logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Deadletter-2026...
CD Reviews

The Fiery Furnaces

I’m going away

Geschreven door

The Fiery Furnaces hebben het deze keer wat eenvoudiger en iets rustiger aangepakt. Voorheen propten ze met graagte 56 ideeën in één song, hier beperkten ze zich meestal maar tot een drietal per stuk. ‘I’m going away’ klinkt dan ook een flink stuk minder nerveus dan zijn voorgangers. Een mens kan dit exemplaar makkelijk in één ruk uitzitten zonder dat ie van ’t kastje naar de muur geslingerd wordt om uiteindelijk compleet zotgedraaid of verdwaasd achter te blijven (de vorige ‘Widow city’ was om te zeggen zo een plaatje waar wij compleet hyper van werden, maar wel een kanjer van een schijf).
The Fiery Furnaces zijn na al die jaren ook al een serieus eind van de Velvet Underground verwijderd. Misschien herinnert u zich nog het prachtige debuutplaat ‘Gallowsbird Bark’ die compleet van de velvets doordrongen was, op ‘I’m going away’ is daar niets meer van te horen. De seventies zijn wel aan bod, deze keer, en dit vooral in de prettige gitaar- en orgelsolootjes van Matt Friedberger. Zusje Eleanor knoopt daar weer die frisse vocals en vreemde teksten aan met een geslaagd, zij het ietwat minder bizar, album als gevolg. Rustiger, vooral dat.
U hoeft echter nog niet te denken dat The Fiery Funaces de nieuwe Yes of -godbetert- Coldplay zijn geworden, hun songs (hier ook vrij kort volgens hun doen) zijn immers in al hun creativiteit nog steeds lekker tegendraads en eisen nog altijd de nodige moeite bij de beluistering. Wees gerust, de hitparade lonkt echt nog niet.

Soulsavers

Broken

Geschreven door
Het derde album van Soulsavers is er terug eentje om van te snoepen. Deze uit het Noorden van Engeland opererende band van Richin Machin heeft een uniek samenwerkingsproject klaargestoomd met de uit LA residerende zanger Mark Lanegan. Een samenwerking die groeide van de vorige cd ‘It’s not how far you fall, it’s the way you land’ (2007). Het duo Machin - Glover verdiende eerder z’n sporen met hun Soulsavers Soundsystem van remix werk (o.a. Beastie Boys en Starsailor) en soundscapes voor series en  films. In 2003 verscheen de eerst ‘echte’ plaat, het elektronica getinte‘Tough guys don’t dance’, met o.a. Josh Haden van het toenmalige Spain als gastvocalist.
We horen prachtsongs die de basis rock –americana - soul – jazz - gospel en triphop hebben; De spannende dreiging en de diepgrauwe, krakende stem van Lanegan en diens teksten passen ideaal in de Soulsavers outfit. Daarnaast zijn er nog een handvol bijzondere gasten: op de rauw rockende “Death bells” en “Unbalanced pieces” komen enerzijds Gibby Haines (Butthole Surfers) en anderzijds Mike Patton langs en Jason Pierce van Spiritualised neemt het orkestrale “Pharaohs chariot” voor z’n rekening. Een glansrol is weggelegd voor de Australische ontdekking Rosa Agostino, luster maar eens naar de sfeervolle “Praying ground” en “By my side”. Na Isobel Campbell scoort ze goed op de duets “You will miss me when I burn” (van Will Oldham geschreven btw!) en “Rolling sky”. “Some misunderstaing” van Gene Clark van The Byrds werd nieuw leven ingeblazen en kreeg een Crazy Horse solo mee. De twee instrumentals, “The seventh proof” en “Wise blood” grijpen terug naar de filmische soundscapes van het Soulsavers avontuur.
’Broken’ is een spannende, intens broeierige plaat die breekbaar pakkende stukken heeft en de knappe collaboratie onderstreept van het duo Machin - Glover, de band en z’n gastartiesten, met Lanegan en Agostino voorop!


