logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15613 Items)

Members Of Marvelas

Tuxedo Theory

Geschreven door

The Members Of Marvelas debuteerden een kleine twee jaar terug met een ideale kruisbestuiving van hiphop, rock, jazz en ‘70’s funk/soul. Hun crossover klonk opwindend, fris, hip en leuk.
De opvolger ‘Tuxedo Theory’ is minder direct, maar breder van opzet en klinkt persoonlijker, gewaagder en meer avontuurlijk. Ondanks het funk rockende, zomerse karakter kan de plaat alvast niet tippen aan hun overtuigende debuut. Overwegend is de plaat minder aanstekelijk  en broeierig. Een handvol songs beklijven door net die groove samen te brengen van een Urban Dance Squad, Massive Attack, DJ Shadow en Nas. “Zapper & the beast”, “Little Louie” en “The come down” zijn de Marvelous songs van hun tweede plaat.
Info op http://www.myspace.com/membersofmarvelas

Wire

Een concert van ups & downs: Wire

Geschreven door

Een stevige brok muziekgeschiedenis konden we met Wire het afgelopen weekend bewonderen. Na Gent was er vanavond afspraak te Brussel. Dertig jaar terug lag het songschrijversduo Newman/Lewis en drummer Gotobed aan de basis van de huidige rits postpunkbands; hun melodieuze arty punkyrock klonk rechttoe-rechtaan, uptempo, snedig en broeierig, had pakkende refreintjes en was af en toe iets subtieler. Op Pukkelpop 2003 kwamen deze vijftigers opnieuw samen en bundelden hun overtuigende EP’s ‘Read & Burn’ en de ‘Send’ cd met enkele oudjes samen, en gaven lik op stuk aan jonge bandjes door een hels moordende korte set. Na talloze projecten waaronder Newmans Githead brachten ze onlangs een nieuwe plaat uit ‘Object 47’. Het vierde origine bandlid Bruce Gilbert is vervangen door een gitariste, die op het podium het verst van de andere drie leden stond.

Een overwegend ouder publiek zag z’n helden van weleer aan het werk, en een handvol jongeren zagen waar een Franz Ferdinand, Pigeon Detectives en ga zo maar door de mosterd vandaan haalden. Newman had in z’n aktetas de tekstvellen mee, om deze tijdens het concert onder z’n leesbrilletje af en toe eens te spieken.
Een klein anderhalf uur lang grossierde het kwartet in hun materiaal en speelde een concert van ups& downs: er waren songs met een intense broeierige spanning, retestrak snel materiaal en enkele stuurloze niemandalletjes. Wisselend kwalitatief materiaal dus, waarvan de miltante noise injectie, die hun songs tijdens de vorige tournee prikkelden, afwezig bleek. Ze trokken alvast meteen de aandacht met “Our time”, “Too late” en “Comet”. En songs als “Being sucked in again”, “The Agfers of Kodack”, “Circumspect” en “I don’t understand” hielden hun muzikale zoektocht tijdens de set overeind. Hun directe, to the point en sfeervoller materiaal werd niet uitgesponnen en kreeg geen dreunende repetitieve ritmes mee.
Een prachtige bisronde onderstreepte de ‘eeuwige’ muzikale jeugdigheid van het kwartet met het opbouwend dreigende “Boiling boy”, het broeierige “Lowdown” en de springerige krakers “12 XU” en “160 beats That”. Wat Wire als een icoon binnen de punkwave plaatste en actueel hield binnen de Britpop en postpunk!

Support was de Londenaar Duke Garwood, die op z’n gitaar enkele experimentals en bluesslides ten beste tokkelde en speelde . Eerder was hij al zien in ‘a trubute to Gram Parsons’.

Organisatie: Botanique Brussel

Leffingeleuren 2008: zondag 21 september 2008

Geschreven door

Een stralende zondag en een ietwat ouder volkje. De jongeren waren wandelen gestuurd en de ouders waren te zien op het festivalterrein. Een kleine 5000 bezoekers zagen De Dolfijntjes Van Wim Opbrouck, Zita Swoon, Orishas en Arno.

Headphone gaf het startschot, debuteerde op het Cactusfestival en werd sindsdien door menig organisator geboekt. .Een ‘lazy sunday afternoon delight’ sfeertje creëerden ze met hun subtiel uitgewerkte dromerige pop.

Het feestgedruis kon worden aangevat met De Dolfijntjes XXL, het West-Vlaams gezelschap uit Harelbeke rond Opbrouck en Willaert. Al bijna twintig jaar zorgen zij voor grappig entertainment en nemen een loopje met klassiekers door eigen interpretaties, wat uitmondt in de meest onmogelijke medleys. Onversneden rock’n’roll versies in hun gekend West-Vlaams dialect, op accordeon, blazers en ritmesectie. De Dolfijntjes worden terecht omschreven als een hedendaags turboschlager orkest. Op een sterk niveau slaagden ze erin het publek uit hun dak te doen gaan met sloganeske, rijmende refreinen en een meezinggehalte!

Het was de eerste keer dat ik nu Stef Camil’s band aan het werk zag zonder z’n vroegere rechterhand Tom Pintens. Het is en blijft een groot gemis na al die trouwe jaren dienst. Een onwennig gevoel.
Zita Swoon bracht in 2007 de nieuwe plaat ‘Big city’ uit; de band balt een geheel van pop, soul, funk, jazz, latingroove, Balkan en cabaret samen en staat garant voor een broeierig, dansbaar setje. Een geheel eigen muzikale taal ontwikkelden ze! Ze ondernamen een heuse clubtournee, speelden enkele ‘BandInABox’ concerten en waren maar op een handvol festivals te zien. In elke tournee horen we een eigen specifieke invalshoek. Vooral in het eerste deel klonken ze uiterst sfeervol met “Qu’est ce que je veux”, “I feel alive in the city”, de requim to Jeff Buckley in “Song for a dead singer”, en “l’Opaque paradis”. In een partyswing kruidden ze “Thinking about you all of the time” en “People are like slamming doors” door dubbele percussie, Hammond toetsen en danspasjes van de backing vocalistes, de zusjes Gysel, en Stef Camil. Pas naar het eind hoorden we opwindende versies van een “Everything is not the same” en “Hot hotter hottest”.

Het Cubaanse Orishas zorgde voor een zomers geluid; een kruisbestuiving van pop, hiphop, latin, salsa en rumba, die aangenaam en aanstekelijk inwerkte op de dansspieren door de beats, scratches, trompet en zuiderse ritmes. De twee rappers en de zanger gingen enthousiast tekeer, wat de band heel wat respons opleverde. Een fijn feestje op valavond.

