logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Suede 12-03-26

Folkdranouter 2007: zaterdag 4 augustus

Geschreven door

Een gretige Absynthe Minded (Kayam tent) speelde een pittig, bedreven, gevarieerde set. De band, onder Bert Ostyn, bracht in het voorjaar hun derde cd ‘There is nothing’ uit, een combinatie van subtiel, uitgewerkte gitaarpopsongs, Balkanpop en grillige avontuurlijke pop, die onverwachtse wendingen kunnen ondergaan. Een hoofdrol was weggelegd voor de fors klinkende vioolpartijen van Renaud Ghilbert. 
Het vijftal legde de klemtoon op de recente cd met het fijne “On a plane”, een stevige “Stuck in reverse” en een avontuurlijk klinkende titelsong. Ouder werk was er met “To the boredoms dying slowly”, “I like you when you’re sad”, “Substitute” en het intiem, pakkende op “Mia” geënte “My heroics, part one”. Ze gooiden er een vleugje Balkan tegenaan op “The great height” en “I am a fan”.

Think of One
kwamen we tegen op de festivalweide. De ‘Artist In Reverse’  speelden op hun automobiel fanfare, hoempapa en zigeunermuziek, wat door de  voorbijgangers ferm werd gesmaakt.

Isobel Campbell & Mark Lanegan (Kayam tent), vergezeld van vier muzikanten, waren toch wel de vreemde eend in de bijt op Folkdranouter.  Onder het ‘Beauty & the Beast’ imago refereerden ze aan Nancy Sinatra & Lee Hazelwood en Nick Cave & Kylie Minogue: intieme luisterliedjes door een huiveringwekkende, dreigende sound door de engelen-/elfenzang van de Schotse Campbell en de grauwe, doorleefde vocals van Lanegan.
Een bruidspaar onstage, maar één van elkaar geen blik gunnen: Lanegan ratelde op coole wijze z’n teksten, ook wanneer Campbell giechelde toen ze op het eind van één van de songs haar tekst kwijt was.
De donker, lieflijke songs “Revolver”, “Deus ibi est” en “The false husband” werden mooi uitgebalanceerd en hadden een perfecte samenzang. Lanegan nam een hoofdrol op “I ll take care of you” (controverse naar Campbell?!), “Circus is leaving town” en “Little Sadie”; Campbell op haar beurt deed het op  “Saturday’s gone” en “Do you wanna come walk with me”. “Come on over” was een veelbelovende nieuwe song. Het duo besloot met het bluesy bebopachtige “Ramblin’ man” van Hank Williams. 
Lanegan & Campbell: twee verschillende werelden, met tussen hen een denkbeeldig ijzeren gordijn, hebben elkaar ontmoet op het podium.

Toumani Diabaté & the Symmetric Orchestra (Kayam tent) kon rekenen op erkenning door de samenwerking met Ali Farka Touré en Gorillaz. Ze zijn met Tinariwen en Amadou & Mariam de muzikale verademing binnen de afroworld pop. Samen met z’n twaalfkoppig gezelschap trekt de band uit Mali door Europa.
Diabaté werd aangekondigd als de Jimi Hendrickx van de kora, een speciaal snaarinstrument. De worldpop kreeg kleur door de dans en zang, opgezweept door een begeesterende djembé speler. De songs werden op die manier mooi uitgesponnen. Minpunt: de ietwat te lange vocale voordracht van Diabaté over z’n snaarinstrument.

Teitur (Flamundo) was één van de eerste artiesten uit de Faroer-eilanden die te Dranouter concerteerde. Fijnzinnige, pakkende singer/songwriterpop met een etno tintje, die aan de Ijslandse pop van Sigur Ros en Mum deed denken. 

