logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15466 Items)

Amadou & Mariam

Welcome to Mali

Geschreven door

De worldpop uit Mali met bands als Ali Farke Touré, Toumani Diabaté, Tinariwen en het zeskoppige gezelschap onder het blinde echtpaar Amadou Bagayoko (zang/gitaar) & Mariam Doumbia (zang) scoort goed en heeft Europa veroverd. Amadou & Mariam braken door in 2005 met de cd ‘Dimanche à Bamako’, die in een productie was van Manu Chao. Meteen viel de hartverwarmende, swingende en groovy dansbare sound op door de dubbele percussie, spacey, trancy synths, de dwingende intrigerende gitaarloops en de aanstekelijke samenzang. De nieuwe cd is in de eerste helft erg fleurig van aard. Een verrassend stuwend geluid horen we in “Ce n’est pas bon”, “Magossa”, “Djama” en de prachtsingle “Sabeli”. Zonder hun authenticiteit te verliezen, klinken de Europese popinvloeden door. Naast die puike start klinkt in het vervolg de ritmiek van de afroworldpop goed door, maar op een song als “Masiteladi” durven ze wel eens stevig te rocken. En op die manier hebben we te maken met een opwindende plaat die alleen maar zieltjes kan winnen.

Jolie Holland

The Living and the Dead

Geschreven door

De 33 jarige Texaanse zangeres Jolie Holland komt in de spotlights met dit solo album ‘The Living and the Dead’. Zij is tevens mede oprichter van The Be Good Tanyas. Ze onderscheidt zich in eenvoudige traditionele sing/songwriterpop, geworteld in blues, country, folk en jazz en wordt gerekend tot de nieuwe lichting vrouwen americana. Ze heeft een kritisch scherpe blik en schrijft over de zelfkant van de maatschappij. We horen in de sfeervolle, dromerige en ingetogen nummers invloeden van Dylan, Waits, V.U., Janis Joplin en Lucinda Williams. “Mexico City”, “Corrido por Buddy” en “Your big hands” zijn de meer krachtige songs van de cd. Ze kreeg hierbij medewerking van Marc Ribot, Matt Ward en Rachel Blumberg. Een handvol ingetogen nummers als “You painted yourself in”, “Sweet loving man” en de gekende traditional “Love Henry” (ook nog door Dylan gespeeld) zijn uiterst sober gehouden en bezorgen ons kippenvel. Met simpele middelen overtuigt ze op de plaat en geeft ze de vrouwelijke songwriterpop een tijdloos karakter.

Sufjan Stevens

Run Rabbit Run

Geschreven door

’Run Rabbit Run’ is een door het Brooklynse strijkwartet Osso uitgevoerde herinterpretatie van Sufjan Stevens ‘Enjoy your rabbit’ uit 2001, met arrangementen van o.m. Michael Atkinson en Nico Muhly. De dames van Osso waren ook al te horen op Stevens’ meesterwerk ‘Illinois’ (2005). In de uitvoering van Osso zijn de songs bijna klassieke composities geworden en ondanks de verbouwing blijven ze duidelijk herkenbaar, die ook de gekte van het origineel behouden.
De kamermuziek klinkt allemaal wel leuk als tussendoortje, maar we kijken halsreikend uit naar nieuw werk van de grootmeester zelf.

De Anale Fase

Uittocht

Geschreven door

Een niet alledaagse groepsnaam is weggelegd voor het duo Anna Vercammen (zang/xylofoon/trompet) en Joeri Cnapelinckx (zang/piano/sampling). De Anale Fase, tja als peuter en kleuter doorspartelen we verschillende fasen om autonomie te ontwikkelen, brengt bijzondere liedjes, gedichten en teksten, die sober gehouden worden ; ze klinken speels, luguber en melancholisch. ze zijn sfeervol en dromerig, sierlijk en sprookjesachtig. De Anale Fase beheerst op ongelofelijke wijze het Nederlandstalige lied. “Madam op de pier” en “Mama onder de grond” trekken al meteen de aandacht. “Waar zijn alle meisjes heen” heeft een intrigerende opbouw en “Afvoerkut” en “Kapotlied” zijn trippende uptempo nummers. Moderne kamermuziek dus, ergens tussen de kinderlijke onschuld van Cocorosie en de niet alledaagse observaties van de Nederlandse Roosbeef …

