logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
avatar_ab_01
Filip Van der Linden

Filip Van der Linden

donderdag 14 oktober 2021 12:30

Ja santé -single-

Augustijn werkt aan een nieuw album en stuurt “Ja santé” vooruit als verkenner. Het is een ongedwongen, leuke meezinger over de geneugten van het Belgische bier. Dat komt ervan als je vader je naar een bekend merk van bier noemt. Die vader is Willem Vermandere en die mag op dit nummer een paar noten meespelen op zijn klarinet. Het nummer eindigt met een ‘dronkemanskoortje’ dat het refrein inmiddels al kan mee-lallen en veel meer pretentie heeft dit nummer eigenlijk niet.
Het is wel super leuk en live zal het de ideale ijsbreker zijn als het publiek niet meteen ‘mee’ wil.

https://www.youtube.com/watch?v=Sh0_IkNUawk

 
donderdag 14 oktober 2021 12:24

Holding Hands

The Woodgies is de Zwitserse band rond twee Ierse zingende zussen. De twee wonen in Geneve en ze kregen voor hun debuutalbum ‘Holding Hands’ de hulp van een ook al naar Zwitserland uitgeweken Brit: John Woolloff. Niet de bekendste gitarist of producer, maar zijn naam staat in de credits van o.m. Patrick Bruel, Jeanne Mas en Balavoine en hij werkte ook al mee aan een album van onze landgenoot Paul Numi. Numi heeft de zusjes Woodger enkele jaren geleden ontmoet en is fan.
De muziek van The Woodgies zit op het kruispunt van vier andere bands: Everly Brothers, First Aid Kit, Cranberries en Meskerem Mees. Mooie harmonieën van de zingende zussen, klassiek opgebouwde songs, nauwelijks productionele ingrepen, minimale band-begeleiding die een beetje folky aandoet. Lyrics die - toch aan de oppervlakte – niet de grote, indrukwekkende verhalen zijn, maar eerder kleine bespiegelingen over het eigen kleine leven en over de liefde.
Een paar keer wordt de passie voelbaar, zoals op titeltrack “Holding Hands”, op het treurende “Fading Away” of op het afscheid van “Silent Goodbye”, terwijl hun tussen vrolijk en melancholisch schipperende dreamfolkpop op andere songs voorbijkabbelt zonder slachtoffers te maken (“Where To Go”, “Sun Will Shine” en “Nowhere Near”).
The Woodgies leggen op dit album een solide basis voor wat kan komen, maar ze hebben nog wel een stuk weg af te leggen om in het spoor te komen van hun helden als Bon Iver, Simon & Garfunkel en Joan Baez die ze al coverden op hun Youtube-kanaal. Dan moeten de lyrics toch wat dieper graven. Ze houden ook van modernere helden als Jason Mraz, Birdy en Hozier hoewel ik ze liever hoor teruggrijpen naar het klassieke songschrijven van enkele generaties geleden.
Voor wie houdt van eenvoudige folk met harmonische zang, is ‘Holding Hands’ een kans die maar zelden voorbijkomt.
Mocht Dranouter nog een folkfestival zijn, zou het publiek daar The Woodgoes meteen in de armen sluiten.

 

Torpedo Tits is een Belgisch cybergrind-project. Dat genre kom je hier niet zo vaak tegen. In tegenstelling tot de traditionele grindcore worden in cybergrind elektronische instrumenten, samples en drumcomputers gebruikt of beter misbruikt. Deze ingrediënten worden gecombineerd met klassieke grindelementen als – met een ruime veralgemening - kaka/pipi-humor en dan in heel korte nummers gegoten.
Torpedo Tits, met een vette knipoog naar Donald Trump en losjes geïnspireerd op bands als Prosthetic Cunt, S.M.E.S., Libido Airbag en Agoraphobic Nosebleed, beantwoordt op ‘Grabbed By Her Pussy And Digested By Her Uterus’ aan al die genre-kenmerken. En de frontman geeft bovendien ruiterlijk toe dat hij over geen enkel muzikaal talent beschikt. Nochtans zijn de samples en soundbites heel raak gekozen, terwijl de vervormde grunt/growls en de muziek allemaal inderdaad toch wel inwisselbaar zijn.
De weinig subtiele songtitels toveren dan weer wel een glimlach op je gezicht, zoals bij “Summer Time Monokini Spotting”, “That’s Not Chocolate Dripping From My Ass, But You’re Allowed To Eat It” en “The Cave Of Despair Is A Large Butthole Covered With Hair”. Dat laatste rijmt zelfs nog ook.
Alleen al voor de songtitels hopen wij dat er een vervolg komt.

