus. Er zullen zelfs nummers op staan die ouder zijn dan bepaalde songs van die EP. Het wordt opnieuw geen volledig album, maar eerder een mini-album of EP. We denken dat het voor een band interessanter is om ieder jaar vier of vijf nummers uit te brengen dan drie of vier jaar te verdwijnen terwijl er aan een volledig album wordt gewerkt. Mensen vergeten een band snel wanneer er lange tijd niets nieuws verschijnt. De nieuwe nummers zitten volgens ons ook beter in elkaar. De eerste composities bestonden soms nog uit verschillende riffs die aan elkaar werden genaaid. Nu voelen ze meer als volledige en volwassen songs. Die evolutie komt voort uit ervaring en uit het advies van onze producer, die met heel wat metalbands werkt.

Wat is de grootste ambitie van Steamroller? De wereld veroveren, of houden jullie het iets bescheidener?
Een van ons heeft zichzelf een duidelijk doel gesteld: vóór zijn zestigste op Alcatraz of Graspop staan. Of dat lukt, weten we uiteraard niet, maar het is een mooie doelstelling. Je bereikt zo’n podium ook niet zonder onderweg veel andere concerten te spelen en verder te groeien. We willen vooral blijven optreden en plezier beleven aan wat we doen. Als Alcatraz ooit lukt, stopt het verhaal daar natuurlijk niet. Dan zoeken we gewoon een volgend doel.

LIVE DRFAA Devils Rock For An Angel 2026 - Duivels geweld warm omhelzend

Pics homepag @Peter Vangelder (Musika.be)

Bedankt voor de fijne babbel, veel succes in alles wat jullie doen en hopelijk tot binnenkort op een of ander podia.

Abstracted Mind – Je hoeft niet voortdurend oké, gelukkig en dankbaar te zijn

Abstracted Mind werd in 2020 in Buenos Aires opgericht rond zangeres Juli Hope en gitarist Yamil Ladner, waarna de band naar Nederland verhuisde. De groep combineert symfonische metal met progressieve en moderne elementen. Psychologische thema’s en persoonlijke verhalen worden zowel instrumentaal als vocaal op een bombastische, haast sprookjesachtige manier vormgegeven.
Een voortdurende stroom van uiteenlopende emoties borrelt naar de oppervlakte en soms krijgt de muziek zelfs de allure van een rockopera. Ook de wisselwerking tussen de heldere, gevoelige stem van Juli en de rauwere vocalen van Yamil zorgt voor extra variatie en contrast.
Abstracted Mind brengt dan ook veel meer dan een doorsnee metaloptreden: de band creëert een fantasierijk muzikaal spektakel dat voortdurend de verbeelding prikkelt.
We hadden een aangenaam gesprek met Juli en Yamil over hun eerste Belgische concert, het debuutalbum ‘Break Down Your Fears’, de diepere betekenis achter hun muziek en de toekomstplannen van de band.

Abstracted Mind ontstond in 2020 in Buenos Aires en verhuisde later naar Nederland. Kunnen jullie vertellen hoe die overgang is verlopen? Heeft de verhuizing en jullie nieuwe Europese omgeving, de muziek van de band beïnvloed?
Tijdens jullie liveoptreden meende ik nog altijd iets Argentijns te horen, gecombineerd met duidelijke Europese invloeden
We zijn in Argentinië begonnen en een van de grootste veranderingen is dat we oorspronkelijk in het Spaans zongen. Op dat moment wilden we de band daar uitbouwen. Toen we verhuisden, beseften we dat we niet langer in een Spaanstalig land woonden. Overschakelen op het Engels was logisch, omdat mensen in alle verschillende Europese landen ons dan konden begrijpen. We hadden sowieso al veel Europese invloeden, want de meeste bands waarnaar we luisterden, kwamen uit Europa. Groepen als Rhapsody of Fire, Epica, Within Temptation en After Forever zijn ook in Argentinië en elders in Latijns-Amerika heel populair. Die invloeden waren dus al aanwezig. Het Argentijnse element komt misschien het duidelijkst naar voren in onze passie en de manier waarop we een optreden benaderen. We zijn luide en enthousiaste publieken gewend. In Argentinië zingen mensen zelfs de gitaarriffs mee. Die energie draag je met je mee.

