logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_14
Stereolab

Tapes ’n Tapes

Walk it off

Geschreven door

Het Amerikaanse Tapes ’n Tapes uit Minneapolis debuteerde twee jaar terug met ‘The loon’. Ze werden binnen het hokje van de postpunk geplaatst met hun frisse, springerige sound; door de intrigerende elektronicapartijen kwam wat meer psychedelica om de hoek kijken. En terecht kwam ook de referentie aan Pavement.
De tweede plaat is breder van opzet. Producer was Dave Fridmann (Mercury Rev, Flaming Lips, Low, Mogwai). Het geheel klinkt aanstekelijk en broeierig en is minder direct en rauw. ‘Walk it off’ is een weerbarstig afwisselend plaatje geworden, die niet inboet aan de speelse, dwarrelende sounds van het kwartet; er zijn de sfeervol dromerige “Time of songs” en “Conquest”, de poppy songs “Le ruse” en “Say back something”, de rammelende strakke “Headshock” en “Blunt”, het funky gekruide “Hang them all”, het grillige “Demon apple” en tenslotte besluiten ze en verve met de intens opbouwende “Lines” en “The dirty dirty”.

Hollenthon

Opus Magnum

Geschreven door

Nadat Pungent Stench de handdoek in de ring wierp, hadden Martin Schirenc (gitaar, vocals)  en Gregor Marboe (bass, vocals) ruim de tijd het project rond Hollenthon nieuw leven in te roepen. Nadat dit nieuws mijn oor bereikte keek ik maandenlang uit naar het nieuwe werk. Eindelijk is het zover, met ‘Opus Magnum’ serveren de Oostenrijkers hun derde langspeler.

Om het in 2001 uitgebrachte ‘With Vilest of Worms to Dwell’ te overtreffen zouden deze heren al heel wat moeite moeten doen. Dit album kenmerkte zich namelijk door stevige Black Metal geniaal ondersteund door bombastische en epische passages die de muziek op sublieme wijze ondersteunden. ‘Opus Magnum’ baseert zich nog steeds op beide componenten, maar de balans tussen deze componenten is minder evenwichtig verdeeld.
De theatrale passages werden wat meer naar de achtergrond gedrukt en begeleiden de duistere Metal meer, dan dat ze erin verweven zijn. In vergelijking met ‘With Vilest of Worms to Dwell’ klinkt het dan ook minder als één geheel. Wat niet wil zeggen dat dit album ontgoocheld, integendeel. Waar het vorige album het moest hebben van de bombastische hoogstandjes en de sublieme composities, ligt de sterkte van dit album in de bij momenten snedige Dark Metal, die op zich minder nood heeft aan epische ondersteuning. Wie net deze bombastische passages wist te appreciëren, hoeft echter niet te vrezen. Ze komen nog steeds uitgebreid aan bod, maar zijn een minder constante factor in het geheel.
Met openingstrack “On the Wings of a Dove” bijvoorbeeld opent men het album krachtig met Thrash/Black-achtige riffs. Deze stevige riffs worden op cruciale punten voorzien van extra orkestrale ondersteuning en lage opera-achtige zangpartijen, die de zware vocalen afwisselen. Naar het midden van het nummer toe doet het koor voor het eerst zijn intrede, om de rest van het nummer verder te begeleiden. “To Fabled Lands” begint daarentegen met een slepend gitaarspel, aanleunend bij het doom-genre. Geleidelijk aan wordt het tempo opgedreven en worden de vocalen grimmiger. De paterkoren op de achtergrond brengen echter rust in het geheel, waardoor het nummer aangenaam wegluistert.
In “Sons of Perdition” blijven de epische arrangementen voor het eerst voor een lange tijd tot een minimum herleid, ondanks de orkestrale intro. Met een vrij herkenbaar refrein en de rustig wegkabbelende, maar toch krachtig klinkende riffs en melodielijnen groeit dit nummer ondanks zijn eenvoud toch uit tot één van de hoogtepunten van dit album. Het erop volgende “Ars Moriendi” sluit dan weer beter aan bij ‘With Vilest of Worms to Dwell’. Krachtig, bombastisch, operagezangen op de achtergrond, krachtige riffs, donkere gezangen, … Alle elementen voor een waren Hollenthon klassieker komen hierin aan bod en vormen een tweede hoogtepunt en tevens een mooie aanleiding naar het erop volgende nummer, door het bij momenten groovende ritme dat zich verder zet in “Once We Were Kings”.
Na een Oosters georiënteerde intro gaat het nummer “Once We Were Kings” stevig van start. Persoonlijk vormt dit nummer voor mij het absolute hoogtepunt van het album. Thrash-achtige riffs worden afgewisseld met het slepende refrein, waarbij je al snel gaat meebrullen. Of het nu het woord “Kings” is of de manier waarop het nummer gespeeld wordt, geraak ik niet aan uit, maar het doet mij in ieder geval sterk denken aan het nummer “King” van Satyricon.
Het album wordt nog puik afgerond met krakers als “Of Splendid Worlds” waar muzikaal heel wat geboden wordt, inclusief een niet onaardige gitaarsolo. Het snellere “Dying Embers” met zijn akoestische intro en melodische intermezzo. De acht minuten durende afsluiter “Misterium Babel” haalt opnieuw de Oosterse sfeer boven om vervolgens heel rustig en sfeervol na een tweetal minuten opnieuw in de duistere en dreigende ondertoon te vervallen. Door het afwisselen van de dreigende en bij momenten snelle en stevige riffs, blijft het nummer, net als het volledige album steeds boeiend om naar te luisteren.