https://torpedotits.bandcamp.com/releases

 
donderdag 14 oktober 2021 12:14

Parallel Lives

We zijn allemaal de som van onze beslissingen uit het verleden, is één van de bedenkingen van Paul Numi op zijn nieuwe album ‘Parallel Lives’. En hij gaat in de negen songs zelf op zoek naar wat er zou kunnen gebeurd zijn in zijn leven als hij op een bepaald punt een andere richting gegaan was, met soms misschien wat spijt en wroeging over dromen en liefdes die niet uitgekomen zijn. Dat zal wel bij iedereen zo zijn, maar Paul Numi weet het mooi en sterk te verwoorden. Misschien verwijst hij voor zichzelf wel naar zijn beslissing om uit de band Angry Voices te stappen na een nochtans mooi traject van supports en concerten. Maar zonder die beslissing hadden we nooit ‘Parallel Lives’ te horen gekregen.
Een tweede stokpaardje op dit album is dat we mensen niet moeten reduceren tot één kenmerk. Je kan tegelijk zakenman en artiest zijn, tegelijk bassist en songschrijver, of tegelijk liefhebben en eenzaam zijn, …  Veel diepgang opnieuw in de lyrics van Paul Numi, net als op voorganger ‘Chimera’.

Hij groeit nog wat in zijn rol van songschrijver en performer. Op “Not Yet” houdt Numi de hand vast van een vriend die niet lang meer te leven heeft. Zo’n gegeven levert soms goedkope tranen op, maar niet in deze song. “Let’s dance, laugh and sing, until the Reaper clips our wing”. Veel mooier kan je dat niet verwoorden.
‘Parallel Lives’ zou volgens de frontman meer Britpop zijn en minder ‘80’s/new wave, maar daar ben ik niet van overtuigd. “So High” heeft inderdaad wel de look & feel van Britpoppers als Pulp of Supergrass. Maar “Multitudes” neigt als geheel en zeker in het refrein wat naar de vroege Kim Wilde en voorts hoor ik op dit album referenties naar The Stranglers (op “Wake Up” en “I’ve Got It Made”), Squeeze (“Wake Up”) en The The (“Something To Hold On To”) en een gepolijste versie van The Gang Of Four (“Never, I Believed” en “Let’s Get Out”). Misschien niet de meest vernoemde bands voor wie naar de jaren ’80 verwijst, maar wel bands die het peper en zout waren in de muziek van die jaren.
Op ‘Parallel Lives’ laat Paul Numi zich begeleiden door dezelfde band als op ‘Chimera’ en dat rendeert. De tracks klinken nog organischer en lijken met nog meer souplesse ingespeeld. De synth krijgt deze keer meer tijd en ruimte en dat is een goede beslissing. Gemiddeld hebben de tracks van dit nieuwe album meer pit en een dansbaarder ritme dan die op het vorige album. “Let’s Get Out” heeft bv. een heel aanstekelijke drive en “I’ve Got It Made” moet een volle dansvloer opleveren op elk vleermuizen-feest. Opnieuw een heel aangenaam album.

https://www.youtube.com/watch?v=EmmgcjeCcZQ
https://www.youtube.com/watch?v=HYBP-lauk-s

 
donderdag 30 september 2021 13:37

In Heaven

Tim Showalter is terug met een nieuw album voor Strand Of Oaks, het achtste alweer en het eerste sinds zijn verhuis naar Texas. Hij kreeg in de studio opnieuw mooi gezelschap: de vaste waarde Kevin Ratterman op drums en ook opnieuw Carl Broemel en Bo Koster (beide van My Morning Jacket) op respectievelijk gitaar en keyboard. Voorts is er Cedric LeMoyne (Alanis Morrissette) op bas en misschien de meest verrassende naam: James Iha van The Smashing Pumpkins zingt en speelt gitaar op het verdienstelijke “Easter”.
Showalter heeft weinig veranderd aan de succesformule van Strand Of Oaks. De poprocksongs baden nog steeds in een sfeer van atmosferische melancholie, warme intimiteit en (wisselend) positivisme en treurnis.
Dezelfde sfeer die je kent van bv. Isbells, Songs: Ohio, Marble Sounds, Elbow of The War On Drugs.
Op dit album klinkt die melancholische sound wel heel smooth, upbeat en opgepoetst. Om mee te zijn met de verhalen van Showalter moet je misschien toch het tekstvel erbij nemen en dan vind je een album over verdriet en verlies. De dood is heel aanwezig en het lijkt alsof Showalter zelf een psychologische knauw gekregen heeft tijdens de voorbije pandemie. Die diepgang zit niet enkel in de lyrics maar soms ook in een parallelle ‘laag’ in de melodie.
De positieve uitschieters zijn de singles “Galacticana”, “Somewhere in Chicago” en “Jimi & Stan”.

