AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Deadletter-2026...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

Het Zesde Metaal – Op naar ‘Hun Mooiste Jaar’
Het Zesde Metaal, Rosie Stuart

Het W-Vlaamse Zesde Metaal rond Wannes Cappelle (uit Wevelgem) trok zich op gang in eigen streek, in de 4ad, Diksmuide en ondernam intussen een heuse clubtour doorheen Vlaanderen waar hun Nederlandstalige muziek dito West-Vlaams dialect in ‘alle kleuren van de regenboog’ met open armen werd onthaald. Puik werk van het kwintet, die hun laatste ‘Het langste jaar’, letterlijk een afscheidsceremonie van dierbare vrienden, cachet gaf.
Anderhalf uur prachtig melodieus werk, met een emotievolle, pakkende, maatschappijkritische inhoud in de eigen (West-Vlaamse) taal, nu in O-Vlaanderen weliswaar, na Gent in Sint-Niklaas …

Ze hebben al een handvol platen uit in hun vijftienjarige carrière. Maar de nieuwste plaat ‘Het langste jaar‘ is er eentje die het hart diep raakt, over rouw, loslaten, hoe tijd de kloof met overledenen kan doen groeien. Het gaat over een goede vriend van Wannes en het verlies van bandlid Tom Pintens, die ernstig ziek was, maar nog net de plaat kon maken, producen en inspelen. Een maand na de opnames stierf hij, vorig jaar in augustus. De verliesthema’s worden traditietrouw gelinkt met liefde, vriendschap, samenhorigheid, de wereldproblematiek, Moeder Aarde en ons klimaat.
Het Zesde Metaal heeft het in zich telkens hun materiaal subtiel uit te werken, integer, ingenomen, dromerig als rockend door directer, snediger te klinken. We kregen een boeiende afwisseling, waarbij het nieuwe materiaal tijdens de clubtour in de spotlight kwam; goed ingeoefend intussen combineerden ze het met een rits nummers van hun intussen brede oeuvre.
Het kwartet heeft met Kasper Cornelus een sterke multi-instrumentalist bij, die zorgt voor de toegevoegde waarde van weerbarstige en fijnzinnige tunes op gitaar en keys, zoals een Tom Pintens hem voordeed.
We kregen eerst een paar gevoelige nummers van de nieuwe plaat, “De storm” opende op sfeervolle wijze de set, en de nieuwe single “Nog maar begonnen” toonde de iets extraverte kant van de band op de plaat, de instrumenten kregen ademruimte en we werden meegezogen in een mooi uitgediept popklankenpalet, die de band zo typeert momenteel.
De herkenbaarheid met het vroegere werk hadden we dan met “Een dag zonder schoenen” en “Calais”, die nog maar eens aantoonde hoe Wannes, met de pet op (hij houdt ze maar al te graag op), alles tracht te verwerken wat er allemaal gebeurt met de mensen, die als ratten in de val zitten in Calais; muzikaal klinkt het ingetogen, sfeervol als broeierig, rockend. De steelpedal en de elektronica zorgen nu net voor een warme klankkleur en bepalen nu sterk mee de sound.
Gezien het Zesde Metaal intens wordt opgevolgd tijdens deze clubtour door Musiczine, merken we dat er aan de setlist af en toe wordt gesleuteld. Mooi. Ze spelen graag de nieuwe songs en wisselen hierin af . O.m. “Alles moet veranderen”, “Moeder Aarde”, “Den tijd die ons nog rest’, ‘Geweun nen dag” (over ons klimaat). De pop, de rock, het sfeervolle, bezwerende , dromerige karakter en de stemvariaties van Wannes vallen op. Beeldrijk kan je hun werk wel noemen , er is zelfs een tint ‘film noir’ en ‘soundtrackgevoel‘ te bespeuren .
“Gie, den otto en ik” en “Ploegsteert” zijn  muzikale kapstokken van de band, een bloemlezing van het werk van dit kwintet. Poprock op z’n best in het West-Vlaams! Zeker “Ploegsteert”, hommage aan wielrenner VDB, wordt sober ingezet op piano, en overtuigt crescendowijs; terecht uitgeroepen tot één van de best Nederlandstalige songs.
De set is spannend, nieuw en oud vinden elkaar door introspektie en extravertie in elkaar te laten overgaan. “De onvolledigen” en “Niets doen is geen optie” bieden ruimte aan de instrumenten en kunnen dus rocken.
Die andere integere, gevoelige kant krijgen we dan op de titelsong van hun recentste, ‘Het langste jaar’ , een breekbare ‘Duyster-song’, pure eenvoud en diep rakend, door de pianotoets en de steelpedal, gedragen door die kenmerkende, lichthese emovocals van Cappelle. Schitterend gewoonweg.
‘Muziek voor alle leeftijden’ zei iemand me, ze zijn een band die nu wel hipper dan ooit is, zie maar eens de talrijke optredens in het clubcircuit, zelfs bijna twee avonden in dezelfde club. …‘Back to the roots van West-Vlaanderen’, hier kan Willem Vermandere fier op terugblikken.
We kregen nog twee extraatjes “Ier bie oes”, dat intrigeert door de verrassende wendingen en de uitbundige meezinger “Tis nog al nie naar de wuppe”, met de nodige arm- en heupbewegingen.

Ze zijn terug en hoe, wat een integer, meeslepend, opwindend sterk optreden … Nog te zien tijdens de festivalzomer (o.m. op Dranouter). Een must see, op naar hun mooiste jaar!

