logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Deadletter-2026...
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 23 november 2017 02:00

Dreaming In The Non Dream

Pop/Rock
Dreaming In The Non Dream
Chris Forsyth and The Solar Motel Band
Uniform Recording
2017-11-23
Sam De Rijcke

Dames en Heren, mogen wij u voorstellen, de beste gitarist waar u waarschijnlijk nog nooit van gehoord heeft, Chris Forsyth.
Wij hebben hem in de gaten gekregen vanaf de plaat ‘Solar Motel’ in 2013 en we waren helemaal verkocht met het fantastische ‘Intensity Ghost’ in 2014. In 2016 kwam dan nog eens de dubbelaar ‘The Rarity Of Experience’, alweer een voltreffer, en nu is daar al het volgende kunstwerkje ‘Dreaming In The Non Dream’. De kerel heeft hoegenaamd niet stilgezeten en zijn gitaar heeft overuren gedraaid.
Waarom is dit al die tijd dan zo een goed bewaard geheim gebleven ? Wel, ten eerste wordt er op zijn platen quasi geen noot gezongen en ten tweede zijn de songs allemaal lange tracks of jampartijen die niet zelden boven de 10 minuten uitstijgen. Radiovriendelijk ? No way. Dit is voer voor meerwaardezoekers en liefhebbers van verfijnd gitaarwerk, voor mensen die al eens de tijd durven nemen om plaatjes te beluisteren. Jawel, die bestaan nog.
Chris Forsyth is een wonderlijk gitarist maar geen guitar-hero. Waarmee we bedoelen : Hier geen wijdbeense bekkentrekkers van gitaarsolo’s, geen rocksterallures, geen beukende sloophamers van riffs. Chris Forsyth is eerder een gitarist uit de Television school. Net als Tom Verlaine tovert hij onopvallend de meest geniale dingen uit zijn instrument. Forsyth neemt er volop zijn tijd voor en schuwt daarbij geenszins het experiment. Hij gaat vaak psychedelische oorden opzoeken en tijdens zijn wildste uitspattingen passeert hij ook wel eens voorbij Thurston Moore. Wie een beetje zijn wereld kent zou hem vandaag plaatsen naast gelijkgestemde zielen als Steve Gunn, Nels Cline, Cian Nugent en Bert Dockx.
Het uit amper 4 tracks bestaande nieuwe album laat ons deze fabelachtige gitarist in al zijn gefortuneerde glorie bewonderen. Opener “History & Science Fiction” drijft minutenlang op heerlijk gitaarwerk en zoekt dan halverwege een rustig stromende beekje op waarin een bekoorlijke sax de song naar een heerlijke Roxy Music modus brengt. Elf minuten likkebaarden, en ’t is nog maar begonnen.
Op “Have We Mistaken The Bottle For The Whiskey” wordt er zowaar gezongen en gaan de gitaren gaandeweg samen met aanwakkerende keyboards Velvet-oorden opzoeken. Ook Steve Wynn en diens geweldige Dream Syndicate komen om de hoek loeren (wie Steve Wynn’s felgesmaakte ‘Sonic Speakeasy’-playlists op Spotify al eens heeft geraadpleegd zal trouwens gemerkt hebben dat Wynn een fan van het eerste uur is).
De 16 minuten durende titelsong is wederom smullen tussen jam en song. Forsyth’s gitaar gaat in duel met synths en een golvend Wurlitzer orgel, de song lijkt constant een climax na te streven wiens geduld echter gans de tijd op de proef wordt gesteld. Geniaal en spannend.
Met een jazzy gitaartje gaat het album tenslotte op het verstilde uitwaaiertje “Two Minutes Love” de nacht in. Alsof iedereen zijn welverdiende rust krijgt na zoveel meesterlijke, doch niet pretentieuze, muzikaliteit.
Verplichte kost, tenzij u content bent met de nieuwe Foo Fighters. In dat geval, laat ons met rust.