Arno: een enorm gerespecteerd man, le plus beau, roots te Oostende, tot ridder geslagen en de titel van ‘The hardest working man’. Inderdaad, wie Arno het laatste jaar niet heeft kunnen zien , moet erg veel gaten hebben gehad in z’n concertagenda. Samen met z’n band beschikte Arno over de juiste dosis ‘jus’ om frisse en ingetogen funkende rock te spelen en de kaart van ambiance te trekken. De pittige, strakke en venijnige aanpak blijft boeien, mede door een nieuwe, energieke gitarist, die Geoffrey Burton verving. Maar de pak optredens leveren een voorspelbare (soms dezelfde) setlist op, waardoor Arno niet echt meer verrast.
Hij stelde sterke songs voor van z’n ‘Jus de Box’ en grossierde in z’n rijkelijk gevulde oeuvre. Onvervalste rock hoorden we: “From Hero to Zero”, “Mourir à plusieurs”, “I’m not into hop”, “Ratata” en “Meet the freaks”. Wat hij afwisselde met een ingetogen “Lonesome Zorro” en “Les yeux de ma mère”. Het TC Matic materiaal “l’Union fait la force”, “Que pasa” en de instant klassiekers “Ooh lala” en “Putain putain” blijven tijdloos. Een ‘Best of’ die en verve besloten werd met “Les filles du bord de la mer”. Mooi om op zo’n 7 km van de kust al die kelen te horen meezingen en schreeuwen.

Organisatie: VZW de Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Leffingeleuren 2008: zaterdag 20 september 2008

Geschreven door

Stralend weer en een uitverkochte tweede dag te Leffinge, wat ongeveer 6000 bezoekers inhield! Het was koppen lopen in de concerttent bij de Nederlandse hiphop De Jeugd Van Tegenwoordig en onze West-Vlaamse Soulwax crew Goose. Hun straffe pompende electropunkfunkbigbeats zorgde voor een groots feestje!

De Verse Vis winnaars The Belgionites gaven het startschot van deze tweede succesvolle dag.
De smaakmaker bij de jongeren, vroeg in de namiddag, waren hun Jeugd Van Tegenwoordig. De drie MC’s en One DJ zijn erg populair en hadden al met twee nummers een hit 50 op zak, “Watskeburt” en “Hollereer”. De vier Nederlandse ‘schoffies’ waren ruim een kwartier te laat maar dit was niet erg, want ze staken meteen het vuur aan de lont met “Watsekeburt”. Het refrein werd luidkeels meezongen. De MC’s porden aan tot handjeszwaaien, jutten hun fansop en prikkelden met de ‘Hollandse hoeren’ bindtekst. Sloganesk vunzige taal die wat achterhaald klinkt, maar net die ongedwongen eenvoud en de pretentieloze attitude siert hen. Populair festivalbandje die de tent op z’n kop zette met hun praktisch onverstaanbare raps en simpel beatje!

Een uurtje zinderende garage rock’n’roll van drie in das en maatpak gekleedde heren. Dit kon maar ons eigen Triggerfinger zijn, die met de tweede cd ‘What Grabs Ya?’ definitief wisten door te breken. Hun zompig en retestrak setje werd en verve besloten door een uitgesponnen “Commotion” van CCR.

Rock Rally winnaar Mintzkov (uit 2000) was dit jaar weinig te zien in de clubs en op festivals. Met de cd ‘360°’ boden ze een strakker geluid, dat nauw refereerde aan de dEUS sound van broeierig bedreven gitaarpop. Het jaartje ‘rustiger aandoen’ liet sporen na qua belangstelling, wat niet belette een fris spelende band te horen met songs als “Safe house”, “Ruby red”, “Return & smile”, “Mimosa” en “One equals a lot”. Ze breiden er een schitterend slot aan met het opbouwende “Hitman” en het nieuwe singletje “Violetta”. Mintzkov maakte ons nieuwsgierig naar volgend jaar.

Het Franse Nouvelle Vague pijnigde onze hersenen met hun ‘80’s New Wave/Rock classics. Ze kregen een spaarzame begeleiding of ze stopten ze in een bossanova kleedje: sober, elegant en ontdaan van enige franjes, gedragen door de zwoele zang van de twee dames, waaronder deze van Phoebe Killdeer. Ze gaven de covers kleur door een passende act en hun sensuele danspassen.
De originele aanpak werd telkens beloond; hoogtepunten waren “Too drunk to fuck” (een maskeradebal), “God save the queen” (Sex Pistols unplugged), een handclapping “Not knowing” en een luidkeels meegezongen “Love will tear us apart”. En dan spraken we nog niet over “A forest”, “Human fly”, “The guns of Brixton” (de ontbrekende CocoRosie song!) en “Bela Legosi’s dead”. Nouvelle Vague koesterde ons mooie herinneringen van deze classics.

Een invloedrijke band op Triggerfinger was Jon Spencer. Beide bands waren op één en dezelfde avond op hetzelfde festival. “Ladies & gentlemen, here’s Heavy Trash” gaf frontman Jon Spencer, samen met de begenadigde gitarist Matt Verta-Ray aan. Het vijfkoppige bonte gezelschap speelde een heerlijk opgejaagd potje vettige rock’n’roll/rockabilly. Maar ze moesten eerst nog wat op dreef komen in hun rock’n’roll performance. Het publiek was te vinden voor hun aanstekelijke, wervelende, duivelse sound. Een stomend concertje!

Een nokvolle tent droeg het West-Vlaamse Goose op handen. De groep wordt haast een mythe van zichzelf. Wat een enthousiaste, uitzinnige menigte voor hun pompende electropunkfunkbigbeats! Het rockte en werkte aanstekelijk op de dansspieren. “British mode”, “Two Good Two Real”, “Black gloves” en “Low made” gingen naadloos over in het nieuwe materiaal “Audience”, “Girl” en “Everybody”. Snoeihard en energiek, een goed geoliede machine en topper van de tweede festivaldag!

Maar ook in het Zaaltje De Zwerver viel er heel wat te beleven en shame on you als je daar niet eens binnen ging. De organisatoren stelden enkele beloftevolle bands en artiesten voor.
Modey Lemon ontpopte zich als een Black Mountain maar dan binnen de retrogrunge. Mudhoney, Nirvana en Fu Manchu vlogen ons om de oren. Het trio breidde er een ongelofelijk slot aan met een krachtige, repetitieve, overrompelende song. Wat een samenspel gitaar, bas en drums! Overweldigend! En respect voor de bassist, die de pijn moest verbijten aan z’n stevig ingepakte voet.
Het powerrock trio Rose Hill Drive begon onwennig aan de set, maar het vertrouwen groeide. Ze behielden de aandacht met een rauw woestijnrockend geluid, dat refereerde aan vervlogen Kyuss tijden.
Van de Nieuw-Zeelandse schone Aka Pip Brown onder Ladyhawke hoorden we maar een paar songs, want de zaal was intussen volgelopen voor deze beloftevolle artieste die met “Paris is burning” een aardig hitje op zak heeft. Een beetje Kim Wilde, een beetje Avril Lavigne, maar dan eentje met een eigen gezicht …
Voor wie houdt van doorleefde soulpop van Bettye Lavette of Nicole Willis kon alvast ook terecht bij de beloftevolle Amerikaanse Stephanie McKay. Erkenning verdient ze met haar pas verschenen tweede album ‘Tell it like it is’. Verrassend mooi was de puur oprechte emotievolle sound en haar pakkende overtuigende stem.