Admiral Freebee (Kayam tent) treedt op in verschillende muzikale gedaantes. Tom Van Laere, in grunge plunje met houthakkershemd, had Bjork Erikson, een op Murph (van Dinosaur Jr.) lijkende drummer en zangeres Nina Babet mee. Op Dranouter kozen ze voor een semi-akoestische aanpak, maar de huiskamerpop klonk gaandeweg krachtiger en kon worden aanzien als een rock’n’roll tuinfeest. 
In een sober aangepast kleedje begonnen ze met “Admiral for preseident”, “Recipe for disaster”,  “Ever present” en “Oh darkness”. Enkele evergreens en meezingers als “Breath in, breath out” en “Hope alone” schroefden het tempo omhoog. Het was de aanzet van een finalereeks van een real rock’n’roll/americana feestje: “Living for the weekend”, “Einstein brain”, “Lucky one” en “Rags’n’run”. Glansrol had Nina Babet op “Boy you never found”.
Gelimiteerd of niet: het resultaat was een ontketende zanger en een uitgelaten publiek!

Sinead O’Connor (Kayam tent) zagen we twee jaar geleden aan het werk met de dubreagge techneuten Sly & Robby, in het kader van de cd  ‘Throw down your arms’. ‘Theology’ is haar nieuwe cd met sfeervolle en ingetogen religieuze songs, de leefwereld die de priesteres na ‘Universal mother’ (’94) er op nahoudt.
Ze speelde een afwisselende set solo en met haar band, die haar 20 jarige carrière overbrugde, gedragen door haar helder, emotievolle stem. 
Ze putte uit haar succesvolle platen ‘I do not want what I haven’t got’ , ‘Universal mother’ en ‘Faith & Courage’, in combinatie met een handvol nummers uit ‘Theology’.
Maar de set dito stem gingen wat de mist in door een erbarmelijke versterking,  wat een domper was om volledig te kunnen opgaan in haar muzikaal concept. De intieme songs “Healing room”, “Black boys on mopeds” en “Junkie lies”, gedragen door haar stem en akoestische gitaar, kwamen onvoldoende tot hun recht, wat een teneur was! Maar ze was goedlachs en onder de indruk van de respons. “Emperor new clothes”, “Stretched on your grave” en “Lamb’s book of live” waren een goede start. “Throw down your arms”  was de meest groovy, dansbare song met reggae tunes.  Naar een hoogtepunt ging het met “Nothing’s compares to U”, “Thank you for hearing me” en “In this heart”, haar lofbetuigingen aan God. “Something beautiful” en “If you had a vineyard”, uit ‘theology’, waren de mindere songs van de set.
Ze eindigde alvast in schoonheid met “The last days of our acquaintance”, “We people” en “Rivers of Babylon”, de spiritual, groots gemaakt door Boney M.   Sinead O’Connor: een uniek zangtalent, doch haar muzikaal religieus pad was effen, als de ‘goddamned’ geluidsversterking beter kon worden afgestemd…

Organisatie: Folkdranouter, Dranouter

Folkdranouter 2007: vrijdag 3 augustus

Geschreven door

De voorzichtige verhuis naar het nieuwe stuk terrein tijdens de vorige editie, werd positief ervaren. Het volledige festivalterrein bracht de organisatie naar één zijde van de weg, die samen met enkele pleintjes, de vele kraampjes en animatie acts een prachtig decor opleverde. 
Er was geen Clubtent of Cirque deze maal. Ze werden omgedoopt tot de Flamundo, de Palace en de Kring.
Folkdranouter bewandelt nieuwe artistieke paden, ‘the new tradition’, wat een ontdekkingstocht is van een rijke en gevarieerde programmatie.
De 33e editie van Folkdranouter was een groots succes met ruim 5000 meer bezoekers dan vorig jaar, 77000 in totaal.
Folkdranouter kon als vanouds rekenen op een zonovergoten, stralende driedaagse. Naast de muziek was de factor ven een leuke, ontspannende sfeer en gezelligheid de voornaamste troef.
Op vrijdag zette Bart Peeters de tent op z’n kop; wat een entertainer. Axelle Red mocht ingetogen de nacht besluiten. Op zaterdag waren Isobel Campbell & Mark Lanegan de vreemde eend in de bijt en had Sinead O’Connor te kampen met een erbarmelijk geluid, wat haar set deels de mist deed ingaan. Op zondag toonde Arno aan dat hij nog maar weinig wilde haren kwijt was, maakten The Levellers de brug tussen folk en poprock., en mocht Think Of One, ‘the artist in residence’, na ettelijke locaties op het terrein,  in de Kayam tent een feestje bouwen met hun multi-culturele sound.