Alice Cooper - Een hoogst vermakelijke pot shock rock
Alice Cooper
Brielpoort
Deinze
2017-12-05
Sam De Rijcke

Een concert van die goeie ouwe Alice Cooper, ook weer zo iets waarvan je op voorhand exact weet wat het zal worden maar waar je nooit ontgoocheld buiten stapt. De show die Alice Cooper neerzet is al jaren een totaalspektakel met een hoog amusementsgehalte. Ongezouten theater, nogal wat verkleedpartijen, een beetje Spinal Tap, een vleugje rocky horror picture show, oerdegelijke old-school hardrock, wijdbeense gitaarsolo’s, flink wat attitude en rockster-imago, horror met een knipoog en heel veel fun en rock’n’roll. Wat zou een mens nog meer willen.

Jawel, Alice Cooper heeft een nieuwe cd uit, ‘Paronormal’ heet het ding, maar dat was alleen maar het ekskuus om nog eens met dat hele gevolg op tournee te trekken, amper één song daaruit (“Paranoiac Personality”) haalde de setlist. Iedereen weet immers dat Alice Cooper’s meest essentiële platen al vier decennia achter ons liggen.
Gelukkig vormden al die krakers uit de eerste helft van de woelige seventies de hoofdmoot van een avondje vermakelijk shock-rock entertainment. Onsterfelijke stenen-tijdperk-klassiekers als “No More Mr Nice Guy”, “Under My Wheels”, “Billion Dollar Babies”, “Only Women Bleed” en “I’m Eighteen”, ze hakten er na al die jaren nog altijd lekker in. En natuurlijk “Halo Of Flies” dat hier middels een paar solo uitstapjes, onder meer een drumsolo (onvermijdelijk bij rockbands met hun roots in de seventies), toch maar weer tot één van de hoogtepunten van de avond uitgroeide.
Vooral een psychotisch “Killer” deed ons terugdenken aan de chaos van de prille seventies, heel even dachten we aan Alice’s generatiegenoten The Stooges uit datzelfde Detroit, drugpartners in crime, zeg maar. Even gek, in die tijd toch.
Natuurlijk had Alice Cooper als verplicht nummertje het eighties-hair-metal gedrocht “Poison” er ook nog ergens tussen gedropt, zo een wereldhit kon men moeilijk achterwege laten. Maar goed, “Poison” deed het nog zo slecht niet, als we er de humor van in zagen tenminste.
De echte klepper werd uiteraard tot het bittere eind gespaard. Die geweldige riff van “School’s Out” kreeg het toch maar weer voor mekaar, de Brielpoort op zijn kop zetten. En die zaal had dat na al die jaren in coma te liggen wel eens nodig. Cooper en zijn stevig rockende band hadden trouwens heel gepast een heuse flard “Another Brick In The Wall” in hun meesterstukje verwerkt, wat “School’s Out” er nog een stuk opwindender op maakte. Als finale kon dit wel tellen.

Alice Cooper’s passage was één van de eerste -en hopelijk niet de laatste- pogingen om de Brielpoort te reanimeren. Met eerder dit jaar ook al de opmerkelijke doortocht van Arno is de zaal nu toch al half uit zijn coma ontwaakt.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/alice-cooper-05-12-2017/
Organisatie: Live Nation

 


Met de wagen naar Antwerpen rijden is volkomen kut. Enkele weken geleden bijna twee uur gebold naar Nick Cave, maar die was het meer dan waard. Vorige week een slordige twee uur versleten naar Anathema en die verkwanselden dan ook nog de rest van de avond. Vanavond ons record gebroken, maar liefst drie uur onderweg geweest en zo het pittige support bandje The Vacant Lots moeten missen. Jammer, heel jammer. Fuck Antwerpen.

- Een concertzaal mag men nooit onderschatten. Een zaal als de Roma doet het altijd goed voor intieme concerten, maar bij de zinderende shoegaze en stevige rock van BRMC hing er toch, zeker in het begin, een serieuze galm in de zaal. Op zich was dat dan ook weer niet zo erg, want galm en echo zijn enkele van de handelsmerken van dit scheurende trio.