The Leisure Society

The Sleeper

Geschreven door

The Leisure Society uit Brighton refereert aan sixties pop, americana en freefolk. Hun melodieuze indiepop biedt iets van Elbow, Port O’Brien, Fleet Foxes en door het brede instrumentarium komt Arcade Fire en Beirut gluren. Het zijn herfstige, zalvende droomsongs, die door de orkestraties, belletjes en melodica zeemzoeterig kunnen klinken. Mijmerend materiaal bepaald door het akoestisch gitaargetokkel en samenzang. Ze stralen in de donkere dagen een kerstsfeertje uit. “A fighting chance”, “ Ashort weekend begins with longing”, “ A matter of time” en de titelsong zitten subtiel en verfijnd in elkaar. Ingehouden klinken nummers als “The last of the melting snow”, “We were wasted”, “Are we happy?”, “Come to your senses” en het afsluitende “Love’s enormous wings”. Iets breder binnen die sfeervolle context is het overtuigende “Save it for someone who cares”. Het gezelschap rond Nick Hemming kan soms uitgroeien tot een 13 koppig gezelschap, wat het sierlijke, gracieuze materiaal optimaal ondersteunt.

Prefab Sprout

Let’s change the world with music

Geschreven door

’Let’s change the world with music’ …wat een droomtitel van een plaat. Niet verwonderlijk, de romantische songwriter Paddy McAloon van het Schotse Prefab Sprout zit hier achter. Hij intrigeerde midden de jaren ’80 met een paar puike platen dito singles. We plaatsen het even op een rijtje: doorbraak ‘Steve McQueen’ (’85): “Faron young” – “Appetite” – “When loves breaks down”; ‘From Langley Park to Memphis’: “King of rock’n’roll” – “Cars & girls” – “Hey Manhattan” en tot slot ‘Jordon: the comeback’ in ’90, één van de meest prestigieuze en perfect stilistische popplaten, minutieus uitgewerkte sprookjespop van het songschrijftalent, die zich probleemloos naast een John Lennon kon plaatsen.
Na deze meesterlijke plaat, hoorden we nog sporadisch van McAloon: in ’97 verscheen het bleke ‘Andromedia heights’, en de laatste jaren bracht hij solo nog een tweetal platen uit. Getergd van de muziekbusiness en geplaagd door partiële blind- en doofheid trok hij zich terug.
’Let’s change the world with music’ is een demoversie van een verkapt conceptalbum na ‘Jordon: the comeback’ die, ruim vijftien jaar later, ‘opgekalefaterd’ werd door Calum Malcolm. Ze werd toen na een handvol mislukte opnamesessies weg gekieperd. We horen restanten van hun meeslepende elegante, vakkundige, sfeervolle pop/soul/gospel. De eerste songs “Let there be music” en “Ride” hebben wat meer groove en drive, maar de daaropvolgende songs laten de fijnzinnig- en subtiliteit doorschemeren van heerlijke, ingetogen pop als “Music is a princess”, “Falling in love” en “Angel of love”. Een beetje zoals ‘The spirit of Eden’ van die andere befaamde perfectionistische songwriter, Mark Hollis van Talk Talk.

