logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15470 Items)

The Fuzztones

Preaching to the perverted

Geschreven door

Toen mijn hoofdredacteur mij de nieuwe Fuzztones overhandigde dacht ik eventjes om hem van blijdschap te gaan kussen maar gelukkig voor hem bleef het bij een bescheiden bedankje.
Voor mensen die het nog niet mocht weten, The Fuzztones vernoemden zich ooit naar de gelijknamige gitaarpedaal en sinds 1980 kotst opperhoofd Rudi Protrudi vanuit hoofdkwartier New York zijn rock’n rolldemonen uit op zijn fans die hij vooral op het Europese vasteland lijkt te vinden.
Nou ja, het is weliswaar succes in de underground maar je zal geen enkele garagerockliefhebber tegenkomen die nog nooit van deze legende heeft gehoord, ook al beweerden kwatongen ooit dat deze heren niet meer dan een pubrockbandje waren.
Wij weten echter beter en aan hun ondertussen indrukwekkende discografie kan je sinds kort ook deze ‘Preaching to the perverted’ gaan toevoegen die uitkwam naar aanleiding van hun 30e verjaardag.
Ondanks de bovenstaande euforie vrezen we echter dat de brillantine in hun vetkuiven stilletjes aan verstijfd is geraakt want eigenlijk is deze cd, naar hun normen toch, eerder lauw geworden en dat geeft Rudi op een track als “Old” zelf ruiterlijk toe.
The Fuzztones lijken zowaar hun fuzz te hebben verloren. Maar goed, lauwe soep van een chefkok blijft nog steeds genietbaar.

Anna Calvi

Anna Calvi

Geschreven door

Toen we Anna Calvi aan het werk zagen in het voorprogramma van Grinderman hadden we het al meteen door, dit was een bijzonder vrouwmens waar we mooie dingen zouden mogen van verwachten.
Nu haar eerste plaat uit is wordt zij overal met zodanig veel lof overladen dat ze als het ware als een nieuwe godenkoningin wordt beschouwd. Te veel lof is nooit goed voor een mens, maar ’t is echt wel de moeite. We mogen hier gerust gewagen van een sterk en indrukwekkend debuut.
Calvi’s overtuigende stem klinkt soms wat theatraal maar gaat nooit over de schreef. Zo neigt ze soms naar PJ Harvey of Siouxsie in beteer tijden. Toch is het vooral haar zwevend gitaarspel dat blijft hangen. Dat horen we van meet af aan in de duistere en galmende bluesklanken van de instrumentale opener “Rider to the sea”. De zweverige gitaar kronkelt zich ook een weg doorheen het ingehouden en sfeervolle “No more words” en het bevreemdende “I’ll be your man”. Calvi schittert verder helemaal in het dromerige, ijle en uitermate fantastische “The Devil”, misschien wel de beste song op deze plaat.
Het begeesterende “First we kiss” had volgens ons niet misstaan op Jeff Buckley’s ‘Grace’ , en -misschien zijn we de enige- wij herkennen een flinke portie Chrissie Hynde op “Blackout”.
De spanning wordt tot aan het gaatje aangehouden, afsluiter “Love won’t be leaving” is nog zo’n intrigerende parel met een sluimerende gitaar en bezwerende vocals.
Dit is bijgevolg een schitterend debuut van een geweldige nieuwe madam aan het firmament van de indrukwekkende rockdames.
PJ Harvey kan maar beter opletten, diens nieuwe plaat ‘Let England shake’ heeft ons trouwens niet zo erg geraakt als dit hier. Wij hebben zo de indruk dat Anna Calvi haar grote voorbeelden niet alleen evenaart, maar ze ook nog eens smalend voorbijsteekt.

Deerhoof

Deerhoof vs Evil

Geschreven door

Deerhoof is een groep die het reeds 17 jaar weet vol te houden en ook al is er reeds van een personeelswisseling sprake geweest, is het ook steeds een band geweest die kon terugvallen op een vrij ruime fanbasis.
Op zich is dat wel vrij opmerkelijk want er zal geen mens hier op aarde rondlopen die ooit zal durven beweren dat Deerhoof als een makkelijk groepje klinkt want vaak moet je als luisteraar de releases ettelijke keren beluisteren vooraleer je de combinatie van de vele klanken kan ontrafelen en het weet om te vormen tot een luisterbaar geheel.
Beweren dat de nieuwe Deerhoof een poppy album geworden is, zou van het goede teveel zijn maar toch klinkt deze nieuweling een heel stuk toegankelijker ook al blijven we de Japanse kreetjes van Satomi Matsuzaki nog even bizar vinden als al die jaren terug. O ja, is de nieuwe Deerhoof nu goed? Laten we het houden op een leuk tussendoortje!

Matthew Dear

Black City

Geschreven door

Toepasselijke titel voor de plaat, want de Texaan brengt een donkere, zwarte toon in die electropopgroove en soundscapes. En met een even donkere stem, die soms uit de bocht durft te gaan en weird kan klinken, zoals we het kennen van Liars, dan wordt het helemaal spooky! Onderhuids is er de terechte referentie naar Brian Eno/David Byrne en Talking Heads . Vooral op “Shortwave” en “More surgery”.
De eerste songs “Honey”, “I can’t feel” en “Little people” zijn de barometer door de traag slepende,  repeterende ritmes en het broeierige, kosmische karakter. Toegegeven, niet alle songs houden die aandacht, zijn even intens en raken, maar het levert wel donkere, beklemmende elektronische popliedjes op. Hoewel hij al een paar platen uitheeft, was dit voor ons alvast een eerste aangename kennismaking!

Horse Feathers

Thistled Spring

Geschreven door

Wonderschone folk/americana met een orkestraal randje horen van het uit Portland, Oregon afkomstige duo Justin Ringle (sing/songschrijver) en multi-instrumentalist Peter Broderick. Dromerige, sfeervolle songs, die door akoestische gitaar, banjo en de zwoele, breekbare en hoge vocals van Ringle worden gedragen.
‘Thistled Spring’ is “een rustieke herfstplaat of voorziet de eerste Lichtmissen van extra klaarte. De heren haalden invloeden van de vorige generatie Great Lake Swimmers, en dringen zich op naast The Low Anthem en Fanfarlo.
De tien songs moeten niet voor elkaar onderdoen en zitten subtiel en fijnzinnig in elkaar. Horse feathers verdient het niet verzwolgen te geraken onder de vele bands van de folk/americana stijl …

Dominofestival 2011 – 15e editie, maar ook de laatste editie Domino

Geschreven door

Dominofestival 2011 – 15e editie, maar ook de laatste editie Domino

DOMINO # 15: DE NAMEN!
- 06.04.11 - Club staand - Touch. presents Mika Vainio + Hildur Gudnadottir + Thomas Ankersmit
- 07.04.11 - Club staand - Darkstar + Hype Williams + o0o00
- 08.04.11 -Box staand - ANBB (Alva Noto + Blixa Bargeld) + Meat Beat Manifesto + Cindytalk + Intangible States
- 09.04.11 - Theater zittend - Agnes Obel + Clare Louise
- 09.04.11 - Club staand Wu Lyf + The Beautiful Band + Spookhuisje
- 10.04.11 -Zaal staand Belle & Sebastian
- 11.04.11 - Zaal staand Battles + Dan Deacon + Oneohtrix Point Never + Factory Floor + Games
- 12.04.11 -Flex Staand en zittend - Jóse González & The Göteborg String Theory + Little Scream
- 12.04.11 Club staand The Art of Noise: Merzbow + Liturgy + Sightings

DOMINO # 15
Atika Masami - ofte: de Japanse noisegod MERZBOW – valt de eer te beurt om de laatste verschroeiende noten van de finale editie van Domino uit de Line-Array Speakers van de ABClub te laten weerklinken.

STOP! Hebben we dat goed gehoord? “… de laatste verschroeiende noten van de finale editie van Domino…”? Yep, het doek valt dinsdag 12 april onherroepelijk over het Domino-festival. En dat na 15 edities, verspreid over de periode 1999-2011 waar om en bij 400 eigenzinnige artiesten hun kunsten hebben vertoond.

En daar was vaak indrukwekkend schoon volk bij. Denk maar aan de – vaak eerste (indoor) shows - van o.a. Super_Collider (met superster Jamie Lidell), Sigur Rós, Battles, múm, Joanna Newsom, Skream, Feist, Lcd Soundsystem, Interpol, Sunn o))) of The Mars Volta. Allen acts die later het verschil zouden maken, op welke schaal dan ook.