https://www.youtube.com/watch?v=Ghd08ex2bzo

 
donderdag 30 september 2021 13:34

Til The Oceans Overflow

‘Til The Oceans Overflow’ is het nieuwe album van Fischer-Z. Het is van ongeveer hetzelfde kaliber als de vorige twee: ‘Swimming In Thunderstorms’ en ‘Building Bridges’, maar misschien nog net ietsje beter of straffer. Het nieuwe album wil een antwoord zijn op ‘Red Skies Over Paradise’, het album uit 1981 dat de hits “Berlin” en “Marliese” opleverde en dat zie je ook in het artwork, waarop dezelfde hoofdfiguur kijkt naar een Berlijn dat nu plots aan de kust lijkt te liggen (een verwijzing naar de albumtitel).
Berlijn was de stad waar ‘Red Skies’ werd opgenomen en is ook de stad waar het begin van ‘Til The Oceans Overflow’ opgenomen werd. Vanwege de viruspandemie werden die opnames afgebroken en mocht John Watts thuis achter de laptop de draad oppikken met de band. Die band is in grote lijnen dezelfde band als op ‘Swimming In Thunderstorms’, met oudgediende Dave Purdye op bas. Purdye en Watts werkten al samen in 1981, maar niet voor ‘Red Skies’ wel voor zijn John Watts’ solo-track ‘Speaking In A Different Language’. Een jaar later, in 1982, maakte Purdye dan wel deel uit van Fischer-Z voor de later als album uitgebrachte TV-opnames bij het Duitse Rockpalast. Dat maakt dat er toch ongeveer een link meer is naar ‘Red Skies’ dan enkel de bijdrage van frontman Watts.
De in Berlijn gestarte opnames zouden zowel een Fischer-Z-album als een solo-album moeten hebben opgeleverd, maar die twee zijn samengesmolten tot ‘Til The Oceans Overflow’. Met een wel heel grove korrel zout zou je kunnen stellen dat het nieuwe album begint bij Fischer-Z en eindigt als solo-album. De eerste drie, vier tracks zijn dynamischer, makkelijker mee te zingen en met meer melodie en de drie tot voor afsluiter “A.I.Owns.U.” zijn intimistischer en meer op de boodschap in de lyrics gefocust. In grote lijnen dus. Die “A.I.Owns.U.” is een wel heel upbeat, vrolijk-satirisch niemendalletje dat bij mij herinneringen oproept aan Fischer-Z’s “Limbo”. Maar die laatste stond niet op ‘Red Skies’.
‘Til The Oceans Overflow’ start met “Choose”, geleend van de Record Store Day-release van 2020 met de lekkerste, maar niet-eerder-uitgebrachte songs van de ‘Swimming In Thunderstorms’-opnames. Een heel goede zet om deze ijzersterke track hier een herkansing voor een ruimer publiek te geven. “Brian” is meer dan vermoedelijk een vervolg of een duiding op “You’ll Never Find Brian Here” van ‘Red Skies’, zoals “Romance Can Last Forever” een vervolg is op “Berlin” en zoals “Oh Compassion” een vervolg zou kunnen zijn op “Marliese”. Voorts veel zelfbeschouwing van John Watts die zijn leven en liefde(s) overkijkt, zoals op “Narcissus”, “Selfish Mirror”, “Waterside” en “Cuban Rain Falling”, al kan één ervan misschien ook over de tot inkeer gekomen stalker van “Marliese” gaan of een repliek zijn op het 40 jaar oude “The Writer”. De kernbomdreiging van “Cruise Missiles” op ‘Red Skies’ werd ingeruild voor de klimaatdreiging op “Choose” en titeltrack “Til The Oceans Overflow”, zoals “Dystopia’s Here” en “A.I.Owns.U.” de nieuwe 2021-versies zijn van “Multinationals Bite”.

