AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Suede 12-03-26
CD Reviews

Deap Vally

Femejism

Geschreven door

Deap Vally  uit LA zijn twee stoere rockchicks met ballen, als we het puike debuut, een goede drie jaar terug,  ‘Sistrionix’ er op nahouden . Het meidenduo Lindsey Troy (zangeres/gitariste) en drumster Julie Edwards uit LA bieden een rits rauwe, broeierige rocksongs die probleemloos gelinkt werden aan het werk van The White Stripes , The Kills , Blood Red Shoes en old ladiesbands L7, Babes In Toyland en Hole. Deap Vally rockte , zoog en beet van zich af ; voldoende tempowisselingen en (adem) ruimte aan bluesy dampende , snedige gitaarlicks en hitsende drums sierden het werk.
Na een fantasieloze tweede plaat , zijn de riot girrrls er nu terug , met deze derde , die duidelijk een opfrisbeurt heeft genoten . De songs hebben een aanstekelijke , los swingende groove , klinken rauw , scheuren, schuren en zijn intens spannend, broeierig. Enkel op “Critic”, net halfweg de cd , wordt wat gas terug genomen .
Deap Vally is een stap voorwaarts nu, met de overtuigende derde!

Volker

Dead Doll

Geschreven door

Death rock is een muziek genre dat, qua populariteit, al een tijd voorbij zijn hoogtepunt is. Maar nu en dan krijgen we toch nog eens een fijne release over de vloer. Zoals deze ‘Dead Doll’ van de Franse band Volker. Hun debuut album na een eerder verschenen EP.
Jen Nyx zingt zoals het moet: met branie, rebels en punky. De band speelt death rock met wat punk en sludge elementen. Samen zorgen ze toch opwindende muziek dat wat retro klinkt maar hier en daar wat moderne elementen bevat. Luister maar eens naar de wild om zich heen schoppende zang in bijvoorbeeld “Negative Waves”. Je zou soms denken dat ze nog metal of crossover heeft gezongen. Die moderne elementjes zitten ook subtiel in de drumpartijen bijvoorbeeld. Zoals op “Suicide Love Addict”. Daar zingt trouwens ook Arno Strobl ( bekend van o.a. Carnival in Coal en We All Die (Laughing) mee met Jen. Dat levert een mooi resultaat op. De teksten zijn geïnspireerd door de donkere kant van ons bestaan en ook door oude horror films met thema’s zoals geesten, tovenarij en de dood. Elf songs en een bonus remix van “Yell” krijgen we voorgeschoteld die ons geen moment doet vervelen..
‘Dead Doll’ is een evenwichtig en goed geproduceerd album. Met veel uptempo tracks en modern genoeg om niet te retro te klinken en lang genoeg te blijven boeien. Een fijn debuut dat bewijst dat in dit genre nog leven zit.

Until Rain

Inure

Geschreven door

De bandnaam doet wat denken aan een gothic band maar niets is minder waar. Until Rain is een Griekse prog metal band. We moeten wel toegeven dat ze met  ‘Inure’ de donkere kanten van de band verkennen. Ook kunnen we meegeven dat de nieuwe zanger hier zijn opwachting maakt. Cons Marg (bekend van zijn werk met Arjen Lucassen’s Epic Rock Choir) zijn stemgeluid past uitstekend bij de ietwat donkere insteek van het album. Het album werd gemastered en gemixed door Daniel Cardoso van Anathema.
Hun muziek is een mix van verschillende stijlen in een progressief jasje gegoten. Maar het wordt nergens te ingewikkeld of te vergezocht. Naast allerhande metal, avant garde en soms zelfs death metal invloeden heeft men erover gewaakt dat de songs voldoende melodie en variatie bezitten. De meeste songs zijn vrij traditioneel opgebouwd. De single “Because Something Might Happen” en het titelnummer “Inure” vormen tussen de rest een beetje een uitzondering vanwege hun lengte (respectievelijk 9 en 11 minuten) en vormgeving. Beiden zijn echte prog tracks. Mooi opgebouwd en met veel variatie. Soms hoor je ergens wel de invloed van Cardoso zoals in de sfeervolle ballad “This Fear” waar het begin wat refereert aan de werkwijze van Anathema. Zo ook in “Tearful Farewell” dat een gelijkaardige uitwerking meekreeg. Mooi baswerk trouwens in deze song.
Until Rain heeft met ‘Inure’ een stap voorwaarts gezet. De songs zijn meer to-the-point, hebben veel details om te ontdekken en de nieuwe zanger heeft fantastisch werk afgeleverd. Uitstekend schijfje met mooi en verzorgd artwork.