- Het nieuwe stuff is veelbelovend. Het viel echter wel op dat er in de kersverse songs niet meer zo fel  te keer werd gegaan maar dat sfeerschepping een doel op zich was. Met name "Haunt", "Question Of Faith" en "Carried From The Start" hielden zich wat in maar zorgden wel voor een constant sluipende dreiging. We mogen dus vol verlangen uitkijken naar dat nieuwe album dat de naam 'Wrong Creatures" zal dragen.

- BRMC is vooralsnog geen folkband. Het trio is immers op zijn best als de stekker stevig in het stopcontact zit, maar naar goede gewoonte lassen ze steeds een verstild momentje in. Het akoestische intermezzo van Robert Levon Been die in zijn eentje "Sympathetic Noose" bracht kon je inderdaad sympathiek noemen, te meer omdat hij het publiek aanspoorde om tot ongenoegen van de security wat dichter tegen het podium te komen, maar de song op zich viel wat te licht uit om ons echt bij het nekvel te pakken. Dan liever het solomomentje van Peter Hayes, die met het pareltje "Faultline" wel de gevoelige snaar wist te raken.

- BRMC heeft de blues in het bloed. Ooit zal daar misschien eens een doorleefde bluesplaat van komen. In de Roma waren "Ain't No Easy Way", "Faultline" en "Shuffle Your Feet" sterke tekenen dat de black in de groepsnaam wel eens naar de blues zou kunnen verwijzen. Ze zijn dat fantastisch ingetogen album 'Howl' kennelijk nog niet vergeten. Wij ook niet.

- Die eerste plaat uit 2000 is en blijft toch verdomd een mijlpaal met straf spul dat nog steeds zwaar aan de ribben kleeft. Halverwege de set passeerde al een snijdend "White Palms" en de echte prijsbeesten werden bewaard tot helemaal op het einde. Een fenomenaal "Awake" was even meeslepend als indrukwekkend en stoommachines als "Spread Your Love", "Red Eyes and Tears" en natuurlijk een denderend "Whatever Happened To My Rock'n' Roll" waren de bommetjes die de zaal helemaal overstag deden gaan.

- BRMC kan op tijd en stond het Crazy Horse beest in zich loslaten. "666 Conducer" scheurde en botste dat het een lust was. Eén van de heetste kanjers van de avond.

- 'Specter At The Feast' is blijkbaar niet het favoriete album van de heren. De plaat werd volledig genegeerd, wat ze nu ook weer niet verdiende.

- Er schuilt een kwade punkband in BRMC. BRMC kwam scherp, punky en hondsdol uit de hoek met de wilde kopstoten "Conscience Killer" en vooral "Six Barrel Shotgun", keer op keer flitsende hoogtepunten in hun live sets. Het is natuurlijk ook niet zomaar dat hun meest gloeiende visitekaartje "Whatever Happened to My Rock'n'Roll" de bijtitel punk song heeft meegekregen.

- Afstanden zijn relatief. De terugweg duurde nog geen derde van de heenreis.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/black-rebel-motorcycle-club-21-11-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-vacant-lots-21-11-2017/

Organisatie: De Roma, Antwerpen

vrijdag 24 november 2017 02:00

Protomartyr - No time to waste

‘Relatives In Descent’, het nieuwe en derde album van Protomartyr, werd overal zeer lovend onthaald en je kan er van op aan dat het binnenkort in menig eindejaarslijstje zal opduiken. Lijkt ons trouwens terecht, want ook wij hebben een boon voor de gruizige post punk die heerst over ‘Relatives In Descent’. Alleen jammer dat al die lovende recensies geen garantie zijn voor een uitverkochte zaal, le Grand Mix is immers maar half volgelopen.