Veel linken met ‘Red Skies Over Paradise’ dus, maar onthou misschien vooral dat het nieuwe album perfect op zichzelf staat, met een John Watts op de toppen van zijn kunnen. Als Watts straks opnieuw de Vlaamse podia aandoet, wacht dan niet enkel op de greatest hits van Fischer-Z, maar geniet vooral van deze nieuwe oogst aan potentiële hits op ‘Til The Oceans Overflow”.

 
donderdag 30 september 2021 13:30

In De Kronkels Van Mijn Geest

Het land ging in lockdown. Dat wist u al. De deuren naar het podium gingen op slot en zangers moesten thuisblijven. Daar hebt u samen met ons over zitten klagen op social media. Guido Belcanto trok zich terug in de Franse Pyreneeën en verbleef daar een half jaar in ballingschap. Dat leverde een fantastisch album op met pareltjes van eigen teksten en vertalingen en de beste Belgicana die je ooit te horen zal krijgen.
Belcanto’s nieuwe album ‘In De Kronkels Van Mijn Geest’ begint met een vertaling van een song van Fabrizio De André, een inmiddels overleden Italiaan die zelf al eens werk van Bob Dylan of Leonard Cohen vertaalde, maar die vooral zelf meer dan 300 nummers schreef. Die gaan – net als bij onze Belcanto – over mensen in de marge, hoeren en hoerenlopers.
Een titel als “Het Doodlopend Straatje” is op het lijf van Belcanto geschreven en gitarist Geert Hellings geeft een tranerige country-twang aan deze op zich al prachtige folksong.
Ook een songtitel als “Een Luchtige Liefde Met Een Meisje In Volle Fleur” kan enkel uit de pen van Belcanto vloeien. Deze pure folksong is opnieuw veel te autobiografisch voor sommige luisteraars, die van plaatsvervangende schaamte een blos op de wangen zullen krijgen. Toch is het meer dan dat. De zanger vat zijn leven samen aan de hand van wat er echt toe doet in het leven: de liefde en hoe ze beleefd wordt. Vertaal dit naar het Engels, laat het zingen door Mumford And Sons en de monden vallen open.
“De Wonde Die Nooit Heelt” is een vertaling van Bob Dylan en “Antoine” is geleend van Townes Van Zandt, maar Guido Belcanto zet de teksten wonderwel naar zijn hand en naar zijn hart. Bij Stan Jones’ “Ghost Riders In The Sky” verzon hij dan weer een compleet nieuwe tekst in het Nederlands op het bekende deuntje. Het werd het typische drama en tranendal dat hij wel vaker op ons netvlies schildert, maar het is een perfecte match. Radio 1 haalt zijn neus op voor deze single. Wel, Radio 1 heeft ongelijk.
Een klein meesterwerkje met opnieuw country en viool-arrangementen is “Voor Een Man Is Het Geluk Van Korte Duur” en dat gaat uiteraard over seksueel genot. Muzikaal lijkt dit gebaseerd op minstens een klassieke hit, maar tekst en muziek zijn vorig jaar in de Franse Pyreneeën bedacht. Hetzelfde kan je zeggen over “Denk Toch Niet Dat Ik Niet Aan Je Denk”. Ook dit klinkt zo vertrouwd (met die klagerige mondharmonica) dat je als muziekliefhebber ervan overtuigd bent dat het een bestaande en bekende song is. Het ‘origineel’ had zo op ‘Windsong’ van John Denver kunnen staan, of anders op ‘Jonathan Livingston Seagull’ van Neil Diamond.
Met “Meisje Van Het Meetjesland” gooit Belcanto zijn knuppel in het hoenderhok van de woke-gemeenschap, terwijl zijn bewerking van de traditional “Plastic Jesus” gewoon leuk is. Titelsong “In De Kronkels Van Mijn Geest” start als een jaren ’70-kleinkunstriedel van Dimitri Van Toren of Zjef Vanuytsel en het lijkt ook op die periode dat Belcanto terugkijkt in dit lied.
Zelfreflectie is Guido Belcanto niet vreemd, maar hoe hij zichzelf en zijn leven fileert op (Ik Kweek) “Rozen Op De Mesthoop Van Het Leven” is ongezien. Stef Kamil Carlens cijfert zichzelf hier volledig weg als backing-zanger in deze country-achtige tranentrekker. Belcanto is gelukkig niet van plan om met pensioen te gaan: “niemand zal mij ooit kunnen dwingen om mijn stem te laten zwijgen”. Dat is ook nergens voor nodig. De wereld heeft Guido Belcanto nodig, vandaag misschien meer dan ooit. Mocht Guido Belcanto niet bestaan, dan zouden ze hem moeten uitvinden. Maar hij bestaat al en hij zit op dit album op het topje van zijn kunnen.