Jamie Lidell werd een funkgod die met Elton John op tour ging door de US. Skream werd de vaandeldrager van dubstep en scoorde een top 10 hit in de UK met zijn remix van La Roux. Sigur Rós zou later Rock Werchter headlinen. Interpol opende onlangs nog voor U2. Mauro Pawlowski zou bij dEUS gaan spelen. Daan dubbelde nog met Dead Man Ray in ’99, maar zou later verschillende AB’s op rij uitverkopen.

Maar ook Dirty Three (met Warren Ellis van The Bad Seeds), John Parish, Patrick Wolf, Six Organs Of Admittance, Akron/Family, pianist Nico Muhly, Fennesz, Kode9, Mount Eerie en Jóhann Jóhannssen maakten indruk, speelden indringende shows en kregen speelkansen die ze niet vaak kregen. Toch maakten ze het verschil, hoe klein ook, in hun eigen niche.

En misschien zijn we zelfs nog trotser op de jaarlijkse Domino-cd’s die we compileerden en als mooie extra bij het Engelse maandblad The Wire (met die mooie subtitel ‘Adventures In Modern Music’) aanboden. Of ook op de bijzondere aandacht die we schonken aan al even avontuurlijke graphic designers middels expo’s. AB vulde daar een nood in, graphic designers gelinkt aan platenlabels raakten het gallerij-circuit niet binnen. The Wire had er een sluitend antwoord over “they’re linked to pop music and thus not conceived as art”. Wij vonden dat wel en boden o.a. Dennis Tyfus (Ultra Eczema), Raster_Noton, Jon Wozencroft (Touch.), Stephen O’ Malley en Kim Hiorthøy een platform.

Radio en televisiemaker Luc Janssen verklaarde ooit: “Domino programmeert genres voor ze een genre worden en weet de tijdsgeest goed te vatten”. Het mooiste compliment dat we ooit lazen over ons eigenste festival. Luc Janssen was dan ook de godfather van het vermaarde dwarse radioprogramma Domino Deel II dat liep van ’79 tot ’90 op BRT II. En niet toevallig was de naam Domino een eerbetoon aan Domino Deel II, het radioprogramma dat ons voor het leven muzikaal misvormd heeft.

Maar, we hadden het gevoel dat Domino té veel aan het verworden was tot een formule en de wijze woorden van onze inspirator indachtig, leek het ons beter in pure schoonheid te eindigen. Kill your darlings, niet? Ook dat is een kunst.

De programmatie van de finale Domino-editie is net rond en persoonlijker, dwarser én avontuurlijker dan ooit (Merzbow! Agnes Obel! Blixa Bargeld! Liturgy! Cindytalk!). Die geest van programmeren is inmiddels alweer aangewend voor andere projecten die later dit jaar het levenslicht zullen zien en op zijn beurt weer zullen uitgroeien tot iets moois en mogelijks even groot. Herbronnen. Ook dat is een kunst.

Verbaas u dus niet dat we het nieuwe stadsfestival Autumn Falls in de toekomst zullen laten uitgroeien tot een meerdaags stadsfestival. Ook is een nieuwe zusterreeks rond ‘noise vs verstilde pracht’  in de maak. ‘The Art Of Noise’ vs ‘New Composers Series’ ziet dan ook dra het levenslicht. Die eerste krijgt trouwens op Domino zijn aftrap met optredens van o.a. Merzbow en Sightings.

U dacht toch niet dat we zouden stilzitten? Kurt Overbergh

DOMINO # 15: de artistieke krachtlijnen
De finale editie van het Domino festival verwelkomt ruwweg een 30-tal artiesten, verspreidt over een 7-tal dagen. Wij kunnen ze voor u inmiddels vlekkeloos zonder spiekbriefje in alfabetische volgorde voor u aframmelen. De headliners (BATTLES, BELLE & SEBASTIAN, AGNES OBEL, BLIXA BARGELD, JOSE GONZALEZ,…) haalt u er zelf meteen uit. Maar laten we toch eerder een constructieve voorzet geven en de achterliggende rode draad even haarfijn in kaart brengen. Of toch nog eerst even dit:
’99. De eerste Domino-editie wordt op poten gezet. Uit nostalgie doken we nog even in onze archieven. We vonden een mapje terug met de gevoerde communicatie. Schrik niet: het mapje zat boordevol faxen.
’11. De finale editie van Domino wordt op poten gezet. We lezen maandelijks ons lijfblad The Wire. Gaan naar All Tomorrow’s Parties (Minehead, UK), SXSW (Texas, Us) en pikken in ons Belgenlandje zoveel mogelijk shows mee. MySpace, Facebook, YouTube, Pitchfork (de categorie ‘Best New Music’), Boomkat en Kindamuzik zijn onmisbaar. Maar vooral insider tips helpen ons (dank u Mauro Pawlowski voor Liturgy!). Net op het moment dat we denken mee te zijn, voelt het aan om van nul te beginnen. Plots is er witch house, hypnagogic pop, post dubstep, we lezen Ruis (we zijn fan, maar zoeken raakpunten) en net als we Pitchfork bijna doorploegd hebben, kan je aan hun schaduwsite ‘Altered Zones’ beginnen.

Noem Domino # 15, het resultaat van deze werkethos. We zetten de lijnen dan ook graag voor u uit.
1. Recht van het internet, het podium op.
Christopher Greenspan - de man achter witchhouse act oOoOO – heeft het meteen bij het rechte eind: “I feel like so much of music development happens online now. Kids in Florida or Paris can seek out whatever music they want, and bands around the world can seek out like-minded artists from anywhere for inspiration.”
Neem WU LYF. Nog geen enkele officiële release uit, maar de buzz rond hen is inmiddels enorm dankzij een resem tracks die op het net circuleren. Ook The Guardian merkte hen op: “They're baffling. Wu Lyf are fucking brilliant.". Idem dito voor HYPE WILLIAMS. De man zou rond deze tijd zijn eerste album moeten releasen, maar de buzz rond deze al even mysterieuze act ontstond op het net.
Ook THE BEAUTIFUL BAND (met o.a. Ignatz in de gelederen) pikten we op op het net. Net als het intrigerende Brusselse SPOOKHUISJE. Een release? Niet eens gepland. Vroeger zou het een obstakel zijn, nu een ongedwongen voordeel.

2. Witch house, post dubstep en hypnagogic pop. Bent u nog mee?
Het is de taak van Domino om de tijdsgeest te vatten. En in die tijdsgeest waait witch house, post dubstep en hypnagogic pop rond. Heerlijk om u te verdiepen in nieuwe subgenres, zoals we dat in het verleden al deden met dubstep of funky.
Naast Salem, Creep, Balam Acab en White Ring is oOoOO (spreek uit: ‘oh’) één van de vaandeldragers van het witch house genre. Tenzij u het liever drag house of haunted house noemt. Zeg maar: een mysterieuze mengeling van r&b, dubstep, electro, drugs en hekserij. Witch house haalde het zelfs in De Morgen als een van dé woorden die 2010 bepaalden. Reden genoeg om oOoOO op Domino uit te nodigen.
Post dubstep troef de laatste maanden. Zeg maar artiesten die het recente erfgoed van Skream en Benga hoog in het vaandel dragen, maar er een musique concrète of popswitch aan geven. Zo is er binnenkort coming man James Blake die aan de rand van de grote doorbraak staat. Ook Mount Kimbie ent zich op de dubstep sound, maar knabbelt aan musique concrète. Het meest poppy van allemaal is de quasi popband DARKSTAR die schitteren op Hyperdub, de heilge graal van de futuristische dub. En dan noemde de BBC hen nog sadstep ook. The next big thing?
En dan is er nog Hypnagogic Pop, een uitvindsel van The Wire. Als hulp alvast deze auditieve tip: luister online naar de door Boomkat samengestelde compilatie ‘Hypnagogic Heat Haze’  (denk Ariel Pink, Pocahaunted, Sun Arraw,…). Waar waren we? Hypnagogic pop? Volgens The Wire “music that reaches beyond its performers' abilities. It refashions 80s chart pop-rock into a hazy, psychedelic drone. It is listening to Beverly Hills Cop and hearing the music of the spheres. It is the sound that remains after the boys of summer have gone". En ook deze golf willen we niet mislopen. Domino verwelkomt dan ook met plezier HYPE WILLAMS en ONEOHTRIX POINT NEVER. U beslist. Top of terug naar af.