De nieuwe plaat vormt de hoofdmoot van de setlist en wordt er op een tweetal songs na volledig en fors doorgejaagd. Ons hoort u niet klagen.
Dit is een band uit Detroit, maar hun post-punk klinkt bij momenten zeer Brits. Vooral The Fall is een referentie en zanger Joe Casey is een al even zonderlinge figuur als Mark E Smith, met dat verschil dat zijn vocals een stuk verstaanbaarder zijn dan het gemompel van Smith. Net als Smith heeft Casey niet meteen de looks van een rockster, eerder van een verwarde sloddervos die in eerste instantie kennelijk een beetje verveeld over het podium laveert. Doch het is maar schijn, want het is met volle overgave en een constante boosheid dat hij zijn eigenzinnige teksten er uit spuwt terwijl hij ondertussen aardig wat biertjes verslindt.
De ritmesectie vormt een sterke ruggengraat bij Protomartyr. De diepe eighties bas van Scott Davidson en de gejaagde drums van Alex Leonard zijn de grondvesten waarover Greg Ahee zijn driftige en vaak agressieve gitaar laat zinderen. De sound zit goed gebeiteld in een bedje van snerende post-punk die al eens overslaat naar prompte old-school seventies punk. “Male Plague” is bijvoorbeeld zo een doordacht punkertje die tot pogoën uitnodigt.
We krijgen verder vooral een set overwegend korte en furieuze indie-rocksongs met een nerveus kloppend hart, waarvan “The Devil In His Youth”, “Windsor Hum”, “A Private Understanding” en “Here Is The Thing” het meest tot de verbeelding spreken.
In de twee bisnummertjes “Why Does It Shake” en vooral “Scum, Rise” duwt het gezelschap wat harder op het gaspedaal en katapulteert Casey zijn vocals nog iets snediger het publiek in. Kwestie van er een met een felle kopstoot een punt achter te zetten.

Alles samen worden er zo een slordige 19 songs doorgesast in amper een uur en een kwart. No time to waste, zo hoort het.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

donderdag 09 november 2017 02:00

From Silence to Nowhere


Prog-rock, tot halverwege de jaren zeventig een populair genre dat het muzikale landschap voor een groot stuk bepaalde,… tot de punks het een ferme stamp onder de kont kwamen geven.
Vanaf de woeste en agressieve oplawaaien van de wild om zich heen schoppende Sex Pistols, Clash, Ramones en consoorten was luisteren naar prog-rock not done. Saai, vermoeiend, langdradig en veel te ingewikkeld, heette het. Weg met die bullshit! Wie zich na ’77 nog met prog-rock durfde inlaten was totaal onhip, oninteressant en ronduit vervelend. De punks hadden hun slag thuis gehaald.
Tot op heden is prog-rock eigenlijk nooit van die klap bekomen en is het verstoten tot een niche-genre voor muziekpuristen, bejaarde hippies en Duitsers die zijn blijven steken in hun wijde broekspijpen (en geloof me vrij, daar zijn er veel van, want als er één land is waar overjarige prog-rock bands nog voor volle zalen spelen, dan is het Duitsland wel).
Toch zien wij een voorzichtige kentering en begint prog-rock heel voorzichtig terug binnen de dringen in de wat hippere milieus. Een band als Motorpsycho bijvoorbeeld jongleert al jaren met een sound die prog-rock verweeft met indie-rock en noise.
Een lichting nieuwe psychedelische bands als Wolf People en Dungen hebben duidelijk ook nogal wat prog-rock kaas gegeten en zelfs het immer coole Radiohead laat zich wel eens verleiden tot regelrechte prog-rock structuren in hun songs.
Ook de concertorganisatoren zijn er niet langer vies van, de Brusselse toonaangevende AB ontvangt binnenkort prog-boegbeeld Steven Wilson en heeft nog niet zo lang geleden de ouwe rotten van Yes nog eens op het podium gerold. Alles komt terug.

