logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_22
giaa_kavka_zapp...
JeromeBertrem

JeromeBertrem

woensdag 29 juni 2022 11:13

Remi Wolf - Onuitputtelijke energiebom

Remi Wolf - Onuitputtelijke energiebom

Nog net voor het begin van het echte festivalseizoen mocht Remi Wolf als een van de laatste de Botanique nog eens op zijn kop zetten. Met een te gekke debuutplaat ‘Juno’ (2022) waren de verwachtingen op een speelse, doldwaze en surrealistische set dan ook hooggespannen.

De concertavond werd zacht en soulful ingeleid door de charmante Britse Rachel Chinouriri. Door haar populariteit was de Rotonde al goed gevuld. Met alternatieve popmuziek op tape en live gitaarwerk van haar medemuzikant, bezong ze vaker breekbaar dans speels de vriendschap, de liefde en de daarmee gepaarde twijfels. Het broze “Thank You For Nothing” - over alcoholmisbruik - deed ons een krop in de keel krijgen. Na die oprechte ernst kreeg ze het publiek moeiteloos mee met het catchy poppy “All I have Asked” dat soms al eens deed denken aan Nilüfer Yanya. Koppeltjes gingen daarna nog dichter bij elkaar gaan staan voor het met liefde overladen “So My Darling”. Het publiek lustte er heel wat van maar een extra nummertje na het heel dansbare “Happy Ending” mocht er helaas niet komen.

De voelbare verwachtingen van Remi Wolf waren hooggespannen. Des te meer wanneer ze,  nadat haar band verscheen, enkele minuten later springend opkwam om “Liquor Store” al knallend in te zetten. De uitzinnige kleurrijke en (voornamelijk) jonge muziekfans hadden er ook duidelijk zin in en gingen volledig mee met “Wyd”. De met zwoele R’n’B doorspekte “Sauce” was een bewijs van Wolf’s sterke zang maar evenzeer een eerste toonmoment van de vaardige gitarist. Remi piekte na de verschroeiende intro met “Monte Carlo” dat ondanks de moeilijke rappassage uitbundig werd meegezongen.
Meermaals hadden we het gevoel dat de Rotonde uit haar voegen barstte. Als het niet door de drummer, bassiste of gitarist was die één voor één zeer sterk speelde, dan was het zeker door de onuitputtelijke positieve vibes en energie van Remi Wolf. Op haar eigen compromisloze manier leidde ze “Sexy Villain” waarna ze heel soulful haar stem liet uitspannen in “Liz”. Niet altijd toonvast maar geen aanwezige die daar om maalde.
Al liep ze over van energie, toch kon ze even gas terugnemen tijdens het rake “Hello Hello Hello” en het vlekkeloze “Woo!”. Nog steeds bleef ze authentiek bij haar cover van Gnarls Barkley’s “Crazy” of haar eigen “Shawty” dat halfweg overvloeide naar Shaggy’s “It Wasn’t Me”.
Des te gekker werd de show voor “Volkiano” waar Wolf even achter de drum ging om haar uit te leven terwijl de drummer willekeurig lyrics prevelde. De concertavond was toen al een om in te kaderen waardoor het hele publiek er maar niet genoeg van kreeg.
Remi was naar het einde toe allesbehalve opgebrand want met het populaire “Photo ID” dropte ze nogmaals een ongelofelijke energiebom die de zaal deed daveren.
De show vloog zo voorbij en het duurde even voor Wolf en haar band terugkwamen voor meer. Met het komieke “Anthony Kiedis” en het doldwaze “Disco Man” waar ze niet enkel vocaal alles uit de kast haalde, verkochte ze ons een zeer welgekomen dreun van jewelste.

Dat Remi Wolf in een live setting floreert is een understatement. Haar muziek die veel verschillende genres aanroerde, kwam door haar zang en onuitputtelijke energie live over als een kleurrijke zaligmakend geheel waarmee ze allen van ons een zalige zomerstart bezorgde.

Setlist
Liquor Store - Wyd - Sauce - Monte Carlo - Sexy Villain - Liz - Crazy (Gnarls Barkley cover) - Hello Hello Hello - Volkiano - Woo! - Shawty / It Wasn't Me (Shaggy cover) - Photo ID — Anthony Kiedis - Disco Man

Organisatie: Botanique, Brussel

donderdag 16 juni 2022 22:46

Nada Surf - Liefde, liefde overal

Nada Surf - Liefde, liefde overal

Na meer dan twee jaar na de release van Never not Together (2020) kan Nada Surf eindelijk op tour gaan om die aan hun fans voor te stellen. Na acht langspelers is de succesformule van powerpop met een snuifje grunge of post hardrock, opnieuw de kern in dat laatste negende album. Het was dus tijd om dat ticket van onder het stof te halen en het viertal aan het werk te zien in de Botanique.

