logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15470 Items)

Interpol

Interpol

Geschreven door

Het NYs Interpol heeft al drie interessante platen afgeleverd, ‘Turn on the bright lights’, ‘Antics’ en ‘Our love to admire’. Broeierige, donkere, heerlijke waverock, warm, aanstekelijk, broeierig, dromerig en fris, in een sluimerend, melancholisch, mistroostig kader bepaald door scherp, strak en venijnig gitaargetokkel, diepe, gevoelige basstunes en gedragen door de bariton zang van Paul Banks.
Intussen zijn ze tot een trio gereduceerd en moeten ze de geluidsbepalende bas missen. Op de nieuwe plaat wordt het zo goed mogelijk opgevangen. Muzikaal gaat Interpol eerder terug naar hun begindagen met die broeierige, donkere meeslepende sound. We noteren een handvol pareltjes als “Succes”, “Lights” en “Barricades” . Een song als “Memory serves” doet het tempo zakken, is trager en sfeervoller, maar binnen die stijl kunnen ze niet allemaal de aandacht houden, luister maar naar de halfgeslaagde “Always malaise (the man I am)” en “Summer well”. Op “Try it on” klinkt een piano en synthtunes door, maar overtuigt in z’n geheel dan weer niet. Onder de indruk zijn we wel van de twee afsluitende songs “All of the ways” en “The undoing“, die door de repeterende ritmes en tunes filmisch, beeldrijk en huiveringwekkend zijn.
Algemeen is ‘Interpol’ wel een goede plaat van deze talentrijke band, met een paar uitschieters.

Mogwai

Special Moves

Geschreven door

‘Special Moves’ is de eerste live plaat van de Schotse postrockers, als we de BBC Sessions ‘Government Commissions’ niet meerekenen. Een mooi overzicht vormt deze ‘move’ van ‘Young team’, ‘Come on die young’, ‘Rock action’, ‘Happy songs for happy people’, ‘Mr Beast’ en ‘The hawk is howling’.
Het Schotse vijftal werd gevolgd door Vincent Moon (bekend van de fantastische site ‘La blogotheque’), die iets wou terug doen na de soundtrack ‘Zidane – a 21st century portrait’, door Mogwai verzorgd.
De Fransman volgde het kwintet tijdens en rond hun twee optredens in april 2009 in de Music Hall van Williamsburg. Het is een prachtige live registratie van een prachtige band, die met de vorige cd het vuur en het heilige geluid van de postrock opnieuw aanwakkerde.
De band start uitermate filmisch met “I’m Jim Morrison, I’m dead” en “Friend of the night”; krachtig en luid kunnen ze uit de hoek komen als je luistert naar de opbouw en explosies van “Mogwai fear Satan”, “You don’t know Jesus”, “I love you, I’m going to blow up your school” en de finale reeks “2 rights make 1 wrong”, “Like heroid” en “Glasglow megasnake”; de combinatie sfeervol en zacht horen we dan wel op “Hunted by a freak”, “Cody”, “I know you are but what am I”.
Voortreffelijke plaat. Uitermate boeiend. Benieuwd hoe het nieuwe werk nu in 2011 zal klinken.