Sing/sonwriter Rosie Stuart uit het Gentse was de support, solo op haar elektrische gitaar; met haar scherpe indringende vocals, intrigeerde ze met een handvol songs, die refereert aan Kristin Hersh , Sinead O’Connor, Polly Harvey of een Patti Smith.
Het jong opkomend talent heeft Het Zesde Metaal als coaching en geeft haar materiaal in die sobere aanpak, die soms licht galmend klonk, dezelfde emo-melancholische draai met een dosis maatschappijkritiek en zelfrelativering, luister maar eens naar “Vegan” en “Boomerang”.
Rosie Stuart kon de aandacht alvast behouden. De songs hadden een mooie klankkleur, waren integer of durfden door de hakkende ritmes iets rauwer te zijn. Een overtuigende opener …

Neem gerust een kijkje naar de pics tijdens de clubtour
Ha Concerts, Gent @Dieter Boone
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/5906-het-zesde-metaal-22-03-2024.html?ltemid=0
Cactus, Club, Brugge @Kristof Acke
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/5900-het-zesde-metaal-23-03-2024.html?Itemid=0
De Zwerver, Leffinge @Astrid De Maertelaere
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/5905-het-zesde-metaal-27-03-2023.html?Itemid=0

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Lords Of Acid - Muzikale decadentie met een korreltje zout

Wie had ooit gedacht dat we nog the Lords Of Acid van Maurice Engelen en C° in een klein, donker, alternatief zaaltje zouden zien … Underground pur sang. Het kinky techno project had als oefenlokaal de B52 in Eernegem uitgekozen om opnieuw de grote overstap te wagen in de VS.
Een klein anderhalf uur lang kregen we een uiterst ontspannende, half jammende set, die hun ouder met nieuw werk verbindt, de aanzet van hun nakende tour, ‘Make acid great again’ met het andere project Praga Khan onder ‘Mortal Kombat’.

In een beneveld decor zagen we bijna evenzeer benevelde artiesten. Met vier op het podium waren ze, een Maurice die z’n elektronica apparatuur en z’n microfoonstatief deed afzien, een gitarist, een drummer en de nieuwe bevallige zangeres Gigi Ricci, die de laatste maanden goed de tot de verbeelding sprekende act, de sensuele danspasjes en de zangpartijen inoefende.
De nummers rommelden en kraakten, alsof ze letterlijk uit de vergeetput werden gekatapulteerd; een soort demotape van wat later opgepoetst in de studio te verwachten is.
Gigi dweepte in het kleine zaaltje, waar hoogstens een goed 100 man binnen kan, haar publiek op. Een dekmantel van een SM decor, decadent gekruid, kregen we af en toe met een half in plastic gehulde danseres en een Batman-mannetje, die een zweepslag op z’n torso en poep kon verdragen. De erotiserende poses kleurden de sound, een ‘dark industrial house, kinky dance & horny lyrics’, die new-beat, rock’n’roll, industrial en techno mengde met allerhande samples, en zich kon meten met een Prodigy en Atari Teenage Riot.
De grenzen van wat (niet) kan werden opgezocht, sensueel prikkelend; de controverse werd niet uit de weg gegaan maar telkens was dit met een dosis humor en een kwinkslag, want daar draait het hem om bij de Lords, een soort shock-effect bieden, die je hoeft te relativeren.
Of Gigi nu kon zingen, laten we in het midden , maar in een zwoele pose lukte zingen, schreeuwen, kirren, gillen, kreunen … De elektronica tunes hadden een repeterende ondertoon, bouwden op , bonkten, dreunden, donderden, knalden om dan weer zalvend gemoedsrust te bieden. De percussie en de snedige , scherpe gitaarpartijen golfden omheen die bezwerende , groovy, denderende elektronica. 
In hun sensueel prikkeling hadden we, met een knipoog naar ‘Never so deep’, een vulkaan uitbarsting , met de lava die zich een weg baant … en de rest …, die triggert de verbeelding …
“Scrood bi u” was alvast een mooie aanzet om in deze fantasieprikkelende wereld terecht te komen, “Break me” , “Seks cam girl” , “Rubber doll” , “Pussy” laten je verder drijven in die fantasie, maar schudden je met een dosis humor terug klaarwakker naar de dagdagelijkse realiteit, een statement die ze hoog in het vaandel houden.
De decadentie op de korrel nemen dus, de fantasie, watdanook, mag een uitlaatklep zijn, maar hou het fijn, plezierig, correct. Vuilbekkende humor, alles met een glimlach. De film ‘Belgica’ en de pas verschenen ‘Skunk’ zit in ons geheugen gegrift in de tracks van de Lords Of Acid .
Met hun ‘Greatest t*ts’ in het achterhoofd kregen we nog o.m. “The most wonderful girl”, “Lover” , “Rough seks (take control)”, “Voodoo-U”, “My demons are inside”, “The crablouse” en natuurlijk die instant klassiekers “Worships the lords (met de slogan “Praise the Lords, fuck the rest...") en “I sit on acid”, allemaal in een ruwere versie dan op plaat …

Na Bimfest eind het jaar , was dit de laatste show van Maurice en C° in ons landje. Nieuw werk mogen we verwachten, maar eerst wordt nog een Amerikaanse tournee afgewerkt, waar ze een zekere status als muzikale vernieuwers hebben verworven binnen de dance.
Hoedanook na Praga Khan is Lords Of Acid uitgegroeid tot een project met een zeer lange levensduur. Muzikale decadentie met een korreltje zout!

Organisatie: Club B52, Eernegem

Metejoor – Metejoor trekt de kaart van Samenhorigheid

Metejoor blikt terug en kijkt vooruit … Hij is onder de indruk van de sterke respons op één van z’n grotere optredens tijdens deze (theater)tour. Metejoor weet met z’n band anderhalf uur lang de kaart van samenhorigheid te trekken, reikende hand te zijn en te ontroeren. Hoedanook de hartslagen in het publiek waren duidelijk voelbaar …

het Nederlandstalige lied zit in de lift , zie maar wat een Clouseau , Bart Peeters, een Willy Sommers, verder jongere wolven Bazart, Pommelien Thijs, de Nederscene met Meau, Eefje de Visser, de mooves van Regi en zelfs de hippopscene weten los te maken met een tHof, Brihang, Zwangere Guy. We mogen dit koesteren. Even verenigbaar voor iedereen wordt, is Metejoor momenteel, die met pop, rock, schlager en een ballad de mensen bij elkaar brengt … ‘Erop’ is het nu want naast de clubs, de theaters, de lokale festiviteiten, lonken de grote zalen als een Sportpaleis. Metejoor blikt terug en kijkt vooruit …