Hoewel de Epische elementen minder nadrukkelijk aanwezig zijn, vertegenwoordigen ze nog steeds het kenmerkende geluid van Hollenthon. De Oostenrijkse band klinkt op dit album duisterder dan van tevoren, maar weet ook op deze manier te overtuigen! Originaliteit loont en dat heeft men ook met dit album bewezen!

One Night Only

Started A Fire

Geschreven door

‘Started A Fire’ is het debuutalbum van de Indie pop-rockers One Night Only. De band ontstond in 2003 en heeft als huidige verblijfplaats het Engelse Helmsley. De band was aanvankelijk een coverband die vooral songs coverden van pretpunkbandjes zoals Blink 182. “Just For Tonight”, de tweede single uit dit debuut overtrof alle verwachtingen en werd een grote hit in hun thuisland. De single haalde een bewonderswaardige negende plaats in de UK Singles Top en ook het album haalde ondertussen dezelfde hoogste regionen.
De openingstrack “Just For Tonight” is echter de sterkste song van de plaat. Een bijzonder sterke, gedreven hymne met een aanstekelijk radiovriendelijk refrein. Tekstueel misschien wel de meest simplistische song maar wel de ideale kamp-verzameltune! Daarna daalt het niveau opmerkelijk en stellen een aantal songs serieus teleur. Doch af en toe blijft het wel leuk en probeert men met degelijke melodieën en de klasse van zanger George Craig te imponeren. Dit is gewoon leuke pop, niets meer…niets minder. Verwacht geen felle gitaargevechten, want de sound van One Night Only leunt dichter aan bij bands zoals Keane, The Kooks en Air Traffic.
Verder is het vrij opmerkelijk dat U2 producer Steve Lillywhite de plaat mocht produceren; al toverde hij hun groot opgezette stadiumsound om tot een veilige, banale luisterervaring. De jongens hebben ambitie en als debuutalbum is dit absoluut geen slecht plaatje én de tienermeisjes zullen zich moeiteloos met deze band kunnen identificeren maar voor mij is dit slechts een aardig tussendoortje.