Ook als u geen Duitser bent mag u dus dezer dagen terug naar prog-rock luisteren zonder dat u zich met het schaamrood op de wangen onder uw bed moet gaan verbergen. Zelfs de punks gaan niet meer op uw smoel komen slaan, die zijn daar ondertussen te oud voor geworden.
Zo is de tijd rijp voor een band als Wobbler, die net als Motorpsycho uit Noorwegen komt. In vergelijking tot hun landgenoten drijven ze hun prog-rock niet in de richting van noise of alternatieve rock, maar voeren ze die eerder terug naar Yes, vroege Genesis (Gabriel periode), King Crimson en Jethro Tull. De plaat duurt een dikke drie kwartier, en als wij vertellen dat hier maar vier tracks op staan, dan weet u het wel. De titelsong alleen al klokt af boven de twintig minuten, maar het is hoegenaamd geen stinker. Lange symfonische stukken, folky vocals, seventies orgels, zwevende leadgitaren en dwarsfluiten maken het mooie weer. Zoals vaak bij dit soort muziek, is de song opgebouwd in een viertal bedrijven, met nogal wat tempowisselingen waarin een lading muzikale virtuositeiten uitvoerig langs de etalage passeren. Maar nergens klinkt het gekunsteld, langdradig of vervelend, wat op zich al een heuse prestatie is in het genre.
Het instrumentale intermezzo “Rendered In Shades Of Green” is een sierlijk verstild momentje van amper 2 minuutjes en daarna volgen er met “Fermented Hours” en “Foxlight” nog twee van die lange vette prog-brokken. De eerste gaat met het beste van Jethro Tull aan de haal en gooit nog wat goede ouwerwetse hard-rock op het vuur, en de tweede doet er ons aan denken dat we dringend nog eens ‘Foxtrot’ van Genesis en ‘Close To The Edge’ van Yes moeten opzetten. Allebei platen uit de prille seventies, of wat had u gedacht ?       

donderdag 09 november 2017 02:00

Pinewood Smile

Op hun debuutalbum uit 2013 presenteerde The Darkness zich als een stelletje in spandex gehulde glamrockers die karikaturale spreidstand-hard-rock speelden. De genrecliché’s werden tot in het oneindige uitvergroot en hun outfit was zo over the top dat zelfs Freddie Mercury er zou van teruggeschrokken zijn. Spinal Tap was nooit veraf, de ganse gimmick weekte bij velen een glimlach los en The Darkness werd met de nodige ironie gretig onthaald bij de Britse pers. De trein was vertrokken, de band was zowaar heel eventjes cool. Tot de lol er af was, natuurlijk.
Dergelijke grapjes hebben immers een beperkte houdbaarheidsdatum, maar dat was buiten The Darkness gerekend. Terwijl de hele wereld toch een beetje smalend deed omtrent dit potsierlijke groepje bleken de heren zichzelf wel serieus te nemen en gingen ze onverminderd door met het maken van hun groteske farinelli-metal.
‘Pinewood Smile’ is nu al hun vijfde album en The Darkness doet gewoon verder alsof er niets aan de hand is. Een gebrek aan vastberadenheid kan je de poedelrockers niet verwijten. De spandex wordt nog wat strakker aangetrokken, de hoge stemmetjes gillen weer iets harder en de riffs wentelen zich alweer royaal in de cliché’s. We horen Kiss, Queen, Judas Priest, Cheap Trick en AC/DC, allemaal soms dik in de stroop gedrenkt.
En toch kunnen we tussen de kitsch en pathos hier en daar een stel degelijke songs bespeuren. “All The Pretty Girls” is dikke fun, het snelle en opwindende “Southern Trains” dendert er lekker in, “Solid Gold” is AC/DC uit de oude doos en “Japanese Prisoner Of Love” is Muse met humor.
Voor de rest vinden we hier natuurlijk ook een paar tenenkrullende ballads, een koppel lauwe popsongs en zelfs een mislukte Beatles pastiche (“Stampede Of Love” is een niet goed te praten verkrachting van het Mc Cartney pareltje “Blackbird”). Maar goed, ‘t is allemaal maar om te lachen.