Soap&Skin

Lovetune for Vacuum /Marche Funèbre EP

Geschreven door

De 19 jarige Oostenrijkse Anja Plasch brengt intimistisch materiaal, bepaald door haar intens, bedreven en emotievolle klassieke pianospel, wat elektronica, beperkte drums en een band met strijkers en gedragen door haar indringende, soms hoog uithalende stem. Het zijn sfeervolle, sombere, donkere en onheilspellende songs, doordrenkt van melancholie en tristesse. Ze grijpen bij het nekvel en doen soms filmisch aan. Songs als “Sleep”, “Cynthia, “Spiracle” zijn ingetogen en sober door piano en stem. Filmmakers mogen bij haar eens aankloppen om “Turbine woomb” en “Mr Gaunt pt 1000” in de soundtracklist te plaatsen. De andere songs zijn wat breder van opzet en ondersteunen haar songschrijvertalent. Kortom, het zijn heerlijke parels van songs op ‘Lovetune for Vacuum’.

Ze refereert nauw aan oudgedienden Nico (VU), Kate Bush, Alison Shaw (The Cranes) en Hope Sandoval (ex Mazzy Star) en wordt in één adem opgenoemd met de huidige generatie Joan Wasser, Cat Power en Bat For Lashes. Maar even belangvol is dat ze teruggrijpt naar de oude 4ad stal van This Motal Coil, Elisabeth Frazer en Dead Can Dance. Ook horen we de weemoedigheid van 3 Mile Pilot en Black Heart Procession.

De EP ‘Marche Funèbre’ met twee bewerkingen van het nummer op haar debuut en een reprise van “Thanatos” klinkt eerder als een experimenteel project van haar. Op de eerste song druipt de kwelling er van af en de bewerkingen zijn een bevreemdende filmische trip die Soap & Skin’s grenzen verleggen door de (duistere) elektronica. Duivels, bezwerend, onheilspellend en verwarrend, dankzij de supports van Yrasor en DJ Kone. Het onderstreept haar veelzijdigheid als artieste binnen dat muzikaal landschap.

Vaya Con Dios

Comme on est venu …

Geschreven door

Eerst even een korte historiek tot de nieuwe plaat  …Vaya Con Dios werd opgericht in 1986. Dani Klein kwam in de belangstelling als guestvocaliste van Arbeid Adelt en samen met Dirk Schoufs en Willy Willy(Willy Lambregt) richtte ze Vaya Con Dios op. Ze maakten aanstekelijke popgroove van jazz, pop en zigeunermuziek, waarin heel wat Spaanse invloeden zaten. Ze braken door met de cd’s ‘Vaya Con Dios’ en ‘Night Owls’ en scoorden grootse hits als “Just a friend of mine”, “Puerto Rico”, “Nah Neh Nah”, “What’s a woman”, “Time flies” en “Sally”. Willy Willy vertrok en met het overlijden van Schoufs (tgv aids) klonk bij Vaya Con Dios vanaf ’92 de tristesse meer door. Ze liet zich omringen door een totaal nieuwe band en gaf de soul en de Latijns-Amerikaanse sounds meer ruimte. ‘Time flies’ kon nog rekenen op een sterke respons en “Heading for a fall” en de titelsong waren in de hitparade te vinden. De groep was erg populair in Duitsland, Frankrijk, Scandinavië en Z-Amerika.
In ’96 was Dani burnt-out van de muziekbusiness en liet het even voor wat het was. In 2004 werd de band opnieuw opgericht, verscheen eerder een onbeduidende plaat en werd aan de comeback een ‘Ultimate collection’ verbonden.
De meertalige Dani Klein, 55 intussen, liet zich voor de nieuwe plaat inspireren door het Franse chanson. Ze koppelt een Piaf, Brel en Gainsbourg aan Arno’s muzikale leefwereld en haalt pop, soul en jazz aan in de uiterst sfeervolle songs op ‘Comme on est venu …’. Ze kon rekenen op professionele muzikanten uit de jazzwereld en haar zoon Simon Schoovaerts producete de cd. De songs hebben een ‘du vin - du pain’ uitstraling en de klemtoon komt op de piano, akoestische gitaar, contrabas en mondharmonica en is breder door strijkers, toetsen en strijkers. De single “Les voiliers sauvages de nos vies” vormt het uitgangsbord van de sfeervolle plaat. “Matelots”, “Le compte à rebours” en de titelsong volgden. Intiemer klinken “Vingt ans” en “La vie ce n’est pas du gateau”, samen met Philip Catherine. Op “Il restera toujours” speelde Toots mondharmonica en “A en mourir pas”, “Il suffisait d’y croire” en “Pauvre diable” zijn krachtiger door de groove. Flamenco horen we op “La piropgue de l’exode”.
Het maakt van de Franse cd een uiterst gevarieerde plaat binnen zijn stijl. Dani Klein is op die manier in één adem op te noemen met die andere meertalige en ‘La douce France’ chansonniere Jo Lemaire , wat maakt dat het twee perfecte ambassadrices zijn …