De joviale John Vanderslice was present om de eerste concertgangers al te verwelkomen. Solo met een gitaar en een drumcomputer bracht hij luchtige songs, met een politieke boodschap, die af en toe spacey of dan al eens indie rock waren. Vanderslice werkt als producer met Grandaddy en die invloed was ook merkbaar in onder andere “Oral History of Silk Road”. De lichte korrel om zijn stem was een meerwaarde in “After It Ends”.
Meer dan alleen de muziek was John een verteller die graag interactie opzocht met het publiek. Niet enkel het collectief metronomisch handgeklap voor afsluiter “Pale Horse” kwam van het publiek, maar ook mochten we vragen neerpennen die hij tussen de nummers graag beantwoordde. Of hij een kattenmens is, graag bier drinkt, een bijnaam heeft voor zijn gitaar… De antwoorden waren vaak ludiek en toch interessant. Een gezapige support act.

Vanderslice liet ons weten dat de leden van Nada Surf, de een al wat meer doorleefd dan de andere, overliepen van sympathie en liefde. En al meteen met opener “So Much Love” was dat dus niet gelogen. Een eerder voorzichtig begin want “Hi-Speed Soul” was steviger en ging er sneller aan toe. In de verste verte klonk daar Lou Barlow in “The Plan” waar Nada Surf meer de grunge opzocht met toch wel boeiende tempowisselingen. De voelbare melancholische vibe in “Friend Hospital” kwam meermaals terug in de rest van wat komen zou. Toch was dat gevoel minder overtuigend en wat te klef in “Beautiful Beat” of “Looking Through”.
Het publiek met heel wat fans genoot er zichtbaar van en zorgde vaak voor luid gejoel. Favorietjes die heel wat losweekten waren het post hardrock-achtige “Killian’s Red”, het Fountains of Wayne klinkende“Happy Kids”, het in crescendo-eindigende “See These Bones” of het makkelijk mee te zingen “Inside of Love”. Een keer kreeg de ruige bassist de zaal stil wanneer hij het zeemzoete Franse “Là pour toi” bracht. Eerder kwam ook “J’attendais” maar dat nummer kon minder overtuigen.
De set was eerder wisselvallig maar dat was buiten de lange bisronde gerekend. Toen haalden de vier van Nada Surf nog eens alles uit de kast. “Just Wait” mocht dan wel een aftastend rustig begin zijn, toch werd het drieluikje “Popular” (met speciale gaste Pom Pom Squad), “Always Love” en “Blankest Year” intens meegezongen en beleefd door de fans. Een kers op de (kleine) taart was unpluggede versie “Blizzard of '77” waar de vier met John Vanderslice iedereen voor een tweede keer stil kregen Een geweldig einde van een eerder middelmatige concert.

Setlist
So Much Love - Hi-Speed Soul - The Plan - Friend Hospital - Killian's Red - Looking Through - Inside of Love - Happy Kid - Je t’attendais - Beautiful Beat - Là pour ça - Where Is My Mind?  (Pixies cover) - Blonde on Blonde - Mathilda - Hyperspace - Looking for You - See These Bones - Something I Should Do
Just Wait - Popular - Always Love - Blankest Year - Blizzard of '77 (with John Vanderslice)

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/2639-nada-surf-14-06-2022.html
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/2640-john-vanderslice-14-06-2022.html

Organisatie: Botanique, Brussel

Flat worms - Snedige post-punk overgoten met vette garagepunk

Wie in de Witloof Bar even verkoeling zocht na een warme start van de (werk)week, was er aan voor de moeite. Flat Worms raasde namelijk voorbij met hun loeiharde psychedelische garagapunk. Laatste plaat Antarctica (2020) mag volgens releasetermen al oud zijn, toch was nu het moment om ook dat materiaal live te mogen beleven.

Nog niet alles stond op punt want wij en de band trouwens ook, konden de vocals niet horen. Flat Worms struikelde daar niet over want opener “The Aughts” was toch een stevige binnenkomer. “Motorbike” klonk nog best goed ondanks die geluidskrampen maar met “Pearl” waren ze eindelijk op dreef en het publiek ook. “Time Warp in Exile” en “Antarctica” waren beide post-punk overgoten met een vette garagesaus.
Bij de strakspelende bassist Tim Hellman was het duidelijk dat hij puurde uit zijn ervaring van bij Ty Segal en The Oh Sees. Niet minder gedreven en intens was Justin Sullivan aan de drums die het boeltje strak bijeen hield maar evengoed uiteen deed spatten. In “Accelerated” leek hij net nog strakker te kletteren dan een metronoom. Ook zo tijdens “Terms of Visitation” waar hij zijn cimbalen voor de zoveelste keer bijna aan gort sloeg.
De meeste aandacht ging toch naar de onuitputtelijke en behendige zanger/gitarist Will Ivy. Diens gitaarwerk was om vingers en duimen af te likken, maar nog straffer was zijn snedige stem.  “Silver Steel Red Tulip” klonk dan als een stevige hedendaagse indie punk song, maar het was vooral bij “The Mine” en “Plaster Cast” waar gelijkenissen met Dead Kennedys en Black Flag niet ver te zoeken waren.
Pieken deden de drie met het uitdijende “Into The Iris”, het nieuwe “The Guest” en het messcherpe bisnummer “Red Hot Sand”. Meer dan appreciatie was er van het beperkt publiek waarvoor de stevige garagepunkers ook meermaals bedankten.