Various Artists

Underground Belgian Wave Vol.2

Geschreven door

Alle mooie sprookjes beginnen met de magische woorden “Er was eens..” en bij Walhalla Records is dit niet anders. Niet alleen is dit de naam van een Antwerpse platenzaak waar je allerlei pareltjes uit de 80’s op de kop kan tikken maar zaakvoerder Lieven De Ridder had ook nog een andere droom.
Als passioneel muziekliefhebber ging hij letter als een ‘archivaris’ op zoek in de Belgische ondergrond in de wereld van de  tapereleases want zo ging dit enkele decennia terug.
Nu plaatst het nieuw talent hun nummers op hun My Space maar in de goede oude jaren ’80 brachten groepen zelf hun materiaal uit op cassetjes. Het genre dat Lieven voor ogen hield was de zogezegde minimal wave of cold wave-genre.
Net zoals in andere landen waren ook Belgische groepen aangetrokken tot het geluid dat Joy Division voortbracht. Sommigen vergaarden roem zoals Neon Judgement, Siglo XX of Red Zebra maar er waren ook een heleboel doemdenkers die nooit buiten het tapecircuit geraakten en met deze reeks wil Lieven hun enkele decennia na datum nog eens in de belangstelling stellen, en gelukkig maar want ieder nummer kan zijn plaats in het Belpop-rijk opeisen.
De meest bekende Belg op deze plaat (want ja hoor, dit is enkel op vinyl verkrijgbaar) is zonder twijfel Marcel Vanthilt die hier met het uiterst grappige “Als ik Gust De Coster was” op de proppen komt, maar ook hoor je hier bijvoorbeeld een (onherkenbare) Elisa Waut in tijden dat ze nog stond te swingen op de tonen van de begindagen van The Cure.
Verder vind je hier Autumn, Tangible Joy, The Misz (die eindelijk de erkenning krijgen die ze verdienen), Emotional Violence (onlangs nog te zien op het BIMFest), Berntholer, Secret Life en Enzo Kreft terug.
Zoiets zou destijds een Gust De Coster aangeprezen hebben, en Gust had altijd gelijk!

Tony Joe White

The Shine

Geschreven door

Tony Joe White is zowat in zijn eentje verantwoordelijk voor de term swamp blues, een genre die hij ook op deze nieuweling met verve vertolkt.
De songs op ‘The shine’ zijn nogal basic, ze sluipen traag en geniepig voorbij gestuwd door de diepe bariton van White en zijn immer zalvende gitaar en mondharmonica.
Ook al zijn de verhalen die TJ white hier vertelt niet de meest opwekkende, de sound van de plaat is warm en relaxed. Dat is niet alleen de verdienste van White zelf, maar ook van zijn puike begeleidingsband die hier elke noot op het juiste moment en de juiste plaats spelen. Dit levert pareltjes op als “Ain’t doing nobody no good” en “Season man”. White kan het ook volledig in zijn eentje op “Roll train roll”, folk-blues in al zijn puurheid.
Enkel op “Strange night” wordt er wat meer gas gegeven en kunnen we spreken van een voorzichtige rocker. Verder is ‘The shine’ een heerlijk verstild en rustig voorbijglijdend werkstukje die de rust in huis brengt, en dat mag ook al eens.

Tony Joe White speelt op 22/02 in Het Depot te Leuven en op 04/03 in Cactus Brugge, ‘t is maar dat u het weet.

The Whigs

In the dark

Geschreven door

The Whigs worden in de media gelanceerd als zijnde de nieuwe stadionrock sensatie. Beetje eigenaardig, een nieuw Amerikaans groepje dat het gammele repetitiehok nog niet is ontgroeid al de stempel stadionrock meegeven. Misschien heeft het wat te maken met hun présences als support act van de ook al vermeende stadionrockers Kings Of Leon.
Er zitten al wat U2 echootjes op de gitaren en The Foo Fighters komen er ook wel aan te pas, maar wij zouden het bandje even goed een plaatsje kunnen geven tussen Britse namen als Futureheads en Franz Ferdinand, zij het wat minder getalenteerd. Dus met de term stadionrock gaan we maar voorzichtig zijn. Het is trouwens ook geen compliment als je ’t ons vraagt, U2 is men ook pas stadionrock beginnen noemen van zodra ze mindere platen begonnen te maken. En ook die Kings Of Leon referenties zijn niet echt een opsteker gezien het bedenkelijke niveau van hun laatste werkstukje ‘Come around sundown’.
The Whigs rocken op ‘In the dark’ bij momenten aardig door en hebben met “Kill me Carolyne” en het aanstekelijke “Black Lotus” een paar knappe songs in huis, maar op het eind komen ze toch niet echt met een eigen smoel uit dit album. Het is het soort groepje dat je de komende festivalzomer ergens in de vroege namiddag zal kunnen aanschouwen en waarvan u zich ’s avonds zal afvragen hoe ze nu ook al weer klonken.
Laten we hen het voordeel van de twijfel geven.