3. The Art Of Noise. L’Arte Dei Rumori.
In 1913 schreef de Italiaan Luigi Russolo zijn futuristisch manifest THE ART OF NOISE (L’Arte Dei Rumori). Russolo bouwde tevens muziekinstrumenten waaronder de Russolofoon alsook ‘intonarumori’ ofte ‘lawaaimachines’. Moest hij niet in ’47 gestorven zijn, dan zou hij zich anno ’11 heerlijk laven aan de Japanse noise God MERZBOW of aan het Brooklynse SIGHTINGS. Noise was de afgelopen edities overigens eerder een onderliggende constante dan uitzondering. Denk maar aan de passages van Lou Reed (met ‘Metal Machine Music’), Black Dice Of Wolf Eyes. The Art Of Noise wordt overigens meteen een nieuwe reeks die het underground noise genre een platform te AB zal geven.

4. Elektronica troef.
Verfijnde, niet dansbare, elektronica is een ander constante geweest tijdens Domino de afgelopen edities. En dat is nu niet anders. Denk maar aan transgenderist CINDYTALK, ooit nog zij aan zij bij This Mortal Coil en Cocteau Twins. Nu aan een tweede leven bezig via het straffe Weense elektronica label Editions Mego (zie ook: Emeralds, Bill Orcutt, Oneohtrix Point Never,…). Ook ALVA NOTO – onze grote minimale elektronica held – passeert te AB. Zijn label Raster_Noton (inmiddels worldwide een graag geziene gast in kunstgallerijen) was jaren geleden al een centrale gast, helaas echter zonder zijn aanwezigheid.
Ook te gast: het topnotch elektronica-label TOUCH dat met MIKA VAINIO (Pan Sonic), de Ijslandse celliste HILDUR GUDNADÓTTIR en met Nederlander THOMAS ANKERSMIT een droomaffiche aflevert.

5. Speciale projecten annex samenwerkingsverbanden.
Geen mooier droom als concertzaal om samenwerkingsverbanden te zien gebeuren of op te zetten. Neem nu ALVA NOTO en BLIXA BARGELD. Reeds jaren lang fan van elkaars werk en pas in ’10 resulteerde dit in een straf naslagwerk: het album ‘Mimikry’. Geen mooier moment dan Domino om hen samen op een podium te zien.
Ook JOSÉ GONZÁLEZ doet het in samenwerkingsverband met het twintigkoppige GÖTEBURG STRING THEORY. We zijn nu reeds benieuwd hoe zijn versies van ‘Teardrops’ (Massive Attack) en ‘Heartbeats’ (The Knife) in deze bezetting zullen klinken.

6. Tot slot: eer het Domino-verleden!
Het zou van oneerbiedigheid getuigen om bij de laatste Domino-editie geen knipoog te geven naar het eigen Domino verleden. U kan zelf heerlijk kwissen, maar laten we alvast een voorzet geven.
Een avond rond het straffe – bijna 30 jaar aktieve – Touch.-label is een ferme knipoog naar de expo die we deden in ’05 rond het werk van JON WOZENCROFT, labeleigenaar en inhouse designer van Touch. Het Berlijnse minimale elektronica label RASTER_NOTON stond expo-gewijs dan weer centraal in ’07 (net als een avond rond het label met o.a. Kanding Ray en Olaf Bender,…). We zijn dan ook blij founding father ALVA NOTO te mogen verwelkomen.
Hetgeen ons vlekkeloos naar BLIXA BARGELD en EINSTÜRZENDE NEUBAUTEN leidt. Zij stonden hier niet minder dan twee keer voor een uitverkocht huis. Net als het populaire BELLE & SEBASTIAN dat reeds in ’04 op Domino aantrad.
Ook BATTLES is een ‘ouwe getrouwe’ en debuteerde fenomenaal op Vlaamse bodem tijdens Domino in ’06. Nog een laatste knipoog: THE BEAUTIFUL BAND herbergt IGNATZ en leden van R.O.T. Ook allen eerder waardevolle Domino-gasten.

Info http://www.abconcerts.be

The Black Angels

The Black Angels - Waar de sixties en the eighties elkaar treffend vinden

Geschreven door

The Black Angels hebben met hun derde worp ‘Phosphene dreams’ wijselijk niet voor een drastische koerswijziging gekozen. Het album kan eerder als een logisch gevolg beschouwd worden op het ijzersterke debuut ‘Passover’ en diens voortreffelijke opvolger ‘Directions to see a ghost’. Zo heeft de band zich een eigen donker en bezwerend geluid toegeëigend gebouwd op sixties funderingen van Velvet Underground, Doors en vroege Pink Floyd en voorzien van een onderhuids eighties glazuur van Joy Division, Cramps en Spacemen 3. En als je op vandaag op zoek moet gaan naar bands die even begeesterend klinken, wendt u dan in de richting van Woven Hand, Nick Cave & The Bad Seeds en Interpol.

Met hun drie albums kon het vijftal terugvallen op voldoende sterk materiaal om een gans optreden te blijven boeien, zo bleek in een aardig volgelopen Aéronef in Lille.
De band dompelde ons van meet af aan onder in een donkere, meeslepende psychedelische sfeer met gretige sixties invloeden. De op het eerste zich schuchter lijkende zanger Alex Maas zat weer diep onder zijn pet verscholen maar toch kwamen zijn Jim Morrison demonen geregeld de kop opsteken. Zijn bezwerende zangpartijen vonden perfect hun gading onder het beklemmende en verslavende geluid die de band creëerde.
De drie openers op de nieuwste plaat, “Bad vibrations”, Haunting at 1300 Mc Kinley” en “Yellow Elevator” waren ook de eerste sfeerzetters voor deze avond, de band zou ons vervolgens vanaf een splijtend “ The Sniper at the gates of heaven” alleen maar heviger meesleuren in hun verzwelgende sound.
Wij lieten ons compleet meedrijven door de machtige onderhuidse spanning van het fantastische “Mission district” of door de donkere bastonen van “Science killer” en “Black Grease”.
Opvallend ook hoe The Black Angels ruim graaiden uit hun imposante debuutplaat (maar liefst 7 songs) en met geweldige versies van “Young men dead”, Bloodhounds on my trail” en “Manipulation” het concert op het einde naar een nog hogere dimensie stuwden.
Een verslindend “You on the run” zette als derde bis nog wat extra stoomkracht bij en The Black Angels deden bij wijze van pittig slot de sixties in ware Beatles stijl herleven met een uiterst vitaal en puntig “Telephone”.

Een bruisend optreden badend in galmende gitaren en meeslepende sixties psychedelica, en we hadden hoegenaamd geen zwaar gerief nodig om ons volledig te laten inpalmen (hooguit een zestal pintjes).

Organisatie: Aéronef, Lille (ism Radical Prod)

Richard Thompson

Feel so good as Richard Thompson

Geschreven door

Volgens ‘Rolling Stone’ staat Richard Thompson op de 19de plaats van beste gitaristen allertijden. De ondertussen 61 jarige Britse muzikant was de medeoprichter van de folkrockband ‘Fairport Convention’. Na enkele platen met zijn ondertussen ex-vrouw Linda heeft Richard Thompson al handen vol soloplaten uitgebracht. De man zijn laatste plaat ‘Dream Attic’ van vorig jaar werd onthaald met lovende kritiek. De live nummers werden vorige jaar opgenomen tijdens een Amerikaanse tournee. De klasse-gitarist gekenmerkt door zijn onafscheidelijke baret, trekt momenteel doorheen Europa, samen met zijn uitstekende band. Michael Jerome (drums), Taras Prodaniuk (bas), Joel Zifkin (viool en mandoline) en vooral Pete Zorn (gitaar, fluit, sax, mandoline).

De set was opgedeeld in 2 delen. Het eerste deel bestond enkel uit nummers uit zijn laatste plaat ‘Dream Attic’. Met uitzondering van een 3tal nummers werd de plaat volledig gespeeld.
Met “Money shuffle”, een uithaal naar de ‘bastaards’ in Wallstreet, opende hij het 2 uur durende optreden. De bindteksten tussen de nummers hadden iets van een ‘stand up comedian’. Zo kondigde hij zelf spottend aan om in het 2de deel zijn hits te spelen. (… tijdens zijn meer dan 40 jaar durende carrière heeft hij maar 1 hit(je) op zijn palmares nl. “I feel so good”). Hoogtepunten in het eerste deel waren “Demons in het dancing shoes” en vooral “Sydney Wells”, folk (sax en viool) en rock (elektrische gitaar) verweven in één nummer.