Joris van Rossem, 33 intussen, heeft intussen twee platen uit en een rits singles die een breed Nederlandstalig publiek aan het hart houdt; hij is niet meer weg te denken uit de hitlijsten (o.m. met “1 op een miljoen”, “Rendez-vous”, “Dit is wat mijn mama zei”, “Wat wil je van mij”, “Laat ons een bloem” en “Eigen schuld”). Een droom die in vervulling ging voor dit opkomend talent. De enthousiaste leerkracht uit Vosselaar, deelt het met z’n publiek.
We krijgen een uiterst aangename, leuke, ontspannende, opwindende als emotievolle, intieme set, dit door de recente persoonlijke plaat ‘Joris’.
De diversiteit en variatie sprak iedereen aan, zeker door z’n enthousiasmerende aanpak. De voltallige band is goed afgestemd op de artiest en krijgt voldoende ruimte te soleren, waar nodig; samen met zus Lisa, die meezingt, krijgen (sommige) nummers een Meatloaf-Ellen Foley jasje aangemeten.
Uiterst genietbaar avondje dus, die met “Groot”, “Kom dichterbij” wordt ingezet. “Curaçao” is één van de nieuwtjes die hij tijdens deze tour stilaan vorm heeft gegeven en het met iedereen wenst te delen, in een soort kampvuur aanvoelen met de band rond zich, een sobere aanpak van ingehouden instrumentatie en akoestische gitaren. Bart Peeters is meteen één van de referenties die hier opborrelt. Het volgende “Cappuccino” is zelfs bijna a capella. Het illustreert de brede aanpak van deze artiest, die iedereen in zijn verhaal wenst te betrekken (lijkt wel een geboren presentator) en er met verve in slaagt. Zijn muzikaal verhaal overtuigt en vertaalt zich steeds in een warm aandoenlijk applaus.
We worden verder gezwind geswitcht in zijn oeuvre met “De zijlijn”, “Het pleintje”, “Laat me los” (zijn knipoog naar Daan, die het voor hem deed in het nummer “Metejoor” in ‘Liefde voor Muziek’), en de resem hitsingles die hier vanavond niet worden vergeten en de revue passeerden.
De set eindigt bijna in schlagergehalte met “Dit is wat mijn mama zei“, “Eigen schuld”, “1 op een miljoen” en “Laat ons een bloem”; de handclaps, het handjeszwaaien, het heen en weer wiegen en de outtro voor beter mentaal zijn en voor mensen met een beperking tonen hoe dynamiek en kwetsbaarheid elkaar vinden.

Op een paar tijd heeft Metejoor zich sterk weten op te werken. Sjiek, hoe hij een breed publiek aanspreekt, animeert, enthousiasmeert in zijn muzikaal verhaal dat tot slot het Nederlandstalige lied (en beter welzijn) sterker maakt … Wordt vervolgd …

Organisatie: Basketvrienden, Hansbeke ism Live Nation

The Libertines - Standvastige set van speels, ongedwongen Britse garagerock’n’roll

Een leuk, ontspannend, evenwichtig concert zagen we van de Britse Libertines , rond Peter Doherty en Carl Barât, toe aan hun tweede reünie in hun 25 jarige carrière. We kregen van deze vier veertigers speels, ongedwongen garagerock’n’roll te horen, die elkaar terug vonden en nu (uit)eindelijk op hun best en sterkst speelden!

Apart bandje toch, die Libertines, uit de Britscene; in een soort ‘je m’en fou’ reizen ze muzikaal doorheen de Engelse rijke muziekhistorie; ze gingen op de koffie bij The Jam, Ian Dury, Buzzcocks, The Clash en keken op naar een Supergrass, net vóór hen.
Kenmerkend voor Libertines zijn songs die soms nooit echt helemaal afgewerkt klinken, maar altijd bijzonder catchy, fris en spontaan klinken; rudimentaire, rauwe, venijnige rockers of prachtig sfeervol, rommelig, licht weemoedige nummers.
Ook vanavond kregen we anderhalf uur lang een backcatalogue die de bredere aanpak onderstreepte van een band die nu live goed voor de dag kwam, en gretig, gedreven, gemotiveerd speelde, genoot van elkaar en van de respons. Het was ooit anders, waarbij ze nogal wisselend, gedesinteresseerd bezig waren, zeker met de vroegere historiek van Pete, de spanningen met Barât enz. ; zelfs vorig jaar nog, toen ze één van de avonden op Cactusfestival beetje erbarmelijk afsloten.
Vier platen hebben we van deze ‘Young ones’, zo waren ze eigenlijk wel te zien op het podium vanavond, Pete als een gentlemen, Carl als de doorleefde rocker James Dean vs Sid Vicious, bassist Hassall met open bedrukt hemd de punkscene uitstralend, en tot slot Powell, die als het ware net terug was van een loopwedstrijd met z’n felle gele sportieve kledij.
Muzikaal nu … Er werd afwisselend geput uit die twee opzienbarende platen uit de nillies ‘Up the bracket’ en ‘Libertines’ en het binnenkort te verwachten ‘All quiet on the eastern esplanade’, die hun tweede reünie inluidt, en ons al wist te intrigeren met drie singles “Run run run”, “Shiver” en “Night of the hunter”. Sporadisch werd de set aangevuld met eentje uit 2015, hun eerste comeback met de plaat ‘Anthems for doomed youth’. Voldoende interessant muzikaal voer dus …