zondag 19 november 2017 02:00

Anathema - Beschamende off-day


Wat was er aan de hand met Anathema ? Was dit zo een typisch einde-tournee optreden ? waren er misschien strubbelingen binnen de groep ? hadden de heren een simultane burn-out ? Geen idee, meer we hadden nog nooit eerder deze prog-rockers zo mak, ongeïnspireerd, stuntelig en arrogant bezig gezien.
Dat een band er compleet met de klak naar gooit, zijn eigen songs naar de kloten helpt en er ondertussen een zeer irritante houding op na houdt ten opzichte van de fans, dat is iets wat we eerder zouden verwachten bij Peter Doherty en zijn gevolg. Maar toch niet bij Anathema, een band die anders zo verfijnd en begeesterend voor de dag kan komen.
Laten we hier gewoon verder geen woorden aan vuil maken. Dit was ondermaats op alle vlakken.

Nog een geluk dat we op tijd waren, zo werd onze avond toch nog enigszins gered door de Franse metal-shoegazers van Alcest, een band die duidelijk wel op dreef was. En dat was iedereen opgevallen, getuige een wel heel enthousiast publiek.
Lang geleden dat een support act de hoofdact naar huis speelde. Dat was natuurlijk voor een groot stuk te wijten aan de wanprestatie van Anathema, maar laat ons toch niet de scherpte van Alcest onderschatten.

Organisatie: Biebob ism Trix, Antwerpen


In de post-metal wereld heeft iedereen het altijd over de intensiteit die Amenra uitstraalt, maar wij bespeuren minsten evenveel bezieling en beroering bij Briqueville. Met hun intrigerende en vaak verschroeiend harde post-metal houden zij een half uur lang De Kreun in een wurggreep. Briqueville is een uitzonderlijke totaalbeleving, en hun nieuwste plaat is een helse dreun, een duistere klomp herrie waarin het heerlijk verdwalen is.

And So I Watch You From Afar
heeft een nieuw album uit, ‘The Endless Shimmering’ heet het kleinood en het is alweer een knap staaltje hectische en vurige post-rock. Veelbelovend dus voor de live uitvoering, want als ASIWYFA in de studio al wild en onstuimig voor de dag komt, dan mag je er van uitgaan dat de songs op een podium helemaal tot ontploffing komen.

Zo was het ook in De Kreun. Eens te meer bleek dat de post rock van deze Noord-Ieren constant onder stroom staat. Springerig, hyperkinetisch en ontvlambaar, zo klonk het en oogde het.
De lont werd aangestoken met de twee geestdriftige openers van de nieuwe plaat “Three Triangles” en “A Slow Unfolding Of Wings”, zo werd het nieuwe werk al meteen door de fans in de armen gesloten, want dit waren furieuze en energieke krachttoertjes die het beste lieten vermoeden voor wat komen zou. Bleek dat de band nog maar net onder stoom was gekomen, het ging allemaal nog wat meer knetteren met “Search:Party:Animal”  en een ronduit geweldig “BEATIFULUNIVERSEMASTERCHAMPION”, waarin de vaak uitzinnige gitaren driftig prikkelden om dan heerlijk in te houden en vervolgens compleet te exploderen.
Met hun onbegrensde podiumdynamiek  en een stel zinderende songs zorgden de ADHD’ers van de post-rock voor fervente opwinding en constant oplaaiend vuur, en ondertussen bleven ze met sprekend gemak de meest geniale vonken uit hun instrumenten toveren.
Heel zelden werd er al eens gezongen. Nou ja, gezongen, laat  ons eerder zeggen opgefokt, zoals in “Wasps” en “Run Home”, de meest tintelende en opgejaagde tracks uit de vorige plaat ‘Heirs’. Of in een bruisend “Big Thinks Do Remarkable”, waarin de woorden ‘the sun is in our eyes’ de enige echte lyrics van de avond waren, goede tekstschrijvers zijn nooit echt een issue geweest bij ASIWYFA.
Het huzarenstukje van de avond was echter een daverend “Set Guitars To Kill”, waarbij ASIWYFA de Kreun eerst in lichterlaaie zette om dan in een ultrazacht middenstuk de zaal muis- en muisstil te krijgen, een wonderlijk moment in een extatische song. Moet het gezegd dat de band verder in die song nog eens compleet uitzinnig werd en alle mogelijke registers opentrok? Fe-no-me-naal !