Na de korte pauze putte Richard uit zijn uitgebreid oeuvre van meer dan 40 jaar muziekgeschiedenis. Hij koos vooral nummers geschreven in de jaren ’70 en ’80. Met uitzondering van “I’ll never give it up” van de uitstekende plaat ‘Sweet warriors’ uit 2007.
“Tear stained letter” en afsluiter “I want to see the bright lights tonight” waren verbluffend, maar hoogtepunt van de avond was hier “Can’t win” … de gitaarsolo’s die hij uit zijn gitaar toverde, waren verbluffend.
In de uitverkochte Ancienne Belgique genoot vooral een ouder publiek van het fantastische gitaarwerk van de meester.

Richard Thompson is het levende bewijs dat je geen hits nodig hebt om het publiek een gans optreden te boeien.

Setlist: The Money shuffle / Among the gorse, among the grey / Haul me up / Demons in her dancing Shoes / Crimescene / Big sun falling in the River / Stumble on / Sidney Wells / A brother slips away / If love whispers your name
The angels took my racehorse away  / Can’t win / One door open / Al Bowlly’s in heaven / I’ll never give it up / Wall of death / Tear stained letter // The Calvary  Cross / I want to see the bright lights tonight

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Colour Haze

Elektrohasch Label Night - Uitgerookt na ‘Up in Smoke, Vol. I’ – Colour Haze

Geschreven door

Onder de noemer ‘Up in Smoke, Vol. I’ organiseert het Sound of Liberation Agency een Elektrohasch label night. Het is een mini stoner roadfestival dat naast Engeland ook Duitsland, Zwitserland, Frankrijk, Nederland, Oostenrijk, Kroatië en Denemarken aandoet gedurende de maand februari. Ons landje werd niet vergeten en het was Het Depot in Leuven dat de eer had om dit festival te hosten.

Sardonis werd vorige zaterdag te elfder ure opgetrommeld om Hypnos 69 te vervangen. Laatstgenoemde band verdween in extremis nog van de affiche door een acute ziekenhuisopname van gitarist en boegbeeld Steve Houtmeyers. Het tweekoppige monster uit Limburg toonde zich een waardig vervanger. Sardonis is een instrumentaal duo dat zich bedient van loodzware sludgemetal en dreunende doom, doorspekt met snedige, aanstekelijke riffs. Gitarist Roel Paulussen (gehuld in een Corrosion of  Conformity T-shirt) ramde zijn snaren tot bloedens toe en drummer Jelle Stevens geselde zijn drumkit en cimbalen in ware Romeinse stijl. We onthouden volgende mokerslagen: “Skullcrusher AD”, “Thor” en “Nero d’Avolo”. Een wall of sound deed Het Depot trillen op zijn grondvesten. Menig langharig werkschuw tuig kon het niet laten om op deze openingsact de haren de vrije teugels te geven. Een band waar we nog veel van zullen horen in de toekomst. Zwarte honing voor de ziel!

Door het wegvallen van Hypnos 69 werden de Hollanders van Sungrazer een plaatsje vooruit geduwd op de line-up. Nederlands stoner-hoop in bange dagen kruisten we voor de eerste maal in een uitzending van De Wereld Draait Door op Nederland 3, begin februari 2010 en we waren direct verkocht. Het nam direct een vaart, daar ze later Pinkpop 2010 mochten opluisteren en op het einde van 2010 zelfs het voorprogramma van Karma To Burn toebedeeld kregen tijdens hun laatste Europese tournee. Het drietal uit Nederlands Limburg had er duidelijk zin in en trakteerde ons op een lange hypnotiserende powertrip (Dutch Style). Oergroep Kyuss was nooit veraf. Orgelpunt van hun set was het schitterende “Common Believer”. Gitarist Rutger Smeets, bassist Sander Haagmans en drummer Hans Mulders verlieten met een big smile en onder luid applaus het podium. De avond kon nu al niet meer stuk!

Het uit Berlijn afkomstige Rotor deed er nog een schepje bovenop. Het drietal neohippies op mescaline gaven het publiek een psychedelische intergalactische rondreis van een uur. De band werd in 1998 opgericht en bracht sindsdien al 4 full albums uit. Op het album ‘4’ waagden ze zich zelfs aan een cover van The Obsessed (“Neatz Brigade”), waardoor ze zelfs het privilege hadden om levende legende Scott ‘Wino’ Weinrich (Saint Vitus, The Obsessed) als gastzanger op het podium te hebben tijdens het South of Mainstream festival in 2010 en dit tot groot jolijt van het publiek. Ze zijn een vaste waarde op menig stonerfestival, waaronder het legendarische Siciliaanse ‘Duna Jam’-festival in 2008, waar menig stonerhead ooit eens in zijn leven moet aanwezig zijn geweest! Hoogtepunten in hun instrumentale set waren: “Drehmoment”, “Klar Schiff” en het sublieme “Auf’s Maul” wat hun gebalde set samenvatte: recht voor de raap! Het publiek werd meegezogen langs zwarte gaten, wormgaten en menig sterrenstelsel om na een groot uur terug te keren naar Moeder Aarde, meer bepaald Leuven. Klasse!

Hoofdact van de avond, Colour Haze, had de moeilijke taak om dit alles nog te overtreffen.
Ondertussen was de zaal doorrookt van ‘de kruiden Gods’ en had deze meer weg van een Amsterdamse coffeeshop dan van een Belgische concertzaal. Maar wat voor onmogelijk werd gewaand, werd toch werkelijkheid. Het drietal uit München stak met hun unieke stonersound nog een tandje bij.
Blootsvoets toverde gitarist Stefan Koglek enerzijds de warmste psychedelische klanken uit zijn instrument om dan over te schakelen op een distortion van jewelste. Drummer Manfred Merwald roffelde rijke drumslagen uit zijn kit en bassist Philippe Rasthoffer ondersteunde dit alles met melodieuze en hypnotiserende baslijnen. Colour Haze bracht de kers op de taart. Ogen dicht en meegesleept worden op een aaneenschakeling van aardse klanken om dan richting einde universum te trekken in songs (eerder mini-trips) die nooit onder de zes minuten afklokten. De songs ontluikten zich één voor één tot psychedelische parels naarmate ze hun eindpunt bereikten. Hoogtepunt van deze schitterende set was het magistrale “Tempel”. Het publiek lustte er wel pap van en gaf dit dan ook ten overvloede te kennen. Colour Haze bleek de ideale afsluiter van een over de ganse lijn met glans geslaagde stoneravond.

Voor de afwezigen – die dus weeral ongelijk hadden – en die alsnog deze schitterende line-up live aan het werk willen zien: een trip richting Nederland of Duitsland is de enige dichtstbijzijnde mogelijkheid! Alle info betreffende deze en volgende tour (‘Up in Smoke, Vol. II’ in april) vind je op http://www.soundofliberation.com/index.php/up-in-smoke.html Check it out!

Organisatie: Sound of Liberation Agency ism Depot, Leuven

Kylesa

Kylesa - Metal zonder oogkleppen

Geschreven door

Kylesa is een aangename frisse wind in metalland, dat hadden we al door met het verschijnen van de fantastische mokerslag ‘Spiral Shadow’, een dijk van een plaat (check gerust nog eens onze recensie bij cd reviews). Of ze dat uitmuntend staaltje met evenveel allure en power op een podium zouden kunnen brengen, was de hamvraag voor vanavond in de Vk*. Een volmondig ja, zouden we durven antwoorden.

Kylesa speelt metal zonder oogkleppen, in de voetsporen van bands als Baroness en Mastodon, met een knipoog naar grunge, stoner en indie. Een frontman (zanger/gitarist Philip Cope) én een frontvrouw (zangeres/leadgitariste en vrouw met ballen Laura Pleasants) verdelen de vocals netjes onder mekaar en zorgen voor een knappe variatie van schreeuwerige en puntige vocals. Ze worden in de rug gesteund door maar liefst twee drummers die zorgen voor een indrukwekkend vettig en vol geluid. De songs zijn voorzien van een sterke opbouw en kleuren via geslaagde ritme- en tempowisselingen meer dan één keer buiten de vooropgezette lijntjes van het metalgenre. Bovendien zit Kylesa er ook niet om verlegen om een vette streep psychedelica in hun muziek te wurmen. Dat is juist de sterkte van de band, ze blijven verrassen in alles wat ze doen. Ze hebben tonnen power en agressie in hun onderbuik zitten, maar hun sound staat ver weg van het oeverloze luidruchtige gebral die veel inspiratieloze metalbands kenmerkt (onder hen ook het Noorse Okkultokrati, het zeer bedenkelijke voorprogramma van vanavond).