Barât en Doherty, hun sympathieke rommeligheid siert een beetje een rebelse punkspirit; het rockte, rolde, het kraakte, rammelde, het raakte, een aanpak van een ruwe bolster met een blanke pit, twinkelend, sprankelend, spaarzaam, sober, elegant en bovenal heerlijk genietbaar door het elektrische, akoestische tokkelende gitaarspel, de diepe, ronkende bas en de opzwepende, zwierige en zalvende drums.
Met doorbraaknummer “Up the bracket”, als opener, knalde het meteen, het Libertines credo bij uitstek, ruim twintig jaar backintime; overtuigend ging het verder met de  garagerock’n’rollende “Vertigo”, “Run run run” en “What became of the likely lads”. De zang van Doherty moest eerst nog wat z’n weg vinden, deze van Barât was direct ok. De zangpartijen vulden elkaar aan of wisselden elkaar af.
Het zat allemaal wel goed in elkaar en tekende een homogeen, evenwichtig optreden. De huidige single “Night of the hunter”, ondersteund van een tweede gitarist en weliswaar zonder die Morricone inslag, klonk zalvend, sfeervol.
Libertines hadden dus een fijne keuze gemaakt in hun materiaal en bleven bij de leest. Het recentere “Shiver”, “Mustangs”, “Heart of the matter” meten zich met oudjes “The boy looked at Johnny”, “The delaney”  en “What a waster”. De akoestische gitaar en mondharmonica konden af en toe eens worden bovengehaald op een “Music when the lights go out”, “Can’t stand me now” als op “Night of the hunter; onafgewerkt ruw, rammelend vs afgewerkt, subtiel melodieus; broeierig, extravert, ingenomen, zacht.
Al snel was op die manier het eerste uur voorbij. Het publiek was enthousiasmerend en dit straalde op het kwartet af, die hun publiek steeds hoffelijk dankte .
Er mag al veel gezegd en geschreven zijn over Doherty-Barât na al die chaos en spanning, het zijn twee muzikale genieën die elkaar hebben teruggevonden en met z’n vier vormen zij nu een hechte band.
De band is hier populair, de Fransen dragen ze op handen, misschien wel omdat Doherty, die sinds zijn Franse Puta Madres (met Frédéric Lo) avontuur (na Babyshambles en solo) zich momenteel in Normandië heeft gevestigd.
Het integer rockende “France” van Barât werd sterk onthaald in de bis, het spannende “Gunga din” volgde en met “The good old days”, opgewarmd door een ferme drumsolo en “Don’t look back into the sun”, kregen we twee kopstoten in doel.

Hier stond een Libertines op scherp en op hun best; de jaren op de teller zorgden voor spontaniteit, speelsheid, homogeniteit en standvastigheid. Dit was er eentje om te onthouden en in te kaderen van deze Libertines!

Organisatie: Aéronef, Lille

Novastar – 25 jaar backcatalogue in een ‘best is yet to come’

Joost Zweegers heeft een overzicht klaar van z’n klassiekers, geen normaal overzicht maar remakes van z’n nummers over 25 jaar heen, die hij opnieuw stoffeerde met Britse muzikanten: ze klonken emotioneel direct met een gepassioneerde singer Zweegers op het voorplan.

‘The best is yet to come’ heet de plaat, geen ‘best of’, eigenlijk een nieuwe; het onderstreept Zweegers’ streven van ‘het kan altijd beter met m’n nummers’; het hield hem dus bezig om de nummers te herwerken, de blik vooruit, een volgend hoofdstuk aanvatten, letterlijk een ‘best is yet to come’, na 8 platen uit z’n 25 jarige carrière .
Hij deed beroep op vier Britse muzikanten die hij op z’n muzikale reizen ontmoette, die hem rust en voldoening schonken , waarmee het snel klikte en hij met hen de nummers herbekeek, om ze van een nieuwere, bredere klankkeur te voorzien in jawel ‘abbey road’; pop , rock en americana vloeien in elkaar over, minder rijkelijk, orkestraal of bombastisch, maar met behoud van een herfstig palet, van een fris, melancholisch karakter en die heerlijk melodieus genietbaar zijn, gedragen door een uiterst sympathiek iemand die er steeds voor gaat en de nummers draagkracht biedt door z’n warme, indringende vocals in overgave, beweeglijkheid, met een danspasje hier en daar.
Het was een dolle week voor Novastar van concerten in de Bourla (A’pen) en eentje in Nederland, die nu eindigt in Oostende.
Een ‘magic touch’ ervaarden we van Novastar door de vol emotioneel directe sound, to the point, kernachtig en niet overdadig georkestreerd. Een basisopstelling van elektrische-akoestische gitaar, drums, bas en piano/keys, met een Joost die nu eens niet switcht van gitaar naar piano of omgekeerd, nee hij staat er vooraan als artiest met het kwartet in een halve cirkel opgesteld; hij houdt het op de zangpartijen en z’n innemend, extravert gitaarspel, die ergens Luka Bloom, Neil Young en z’n favoriete inspirerende band The Beatles doet opborrelen.
De gekozen nummers met deze gerenommeerde muzikanten, die een cv hebben bij David Gray, Robert Plant en Noel Gallagher, rocken en raken op plaat als live, hartverwarmend snijdend.
“Where did we go wrong” is meteen een snedige opener, scherp van aard, een klepper door de instrumentatie, met een sing/songwriter die rond z’n microfoon kronkelt en z’n akoestische gitaar verschillende hoogtes doet meten. “Light up my life” is breder door de zalvende piano en keys. Het recentere “Deep are the eyes”, van de vorige plaat ‘Holler and shout’( vinden we niet terug op de remake!) klinkt beheerst en biedt ruimte voor de licht galmende, echoënde gitaren.-
Intussen is het geluid voldoende bijgesteld en kunnen ze fullforce vooruit. Broeierig, spannend, dromerig popt en rockt Novastar tijdens de anderhalf uur durend set, een backcatalogue van “Because”, “Closer to you” , “Mars needs woman” en “Wild years”, die tegenover enkele mindere goden van nummers staan als “Kabul”, “Crooked court of dreams” en “Velvet blue sky”. Een uniek ‘on the road’ sfeertje op z’n War on drugs lijkt wel te worden gecreëerd.
We worden meegezogen in die variërende wissels , die rauw, twinkelend, groovy als dromerig, fijngevoelig , sober spaarzaam kunnen zijn. Tussenin één nieuwe, “Look at you now”, ook terug te vinden op ‘The best is yet to come’ , is bepaald door Zweegers’ indringende , heldere vocals, die hier goed de hoogte in gaan.
“Never back down” kreeg onder deze Novastar een nieuw jasje aangemeten , een juiste dosis poprock en sfeervolle toetsen. “Home is not home” houdt het combo boeiend door de diverse aanpak en “Cruel heart” is een true ballad; de recentere “Crooked court of dreams” herinnert het samenspel met Mike Scott van The Waterboys en “Velvet blue sky” laat ruimte voor de instrumentatie; tot slot “When the lights go out on the broken hearted” werd uitgediept, uitgesponnen en kracht bijgezet, letterlijk om ons uit te wuiven.
The Beatles en Neil Young zijn voorname referenties , maar ergens mag je ook wel een Neil Diamond op het lijstje toevoegen op Novastar 2024. De sing/songwriter ontpopt zich in de bis als sing/songwriter, solo, enkel gitaar en stem, met één van z’n allereerste nummers “Ten-eleven”, die hem in 95 tot de rock rally titel bracht; “Like a hurricame” klonk intiem verbeten, een ode dus aan één van z’n old favorits.
Op “Caramia” vervoegde het kwartet hem; de song ging net als “The best is yet to come “, de definitieve afsluiter van de avond, in crescendo; ze klonken dromerig, sprankelend, vettig, krachtig op een losse , spontane manier. Op deze laatste kreeg Novastar de nodige handclaps ; het publiek veerde recht, zong of neuriede het refrein mee. Schitterend hoe iedereen hier genoot …

