Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Stereolab
CD Reviews

Tommy Stewart’s Dyerwulf

Shadow In The Well (EP)

Geschreven door

De oudere metalheads kennen Tommy Stewart misschien nog van Hallows Eve, de Amerikaanse thrashband die in de jaren ’80 o.m. Drie albums uitbracht op Metal Blade Records. Sindsdien gaat het Stewart minder voor de wind.
Met Tommy Stewart’s Dyerwulf zit de Amerikaan ook op een ander spoor dan dat van de thrash. Dit startte als eenmansproject, maar werd na de eerste release aangevuld met drummer Eric Vogt van Armed Chaos. De single “Shadow In The Well” is de voorbode van het tweede album van Tommy Stewart’s Dyerwulf, dat pas in november zal uitgebracht worden. Het duo brengt hierop slepende doom met cleane vocalen. Het ritme van drum en bas heeft het iets van postmetal, al had het ook stoner of sludge kunnen zijn, maar de vocalen en gitaren duwen het toch een andere richting uit, meer naar het atmosferische.
Ook best te genieten voor wie niet elke dag een plak doom tussen zijn boterhammen legt.
https://tommystewartsdyerwulf.bandcamp.com/

 

 

Hollywood Burns

Invaders

Geschreven door

Voor wie heimwee heeft naar de soundtracks bij films als Top Gun, Ghostbusters, Fame of Flashdance kunnen we ‘Invaders’ van Hollywood Burns aanbevelen. Dit project van Parijzenaar Emeric Levardon recycleert de meest verguisde elementen uit de cinematografische disco met synthwave en eurodance. Het is onvoorwaardelijk dansbaar, bijzonder aanstekelijk en het klinkt alsof je de hele tijd op een ‘foute’ party staat.
Zelf zegt hij de mosterd te halen bij films als ‘Psycho’ en ‘Alien’, maar creepy wordt het nergens. Voor wie op zijn Facebookpagina zegt dat hij Dimmu Borgir goed vindt, had het allemaal wat extremer mogen klinken. Dan klinkt dit toch eerder als Harold Faltermeyer, Jean-Michel Jarre, John Williams of Giorgio Moroder.
Een beetje jammer dat hij voor zijn retro-elektro bijna nergens afwijkt van zijn standaard-formule. Zo zijn bijna alle tracks instrumentaal, behalve “Came To Annihilate” (met een stemvervormer die weinig heel laat van de vocalen) en een sample van een stem op “Revenge Of The Black Saucers”.  De enige echt als dusdanig herkenbare vocale bijdrage staat op “Survivor”, meteen ook de beste track van dit album. Het niet-echt overtuigende Engels nemen we er dan graag bij.
Een paar gastzangers of zangeressen had dit project naar een veel hoger niveau kunnen tillen. Of een of andere metalgitarist die een stevige solo komt geven. Levardon kent zijn klassiekers en zijn formule om die te recycleren tot iets nieuws is buitengewoon efficiënt. Maar zonder goede vocalen blijft het wat hangen in vrijblijvend slaapkamergeknutsel.
Voor fans van Perturbator en Dan Terminus en voor fans van soundtracks uit de jaren ’70 en ’80.
https://www.youtube.com/watch?v=fR4sOLWlJ_Y&feature=youtu.be

Joan Baez

Whistle Down The Wind

Geschreven door

‘Whistle Down The Wind’ is het eerste studio-album sinds ‘Day After Tomorrow’ uit 2008 van de legendarische Amerikaanse folkzangeres, songwriter en activiste Joan Baez. Ze heeft aangekondigd dat dit tevens haar laatste album is. Bij het album hoort ook een afscheidstournee die haar twee maal naar België brengt.
Op 77-jarige leeftijd en na meer dan 50 jaar in de business is het tijd voor rust en warmte in het hart van Baez. Ze heeft lang genoeg op de barricaden gestaan en dit album mag ook nog eens gewoon in het teken van de muziek staan. Het afscheidsalbum werd geproduceerd door Joe Henry en bevat covers van Tom Waits (twee), Josh Ritter, Anohni, Joe Henry, Mary Chapin Carpenter, Zoe Mulford, Eliza Gilkyson, Tim Eriksen en Richard Thompson.
Producer Henry schildert spaarzaam met akoestische instrumenten rond die kenmerkende stem. Het zijn allemaal warme, helende klanken met o.a. borsteldrums en piano.
De tijd heeft duidelijk sporen nagelaten op de stem van Baez, maar dat voegt eigenlijk nog iets toe aan het geheel. Het maakt dat je als luisteraar uitkijkt naar elk woord. De teksten zijn voor Baez duidelijk belangrijker dan haar eigen vocale prestatie, ook al roept niet elke song op tot revolutie. Die revolutie is Baez wel nooit ontgroeid.
Het moet Baez zwaar vallen om onder Donald Trump afscheid te moeten nemen van haar publiek. Liever dan hem rechtstreeks aan te vallen, geeft ze op ‘Whistle Down The Wind’ nieuwe zuurstof aan de oude idealen waar ze al die tijd voor gevochten heeft.
“I am the last leaf on the tree” (uit “Last Leaf”) vat het mooi samen.