Het deejayende drietal Kraak & Smaak uit Leiden zijn aan een wereldwijde opmars bezig met hun nieuwe cd ‘Plastic people’. Samen met een zanger en een zangeres brachten ze voldoende variatie aan in hun trippende funkende house en zalvende, smaakvolle loungy beats. Zelfs het vleugje wereldmuziek klonk best aardig. Partymuziek voor wie minder aan die straffe, pompende beats is van Goose.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge


Leffingeleuren 2008: vrijdag 19 september 2008

Geschreven door

Voor de 32ste editie had de organisatie van Leffingeleuren terug een mooie affiche klaargestoomd. Een gevarieerde affiche van smaakmakers van eigen bodem, internationale bands en enkele beloftevolle ontdekkingen. Leffingeleuren, in het pittoresque Leffinge, trekt een definitieve streep onder de festivalzomer.
De locatie nodigt uit om een kijkje te nemen. Het festival is letterlijk rond de kerktoren gelegen, met langs de ene kant Zaal De Zwerver, en langs de andere kant het festivalterrein, dat naast de concerttent, mooi was opgedeeld met drank- en eetstandjes. En aan de muur van de kerk heb je de Berbertent met doorlopend projecties op groot scherm, de ‘1 Minute Film & Sound Awards’ en concertfragmenten van de ‘Later …with Jools Holland shows’.
Net als vorig jaar was het goede weer van de partij! En een nieuwe recordopkomst van ruim 16000 bezoekers.

Een overzicht
dag 1: vrijdag 19 september 2008
Het dansminnende publiek werd op hun wenken bediend in de grote concerttent met Arsenal, Stereo MC’s en Discobar Galaxie en in De Zwerver kon je terecht voor enkele beloftevolle ontdekkingen, als Gotye, Flobots, Girls In Hawaii en Lady Linn & Her Magnificent Seven. We merkten al een uiterst tevreden organisatie op die vandaag kon rekenen op een 5000 tal bezoekers.

Het rockende danscollectief uit Antwerpen A Brand opende eerst de 32ste editie van het festival. Het kwintet in wit glanzend maatpak en zwart hemd was vanaf de nieuwe cd release ‘Judas’ in augustus op elk festival te zien: een goed geoliede machine, die melodieuze aanstekelijke (ambiance) rocksongs biedt, die snedig klinken of een sfeervolle opbouw hebben. Een mengeling van rock, glamrock, ‘60’s pop, ‘70’s retro, funk en bigbeats. Een mooi afwisselend geheel die te horen was in kleppers als “Hammerhead”, “Time”, “Beauty booty, killer queen”,“Riding your ghost” en in subtieler werk als “You work”en “Mad love sweet love”. Hun inventieve gitaarmedley van “Block rockin’ beats” - “Poison” en hun ‘Rendez Vous’ cover van ACDC’s “Thunderstruck” (in de bis) zorgden voor een sterk onthaal en handgeklap.

Arsenal bouwde het feestje verder uit met hun zuiderse zomerpop van een elektronisch klanktapijt, latino, pulserende beats en een warme samenzang. Ze wisselden het werk van de nieuwe plaat ‘Lotuk’ (“Turn me loose”, “Estupendo” en de titelsong) af  met klassiekers als “Switch”, “Longee”, “Personne ne bouge” en “Saudade”. Arsenal zweepte het publiek op en werden op handen gedragen. Het sfeervolle “Either” benadrukte de gepassioneerde zang tussen Leonie en John Roan. Een uitgesponnen aanstekelijke “A volta” in de bis maakte het Feest en Fun setje compleet!

Stereo MC’s sloegen in de jaren ’90 de brug tussen pop, elektronica, mellow hiphop en funk. De band, rond het duo Birch/Hallam, creëerde aanstekelijke danspop. Ten dele horen we op de recente platen ‘Paradise’ en ‘Double Bubble’ nog die sound. Ook live heeft de band te kampen met dit probleem; aanvullend met twee dansende ‘Gruppo Sportivo’ danseressen en backing vocalistes, speelden ze enkele swingende, goed verteerbare nummers; de beste nieuwe songs (“Here & Now”, “Karaoke” en “Show your light”) met een pompend beatje zaten in het begin van de set. Na de classics “Connected” en “Deep, down & dirty” verrasten ze niet meer. Best aardig en leuk, maar te vertrouwde ‘old school’. De aandacht verscherpte opnieuw met de afsluitende “Step it up” en “Black gold”.

In de grote concerttent kon het dansfeestje worden besloten met het after party gezelschap Discobar Galaxie.

In De Zwerver waren we onder de indruk van Gotye. Het Australisch/Belgisch éénmansproject van Wouter ‘Wally’ De Backer (van origine een Belg uit Brugge, maar al jaren verblijvend in Melbourne, krijgt een verdiende airplay op z’n tweede plaat ‘Drawing like blood’. Onze jonge hyperkineet bespeelde het ene na het andere instrument, van piano, toetsen, drums en dubbele percussie tot de sounds op z’n laptop. Hij ontpopte zich als een jonge ‘do-it-all’ Beck Hansen en Jerboa. Singer/songwriterpop, funk, ‘80’s electro, trippop, r&b en sampling. De projecties op het podium gaven kleur. Makkelijk kreeg hij het publiek aan zijn zijde met “The only way”, “Coming back”, “Hearts a mess” en een in’60’s gedrenkte “Learnalilgivinanlovin’”.

Net als Does it offend you, Yeah op Pukkelpop waren we onder de indruk van het hier onbekende Amerikaanse Flobots uit Denver. Het gezelschap zette de zaal op z’n kop met hun ‘happy together’ materiaal van opzwepende rock, hiphop, punk en folk onder een rappende samenzang. Hotsende eerste rijen en een zwierige sound! Een aangename kennismaking dus met deze uitstekende live band.