Novastar aka Joost Zweegers klonk op deze tour zonder franjes; we noteren een soort elegante schoonheid van los-vast, rechttoe-rechtaan en gevoeligheid met de puntjes op de ‘i’ op deze korte tour. Hij is terug te zien op de zomerfestivals, solo of met een andere band, en voor het grootste indoorconcert in de Lotto Arena in 2025 met deze muzikanten. Iets om reikhalzend naar uit te kijken! 

Organisatie: Pm live (ism Kursaal, Oostende)

Mike Oldfield’s ‘Tubular Bells’ (50Y) – Nostalgie ten top - Tijdloze, melodische schoonheid

Het concert van Mike Oldfield's ‘Tubular Bells’ kwam in de nasleep van de 50e jubileumeditie van ‘Tubular Bells’, eindelijk naar ons landje. De veelgelaagde muziek op dit memorabel doorbraakalbum van de Britse multi-instrumentalist werd gespeeld door een uitgebreide live band, voor de kenners, en als weetje … zonder de componist Mike Oldfield zelf , maar gedirigeerd door Mike Oldfield’s trouwe medewerker Robin Smith.
Een boeiende avond van muzikale kunst, tijdloos van aard. Nostalgie ten top voor 50 plussers, met deze cinematografische trip.

Na een zeer succesvolle, uitverkochte tournee in het Verenigd Koninkrijk kwam ‘Tubular Bells, the 50th Anniversary Celebration Tour’, jawel die lichtblauwe plaat met dat buizencomplex, naar België onder meer. Op het podium een orkestratie van een 8tal muzikanten, links centraal op piano, keys, elektronica Oldfield’s rechterhand Smith, die werd geflankeerd door een impressionant arsenaal aan instrumenten van gitaren, 2 drums, mandoline, cello, bas, klokkenspel (buisklokken), een vocaliste surplus iemand die het gezang van de plaat op zich nam.

Er was eerst een ‘warming up’ vooraleer zich onder te dompelen in het filmische, cinematografische magnus opus ‘Tubular bells’, met enkele belangvolle hits en nummers die de modale luisteraar zeker kent van Oldfield’s werk in de mid80s als “Get to France” en “Moonlight shadow”, die nu een orkestraal jasje aangemeten kregen; ze klonken sfeervol, dromerig, zweverig als groovy, swingend, zwierig, met een Keltisch folky touch; vocaal verzorgd door de bassiste en kleur gegeven door de zangpartijen.
De songs kregen dus een serieuzere omlijsting door de brede instrumentatie en de dubbele percussie. Een innemende, sprankelende sound die kippenvel bezorgde en de danssperen durfde aan te spreken. De gitaren wentelden zich in deze pop, zeker op “Family men” die stevig rockte en vocaal door de gitarist op zich genomen werd; het snedige “Shadow on the wall” was op het achterplan geduwd en hoorden we door de boxen knallen nà het optreden Op “The gem” , Smith in een prominente rol als multi-instrumentalist, zaten we in een badje van orkestrale bombastische klassiek-pop, dat sober elegant en crescendo-wijs breder, feller, extravert klonk in het klankenspectrum.
Smith dirigeert en delegeert, net als op het magnus opus ‘Tubular bells’. Muzikaal progressief in een cinematografische wereld, ondersteund door mooie lichtinvallen. Op die manier waren de eerste 45 minuten van het concert voorbij.

Na een korte pauze, tijd voor ‘Tubular bells’ zelf, tweemaal een goede dertig minuten, dat Robin met z’n combo vol overgave uitvoerde als hommage aan componist Oldfield. 50 jaar later werd de instrumentale klassieker met de arrangementen die er nu zijn, nieuw leven ingeblazen .
De immer herkenbare repeterende minimal pianotoets zette de toon en deed ons wegdromen op de repetitieve, symfonische klanken, die allerlei stijlen mengt . Het gaat van een paradijs en een onschuldige sprookjeswereld door de steeds weerkerende, (licht) opbouwende ritmiek naar de harde, stressvolle realiteit en grauwe wereld waarin we (soms) leven, van spanning, wantrouwen en drama door de verschillende kronkels van de instrumentatie (breder, voller), de tempowissels om dan opnieuw over te hellen naar die minimal of sprankelende sound, die op hun beurt een wereld van positivisme inluiden, heerlijk genietbaar .
Een heen – en weer geslinger dus over de twee stukken heen,  die het geheel boeiend maakt en houdt; het wordt verheven tot muzikale kunst . Als apotheose ontploft het tot slot in een 70s progressive-symfo concert en duwt het verder naar de huidige classic-postrock, waarbij het klokkenspel (de buisklokken) en de minimal piano de stukken in het ganse concept uitdeint.
Het roept allerhande beelden op, van verborgen droomplekjes, natuurlandschappen, vulkaanuitbarstingen, tot een soort soundtrack van een onheilspellende apocalyptische wereld. Een totaal sfeerbeleven van schoonheid-chaos, van kalmte, stilte tot spanning, dreiging en van somberheid tot euforie, die het publiek laat meeslepen, zoals nu een Godspeed dit heden ten dage weet uit te voeren.

Een prachtige, vindingrijke totaalsound en - concept, die kan openscheuren door deze instrumentatie om dan alles mooi terug in te kapselen, gepresenteerd in een live uitvoering van muzikale magie, die tot de verbeelding spreekt.
Een louterende ervaring , een soundtrack gevoel met deze filmische muziek, die we goedschiks onder avant-garde kunnen plaatsen.
Wat een impressionant werkstuk die gebreid werd aan “Sailor’s hornpipe” als bijkomend nummer , percussionair folky en die letterlijk deze 50 years uitwuift .