Kadril (Kayam tent)
, onder de broers Libbrecht, zijn al zo’n kleine dertig jaar bezig en maakten al een evolutie door van folk, folkrock en luisterpop. Kadril is een niet te onderschatten band die het pad effenden voor de carrière van Patrick Riguelle en Eva De Roovere. Marilien Boussemaere is de nieuwe zangeres. ‘Mariage’ is het nieuwe muzikale project van dit uitgebreid gezelschap. Kadril speelde instrumentale als gezongen ingetogen en ietwat forser klinkende traditionele folkpop. De gepaste aftrap van het driedaagse Folkfestival.

The Tellers (Flamundo) is een Waals bandje die met de vorig jaar verschenen EP ‘More’ zich al onderscheidde. Het jonge viertal speelde een sober gehouden set van  sfeervolle, broeierige gitaarpop. De semi-akoestische aanpak werd sterk geapprecieerd, want de groep kon rekenen op een sterke respons in de behoorlijk gevulde (kleine) tent. Later op de avond waren ze nog te zien in De Kring.

Altan (Kayam tent) is een graag geziene band op het festival. De Ierse band rond Frankie Kennedy en Mairéad Ni Mhaonaigh (de vioolspelers van de groep) zakte al voor de vierde maal af naar Dranouter, en speelde een gevarieerde set van opzwepende en intimistische folk. Hun instrumentarium van accordeon, violen, akoestische gitaar en trom maakten hen de vaandeldragers van de Ierse folk, waarbij elke song z’n eigen verhaal heeft. De gezongen songs van Mairméad zijn sfeervol en de instrumentals waren aanstekelijk en werkten in op de dansspieren.

The Bony King Of Nowhere (Flamundo) zijn net als The Tellers een veelbelovend bandje van ingetogen, melancholische pop, waarbij de songs sober en minimalistisch gehouden werden. De verstilde pop, de overwaaiende vocals en de keyboards waren intrigerend. De Gentse band rond Bram Van Parys refereerde aan Low en Bonnie Prince Billy.

Bart Peeters (Kayam tent) zette de vorige keer de Kleine Concerttent op z’n kop. Bart Peeters is bezig aan een muzikale veroveringstocht van z’n ‘Slimmer dan de Zanger’ tournee; we waren sterk onder de indruk wat hij met z’n begeleidingsband presteerde. Een instrumentarium van viool, accordeon, gitaarspel en derboeké (een variant op de djembé) leverde een ambiancegeluid op van pop, rock, folk, jazz, balkan en wereldmuziek. Hij entertainde het publiek en zorgde voor een waar volksfeest! De Nederlandstalige songs met opzwepende bindteksten hadden een meezinggehalte en gingen erin als zoetekoek. Meteen was er een swingende start met de titelsong “Slimmer dan de zanger”,  “Ik wil je” en “Poolijs”. “Allemaal door jou” kreeg zelfs een André Hazes gestalte.
Hij bracht gastvocalisten Djarnel (een vleugje world op “Messias”) en buikdanseres Hadise (backing vocals op “De weg naar je hart”) mee. Dit was ‘sensualiteit’ boven de Axelle Red norm. Absolute hoogtepunt was “Liefde is alles”, toen Bart in het publiek sprong en de liefdesbetuiging van een jong koppeltje in de verf zette; vreugde en emotie… hand in hand samen.
Het tempo hielden ze hoog met een aangepaste versie van “I’m into folk” en “Heist aan zee”, waarin een hoofdrol was weggelegd voor violist/gitarist Emiel, die z’n danskunst tentoon spreidde. Bart eindigde in schoonheid met het fuifnummer “Aaaaa”: een feestje tussen de band, de guestvocalisten en het uitzinnige publiek. Geweldig tot wat deze volksmenner allemaal in staat was! De smaakmaker van het driedaagse festival!