Sharko

BEaST Of Sharko

Geschreven door

 

Ghinzu en Girls in Hawaii zijn bands van net over de taalgrens die in Vlaanderen ondertussen al enige naambekendheid wisten te verwerven.  Een minst even sterke maar jammer genoeg veel minder bekende band is Sharko. Deze driekoppige indierockband rond frontman David Bartholomé is meer dan een decennium actief en  bracht al zeer fijne albums uit met welluidende titels als ‘Feuded’, ‘Meeuws 2’, ‘Sharko III’, ‘Molecule’ en het in 2009 verschenen ‘Dance on the Beast’. De populariteit van de band in Wallonië en Frankrijk gaat enorm ver, zo ver zelfs dat ene Didier Reynders (uiteraard uit politiek opportunisme of wat dacht u) een tijdje geleden per se op de foto wilde met dit rocktrio.
Opvallend is dat Sharko zich niet beperkt tot één bepaald genre maar verschillende hoeken van het muzikale spectrum bestrijkt.  Dit is mooi te horen op deze ‘BEaST OF’ die een mooie verzameling biedt van nummers van de verschillende Sharko-platen.  We horen meezingers als “Spotlite” en “Excellent” naast wondermooie emo-rocksongs als “Sweet Protection” en “I Went Down”.  Verder  vinden we nummers als  “Since you called”, “Yo Heart” en “We should Be Dancing” die duidelijk meer dance-gericht zijn.
Wie luistert naar deze ‘BEaSt OF’ kan concluderen dat Sharko al verschillende sterke nummers heeft geschreven.  Wie nog niks van deze band in z’n collectie heeft, zou al onderweg moeten zijn naar de platenzaak.

 

Serj Tankian

Imperfect Harmonies

Geschreven door

Iedere rechtgeaarde metalfan heeft ongetwijfeld wel wat muziek van System Of A Down in zijn platenkast zitten. De band die wereldbekend werd door de single ‘”Chop Suey” maakte een vijftal albums waaronder de twee absolute meesterwerken ‘Mesmerize’ en ‘Hypnotize’ uit 2005. Een jaartje later gaf de band er (al dan niet definitief) de brui aan waarna de vier groepsleden verschillende horizonten opzochten. Zanger Serj Tankian koos voor een solo-carriëre en bracht in 2007 zijn debuut ‘Elect The Dead’ uit, een plaat die zeer uiteenlopend werd onthaald. 
Z’n tweede schijf heet ‘Imperfect Harmonies’ en is allesbehalve een hapklare brok. Zelf omschrijft hij zijn muziek als ‘electro-orchestral-jazz-rock’ en daar valt zeker iets voor te zeggen. De oude vertrouwde gitaren van SOAD vinden we amper terug, op het merendeel van de nummers horen we veel bombastische, orkestrale en elektronische klanken afgewisseld met meer rustige passages. De stem van Serj Tankian blijft natuurlijk enorm herkenbaar en aangenaam en past prima bij deze experimentele muziek. 
Na verschillende luisterbeurten detecteerden we een aantal opmerkelijke  nummers: “Disowned Inc” is een stevige opener met geweldig drumwerk terwijl “Deserving” zich ontpopt tot een bijzonder leuk  popnummer. “Yes, It’s genocide’ is dan vooral tekstueel in het oog springend want volledig  in het Armeens gezongen en een flinke aanklacht tegen de Turkse overheid omwille van de genocide in Armenië.  “Gate 21” is wondermooi en toont de vocale klasse van Tankian en op “Beatus” horen we zelfs een stukje R&B.

‘Imperfect Harmonies’ vergt wat doorbijtwerk en zal misschien voor liefhebbers van System Of A Down een kleine teleurstelling zijn. In ieder geval toont Tankian dat hij een bijzondere muzikant blijft.  We zijn benieuwd naar wat hij ons in de toekomst nog allemaal serveert.