Ellen Allien

Nost

Geschreven door

Zeggen dat techno tot één van mijn favoriete muziekstijlen behoort , zou gelogen zijn. Maar als het om uitdagende releases zoals deze gaat ben ik wel één en al oor. Ellen Allien behoort immers tot de muzikale subcultuur in Berlijn. Daar heeft ze bijgedragen tot de ontwikkeling van het genre in deze grootstad.
Met ‘Nost’ presenteert ze haar zevende solo album. ‘Nost’ vloeit voort uit de term nostalgie en wil een beeld van de ondergrondse clubscene vertegenwoordigen of uitdragen. Je krijgt op de openingstrack “Mind Journey” een donkere, futuristisch en dystopisch klinkende soundscape te horen. De ritmes zijn repetitief en wekken een gevoel van trance op. Op de volgende song “Innocence” komt de dansvloer meer in beeld. Op “Jack My Ass” schakelt ze nog een versnelling hoger en kunnen we nu niet meer stil zitten op onze stoel. Zo krijgen we dus negen tracks voorgeschoteld.
Op ‘Nost’ presenteert Ellen Allien ons kwalitatieve tracks die allen vrij repetitief, dystopisch en dansbaar klinken. Ze slaagt er goed in om een clubgevoel uit de grootstad op te wekken met haar muziek. Dit is dan ook techno van de bovenste plank. Uitstekend DJ materiaal.

The Narcotic Daffodils

Summer Love

Geschreven door

The Narcotic Daffodils uit het Brusselse hebben hun derde album, ‘Summer Love’, uitgebracht bij het Antwerpse Starman Records. Ze weten de tijdsgeest van die zomer van de liefde perfect te vatten in licht verteerbare, psychedelische pop voor liefhebbers van Shocking Blue en Middle Of The Road. Ook Jefferson Airplane, Iron Butterfly en Buffalo Springfield zijn nooit ver weg. Maar er zijn ook nog wat werkpuntjes.
Bezieler Simon Rigot (die je misschien nog kent van newwaveband Berntholer en hun culthit “My Suitor” en later van Les Cactus met o.m. Perry Rose en Dirk Schoufs) richtte The Narcotic Daffodils op in 2009. Na twee albums verlieten drie leden de band en moesten vervangers gezocht worden. Met drie nieuwe, jonge muzikanten (Maria op gitaar, Luna op orgel en zang en Arne op drums) brengen ze op zes nummers een fijne en heel aanstekelijke mix van  psych, acid en bluesrock. De nieuwelingen moeten nog een beetje groeien in hun rol in de band, maar met wat meer podium- en studio-ervaring komt dat goed.
Op het vorige album hadden ze hun sound een moderner jasje aangemeten, maar op dit derde album keren oprichters Simon Rigot (sitar en keyboards) en bassist Flupke terug naar de psychedelische pop en rock. De band haalde voor dit album zijn inspiratie opnieuw uit de wilde jaren ‘60, een tijd waarin alle experimenten mogelijk waren, van de flower power, de seksuele revolutie  en het leven in communes tot de invloed van Indiase muziek, psychedelische bluesrock  en breed uitwaaierende Hammond-orgels.
De sfeer en de composities zitten alvast heel raak. Alleen laat de band punten liggen inzake de teksten. In de sixties hadden liedjes toch vaak een verhaallijn en die ontbreekt hier meestal. Ook de productie en geluidsmix kunnen beter, of het moet zijn dat die moeten bijdragen aan het retro-garagesfeertje. Maar er zijn genoeg momenten dat alles juist zit. Het lang uitgesponnen “Atomic 53” doet een beetje denken aan de vroege albums van Fleetwood Mac (Black Magic Woman, Albatross) en aan The Fifth Dimension en daarmee zitten The Narcotic Daffodils toch al zeker in het juiste tijdvak.
‘Summer Love’, de track dan, opent met een prachtig Hammond-geluid dat op zich alleen al de hele song overeind houdt tot aan de psychedelische outro. Ook “Naturally High” teert hard op het geluid van de keyboards.
“Guardians” is een straffe track met heel uiteenlopende ingrediënten: rock, acid, garage, fuzz en zelfs een beetje punk. “Hypnotized” is zonder meer de leukste en interessantste track op dit album. Hier zit alles juist.
“Bruxelles” is een beetje een buitenbeentje op dit album en niet alleen omdat hier niet in het Engels gezongen wordt, maar in het Frans en in het Nederlands. De verstaanbaarheid kon beter, vooral omdat deze song wel iets te vertellen heeft. Zoals de titel laat vermoeden is het een ode aan de stad Brussel, met als ruggengraat de haltes van belangrijke metro- en tramlijnen. Dit guitige lied sluit ook minder aan bij het psychedelische van eind jaren ’60 zoals de andere songs en past eerder bij het begin van de sixties, bij de jonge France Gall en Françoise Hardy.
Echt een instant hit of een spontane meezinger scoren The Narcotic Daffodils niet op ‘Summer Love’. Het is wel een ideaal plaatje voor in de auto, deze zomer op weg naar het zuiden van Frankrijk of naar Italië. Ook festivals en broeierige muziekcafés kunnen met deze band hun voordeel doen.