In nog geen uur schopten ze het beetje monday blues zo uit onze lijven.

Setlist
The Aughts - Motorbike - Pearl - Time Warp in Exile - Antarctica - The Guest - Silver Steel Red Tulip - The Mine - Accelerated - Plaster Cast - Into the Iris - Terms of Visitation - Market Forces - Condo Colony - Red Hot Sand

Organisatie: Botanique, Brussel

John Grant - Verwennerij van expressieve en gevoelige verhalenverteller

Volgroeid tot een ware chroniqueur brengt John Grant steevast politiek geladen en persoonlijke introspectieve songs. Diezelfde eigenheid blijft hij behouden in de door –Cate Le Bon-geproduceerde Boy From Michigan (2021). Het was lang uitkijken naar zijn (uitgestelde) terugkomst maar eindelijk konden we die zesde langspeler live
beleven.

Kaktus Einarsson mocht het - voor de gelegenheid - zittend Brugse publiek alvast warm maken voor een boeiende concertavond. Deze IJslander brengt met zijn kompaan aan de piano en synth, een kruising tussen experimentele klassieke muziek en zachte melancholische pop. Einarsson zelf is gezegend met een baritonstem die zijn gitaargetokkel goed aanvult. Het sferisch "My Driver" legde dat evenwicht tussen experimentele en pop bloot. Nog donkerder was "Ocean's Heart" waar extra trillende pianosnaren ons een bevreemdend gevoel bezorgden. Hoe zwaarmoedig doch interessant “Space Soul” en afsluiter “45rpm” waren, de twee Einarsson had voldoende sympathie om het publiek aangenaam te plezieren.

Onder een gespannen sfeer was het even wachten tot John Grant - met badslippers - en zijn twee begeleidende muzikanten het podium opkwamen. De donkere new wave electro pop was in opener “Just So You Know” al meteen opmerkelijk terwijl Grant aan de vleugelpiano al eens op Elton John leek. In “Boy From Michigan”, dat de titeltrack is van zijn laatste plaat, waren de toetsen van producer Cate Le Bon duidelijk hoorbaar. Hier en daar een saxofoonriff die de spacey synthmelodieën doorkruisten. Tel daarbij een klok van een stem en het geheel was al vroeg in de set al boeiend genoeg. Heel even leek de theatrale crooner een marionet te spelen in “Rhetorical Figure” waar hij met kinderlijke eenvoud zijn stem van hoog naar laag en terug liet gaan.
“Marz” met een Giorgio Moroder-achtige synth klonk als een new wave-sprookje met licht komische lyrics maar dat werd enorm gesmaakt door het enthousiast publiek. Vanaf dan leek Grant helemaal op zijn gemak te zijn want geregeld gaf hij een inkijk in wat komen zou. “The Cruise Room” was een ode aan een bar in Denver maar evengoed aan Julee Cruise en Twin peaks. “Touch and Go” ging dan over de moedige Chelsea Manning die in haar leven al meermaals de hel heeft gezien. Met een priemende geweldige zang bezong hij in “Glacier” de vrijheid die je moet ervaren zonder oordeel van anderen.
Het slot van de reguliere speeltijd ontplofte helemaal met “Sensitive New Age Guy” waarbij een ijzersterke noisy gitaarsolo van de backing gitarist Grant begeleidde in zijn expressieve bewegingen. Het publiek kon er maar moeilijk bij zitten en zong dan ook met alle plezier de laatste woorden in “Queen of Denmark”.
John Grant was nog lang niet uitgepraat en verwende ons met een bisronde waar opnieuw veel aan bod kwam. In het duistere 80s-pop van “Tempest” ging hij helemaal los op zijn sampler terwijl “Caramel” dan een aangrijpende pianoballad was. “Drug”, over zijn eigen drugsverslaving en geschreven voor zijn vorige band “The Czar”, was wellicht het meest aangrijpende van de hele avond. Enkel met zijn stem en de vleugelpiano wist hij alles en iedereen stil te krijgen. Een verrassing speciaal voor het Brugse publiek was “TC and Honeybear” en ten slotte het overrompelende “GMF” dat toegewijd was aan elke aanwezige motherfucker in de zaal.