The Maccabees

Wall of arms

Geschreven door

Het kwintet uit Brighton, The Maccabees, verrast aangenaam met de tweede cd ‘Wall of arms’. Ze overtuigen met aanstekelijke, broeierige en snedige indiepoprock; de opbouwende songs beschikken over een boeiende melodielijn en zijn gelinkt aan de ‘80’s waverock. Onmiskenbaar is de invloed van Arcade Fire en de zang van Win Butler. Maar we horen ook in de zang van Orlando Weeks Finn Andrews van The Veils weer. Trouwens, The Maccabees deden beroep op Markus Dravs, die eerder al instond voor het materiaal van … jawel Arcade Fire.
De eerste songs “Love you better”, “One hand holding” en “Can you give” vormen de toon van de sterke plaat. Persoonlijk kapen “Young lions” en “No kind words” de hoofdprijs. De afsluitende sfeervolle “17 hands” en “Bag of bones” onderstrepen de klassepopindie. We kunnen enkel maar zeuren over de aartslelijke hoes …

Tinariwen

Imidiwan: Companions

Geschreven door

De Touareg nomaden van Tinariwen zijn ontstaan in de rebellenkampen van Khadaffi, leiden een nomadenbestaan en vanuit de onderdrukking speelden ze ‘de tishoumaren’ (= muziek van de werklozen), een soort worldpop, die militant werd ervaren.
Tinariwen brak definitief door met de vorige plaat ‘Aman Iman’. Europa was onder de indruk van hun hypnotiserende retro/world/woestijnblues. Het zijn fascinerende songs die een sterke melodielijn hebben en je in een onweerstaanbare trance brengen door de bedwelmende klanken en ritmes. De gitaargrooves, de bluesy licks en worldpop laten je niet los en krijgen een zuiderse prikkel door de gevarieerde samenzang en de hoge vrouwenstemmen.
Invloedrijk zijn Jimi Hendrickx, Led Zeppelin, Robert Plant, Santana en geestesgenoten Ali Farka Touré en Nusrat Fateh Ali Khan. Ze eigenen zich terecht een plaatsje binnen de Afrikaanse bands uit Mali als Amadou & Mariam en Toumani Diabeté.
Het is heerlijk luisteren naar hun pittige, aantrekkelijke en aanstekelijke songs als “Imidiwan afrik tendam”, “Lulla”, “Tenhert” en “Tahult”, de sfeervolle “Enseqi ehad didagh”, “Tamodjerazt assis” en de onheilspellende trance op de instrumentale afsluiter.
Tinariwen behouden hun roots en deden beroep op hun producer van het eerste uur. Ze zijn een toegankelijke band die het nomadenbestaan vertolken en hun medereizigers een hart onder de riem steken in de Sahara.