Jullie begonnen de band tijdens de coronapandemie. Was dat vooral een moeilijke periode die jullie plannen bedreigde, of ontstond er net ook tijd en ruimte om de muziek verder te ontwikkelen?
Het enige positieve aan 2020 was dat de meeste mensen meer tijd voor zichzelf hadden. Sommige nummers waren al geschreven en stonden gewoon ergens op een computer. We dachten: wat als we die songs eindelijk tot leven brengen? Ook al was het niet het ideale moment, het was nog altijd beter om ze de wereld in te sturen dan ze op een computer te laten staan. We hadden voordien allebei al in andere bands gespeeld. Op dat moment besloten we samen iets te creëren dat we met andere mensen konden delen. Aanvankelijk zat daar geen groots plan achter. We hadden gewoon de tijd en het materiaal, en zo is het begonnen.

Psychologische thema’s, filmische arrangementen en een sterke emotionele spanningsboog spelen een centrale rol in jullie muziek. Waar komt die artistieke richting vandaan? Benaderen jullie de nummers als scènes of hoofdstukken binnen één groter verhaal?
Het was niet onze bedoeling om een conceptalbum te maken. Ieder nummer vertelt zijn eigen verhaal. Sommige songs kunnen met elkaar worden verbonden, omdat verschillende teksten kritiek leveren op de mensheid, de samenleving of de politiek. Andere nummers behandelen dan weer totaal verschillende onderwerpen. Zo is The Messenger From the Stars gebaseerd op een verhaal van H.P. Lovecraft, terwijl Shattered Mirror fictief is en zijn eigen weg volgt. Er loopt dus niet één doorlopend verhaal door het volledige album. De titel Break Down Your Fears brengt de verschillende onderwerpen wel samen. De meeste nummers gaan over het onder ogen zien van je emoties. In plaats van er voortdurend tegen te vechten, kun je ze erkennen en ermee proberen te leven, want ze maken eveneens deel uit van wie je bent. Goed en kwaad kunnen binnen dezelfde persoon naast elkaar bestaan. Je hebt goede en slechte dagen, en een slechte dag maakt je nog niet tot een slecht mens.

Wanneer je persoonlijke verhalen vertelt, kunnen mensen soms onaangenaam of bekrompen reageren, vooral online. Voelt het ooit als een risico om jezelf zo kwetsbaar op te stellen in een nummer?
Ja. Dat hebben we met eerdere projecten meegemaakt. Ik heb zelfs mijn persoonlijke YouTube-kanaal gesloten omdat ik de willekeurige haters zo beu was. Het waren niet eens mensen die ik kende. Soms weet je niet of het echte personen zijn, omdat ze geen profielfoto hebben en zelf nooit iets plaatsen. Vooral YouTube zit vol met zulke figuren. Eternals bevat kritiek op de manier waarop we vandaag leven. Mensen vragen zich voortdurend af welke stap ze moeten zetten en wat anderen daarvan zullen denken. Uiteindelijk zullen mensen toch slecht over je praten, ongeacht wat je doet of hoeveel moeite je ergens voor hebt gedaan. Er zal altijd wel iemand zijn die zegt dat het beter kon. Misschien komt het doordat we ouder worden, maar ondertussen aanvaarden we dat zulke mensen bestaan en dat we daar niets aan kunnen veranderen. Je kunt beter iets doen waarvan je houdt en waaruit je plezier haalt. Wanneer je tevreden bent over een nummer, breng het dan uit. Het is beter om het de wereld in te sturen dan het op een computer te laten staan. Haters zullen toch blijven haten.