The Temper Trap

Conditions

Geschreven door

Het uit Melbourne afkomstige The Temper Trap heeft na hun titelloze debuut EP van drie jaar terug een ijzersterk debuut uit, ‘Conditions’. In eigen land werden ze al sterk ontvangen omdat songs van de EP gebruikt werden in tv series en bioscoopfilms. De doorbraak gebeurt nu iets vlotter door het feit dat de band naar Londen verhuisde en terecht in de spotlights mag komen. We horen op hun debuut groots bezwerende, dromerige poprock, die door doordreinende, krachtige ritmes en een brok psychedelica en bombast voortgestuwd worden. Ze steken voldoende afwisseling in hun sferisch broeierige, catchy nummers. Meer dan overtuigend klinken “Rest”, Down river”, “Soldier on”, “Fools”, Science of fear” en de single “Sweet disposition”. Spil Dougy Mandagi kan hoog uithalen in z’n falsets, en stapt moeiteloos over in een meer directe, rauwe zang, zoals in “Resurrection”. Het lekker mee neuriënde “Fader” geeft dan de eenvoud weer van energieke poprock. In hun sound zijn er duidelijk referenties naar het oude U2, Glasvegas, TV On The Radio en Bloc Party. Voor de productie deden ze beroep op Jim Abbiss (die al instond voor Arctic Monkeys, Unkle, Adele en Bjork).

Wintersleep

Welcome to the night sky

Geschreven door

Danig onder de indruk zijn we toch van het Canadese Wintersleep, die al toe zijn aan hun derde cd; deze plaat laten we niet onopgemerkt aan onze neus voorbijgaan. We horen in de songs een duidelijke variatie van dromerig, ingetogen en krachtig dynamisch werk. Het zijn songs die er duidelijk staan,  van een lief, zacht naar een intens hardere, spannend bezwerende opbouw. De gitaren, piano, toetsen en Paul Murphys diepe vocals zijn de barometer van hun frisse boeiende sound.
Wintersleep barst van de potentie, ze geven hun sfeervol materiaal een stuwende wave ondergrond mee. Ze trekken meteen de aandacht met een broeierige “Drunk on Aluminium” en een snedige “Archaeologists”. De daaropvolgende “Dead letter & the infinite yes” en “Weighty ghost” klinken sfeervoller en hebben een folky tint. Maar sterk overtuigd zijn we van het opbouwende “Murder”, “Laser beams”, het langgerekte -van postrock ontdane – “Miasmel smoke & the yellow bellied freaks” en het in wave gesmoorde “Oblivion”. Wintersleep houdt het bij de Canadese scène van Arcade Fire, maar giet er een flinke scheut Editors en Interpol op!

The Flaming Lips

Embryonic

Geschreven door

De weirdo’s van Flaming Lips hebben hun recentste album opgenomen op Mars en hebben daar overvloedig aan de paddestoelen gezeten. Het resultaat is even vreemd als wonderlijk. Zelfs voor een band die van geschifte muziek zijn handelsmerk gemaakt heeft, is dit nog een op zijn minst gezegd buitengewone plaat geworden. Maar het mag dan al een ongewoon album zijn, het ding werkt enorm verslavend. Wayne Coyne, die zich hier ontpopt als de muzikale bastaardzoon van Syd Barret en Captain Beefheart, gaat weer volledig zijn eigen weg en begeeft zich op paden waar nog nooit iemand gekomen is, of ’t moeten dan toch buitenaardse wezens geweest zijn. Coyne gaat meermaals aan het zweven in zijn songs die doorspekt zijn van allerhande spacy vreemde geluidjes, bliepjes en Tarzan kreten. Wat hij hier allemaal staat te verkondigen, weet hij waarschijnlijk zelf niet goed meer, maar het resultaat is even geflipt als boeiend. Traditionele nummers met een kop, een staart en middenrif zijn ver te zoeken, meezingbare refreintjes zijn al helemaal niet te vinden.
Openers “Convinced of the hex” en “The sparrow looks up at the machine” komen nog het dichtst in de buurt van een laat ons zeggen traditionele songstructuur. Het zijn twee fantastische ongeslepen diamanten.
De overige songs mogen lekker piepen, kraken en heerlijk ontsporen, doch ze klinken vooral magisch en avontuurlijk. Zo is het zweverige “Evil” een spacy pareltje, net als “Powerless” dat ondermeer dankzij een gebroken VU- gitaartje een wondermooi brokje emotie is. De gitaren gaan prettig gestoord de meest vreemde richtingen uit in het instrumentale“Aquarius sabotage” en “The Ego’s last stand”, en ook de keyboards hebben aan de acid gezeten in “Worm mountain” en “The Impulse”. De ganse plaat is eigenlijk één buitenaardse trip.
‘Embryonic’ is juist daarom zo goed, omdat je duidelijk hoort dat Flaming Lips hier volkomen hun eigenzinnige goesting gedaan hebben. Ook de productie is rauw en heel open, wat doet blijken dat er niet echt een buitenstaander aan dit kunstwerkje heeft gesleuteld. Was ook absoluut niet nodig.
Het album duurt dik 70 minuten, dus als u eens voor een goed uur van deze aardbol wil verdwijnen, treedt dan binnen in de geestesverruimende wondere wereld van Flaming Lips.