Het Britse Starsailor (Kayam tent), de sympathieke band onder zanger/gitarist James Walsch, is telkens op de afspraak sinds de vorige cd ‘Silence is easy’. Een band zonder pretentie, die z’n opdracht volbracht van fijne melodieuze poprock. Een geslaagde set. Het waren vooral de oudere emotievolle songs als “Misguided fool”, “Alcoholic”, “Fever”, “Love is here” en “Good souls”, die het haalden van de recenter krachtige songs “In my blood” en “Counterfeit life”.
Walsch speelde een Stones song solo, en bekoorde  jonge meisjesharten met “Some of us”. “4 to the floor” lieten ze uitmonden in hun succesvolle beatversie. “Silence is easy”, waarin een “Dancing queen” ABBA-deuntje was verwerkt, besloot definitief het optreden. Starsailor stond garant voor een goed uur subtiele gitaarrock.

Het zigeunercollectief Think Of One (Flamundo), rond David Bouvée (de man met de NAFT pet) en Tomas de Smet, was elke dag te zien op een andere locatie op de festivalweide. Totaal onaangekondigd openden ze in de Palace het festival voor geopend. Die avond traden ze dan op in de Flamundo tent. Een muzikaal reisverhaal van aanstekelijke balkanpop, world, hoempapa en fanfaremuziek door blazers en percussie, wat een dampende party opleverde.

Axelle Red (Kayam tent) is al een kleine vijftien jaar bezig. Haar sfeervolle Franstalig klinkende pop, doorspekt van een soul en funky groove, wordt gedragen door haar breekbare, sensuele stem.
Op het podium stond een groot oud tv toestel met schotelantenne, refererend aan de eerste BRT beelden. De begeleidingsband kwam bijna regelrecht uit de ‘Memphis’ soul stal. “Sensuality” opende de anderhalf uur durende set. Haar recentste cd ‘Jardin secret’ kwam uitgebreid aan bod met intieme songs als  “Naive”, “Temps pour nous”, “Perles de pluie”, “Ce don’t le monde a besoin” en “Fruit defendu”. Het oude, bekende werk had meer vaart, waaronder “Le monde tourne mal” en “I had a dream”. “Je t’attends” was het kippenvelmoment.
Axelle Red trok de kaart van een uiterst sfeervolle set, wat een voorbeeld was van het brede concept van ‘the new tradition’ van Folkdranouter. 

Organisatie: Folkdranouter, Dranouter

Tori Amos

American Doll Posse

Geschreven door
Na een korte time- out met de geboorte van haar dochter Natashya in 2000,  heeft Tori Amos momenteel drie veelzijdige albums uit, die een lange tijdsduur hebben: ‘A scarlet’s walk’ (’02) (18 songs),  ‘The beekeeper’ (’05) met 19 songs en tenslotte het onlangs verschenen ’American Doll Posse’ met maar liefst 23 nummers. Songs die een bewijs zijn van Amos’ artistiek of die te interpreteren zijn als een handig tussendoortje. Was de voorbije plaat in het teken van zes verschillende tuinen, dan is ‘American Doll Posse’ een concept van vijf Amos’ alter ego’s die op de cd staan afgebeeld. Ze wil de verschillende kanten van een vrouw, gebaseerd op karakters van de Griekse mythologie, zichtbaar maken, waaronder de carrièrevrouw, de vriendin en de minnares. 
Amos geeft dit weer in muzikale diversiteit, de ene maal met intiem pakkende songs (“Yo George”,“Father’s son”, “Code red”, “Mr Bad Man”, “Roosterspur bridge” en “Beauty of speed”), gedragen door haar emotievolle stem en haar begeesterend pianospel, andere zijn sfeervoller (“Big wheel”, “Digital ghost”, “Dark side of the sun” en “Posse bonus”), ondersteund door een softe percussie; er is ook sprake van poprocksongs (de single “Bouncing off clouds”, “You can bring your dog”  en “Secret spell”) en avontuurlijk zijn “Teenage hustling” en “Smokey Joe”; we horen zelfs een rockende Amos op “Fat slut” en “Body & Soul”. Van creativiteit gesproken! 
Niet alle nummers zijn even sterk, maar ‘American Doll Posse’ is een plaat van boeiende luistersongs, een bewijs van Amos’ songwriterschap.