Wet Dreams (Norway)

Cartridge Belt (EP)

Geschreven door

De Noor Sebastian Ulstad Olsen is een druk baasje. Behalve zijn hoofdjob, zingen en gitaar spelen bij de poppunkers van Death By Unga Buna, heeft hij sinds kort nog een zijproject. Geholpen door leden van FOAAAM en Warp Riders startte hij Wet Dreams. Met die band verkent hij de grenzen van de typisch Amerikaanse hardrock en punk.
De eerste single - met drie nummers die in niet meer dan een paar uur geschreven en opgenomen werden - is een mooie staalkaart van het idee dat Ulstad Olsen najaagt. “I Can Fly” begint zo furieus als The Hives van vroeger, om dan halverwege de experimentele en spacey-psychedelische toer op te gaan. “Cartridge Belt” had een nummer van The Ramones kunnen zijn, zo dicht komen ze bij hun geluid. Veel energie en veel snelheid. “Wizzard Staffing” gaat ten slotte meer in de richting van de sixties-gitaarpop en klokt af op minder dan 2 minuten.
Deze eerste worp van Wet Dreams laat horen dat ook jonge mensen nog wel oog en oor hebben voor de roots van punk en hardrock. Je kan ze zo naast onze eigen Sons (van de Nieuwe Lichting van Stubru) zetten.

Susanna Wallumrød

Go Dig My Grave

Geschreven door

We hebben het in deze rubriek al gehad over Susanna haar eerste single “Perfect Day” (cover van Lou Reed) uit haar nieuwste album ‘Go Dig My Grave’. Dit is haar twaalfde album en hiervoor heeft ze heel zorgvuldig tien bestaande songs uitgekozen om ze een ‘Susanna’-behandeling te geven. Dat houdt in dat ze de songs uitkleedt en terug aankleedt met barokke instrumenten en haar karakteristieke stem. Zo krijgen we composities die minimalistisch, verstild en intens klinken. Het zijn niet enkel covers. Voor “Invitation to the Voyage” baseerde ze zich op een gedicht van Charles Baudelaire om een nieuwe compositie te schrijven. Daarnaast vinden we er bewerkingen van Joy Division terug (“Wilderness”). Een magistrale versie trouwens. Blijkbaar ligt die band haar goed want ze heeft ook al eens “Love Will Tear Us Apart” bewerkt. “The Willow Song”, “The Three Ravens” en het titelnummer zijn traditionals. “Freight Train” is een track uit 1903 en werd geschreven door Elisabeth Cotten. “Cold Song” is een song dat zijn oorsprong kent in de baroktijd. Henry Purcell en John Dryden zijn de schrijvers van dit liedje.
Het fijne aan dit album is dat Susanna aan elke song er geheel haar eigen draai aan heeft gegeven. Daarnaast hoef je de originele songs niet eens te kennen om hiervan te genieten. Het album klinkt vrij homogeen en consistent ondanks dat de songs uit  verschillende hoeken komen. Hou je van muziek die wat barok klinkt, verstild en toch intens? Dan is dit album je gading.

FùGù Mango

Alien Love

Geschreven door

Fugu Mango is een Brusselse band. Hun sound omarmt vele stijlen. Een mix van o.a.  beats en indiepop. Zo ontstaat er een rijke en kleurrijke sound. Maar je kan het niet wereldmuziek noemen. Daarvoor klinken ze te westers. Een beetje zoals ook Arsenal doet. Ze speelden reeds op Couleur Café, Dour, etc…

Het album bevat volop fijne poppy liedjes die kleur en zonneschijn bevat. De vocals zijn, net zoals de ritmes, aanstekelijk. Op “Liar”, dat een beetje eighties klinkt, horen we bassiste Anne Fidalgo zingen. Op veel songs, zoals “Blue Sunrise”of “Summer Days”, is er samenzang door de Lontie broers. Soms wisselen ze hun vocals ook af met Anne. Zoals op ‘Alien Love’ en dat zorgt voor een mooie variatie.