Buddy Guy

Living Proof

Geschreven door

Oude bluesrat Buddy Guy, één van de weinige survivors van de zwarte bluesmuzikanten van de eerste generatie, maakt op de gezegende leeftijd van 74 een verduiveld gemeen bluesplaatje. Het lijkt er op dat hij met ouder worden alsmaar krachtiger uit de hoek komt. Op ‘Living Proof’ spettert zijn elektrische gitaar feller dan ooit en vliegen de snedige solos overal in het rond. Ook op zijn stem zit er hoegenaamd nog geen sleet, de man klinkt kwaad, rauw en soulvol.
Buddy Guy staat op zowat alle songs verdomd stevig te rocken, wij kunnen binnen het genre geen artiest bedenken die dit beter zou doen. Daarom vinden wij het doodjammer dat hij het toch nodig achtte om enkele gasten uit te nodigen, want de songs met gastmuzikanten BB King (“Stay around a little longer”, wat wij Buddy Guy trouwens meer toewensen dan BB King) en Carlos Santana (“Where the blues begins”) zijn net de minste van het album. Maar voor de rest, allemaal krachtige en pittige powerblues met een flinke scheut soul en sporadisch een vette streep funk.
Dat oudjes nog venijnige plaatjes kunnen maken, zeggen wij u. Albumtitel meer dan gerechtvaardigd.

Astrolites

Play for keeps

Geschreven door

Sommige mensen vinden het niet erg dat ze in het verleden leven en daarbij de klok van vandaag uit het oog verliezen. Zo verkiest de ene het hippiedom, hanteert de ander de eyeliner alsof de jaren ’80 nog volop aan de gang zijn en dan heb je van die vreemde vogels die trouw zweren naar alles wat naar de fifties ruikt.
Astrolites zijn het soort kerels die tot in hun graf een vetkuif zullen dragen en sinds 2007 scoorden ze met hun debuut ‘Hard luck’ goede punten in het wereldje van de brylcreemgebruikers.
Astrolites wordt in het rockabillymilieu omschreven als ‘hi-speed rockabilly’ en wat er daar precies mee bedoeld wordt is mij tot op heden niet duidelijk, maar het rockt in ieder geval!
‘Play for keeps’ staat garant voor een dik half uur rockplezier dat weliswaar niks van vernieuwingen bezit maar deze schijf gaat er in als zoete koek ook al was de cover van Johnny Cash’s “Ring Of Fire” nu niet bepaald nodig.

Stromae

Cheese

Geschreven door

Stromae is de artiestennaam van de Brusselse Paul Van Haver. De Belgische singer/songwriter van Belgisch-Rwandese afkomst verbaasde met al met twee aanstekelijke, dansbare meezingers “Te quiero” en “Alors on danse”; door de leuke deuntjes waren ze meteen in alle hitparades terug te vinden!
Deze maestro had eerder al verscheidene tracks gecomponeerd voor het album ‘A l’ombre du show business’ van Kery James en fungeerde eveneens als producer van de single “Cette fois” van de Franse zangeres Angunn.
Na de EP ‘Mixture Elecstro’ kon hij met dit debuut ‘Cheese’ een doorbraak forceren. Een aanstekelijke mengeling van elektro, disco, kitsch, techno, trance en hiphop is te horen, bepaald door z’n losse, ontspannende ratelende praatzang. “Summertime” behoudt de eeuwige glimlach en hij kan de discotheca overrompelen met een song als “Silence”. Intiemer besluit hij met het dromerige “Cheese”, titelsong van de cd.
Stromae is een aanstormend talent, een nieuwe artiest die met de eerste plaat een buitenlands publiek moeiteloos heeft weten in te palmen.
Hij won al de European Border Breaker Award en verwierf zes nominaties voor de MIA awards … Nu maar hopen dat het geen Plastic Bertrand effect of eendagsvlieg is …

Drums Are For Parades

Bibberen met Drums are for parades

Geschreven door

De winter belooft iets minder barkoud te zijn door de Fete d’Hiver events en de Nachten van CD & Vinylvreters van de Leffingeleuren organisatie. Zij zorgden ervoor dat de jongere als doorwinterde muziekliefhebber zich niet in een winterslaap nestelden. Wij kregen alvast ‘carte blanche’ tussen kerst en nieuwjaar toen Drums are for parades paraat waren in de oubollige Terminus, een ideale locatie voor het Gentse noisecollectief, die sinds het verschijnen van hun debuut ‘Master’ (die de EP ‘Articificial sacrificial darkness in the temple of the damned’ opvolgt (- wat een titel trouwens!)) in het clubcircuit een vaste stek hebben verworven.