"Het mooie van ‘Tubular Bells’ is dat het nooit lijkt te verouderen", zegt Smith. "Het neemt je mee op een reis door progressieve rock en elektronica, blues, folk, jazz en klassiek en roept onderweg zo'n melodische schoonheid en drama op." En inderdaad, dit kunnen we maar beamen … Wat een melodische schoonheid nog steeds …

Naslagwerk
Mike Oldfield begon in 71 toen hij amper 17 jaar oud was met het componeren van Tubular Bells. Op de plaatversie die in 1973 het levenslicht zag, bespeelde hij bijna alle instrumenten zelf. Het was de eerste plaat op het Engelse 'Virgin Records’. Na een bescheiden start groeide de plaat, dankzij het gebruik van het openingsthema in de soundtrack van de horrorfilm The Exorcist, uit tot de best verkopende instrumentale plaat aller tijden.
Robin Smith verheugt zich op het uitvoeren van een plaat waar hij al van houdt sinds hij ze voor het eerst hoorde. Hij werkte samen met Mike Oldfield aan Tubular Bells 2, Tubular Bells 3 en werkte een vernieuwde versie uit.
Oldfield is nu 70 en kijkt toe hoe deze 50 Y aan het publiek wordt voorgesteld …

Organisatie: Greenhouse Talent

Het Zesde Metaal – Veelbelovende try-out, de aanzet van hun langste jaar …

Het W-Vlaamse Zesde Metaal rond Wannes Cappelle (uit Wevelgem) kon niet beter op gang komen dan in de eigen streek; ze waren hier dus in Diksmuide wel op hun plaats om het nieuwe album ‘Het langste jaar’, letterlijk een afscheidsceremonie van dierbare vrienden, cachet te geven. Anderhalf uur prachtig melodieus werk, met een emotievolle, pakkende, maatschappijkritische inhoud in de eigen (West-Vlaams) taal.

Ze hebben al een handvol platen uit in hun vijftienjarige carrière. Maar de nieuwste plaat ‘Het langste jaar‘ is er eentje die het hart diep raakt, over rouw, loslaten, hoe tijd de kloof met overledenen kan doen groeien. Het gaat over een goede vriend van Wannes en het verlies van bandlid Tom Pintens, die ernstig ziek was, maar nog net de plaat kon maken, producen en inspelen. Een maand na de opnames stierf hij, vorig jaar in augustus. De verliesthema’s worden traditietrouw gelinkt met liefde, vriendschap, samenhorigheid, de wereldproblematiek, Moeder Aarde en ons klimaat.
Het Zesde Metaal heeft het in zich telkens hun materiaal subtiel uit te werken, integer, ingenomen, dromerig als rockend door directer, snediger te klinken. We kregen een boeiende afwisseling, waarbij het nieuwe materiaal tijdens de try-out in de spotlight kwam en goed moest worden ingeoefend, gecombineerd met een rits nummers van hun intussen toch wel brede oeuvre.
Het kwartet heeft met Kasper Cornelus een sterke multi-instrumentalist bij, die zorgt voor de toegevoegde waarde van weerbarstige en fijnzinnige tunes op gitaar en keys, zoals een Tom Pintens hem voordeed.
We kregen eerst een paar gevoelige nummers van de nieuwe plaat, “De storm” opende op sfeervolle wijze de set, en de nieuwe single “Nog maar begonnen” toonde de iets extraverte kant van de band op de plaat , de instrumenten kregen ademruimte en we werden meegezogen in dit mooi uitgediept popklankenpalet.
De herkenbaarheid met het vroegere werk hadden we dan met “Een dag zonder schoenen” en “Calais”, die nog maar eens aantoonde hoe Wannes, met de pet op, alles tracht te verwerken wat er allemaal gebeurt met de mensen, die als ratten in de val zitten in Calais; muzikaal klinkt het ingetogen, sfeervol en broeierig, rockend. De steelpedal en de elektronica zorgen nu net voor een warme klankkleur .
Het nieuwe “Zaden van morgen” zat mooi tussen de oudere songs in, en onderstreept de stemvariaties van Wannes. “Ip min knieën”, “Nie voe kinders”, “Gie, den otto en ik” en tot slot “Ploegsteert” zijn  de muzikale kapstok van de band, een bloemlezing van het werk van dit kwintet. Poprock op z’n best in het West-Vlaams! Zeker “Ploegsteert”, hommage aan wielrenner VDB, wordt sober ingezet op piano, en overtuigt crescendowijs; terecht  uitgeroepen tot één van de best Nederlandstalige songs.
Beeldrijk kan je hun werk wel noemen , er is zelfs een tint ‘film noir’ en ‘soundtrackgevoel‘ te bespeuren , op o.m. “Geweun den dag”; wat een bezwerende, dromerige  track is, net als die andere nieuwtjes, “Moeder Aarde” en “Den tijd die ons nog rest” (over ons klimaat).
De set is spannend door nieuw en oud af te wisselen, en door introspektie en extravertie in elkaar te laten overgaan. “De onvolledigen” en “Niets doen is geen optie” bieden ruimte aan de instrumenten en kunnen dus rocken . Die andere integere, gevoelige kant krijgen we dan op de titelsong van hun recentste, ‘Het langste jaar’ , een breekbare ‘Duyster-song’, pure eenvoud en diep rakend, door de pianotoets en de steelpedal, gedragen door die kenmerkende, lichthese emovocals van Cappelle. Schitterend gewoonweg.

‘Muziek voor alle leeftijden’ zei iemand me, ze zijn een band die nu wel hipper dan ooit is, zie maar eens de talrijke optredens in het clubcircuit van bijna telkens twee avonden in dezelfde club.
We kregen nog twee extraatjes “Ier bie oes”, dat intrigeert door de verrassende wendingen en de meezinger “Tis nog al nie naar de wuppe”.

Ze zijn terug en hoe … Dit was een concertje ‘back to the roots in West-Vlaanderen’, hier kan Willem Vermandere fier op terugblikken. Sterk optreden!
Te zien in elke club en tijdens de festivalzomer. En … een must see op Dranouter!