We zagen nog een glimp van onze Waalse vrienden Girls In Hawaii. ‘Plan your escape’ betekende hun doorbraak in Vlaanderen. Een enthousiaste menigte zag een standvastige en een zelfverzekerde band, die boeide met hun broeierige, dromerige en frisse gitaarindiepop, die zeggingskracht kreeg door de zalvende zang van Antoine en Lionel. Ze waren te horen in een decor van een knusse huiskamer van tv’s en ‘lampedeires’. Ingenieus bandje!

En tenslotte konden we nacht ingaan met Lady Linn & Her Magnificent Seven. Bezig bijtje Lien Degreef  stond al in de spotlights bij de dancepop van Bolchi en de hiphop van Skeemz. In de huidige hype van sensueel, zwoele funkende jazzsoulpop van de dames Adele, Duffy, Estelle, Gabriella Cilmi en Amy Wanehouse graaft onze Lady Linn nog dieper in het muzikaal archief van‘50’s jumpin’ jive en ballroom jazz. De Zwerver toverde ze met haar swingband om in een rokerige jazzy nightclub. We hoorden pareltjes van songs als “Harlem on parade”, “Here we go”, “Cool down” en “I don’t wanna dance”. Verrukkelijke muziek, een ontwapende glimlach van Lien en een belevenis om aan het werk te zien.

Organisatie: VZW de Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

 

 

 

Zoo Army

507

Geschreven door

Zoo Army is een Duitse band die haar muzikale ideeën uit via Alternative Rock. Anno 2008 hebben ze er weer een nieuw album op zitten, namelijk ‘507’. Wat me onmiddellijk opvalt aan het artwork is dat Petra Buhl, die voor het artwork gezorgd heeft een passie deelt met mij: namelijk de vuilmakerstruc van Photoshop. Had ik het geweten, dan had ik me persoonlijk aangeboden om voor het artwork van de nieuwe Zoo Army te zorgen. Aangezien dit nu niet het geval is, beperk ik me tot het bespreken van de muziek op ‘507’.
We krijgen dertien nummers voorgeschoteld die met hun moderne, toegankelijke sound prima thuishoren op een zender als Studio Brussel of een festival als Pukkelpop. Ondanks het feit dak ik dit een prima plaat vind in het genre Alternative Rock, krijg ik snel de neiging om een andere cd te draaien. Veel nummers beginnen met een tamelijk heavy riff die mij wel aanstaat, maar dan wordt het weer zeikerig in plaats van de agressie de vrije loop te laten. Daar door staan er veel gemiste kansen op dit album. Ze hadden de tracklist wel wat anders mogen samenstellen, want nu lijkt het alsof al de rustigste nummers op het einde van de plaat staan, waardoor we niet echt kunnen spreken van voldoende variatie.
Ik ben niet echt overtuigd van deze plaat en zal ze wellicht nooit meer beluisteren. Maar ik ben ook niet echt een groot liefhebber van dit genre. Mensen die Alternative Rock super vinden, zullen deze cd wel meer kunnen appreciëren denk ik.

Haggard

Tales Of Ithiria

Geschreven door

Ik weet nog goed welke kippenvelmomenten me passeerden toen ik ‘Epur Si Muove’, Haggards vorige meesterwerkje, voor het eerst afspeelde. Ik vond het gewoon een killer album. Eind augustus 2008 kwam het nieuwe album uit, getiteld ‘Tales Of Ithiria’. Ik was benieuwd of Haggard er opnieuw zou in slagen mij te betoveren met hun prachtige combinatie van Death Metal en klassieke muziek.
Is dit album nu even geslaagd als ‘Epur Si Muove’ of ‘Awakening The Centuries?’
Zoals Michael Kyle het zou zeggen: “Eeeeeeeeeeeh nè!” Na verhalen over Nostradamus en Galileo Galilei, haalt maestro Assis Nasseri inspiratie uit zijn eigen fantasie. Dit album verhaalt gebeurtenissen in Ithiria. Ik kan jullie niet meer vertellen over het verhaal, want uit de lyrics ben ik nog niet veel wijzer geworden. Dus zullen we het maar over de muziek hebben.
Haggard klinkt nog steeds als een combinatie tussen Death Metal en klassieke muziek. Al is de Metal soms wel erg ver te zoeken op dit album. En als we al eens gitaren horen, dan klinken ze tamelijk rommelig en te zacht in de mix. Zelf de grunts zijn soms niet heelhuids uit de productie gekomen.
Naast gewone nummers zijn er ook gesproken inleidingen op dit album en die zijn ingesproken door niemand minder dan Mike Terrana.
Buitenbeentje op het album is “Hijo De La Luna”, de bekende Spaanse traditional, dat ondermeer werd gecoverd door Belle Perez. En als er iets is waar ik een Metalplaat niet mee wil associëren, dan is het wel Belle Perez. Nog een minpuntje erbij dus.
Fans van Haggard kunnen dit album gerust aanschaffen, maar zij die nog nooit van Haggard gehoord hebben raad ik aan om te beginnen met de albums ‘Epur Si Muove’ en ‘Awakening The Centuries’. Die zijn namelijk stukken beter dan Tales Of Ithiria.

Lightspeed Champion

Falling off the lavender bridge

Geschreven door

Je moet het maar kunnen, eerst deel uitmaken van een noise gezelschap en dan moeiteloos overstappen naar singer/songwriting vol melancholische countryrock. Devonte Hynes, één van de spils van Test Icicles, nog maar 21, liet de band opdoeken en koos voor deze aanpak. Z’n debuut heeft veel mee van AMC, Bright Eyes en Lemonheads. Soms zijn nummers omlijst door een breed instrumentarium als akoestische gitaar, steelpedal, piano en strijkerarrangementen als op het sfeervolle “Devil tricks for a bitch”, het opbouwende aan Sigur Ros gelinkte “Dry lips” en het uitgesponnen “My time spent down”; of ze worden sober gehouden, “Salty water” en “Everyone I know is listening to crunk”. De vrouwelijke backing vocals bieden een meerwaarde.
’Falling off the lavender bridge’ is een moedig, gevarieerde en weemoedige plaat!

Madrugada

Madrugada

Geschreven door

Het Noorse Madrugada zal binnenkort Scandinavische rockgeschiedenis zijn, want de band onder zanger/songschrijver Sivert Hoyem trekt na deze vijfde cd een definitieve lijn. 15 jaar lang hielden zij het midden tussen Cave en Tindersticks. Het onverwachts overlijden van mede songschrijver Robert Buras zal hier wel voor iets tussenzitten. En eigenaardig genoeg vinden we nu net een nummer dat Buras voor de eerste keer zelf inzong, het intieme op akoestische gitaar toongezet, “Our time won’t live that long”.
Deze afsluitende Madrugada plaat klinkt erg overtuigend. We horen twee prachtige openers, “Whatever happened to you”, en “The hour of the wolf”; het zijn strak gebalde, vettige rockers. “Look away Lucifer” en “Valley of desception” zijn de hardere, broeierige songs met een dreigende ondertoon, die doen denken aan het huidige werk van Cave. En de groep onderscheidt zich in een handvol donkere, sfeervolle nummers: “Honey bee”, “New woman/new man” en “What’s on your mind?”
Een indrukwekkende parel en een bezielde, eerlijke plaat! Een mooier eerbetoon kon Buras zich niet voorstellen ….