Jullie vertellen niet alleen jullie eigen verhaal. Wanneer ik naar de muziek luister, voelt het soms alsof jullie ook mijn verhaal vertellen. Is het belangrijk dat luisteraars zichzelf in de songs kunnen herkennen, zelfs wanneer het onderwerp hen met ongemakkelijke gevoelens confronteert?
Ja. Het doel is altijd om een boodschap over te brengen. Wanneer luisteraars die boodschap zichzelf kunnen toe-eigenen, betekent dit dat we bepaalde gedachten of ervaringen delen. Sommige nummers zijn moeilijk omdat ze kritiek leveren op wat we in ons eigen leven doen. Ze willen onze ogen openen, maar ook die van iedereen die de boodschap begrijpt en denkt: “Ja, dit gebeurt inderdaad en misschien kunnen we er iets aan doen.” We willen communiceren en mensen bewustmaken. We hebben allemaal wel nummers die in zekere zin ons leven hebben gered. Wanneer je iemand een gevoel hoort verwoorden en denkt: “Dat ben ik”, voel je je minder alleen. Je beseft dat je gevoelens bestaansrecht hebben en dat andere mensen hetzelfde meemaken. Sommige luisteraars omschreven het album als bijzonder dramatisch of uitzichtloos, maar dat was niet onze bedoeling. Het vraagt je om je ogen te openen en rondom je te kijken. Er staan ook hoopvollere nummers op, zoals Rise Again. Die song vertelt dat je altijd een uitweg kunt vinden, hoe diep je ook bent gevallen. Er is altijd een weg vooruit.

Voor jullie ‘Break Down Your Fears’ uitbrachten, verschenen er over een periode van enkele jaren verschillende singles. Krijgen sommige van die vroegere nummers een andere betekenis nu het volledige album er is?
Wanneer je teruggaat naar de eerste nummers die we in Buenos Aires uitbrachten, kom je uit bij Una Oportunidad, Ser Quien Soy en Nadie Podrá Cambiar. Die laatste song kreeg op het album een nieuwe Engelstalige versie onder de titel No Light Will Ever Remain. De andere twee klinken heel anders dan wat we vandaag doen. Een van die nummers bestond zelfs al voor Abstracted Mind. Door de jaren heen is er enorm veel veranderd. Toen we begonnen en nog voor de verhuizing hadden we die nummers al, maar dachten we nog niet aan een album. Eenmaal in Nederland besloten we de band hier opnieuw uit te bouwen. We begonnen aan het album en schreven nieuwe songs met een veel duidelijkere focus. We hebben toen absoluut een stap vooruitgezet in onze ontwikkeling.

Toen ik jong was, maakte een band een album en ging ermee op tournee. Tegenwoordig brengen veel artiesten eerst een hele reeks singles uit voor het album verschijnt. Was dit voor jullie een bewuste strategie, gericht op streaming?
Wij luisteren nog altijd naar volledige albums, dus voor ons blijft dat normaal. Voor veel jongere luisteraars is het echter niet langer de gebruikelijke manier om muziek te consumeren. Heel wat bands en soloartiesten brengen alleen nog singles of ep’s uit, omdat er zoveel verschillende vormen van content om de aandacht van mensen strijden. Wanneer je vandaag een volledig album maakt, weet je dat een deel van het publiek wellicht uit oudere luisteraars bestaat die nog altijd graag een plaat van begin tot einde beluisteren. Andere mensen kunnen oprecht van je muziek houden, maar toch alleen naar de singles luisteren. Dat betekent niet dat ze geen behoefte hebben aan meer muziek; het is gewoon hun manier van luisteren: enkele nummers van de ene artiest, gevolgd door een paar songs van iemand anders. Voor ons was het uitbrengen van vier singles uit dit album ook een manier om Abstracted Mind op de kaart te zetten. Wanneer we meteen hadden gezegd: “Hier zijn we en dit is ons album”, hadden er misschien vijf mensen geluisterd. We waren van heel ver naar Nederland verhuisd en kenden hier nauwelijks iemand in de scene. Door één song per keer uit te brengen, konden we zien hoe mensen reageerden, een publiek opbouwen en geleidelijk deel worden van die scene. Het was gedeeltelijk een strategie en gedeeltelijk een erkenning van de manier waarop muziek tegenwoordig wordt geconsumeerd.