Hun rauw, donker, dreigend, snoeihard, apocalyptisch ‘back to basics’ geluid is opgefokt, gejaagd, opwindend en fris, en refereert aan de ‘90s noisepop van o.m. Helmet, Gore en Therapy?. De diverse tempowisselingen bieden een broeierige spanning en intensiteit, vanavond live ondersteund van een blazerssectie in monnikscape.
Zij vatten nu net de set aan en trokken de boel op gang met trage, slepende, monotone sounds. Een rookgordijn werd opgetrokken. Je kon op alle vlak niet omheen de drones van Sunn O))). De indringende blik van de bandleden boezemde angst in. Wat een adembenemende, huiveringwekkende start. Het leek eventjes vijf voor twaalf. Jawel, “Opium den idiot check” kreeg gestalte … En was zo een beetje de barometer voor het ongeveer één uur durend concert, instrumentaal, filmisch of regelmatig ondersteund van screamo’s en een vervaarlijke zang. De venijnige, scherpe, krachtige, strakke gitaren, de bas en de gortdroge, opzwepende drums gaven een energiek, loodzwaar ritme. Ze vermorzelden stoner, noise, crossover en diverse hard- en grindcores. De subtiliteit die we af en toe konden horen, waaide al gauw over in een fors, krachtig, beheerst geluid, o.m. in “The law”, “I’m not who you think you are”, “A salesman pen”, “Princess, you’re the woods”  en vooral in “The boy was in the death room”.
We voelden de bibber, de daver en de trillingen over het lichaam en kregen soms kippenvel. En oudjes als “Goatfire queens”, “Thumbsucker” en “Faking” werden sterk onthaald!
Een geslaagd, puik concert van de heren van Drums are for parades, die onderhuids de blazers lieten doorklinken. Intrigerend en spannend.

Fête d’Hiver was tijdens de kerstvakantie een erg tof initiatief van de organisatie! Na het optreden was het buiten nog donkerder dan het al was … Een eerste of laatste kwartier stand van de maan … Tja, muziekmakers van films als ‘The crow’ en ‘De sint’ kunnen een volgende keer zeker eens aankloppen bij onze Drums are for parades …

Organisatie: Leffingeleuren, Leffinge (ikv Fête d’Hiver)

Bodyntime

Gran Rodeo

Geschreven door

Go Down Records is een Italiaans label dat sinds 2005 instaat voor het uitbrengen van platen van Italiaanse muzikanten. De uitgebrachte muziek varieert  van rock-n-roll, noise, stonerrock, garagerock  tot psychedelica en ouderwetse hardrock.
Het label pakt nu uit met de eerste plaat van Bodyntime. Op hun website omschrijft deze band hun muziek als een experimentele combinatie van rock en noise. Ze bestaan al sinds 2005 en hebben naast vier mannelijke muzikanten een vrouw achter de drums.
We luisterden bijgevolg bijzonder nieuwsgierig naar hun eerste worp. Met “Sex in the city (road routes)” start dit plaatje vrij verdienstelijk en horen we een portie rock-n-roll in het verlengde van een band als Monster Magnet. Jammer genoeg stuikt het nummer in het midden plots als een pudding in mekaar. Ook de rest van dit acht nummers durende album ontstijgt amper de grijze middelmaat.
“Ever”, “Everybody to hell” en “Alone in the Dark”  zijn allemaal oervervelende nummers. “Having Your Sister” start veelbelovend met een intro die naar Kyuss refereert maar ook deze compositie weet daarna amper te boeien. Het grungy “Later” klinkt dreigend en zorgt samen met slotnummer “Law en Order” toch nog voor twee schaarse lichtpuntjes.
Bodyntime heeft compositorisch nog heel wat werk voor de boeg. Ook over de productie valt een en ander te zeggen  want ‘Gran Rodeo’ klinkt eigenlijk als een ordinaire demo.  Snel vergeten dus deze plaat ...