De te korte set (amper een uurtje) van Kylesa is dan ook zeer overtuigend en smaakt naar meer. Wij voorspellen de groep nog een mooie toekomst, als ze tenminste niet tussen twee watertjes vallen. Want net omdat zij zo een verfrissend en gevarieerd geluid brengen zou het wel eens kunnen dat ze te alternatief klinken voor metalfans en te metal voor selectieve muziekfreaks. Wij zijn, samen met alle andere gegarandeerd overtuigde aanwezigen in de Vk, in ieder geval al verkocht.

Organisatie: Vk*, Sint-Jans Molenbeek (ism Heartbreaktunes)

Motor City Drum Ensemble

Motor City Drum Ensemble – Mercedes in plaats van GM

Geschreven door

Voor de doorkomst van Motor City Drum Ensemble was dit project een nogal mysterieuze aangelegenheid, wat waarschijnlijkheid eerder aan een gebrek aan journalistieke grondigheid van schrijver dezes ligt, dan aan een bewuste strategie. De rauwe houseschijven die het Ensemble tot op heden op de wereld heeft losgelaten sluiten eerder aan bij Chicago en zoiets als ‘Sleazy house at 5 a.m.’ door Moodymann dan bij de gebruikelijke associaties bij de Motor City (U weet wel, Motown, schrijnend melancholische techno, dystopie dat het niet meer schoon is, enzovoort).  Bleek toch wel zeker dat het over Stuttgart, of all places gaat, en dus tongue-in-cheek-gewijs over Mercedes-Benz en Krafwerk-achtige technologische perfectie. Hadden ze mij echt wel helemaal het bos ingestuurd daarmee. Stuttgart roept bij mij eerder associaties aan de Scharzwaldkliniek en zo op, U vat de sfeer wel. Ironische Duitsers voorwaar.

Nu goed, feit blijft wel dat Danilo Plessow (ik zou ook een scheut inspiratie nodig hebben om nog maar met zo’n naam op de proppen te komen) de laatste paar jaar een aantal erg diepe 12’’ heeft gereleased, die vorig jaar op zijn Raw Cuts verzamelaar zo’n beetje samen gebracht zijn.  Dat was ook eigenlijk een beetje wat ik verwachtte op deze avond, maar het werd dus een back-to-back met gouwe getrouwe Red D, waarbij ze min of meer om beurten plaatjes aan mekaar draaiden. Dhr. D en dhr. Plessow hebben beide een eclectische achtergrond als het op dansbaar spul aankomt, van de eerste was dit gekend, van de tweede wat minder, maar we kregen dus een goeie mix met op het moment van aankomst wat disco en funk tot en met Erotic City van de Minneapolis Midget, om een voor mij iets te lang uur over te gaan op wailing house diva’s. Op tijd dan toch over gegaan op wat italo en zo. Weinig nummers die ik kende, wat me altijd gerust stelt dat er nog heel wat te ontdekken valt, maar dan ook weer geen jaw-dropping moments van pure extase of aurale perfectie.
Het publiek was talrijk genoeg aanwezig en lustte er wel genoeg pap van, maar euforie was net iets te veel gevraagd. Een goede night out, maar net niet genoeg om memorabel te zijn. De heel vroege uurtjes hadden dat misschien nog net kunnen goedmaken maar dat kon ik wegens een door te drukke bezigheden in de week haast pathologische somnolentie niet meer natrekken. Herkansing volgt ongetwijfeld nog in een of andere club.

Gevoel dat het Ensemble wel eens op 10DaysOff of een of ander festival terug te vinden zou kunnen zijn. Big ups in ieder geval. House is alive.

Organisatie: Democrazy, Gent

Arbeid Adelt

Arbeid Adelt! Rewind – Vindingrijk nostalgische trip!

Geschreven door

De Rewind concerten van de jaren ’80 Belgische bands zitten in de lift . Vóór Arbeid Adelt hadden we al succesvolle gigs van o.m. The Scabs, Neon Judgement, The Kids en een gevolg van Channel Zero’s rewind was een reünie. Mooi he!
Arbeid Adelt werd opgericht in ’81 onder Marcel Vanthilt (alias Max Georg Alexander) en Jan Van Roelen (alias David Salamon). Een handvol (soms obscure) singles en drie platen noteerden we, de ‘Jonge Helden’ EP, ‘Le chagrin en quatre-vingts’ ‘(83) en bijna tien jaar later ‘Des Duivels Oorkussen’ (’91).

Dertig jaar later was het wel leuk om samen met het iets latere groepslid Luc Van Acker en gastmuzikanten Willy Willy (The Scabs) en Dani Klein (Vaya Con Dios) nog eens op een podium te staan. Spontaan, ontspannen en doordacht moest het allemaal zijn, want de Nederlandstalige minimal wave & elektropop van Arbeid Adelt had een anarcho- absurdistisch karakter en was gekend van z’n vrolijke chaos.
Marcel kan z’n ervaring van tv, veejay en entertainer niet wegsteken. Een hyperkineut, een spraakwaterval (de link met Bart Peeters is gauw gelegd!) die graag prikjes uitdeelt (o.a. over de Belgische politiek en de Natalia’s van deze tijd), grappige weetjes vertelt en leuk intervenieert ...

Oude helden werden geëerd dus …  Arbeid Adelt deelde z’n set op in ‘Jonge Helden’ en een ‘Retrospectieve in 625 lijnen’.
De songs werden even chronologisch als op de EP gespeeld, meer doordrongen van dreigende wave, denderende beats en verwaaide saxpartijen. Opener “Ik sta scherp” scherpte letterlijk de aandacht, het traag slepende “Jonge Helden” volgde. Eén van de kortste nummers ooit “Roodborstje” kon je net gezellig meefluiten of meezingen.
Het songaspect kwam in het daaropvolgend materiaal aan bod, een spannende, broeierige “De man die alles noteert”, “Capita selecta”, “65+” en “Het meisje van mijn hart”. De drie heren waren goed op elkaar ingespeeld tijdens de sessie en de doorwinterde ‘new waver’ haalde en friste z’n nostalgisch jaren ‘80 hartje op door de forsere beats in de songs.
Vanthilt keek even op z’n uurwerk en zag net als ons dat het er na 25 minuten opzat. Ze lasten een korte break in, een drink- en plaspauze of wat nodig was op hun gezegende leeftijd, o.a. het stomazakje verversen hmhm …

In het tweede deel grossierden we door het oeuvre van de twee platen en enkele godvergeten, maar verdomd goede singles. Op het podium hingen vele verkeersborden en -signalen en toonden ze een compilatievideo op een groot scherm. Tja, waar was de tijd van Roodvonk, Popelektron en Hitring, van Vanthilt en de AA capriolen …
Het eenvoudige, bloedstollende en knap, ingenieus gevonden “Ja ja op naar de nieuwe dimensie” (Spreek Spreek nu)” werd door de repetitieve opbouwende ‘80s wave en beats lang uitgesponnen en was de ideale sfeermaker op de beelden. De ontspannende, toegankelijke en zomerse “Kort bericht” en “Lekker Westers” (door de melodica!) waren de tegenpool op de openingssong. Vóór dat ‘Des Duivels Oorkussen’ aan bod kwam, konden we genieten van de poppy en dansbaar klinkende, huidige comeback single, “Half vijf”; de krachtige beats waren een knipoog naar de dba grens van Joke Schauvlieghe.
Willy Willy en Dani Klein kwamen in de spotlights op de donkere waverock van “Congostroom” en het dromerige “Stroom/Décoiffé”, in een Nederlands- Franse samenzang en met Vanthilt in een kerstboom verlichte jas … ze klonken snedig en harder. De Monkees cover “Steppin’ stone”, die vroegere optredens afsloot, werd in een eigenbereid AA potpourri gestopt … ‘Totally weird’ door de synths en de gitaren.
Een volgend hoofdstuk vatten ze aan met een bigband, net toevallig gedirigeerd door een tweede Luc Van Acker , een blazersorkest die een nieuwe dimensie en elan gaf aan songs als “Grijp me nu”, de lekkere roadsong “Nergens heen” en “Hond”, die letterlijk in een satelliet in de ruimte bevond door de zwevende blazers. Vindingrijk alvast, die heel wat positieve reacties losweek en warm onthaald werd.
“Te pletter te Tienen”, kreeg een Neon Judgement outfit, de “Spannende angst” een 2 Unlimited deuntje en op de no-nonsens van “De dag dat het zonlicht niet meer scheen” kon John Terra en de AA fans de eerste pogo danspasjes wagen. De fors klinkende blazers injecteerden de AA ‘instant schlager’ klassieker . De ‘retrospectieve’ eindigde in schoonheid met een volgende ‘instant’ klassieker “Death disco” (remember PiL) , waarvan de Jah Wobble basstune lekker opgevangen werd door Luc Van Acker.