Ik zag jullie onlangs in Club Hell in Diest. Voor zover ik begreep, was dit jullie eerste concert op Belgische bodem. Hoe hebben jullie die avond ervaren? Hoe moeilijk is het om zo’n zorgvuldig gelaagd en filmisch album te vertalen naar een spontaan liveoptreden? En minstens even belangrijk: wat vonden jullie van het Belgische bier?
Het was ons eerste optreden in België, al hadden we het land voordien al bezocht. We hielden dus al van België en hebben enorm genoten van het concert. Het publiek was fantastisch: energiek en oprecht betrokken bij de show. Wanneer je dit soort muziek live brengt, moet je met heel veel dingen rekening houden. Het draait niet alleen om wat we zelf spelen. Voor de orkestrale arrangementen, effecten en andere lagen gebruiken we ook backingtracks. De band moet daardoor heel strak spelen. Je moet veel oefenen en repeteren om alles goed te laten klinken. Ondanks al die voorbereiding was het vooral enorm leuk om dit optreden te spelen. En ja, het Belgische bier was eveneens bijzonder lekker.

Juli’s heldere en gevoelige stem contrasteert geregeld met de rauwere vocalen van Yamil.
Is die wisselwerking puur muzikaal, of vertegenwoordigen de twee stemmen verschillende emoties, personages of innerlijke krachten binnen de songs?
De stemmen vertegenwoordigen niet noodzakelijk verschillende personages. We wilden vooral contrast en drama creëren. Door onze invloeden binnen dit genre komen sommige passages nu eenmaal beter tot hun recht met een zwaardere vocale inbreng. Soms vertelt een song zelf wat hij nodig heeft. Toen we aan Despair begonnen en de centrale riff vonden, voelden we meteen dat grunts daar goed zouden werken. We houden er niet van onszelf beperkingen op te leggen. Tijdens het schrijven brengen we allerlei ideeën aan. Wanneer we elkaar aankijken en iedereen vindt dat iets werkt, gebruiken we het zonder ons al te veel zorgen te maken over hokjes of categorieën.

“Rise Again” begint als een kwetsbare pianoballad en barst dan open in een krachtig symfonisch crescendo met orkestratie en koorzang.
Live klonk het nog intenser en bijna droomachtig. Was dat contrast een bewuste keuze? Beschouwen jullie “Rise Again” als een van de nummers die Abstracted Mind vandaag het beste vertegenwoordigen?
Ik zou het niet ons meest representatieve nummer noemen, omdat het de ballad van het album is. Met die song wilden we een kwetsbaardere kant van onszelf tonen. Andere nummers vertegenwoordigen ons algemene geluid en de richting waarin we evolueren beter. We werken ondertussen al aan nieuwe muziek. Songs als Eternals en Shattered Mirror geven waarschijnlijk een duidelijker beeld van waar we naartoe willen en wat er in de toekomst kan volgen.

Ik ervaarde het album als een soort rockopera die de poort opent naar een duistere maar betoverende sprookjeswereld. Het deed me denken aan de verhalen die grootmoeder voor het slapengaan vertelde, waarna we de hele nacht over heksen en vreemde wezens droomden.
Herkennen jullie het album in die interpretatie? Het is in de werkelijkheid geworteld én voelt tegelijk als een donker sprookje
Dat was geen bewust doel, maar die omschrijving past verrassend goed bij wat er achter de verhalen schuilgaat. Wanneer je het op die manier verwoordt, klinkt het volkomen logisch. We hebben niet vooraf besloten dat we een sprookjeswereld wilden creëren. Ze ontstond vanzelf door de manier waarop we de nummers schreven en hun ideeën communiceerden. Het was geen berekende keuze, maar we herkennen het album zeker in jouw interpretatie.