Metric

Fantasies

Geschreven door

Het Amerikaans/Canadese Metric plaatste zich in de spotlights met hun dynamische live optredens op Les Nuits Bota en Pukkelpop. Ze zijn al toe aan hun derde cd, die de definitieve doorbraak in Europa betekende. Terecht, want we horen een afwisselend fris sprankelend en innemend album van synthgitaarpop van melodieus fijne en uitgebalanceerde composities. We zijn onder de indruk van hun groovy, opzwepende en hun sfeervol rustige songs, onder de bedwelmenende, dromerige zang van de bevallige spring-in-‘t-veld Emily Haines.
Het is radiovriendelijke muziek met puike synthrockende singles “Help, I’m alive”, “Sick muse”, prikkelen met “Stadium glove” en “Dead disco” en sluiten moeiteloos aan met het ingetogener werk als “Twilight galaxy” en “Collect call”. Een beklijvende acoustic gitaar/pianoversion van “Help I’m alive” besluit op overtuigende wijze de cd!
Ze komen vervaarlijk in de buurt van The Yeah Yeah Yeahs, halen rockinvloeden aan van The Breeders, Juliana Hatfield en graaien graag in het synthbakje van Garbage, Veruca Salt, Echobelly, Lush, Elastica en zorgen voor een heropfrissen van de ‘70s pop van Blondie.

Confuse The Cat

Kericky

Geschreven door

Confuse the cat dompelt de nieuwe langspeelplaat volledig in sprankelende, frisse wavepoprock onder. Invloeden van Psychedelic Furs en Gang Of Four zijn duidelijk hoorbaar in de stuwende rocksongs als “Koi”, “Get the bullets” en “Paul’s eyes”. De band houdt zich vast aan de eighties traditie en durft breder te gaan door vette basses, dubeffects en groovy reggaebeats, waaronder op “Jackal at 10 ‘O Clock” en “Snaky eyes”. Ze herinneren aan Pil’s Jah Wobble en ‘Sandinasta’ The Clash.
‘Kericky’ bevat pakkende en swingende songs, die het verdienen opgemerkt te worden.

Info op http://www.myspace.com/zealrecords

Assunta Mano

Say it

Geschreven door

’Say it!’ is de tweede cd van Assunto Mano, de semi-akoestische band rond de songschrijfster Assunta Mandaglio. Het is de opvolger van al in 2004 verschenen cd ‘A-get-well-balloon’ Haar gemoedelijke songwriterpop is gebaseerd rond haar gitaar – en pianospel en haar warme, sfeervolle stem, die ergens hangt tussen Norah Jones en Lize Accoe (ex Delavega). Melodieus dromerige, ontroerende songs, die een geheel zijn van pop, jazz, soul, blues en een vleugje latino en Africano.
Samen met haar begeleidingsband heeft ze een pak volwassen, uiterst genietbare, kleurrijke en afwisselende songs klaar. En ze weet je in te pakken met enkel sober gehouden, breekbare songs als “Daylight” en “Ghost”.
’Say it!’ is een gevarieerde plaat van een talentrijk singer/songwriter met Italiaanse roots. Ze deed beroep op de Londense producer Matt Foster, die eerder al instond voor werk van Jamiriquai, Coldcut , Sugababes en Whitney Houston.