The Raveonettes

In out of control

Geschreven door

Het in LA en New York wonende Deense The Raveonettes, Sune Rose Wagner (zang/gitaar) en de bevallige Sharin Foo (bas/zang), zijn aan hun vierde cd toe, de in 2002 debuterende EP ‘Whip it on’ niet meegerekend. Ze vielen toen op met hun versmelting van ‘60’s gitaar garage rock’n’roll en ‘80’s wave met distortion en feedbackgeraas. Wat hen meteen linkte aan Jesus & Mary Chain, BRMC, The Cramps en Blondie. Door de jaren werd hun sound subtieler en verfijnder, en werd het geluid getypeerd als een soort ‘road movie’ en kauwgomballenpop door de typerende broeierige ‘60’s rock’n’roll stijl, dito gitaargetokkel en de zweverige samenzang. Meer en meer kwamen iconen als The Ronettes en terecht Duane Eddy om de hoek kijken.
De drie vorige cd’s ‘Chain gang of love’, ‘Pretty in black’ en ‘Lust lust lust’ hadden goede dromerige en wervelende songs , maar de ‘jus’ was er toch een beetje van af . Ook de nieuwe cd ‘In out of control’ balanceert tussen een vrolijke en donkere sound, een mix van oud en nieuw in die ‘60’s stijl. Het klinkt allemaal leuk, ontspannend maar ook ingetogen. Zo hebben we de lekker in het gehoor liggende “Bang!” en “Gone forever”, kunnen ze sfeervol en dromerig zijn op de niet voor de hand liggende meezingers “Last dance”, “Boys who rape should all be destroyed”, “Suicide” en “Drugs”, grijpen ze terug naar de ‘80’s wave op “Heart of stone” of durven op een nummer als “Break up girls!” rauw noisy en pittig gekruid te klinken en verwennen ze op die manier de huidige generatie shoegaze fans. Voor elk wat wils dus en goed bevonden, maar ook niet meer dan dat …

Vivian Girls

Everything goes wrong

Geschreven door

De drie rockchicks van Vivian Girls uit NY, zijn misschien wel bloedverwant met de moeder aller rockchicks Kim Gordon; hun sound refereert duidelijk aan Sonic Youth en de ‘90’s vrouwbands als Hole, L7 en PJ Harvey. Ze brengen een frisse wind in navolging van andere andere meidengroepen Shonen Knife en Sleater-kinney.
We horen in een kleine veertig minuten dertien strakke, energieke en opbouwende songs. Spannend en bedreven songmateriaal, met lekkere compromisloze gitaarlicks en –hooks in een Ramones stijl; luister maar eens naar de rechttoe-rechtaan stijl van “Walking alone at night”, “I have no fun”, “The desert” en “Out for the sun”. De groep neemt was gas terug en overtuigt met enkele opbouwende nummers als “Tension”, “I’m not asleep” en “Double vision”. En ze zijn niet vies van de huidige lichting shoegaze van leeftijds- en streekgenoten The pains of being pure at heart, te horen op“The end” en “When I’m gone”.
‘Everything goes’ wrong’ geldt alvast niet voor de knallende, bruisende muziek op de plaat!

Rupa & The April Fishes

Esta Mundo

Geschreven door

Rupa & The April Fishes is een multiculturele band die op anderhalf jaar tijd twee leuke, frisse en charmante platen uitheeft. Al kon de band rond de charismatische, maar kritische Rupa Marya in 2008 nog niet doorbreken met ‘Extraordinary rendition’, dan moet dit zeker lukken met deze opvolger. Rupa Marya is een Indische vrouw die opgroeide in Frankrijk en Noord –Amerika en is momenteel met haar veelkoppige band gehuisvest in San Franscisco. Muzikaal horen we de meertalige teksten in een gezellige ‘mishmash’ van zigeunermuziek, Balkan en chanson binnen een groovy, sfeervolle melodie. Bands als Devotcha, Oi Va Voi, Beirut, Les Negresses Vertes en Manu Chao sluipen om de hoek, maar we kunnen ook niet omheen een vleugje ‘Doe maar’ Nederpop en ons Vaya Con Dios. Ze brengen dit in een breed instrumentarium van blazers, cello’s, accordeon, hobo, contrabas, gitaar en drums.
Ook de teksten en de groepsnaam hebben een bijzonder verhaal: tekstueel is er de veroordeling van cynisme, egoïsme en de terugkeer naar menselijkheid, mededogen en samenhorigheid. April Fish is de Amerikaanse verbastering van wat in het Engels ‘April fool’ wordt genoemd: een idealist, een mens die zo geraakt wordt door de bloesems en beloftes dat hij denkt dat alles mogelijk is, ook al is het onmogelijk; blijven geloven dus, ook als die om je heen ver te zoeken is. Met songs als “Por la frontera”, “Culpa de la luna”, “Soledad” en “Soy payaso” moet het lukken om een breder publiek aan te spreken. Maw deze Rupa & The April Fishes zijn alvast een mooie ontdekking!