Niets lijkt aan het toeval overgelaten te zijn geweest. De productie en recordings werden door Luuk Cox (Shameboy) gedaan (ook verantwoordelijk voor Stromae, Girls in Hawai, Roscoe…). De mixing was van de hand van Ash Workman die ook bv Christine and the Queens mixte.

‘Alien Love’ is ritmisch, poppy, opzwepend en catchy. Tien prachtige songs die werelds klinken. Als ze dit live goed weten om te zetten dan zullen ze nog vele feesttenten in lichterlaaie weten te zetten.

 

Onlap

Running EP - Deluxe Edition

Geschreven door

Dit is een heruitgave van hun EP uit begin 2017 met een toevoeging van vier akoestische tracks. Zo krijg je hier op deze deluxe editie negen tracks te horen. Deze Parijse band grossiert in meer traditionele rock zoals we die kennen van bands als Nickelback, Papa Roach, Seether… Iets hardere rock met aandacht voor melodieuze refreinen.
Alles is mooi geproduceerd en klinkt goed op deze release. Misschien kan je als kritiek zeggen dat alles wat voorspelbaar klinkt. Ze schakelen een versnelling hoger wanneer je het verwacht. De refreinen en breaks komen ook op de juiste momenten. Persoonlijk vind ik ze wat eigenheid missen. Maar wanneer je je daar niet aan stoort , dan ga je plezier beleven aan dit album. De vier akoestische songs zijn geslaagd. De versie van “Running” is minstens even interessant als de originele versie. En “Whispers in my Head” of  “Turn Around” zorgen voor een hoog kampvuur gehalte. De teksten zijn eerder gericht op tieners.
Voor mensen die liefhebber zijn van goed in het gehoor liggende alternative rock in de stijl van Nickelback etc…

Oceans of Slumber

The Banished Heart

Geschreven door

Oceans of Slumber is een in Houston gevestigde progressieve metalband. Nouja en dan ga je waarschijnlijk zeggen, want er is een enorm groot aanbod van dergelijke bands. Wel, we kunnen toch enkele zaken aangeven waarom deze band wat aandacht mag krijgen. Ten eerste kunnen we hier spreken van heel puik drumwerk van Dobber Beverly. Daarnaast passen de vocals van Cammie Gilbert heel goed bij de wat donkere toon van het album. Deze donkere ondertoon zou, volgens de band, te maken hebben met interne en familiale strubbelingen waarmee ze te maken kregen. Dit werd gegoten in songs rond liefde, verlies, strijd, overgave, het begin en het einde. Elf songs lang nemen ze ons mee op een progressieve metaltrip waar alle gekende elementen gebruikt worden. Zoals het afwisselen van grunts en cleane zang, metalriffs en rustiger passages en tenslotte langere uitgesponnen tracks en kortere schetsen van songs. Die kortere songs zoals “The Watcher” en “Her in the Distance” zijn eerder rustpunten tussen het progmetal geweld. “The Watcher” is een instrumentaal synthstukje. “Her in The Distance” is een sfeerrijk instrumentale track bestaande uit voornamelijk piano en synths. Andere noemenswaardige tracks zijn de ballad “No Color, No Light”, de openingstrack “The Decay of Disregard”, “A Path To Broken Stars”(energiek met rustgevende vocals) en het titelnummer “The Banished Heart” (heel mooie en doorleefde vocals).
Op ‘The Banished Heart’ krijgen we progressieve metal dat boven de middelmaat uitkomt. Vooral de zang van Cammie, de wendingen en de drumpartijen zorgen hiervoor.