Jamie Lidell

Jim

Geschreven door

Drie jaar na 'Multiply' heeft de Brit Jamie Lidell met 'Jim' een opvolger klaar! Het is een erg frisse en toegankelijke plaat geworden die het ongetwijfeld goed zal doen op de radio deze zomer. De huidige single “Little Bit Of Feel Good” is daar een eerste warme aanzet toe. De soulstem van Lidell komt heel erg goed uit de verf en maakt deze plaat tot een bijzonder optimistisch pareltje. De individuele geluidskunstenaar is er in geslaagd om van een retrogeluid iets futuristisch te maken.
Live laat Lidell zich begeleiden door een live-band en ook op de plaat is er merkbaar minder ruimte voor individuele improvisatie en experiment. De sporen van een minder toegankelijke voorgeschiedenis (Lidell vormde vroeger met Christian Vogel Super_Collider) zijn in het niets verdwenen. Ook de dansbare elektronica vanop 'Multiply' is wat naar de achtergrond verdwenen en heeft plaatsgemaakt voor nog meer soul en… vette funk.
Feit is wel dat Lidell met deze plaat ongetwijfeld een nog ruimer publiek zal aanspreken (wie geeft hem ongelijk?).
'Jim' zal echter nooit onze favoriete Lidell-plaat worden want daarvoor heeft 'Multiply' net iets teveel indruk gemaakt. Jamie is Jim geworden, maar daarmee zijn ook de speelse improvisaties en het experimentele kattenkwaad wat naar de achtergrond verdrongen. Gelukkig komen de fans ook op dat gebied nog aan hun trekken bij het aanschouwen van een zoveelste onmisbaar eigenzinnige en telkens weer unieke liveshow (zoals onlangs nog in Maison Folie de Moulins te Lille en afgelopen week op Les Nuits Botanique).
Bericht aan de heren organisatoren: als Lidell deze zomer niet meer in België te zien is, is er slecht geprogrammeerd! Wie niet tot dan kan wachten kan zich troosten met het ijzersterke 'Multiply Additions' en uiteraard ook - begrijp ons niet verkeerd - een fantastische opvolger van 'Multiply': 'Jim'.

Unearthly Trance

Electrocution

Geschreven door
’Electrocution’ is reeds de vierde full-cd van het Amerikaanse trio Unearthly Trance.
Op hun vorige plaat ‘The Trident’ prijkte een sticker die vermeldde dat de plaat verplicht voer was voor fans van Bathory, Electric Wizard, High On Fire en Sunn O))), hiervan was geen woord gelogen. De doom metal deed inderdaad vaak denken aan de razende black metal van Bathory, de stoner metal van de goden van Electric Wizard, het razende van High On Fire en de duistere drones van Sunn O))). Er werd dan ook halstarrig naar deze nieuwe plaat uitgekeken. ‘The Trident’ overtreffen zou een moeilijke taak worden…

Het openingsnummer “Chaos Star” toont onmiddellijk waar Unearthly Trance voor staat; een logge hypnotiserende openingsriff die doorheen het ganse nummer wordt aangehouden, zeer strakke drums, vooral bij de hardere stukken, en de schorre vocals van zanger Ryan Lipynsky. Er komt zelfs een solo langs, iets wat nieuw is ten opzichte van ‘The Trident’.
De Neurosis invloeden zijn niet veraf, met name in de ietwat rustigere passages. De snelle stukken zijn dan ook heel snel te noemen en doen denken aan High On Fire.
Hierna volgt “God Is A Beast” dat zich tot absolute topper van het album mag kronen. Een pak trager dan het openingsnummer maar stukken intenser, vooral het middenstuk met zijne vele breaks bezorgt regelmatig kippenvel. Loodzware killersong met fantastische riffing!
”The Dust Will Never Settle” is meer een rechttoe rechtaan thrasher, die een kant toont die op ‘The Trident’ vaker te horen was. Het refrein (voor zover er van een refrein gesproken kan worden) is een kopstoot van jewelste, af en toe horen we enkele blastbeat passages terug die in eender welke plaat van een snelle black metal band niet zouden misstaan.
Naar het einde toe is een knaller van een death metal riff te horen met bijpassende vocals, ook dit is Unearthly Trance, variatie troef.
Het hieropvolgende “Diseased” heeft wat weg van Slayer ten tijde van ‘Seasons In The Abyss’. Dat Ryan ook clean kan zingen zonder geforceerd te klinken wordt hier duidelijk.
”The Scum Is In Orbit”, “Religious Slaves” en “Burn You Insane” zijn alweer wat harder en stellen ook niet teleur. “Religious Slaves” had zeker niet misstaan op ‘The Trident’.
”Distant Roads Overgrown” is het laatste nummer op de plaat. Het nummer begint met een ‘Earth’ achtige riff gevolgd door een snelle passage met furieuze riffs en dito zang. Dit patroon wordt het ganse nummer herhaald tot het einde van het nummer word ingezet met een hoop noisegeluiden die nodig zijn om te bekomen van deze brok agressie. Fantastische afsluiter die nooit verveelt, ook al klokt het nummer af op een kleine 13 minuten.