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun try-out N9, Eeklo op 21-02-2024 @Kristof Acke
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/5773-het-zesde-metaal-21-02-2024.html?Itemid=0
Organisatie: 4ad, Diksmuide

Belpop Bonanza Superstar- De beste Buitenlandse Belpopverhalen. Wat wij, kleine Belgen, hebben betekend voor de supersterren …

Jan Delvaux en DJ Bobby Ewing gingen weer grasduinen in de Belpop. In deze Belpop Bonanza Superstar laten ze horen en zien wat wij, kleine Belgen, hebben betekend voor de supersterren … Tekst, uitleg, muziek kregen we anderhalf uur lang van de twee, die sterk op elkaar ingespeeld waren, informatief, verrijkend, verrassend en entertainend …

Een nieuwe aflevering dus kregen we over de geschiedenis van de nationale popmuziek, deze keer de beste Buitenlandse Belpopverhalen . De twee toonden ons hoe (vaak) wij het buitenland hebben verbaasd.
Met plezier stapten we in hun muzikale leefwereld, verrast door de talrijke linken en toevalligheden. We kunnen niet alles verklappen , maar toch … even deze fijne verhalen, weetjes met een dosis humor.

België telt zes wereldhits. Na 60 jaar popmuziek. Zoveel hebben de Amerikanen er elke week. Toch mag ons internationale gewicht niet onderschat worden (Tip: Technotronic, Plastic Bertrand , Rocco Granata, …).
Of hoe Eurodance de wereld veroverde (Tip: Milc inc, Fiocco, 2 Unlimited, …). Hebben we wereldsterren? (ja hoor: Stromae, Angèle, Milow, …). Hoe Brel en Terri Jacks elkaar vonden (“Le moribond/seasons in the sun”). Een populair S-vormig blaasinstrument met kleppen? Adolphe Sax, zeker … George Michael en Gerry Rafferty hadden er wereldhits mee.
Geestig hoe het allemaal soms gaat en ons Belgen bindt met artiesten, producers, managers, kortom de muziekwereld.
We moeten ons niet wegschuilen, onze Toots met de tune van Sesamstraat; en een zekere Dambrin Didier zorgde voor een muzikale revolutie binnen de dance en beats, elektronica voor wereldsterren.
We zijn vaak belangrijk voor supersterren. Het logo van The Beatles? De mooiste liedjes van Boudewijn de Groot? De grootste Turkse popster aller tijden? Of de invloed van de juke box, Ronnex records van Ray Maxwell, de Expo 58 en de ICP recordings in Elsene (check maar eens “No mercy” (The Stranglers) , “Taking loud & clear” (OMD), “Bring on the dances horses” (Echo & The Bunnymen), “Just like heaven” (The Cure). Heerlijk , mooi, allemaal leuke en interessante verhaaltjes met een meezingmomentje … Of verder, de doorbraak van Indochine en Urban Dance Squad. Ook fashion designers vonden ons Belgen, o.a. Versace met de film ‘Belgica’ en de muziek van Soulwax.
Bisnummers? Jan Delvaux en Jimmy Dewit ‘Bobby Ewing’ vergeten het niet in hun theatershow, met een aangename draai en swing.
Wat een mooi eerbetoon aan die Belgen die internationaal ‘iets’ konden betekenen, maken, spontaan, losweg, onverwachts, beredeneerd. Dat zijn wij, we zijn vaak supersterren in het buitenland!

Belpop Bonanza Superstar was een grenzeloze avond tussen de wereldsterren., met de beste buitenlandse Belgische verhalen, een avondvullende theatershow, ontspannend, leuk, verrassend, verrijkend en entertainend.
De tour is van start gegaan tijdens ‘de week van de Belgische muziek’; in het voorjaar worden een dertigtal plaatsen in Vlaanderen aangedaan tot eind mei 2024. Doen!

Eerdere shows van de twee: BB city specials, BB Tura special, Merci Nederland en BB Royale, … Een grootse quiz volgt nog in de Brielpoort, Deinze (april) en er zijn de naslagwerken als deze hier, ‘de dikke Delvaux’, enz. Zeg niet , dat we het niet hebben gezegd …

Organisatie: Working class heroes ism CC De Spil, Roeselare)

Soulwax – Live indrukwekkend en collectief dat nazindert!

Het blijft een ‘must see’, Soulwax van de Gentenaars Stephen en David Dewaele, sleutelfiguren van de internationale elektronische muziek. Opnieuw zorgden ze voor een ‘part of the weekend that never dies … on a manic monday’, die hun talrijke projecten en ‘From Deewee’ sound samenbalden in een twinkelend, energiek synthpopfeestje!