Er viel in die vroege jaren ’80 van onze Belpop heel wat (weemoedige) wave op te rapen. AA slaagde in een behoorlijk afwisselend en gevarieerd concert, die met de nodige flair, charme en humor sound en tekst relativeerden. Of ze een reünie zullen inluiden, blijft voorlopig een vraagteken; je kunt hen nog zien met The Lau op de Nekka Nacht. En weet ge, van onze Belpop mogen er nog zo’n bands van onder het stof komen …

Neem gerust een kijkje naar de pics die eerder werden genomen in de 4AD, Diksmuide

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Subs

The Subs tryout – muziek voor de shufflegeneratie …

Geschreven door

Binnenkort verschijnt de tweede cd van het Gentse trio The Subs. Het werkstuk kreeg de titel 'Decontrol' mee; en een nieuwe plaat betekent dan ook een nieuwe liveshow … de Kreun deed dienst als test ...

Op een zweverige intro kwam dj Wiebe Loccufier aka Tonic opgedoemd en startte hij de beats gevolgd door frontman Jeroen De Pessemier aka Papillon en het 3de nieuwe lid die Stefan Bracke vervangt. Het feestje begon gezapig en een beetje 'onwennig' door enerzijds de nieuwe geluiden, de massa's verschillende elektrische instrumenten die ze in hun set opnamen en de nieuweling die wat moeilijk z'n draai vond. Maar even later op de tonen van “Mitshubitchi” zat het spel op de wagen en kwam iedereen goed los. We hoorden uit het nieuwe album “The visible man” dat dreef op beukende techno, “Don’t stop” neigde meer housy en met “The hype” zaten we dan weer in het ravemilieu. Diversiteit troef dus en misschien zelfs wat teveel van het goeie...
Ook de 'klassiekers' uit het debuut ‘Subculture’ passeerden allen de revue, “Music is the new religion”, “Kiss my trance” en “Fuck that shit” werden allen in nieuwe versies gebracht en zeer goed bevonden. Ook “The pope of dope” mocht niet ontbreken en we onthouden ook de vocale steun van het publiek bij het verse “Bang, bang,bang”.
Een paar maanden terug verscheen al hun ‘Vomit in style' EP en daarop was al duidelijk dat de sound van The Subs anders was, minder gepolijst, meer underground.
De enorme diversiteit van de set en de tracks doen vermoeden dat ze op een punt zijn een andere weg in te slaan, een ruime bocht, maar nog geen 360° …
Toch blijft hun mix van electro/trance/punk/rave/house en techno aanstekelijk en zit het wel snor voor de komende tijd en die zal zich meer en meer in het buitenland afspelen.

“Muziek voor de shufflegeneratie” verwoordde Subs frontman Papillon het, we konden het niet beter uitdrukken … Ohja, ‘Decontrol’ is vanaf 28 maart te verkrijgen in de platenzaak.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Godspeed You ! Black Emperor

Godspeed You! Black Emperor - Nog steeds overrompelend...

Geschreven door

Godspeed You! Black Emperor, die naam (naar een zwart-wit film van Mitsuo Yanagimachi over een Japanse scooterbende) klinkt niet alleen mythisch, ook de groep zelf krijgt stilaan de allures van een mythe. Sinds het collectief in 2003, na een politiecontrole teveel, er de brui aan gaf lijkt hun populariteit alleen maar gegroeid te zijn. Verbazingwekkend toch voor een groep die amper drie reguliere platen heeft gemaakt, zo goed als nooit de media haalt en het moet hebben van weinig voor de hand liggende composities die zelden onder de twintig minuten afklokken.
Nadat ze gevraagd werden om het All Tomorrow's Parties Festival in het Britse Minehead te cureren besloot GY!BE, na hun optreden daar, er nog een kleine Europese tour aan te breien. Die leidde hen langs uitverkochte zalen waarvan de capaciteit varieerde tussen de 2000 en 5000 personen.
Zo ontstond er toch enige consternatie toen bekend raakte dat de groep hun tour in de 4AD wou afsluiten, een club waar ‘slechts’ 250 mensen in kunnen. Kwam hier opnieuw een anarchistisch trekje boven zoals die keer toen ze een optreden in de 013 in Tilburg ter elfder ure annuleerden nadat hen ter ore was gekomen dat de zaal gesponsord werd door multinational Pepsi Cola? Nu kwam deze natte droom voor de 4AD natuurlijk niet zomaar uit de lucht vallen. De club heeft al jaren een uitstekende reputatie onder muzikanten en A Silver Mt. Zion, een wat kleiner project van enkele spilfiguren uit GY!BE, mocht er reeds vier keer (waaronder één keer samen met de betreurde Vic Chesnutt) spelen. Vandaar wellicht die onverhoopte erkentelijkheid.

Nooit eerder waren de plaatsen in de 4AD zo begeerd, waardoor de match op voorhand reeds gewonnen was maar dat belette GY!BE niet om er nog eens vol voor te gaan. Achteraan het podium flikkerden de letters HOPE op en begonnen de instrumenten eerst nog wat aftastend elkaar te zoeken om dan samen een symfonische orgie te beleven. In het halfduister ontwaarden we drie gitaren, twee bassen, twee drums en een viool die het soms verdacht stil hielden maar toch het best waren wanneer ze vernietigend uithaalden. De gitaren die regelmatig als violen werden bespeeld, maar dan met schroevendraaiers als strijkstok, en de viool gaven meestal de richting aan waarheen het moest. En die was verre van altijd makkelijk maar er waren voldoende meeslepende apotheosen om het publiek probleemloos te laten volgen. Intussen werden korrelige 8 mm-filmpjes geprojecteerd (vuurhaarden, weidse landschappen, vuilnisbelten, autowegen,...) die de muziek nog intenser deed overkomen.
Na acht jaar inactiviteit bleek GY!BE nog steeds in staat de aanwezigen te overdonderen hoewel ik toch de indruk had dat het in 2002 in de AB net iets indrukwekkender was. Het gebrek aan nieuwe nummers of het gemis van de cello?
En die noise-eruptie van de twee bassen en de gitaar van Efrim Menuck op het einde hoefde eigenlijk ook niet wegens net iets te vaak gezien. Maar laat ik niet te veel kniezen, dit was een groots concert en stiekem hoop ik toch dat de heren en dame nog één keer de koppen bij elkaar steken om een meesterlijke plaat te maken en zo het zieltogende genre dat postrock momenteel toch wel is, van de definitieve ondergang te redden.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Gipsy on the rocks

Soul for a gun

Geschreven door

Sire, wordt er  in ons Belgenlandje nog echte hard rock gemaakt? “Ja” was zijn antwoord, en om onze vorst een handje te helpen, voegen we er aan toe dat je daarvoor in Rijkevorsel terecht kan.
Gipsy On The Rocks zijn niet echt nieuw want een drietal jaar geleden verscheen van deze muzikanten reeds een EP en na vele zweetparels komen deze Kempenaars nu met een full cd op de klippen.
Deze band wordt gevormd door Hanne Hofmans (een dame dus) en je zult op deze cd weliswaar geen enkel nieuw geluid ontdekken, maar hetgeen ze doen is wel meer dan goed gedaan, tenminste als je openstaat voor een stevige portie hardrock dat zijn mosterd haalde uit de 80’s en niet vies is van enige commercialiteit.
Af en toe wordt de rocktrein platgelegd voor een nummer als “Mariella” waarin we de blueskant van deze groep kunnen ontdekken. Geslaagde plaat voor hardrockliefhebbers dus.