Bryan Ferry

Olympia

Geschreven door

Een wulpse Kate Mosh op de cover, het zal wel bij Bryan Ferry zijn gentleman imago horen, maar ons is het vooral toch om de muziek te doen. Na de recente reeks geslaagde Roxy Music reünie concerten hadden wij eigenlijk stiekem gehoopt op een nieuwe Roxy Music plaat, en dan nog liefst eentje in de trend van de eerste vijf legendarische albums uit de jaren zeventig. Maar goed, we krijgen hier dan toch de zoveelste Ferry solo plaat op onze schoot geworpen, we zullen het daar maar mee doen. Wetende dat geen van zijn solo albums echt legendarisch is zullen we onze verwachtingen dan ook maar niet te hoog stellen.
Hoewel er toch wat medewerking is van originele Roxy leden Brian Eno, Phil Manzanera en Andy Mc Kay is er hier geen spoor van de grillige en furieuze rock van de eerste Roxy platen. Wat primeert is de verfijnde, geraffineerde en zwoele typische Ferry stijl die we ook kennen van het latere Roxy werk (vanaf Manifesto uit 1979). Alles is haarfijn uitgebalanceerd, het klinkt overal zeer glad en gestileerd, en is bijgevolg dus ook totaal ongevaarlijk. Zowel uw lief , uw poedel als uw oma zullen deze muziek wel weten te pruimen, maar niemand zal er een uitbundige ‘Wow !” uitproesten.

Het moet gezegd, de elegante aanpak doet het soms ook goed, zoals op de soulvolle opener “You can dance”, op de knappe ballad “Me oh my” en op het heerlijke “Reason or rhyme” die dankzij stijlvol voorbijglijdende gitaren veruit de sterkste song van de plaat is.
Verder kunnen we een geeuw echt niet onderdrukken bij stroperige kost als “Alphaville”  en “Heartache by numbers”, liedjes die in het kapsalon niet zouden misstaan maar bij ons moet u er niet mee afkomen.
En het kan nog erger. De stuntelige poging om iets met dance en elektronica te doen in “Shameless” is een complete afgang en Fery’s abominabele versie van de anders zo mooie Tim Buckley klassieker “Song to the siren”(helemaal onsterfelijk gemaakt door This Mortal Coil) is zo slijmerig dat onze tenen er zodanig gaan van krullen dat wij een bezoek aan de dokter niet langer kunnen uitstellen willen we die krengen terug op hun plaats krijgen. Ook afsluiter “Tender is the night” is een ongelooflijke stinker waar liters stroop aan hangen.
Zo kabbelen alle songs gewoon ongestoord verder. Ze mogen dan al gracieus klinken, ze weken helemaal niets los, of ’t is een pak ergernis.

Bryan Ferry’s nieuwste cd is dus al even glad gestreken als zijn kostuums. U mag het ding met de feestdagen gerust op uw salontafel laten liggen, maar wij zouden er maar al te graag onze gretig bijtende Jack Russel op afsturen om het schijfje vakkundig aan flarden te rijten. Zij naam is Iggy, zijn lievelingssong is “I wanna be your dog”, zijn motto is “Lust for life” (al geeft hij daar een heel eigen en tamelijk agressieve interpretatie aan) en hij bijt met plezier volledige stukken uit dure Versace kostuums. Geen fan van Bryan Ferry dus.

Astpai

Heart To Grow

Geschreven door

Ook in Oostenrijk vinden we liefhebbers van het punkrockgenre. Dat bewijzen althans de mannen van Astpai die met ‘Heart To Grow’ aan hun derde langspeler toe zijn. Op de plaat horen we een zeer afwisselende mix van punk, pop en hardcore in een vrij melodieus jasje waarbij we spontaan denken aan bands als Kid Dynamite, Strike Anywhere, None More Black en Good Riddance. De arrangementen zijn zeer gevarieerd, we horen de nodige tempowisselingen, er is samenzang en ook qua productie zit alles zit snor. De rauwe stem van zanger Zock is best te pruimen (jammer wel van dat Duits accent) en er is met “Man will oder nicht” zelfs een nummer in de eigen taal.  De songs zelf zijn degelijk maar jammer genoeg ook niet meer.
‘Heart To Grow’ is daardoor een degelijk maar zeker geen superalbum geworden en is eigenlijk alleen maar voer voor fans van het genre..