 

Worlds Beyond - Kippenvel van begin tot einde

De nieuwe Gentse symfonische metalband Worlds Beyond had nog de release-show in te halen voor hun vorig jaar verschenen debuutalbum ‘Symphony Of Dawn’ en dat deden ze met ineens twee concerten na elkaar in JOC De Variant in hun thuisstad.
Een eerste op vrijdag 8 oktober met Solitude Within en een tweede op zaterdag met Gallia. Wij konden enkel bij het eerste concert aanwezig zijn, maar we vermoeden dat Gallia het ook prima deed als support.

Toen Worlds Beyond vorig jaar zijn debuut uitbracht, stonden we versteld van zoveel maturiteit inzake compositie en arrangementen bij deze jonge metalband en ook zangeres Valerie met haar opera-achtige stem sloeg ons met verstomming. Dat maakte heel wat mensen benieuwd naar de eerste concerten van deze jonge band.

Solitude Within begon met veel enthousiasme als openingsact. De band is bijna klaar met hun nieuwe album, de opvolger van ‘Disappear’. Van dat nieuwe werk kregen we in Zwijnaarde –-bovenop zowat alle nummers van ‘Disappear’ – al twee songs te horen: de eerste single “Astray” en de enkel op Twitch uitgebrachte single “One Final Wish”. Die twee nieuwe nummers liggen nogal in het verlengde van het oudere werk. Dat nieuwe album mag er nu wel gaan komen. Emmelie Arents is de voorbije jaren gegroeid in haar rol als frontvrouw en entertainer en ook op dit concert kreeg ze  het publiek al snel mee. Emmelie is overigens ook auteur van enkele fantasy-boeken, waar de muziek van Solitude Within mooi op aansluit.

Worlds Beyond zit een beetje in hetzelfde straatje van symfonische metal en fantasy-soundtrack. Deze band heeft verschillende troeven uit te spelen: gitarist en songschrijver Tijmen, zangeres Valerie en een reeks enthousiaste muzikanten die het plaatje compleet maken. De frontman en –vrouw van de band stonden met veel zelfvertrouwen te genieten op het kleine podium. Het was de albumreleaseshow en dus werden alle nummers van het album gebracht en ook nog eens in de volgorde van de CD. Uiteraard ging het thuispubliek makkelijk mee in de set van Worlds Beyond, maar de uitvoering was ook nagenoeg perfect, met de nummers die live nog net iets meer elan krijgen dan op het schijfje. Dat belooft het beste voor de toekomst van deze band.

De volgende grote afspraak voor zowel Worlds Beyond als Solitude Within worden de Waregemse Metal Days begin december.

Organisatie: Worlds Beyond

Headbanger’s Balls Fest 2021 - Het corona-geduld werd beloond
Headbanger’s Balls Fest 2021
De Leest
Izegem
2021-10-02
Filip Van der Linden

Wat moet het deugd gedaan hebben dat Headbanger’s Balls Fest na drie keer uitstel eindelijk kon doorgaan en dat de organisatie bovendien met zowat 600 bezoekers het bordje met ‘uitverkocht’ aan de deur kon hangen van Cultuurhuis De Leest in Izegem. Zoals bij zovele festivals en concerten werd de datum een paar keer opgeschoven en veranderden de namen op de affiche. Toch konden ze enkele buitenlandse bands met naam en faam naar Izegem halen.