Info op http://www.assuntamano.com

Archive

Controlling Crowds pt IV

Geschreven door

Archive brengt in een jaar tijd twee platen uit. ‘Controlling Crowds’, die begin het jaar verscheen, heeft een vervolg onder ‘Part IV’. Na beluistering van de nieuwe en een herbeluisteren van de vorige cd, blijkt dat de vorige indrukwekkender klinkt en iets meer bij het nekvel grijpt. De muzikale formule van Archive is nagenoeg hetzelfde. De uit Londen afkomstige band, gecentraliseerd rond het duo Darius Keeler en Danny Griffith, hebben een geheel unieke sound van ritmisch, slepende melodieën, huiveringwekkende, sferische soundscapes, trippop, industriële beats, ‘70’s psychedelica en indierock. Een bezwerende trip en een spannen broeierig geluid door de repeterende, opbouwende lagen gitaar, toetsen en percussie onder een rapzang en een aparte zang die soms hemels is en hoog kan uithalen. Archive komt hier het dichtst in de buurt van Massive Attack, Spacemen 3, Sigur Ros en Pink Floyd.
’Part IV’ is een episch avontuurlijk werkstuk van bombast en emotionele uitspattingen. De eerste songs boeien het meest, “Pils”, “The empty bottle” en de ijzig dromerige “Remove” en “Come on get high”, dan zijn er de psychedelische hip/trippende “Lines” en “Thought conditions”. Vanaf “The feeling of losing everything” gaan de vijf songs in elkaar over tot het afsluitende “Lunar bender”. Ze zijn sfeervoller en meliger en doen ietwat de spanning en intensiteit dalen, maar behouden Archive’s unieke subtiliteit. Ondanks dit minpunt houden we van hun doordachte muzikale trips, die over een brede horde fans beschikt; een band die een minimum aan singles uitbrengt en er op nahoudt weinig gedraaid te worden op de radio!

Mumford & Sons

Swoon

Geschreven door

Het uit LA afkomstige Silversun Pickups debuteerde drie jaar met de cd ‘Carnavas’ en de singles “Lazy eye” en “Common reactor”. Ze fristen het oude Smashing Pumpkins van het memorabele ‘Gish’ op. Een broeierig, spannend geluid door de snedige gitaarrockende partijen vs gevoelige popmelodie, een diepe bas en bezwerende, opzwepende drums. De aanzwellende riffs gaven kracht en dynamiek.
De opvolger ‘Swoon’ ligt in dezelfde lijn, en boeit door de repeterende en opbouwende ritmes en de dromerige melodieën. De pedaaleffects en fuzz klinken af en toe wat door en de strijkers vullen een sfeervolle toets aan het geheel. De aparte, onvaste en melancholische zang van Brian Auberts en de emotievolle backing vocals van Nikki Monniger passen binnen het plaatje van de grauwe pakkende pop.
De eerste songs “There’s no secrets this year”, “The royal we” en “Growing old is getting old” hebben een spannende opbouw, bevatten voldoende tempowisselingen en gaan naar een climax. De single “Panic switch” vormt hierin een hoogtepunt. Ze omzeilen de éénvormig- en éénduidigheid door de sfeervolle toetsen op “Draining” en “Sort of”, wat de sound breder maakt en zorgt voor variatie. “Catch & release” is door de orkestratie de melige song op de plaat. Op het afsluitende “Surronded of spiralling” herpakt de band zich en klinken ze als vanouds.
Het mooie is alvast dat ze binnen die broeierige intensiteit de gevoelige shoegaze van My Bloody Valentine en BRMC laten horen. Ondanks de sterkte van hun tweede plaat, verdienen ze meer belangstelling …