Dungen

Skit It Allt

Geschreven door

Dungen’s nieuwste album ‘Skit I Allt’ (vraag ons vooral niet wat het wil zeggen) is goed nieuws voor liefhebbers van de Zappa meesterwerkjes ‘Hot Rats’ en ‘The Grand Wazoo’, voor freaks die  een flinke streep Hendrix in hun kast hebben staan, of voor jonge gasten die Tame Impala een fantastisch groepje vinden. Met zijn allen mogen ze dit album aanschaffen om, al dan niet in het gezelschap van een schoon mokkel en een joekel van een joint, eens goed bij weg te zweven. Dit ding is echter zo psychedelisch als een vliegende roze olifant na het verorberen van een tiental LSD cocktails.
In tegenstelling tot de grote voorbeelden van begin jaren 70 houdt Dungen het bij vrij korte tracks, maar qua sound zouden we hen in een rokerige seventies jazz kroeg situeren waar de meest vreemde figuren aan de bar zitten en waar vroege Pink Floyd, Can, Traffic, The Doors, The Mothers Of Invention en zatte Jethro Tull in de juke box zitten. 
Gelieve u niet te storen aan het rare taaltje, dit zijn immers Zweden die in hun moedertaal zingen. U klaagt toch ook niet als u geen jota begrijpt van waarover het onaards mooie Sigur Ros het heeft.
Lekker geflipt plaatje. … Oh, ja. We weten toch wat de albumtitel wil zeggen, we hebben het opgezocht : “Fuck it all !”. De deugnieten.

Motörhead

The World is Yours

Geschreven door

Je kan er uw huis op verwedden dat Lemmy ieder optreden begint met de legendarische woorden “We are Motorhead and we play rock’n’roll”. Vervolgens geeft de band er een ferme lap op en krijgen de fans precies datgene waarvoor ze gekomen zijn, vuile en luide rock’n’roll.
Ook dit nieuwe album is zo voorspelbaar als de volgende aflevering van FC De Kampioenen. Luid, simpel, hard en steeds rechtdoor (ballads zijn taboe), met de steeds meer naar whisky ruikende gortige strot van Lemmy op het voorplan. Je kan de plaat onderling inwisselen met zijn twee voorgangers ‘Motorizer’ en ‘Kiss of death’, geen kat die het zal merken. Het niveau van hardrock mijlpalen als ‘Overkill’, ‘Bomber’ en ‘Ace of Spades’ zal wel nooit meer gehaald worden, maar het rock’n’roll- en drankgehalte blijven ongeroerd.
Is dit dan een goeie plaat ? Tuurlijk is het een goeie plaat. Dit is Motorhead !

Amatorski

Same stars we shared EP

Geschreven door

Een heerlijke, zweverige en adembenemende trip ervaren we als we de bedwelmende, dromerige ‘slowmotion’ fluisterpop van het Gentse Amatorski beluisteren. Ze hebben al schitterende plaatsen gehaald op het Oost-Vlaams rockconcours en de HRR. De songs hebben een soort ‘ijskristallen geluid en raken door de spaarzame, subtiele begeleiding, het getokkel op gitaar, piano, synths, xylofoon en soundscapes. Ingehouden en bevreemdend mooi. De elegante schoonheid en pracht wordt gedragen door die gevoelige, zalvende zang van Inne Eysermans. “Come home” en “The king” worden alvast naar boven gehaald als single!
Invloedrijk is de Scandinavische pop, Sigur Ros, Radiohead, Portishead en David Lynch. Dit is een band die vele zieltjes wint en live durven ze breder te gaan met sax. Zo zie je maar hoe je al vier songs op de EP een fijne draai kunt geven

Gotan Project

Tango 3.0

Geschreven door

Het Frans tango mindende  trio de Gotan Project viel al op met ‘La revancha del tango’ en ‘Lunatico’. Na een heuse worldtour, lives en dvds zijn ze toe aan de opvolger. Ze zorgden ervoor dat tango en elektronica op een stijlvolle manier en met gevoel voor klasse in de belangstelling kwam.
Gotan Project biedt een sfeervolle en zwoele Zuiderse sound, die innemend, aanstekelijk en groovy klinkt: filmische, beeldrijke muziek, die loungy en lekker dansbaar kan klinken. Het instrumentarium van bandoneon, violen, piano, percussie en elektronica is de outfit van het gezelschap, aangevuld met mannelijke en vrouwelijke stemmen en voicesampling, die de songs kleur en elan geven.
De kunstjes zijn altijd wel meer van hetzelfde, maar de flirt met dub en dance en de wegdromende en kabbelende geluidjes blijven aangenaam en knap gedaan!
“Peligro”, “La Gloria” en “Mi Millones” vormen het tango poppende decor van de derde cd. Puik werk dus. Benieuwd welke richting Gotan Project neemt in de toekomst …