Zonder te beseffen vlogen de onnoemelijke hoogtepunten zo voorbij waar wij intens van hebben genoten. Met het nieuwe materiaal heeft John Grant zowel op plaat als live opnieuw heel wat kijk- en luisterparels gemaakt. Een ware verwennerij die zowel onze gevoelige snaar wist te raken als ons zin gaf om te dansen.

Setlist
Just So You Know -  Boy from Michigan - The Rusty Bull - Black Belt - Rhetorical Figure - Grey Tickles, Black Pressure - Marz - The Cruise Room - Touch and Go -
Glacier - Pale Green Ghosts - Sensitive New Age Guy - Queen of Denmark - - - Encore: Tempest - Caramel - Drug (The Czars song) - TC and Honeybear – GMF

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Heartless Bastards - Stevige rootsrock recht uit het Amerikaanse binnenland

De Amerikaanse rockers met stevige country- en rootsinvloeden van Heartless Bastards hebben intussen gestaag een repertoire van zes albums gevormd. Doorheen de jaren is er al wat verloop geweest van bandleden, maar toch blijft hoofdsongwriter Erika Wennerstrom de vaste waarde. Met haar country creativiteit en vocale impulsen blikte ze met haar band ‘A Beautiful Life’ (2021) in waarvan zij op de cover vol zelfvertrouwen pronkt.

Toch was de interesse van de Belgische muziekliefhebbers eerder lauw waardoor de Rotonde te leeg aanvoelde. Ondanks die tegenvaller aarzelde de band niet om het beste te laten horen en te laten zien. Opener “Got to Have Rock and Roll” bleek het voorproefje voor de rest van de avond: oerdegelijke rock met flitsen van country, folk of nog hardrock. In “How Low” nam het Amerikaanse zestal ons nog dieper in het Amerikaanse binnenland. Datzelfde gevoel en beeld hadden we ook bij “Photograph” of “The River”.
“When I Was Younger” voelde groots aan en kon dienen als soundtracks voor een westernfilm. Ook een terugkerende gevoel bij het gros van de set. Zo gaf Wennerstrom toe voor “The Arrow Killed the Beast” inspiratie gevonden te hebben bij Nancy Sinatra, Ennio Morricone en Clint Eastwood. De band slaagde er kundig in om die grootsheid wel meerdere keren te overtreffen.
Het gelaagde “Gray” begon kabbelend maar werd knallend helemaal goed gemaakt naar het einde toe. In het nieuwe “Revolution” hoorden we de verschillende stijlen die de band machtig is: trage balad in het begin, beukende hardrock naar het einde en daartussen wat blues en country. En dat nog eens overladen met punchy treffende lyrics.
Het potentieel zat er degelijk in om een blijvende indruk na te laten. De soms overdadige zang van Wennerstrom kwam echter wat geforceerd over waardoor ze hier en daar wat aan stemvastheid verloor. In “Only For You” zorgde net die moeilijke zangpartij ervoor dat onze aandacht wat verslapte.
Voor het merendeel van de set paste haar korrelige gelaagde stem toch wel goed bij de geheel. “The Thinker” zou maar een niemendalletje geweest zijn zonder haar vocale inspanning. Zo sympathiek en joviaal ze wel was, deed ons dan ook die kleine tekortkomingen vergeten.
Voor het slotnummer “Sway” werd nog eens alles uit de kast gehaald om ons dan toch met een verrast gevoel op te zadelen.
En zo eindigde de set zoals die begon: met een stevige opbouw, sterke passages van elke muzikant en allemaal strak bijeengehouden door een sympathieke frontvrouw.

Setlist
Got to Have Rock and Roll - How Low -  When I Was Younger - You Never Know - A Beautiful Life - The Arrow Killed the Beast - Photograph - The River - Went Around the World - Dust - Swamp Song - Gray - Only for You - Revolution - Parted Ways - Encore: The Thinker - Sway

Organisatie: Botanique, Brussel

Sharon Van Etten - Zalvende en gelukmakende groepstherapie

Ondanks vele samenwerkingen en haar zes albums, waarvan de nieuwste ‘We've Been Going About This All Wrong’ (2022) nog maar enkele weken oud is, blijft Sharon Van Etten nog steeds een goed bewaard geheim. Haar coronaplaat met onzekerheden angsten en menselijke onvolmaaktheden, deed ze dan ook met de nodige beklijvende sérieux en charme uit de doeken in OLT Rivierenhof.