Them Crooked Vultures

Them Crooked Vultures

Geschreven door

Drie heren met een roemrijk rockverleden die samen een plaatje maken, dat doet algauw de term supergroep oplaaien. Vooral als het gaat om Josh Homme, John Paul Jones en Dave Grohl. Volgens ons is dit echter vooral Josh Homme’s album. Want, lets face it, de creatieve breinen in Led Zeppelin waren Page en Plant, en niet John Paul Jones. En in Dave Grohl herkennen we vooral een fenomenaal drummer en niet echt een begenadigd songschrijver (de echt goede songs van Foo Fighters kunnen wij op één hand tellen, en we hebben dan nog een vinger verloren bij ons laatste ontmoeting met de cirkelzaag).
Them Crooked Vultures is dus des te meer Homme’s project met een sound die je vooral in de buurt van zijn Queens Of The Stone Age moet gaan zoeken, inclusief vlijmscherpe riffs en potige (hard-) rocksongs zoals een kokend heet “New fang” of een stomend “Dead end friends”. Homme’s werk van de laatste maanden is ook nog vlotjes aanwezig, zo is “Elephants” een fantastisch gelaagde song waarin duidelijk nog wat overblijfselen van zijn avontuurtje met Arctic Monkeys te bespeuren zijn.
Het grote geschiedenisboek der rockgrootheden is eveneens niet dichtgelaten. De psychedelische inslag en het hoge stemmetje dat Homme er in opvoert doen het knappe “Scumbag blues” neigen naar Cream in hun beste periode. Het dichtst in de beurt van Led Zeppelin komt het trio bij “Reptiles”, maar voor de rest horen we weinig invloeden van bassist Jones’ voormalig bandje.
Bij “Bandoliers” zou je gaan zweren dat Homme in het spoor is gaan treden van zijn maatje Mark Lanegan ten tijde van diens Screaming Trees en de lome riff van “Warsaw of the first breath you take” grijpt terug naar het onvolprezen Kyuss, Homme’s formidabele eerste groep.
Homme heeft er dus wel duidelijk een gediversifieerd album van gemaakt, doch eentje naar zijn normen, een rockplaat pur sang met hier en daar een fijn zijstapje, net als bij QOTSA dus.
Met een andere drummer en bassist had alles volgens ons niet echt gek veel anders geklonken, wij hebben zo de indruk dat Dave Grohl en John Paul Jones immers niet zo erg hun stempel gedrukt hebben op dit plaatje. Maar dat ze dat live des te meer zullen doen, daar zijn we dan wel zeker van, want Grohl op drums is een werkelijke belevenis. We hebben hem al eerder fabuleus aan het werk gezien bij, jawel, Queens Of The Stone Age. Niet toevallig, zeker ? Helaas hebben we de man nooit zien uitfreaken bij het geweldige Nirvana, een trauma voor de rest van ons leven.
Them Crooked Vultures wordt dus ongetwijfeld een veel gevraagde band voor het komende festivalseizoen en met die ene plaat kunnen ze een duivelse pot rock’n’roll serveren.
Conclusie, Queens Of The Stone Age … euh sorry, Them Crooked Vultures hebben een ferme rockplaat gemaakt die zich op een podium ongetwijfeld nog veel vetter zal tonen.

Part Chimp

Thriller

Geschreven door

Tip: beuk eens een deur in met Part Chimp. Hun album ‘Thriller’ is daartoe de perfecte sloophamer. U breekt er meteen best het hele kot mee af, als u dan toch bezig bent, want dit beukt als een dolle bizon die op een dieet staat van adrenalinepillen, red bull, tabasco en speed.
Na ‘The chemistry of common life” van Fucked Up en ‘King of jeans’ van Pissed Jeans is dit al de derde uiterst bronstige en verpulverende plaat die we dit jaar door onze maag gesplitst krijgen. Heerlijke pokkeherrie om buren, schoonmoeders en vervelende huisdieren mee op stang te jagen.
Part Chimp grossiert in een soort stoner rock die, soms tergend traag en slepend als in “Dirty sun” en “Tomorrow midnite”, het bloed van onder je nagels haalt en die hard tegen alle muren inbeukt. Vanaf de overkokende opener “Trad” over het verwoestende “Sweet” (de song is in alle opzichten het tegengestelde van zijn titel) tot de verpletterende finale “Starpiss” moet alles er aan geloven wat ‘Thriller’ op zijn pad tegenkomt.
Tamelijk verpletterend plaatje, niet om aan te horen voor de ene, geniale gekte volgens een ander. Geweldig overdonderende heavy shit volgens ons. Een mokerslag.

Slaraffenland

We’re on your side.