De debatten werden geopend door Cobra The Impaler, een nieuwe Belgische metalband met oudgedienden van o.m. Hæster, Aborted, Almighty Mighty, Von Detta, Majestic Sun en BEAR. Het is zoals bij wel meer bands soms wat zoeken naar de juiste bezetting. De meest recente aanwinst is Ace Zec op drums. Een album is er nog niet. Dat komt pas volgend jaar in februari uit op het Franse label Listenable Records. Er was wel al een try-out in de Asgaard, om toch een beetje podium-routine op te doen vooraleer Cobra The Impaler voor de leeuwen werd gegooid in Izegem. Hoewel, in De Leest stonden de leeuwen op het podium en niet ervoor.
Cobra The Impaler verdiende vorige zaterdag alvast de Prijs voor de Strijdlust voor de attitude en overtuiging waarmee ze zich voor het eerst aan een groot publiek voorstelden. De gitaristen en zanger zochten vaak de rand van het podium op om het publiek mee te nemen op hun trip.
Er was flink wat volk opgedaagd om kennis te maken met Cobra The Impaler, maar voor meer dan enthousiast applaus was het zo kort na de middag misschien nog wat vroeg. Muzikaal mengt deze band verschillende genres en wisselen agressieve gitaarduels met wat meer ingetogen momenten. Van opener “Colossal Gods” tot afsluiter “Tempest Rising” hoorden we een band met ervaring en ambitie.

Ook Toxic Shock kwam met veel animo van Antwerpen naar Izegem. Deze crossoverband kan al flink wat adelbrieven voorleggen: split-albums met Amerikaanse bands als Reproach en Iron Reagan, Metallica-producer Flemming Rasmussen die hun jongste album opnam, openen voor Testament in de Effenaar in Eindhoven, … De set startte veelbelovend met een introdeuntje van Ennio Morricone (“For A Few Dollars More” ?) en dan meteen de furie van “S.P.O.S”, maar het enthousiasme sloeg niet over naar het publiek. De band speelde nochtans een sublieme set met een mix van agressieve thrash en bitse hardcore en vooral zanger Wally ging als een razende te keer. In niet veel meer dan een shortje rende hij het hele podium af en sprong overal op en af waar hij maar kon. Zijn microkoord draaide hij verschillende keren rond zijn nek, als de ketting waar je een dolle hond mee in bedwang houdt.
Veel applaus voor Toxic Shock, maar niet de verwachte moshpit en daardoor werd Wally wel heel pissed. Izegem swipete Toxic Shock naar links om het eens in Tinder-termen uit te drukken, al had deze band misschien beter verdiend.

Ook bij de metalcore van Signs Of Algorithm was het op 2 oktober niet meteen liefde op het eerste gezicht in De Leest. Maar dat bracht het vertrouwen van deze band niet aan het wankelen en na een sterke set werd Signs Of Algorithm daarvoor beloond met een bescheiden moshpit.
Deze band deed het in Izegem zonder bassist, maar dat was er nauwelijks aan te horen. Izegem kreeg een paar nieuwe nummers te horen en dat duidt misschien op een nieuw album. Het vorige, ‘Harbinger’ dateert reeds van 2016 en was in Izegem goed voor zowat de helft van de setlist.

De laatste band van het Belgische luik op Headbanger’s Balls was Psychonaut. Deze postmetalband kan steevast op veel enthousiasme rekenen en dat was in Izegem niet anders. Het was hun derde show in drie dagen, na een concert in Nijmegen en een label-night van Pelagic Records in de Trix in Antwerpen. Hun set was opgebouwd uit tracks uit hun recentste album ‘Unfold The God Man’, met minstens twee uitblinkers “All I Saw As A Huge Monkey” en “Kabuddah”. Het enthousiasme van de band tussen de nummers vormde een aangenaam contrast met het serene en de ernst van de muziek. Het zal niet lang meer duren voor België te klein is voor Psychonaut.

De Nederlandse deathmetalpioniers van Pestilence mochten als eerste buitenlandse band aantreden. Albums als ‘Consuming Impulse’ en ‘Testimony Of The Ancients’ hebben enkele decennia later nog niets aan kracht ingeboet en het materiaal van het nieuwe album ‘Exitivm’ is opnieuw bijzonder goed. De set wisselde dan ook constant tussen oud en nieuw werk. De Nederlandse band speelde al vaak in België (Graspop, Alcatraz, Antwerp Metal Fest, …) en stelde ook deze keer niet teleur. Hoewel de rijen voor het podium niet zo dik waren als bij de vorige band, ontstond er wel spontaan een enthousiaste mosh- en circlepit en zag je al eens een crowdsurfer voorbijkomen. Dan toch.