Info
http://vi.be/thenarcoticdaffodils

My Own Ghost

Life On Standby

Geschreven door

De Luxemburgse band My Own Ghost heeft haar tweede album uit. Een album dat wat radiovriendelijker en minder metal klinkt dan hun debuut ‘Love Kills’. Rock met elektronische ondersteuning en een vocaliste in de vorm van Julie Rodesch. Ze presteert over het algemeen heel goed en zorgt voor de melodische noot in de songs. Maar dat is al meer detailkritiek. De songs zijn over het algemeen sfeervol en met melodisch gitaarwerk. Opvallend is “The Night I die” die de akkoorden van Chris Isaac zijn “Wicked Games” als uitgangspunt neemt. Het is dus geen cover geworden maar eerder een vertrekpunt. Een mooie ballad. “Hope” is een mooi opgebouwde ballad dat het vooral van de zang en de synths moet hebben. Net als “If I Stay” dat als een donkere elektro track klinkt. Ook enkele meer uptempo nummers zijn erg geslaagd: “Don’t Say You Love Me”, “Everytime I Break” of opener “Life on Standby” (mooie gelaagde vocalen).
My Own Ghost heeft een album gemaakt dat licht verteerbaar is maar toch kwalitatief genoeg is om er genoeg luisterplezier aan te beleven. Het zal niet eenvoudig zijn om op te vallen tussen de resem releases maar de stem en elektronische toets zijn hun pluspunten hiertoe.

Sound Storm

Vertigo

Geschreven door

We zijn al halfweg 2017 maar kregen hier een album dat sedert December 2016 uit is. Na de nodige interne wissels lijkt deze Italiaanse band terug op cruise snelheid te zitten. Voor het geluid werd beroep gedaan op Joost Van Den Broeck (Epica, Ayreon, Xandria…). Er werd dus niets aan het toeval overgelaten.
Het album klinkt vol en stevig. ‘Vertigo’ is een soort van conceptplaat dat zich in de Victoriaanse tijd afspeelt en losjes gebaseerd is op verhalen van Dante. Dit is te merken aan de klankkleur van het album. De muziek is tevens vrij theatraal opgebouwd en de klassiek klinkende backings en achtergrondkoren versterken dat nog.
Er is veel te ontdekken in de tracks: luister maar eens naar alle details in bijv. “Metamorphosis”. Talrijke twist and turns, koortjes, piano en gitaarsolo’ kleuren de song. De zang klinkt karakteristiek en Fabio heeft soms een wat benepen stemgeluid. Maar over het algemeen valt er niets negatiefs over te zeggen. Ook in de negen andere tracks krijgen we al deze elementen te horen: veel bombast, fijne details en krachtig gitaar- en percussiewerk.

‘Vertigo’ klinkt krachtig en vol. Soms als een subtiele pletwals. Ze hebben vijf jaar de tijd genomen voor hun opvolger en ze hadden intussen de nodige personeelswissels. Aan het resultaat te horen is het de moeite waard geweest om zolang te wachten.

Cass McCombs

Mangy love

Geschreven door

De Amerikaanse sing/songwriter Cass McCombs heeft al een pak platen uitgebracht, in wisselende sterkte . De songs op de achtste nestelen zich in indiefolk , rootspop en psychedelica en hebben uitstapjes richting soul , funk en jazz. Heit is een mooi album , met een maatschappijkritische blik .
“Bum bum  bum”, “Rancid girl” openen sterk de plaat , zijn gelinkt aan Kurt Vile , daarna krijgen we een aangename,  sfeervolle reeks , om dan in het tweede deel wat intens broeierig , compact uit de hoek te komen met “Run sister run” en “In a chinese alley” . McCombs onderschrijft met deze dat hij na al die jaren aan de top staat van sing/songwriting.

Local Natives

Sunlit youth

Geschreven door
Het Californische Local Natives kwam in 2010 in de belangstelling met de cd ‘Gorillaz manor’ en de single “Airplanes” , die al meteen een plaatsje innam in ons muzikaal geheugen; warme, dromerige, opbouwende indiepop/folk/americana, die een ‘joie de vivre’ ademt . Op de opvolger ‘Hummingbird’ liet de band een gerijpte, volwassen indruk na; de songs waren mooi uitgewerkt , klonken voller en gelaagd en hadden een aangenaam , donker randje . Bitterzoet werd de muzikale noemer. “Heavy feet” was hier één van de smaakmakers. De nummers intrigeerden minder en de response viel algemeen tegen .