Geschreven door

In de voetsporen van het Scandinavische Sigur Ros en Björk treedt Slaraffenland; ze zijn al toe aan hun derde cd en hebben een hechte band met Efterklang. Een klankenwereld opent zich binnen de popfolk en beeldrijke indietronica. ‘We’re on your side’ is de meest toegankelijke plaat totnutoe en kan een doorbraak naar een breder publiek forceren. We horen harmonisch, aanstekelijke melodieën door de verschillende gitaarlagen, knisperende, zalvende elektronica, aangevuld met blazers, orkestraties en een dromerige zang. Het zijn tien fascinerende songs, die een energieke schoonheid uitstralen en onderhuids refereren aan de schone kwaliteit van Arcade Fire.

The Bollock Brothers

Last will and testament

Geschreven door

Na meer dan 15 jaar hebben The Bollock Brothers, de band rond Jock McDonald een nieuwe plaat uit. Ze maakten voral furore in de jaren ’80 met talrijke EP’s, o.a. “The bunker” en “Horror movies” en een paar opzienbarende platen, ‘The last supper”, “Live performances”, “4 Horses of the Apocalyps” en een aparte versie van de Sex Pistols’ ‘Never mind the bollocks’. Ze waren de vaandeldragers van de Britse wavepunk en hadden zo eigen wave tune ontwikkeld. The Bollocks tellen momenteel ook twee Belgische groepsleden, nl. Jode Husentruyt en Patrick Pattyn (van het vroegere Nacht und Nebel). De sound op deze plaat heeft iets mee van Vive la Fete. Niet verwonderlijk, want ook Danny Mommens werkte mee aan een song, “Queen & Country”. Op de nieuwe plaat horen we enkele geremixte songs als “Harley david son of a bitch” en “The bunker” en worden enkele classics door de mallemolen gehaald, waaronder “Passion” en “My generation”. Leuk allemaal om het nog eens te horen, maar niet meer dan dat …

Rachel Unthank & The Winterset

The Bairns

Geschreven door

De zusjes Rachel & Becky Unthank hebben al een paar platen uit , maar kunnen met ‘The bairns’ meer respons verkrijgen. De uit Newcastle afkomstige zusjes zijn te situeren binnen de Britse folksfeer van de folkie songwriters Maddy Prior, June Tabor en Eliza Carthy. ‘The Bairns’ is een lange zit. Het eerste deel van de cd zit complexer in elkaar en vergt diverse luisterbeurten. Het tweede deel geeft de kans wat meer uit te kunnen blazen en bevat sober, ingehouden, toegankelijke folkpop met enkele kippenvelmomenten. De zusjes met hun sprookjesachtige vocals worden aangevuld met Belinda O’Hooley en Niopha Keegan. De songs spreken tot de verbeelding en stellen piano, toetsen en viool centraal. Dromerig materiaal, die het verdient een breder publiek te bereiken. Intussen doen de zusjes nu verder onder The Unthanks …

Jarvis Cocker

Further Complications

Geschreven door

Britpop en Pulp zijn de eerste gedachten als het over muzikale duizendpoot Jarvis Cocker gaat. Een man van vele gezichten, die z’n rijkdom aan ideeën en stijlvarianten plaatst binnen uitbundige, aanstekelijke, broeierige en intieme songs . Momenteel staat Pulp op non-actief en hoorden we hem in enkele gastrolletjes op platen van o.a. Air en Marianne Faithfull. Opmerkelijk is de samenwerking met Steve Albini die de Cocker sound compacter en directer maakt. Eenvoudige, doeltreffende pop dus.
Hij brengt stomende en dynamische Britpopgekte in “Angela”, “Richard” en de titelsong, maar koppelt het aan enkele ingetogen  nummers als “Leftovers” en “Hold still”. Of je hoort een dromerige crooner “I never said I was deep”. Op het afsluitende uitgesponnen “You’re in my eyes” stort hij zich in de ‘70’s soul/disco, die de sfeer ademt van Rose Royce en Marvin Gaye. Het onderstreept mans veelzijdigheid op het tweede solo –album, drie jaar na ‘Jarvis’.

Pagina 447 van 499