Buffalo Tom

Three Easy Pieces

Geschreven door

Na het laatste album ‘Smitten’ (’97) is het sympathieke trio uit Boston een kleine tien jaar later opnieuw bij elkaar. En het is alsof de tijd is blijven stilstaan bij het trio Janovitz/Colbourn/Maginnis. ‘Three Easy Pieces’ is een vervolgverhaal op de puike platen ‘Let me come over’ (’92) en ‘Big red letter day’ (’93): meeslepende en intens bedreven emotievolle gitaarpopsongs. 
Het spelplezier druipt er vanaf. Het trio heeft nog steeds de magie om sterke songs af te leveren, onder de afwisselende leadzang Janovitz/Colbourn. 
“Bord phone call”, “Bottom of the rain”, “Good girl”, “September shirt” en de titelsong zijn snedige songs;  “You’ll never catch him”, “Lost downtown”, “Renovating en  “CC and Callas” hebben een spannende, broeierige opbouw en nummers als “Pendletow”, “Gravity”  en de afsluiter “Thrown” zijn sfeervoller door toetsen en steelpedal.
Kortom, Buffalo Tom staat er opnieuw en speelt frisse Amerikaanse gitaarrock op z’n best.

Built To Spill

Built to Spill

Geschreven door

Built to Spill is één van de best bewaarde Amerikaanse underground grunge/indie gitaarbands onder zanger/gitarist Doug Martsch. Platen als ‘Perfect from now on’ (’97) en ‘Keep it like a secret’ (’99) beantwoorden aan het werk van Neil Young & Crazy Horse, Pavement en Dinosaur Jr. De nieuwe cd ‘You In Reverse’ doet de lauwe voorganger van 2001 ‘Ancient melodies of the future’ vergeten. 
‘You In Reverse’ is al vorig jaar verschenen in de VS, maar is pas nu in Europa beschikbaar. Trouwens, de band heeft een Europese tournee gepland, en dat was van ’99 geleden!
Tien songs zijn terug te vinden, waarvan meer dan helft zes minuten klokken. Da’s nu net Built to Spills muzikale formule: intens bedreven en sfeervol dromerige (grunge/indie)gitaarrock, door lang uitgesponnen gitaarlagen, een repetitieve bas en een bezwerende drums, onder Martsch zweverige, zalvende onvaste stem.
Opener “Goin’ against your mind” zet meteen de juiste toon op de cd en is een klasse song zonder meer van meer dan acht minuten. “Conventional wisdom” komt regelrecht uit de Dinosaur stal en met “Just a habit” is er een vervolg klaar op ‘80’s band The Feelies. “Mess with time” flirt met Jello Biafra’s Dead Kennedys en “Traces”, “Liar”, “Wherever you go” en afsluiter “The wait” zijn de sfeermakers op de plaat. 
Martsch ontpopte zich door de jaren als een fervent politicus en kunstliefhebber: zie maar de tekening op de cover en z’n moraalfilosofie van anarchie op een sociaal verantwoordelijke, coöperatieve wijze is in ons hart gegrift!