Yo La Tengo

Popular Songs

Geschreven door

Het uit Hoboken, NYC, Usa afkomstige trio Ira Kaplan (gitaar), vrouwlief Georgia Hubley (drumster, knipoog naar Moe Tucker van V.U.) en James McNew op bas, hebben al ruim twintig jaar een eigen unieke kijk op de gitaarpsychedelica, ontsproten uit de‘70’s VU en de ‘80’s Feelies.In moderne termen noemt deze stijl nu indierock, waarbij het trio vooral de weg van een poppy dromerig, loungy en uiterst sfeervol geluid is ingeslagen.
We horen op het recente ‘Popular Songs’ (dertiende cd?) overwegend repetitief opbouwend, onschuldig, ingetogen materiaal. De eerste songs behouden onze aandacht “Here to fall”, “Avalon or someone very silmilar”, “By two’s” en “Nothing to hide”, de meest overtuigende song van de plaat, door z’n broeierig rockende opbouw. Voor de rest kabbelt het trio rustig voort, en balanceren ze tussen aangenaam luistervertier en verveling. In de vocals ondersteunt het echtpaar elkaar of wisselen ze elkaar af!
Pas op het eind begint het leuker en spannender te worden met drie marathonsongs op rij: “More stars than there are in heaven” is z’n titel meer dan waard, het instrumentaal filmisch aandoende “The fireside” volgt en outfreaken doen ze als vanouds met een jammende distortionrocksong “And the glitter is gone”, waarbij we een Kaplan voor ons zien loos gaan op z’n elektrische en akoestische gitaar, de pedaaleffects eens stevig indrukt of het geluid verblijdt door vervorming tegen z’n versterker.
’Popular Songs’ brengt ons minder in beroering dan het drie jaar oude ‘I’m not afraid of you and I will beat your ass’. Oh ja, in aanloop van deze cd brachten ze nog de EP ‘Fuckbook’ in een serie ‘Condo fucks’ met eerder onbeduidende covertjes van Ray Davies, The Troggs en Richard Hell.
Dit voorjaar zagen we hen aan het werk als een ‘freewheeling Yo La Tengo’, die muzikaal entertainment koppelde in talking – enjoying – playing. Maar wij houden het graag op dromerige indie meets garagerock’n’roll meets noiserock. 

The Decemberists

The Hazards of Love

Geschreven door

The Decemberists uit Portland, Oregon wisten door te breken met ‘Picaresque’ uit 2006, wat garant stond voor knap gearrangeerde, sfeervolle en broeierige pop met een folky ondertoon. Het bracht hen ergens tussen Pink Floyd, Belle & Sebastian, Arcade Fire en Sons & Daughters. ‘The Crane Wife’ uit 2007 werd muzikaal vertolkt in een drieluik van freefolkende pop, een volgende stap in hun oeuvre, waarin een oude Japanse volksvertelling over een gewonde kraanvogel schuilt. De tragiek die zanger/songschrijver Colin Meloy verhaalt, komt momenteel in een hoogtepunt door een regelrechte folkrockopera ‘The hazards of love’. E is geen sprake meer van songs op zichzelf (met uitzondering nog van “The rake’s song” die ze als single kozen!), maar ze vormen één concept in een combinatie freefolkrock, progrock en ‘70’s retro. Naast eerder genoemde invloedrijke bands kijken Fairport Convention en Jethro Tull om de hoek.
Het is een ambitieus werkstuk van een uur lang, dat vernuftig goed in elkaar zit. Een boeiende luistertrip die muziek verheft als een hogere kunst in 18 songs van melodramatiek en bombast; in een intens broeierige, dromerige opbouw horen we een groots meeslepende, breed uitwaaierende sound, die soms krachtiger klinkt.
Trouwens het verhaal van ‘The hazards of love’ draait ‘em rond een Shakespeariaans liefdesverhaal gebaseerd op een EP uit 1966 van de obscure Britse folkzangeres Anne Briggs. Shara Worden van My Brightest Diamond speelt een voorname rol als het karakter ‘The forest queen’ en ook Becky Stark (Lavender Diamond) en Jim Jones van My Morning Jacket doen mee . Het draagt tot wat Meloy allemaal in staat is om songs tot iets bovennatuurlijks en hemels lieflijk te maken!

Pagina 346 van 394