Na verschillende luisterbeurten kreeg ik het gevoel dat een van de centrale ideeën van het album zou kunnen zijn dat het overwinnen van angst niet betekent dat alle duisternis voorgoed verdwijnt. De leegte blijft misschien bestaan, maar verliest een deel van haar verstikkende kracht. Herkennen jullie die interpretatie?
Ja. Het blijft altijd een proces waaraan je moet werken. Je overwint je angsten niet één keer en dan voorgoed; herstel verloopt niet in een rechte lijn. Er zullen goede en slechte dagen zijn. De uitdaging bestaat erin met die gevoelens samen te leven, jezelf te begrijpen en ze niet als excuus te gebruiken om op te geven. Je kunt aanvaarden dat je een bijzonder moeilijke dag hebt en tegelijk blijven geloven dat je sterk genoeg bent om erdoorheen te komen en je reis voort te zetten. Misschien lukt het morgen beter. Wanneer tien procent van je normale vermogen vandaag werkelijk honderd procent is van wat je kunt geven, dan is dat helemaal in orde. Het telt nog altijd. Wanneer je morgen één procent meer kunt geven, is dat prachtig. Heb je alles gedaan wat je kon en lukt er echt niets meer, dan is ook dat aanvaardbaar. De boodschap is: blijf proberen. Wanneer het vandaag niet lukt, probeer het dan morgen opnieuw—maar geef niet op.

Dat is ook wat ik in het album hoorde. Aanvankelijk voelt het misschien heel duister aan, maar de duisternis is niet de eindbestemming; er bestaat ook een mogelijke uitweg. Ik beschouw mezelf als een donkere ziel, maar er is niets mis mee om die kant van jezelf te aanvaarden
Ik ben altijd heel dramatisch geweest. Onlangs vond ik teksten terug die ik op mijn zestiende schreef en die zaten boordevol drama. Dat is gewoon een onderdeel van mijn stijl en de manier waarop ik emoties uitdruk. Er is niets mis mee om dramatisch of emo te zijn, of om het even wat goed voor je voelt. Wanneer het je helpt jezelf uit te drukken, moet je het omarmen.

Wat volgt er voor Abstracted Mind na de release van ‘Break Down Your Fears’? Wat zijn jullie grootste ambities met de band?
Momenteel zijn we heel gelukkig met de release. Het album werd bijzonder goed ontvangen door de luisteraars. Dat maakt ons heel blij, want het heeft veel tijd gekost om de plaat te maken en we hebben tijdens dat proces enorm veel geleerd. We willen het album blijven delen, meer mensen bereiken en de boodschap ervan verspreiden. Een tournee zou fantastisch zijn, net als meer festivals spelen. Tegelijk willen we nu ook genieten van de release van ons debuutalbum. We zijn echter al bezig met de plannen voor een tweede plaat. Onze aandacht is dus verdeeld over het voorstellen van dit album, het boeken van concerten en het werken aan wat hierna komt.

Spelen jullie het liefst in intieme zalen zoals Club Hell, of willen jullie uiteindelijk ook de grotere podia bereiken?
Hopelijk allebei. Optreden op de grote zomerfestivals behoort absoluut tot onze doelstellingen. Zulke dingen vragen tijd, maar we willen blijven groeien en uiteindelijk grotere podia bereiken.

Metal lijkt eindelijk minder door mannen gedomineerd te worden. Merken jullie die evolutie zelf ook? Wordt het voor vrouwen gemakkelijker om metal te spelen en erkenning te krijgen dan enkele jaren geleden?
Absoluut. Het wordt steeds beter. Sommige bands met vrouwen in een prominente rol zijn ondertussen heel succesvol en krijgen belangrijke plaatsen op festivalaffiches. Een band als Spiritbox is vandaag bijvoorbeeld bijzonder populair en Courtney LaPlante krijgt veel erkenning. Er blijft echter nog heel wat ruimte voor verbetering. Mensen moeten ophouden vrouwen volgens andere maatstaven te beoordelen. Ik sprak onlangs met een andere zangeres die zich afvroeg: “Wat als mensen beginnen te zeggen dat ik dik ben?” Helaas bestaat die angst omdat zulke opmerkingen werkelijk worden gemaakt. Je bezoekt geen metalconcert met mannelijke muzikanten om voortdurend te beoordelen of ze dik, dun, harig of wat dan ook zijn. Bij vrouwen wordt hun uiterlijk nog veel te vaak besproken. Op dat vlak is er absoluut nog werk aan de winkel.