Friendly Fires

Friendly Fires

Geschreven door

Het Britse Friendly Fires debuteert met een melodieus aanstekelijk popdance plaatje. Het trio haalt verschillende invloeden aan als The Klaxons, !!! en LCD Soundsystem , combineert ‘70’s funk, ‘80’s Talking Heads en de electro van New Order. Hun geluid past perfect binnen het concept van de new rave. Het levert hen een luchtig en vrolijk plaatje op: “Jump in the pool”, “In the hospital” en “Paris”. Naast een pompend beatje klinkt het gezelschap wat sfeervoller en laten wat meer trance en zalvende beats doorklinken als op “Strobe”, “Skeleton boy” en “Photobooth”. De dansspieren worden aangesproken op “On board” en “Lovesick”, nummers die onze Stijn het nakijken geven door die groovende funky beat. Dit is een heerlijk afwisselend plaatje in z’n genre.

Outside IV 2008: 10 jaar Brieljant Deinze met Belgian Asociality en Red Zebra

Geschreven door

Kleine festivalletjes, ze zijn zo sympathiek, maar ’t is toch o zo moeilijk om iets uit de grond te stampen en een beetje volk bijeen te krijgen. Bij Brieljant hebben ze nog zo hun best gedaan, maar qua opkomst was het hoegenaamd genen vetten. Jammer, want waar ga je elders nog binnen voor 5  EUR en heb je vier pinten voor 5 EUR (jawel ,Schuer, vier)? Kortom, hier was je binnen en was je bovendien nog eens poepzat voor de prijs waar je in Werchter je parking voor betaalt, voor één dag.

De groepjes waren dan ook nog eens goed op dreef, zoals bijvoorbeeld Fanfaar, een soort Green Day lookalikes met het juiste gevoel voor humor en frisse Nederlandstalige poppunk songs, best wel leuk.

Goeie ouwe Belgian Asociality zijn na al die jaren nog steeds grappig, spelen rechtdoor hardcore en punk en beleven op een podium nog altijd de tijd van hun leven. Vette funpunk om stevige potten bier bij te drinken, wat wij dan ook gedaan hebben.

Red Zebra klinken ook nog best stevig, ook al speelden ze weinig van de gekende ‘oldies’, met uitzondering dan van “The art of conversation” en het onvermijdelijke “Can’t live in a living room”. De Zebras van vandaag hebben een ietwat meer punky sound en minder eighties wave. Vandaar dat ze ook niet gedateerd of belegen klinken en aan hun enthousiasme te zien zullen ze nog wel een tijdje doorgaan.

Organisatie: Brieljant Deinze ism Stadsbestuur, Deinze

The Melvins

Melvins en Co: één grote vriendenclub!

Geschreven door

De openingsavond van het najaarseizoen van de Democrazy werd geopend met de legendarische en onnavolgbare meesters van de oergrunge, The Melvins. Deze cultband uit Seattle, USA, rond zanger/gitarist Buzz Osborne aka King Buzzo en drummer Dale Crover doen inmiddels 25 jaar hun eigen ding. Hun mengeling van alternatieve metal, sludge, punk, noise en grunge was van grote invloed op vele bands die vandaag en in het (recente) verleden het mooie weer maakten: Nirvana, Tool, Mastodon, Eyehategod, Tad, Soundgarden, Crowbar, Clutch, Boris, etc. Toch wisten ze altijd net dat tikje anders uit de hoek te komen dan hun collega's, vooral door hun experimenteerdrang, hun moeilijk te categoriseren muziek en cryptische en humoristische teksten.

Een goed gevulde Vooruit (zo'n 1000 aanwezigen) was getuige van een sterke performance van deze veteranen waarbij de nadruk vooral lag op hun laatste 2 albums, 'Nude with boots' and 'A senile animal.' Hierop staat het 'double drums-concept' centraal: 2 drummers (vast lid Dale Crover en Big Business-drummer Coady Willis) die er aardig op los mepten en zorgsen voor de nodige drive en energie en bovenal een aparte beleving. Jarred Warren (Big Business- zanger en bassist) klonk als de jonge King Buzzo en was gehuld in een matroosoutfit, een leuk zicht. Zanger/gitarist Buzz Osborne was met zijn eigenzinnige kapsel een aparte verschijning en zorgde voor zijn herkenbare vocals en heavy, groovy  riffs. We hoorden vrijwel de gehele 'Nude with boots' plaat passeren met knappe songs als "The kicking machine", "Dog island", "Suicide in progress", "The smiling cobra" en het titelnummer. Van voorganger 'A senile animal' werden o.a.. "The talking horse", "A history of bad men", "The mechanical bride" en "Civilized worm" gespeeld. Tijdens het optreden werd duidelijk dat hun 'classic rock'-roots op de voorgrond stonden en het experiment werd tot een minimum beperkt (behalve enkele noisy soundscapes/intermezzo's). Vooral Black Sabbath, Kiss en Led Zeppelin klonken door.
Minpunt was dat de iets oudere fans weinig herkenbaar spul voorgeschoteld kregen, enkel "Honey bucket", "Joan of Arc" en "Oven" werden gespeeld.

Hiermee bewezen The Melvins nog altijd hun onvoorspelbaarheid en eigen identiteit. Een dynamische en rauwe set. Much respect!!!

Support-act Big Business (tevens ritmesectie van The Melvins) werd live bijgestaan door Melvins-drummer Dale Crover die nu zorgde voor de vette gitaarpartijen en een extra drummer. De songs uit 'Here come the waterworks' en ‘Head for the shallow' bevatten elementen uit stoner rock, sludge en punk en live misten deze knallers hun doel niet. Dit smaakte naar meer!

Opener was Porn (voorheen The Men of Porn) uit San Francisco die een instrumentale set serveerden van noise, metal, stoner rock en sludge. De combinatie van 2 synchroon spelende drummers (waaronder Dale Crover), loodzware riffs en creepy distortion, feedback en effecten werd maar matig ontvangen. Er was ook niet echt sprake van nummers of structuren, het was één lange jampartij van 30 minuten. Enkel voor de die hards en noise freaks onder ons!