And So I Watch You From Afar, een stormachtig bandje waar een mens maar niet genoeg kan van krijgen.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk


Sonic City 2017 – Thurston More cureert – Sonic City triggert met enkele stomende concerten
Sonic City 2017
Kreun
Kortrijk
2017-11-10
Sam De Rijcke

Sonic City begon een beetje met een valse noot. Eerst had Love Theme moeten afzeggen, wat toch jammer was, want wij waren wel benieuwd naar het nieuwe projectje van Alex Zhang Hungtai. Onder zijn pseudoniem Dirty Beaches zagen wij hem immers eerder in de De Kreun al straffe dingen doen.

Dan was het maar aan de beurt van Brian Case om het festival te openen, en dat was op zijn zachtst gezegd geen onverdeeld succes. Jawel, wij houden enorm van de krautrock van Case zijn groep Disappears, maar hetgeen hij hier kwam voorstellen was ondermaats. De experimentele klanken die hij uit zijn electrobak haalde hadden maar weinig of niks om het lijf. Nu weten we ook wel dat Sonic City, dit jaar met Thurston Moore als curator, van nature uit niet voor de hand liggende muziek programmeert, dat is trouwens hun handelsmerk. Maar het mocht toch iets meer zijn. Als elektronische muziek voldoende spanning en dreiging in zich heeft dan kunnen wij dikwijls meegaan met de flow van het experiment, maar bij Brian Case was daar niets van aan, de mot zat er in. Op dat vroege uur was de zaal was al halfleeg bij de aanvang van zijn set, maar ze was nog meer verlaten toen hij eindelijk de stekker er uit trok. Dat zegt genoeg.

De valse start was snel vergeten, en dat dankzij Metz. Met de nieuwe plaat ‘Strange Peace’ op zak, die zowaar nog ziedender is dan diens twee voorgangers, mochten we ons wel aan een snedig concertje verwachten. Zo geschiedde, de Canadezen raasden genadeloos door hun set van vlijmscherpe punk en noise. Loeiend hard, pokkenluid en waarlijk fantastisch. Dit had de brute kracht van het jonge Nirvana en de wilde gedrevenheid van Cloud Nothings. Hoogtepunt was “Raw Materials”, een songtitel die alles zegt over de sound van Metz. Energetische noise-punk onder hoogspanning. Geweldig.

Tijd om te zweven op de hallucinogene klanken van het fantastische Moon Duo (vanavond eigenlijk Moon Trio). Onder een psychedelische beeld- en lichtshow wist Moon Duo ons een uur lang te hypnotiseren met hun verslavende sound die bepaald werd door de zwevende gitaarsolo’s van Erik ‘Ripley’ Johnson en de begeesterende krautrock-keyboards van Sanae Yamada. Moon Duo had met hun repetitieve en meeslepende muziek de zaal in een stevige greep en voerde het publiek mee in een flow van intrigerende psychedelische beats. Geestverruimende tracks als “Cold Fear” en “White Rose” brachten de Kreun in een hogere atmosfeer. Heerlijk was het om samen met Moon Duo hiermee door de ruimte te zweven. Als laatste track kregen we een verrassend “No Fun” van The Stooges, een versie waar wij als doorwinterde Stooges-fan wel konden mee leven. Sterker nog, we waren er helemaal weg van. Moon Duo, een geweldig trio.

We zaten nu al een tijdje te wachten op nieuw werk van The Soft Moon, maar een nieuw album hadden ze nog altijd niet meegebracht, wel een koppel verse songs die veelbelovend klonken, zo flitste nieuwe single “Burn” zeer energiek voorbij. De typische sound klonk ondertussen bekend in de oren. Eighties duisternis met dwangbuisgitaren, flink wat echo’s, diepe bassen en stomende industrial synths.
The Cure op stap met Joy Division, Bauhaus, Nine Inch Nails, DIIV en A Place To Bury Strangers.
Wij hadden de indruk dat Luis Vasquez wel een en ander op voorhand op tape had gezet, maar het maakte de set er niet minder opwindend op. Van achter het rookgordijn en de vaak felle stroboscoop lichten kwam The Soft Moon indringend en vaak agressief uit de hoek. Vooral de gitaararme songs botsten fel tegen de muren, alsof Nine Inch Nails en Skinny Puppy samen het hellevuur in gingen.    