23 Acez

Embracing The Madness

Geschreven door

23 Acez brengt zijn derde album ‘Embracing The Madness’ uit via het Nederlandse Freya Records. Deze Belgische band brengt melodieuze hardrock en heavy metal. Op het nieuwe album maakt de band definitief komaf met de ietwat lichtere rock-elementen die vaak aanwezig waren op hun voorgaande releases en wordt koers gezet naar een agressievere, complexere en scherpere stijl. Dit album barst van de furie en energie en valt op door de instrumentale bedrevenheid van zanger-gitarist Benny Willaert en gitarist Tom Tas. Die laatste ken je misschien nog van Ostrogoth, dat hij onlangs inruilde voor Thorium. Vocaal heeft Willaert opnieuw een stap vooruit gezet in vergelijking met het album ‘Redemption Waves’, dat in 2015 werd uitgebracht bij het Deense Mighty Music Records.
De tracks op ‘Embracing The Madness’ zijn opgebouwd met vooral klassieke heavymetal-elementen. Vernieuwend is het allemaal niet, maar de band brengt het met veel passie en techniek. Dat er wat prog- en powermetal in geslopen is, is de invloed van de Italiaanse producer Simone Mulanori (DGM en Max Pie), die wel goed thuis is in die genres. Dat hoor je op o.m. “Animation”, “Expectations”, “Cellbound” en titeltrack “Embracing The Madness”. De sound is duidelijk niet Brits of Amerikaans, maar eerder Europees. “Shadows” begint als een powerballad, bloeit open naar een stevige rocker en eindigt dan opnieuw als een ballad. Alleen het korte instrumentale nummer “Catch 23” is een beetje overbodig.
Alles is heel degelijk op ‘Embracing The Madness’: het gitaarwerk, de drums, de baslijnen, de cleane vocalen, de songopbouw, de productie, …
Dit is een prima album in een genre dat maar weinig gebracht wordt in de Belgische metalscene. Op 18 maart stelt 23 Acez dit album voor in JH Asgaard in Sint-Amandsberg (Gent).

Gèsman

Olput Blues

Geschreven door

Het dialect in de Belgische songschrijverij wint terrein. De voordelen hiervan zijn dat het soms kleurrijker klinkt en gemakkelijker bekt dan in het Algemeen Nederlands. Nadeel is dan weer dat een West-Vlaams dialect voor een Antwerpenaar moeilijk verstaanbaar is. Maar niet iedereen begrijpt trouwens goed het Engels en er zijn ook nog tekstboekjes. Dus het is niet onoverkoombaar.
Gèsman heeft veel tijd genomen om ‘Salonrebel’ uit 2010 op te volgen met een nieuwe release. De bezetting kende een grondige verjongingskuur waardoor we eerder van Gèsman 2.0 kunnen spreken. Harry Descamps (zoon van Ugly Papa Dick) werd als gitaarwonder binnengehaald alsook Kristof Lazou (het brein achter Knights). De ritme sectie bestaat uit Kris Demets en Frank Derycke terwijl Ruben Vercaemer met zijn sax en vibrafoon een warme sound aan Gèsman geeft.
De songs zijn in het West-Vlaams, en soms in het Engels, gezongen. De klankkleur van Steven Vervaeke zijn stem doet soms wat aan Filip Kowlier denken zoals op bv “Veel Dust” en “Mankepwot” (komt regelmatig eens voorbij op radio 1).
Muzikaal zoeken ze het wat breder dan Kowlier. Er zitten wat bluesrock, country en americana- invloeden verwerkt in de songs. “Schmuck” is daar een goed voorbeeld van. Titeltrack “Olput Blues” is een schitterende song met wat slide-gitaren en blues elementen die het nummer een weemoedige vibe meegeven. Precies iemand die ‘s morgens met een kater wakker wordt en nadenkt over wat hij zou kunnen hebben uitgespookt. Wat flarden van herinneringen schieten door je van kater gepijnigde kop. De sax en vibrafoon geven het nummer een mooi warm accent. “Sletje en Slunse” is dan eerder indie rock of klein kunst met mooie backings naar het einde toe. Over “Acid Ooh Ooh” kan je ongeveer hetzelfde zeggen.
Op “Weeping Back @ the Willow” grossiert Gèsman in countryrock. Beelden van het Amerikaanse platteland komen spontaan voor mijn netvlies voorbij. “Hotdog” is een zuivere indierocker. “Aioliques Associés” is eerder een lichtvoetige en van ironie gespeende song dat Luc Dufourmont een platform geeft om zijn gang te gaan. Het dient als de outro van het album.
Gèsman heeft een volwassen en vrij warm klinkend album gemaakt. Het album bevat tien meer dan uitstekende tracks. Alles lijkt te kloppen: de sfeer, de vibes en de songs. Er is voldoende variatie en er zijn genoeg details te ontdekken die het herbeluisteren aangenaam maken. Wie te vinden is voor ’t Zesde Metaal, Flip Kowlier, Fixkes, Zita Swoon en aanverwante bands gaat hier zeker zijn gading vinden.

Pagina 163 van 394