Organisatie: Democrazy, Gent

The Stray Cats

Fun, ervaring en enthousiasme

Geschreven door

Reünies, vaak gaan ze gepaard met schaamteloos geldbejag (iemand The Police of The Sex Pistols gezien?) maar al even vaak krijgen we een bende te zien die het stomende bloed van weleer hebben teruggevonden en er terug invliegen als in de prille dagen. The Stay Cats vallen gelukkig in deze tweede categorie, hun enthousiasme op het podium werkte in Brussel zeer aanstekelijk en sloeg over op het publiek die het trio bedankte met een uitgelaten respons. Brian Setzer manifesteerde zich als een briljant gitarist (voor wie daar nog aan twijfelde), maar het waren vooral Slim Jim Phantom en Lee Rocker die zich het meest amuseerden, de eerste al staande knallend op zijn sober drumstelletje en de tweede versmolten met zijn contrabas alsof het een bijzonder schoon vrouwmens was. Van bij de eerste tonen van “Rumble in Brighton” zat het snor en bewees het trio dat ze met heel hun lijf en brein in de rock’n’roll gedrenkt zijn.
Ervaring zat, alsook talent, maar ook overtuiging, fun en energie,dat maakt dat The Stray Cats anno 2008 nog steeds voor een vettig potje rockabilly kunnen zorgen. En zoals het een goede reünie betaamt, werden er geen nieuwe dingen uitgeprobeerd maar werden gewoon de oude classics uit de kast gehaald en gespeeld met een enthousiasme van “hop, stop maar een staaf dynamiet in ons hol en steek die lont aan”. In bijna twee uren passeerden gloeiende stampers als “Runaway boys”, “Gene and Eddie”, “Rock this town”, “Stray cat strut” en een sterk en fel “Fishnet Stockings”.
Twee uur compromisloze rockabilly en rock’n’roll, meer moet dat niet zijn. Des te jammer dat het nu wel de allerlaatste Stray Cats tournee was, het ding heet dan ook ‘The Farewell tour’. De heren vonden het zelf ook een beetje spijtig, want de gemeende en uitbundige reactie van een uiterst dankbaar publiek deed hen toch duidelijk iets. Dank u wel, Stray Cats!

Organisatie: Live Nation

3Tri State Corner

Ela Na This

Geschreven door

Whoehaa, Bouzouki Metal! Dat was de eerste gedachte die in me opkwam toen ik begon aan alweer een nieuwe muziekervaring. Want 3tri State Corner heeft met ‘Ela Na This’ een album afgeleverd vol moderne, toegankelijke Metal doorsprenkt met bouzoukisolo’s. Mij hoor je alleszins niet klagen. Ik ben namelijk dol op zo’n muzikale avontuurtjes!
Na sterke opener “Back Home” en een bouzoukiloos “My Saviour” komen we bij het titelnummer en tevens één van de hoogtepunten van de plaat. Nadeel aan dit nummer is het hoge Eurosongfestival gehalte. Nummers als “Out Of Sight” en “Welcome To My Paradise” bewijzen dat 3tri State Corner het niet nodig vond om de bouzouki in elk nummer te laten meespelen. Jammer, want de nummers met bouzouki maken dit album juist zo speciaal. Anders zou het een gewoon inwisselbaar Metalalbum geworden zijn dat verder geen aandacht verdient.
Het valt me wel op dat de drums wel erg simpel zijn, terwijl de gitaarriffs blijk geven van wat meer ervaring. De zang kan er nog mee door, maar gaat snel vervelen. Dit album is leuk als achtergrondmuziek, maar het zijn alleen maar de bouzoukisolo’s die het geheel de moeite waard maken.

Burning Brides

Anhedonia

Geschreven door

Burning Brides is een powertrio onder zanger/gitarist Dimitri Coats uit Philadelphia. Ze vielen al op als support van Monster Magnet en QOSA. Ze putten uit deze bands om hun retro/stonerrock elan te geven . Hun EP’s en het debuut ‘Fall of the plastic empire’ (’01) refereerde nauw aan het eerste werk van QOSA en (Slain By)Yatsura.
Ze zijn zo’n tien jaar bezig nu en de nieuwe plaat breidt een mooi vervolg op ‘Leave no ashes’ van 2005. Het vorig jaar verschenen ‘Hang love’ ontsnapte aan onze aandacht.
’Anhedonia’ is een strakke, compacte plaat waarop ze eens sterk kunnen uithalen met “Lovesick”, “Summer leaves” en “If one of us goes further”; of intrigeren met een broeierige opbouw en slepende ritmes op “Hurry up”, “Comfortably dumb”, “This is a wave” en “Fire escape”. Simpelweg schitterend! De bredere opzet heeft ook z’n minpunten met doordeweeks materiaal; luister maar naar “Flesh & bone” en “Heavy rocks”.
’Anhedonia’ klinkt minder vettig en zompig dan hun ouder materiaal, maar doet geen afbreuk aan hun muzikaal uitgangspunt van ‘90’s retro/stonerrock, die bands als QOSA, Mark Lanegan Band en z’n oude Screaming Trees hoog in het vaandel houden.

Stereo MC’s

Double Bubble

Geschreven door

Stereo MC’s sloegen in de jaren ‘90 de brug tussen pop, elektronica, mellow hiphop en funk. Een aanstekelijke, dansbare sound creëerden ze met songs als “Bring it on”, “Connected, “Step it up” en “Deep, down & dirty”.
Sinds hun terugkeer in 2001 behouden ze ten dele de frisse, bruisende sound. Er is steeds sprake van enkele swingende nummers, maar al gauw klinkt de band oud vertrouwd, goed verteerbaar en verrassen ze niet meer; wat hen een beetje ‘old school’ maakt. De vorige cd ‘Paradise’ was er al een mooi voorbeeld van en ook de opvolger ‘Double Bubble’ tapt uit hetzelfde vaatje.
De band rond Rob Birch/Nick Hallam boeit met nummers ‘Get on it’, ‘The here & now’, “Karaoke” en “Show your light” , en verbaast met het ingetogen, sfeervolle “Coming home”, bepaald door akoestische gitaar en gedragen door de innemende stem van Birch. De rest van de cd is best aardig maar is op herhaling gebaseerd. Half trouble met ‘double bubble’!