The Soft Moon was dan ook een gedegen afsluiter van een eerste dagje Sonic City die misschien een beetje in mineur was gestart, maar uiteindelijk met drie stomende concertjes uitgroeide tot een memorabele avond.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sonic-city-2017/
Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

zaterdag 04 november 2017 02:00

Heather Nova - Meer oester dan parel

Heather Nova - Meer oester dan parel
Heather Nova
Depot
Leuven
2017-11-02
Sam De Rijcke

Zowat 23 jaar geleden kwam ‘Oyster’ tot leven, het doorbraakalbum dat tot op vandaag nog steeds als Heather Nova’s beste werk beschouwd wordt. Kan kloppen, maar wij schatten ‘Siren’ toch even hoog in. Helaas bleef deze laatste vanavond onaangeroerd.

Met de integrale vertolking van ‘Oyster’ bleef Heather Nova trouw aan de originele versies van de songs. Ze koos niet voor andere wendingen of verrassende arrangementen, de songs bleven keurig in hun vaste patroon zitten. Op zich is daar niks mis mee natuurlijk, want dingen als “Walk This World”, “Island”, “May Be An Angel”, “Truth And Bone” zijn nog steeds onsterfelijke pareltjes, maar we hadden toch een beetje meer suspense of venijn verwacht. Er zat iets te weinig pit en vuur in de set. Enkel de gitariste Berit Fridahl, in tegenstelling tot de elegante en sierlijke Heather Nova eerder een grof manwijf, zorgde via een stel driftige gitaaruitspattingen geregeld voor meer opwinding. En dat was nodig, anders was dit concertje verzonken in te veel netheid en oppervlakkigheid. Fridahl soleerde wild in “Blue Black” en “Light Years” en bombardeerde zo die tracks tot de absolute hoogtepunten van de avond. Iemand fluisterde ons in het oor “die lijkt wel naar een andere job te solliciteren”. Het klonk inderdaad zo.
Wat Heather Nova zelf betreft, die oogt op haar vijftigste nog altijd als een sierlijke en ravissante jongedame. De leeftijd had duidelijk zijn tol nog niet geëist op haar persoontje en op haar stem, de hoge noten haalde ze nog steeds met de vingers in de neus. Onder meer “Blind”, dat destijds ‘Oyster’ niet gehaald heeft, klonk als een prachtig verstild momentje. Verder had Heather Nova eigenlijk te veel respect voor haar eigen songs en leek het alsof ze bang was om te veel buiten de lijntjes te kleuren. Jammer. Wij hebben ze destijds in haar hoogdagen, onder meer een paar keer op Rock Werchter, een stuk feller zien tekeer gaan.
Nadat de laatste noot van ‘Oyster’ gespeeld was zou je verwacht hebben dat vanaf dan de teugels wat losser mochten, maar dat was helaas nog te weinig het geval. Enkel “Winterblue” en “Sugar” haalden de power en magie van weleer, en dit terug vooral terug door een uitstekende Berit Fridahl. Maar met de overige bisnummers eindigde Heather Nova haar concert toch een beetje in mineur. Met de melige country van “Sea Glass”, “Like Lovers Do” en “I Wanna Be Your Light” zijn ze in de USA misschien te paaien, maar hier kunnen we niks aanvangen met dit soort Shania Twain-achtige meligheid.

Jawel, Heather Nova is nog steeds een knappe verschijning met een prachtige stem en dito songs, maar het was toch Berit Fridahl die vanavond de show stal.

Organisatie: Depot, Leuven

Pagina 25 van 112