Katy Perry

Teenage dream

Geschreven door

Een paar jaar terug was Katy Perry het nieuwe tieneridool. Ze debuteerde met ‘One of the boys’ en scoorde al meteen twee nummer 1 hits “I kissed a girl” en “Hot’n cold”. Met gemak plaatste ze zich naast vroegere idolen Lily Allen, Avril Lavigne en Kelly Clarkson. Hitparadepop met een paar fijne rockers, stampers en sfeervolle hand-in-hand pop. Een getalenteerde gevoelige rockbitch werd ze toen omschreven. Op het podium bracht ze het er nog aardig van af, maar de set kon in z’n totaliteit onvoldoende beklijven.
Ze is er ondertussen 25 geworden, gelukkig getrouwd en is op talrijke shows en events te zien en te horen. Een grote Amerikaanse dame die al aan de schouders trekt van Madonna, Kylie Minogue, Lady Gaga, Britney Spears, Christina Aguilera en Rihanna.
Katherine Hudson, een kleine Queen of Pop, heeft opnieuw een handvol luchtige, sfeervolle en hot’n’juice pop klaar, die wat meer state-of-art (hitech) electropop bevatten. Vooral van de eerste songs kunnen we gezellig genieten en dansen, “Last friday night”, “California gurls (met Snoop)”, “Firework”, “Peacock” en de titelsong. Muzikaal als vocaal klinken deze nummers goed: opzwepend, dansbaar, ondeugend en altijd goed voor een feestje.
Dan valt de cd wat in elkaar … een beetje dertien–in-een–dozijn nummers, die dan terug opflakkeren bij “Pearl” en het ingetogen “Not like the movies”. De daaropvolgende remixen zijn een hapklare brok voor de jongere generatie!
Al bij al een geslaagd album, die niet echt verrassingen biedt!

Underworld

Barking

Geschreven door

Net als hun ‘90s spitsbroeders, The Chemical Brothers in het dancelandschap, zullen Karl Hyde en Rick Smith van Underworld geen nieuwe, jonge zieltjes winnen, daarvoor is hun muziek te weinig dancefloor kill gericht en spelen ze niet echt meer in op de huidige ontwikkelingen van de dance, dubstep, retro acid enz.
Het album heeft wel iets mee van die huidige muzikale aanpak van de Brothers, behalve dat zij bouwden op een handvol producers. We houden nog steeds van die opbouwende, trancegerichte, zalvende, dromerige groovy beats en pop, die af en toe krachtiger durft te gaan, doordrongen van dubstep, drum’n’bass, psychedelica en allerhande bleeps en geluidjes. Hun handelsmerk vergt wat meer luisterbeurten, intrigeert, doet ons wat zweven en prikkelt de dansspieren.
Een aannemelijk album door songs als “Always loved a film”, “Scribble” en “Grace” die een sfeervolle wave bevat. Verder wordt de plaat aangevuld met enkele (soundscape) instrumentals.
Underworld heeft een goede plaat uit … voor het eigen publiek van dertig- en veertigers  … maar hier staan de jongeren niet echt meer voor te springen …

Cherry Ghost

Beneath this burning shoreline

Geschreven door

Onder de vele releases waren we behoorlijk te vinden voor het Engelse Cherry Ghost van zanger Simon Aldred. Hij zorgt op het tweede album voor een reeks broeierige, sfeervolle songs. Ze klinken meeslepend, hebben ze een folky ondertoon en roepen een episch karakter op door de belangvolle inbreng van akoestische gitaar, viool en strijkerspartijen, waaronder “We sleep on stones”, “Kissing strangers” en “My God betrays”. Onderhuids ademen de songs een licht psychedelisch deuntje en hoor je spooky country filmsounds; de paar korte instrumentals zijn nergens storend in het concept. De laatste songs “Black fang” en “Luddite” hebben een intense opbouw en zorgen ervoor dat de plaat op z’n geheel mooi is afgewerkt.
Talrijke invloeden haal je voor de geest van o.m. Ian McCulloch, Elbow, Doves, Tindersticks, Cave, Sparklehorse, Smog en The Coral. Alvast mooie referenties van een goed debuterend bandje, die toch al drie jaar bezig is …

James Blake

James Blake

Geschreven door

Het zogenaamde dubstep genre is nog niet helemaal tot de muziekwereld doorgedrongen, of vooruitstrevende would-be kenners hebben het al over post-dubstep. En voor het gemak steekt men iemand als James Blake dan maar in dat vakje. Tegelijkertijd heeft men Blake al direct gebombardeerd tot ‘the new thing’ en wordt zijn debuutalbum overladen met de meest lovende recensies. Ons maakt het alleen maar achterdochtig.
Het moet gezegd  -wij zijn ook niet doof-, de jonge kerel had ook al onze aandacht getrokken met de wondermooie Feist cover “Limit to your love”, een bijzonder pareltje, of hoe men met behulp van koude laptops toch een song heel warm kan doen klinken. Het mindere nieuws is dat James Blake dit staaltje maar één keer evenaart, met het al even prachtige “Wilhelms Scream”.
De overige songs zijn minimalistische stukjes laptop plak- en knipwerk maar wij soms nogal wat moeite mee hebben. Ten eerste vinden wij het allemaal nogal depressief klinken voor zo een jonge gast (met de helft van de songs kan u gerust een begrafenis opfleuren) en ten tweede houden wij sowieso nog altijd meer van muziek die met echte instrumenten wordt gespeeld. Deze zijn hier, op een subtiele piano na, echter compleet afwezig en naast wat geknoei op de laptop experimenteert Blake enkel nog wat met zijn stem. Hij gaat hiermee echter te vaak de richting uit van Anthony & The Johnsons, en wil het nu net lukken dat wij niet echt houden van de slijmerige pathetiek van Anthony & The Johnsons.
Buiten de twee eerder genoemde pareltjes staat er dus niets onvergetelijks op deze plaat, maar toch willen wij erkennen dat er in James Blake wel een uniek talent schuilt. Als de man binnen een paar jaar al zijn elektronica het raam uitgooit en een paar warme muzikanten inhuurt zal er gegarandeerd iets moois van komen.
Ook Jamie Lidell werd vroeger op het podium enkel omringd door een batterij laptops en computers, nu treedt hij op met warme muzikanten en de soul druipt er met bakken af. James Blake moet hem maar eens bellen.

Wire

Red Barked Tree

Geschreven door

Het inmiddels legendarische Wire mag gerust als een zeer invloedrijke groep beschouwd worden. Een hele resem indie- en postpunkbandjes staan qua geluid bij hen in het krijt, velen zonder het zelf te beseffen. Wire is er zelf nooit rijk van geworden, albums als ‘Pink Flag’, ‘Chairs Missing’ en ‘154’ staan geboekstaafd als klassiekers maar dit heeft zich nooit vertaald in verkoopcijfers. De band is altijd in de underground gebleven en voelt zich daar nog steeds perfect op zijn gemak, net als zanger/gitarist Colin Newman’s nevenproject Githead trouwens, die in 2009 een prachtplaat maakten die door zowat de hele wereld over het hoofd werd gezien, maar niet door ons.
Op de nieuwe ‘Red Barked Tree’ gaan die van Wire alweer volledig hun eigen weg, en dat is er een met een hoop interessante zijweggetjes. De fijne opener “Please take” zit bijvoorbeeld gegoten in een warme en radiovriendelijke poppy sound, maar een station verder horen we grillige nerveuze punk op “Two minutes” en “Moreover”, twee songs die het weerbarstige geluid van Wire, zoals we dat kennen van vroeger, typeren.
Van punk naar wave is maar een kleine stap, songs als “Adapt”, “Down to this”  en “Now was” ( B52’s zijn in de buurt) dragen gedoseerde eighties echo’s in zich. Toch teert Wire geenszins op een retro geluid, de springerige rock van “A flat tent”en de gruizige shoegaze van “Smash” geven hedendaagse groepjes als Arctic Monkeys en A Place to Bury Strangers het nakijken. De titelsong die de plaat afsluit is ook weer van een heel ander kaliber, de heren verkennen de grenzen van de psychedelica en komen op hun pad ergens Syd Barrett tegen.
Een plaat gekenmerkt door diversiteit en veelzijdigheid, op en top Wire dus, verpakt in amper dertig minuutjes eigenzinnigheid.