G. Love & Special Sauce

Superhero Brother

Geschreven door

G Love & Special Sauce is gecentraliseerd rond de muzikale duizendpoot Garrett Dutton. In ’94 verbaasde hij met z’n ‘laidback’hiphopblues, die aanstekelijke ritmes en fijne grooves bevatte, onder z’n neuzelende zegzang.
In hun vijftienjarige carrière bracht hij platen uit met hetzelfde recept, pittig popgekruid, en waarvan het resultaat geslaagd én minder geslaagd was. Intussen ontpopte G Love zich ook als een getalenteerd schrijver, acteur en producer.
G Love zit nu op het label van de beloftevolle artiest Jack Johnson en hij tekent met ‘Superhero Brother” al de tiende cd.
Een gevarieerd plaatje van twaalf songs werd het: doordenkt van de blues zijn “Wiggle worm”, “Grandmother” en de titelsong, die tuimelen in het muzikale verleden van G Love. “Who’s got the weed” geeft de inspiratie aan en verbergt z’n liefde aan cannabis niet.
We horen een forsere, krachtige groove op “Communication”, “Peace, love and happiness”, “City livin’”, “Wontcha coming home” en “What we need”. En tenslotte klinken “Soft & sweet”, “Crumble” innemend en sfeervoller. Gitaar, piano, toetsen en mondharmonica blijven bepalend binnen de sound.
’Superhero Brother’ lijkt wel de terechte opvolger van de eerste platen ‘G Love’ en ‘Coast to Coast Motel’. Eindelijk!

Crammerock 2008: zaterdag 6 september 2008

Geschreven door

De organisatoren van Crammerock treden jaar na jaar meer op het voorplan en bieden een mooie afwisseling van internationale bands, een keur aan Belgische Vaandeldragers en ambiancemakers. Dit jaar waren er op vrijdag o.a. De Mens, Arid, Triggerfinger en The Human League en op zaterdag presenteerden ze het neusje van de zalm met Janez Detd., Gorki, The Scene, Zornik en Pennywise.
De organisatie bood een unieke formule: de rockbands in één grote lange tent, aan iedere kant een podium, wat resulteerde in afwisselend onafgebroken optredens, en een aparte clubtent waar de clubDJ’s en jong dansminnend gepeupel zich kon uitleven.
Deze verslaggever was op post op zaterdag met de grote tent als mijn domein.

Ter plaatse zagen we eerst de Black Box Revelation. Eerder zagen we het duo al overtuigen in het voorprogramma van dEUS in de MaZ te Brugge en op de Mainstage te Werchter. Ze zijn de festivalopener bij uitstek. Opnieuw verveelden ze geen seconde met hun fel klinkende rauwe rock’n’roll. De drummer mepte er op los, alsof zijn leven er van af hing en de gitarist speelde wel op twee gitaren tegelijkertijd. Een steengoed, veelbelovend duo!

Na vijf minuten aan de andere kant, de 5 in zwart gehulde mannen van Headphone. Ze speelden een meer uitgesponnen rustige, sfeervolle set. Hoogtepunten: “Ghostwriter” en PJ Harvey’s “Down by the water”. Ze sloten af met een beklijvende ”Moneylender”. Als ze dit niveau aanhouden, staat hen een erg mooie toekomst te wachten.

Daarna was het de beurt aan de pretpunkband Janez Detd. Ook zij ontgoochelden niet. Een uurtje muziek- en dansplezier, refreinmeezingers en zwetende lichamen; dik ambiance van een band met een bedreven ingesteldheid en een frontman die het publiek perfect bespeelde. Stagediven en crowdsurfen werd alom gedaan, wat de waarheidsgetrouwe woorden van zanger Nikolas ontlokte: “In de Schuur zijn tent zou dit niet mogen”! Nikolas en de zijnen blijven top in dit genre in België.

Tim Vanhamel (Millionaire frontman) kreeg de moeilijke taak om op het andere podium een vervolg aan het muziekfeest te breien. En dat lukte maar matig. Een lauwe belangstelling en verkeerd gekozen tussenteksten konden de tent weinig bekoren. Zelfs met wilder en harder te spelen kregen de muzikanten het publiek niet op hun hand. Duidelijk was dat ze nog te weinig bekende nummers hadden bij de toeschouwers. Het ga je goed Tom en Co.

Op Gorki, onder leiding van frontbeest Luk De Vos, zit er nog steeds geen sleet. Voor de gelegenheid had Luc zich een hanenkam laten scheren, wat op gejuich werd onthaald. Ze brachten een soort ‘Best of’ ten berde. Gevolg: een feestje van jewelste. “Joeri”, “Anja”, “Lieve kleine Pirana” en nog vele andere werden uit volle borst meegezongen. Het was de eerste (maar nog niet de laatste keer) dat de tent werkelijk op z’n kop stond. Met daarbij nog de grappige intermezzo’s van Dhr. De Vos was dit toch één van de hoogtepunten van Crammerock. Orgelpunt van het optreden was een beklijvende versie van het afsluitende “Mia”. Nee, deze groep vertoont nog geen ouderdomskwalen.

The Scene was altijd al één van mijn favoriete Nederlanders geweest. De groep, onder zanger/gitarist The Lau en de lieve bassiste Emilie Blom-Van Assendelft, speelde een gedreven setje met hun alom bekende meezingers. Wat in het begin maar op een matige belangstelling kon rekenen (niet meer bekend bij het overwegend jonge publiek?), groeide uit tot een groots concert met als afsluiter “Iedereen is van de wereld”, die minutenlang werd meegezongen. The Lau voelde het aan alsof hij in de Piramide Tent stond te Werchter. Wat toch genoeg zei, hoe het er daar in Stekene aan toe ging.

In een ander muzikaal hokje was er het Britse Kosheen. Hun op drum’n’bass gedrenkte nummers en passende gitaren, toverden de rocktent in één grote dansvloer om. De in zwart gehulde frontvrouw was een echte publieksmenner en kreeg moeiteloos de handen op elkaar. Er werd stevig gedanst. Het optreden ging naar een climax met nummers als “Hungry”, “Suicide”, “Hide U” en het uit volle borst meegezongen “Catch”. Ze ontgoochelden niet en hielden zich prima staande tussen al het rockgeweld.

Hoofdact van de avond was Pennywise. Ze stonden op scherp en speelden een verpletterend motchafxx goed optreden. De majestueuze gitarist (minstens 120kg!) gaf de toon aan. Een uurtje keiharde ambiance! En we hebben het geweten, want er werd zelf op de palen van de tent gekropen en naar beneden gedoken.
“Fuck authority” en “Bro-hymm” waren natuurlijk de hoogtepunten maar ook hun cover van de Ramones “Biltzkrieg Bop” en Nirvana’s “Territorial Pissings” werden ferm gesmaakt. De fans waren uitgeput! Dit concertje had hen veel energie gekost …

Zornik mocht de avond besluiten. De technische problemen aan de PA (tot twee keer toe geluid en licht weg!) brak telkens de goed opgebouwde nummers, wardoor Koen Buyse zelf geïrriteerd raakte en iedereen uitnodigde om in de backstage de kwakkelende technieker van antwoord te dienen. Goede nummers zoals “Scare of yourself”, “Hey girl” en “Goodbye” verloren aan kracht door deze mankementen. Een tegenvaller.
Muzikaal deed deze band teveel hun best om een tweede Muse te zijn. Volgende keer beter?