Various Artists

Ex Drummer OST

Geschreven door

Ex Drummer is één van de bekende werken uit het omvangrijke oeuvre van Herman Brusselmans, een verhaal over de wereld van de rock’n’roll, ver van de glitter en de glamour. Koen Mortier is de regisseur van de film, en verrast eveneens met de soundtrack, waarbij enkele bekende Vlaamse artiesten als Arno, Kowlier en Millionaire het hef in handen nemen; ze zorgen voor een paar originele tracks: Arno “Een boeket met pisseblommen”, Kowlier met de stoner’killer’song “De grotste lul van ’t stad” en Millionaire met de Devo cover “Mongoloid”.
Het is een soundtrack van noisy gitaarwerk (Lightning Bolt, Blutch en Millionaire), postrock (Madensuyu en Mogwai), donkere dreigende muziek (Isis), punk/hardcore (Funeral Dress), vettige rockabilly (Experimental Tropic Blues Band) en sfeervolle pop (An Pierlé & White Velvet en The Tritones). 
Op de soundtrack zijn dus een pak schreeuwerige songs te vinden, de link met  de film en Brusselmans’ persoonlijkheid?!

Editors

An end has a start

Geschreven door

Editors, een kwartet uit Birmingham, onder zanger/songschrijver Tom Smith, viel al twee jaar terug op met ‘The Back Room’. Ze halen invloeden uit de huidige postpunk en ‘80’s wave van Joy Division, Echo & the Bunnymen en The Chameleons. Smith zelf noemt Michael Stipe als z’n voornaamste inspiratiebron. Whatever, de tweede cd is een toegankelijk album: het gejaagde tempo, de donker dreigende en beklemende sfeer is geraffineerd en subtieler. Poprockwave dus!
Het is een boeiende, afwisselende plaat geworden. Enkele songs refereren naar het debuut: de single “Smokers outside the hospital doors”, “Bones” en “Escape the nest”. Het tempo is omlaag geschroefd op volgende songs, die inderdaad aan R.E.M. refereren: “The weight of the world”, “The racing rats” en “Push your head towards the air”. “Well worn hand” is een pianoballad en sluit in schoonheid de plaat af. Onderliggend zijn er Coldplay trekjes.
De plaattitel ‘An end has a start’ kan geassocieerd worden met Joy Divisions ‘A means to an end’.
Het is een kwalitatief sterke plaat geworden van een band die een boeiende koers is ingeslagen en een schitterende toekomst tegemoet gaat.

Sinead O’Connor

Theology

Geschreven door
Sinead O’Connor bracht twee jaar terug een popreggeaplaat uit ‘Throw down your arms’, die ze opname met Sly & Robby. Het resultaat was een freakende, groovy, broeierige religieuze sound. Haar optreden met Sly & Robby, gekoppeld aan de plaat, bleek de ideale gospel zondagsmis!
Sinds ‘Universal Mother’ (’94)  wuifde O’Connor grotendeels de muziekindustrie vaarwel, legde zich toe op religie en trok zich terug in een klooster. Haar liefde tot God en spirituele beleving leverde nog puik platenwerk af als ‘Faith & Courage’ (’00), een fijne popplaat, ‘The Gospel Oak EP’ en ‘Sean-Nos Nua’, geworteld in haar Ierse folkroots; ze bevatten naast eigen songs, originele bewerkingen van andermans materiaal. 
Ook de huidige cd ‘Theology’ is opnieuw zo’n voorbeeld van religieus getinte nummers. Het is een dubbelcd waarbij al het materiaal twee keer werd opgenomen, zowel met een volledige begeleidingsband (The London Sessions), als akoestisch (The Dublin Sessions).
The Dublin Sessions komt het sterkst uit de verf: intiem pakkende songs, gedragen door haar mooie, warme stem. Huiveringwekkend. Om kippenvel van te krijgen! Luister maar een naar “Something beautiful”, “Out of the dephts”, “Dark I am yet lovely”, “If you had a vineyard”, “33” en “The Glory of Jah”.
The London Sessions is een logisch vervolg op ‘Faith & Courage’, geraffineerde sfeervolle popsongs, die subtiel uitgewerkt zijn. Geslaagd, maar niet steeds overtuigend!
Haar bewerkingen van Curtis Mayfield “We people who are darker than blue”, de uit Jesus Christ Superstar gehaalde “I don’t know how to love him” en de door Boney M tot hit gemaakte spiritual “Rivers of Babylon” zijn op beide cd’s écht sterk en emotievol.
Hoe dan ook, we zijn en blijven onder de indruk van het zangtalent en de aanpak van Sinead die haar eigen ‘muzikaal religieus pad‘ kiest en bewandelt.