De band gevolgd door Sharon Van Etten, ging tijdens audiofragment, van wat bleek een laatste therapiesessie te zijn, geruisloos het podium op. De zwaarwichtige toon werd zo gezet en met “Headspace” verder doorgezet. In dit duister quasi versmachtend begin was Van Etten al sterk van zang. In “No One's Easy to Love” zocht ze de interactie op met haar bandleden wat ze de hele avond meermaals deed. Een allesbehalve statig begin dus waar “Comeback Kid” mooi op aansloot.
Met het verraderlijke traag beginnende “Anything” en “Save Yourself” nam Van Etten wat gas terug. Toch bleven die songs als een huis staan doordat ze enig in duet ging met Heather Woods Broderick (toetseniste/gitariste) wat voor een rustgevende chemie zorgde.
Sharon weet zich trouwens te omringen met steengoede muzikanten. “Porta”, een nieuwe single, was een waar speelveld voor Devin Hoff (bassist) die hele avond lang secuur speelde, terwijl Charley Damski onder andere “Darkish” en “Mistakes” doorkliefde met splijtende gitaarsolo’s. Niets minder kan gezegd worden van Jorge Balbi die het geheel en vooral bij “Born” bijeen drumde.
Dat ze zo goed kon rekenen op haar bandleden, die ze als haar tourfamilie beschouwde, gaf haar de vrijheid om op haar eigen straffe manier haar nummers kracht bij te zetten. In “I’ll Try” en “Darkish” blies ze ons zo omver met haar indrukwekkende zang. Al zagen we het tijdens “Beaten Down” dat ze geregeld het publiek nadrukkelijk aankeek, maar in het ijzersterke “Seventeen” nam ze zowat elke toeschouwer met haar indringende blik en ongegeneerd vingerwijzen mee in haar denkwereld. “Hands” was tussenin door de onweerachtige beukende sound zowat het beste wat zij en haar band voortbrachten.
De technische mankementen en een vreemde herwerking van “Every Time the Sun Comes Up” in de bisronde konden alvast de beleving niet bederven.

Sharon Van Etten
bezorgde ons alweer kippenvel en tussen de zwaarmoedigheid toch enige hoop met een set waarin haar nieuw materiaal onopmerkelijk perfect past bij haar ander werk. Met dit optreden namen we allemaal een stukje gelukzaligheid mee als blijvende herinnering.

Setlist: Headspace - No One's Easy to Love - Comeback Kid - Anything - Save Yourself - I’ll Try - Beaten Down - Come Back - Darkish - Porta - Hands - Darkness Fades - Mistakes - Seventeen - Born - Every Time the Sun Comes Up

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne ism Live Nation

Beach House - Zweverige trip met fonkelnieuwe glitters

Met acht langspelers op de teller blijft Beach House nog steeds de referentie voor alles wat duistere dreampop is. Voor de laatste langspeler ‘One Twice Melody’ (2022) - opgedeeld in vier hoofdstukken - behielden Victoria Legrand en Alex Scally dezelfde ingrediënten. Markant verschil is dat ze deze voor het eerst volledig zelf geproduceerd hebben. Voor de reeds vijfde passage in de Ancienne Belgique, waren de verwachtingen niet minder hooggespannen.

Het jonge Britse duo van White Flowers was aangesteld om de eerste concertgangers te vermaken. Hun  eigengemaakte dreampop leunde heel hard aan bij dat van Beach House maar ze wisten het publiek duidelijk te bekoren. Het geheel klonk nog zweverig en bij momenten ook poppy zang waardoor White Flowers geen één-op-één-kopie was van de hoofdact. Afsluiten deden ze met het sterke “Night Drive” waar dat een alarmerende gitaar enig overladen werd door de zachte zuivere zang. Aan hun korte set van net geen half uur kwam tegen onze zin helaas een abrupt einde.

In een in duisternis gedompeld podium ving Beach House de set aan met het nieuwe “Once Twice Melody”. Wat op plaat een rustige opener is, klonk live grootser en des te interessanter. Net die nieuwe nummers waren door de vernieuwde muzikale keuzes bij momenten zeer verrassend. “Through me” sloot bijvoorbeeld af met een trap outro die vloeiend overging in een kinderlijk pianoriedeltje. “Modern Love Stories” deed ons denken aan Twin Peaks waar een alarmerende sound afgewisseld werd door David Bowie-achtige akoestische passage en uitdoofde met een verrassend slot. “New Romance” klonk betrekkelijk opgewekt en kreeg net dat extraatje door Legrands opzwepende performance.
Toch waren er zeldzame momenten waar Legrand en Scally die in glitters gekleed waren, ons niet volledig konden inpakken zoals tijdens “Pink Funeral” of “Wildflower”. Toch klonk het nieuwe “Superstar” groots door de diepe kickdrum, de geprojecteerde sterrenhemel en de spacey outro die ons volledig meetrok. Net daar ligt Beach House’ sterkte: aanvankelijk vatten ze een song rustig aan om naar het einde toe volledig de ruimte in te vliegen. Het gekende zalige “Lazuli”, het flitsende “Dark Spring” of nog “PPP” kenden allemaal dezelfde zweverige opbouw. Uitschieter “Lemon Glow” was van begin tot eind een geweldige psychedelische dromerige trip. Het slot was in een trek met het geweldige “Space Song”, “Myth” en het bisnummer “Over and Over” met slim gebruik van visuals, rook en klank, een overrompeling die nog lang nazinderde.