Ondergetekende was een tevreden man op Crammerock 2008: een uniek concept met twee podia in één tent, die het kruim van de Belgische rock op deze podia kreeg, aangevuld met een gevarieerd aanbod van internationale (ambiance) publiekstrekkers en dé danssensaties van het moment. In Stekene kregen ze het voor elkaar voor een zeer democratische prijs. Een dikke pluim op de hoed van Crammerock. Het eerste weekend van september is in met rood aangestipt in mijn festivalagenda.

Organisatie: Crammerock, Stekene

Conor Oberst

Een nieuwe Green On Red is geboren onder Conor Oberst

Geschreven door

De jonge Dylanesque singer/songschrijver Conor Oberst stond met z’n muzikaal project Bright Eyes en de plaat ‘Casadaga’ van vorig jaar op het punt definitief door te breken. Maar dit muzikaal talent liet het voor wat het was en bracht onlangs een eerste plaat uit onder z’n eigen naam; hij nam ze op met enkele vrienden onder The Mystic Valley Band. We hebben te maken met ‘70’s retrorock en americana/countrypop in de beste traditie van Green On Red, het oude Wilco, Will Johnson (South San Gabriel/Centro-Matic) en Bob Dylan natuurlijk. Het zijn emotievolle, dromerige ‘on the road’/kampvuursongs, waarin het gitaarspel en de Hammond toetsen een prominente rol krijgen. Fris, zwierig, meeslepend, ingetogen en sober!

Anderhalf uur liet Oberst de bijna uitverkochte Orangerie proeven van het nieuw gevarieerd materiaal, waarbij de Bright Eyes songs werden geweerd. Als dirigent van de band liet hij ruimte voor z’n vrienden om af en toe een eigen ‘rarity’ nummer of een cover te zingen.Maar deze songs, “Central city”, “I gotta reason pt 2” en “Sundown” lagen mijlenver van Oberst’s beklijvende emotionaliteit en intensiteit.
In een folky ontmoeting serveerde een gretig spelende Oberst gejaagd de snedig rockende “Moab”, “Sausalito” en “Get well cards”. Hij wisselde de uitgebalanceerde retrojuweeltjes af met sfeervoller en intiemer - in melancholie gedrenkt – werk als de huiveringwekkende “Milk thistle” en “Lenders in the temple”, die net als “Eagle on a pole”, en “Cape canaveral” een sobere begeleiding hadden, gedragen door Oberst schelle (praat)zang; soms spuugde hij letterlijk z’n woorden uit! De broeierig poppy songs “Danny Callaghan”, I gotta reason pt 1”, “ Souled out” en het kort krachtige “NYC” vulden mooi aan. Eenvoudigweg subliem wat er daar op het podium gebeurde.
Oberst en de zijnen apprecieerden de sterke respons, wat een uitgebreide bis opleverde, waaronder Harry Nillson’s “Everybody’s talking” en Dylans bluesy “Corina Corina”. Een stomend, uptempo rocker “I don’t want to die in a hospital” en het ingetogen, dreigende “Brezzy” besloten definitief een prachtig, in te lijsten concert, die de zondige uitstapjes van z’n begeleidingsband zalfden.

Het uit Leeds afkomstige trio Sky Larkin onderscheidde zich met hun dynamisch slepende indierock; in de zang van Katie Harkin hoorden we restantjes Breeders/Magnapop. Voor wie hen miste , is er in november afspraak met het beloftevolle Los Campesinos uit Wales.Te noteren!

Organisatie: Botanique, Brussel

Conor Oberst

Conor Oberst

Geschreven door

Een talentrijk songwriter is Conor Oberst uit Nebraska. De man is al van z’n vijftiende bezig en heeft een paar sterke platen onder het pseudoniem Bright Eyes weten uit te brengen. Met de laatste cd ‘Casadaga’ bereikte hij een breder publiek en stond hij op het punt door te breken. Maar hij nam samen met enkele vrienden onder The Mystic Valley Band een ‘on the road/kampvuur’ plaat op van emotievolle, dromerige ‘70’s retrorock, americana/countrypop. De Hammond toetsen en Oberst’s gitaarspel nemen een prominente rol in op deze titelloze plaat, wat refereert aan het oude Green On Red (met Chris Cacavas), het oude Wilco en het songwriterschap van een Dylan en Will Johnson (South San Gabriel/Centro-Matic).
Een gevarieerd plaatje dat fris, zwierig, meespelend ingetogen en sober klinkt, én waarbij Oberst de andere groepsleden de kans biedt in de spotlights te staan. “Sausolito”, “Get-well-cards”, “Lenders in the temple”, “Danny Callaghan”, “Moab” en “Souled out” zijn het toonbeeld van deze overtuigende plaat; met “I don’t want to die in a hospital” kan Oberst een grootse hit op zak hebben, wat hem gegund zou zijn. Volgend project graag!

The Legacy

Beyond Hurt, Beyond Hell

Geschreven door

The Legacy is een Brits gezelschap wiens doel het is snelle, intense harcore te maken met een wat melodie en passie er doorheen. Na de goed onthaalde mini-cd ‘Solitude’ is het tijd voor een volwaardig album, getiteld ‘Beyond Hurt, Beyond Hell’.
’Beyond Hurt, Beyond Hell’ start met “Alpha”, een soort van melodische intro. Maar na melodie volgt agressie, moet men gedacht hebben. Want “Ill Fated” is werkelijk topvoer voor een moshpit.
Na enkele wat langere nummers wordt het me duidelijk dat The Legacy meer in huis heeft dan gewoon agressie en bruutheid. In de nummers is er duidelijk plaats voor melodie en een dramatische sfeer waar je nou niet direct vrolijk van wordt.
Kijk, ik ben geen liefhebber van hardcore, maar met dit soort muziek heb ik geen problemen.
Hier zit duidelijk wat diepgang in de nummers, er is over nagedacht. Er is ook voor voldoende afwisseling gezorgd. Waar het ene nummer wat meer de nadruk legt op agressie, legt het ander meer de nadruk op melodie en sfeer. Soms zijn er zelf enkele momenten die doen denken aan het laatste werk van Primordial. Vooral het nummer “Ashes To Ashes” geeft die trieste dramatiek goed weer. Net als deze plaat ingeleid werd met “Alpha”, wordt ze logischer wijs afgesloten met “Omega”.
Hier vallen niet veel woorden meer aan vuil te maken. Met ‘Beyond Hurt, Beyond Hell’ heeft The Legacy prima werk geleverd waarmee ze ongetwijfeld veel nieuwe zieltjes zullen winnen.

Pagina 478 van 504