Kurt Cobain… dat was de eerste naam die door ons hoofd flitste wanneer de in blond sluikhaar gehulde jongeman Christopher Owens met zijn zeskoppige begeleidingsband het podium beklom. Diezelfde schuchtere, depressieve blik in de ogen ook, die leek te verraden dat zijn jeugd bij de Children of God sekte nog lang niet verteerd is, hoe zou je zelf zijn?
Muzikale vergelijkingspunten daarentegen waren zo goed als onbestaand. Waar de Nirvana frontman vroeger zijn duivels uitdreef in punkrocksongs over verderf en verkrachting, verpakte Christopher Owens zijn nummers met zachte, bijna fluisterende stem in fluwelen The Byrds melodieën.
Niet dat we veel tijd kregen om ons aan dergelijke wiskundige vergelijkingen te bezondigen. Gebaseerd op waargebeurde ervaringen tijdens het rondtoeren met Girls, het vorig jaar onverwacht ter ziele gegane en in kennerskringen fel bejubbelde indierock bandje uit San Francisco, voerde haar voormalige frontman ons mee op een road trip langs uiteenlopende plekken. En vooral dan langs de grillige emoties die daaraan blijven plakken zijn. Een reis die weinigen in de zaal onberoerd liet, meer zelfs, aanzette tot een extatische ovatie aan het eind.
“New York City” en “Here We Go Again” klonken Belle&Sebastian gewijs als een dolle lentedag met onbegrensde mogelijkheden. Tot de ontnuchtering volgde op “A Broken Heart” en “Everything You Knew”. Een contrast waarmee hij zich ook dermate graag bediend op de begin dit jaar verschenen debuutplaat ‘Lysandre’ dat je gerust van een concept album mag spreken. Een titel die opgedragen is aan een ontmoeting met een jonge Française die, te horen aan de zwoele instrumental “Riviera Rock”, in een behoorlijk exotische sfeer moet verlopen zijn.
Relationele ontluistering zat als een donkerrode draad doorheen de set gedrapeerd. Maar echt melancholisch, laat staan deprimerend, werd het nooit. Daar zat niet alleen de zonnige thuisbasis aan de Amerikaanse West coast voor iets tussen. Ook het bij wijlen lichtvoetige instrumentarium gaf felle kleuren aan het geheel. Wie heeft vandaag nog het lef om een prominente rol te geven aan een melige dwarsfluit, enkele Bolivianen in grote winkelstraten buiten beschouwing genomen? Trouwens, met het knappe meisjeskoortje dat hem vocaal bijstond had deze troubadour wat ons betreft niet zo veel reden tot klagen.
Naar het eind toe haalde Christopher Owens nog enkele fel gesmaakte covers van Cat Stevens (“Wild World”) en Simon & Garfunkel (“The Boxer”) van stal, waarbij hij een boeket witte rozen rondstrooide terwijl een tamboerijn zijn rechterdij geselde.
Tijdens de akoestische solonummers in de tweede bisronde trad de dooi volledig in. Zijn bandleden stonden aan de zijkant even enthousiast mee te applaudisseren met het publiek.
Organisatie: Botanique, Brussel