De bewuste afwisseling tussen nieuw en oud zorgde voor een overtuigend en boeiend geheel. Waar bij vorige concerten van Beach House ons interesse even kon afgeleid worden, was dit vanavond allerminst het geval. Beach House vond zich opnieuw uit en bevestigde live nog maar eens.

Setlist
Once Twice Melody - Lazuli - Through Me - Dark Spring - Silver Soul - Pink Funeral - PPP - Superstar - Drunk in LA - Take Care - New Romance - Wildflower - Lemon Glow - Modern Love Stories - Space Song - Myth - Encore: Over and Over

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Kim Gordon - Bevrijd en compromisloze icoon overtuigt met hedendaagse experimentele noise

Sinds het begraven van Sonic Youth heeft het experimentele en noisy stijlicoon niet stilgezeten. Kim Gordon vond na die breuk haar eigenheid waar ze zich meer dan ooit goed bij voelt. Uit haar ijver ontstond een boek, soundtracks, muzikale kunstzinnige samenwerking zoals Free Kitten en Body/Head, en eindelijk haar eigen soloplaat met ‘No Home’ (2019). Ironisch genoeg was zij alsook iedereen door het virus gedwongen om toch thuis te blijven tot het terug veilig was. Het was dus lang uitkijken om Kim Gordon met haar eigen werk live te kunnen zien.

De avant-gardiste kwam naar de AB met geen andere intentie dan haar eigen werk aan de fans te brengen. Enkelen daarvan hadden hun vergeten SY t-shirt bovengehaald, om zich op te maken voor wat avant-garde, experimentele songs met toch wel zeer originele moderne passages. “Sketch Artist” klonk met de gepokte electro als een dreiging waar Gordon zachtjes haar typische stem inzette voor een stroom aan gedachten. Het lekker kletterende “Air Bnb” overrompelde ons met een strakke beukende drumlijn en noisy snaarwerk. De spanning werd alleen maar versterkt door de projectie van straten, stadsbeelden, wijde landschappen of abstracte collages op de achtergrond. Dan ook leefde de frontvrouw zich voor het eerst volledig uit en liet ze een duidelijke bevrijde indruk na. Moderner kon “Paprika Pony” live niet klinken. De met de trap doorspekte samples en de snedige stille lyrics bewees hoe relevant Kim Gordon nog steeds is.
“Murdered Out” bezweek live ietwat onder de gespannen moeilijke zang maar het publiek slaakte terecht goedkeurende kreten uit. De klassieke rockband (drummer, bassiste en gitariste) die strak in het gareel gehouden werd door Gordon, speelde secuur en zonder veel franjes. “Don’t Play It” leek daarom wat op automatische piloot af te stevenen. “Cookie Butter” kon ons aanvankelijk minder bekoren tot daar het explosief einde was. Het bevreemdende “Get Yr Life Back” was ondanks zijn abstracte geluid en de spoken word passages, een heerlijke binnenkomer. “Earthquake” waarbij Gordon voor een zeldzame keer een instrument bespeelde, zorgde tenslotte voor een donkere sonische rimpeling.
Zij die gekomen waren voor snedige noise punk werden nog meer in de watten gelegd door de bisronde met het geweldige “Hungry Baby”. Het headbangende publiek genoot zichtbaar van dit hoogtepunt en herleefde zo vervlogen tijden. Gordon smeet er tussenin nog een cover van DNA in met “Blonde Red Head”. Tijdens de slotsong “Grass Jeans” trakteerden Kim en de hare ons op behapbare melodieën, dreigende lyrics en een noisy outro die in een totale wall of sound resulteerde.

Kim Gordon hoefde niets meer te bewijzen en dat voelden we ook. Er zijn dan ook maar weinig artiesten die met zo’n bevrijde en compromisloze benadering, niet enkel op plaat maar ook live de muziekliefhebbers zo kunnen overtuigen.