Phil Campbell And The Bastard Sons werd in Izegem onthaald als een publiekslieveling. Campbell was decennialang de vaste gitarist bij Motörhead en na het overlijden van Lemmy trad de Brit uit de schaduw met zijn eigen band, met daarin drie van zijn zonen en zanger Neil Starr. Die laatste werd nog niet zo lang geleden opgevolgd door Andrew Hunt. Zijn stem klinkt niet als die van Lemmy en hij moest voor sommige lyrics al eens spieken op zijn tablet, maar de Motörhead-klassiekers in de set klonken toch heel vertrouwd. En dat waren er nogal wat: “Ace Of Spades”, “Rock Out”, “Born To Raise Hell”, “R.A.M.O.N.E.S”, “Killed By Death”, “Going To Brazil”, …
Moet je deze band dan indelen bij de tribute-bands? Daarmee doe je ze oneer aan, want de eigen nummers van Phil Campbell And The Bastard Sons, die soms hard lijken op Motörhead-songs, zijn minstens zo degelijk.
In de set zat ook nog een metal-versie van “Sharp Dressed Man”, een ode aan ZZ Top’s Dusty Hill, die andere inmiddels overleden legendarische bassist. Hunt leek zich wat te willen verstoppen achter een pet, een zonnebril en een volumineuze baard, en toch is het een rasentertainer die het publiek in Izegem meekreeg zonder veel te moeite te doen. Hunt is niet Lemmy, maar veel dichter bij Motörhead zal je als fan niet meer komen.

Orange Goblin was de absolute headliner op Heabanger’s Balls Fest. De intro van deze ook al Britse band was “It’s A Long Way To The Top (If You Wanna Rock ’n Roll)” van AC/DC en dat is een misschien wel heel korte samenvatting van de carrière van Orange Goblin. Deze Britten stonden in de jaren ’90 van vorige eeuw mee aan de wieg van de stoner(metal)scene. De band heeft een stabiele bezetting, maar sinds dit jaar is er Harry Armstrong (in Izegem voorgesteld als de nieuwe Cliff Burton) als nieuwe bassist.
Zanger Ben Ward nam zijn tijd om het publiek en de organisatie te bedanken en legde uit waarom Orange Goblin ondanks alle corona-ellende en de Brexit toch vastberaden was om in België te komen spelen. “België was het eerste land buiten de UK waar we live mochten spelen en daar zijn we nog steeds dankbaar voor.”
Ook waren er woorden van lof voor Pestilence (‘heroes of ours’) en Lemmy, aan wie ze “The Devil’s Whip” opdroegen. Dat laatste mag niet verwonderen, want enkele jaren terug speelden ze als MotörGöblin nog een volledige set Motörhead-covers.
Orange Goblin bracht op Headbanger’s Balls Fest een dwarsdoorsnede van hun verzamelde werk, met de nadruk op het oudste materiaal. Hoogtepunten waren o.m. “The Filthy And The Few” en “The Fog”.
Als aanloop naar dit concert hadden deze Britten zichzelf op een bierproeverij getrakteerd in Izegem en dat droeg misschien bij tot het enthousiasme van de boomlange zanger Ben Ward. Tijdens het concert beperkte die zich overigens netjes tot water, wat hij met veel plezier deelde met het publiek op de eerste rijen.
Als eerste band van het festival kreeg Orange Goblin een bisronde, maar om ‘iedereen wat tijd te besparen’ bleef de band gewoon op het podium staan. De toegift was bijzonder energiek, met “The Devil’s Whip”, “Quincy The Pigboy” en “Red Tide Rising”.

Het publiek had wat tijd nodig had om helemaal los te komen, maar het corona-geduld en het doorzettingsvermogen van de ploeg achter Headbanger’s Balls Fest werd beloond met een uitverkochte zaal en enthousiaste reacties.
Volgend jaar op 7 mei is er alweer een nieuwe editie van dit fijne indoorfestival.

Organisatie: Headbanger’s Balls Fest

Turpentine Valley - We weten beter waar we naartoe willen en wat we willen vermijden

Het nieuwe album van postmetalband Turpentine Valley is intussen helemaal ingeblikt. Het trio licht al een tipje van de sluier in het interview dat we konden afnemen op de Miracle Metal Meeting in Deinze.