The Cult

Masters Of Reality & The Cult: de stoner- en gothrock nostalgie ver voorbij

Geschreven door

Iedereen heeft wel van die avonden die men voor geen geld ter wereld wil missen: de live uitzending van de Miss België verkiezing, de finale van Idool, Clouseau in het Sportpaleis: you name it. Ieder zijn meug natuurlijk, maar wat ons betreft stond de AB affiche van afgelopen dinsdag al maanden vooraf garant voor ‘a night to remember’.
Als vaandeldragers van het betere episch gitaargeweld kunnen zowel Masters Of Reality als The Cult op hun ééntje deze concerttempel vlotjes laten vollopen, dus waarom dan toch kiezen voor de twee-voor-de-prijs-van-één formule? Het antwoord op die vraag schuilt in het jongste project van The Cult, dat voortaan zonder tussenkomst van een platenfirma digitale pakketjes of zogenaamde ‘Capsules’ aanbiedt van nieuwe nummers, live versies van Cult classics en eigenhandig geregisseerde kortfilms. De vier nieuwe nummers uit de twee ‘Capsule 1’ en ‘2’ werden ingeblikt door meesterproducer Chris Goss, die als wederdienst met diens eigen inmiddels mythische Masters Of Reality het voorprogramma van zijn Engelse vrienden mocht invullen.

Het leek een schier onmogelijke en eigenlijk ook wel een ondankbare opdracht voor Goss & co om ruim twee decennia Masters Of Reality in drie kwartier de revue te laten passeren. Dankzij een voortreffelijke songkeuze liet de imposante Amerikaan echter geen seconde onbenut om te bewijzen waar menig stonerrock bandje de mosterd heeft gehaald. Met het splinterbommetje “Domino” uit het moeilijk vindbare titelloze debuut (‘88) en de onweerstaanbare na-na-na-na groove van “Third Man On The Moon” opende het vijfkoppige gezelschap voor een halflege zaal. Mogelijks zat het vroege aanvangsuur daar voor wat tussen, en even hadden we zelfs de indruk dat Goss zich daar een beetje aan ergerde zeker wanneer hij het publiek om enige respons verzocht tijdens het fraaie kampvuur riedeltje “Jody Sings”.
Op het jongste opus ‘Pine/Cross Dover’ (‘09) zijn naast de nodige decibels ook art rock en symfo in het geluid van de groep geslopen, en tijdens de drie nummers die uit dat album werden geplukt konden Goss’ begeleiders hun kwaliteiten uitgebreid etaleren. Opvallendste figuur was hier zondermeer Eagles Of Death Metal gitarist Dave Catching, die in zijn enthousiasme regelmatig de pedalen dreigde kwijt te raken maar eigenlijk een rasmuzikant blijkt te zijn. Ook de niet onaardig ogende bassiste Abby Travis bleek meer dan haar mannetje te kunnen staan in het stoere rockbastion dat Masters Of Reality eigenlijk altijd al geweest is. Tijdens “Always” bleek bovendien dat de zwartharige vamp ook over een fraai koppel stembanden beschikt.
De retestrakke rockabilly pastiche “She Got Me (When She Got Her Dress On)” zette een korte maar krachtige finale in. De zaal was nog steeds amper voor de helft gevuld toen Goss & co met een vertimmerde versie van de miskende stonerclassic “The Blue Garden” hun toebedeelde tijd netjes volmaakten. Masters Of Reality had aan een veldslag van drie kwartier genoeg om zelfs als voorprogramma te imponeren, maar wat graag hadden we Chris Goss zich nog een uurtje langer in het zweet zien werken.

Bij hun vorige passage in de AB tijdens de ‘Love Live’ tournee was The Cult nog goed voor een zeer gesmaakte nostalgie trip, maar gelukkig heeft de creatieve spil Ian Astbury en Billy Duffy intussen niet stilgezeten en werden vorig jaar een beperkt aantal nieuwe nummers ingeblikt. Met één van die nummers, “Every Man And Woman Is A Star”, wordt hun jongste ‘Destroy Europa’ tour elke avond op gang getrokken. Dat de groep hiermee niet meteen potten brak, lag niet aan het speelplezier of het geluid, maar eerder aan de matige muzikale impact en vooral de kleffe tekst van het nummer. Een welkome portie “Rain” kwam net op tijd om dit schoonheidsfoutje weg te spoelen, want voor de rest waren we getuige van een voortreffelijke en strakke set waarin Cult classics werden afgewisseld met een eigenzinnige selectie van tracks uit minder bekende albums én zelfs nummers uit het pre-Cult tijdperk. Zo werden “Horse Nation” en “Ghost Dance” opgediept uit de bescheiden catalogus van Death Cult, het gothrock groepje waarin Astbury en Duffy voor het eerst als muzikaal koppel door het leven gingen maar dat eind ‘83 na amper een paar maanden werd omgedoopt tot The Cult. Ook de keuze van “White” uit ‘Ceremony’ (‘91) en “The Saints Are Down” uit ‘The Cult’ (‘94) kan gerust opvallend genoemd worden. In de 90ies moest The Cult het immers met een pak minder aandacht stellen dan in het decennium ervoor, en werden hun albums genadeloos neergesabeld door de critici. Ook hier brengt tijd raad, want net deze nummers behoorden tot de meest doorleefde van de avond.
Wie The Cult al eerder aan het werk zag weet dat frontman Ian Astbury niet bepaald een spraakwaterval is, en ook deze keer leek het er aanvankelijk op dat de struise zanger zich het ganse optreden lang achter zijn zonnebril zou gaan verschuilen. Met zijn lange gitzwarte haren, dito lederen handschoenen en de nodige stage pose kon hij zelfs gemakkelijk voor Jim Morrison look-alike worden versleten... en zoals later zou blijken was deze vergelijking eigenlijk niet eens zo gek. Naarmate de set vorderde werd Astbury echter steeds spontaner, de zonnebril maakte plaats voor een uitdagende grijns en de frontman waagde zich hier en daar zelfs aan een lichtjes provocerende bindtekst.
Na een splijtend “Wild Flower” richtte Astbury ook een bedankje aan Chris Goss voor zijn productionele kunstjes op het nieuwe “Until The Light Takes Us”. Met zijn strak ritme, dreigende atmosfeer en redelijk verslavende riff heeft dit nummer alles in huis om zich een Cult classic in wording te noemen. Het publiek was meteen opgewarmd voor het bruisende slot. Alle podiumlichten werden gedoofd, behalve die ene spot gericht op Billy Duffy en diens Gretsch White Falcon 1 tijdens de mystieke intro van “She Sells Sanctuary”. Een verplicht nummer, dat wel, maar geen enkele Cult fan lijkt vooralsnog zonder te kunnen. En zoals Astbury het zelf al aangaf: elke andere groep zou na het weggeven van zijn ultiem prijsbeest spontaan de kleedkamer opzoeken, maar The Cult gaf er met “Love Removal Machine” meteen nog een tweede ferme lap op. Drijvend op de beste riff die Keith Richards nooit tot in het repetitiehok van de Stones kreeg, breide dit onweerstaanbaar luchtgitaar anthem een opzwepend slot aan een heel puik optreden.

‘If you want to hear more music, do let us know!’ riep een intussen volledig ontspannen Astbury op zijn weg naar de coulissen. Veel tijd had de groep echter niet meer te goed, want tegenwoordig gaan de schuivers om halfelf onherroepelijk naar beneden in de grote zaal van de AB. Astbury & co leken maar weinig begrip te kunnen opbrengen voor dit soort conservatieve beslissingen, maar persten er met een venijnig “Rise” en de allereerste Cult single “Spiritwalker” toch nog twee fraaie bissen uit. Helemaal op het eind kroop Astbury uiteindelijk dan toch volledig in de huid van Jim Morrison, en nam de groep definitief afscheid met een fraaie interpretatie van “Break On Through (To The Other Side)”.

Wie zin had in nog meer lichtontvlambare gitaren, of gewoon eens wou checken hoe de groep zou flirten met de 100 dB grens, kon achteraf nog terecht in de AB Club bij de jonge Gentse honden van Drums Are For Parades. Voor ons was het echter welletjes geweest, want we kwamen ons er in de eerste plaats van vergewissen dat oude rotten Masters Of Reality en The Cult veel meer zijn dan goed geoliede nostalgie acts. Hun relevantie anno 2011 trekken we niet in twijfel; sterker nog, qua attitude en impact spelen ze volgens ons in een handomdraai de meest hippe rockgroepjes die binnenkort het podium van Rock Werchter zullen bevolken in no time naar huis.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 418 van 500