Setlist: Sketch Artist - Air BnB - Paprika Pony - Murdered Out - Don't Play It - Cookie Butter - Get Yr Life Back – Earthquake
Encore: Hungry Baby - Blonde Red Head (DNA cover) - Grass Jeans

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Kevin Morby - Een avondje folkrock om in te kaderen

Wie hedendaagse folk/countryrock zoekt, komt al snel uit bij bij Kevin Morby. In zijn zesde album ‘This is A Photograph’ (2022), dat nog maar twee weken uit is,  beschrijft hij kleine verhalen met diepgaande gevoelens. Dezelfde ingrediënten waarmee hij al meermaals heerlijke muziek wist te maken.
Live heeft hij intussen ook al een degelijke reputatie opgebouwd, die hij met plezier en voor ons plezier nog eens uit de doeken mocht doen op Belgische bodem.

Voor enkele shows in zijn tour koos Kevin Morby de Nederlandse La Loye als support. Lieke Heusinkveld leek niet alleen sterk op Sharon Van Etten, maar klonk ook qua stem zeer gelijkaardig. Ondanks die gelijkenis wist ze heel origineel uit de hoek te komen. Het beklijvende “I Only Hear You In My Song” kreeg ons stil terwijl we in “White Summer” haar gebroken hart in alle eerlijkheid voelden. Tussendoor had ze ook nog een charmante versie gebracht van Nick Drake’s “Place to Be”. Moeiteloos kreeg ze met een handvol nummers het Roma-publiek stil dat op andere dagen wel eens een babbeltje durft te slaan tijdens een voorprogramma. La Loye pakte ons zo in met haar broosbare pareltjes.

Dat deze avond om Kevin Morby’s plaat zou gaan was zo op de achtergrond met ‘This Is A Photograph’ geschreven. Elvis Presley’s “Tell Me Why” diende als opkomstlied waar Kevin Morby, getooid in een cowboy vest met franjes, en zijn zes backing muzikanten elk hun plaats innamen achter met verse rozen gedecoreerde statieven. De eerste noten van het nieuwe swingende “This Is a Photograph” klonken als vintage Kevin Morby: catchy melodieën, eenvoudig te vatten lyrics en een opzwepend passages. Opnieuw hetzelfde patroon in het heerlijke “A Random Act of Kindness” waar de frontman voor het eerst zijn longen uit zijn lijf zong. De backing vocaliste nam even de leiding over in het weemoedige “Bittersweet, TN”. Met de lap steel guitar en de dwarsfluit was het folk Americana-plaatje volledig af. Het speelse “Five Easy Pieces” en het Ramones-achtige “Rock Bottom”, waar de The Morb even een nunchuck-kunstje liet zien, werden ook gesmaakt. “Stop Before I Cry” was een pakkende ode aan zijn vriendin Katie Crutchfield, ook gekend als Waxahatchee, waar na hij voor het eerst enkele rozen het publiek toewierp.
Daarna plukte hij gretig uit zijn vijf oudere platen en brachten de backing band het oeuvre met nog meer intensiteit. “Campfire” maakte indruk door het rondvliegend zweet en opnieuw een straffe passage van de achtergrondzangeres. In “Wander” mocht de tweede gitarist even zijn kunnen tonen en in “Piss River” was het dan aan de saxofonist om als een bezetene tekeer te gaan. Tussenin mocht het publiek tijdens een kletterende “No Halo” even de band aansturen met pulserende handgeklap. “City Music” blijft in Morby’s hele repertoire een sterk nummer en deze keer werd het zeker geen niemendalletje. De opzwepende opbouw klonk in levende lijve dan ook zoveel keren beter. Nu we toch op een hoogtepunt waren, kwam daar “I Have Been to the Mountain” waar we opnieuw beneveld werden door een vurige saxofoonsolo.
Hoewel het volle live arrangement de meeste nummers alle recht aandeden, was dat minder het geval in “Parade” dat eerder fragiel dan stevig klonk. Dit was dan ook het enig minpuntje want na “Dorothy” trakteerde het energetisch publiek de band op een lang uitgesponnen applaus. Nostalgie, een terugkerend thema in Morby’s muziek, kreeg een prominente plaats in het wat tragere “A Coat of Butterflies” en het Bob Dylan-achtige “Goodbye to Good Times”.
In de encore hadden de muzikanten nog te veel energie over om een immens sterke “Beautiful Stanger” te brengen gevolgd door de publieksfavoriet “Harlem River” dat ons overmande met gelukzaligheid.

Kevin Morby staat garant voor boeiende concertavonden, wat deze keer ook meer dan het geval was. Zijn nieuw materiaal past zo tussen zijn lange lijst van steengoede nummers. De bloemen die hij ons nog toewierp bij het verlaten van het podium, kreeg hij van ons figuurlijk in veelvoud terug.