Chester Bennington van Linkin Park bleef naar de monsters in zijn hoofd luisteren, tot die monsters hem uiteindelijk vernietigden. Suïcide is geen oplossing. Jullie muziek biedt een andere mogelijkheid: ze moedigt mensen aan om na te denken, die gevoelens onder ogen te zien en een uitweg te zoeken. Dat is wat ik persoonlijk uit jullie muziek haal.
Heel erg bedankt. Dat is precies wat we willen overbrengen: je bent niet alleen, zelfs wanneer dat zo aanvoelt. Je kunt je dagen- of wekenlang volledig terneergeslagen voelen, maar ook dan ben je niet alleen. In onze samenleving leeft bovendien het toxische idee dat je voortdurend oké, gelukkig en dankbaar moet zijn. Zo eenvoudig is het niet altijd. Mensen zouden zich niet schuldig mogen voelen omdat ze het moeilijk hebben.

Ik hoop jullie binnenkort opnieuw in België te zien, misschien bij een volgende albumvoorstelling. Blijf vooral doorgaan. Bedankt voor jullie tijd; het was bijzonder aangenaam om met jullie te praten
Bedankt voor dit fijne gesprek!

Naschrift van de katten
De katten zijn tevreden over het interview. Hun advies: blijf pluizig en luister naar Abstracted Mind! ?

LIVE 2026 Club Hell, Diest Female Fronted Violence Fest 2026 - Een kleurrijke ontdekkingstocht straight to hell!

Elisabeth Klinck Trio - Op zoek naar de oerkracht van de stilte
Elisabeth Klinck Trio
deSingel (studio)

Sommige muziek vraagt je om even stil te staan en aandachtig te luisteren. Toen we Klinck Trio (*****) in april op BRDCST aan het werk zagen, raakte vooral de wisselwerking tussen Elisabeth Klinck, Adia Vanheerentals en Maya Dhondt ons. Hun viool, saxofoon en piano vonden elkaar in muziek die zacht en intiem klonk, maar tegelijk vol kleur en beweging zat. "Een bijzondere kruisbestuiving tussen deze drie, een balsem voor ziel en gemoed", schreven we.
In een later gesprek met Elisabeth Klinck vertelde ze ons dat ze met het trio wilde terugkeren naar een akoestische klankwereld; twee muzikanten met wie het bijzonder goed klikt. Het trio bracht ‘Silent Soundscapes’ naar de Muziekstudio van deSingel.

Die stilte vormde opnieuw de rode draad, al nam de muziek verrassende wendingen. Er waren intieme passages waarin je een speld kon horen vallen. Soms ruiste de saxofoon als een zacht briesje. Even later ontstond een opwindend samenspel van viool en sopraansaxofoon dat zelfs obscuur durfde te klinken. Ook de piano liet zich van verschillende kanten horen. Af en toe zwol het geluid aan tot een verrassende kracht. Juist die beweging tussen verstilling en uitbarsting hield onze aandacht vast. De lange stukken bevatten zoveel uiteenlopende soundscapes. Experiment en improvisatie maakten van deze 75 minuten dan ook een bijzonder intense luisterervaring.
Een afzonderlijk hoogtepunt aanwijzen lukt ons nauwelijks. De kracht van dit concert zat juist in de samenhang: iedere klank, stilte en uitbarsting maakte deel uit van een trip die je als geheel moest ondergaan. Ook achteraf blijft vooral die totaalervaring hangen.

Wat is de oerkracht van de stilte? We denken daarbij terug aan de lange wandelingen van vroeger, langs plekken waar nauwelijks een mens kwam. Je hoorde er bladeren ruisen, vogels tussen de takken en soms een wild dier dieper in het bos. De schoonheid van die omgeving bleef nog lang op je netvlies kleven.
Precies die ervaring riep Klinck Trio op. Zonder grote woorden of gebaren lieten de drie muzikanten hun instrumenten spreken.
Toen we de zaal verlieten, voelde het even alsof we van zo'n wandeling terugkeerden: stiller vanbinnen en met nieuwe beelden in ons hoofd.

Organisatie: deSingel, Antwerpen

Pagina 1 van 209