Een korte Europese tour zetten ze op poten, met o.m. vier uitverkochte concerten in de AB, Brussel. Muzikaal speelden ze anderhalf uur lang een reuzensalom doorheen hun elektronisch vernuft, dat rock-percussionair gekruid was. Een terugblik, maar innoverend genoeg om reikhalzend uit te kijken naar de toekomst. Letterlijk een sonisch synth laboratorium van kolossale apparatuur, controllers, consoles en een geraamte van stellingen voor drie drummers staan pal voor ons. Het toont nog steeds waarom ze een ‘outstanding contribution to music award in association with Merlin’ hebben ontvangen tijdens de AIM Awards als erkenning van hun werk en invloed, drie decennia lang; in één adem te noemen als futuristisch.
Ook hier in Lille , veel (West) Vlamingen op hun concert. Met zeven op het podium, de immense drumstellen van de doorwinterde spierballen van Brasilveteraan Igor Cavalera (den dienen van Sepultura, zoals Stephen zei), Blake Davies (Turbowolf) en lady Aurora Bennett, al dan niet synchroon drummend, de broers aan hun apparaten, bijgestaan door Laima Leyton, de wederhelft van drummer Igor en Stefaan van Leuven, op bas en elektronica, en al van in ‘t begin bij Soulwax betrokken.
De sound klonk ritmisch, creatief, alternatief door de repeterende opbouw en de vele wendingen. De songs gleden in elkaar over en houvast hadden we aan de handvol herkenbare nummers, letterlijk de steunbalk in die potpourri, mishmash van synths en drums, waarin benevelde zangpartijen zijn verweven. Mooi om met allerhande elementen, stijlen te flirten, van eightieswave, disco, elektro, newbeat, techno, breakbeats, krautrock, tribal, rock, punkfunk, neurotische trance en bleeps, die zich percussief een weg banen.
We werden in die unieke, futuristische wereld meegezogen en gemept . Ze kwamen op dreef met nieuwkomers “Hot like Sahara” en “Idiots in love” , die de huidige, dikke Soulwax lijn van elektronica, percussie en rock onderstreept. “Missing wires” en “Is it alway binary” van hun ‘From Deewee’ was de eerste herkenning, overstelpt van mitrailleursalvo’s aan slagen en synthbeats; ze mondden uit in dansbaar groovende en trancy punkfunk op schitterende tracks “Krack” en “Do you want to get into trouble”.
Het loopt over elkaar en door elkaar, zoals hun ‘Nite versions’ , die het ultieme party gevoel willen verwezenlijken. Het brengt ons tot een schitterende closing final van “Miserable girl”, “E-talking” en “NY excuse”. We worden opgehitst door die weerkerende ritmes en die sprankelende, energieke sound. De keys, elektronicabeats en percussiegeweld rollen over ons heen in een hectische, chaotische precisie en gekte. Invloedrijk in al dat materiaal: Kraftwerk, Human league, DAF, Suicide, Liaisons dangereuses, The art of noise, Depeche mode, Meat beat manifesto en LCD Soundsystem. De sobere, flashy en kleurrijke lightshow doet mee z’n werk en zorgt ervoor dat we ademloos achterblijven . Wat een dansfeestje.
Ook in de bis worden oudjes “Conversation intercom” en “Accidents and compliments” door de mangel gehaald en we worden tot slot nog even bij de kraag gehouden met “Goodnight transmission”.

Soulwax is live indrukwekkend en blijft nazinderen. Deze korte tour bewijst dat ze er nog steeds staan, met interessant werk, klaar voor de festivalzomer!

Organisatie: Aéronef, Lille

zondag 04 februari 2024 12:09

Piaf! The Show - Mooie honneur aan Piaf!

Piaf! The Show - Mooie honneur aan Piaf!

PIAF! The Show is wereldwijd één van de meest succesvolle Franstalige productie sinds 2015! Het wordt unaniem beschouwd als "... de mooiste hulde die ooit is geproduceerd over Edith Piafs carrière..."
60 jaar na het overlijden van Edith Piaf, schittert de internationaal gerenommeerde Nathalie Lermitte in deze show, bedacht en geregisseerd door Gil Marsalla.
In twee delen van 45 minuten vertelt PIAF! The Show het verhaal van de carrière van zangeres Edith Piaf aan de hand van haar onvergetelijke liedjes in een originele scenografie met projecties van beelden van Edith Piaf die nooit eerder zijn vertoond.

De dame n de spotlights, de vertolker van Edith Piaf, is de geweldige Nathalie Lermitte dus. Al van jongsaf bouwde ze een boeiende carrière op in de muziek als zangeres, zette stappen in de muzikale komedie en speelde rollen in musicals waarin ze vaak de rol van Piaf speelde. Het was dan ook niet moeilijk dat zij hier de prominente rol op zich nam .
Samen met haar vier muzikanten op accordeon, piano, contrabas en drums worden we in deze theatershow in de muzikale leefwereld van deze belangvolle Franse legende gedropt, de jaren ‘30-‘60 tegemoet met de oorlogsjaren tussenin.
Edith Piaf was een cabaretzangers, songwriter en actrice, die emoties losmaakte in haar materiaal; in de chansons voelen we de turbulentie van de ups en downs van haar leven, van melancholie en verdriet, van het straat, avondlijk, nachtelijk (be)leven, de bruine kroegsfeer en het bruisende Parijse leven.
De artieste Piaf in de rol van Lermitte liet hier de weemoed in Parijs doorklinken; een andere artieste, Zaz met name, die we nog niet lang geleden zagen, laat het sprankelende van de hoofdstad horen.
Een handvol sober ingehouden nummers openden de show, die hier de sfeer van druilerige wandelavonden, onder half verlichte lantaarns, in de boulevards aan ‘le tour d’Eiffel’ ademden, met o. m “Les mômes de la cloche”, “Plus bleu que tes yeux” en “l’Accordeoniste”. Haar heldere, indringende vocals en de innemende, verdwaalde en levendige tunes van het accordeonspel stonden centraal.
Het ruige leven, de pijnlijke liefdeservaringen, haar alkohol- en morfineverslaving en daarbovenop haar artritis, zijn verweven in het Franse chanson dat doorleefd, intriest klinkt, zoals ”A quoi ça sert l’amour”, “Elle frequentait la rue Pigalle”, “Entre St Ouen et Clignantcourt”, “Sous le ciel de Paris” en “Paris” zelf.
Op het achterplan zien we een foto van haar centraal , een sfeerbeeld van Parijs in al z’n aspecten, het bruisende dag- en nachtleven, een tour l’amour, de bars en de terrasjes, alsook de verlatenheid ‘snachts in Parijs.
Het tweede deel klinkt aanstekelijker, er zit meer feeststemming in, door o.m. de Parijse foor. “Padam padam”, “Mon manage à moi” en het gekende “Milord”. Haar bekender werk horen we nu. Het publiek ondersteunt de songs met handclaps en de dansspieren worden geprikkeld. Ook de instrumenten krijgen meer ruimte , naast de lappen tekst die we het eerste deel overspoeld kregen; de piano overheerst hier, eerst in het breekbare “Mon dieu”, daarna in het frisse “La foule”.
Naar een closing final gaan we met “Non je ne regrette rien”, “l’Hymne à l’amour” en “La vie en rose , gedragen door een sobere , spaarzame begeleiding en het zachtjes neuriën en meezingen.

Heel wat van onze eigen artiesten als Brel, Arno en Adamo integreerden het werk van de belangvolle Franse ‘mus’/chansonnière in hun materiaal.
Deze theatershow, vertolkt door Nathalie Lermitte was sterk geslaagd,  een mooie honneur aan Piaf!

Organisatie: Mb presents ism Kursaal, Oostende

Pagina 187 van 342