Setlist
This Is a Photograph - A Random Act of Kindness - Bittersweet, Tn - Five Easy Pieces - Rock Bottom - Stop Before I Cry - Campfire - Wander - No Halo - Piss River - City Music - I Have Been to the Mountain - Parade - Dorothy - A Coat of Butterflies - Goodbye to Good Times — Encore: Beautiful Strangers - Harlem River  

Declan McKenna - Indrukwekkende Britpop fenomeen demonstreert bakken ambitie

Het Britse fenomeen Declan McKenna werkte na zijn titel als meest beloftevolle artiest volgens Glastonbury Festival gestaag aan zijn muzikale carrière. Na zijn puike debuutplaat ‘What Do You Think About the Car?’ (2017), bracht hij na veel uitstel het ijzersterke vervolg ‘Zeros’ (2020) uit. Fans van het eerste uur en geïnteresseerden moesten naar de Trix afzakken om hem en zijn band live aan het werk te zien.

De Club was al na het voorprogramma goed gevuld met een kleurrijk en jeugdig publiek. Sommigen waren geschminkt met glitters om hun voorbeeld te volgen. Op de tonen van The Beatles’ “With a Little Help from My Friends” kwam eerst de vier koppige band en enkele tellen later onder luid applaus ook McKenna het podium op.
“Beautiful Faces” was meteen de opener waar vele toeschouwers gewillig meezongen en de armen de lucht in wierpen. In “Rapture” merkten we hoe Declan zich in zijn nopjes voelt op een podium. Leuke toevoeging was de effectenknop aan zijn microstatief waarmee hij gitaartonen kon vervormen of aanhouden, vergelijkbaar met Matthew Bellamy van Muse.
Bij “Sagittarius A*” kregen we een sterk David Bowie-gevoel, een ambitie die McKenna maar al te graag duidelijk maakt. Nog meer spacy was “Emily” die met een rustig folkriedeltje begon en naar het einde uiteenspatte. Het publiek was al uitermate enthousiast en werd dat nog meer door de aanmoedigingen van de frontman om nog meer te dansen op “The Key to Life on Earth”. Dit was duidelijk het geval want onder een sterrenhemel door de lichteffecten, sprong het publiek meermaals een gat in de lucht. Deze rake song met catchy outro ging vlot over naar “Twice your Size” waar we even op adem konden komen om vervolgens overrompeld te worden door een te gekke noisy gitaarsolo.
Na een verschroeiend halfuur werd het even minder hevig met het waar covid-nummer “My House”.  We kregen daarmee een inkijk in zijn geïsoleerde ziel en dito huis waar we onderweg even een microgolfbel opmerkten. “Make Me Your Queen” imponeerde met een akoestisch begin waar Declan’s heldere stem goed doorklonk. De vele smartphonelichtjes zorgden voor een het kippenvelmoment. Het rustige maar toch het thematisch zware “Listen to Your Friends” met spoken word passage, klonk als een warme oproep om meer om te kijken naar je vrienden.
Nog heel even duwde de band het gaspedaal in met opzwepende punkachtige “Humongous” dat vlot aansloot op een lekker rockende “Isombard”. De jonge Brit had intussen meermaals indruk gemaakt met zijn geweldige gitaarskills, maar op de piano kon hij er ook heel wat van. “You Better Believe!!!” was met zijn up- en downtempo’s en pianoballad als slot een zeer geslaagd nummer. “Be an Astronaut” klonk als een eigengemaakte moderne versie van Elton John’s “Rocketman” of David Bowie’s “Starman”.
De encore die bestond uit maar liefst vijf bisnummers voelde allesbehalve als een verplichting aan. Als een bezetene ging McKenna namelijk te keer in “Daniel, You’re Still a Child”. De vele fans lieten zich nog eens van hun horen tijdens “Why Do You Feel So Down” dat betrekkelijk swingend klonk ondanks de zwaarmoedige lyrics. Uiteraard kon zijn meest succesvolle nummer “Brazil” niet ontbreken wat verrassend genoeg niet het beste was van de avond. Het laatste beetje energie van Declan, zijn band en het publiek werd volledig ingezet bij afsluiter “British Bombs” dat helemaal plat gespeeld werd.

Declen McKenna heeft met deze verschroeiende passage nogmaals bevestigd dat hij tot grootse dingen in staat is. De vele fans kregen meer dan wat ze hadden verwacht en de zij die hem niet kenden, keerden nu met een geweldige ervaring huiswaarts.

Setlist
Beautiful Faces - Rapture - Emily - The Key to Life on Earth - The Kids Don't Wanna Come Home - Twice Your Size - My House - Make Me Your Queen - Humongous - Isombard - You Better Believe!!! - Be an Astronaut - Daniel, You're Still a Child - Why Do You Feel So Down - Eventually, Darling - Brazil - British Bombs

Organisatie: Trix, Antwerpen

Pagina 1 van 5