10 Days Off 2007: DAY 10: Tiga & Co

Geschreven door

Voor de 4de keer was Tiga te gast op het indoor festival van 10 Days Off. Een negen uur durende set waarvoor Tiga een aantal van zijn muziekbroeders mee had.

Jori Hulkkonen,
het bewijs dat men in Finland niet alleen ‘Nokia’ en ‘Lordi’ kent, is deze elektronicaDJ. Deze ‘coole’ DJ is beïnvloed door de electro scene van eindjaren ’80 en werkte samen met de juiste mensen, wat hem een gegeerde clubDJ maakte. Techno, electro en trance zijn  een geliefd concept. Jori mocht het publiek opwarmen, wat positief ontvangen werd.

Konrad Black:
lekkere basses en sferische sounds kenmerken Konrad Black. Zijn inspiratie haalde hij uit de hip hop en drum’n’bass. Producties waren de afgelopen jaren minimaal; hij gaf zijn carrière al elan door samenwerkingsverbanden met o.a. Swayzak, Ed Rush, Mark Houle TRoy Pierce en dus ook met Tiga. 

Tiga
heeft er al een pak samenwerkingen opzitten en was voor de 4de keer te gast in De Vooruit. De Vooruit was opnieuw  full house. Met zijn sublieme mix bracht hij de 'B- live room'  in beweging. De Canadees bracht stevige dance en retro ’80’s electro. Op het eerste hoogtepunt, al vroeg in de set, “What else is there” van Röyksopp, ging de fuivende menigte helemaal uit de bol. De aanzet voor een goede twee uur Tiga-dance mix.

Proxy,
live from Moskou. Voor de mensen die zijn gehele naam willen weten en een poging willen doen om hem uit spreken,
Pozharnov Yevgeny Alexandrovich, veel succes!! Hij is de laatste nieuwe man van ‘Turbo Recordings’ (het label van Tiga) en wordt aanzien als een stevige aanwinst. Met zijn toegankelijk opzwepende set liet hij de grote ‘Tiga electro muziek puzzel’ in elkaar passen. 

De 13e editie van 10 Days Off zit erop. Elke dance- en elektronicafreak werd op z’n wenken bediend door de mengeling van techno, house, elektronica, drum ’n’bass, hip hop en trance.Thanx 10 Days Off. Tot in 2008!

Organisatie: 5 voor 12

The Cinematic Orchestra

Ma Fleur

Geschreven door
The Cinematic Orchestra is een Britse band uit Londen onder Jason Swinscoe. Ze staan garant voor een sound van elegante schoonheid en sentimentaliteit. Ze graven een eigen weg binnen de intieme trippop, die af en toe iets krachtiger klinkt.
Het zijn dromerige, sfeervolle soms breekbare songs die in een filmisch decor passen. Trouwens, de kennismaking met deze band gebeurde met de soundtrack ‘Man without the moviecamera’ (een Russische stomme film in 2003).
Vijf jaar na ‘Every day’ heeft  Cinematic Orchestra  met ‘Ma Fleur’ het muzikale script klaar van een nog af te werken film…
Er zijn enkele gastrollen: Patrick Watson (“That home”, “Music box”), die doet denken aan Antony & The Johnsons, Lou Rhodes zingt op “Time & space”,  wat refereert aan het rustige werk van Lamb en haar vorig jaar verschenen soloplaat, en er is de soul van Fontella Bass.
‘Ma Fleur’ is een fijne, heerlijke sfeerplaat.
Te bezien op 9 oktober in een organisatie van Jazztronaut in de AB, Brussel.
Pagina 949 van 965