Kortom: dit is een leuke en afwisselde plaat voor elke liefhebber van hardere muziek.
Waar ‘The Trident’ nog veel meer uitstapjes naar de death en black metal had is dit eerder rechttoe rechtaan doom. Goeie plaat, ook al was de vorige toch nog iets beter.


Evangelista

Hello, Voyager

Geschreven door

’Hello Voyager’ is een niet-alledaagse plaat; verschillende luisterbeurten zijn nodig opdat de cd niet te zwaar op de maag zou blijven liggen. De songs zijn teder, bezwerend, ruig en noisy.
Evangelista is de nieuwe band rondom de zangeres/songschrijfster Carla Bozulich die al met The Geraldine Fibbers, medio de jaren ’90, in de belangstelling kwam. ‘Lost somewhere between the earth & my home’ was de meest opvallende plaat, een combinatie van rock, country, blues, folk en indiepunk, waarbij Bozulich vocaal nogal sterk kon uithalen.
Evangelista gaat alvast een stapje verder: avontuurlijk materiaal, diverse tempowisselingen, onverwachtse wendingen, een dosis experiment en noise zijn de muzikale ingrediënten, gekruid door Bozulichs aparte stem. Vocaal wringt ze zich in allerlei bochten (van een warme, hartverscheurende tot een krijsende zang). Opener “Winds of St. Anne” zet de toon. Het instrumentale “For the l’Il dudes” is de aanloop naar een schitterende finale: “The frozen dress”, “Paper kitten” en de titelsong, die ons onderdompelen in de mystieke gedachtekronkels van Bozulich, die met leden van Silver Mt Zion de cd opnam.
Verbijsterende avantgarde plaat!

Hercules & The Love Affair

Hercules & The Love Affair

Geschreven door

Hercules & The Love Affair is het muzikale project van producer Andy Butler. De band is vernoemd naar een liefdesgeschiedenis uit één van de vele Griekse mythes. De godinnen Athene en Iris vinden we op de cd al terug als songs. Hercules was de sterkste man ter wereld, maar kwetsbaar in de liefde.
James Murphy van LCD Soundsystem tekende de band voor z’n label.
Butler zorgt op dit debuut voor frisse melodieën, een fijne groove en ritmes, gelinkt aan disco, ‘80’s electro en een vleugje jazz. De ganse danscollectie van toen wordt overhoop gehaald.
Partner in crime is Antony Hegarty (van Antony & The Johnsons), die met z’n warme, donkere, melancholische stem enkele songs een gepaste vorm geeft. Luister maar naar opener “Time will”, “Easy”, “Raise me up” en de opmerkelijke single “Blind”, meteen het sterkste nummer. De zangeressen Kim Ann Foxman en Nomi (uit de kunstwereld in en rond CocoRosie) leveren gastbijdrages op “You belong” (samen met Antony), “Athene”, “Iris”, en het afsluitende “True false/fake real”. Goede plaat zondermeer!

Yeasayer

All Hour Cymbals

Geschreven door

Yeasayer is een collectief uit Brooklyn, New York en heeft met ‘All Hour Cymbals’ een interessant debuut uit, die een pak stijlen integreert: indierock, psychedelica, pop, folk, gospel,afro en een vleugje Indische world. Deze beloftevolle band, onder geluidskunstenaar Chris Keating, dompelt ons onder in een wonderbaarlijke trance. Een zweverig, freaky geluid, dat lichtvoetig en rustgevend kan zijn, maar ook bevreemdend, onheilspellend als apocalyptisch. Moeiteloos slaagt de band erin deze sfeertjes in elkaar laten overgaan. Avontuurlijk, smachtend onder die zalvende groepsvocals/zegzang. Een plaat die per beluistering wint aan zeggingskracht. De groep leunt nauw aan bij een TV On The Radio en Animal Collective. “Sunrise”, “Wait for the summer”, “2080”, “Forgiveness” en het afsluitende “Worms/waves” zijn opvallende songs op dit debuut. Maar overtuigend is “Wait for the wintertime”. We mogen even de dagdagelijkse realiteit vergeten door Yeasayer …

Pagina 431 van 460