Met de derde plaat , drie jaar na de tweede , zit het vijftal terug op het (goede) spoor van hun debuut met sfeervolle , broeierige , dromerige en meeslepende songs . “Dark days” , “Fountains of youth” , “Mother Emanuel” en “Ellie Alice” zijn de mooiste songs , toegankelijk en spannend . De subtiliteit , finesse is er in het materiaal,  samen met de stemmige zangpartijen en de kleurrijke keys en pianoloops.
Local Natives blijft een apart plaatsje innemen met die wisselende stemmingen , de gevoelige, bedreven instrumentatie  en de stekelige, dwarrelende, ophitsende,  gevoelige , melodieuze ritmes en hun ontroerende vocale pracht! Kortom, Local Natives is back!

Millionaire

Sciencing

Geschreven door

Tim Vanhaemel heeft zijn nieuwe plaat terug onder de naam Millionaire uitgebracht. Goede zet, zo blijkt, de plaat krijgt sowieso meer aandacht en de ticketverkoop voor de aangekondigde concerten loopt als een trein. Stel dat het album gewoon de naam ‘Tim Vanhaemel’ had gedragen, het zou natuurlijk allemaal zo geen vaart gelopen hebben. Maar goed, Vanhaemel is Millionaire en Millionaire is Vanhaemel, waarom ook niet.
Eerlijk gezegd hadden wij het in het begin nogal moeilijk met dit album. De plaat is zo divers dat de samenhang nogal ver te zoeken lijkt, maar na een paar beluisteringen beginnen we het beetje bij beetje te snappen. Nu, eerlijk gezegd was ons verwachtingspatroon ook heel anders ingesteld na de aardedonkere en opgejaagde stonerrock van ‘Paradisiac’ uit 2005.Hoewel ‘Sciencing’ dezelfde groepsnaam draagt, met ‘Paradisiac’ heeft dit album niets meer mee te maken, dat is ons nu wel duidelijk. Op ‘Sciencing’ worden de deuren niet langer bruusk ingetrapt, maar worden die voorzichtig opengedaan om te kijken wat er achter schuilt. En dat is heel wat.
Vanhamel schiet al meteen met zijn scherpste pijlen, met de fenomenale en furieuze opener “I’m Not Who You Think You Are” legt hij de lat torenhoog, een zwevende gitaarsolo in de staart van de song zet de toon voor een avontuurlijk album. Vanhamel’s hoge stemmetje in het opborrelende “Under A Bamboo Moon” flirt met Curtis Mayfield terwijl de gitaar lekker door de modder blijft scheuren. Ook “Love Has Eyes” heeft twee gezichten, eentje van de tintelende popsong en eentje van de LSD trippende oerwoudvogel. Weeral is de gitaar hier een hoofdrolspeler, vooral wanneer de song twee minuten lang mag uitfaden in pure Funkadelic modus. Wij durven er onze felgekleurde zonnebril op verwedden dat Vanhamel urenlang heeft zitten freewheelen op “Maggot Brain”.
We zijn nog maar drie songs ver en Vanhamel heeft zich al in rock, pop, soul, funk en psychedelica gewenteld, en dat gaat zo maar door. De zijwegen zijn minsten even belangrijk als de hoofdweg, vandaar dat wij eerst een beetje dreigden te verdwalen, maar nu bevalt het ons hier best in Tim Vanhamel’s pretpark. We passeren terloops ook nog even langs triphop (“Back In You”) en krautrock (“Little Boy Blue”) om dan met “Bloodshot” tot een nieuwe hoogtepunt te komen, de song dreigt, stoomt en stuwt zonder echt te ontploffen, een ware teaser.
Er zijn ook wat minder goden te vinden, “Silent River” dwarrelt langer dan 5 minuten door zonder ergens naar toe te gaan en “L’homme Sans Corps” is een pijnlijk mislukte Gainsbourg pastiche. 
Vanhamel herpakt zich echter met brio en gaat er uit zoals ie is binnengekomen, met enkele van zijn meest viriele bommetjes. “Busy Man” swingt als Prince in betere tijden en rockt als QOTSA, en het instrumentale “Visa Running” maakt het dansende aapje in ons volledig los.
‘Sciencing’ is straffe kost, avontuurlijk, levendig en eigenzinnig. Vanhamel ten voeten uit.

Pagina 180 van 394