Scissor Sisters

Night Work

Geschreven door

Het New Yorkse Scissor Sisters debuteerden in 2004 en onderscheiden zich met een geheel van poprock, ‘70’s glamrock, disco en ‘80’s kitsch. Jake Shears (de nieuwe Travolta, Freddy Mercury of een uit het leven gegrepen broertje Gibb van The Bee Gees) en Ana Matronic (Rosin Murphy van Moloko) zijn de spil.
Ze debuteerden met aanstekelijk, groovy en dansbaar materiaal als “Take your mama”, “Tits on the radio” en Pink Floyds bewerking “Comfortably numb” en plaatsten de band meteen op de kaart. Inderdaad, Bee Gees, Village People, FGTH, Pet Shop Boys en Dead or Alive in een nieuw kleedje gestopt. Homodisco, zonder pejoratief te willen klinken.
De vorige cd ‘Ta-Dah’ had meer pop en rock en was sfeervoller. Hits uit de cd waren “I don’t feel like dancin’” en “She’s my man”.
Na een sabbatical zijn ze er na vier jaar  terug bij. Ze deden beroep op elektronica wizzard Stuart Price van Les Rhythmes Digitales en Zoot Woman. Die invloed is onmiskenbaar op de nieuwe plaat. Scissor Sisters mogen hoedanook catchy en speels zijn, de songs raken minder. “Fire with fire” en “Harder you get” onderscheiden zich. Band op terugweg?!

Kristin Hersh

Cats & Mice

Geschreven door

Kristin Hersh maakte naam als frontvrouw van de Throwing Muses, een alternatieve ‘90s rockband met o.m. Tanya Donelly. Samen met Liz Phair en Polly Harvey zorgde ze ervoor dat vrouwelijke songwriters en - bands een speciale en voorname rol toebedeeld kregen. Een uitzonderlijk schrijftalent dus die na de Throwing Muses en het project 50 Foot Wave een handvol soloplaten uitbracht.
‘Cats & Mice’ is een live registratie van 19 songs, die een puik overzicht vormen van haar oeuvre en een paar Muses songs, aangevuld met een paar traditionals in San Francisco opgenomen. Intens broeierige, rakende songs, zacht, zalvend, scherp en rauw. Heerlijk gewoonweg hoe gevoelig de songs , met oog drama & melancholie klinken. De sober gehouden songs zijn introspektief, venijnig en kunnen van zich afbijtend, gedragen door haar emotievolle, lichthese vocals. In de songs voelen we de geest van vrienden Harry Smith en Vic Chesnutt. Tussenin doet ze haar verhaal wel eens. De laatste songs “You cage”, “Cuckoo”, “Your ghost” en “Teeth” zijn van grootse nostalgische waarde.

The Besnard Lakes

The Besnard Lakes … are the roaring night

Geschreven door

Het Canadese duo Jack Lasek – Olga Goreas zijn in zeven jaar nog maar toe aan de derde cd. Ze beschikken over een opname studio, die bands als Wolf Parade en Stars al de kans gaven hun materiaal op te nemen. Het duo zit muzikaal in de driehoek van indierock, postrock en shoegaze, haalt invloeden aan van oudjes Pink Floyd, Supertramp, haalt er de ‘90s bij van Cocteau Twins, My Bloody Valentine en leunt aan bij soundscapes van Sigur Ros en Archive.
Puike, pakkende, etherische melodieën, traag, slepende dromerige ritmes en gitaarerupties intrigeren en worden aangevuld met kleurrijke strijkers en synths, gedragen door gevarieerde, wisselende zweverige mannelijke en vrouwelijke vocals.
De twee intro’s niet nagelaten, horen we een handvol uitgesponnen, mooi uitgewerkte songs waaronder “Like the ocean, pt2”, “Land of living skies, pt 2” en “Light up the light” en intens spannende broeierige songs als “Chicago train”, “Albatross”, “Glass printer” en “And this is what we call progress”.
The Besnard Lakes zijn niet écht productief maar als ze eens samen een muzikaal offensief serveren, is het iets om U tegen te zeggen.

Pagina 420 van 500