Op deze Miracle Metal Meeting spelen jullie bij een heldere hemel en vroeg in de namiddag. Heel wat anders dan jullie gebruikelijke concertomstandigheden?
Onze muziek komt inderdaad het best tot uiting in donkere zaaltjes, met amper podiumlicht en het visuele als een extra dimensie als tegengewicht voor het ontbreken van de vocalen. Dan wringen de omstandigheden in Deinze een beetje en wordt het moeilijker om op klaarlichte dag het juiste gevoel over te brengen op het publiek. Maar we zijn er helemaal voor gegaan, zoals we dat bij elke show doen. Dit keer hebben we er ook visueel het maximum uit gehaald met extra veel rook en licht.

Het vorige album, ‘Etch’ uit 2019, werd overal positief onthaald en heeft heel wat deuren geopend voor de band. Wat kunnen jullie al vertellen over het nieuwe album?
De opnames zijn achter de rug. We kozen net als voor ‘Etch’ opnieuw voor Stef Exelmans als producer. Hij werkte eerder ook al met Carneia en Bear. Voor onze nieuwe plaat werkte hij samen met Tim Toegaert (van o.a. Fleddy Melculy en Janez Detd). Als alles verloopt zoals gepland, komt het nieuwe album in het voorjaar van 2022 uit bij dunk!records, ons huis van vertrouwen.

Hoe klinken de nieuwe tracks?
De sound zal een beetje anders zijn dan op ons debuut. Bij de opnames van ‘Etch’ verkenden we de instrumentale postmetal nog compleet met open vizier. Voor de opvolger weegt onze rugzak al wat zwaarder. We weten beter waar we naartoe willen en wat we willen vermijden. Nu zullen we al sneller een stuk van een nummer laten vallen of veranderen als we vinden dat het te veel klinkt als iets van een andere band.

Ook het componeren verliep anders dan bij Etch?
Een paar nummers waren al klaar voordat de pandemie uitbrak, maar de viruscrisis heeft ons wel parten gespeeld. Doorgaans ontstaan onze nummers uit jams tijdens de repetities. Tijdens de lockdown waren er geen repetities en lieten we via Zoom stukjes muziek aan elkaar horen. Dat werkt ook, maar op een andere, minder spontane of organische manier. Het is moeilijker om helemaal mee te zijn en in dezelfde flow te zitten als je naar een scherm moet kijken en luisteren tegenover als je naast elkaar in dezelfde ruimte staat te spelen.

Jullie hebben de nieuwe nummers nog niet live getest?
In ons genre is het altijd moeilijk om in te schatten hoe een bepaald nummer zal onthaald worden. En hoewel we geen teksten gebruiken, zit er voor ons een zekere logica in de volgorde van de nummers, zowel op het album als live. We kunnen live een korte of een lange set spelen, maar die organische volgorde en opbouw zullen we altijd zoveel mogelijk respecteren en dan is het moeilijk om als test een paar nieuwe nummers in de set te smokkelen. Dat zal bij het nieuwe album waarschijnlijk hetzelfde zijn. Op de Miracle Metal Meeting konden we sowieso maar een korte set brengen en was er dus weinig ruimte voor nieuw materiaal. Op een concert in Luik een week daarvoor hebben we wel al één nieuw nummer live kunnen testen. De reacties uit het publiek waren heel positief.

Bij de vorige release deden jullie twee releaseshows, in Roeselare en Deinze. Wat mogen we deze keer verwachten?
We staan als band al wat verder en daarom willen we het nog wat groter aanpakken. En dus daagden we onszelf uit met het ambitieuze plan om zelf een releaseshow op poten te zetten in elke Belgische provincie. Een aantal van die tien shows liggen al vast – o.m. die in de Elpee in Deinze – in andere provincies zijn we nog volop de nodige afspraken aan het maken. Niet altijd even evident, maar wel spannend. Deze release shows worden ook onze aanloop naar hopelijk een paar zomerfestivals en wie weet ook wat shows in het buitenland.

Wat is de volgende grote afspraak voor Turpentine Valley?
Elke show is belangrijk, maar we kijken toch uit naar de Waregemse Metal Days. Daar mogen we op de derde festivaldag (zondag 5 december 2021) openen voor o.m. Psychonaut, King Hiss, Heisa, Stake en Amenra. Vroeg komen is de boodschap!

Pagina 73 van 129