logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15613 Items)

Interpol

Interpol blies de ‘80’s wave nieuw leven in

Geschreven door

Het New Yorkse Interpol past moeiteloos in het rijtje van Bloc Party, Editors en het rockend geweld van Kaiser Chiefs en The Killers, die in korte tijd een pak fans lokken, wat hen van harte is gegund. Hun venijnig broeierige gitaarrock met donkere ‘80’s wave, die knipoogt naar bands als Echo & The Bunnymen, The Smiths, The Chameleons en Joy Division, kreeg net als op Werchter een stevig uptempo zwart jasje.

In een uitverkocht Vorst bliezen zij alvast de wave nieuw leven in door een snedig klinkende gitaar, een diepe bas, een bezwerende percussie en kleurrijke toetsen. Zanger/gitarist Banks kon er nog een schepje bovenop doen en leek wel een rechtstaande Dave Eugene Edwards van Wovenhand.
De grote zaal en de opkomst brachten hen niet uit evenwicht, integendeel, ze hadden er duidelijk zin en speelden een gretig, intens bedreven liveset, waarbij uit de drie verschenen cd’s ‘Turn on the bright lights’, ‘Antics’ en ‘Our love to admire’ een handvol nummers werden geplukt.

”Pioneer to the falls” was de sfeervol donkere opener van hun bijna twee uur durend optreden. De oudere songs “Obstacle 1”, “Narc” en “C’mere” volgden en gaven, onder een sterke melodie, pit en dynamiek. Het was de neerslag van het ganse concert: van “Say hello to the angels”, “Mammoth” tot “Slow hands”. De ‘80’s darkwave vergaten ze niet: “Hands away”, “Rest my chemistry” en de aan David Lynch neigende soundtrack “Lighthouse”. Het paste ideaal binnen het muzikaal liveconcept.
De band ging naar een climax en dreef het tempo op op “Evil”, “The Heinrich manoeuver” en “Not even jail”, opgezweept door het drumritme en handgeklap. Een fijne apotheose. Het vijftal uit New York breidde nog een lange bis met oudjes "NYC", " Stella was a …" en" PDA", die mooi uitdeinden.

Interpol is een grootse band geworden en onthief zich van z’n ietwat statische sound door de flinke geut gitaargetokkel en opzwepende percussie.

Blonde Redhead
  heeft op plaat z’n rauw bedreven sound opzij geplaatst, maar live wisselden ze dit af met hun lieflijk, dromerige gitaarpop, ondersteund door ‘70’s psychedelica. Uitgebalanceerde pop  door de aan Elisabeth Frazier neigende zang van de frêle Kazu Makino, en een ruwer tintje  toen één van de tweelingbroers Pace zong. Ze traden een 45 minuten op en stelden het recente ‘23’ voorop met o.a. “Spring and by summerfall”, “The dress”, “Strangeluv” en de titelsong. Hun stemmige gitaarpop kon rekenen op heel wat bijval.

Organisatie: Live Nation

Zita Swoon

Zita Swoon: muzikaal entertainment

Geschreven door

In het voorjaar stelde Zita Swoon voor een uitverkochte AB, Bota en voor een paar festivals de nieuwe cd ‘Big city’ voor, een broeierige en freakende plaat. Live legt het gezelschap rond Stef Camil Carlens en Tom Pintens telkens nieuwe klemtonen, die nu kwamen te liggen op een warme, intieme en sfeervolle aanpak. Ze creëerden ruimte voor de toetsen, percussie en de zang van de bevallige backing vocalistes. Naar het eind ontbond Zita Swoon alle duivels en brak er een swingende party los. Het bevestigde nogmaals de muzikale scherpte en de creativiteit van dit hecht collectief, die flirt met pop, soul, funk, jazz, latingroove, Balkan en cabaret. Het spelplezier droop er vanaf …maar heu…hebben we het al ooit anders geweten van Stef en de zijnen?! Muzikaal entertainment dus!

’Big city’ werd voorop geplaatst en in het kader daarvan kregen we zelfs een handvol songs te horen van ‘Sunrise’, de muzikale ondersteuning van deze film noir uit de jaren ’20 van F.W. Murnau., die elementen verhaalde van het leven in een de grootstad.
De bijna twee uur durende set begon alvast met de donker , dreigende instrumental  “A song of two humans” uit ‘Sunrise’, gevolgd door een paar songs die de zaterdagavondkriebels aanwakkerden: “Me & Josie on a saturday night”, “I feel alive in the city” en “Thinking about you all of the time”, die in broeierige, groovy en opzwepende jams uitmondden. De stem van Stef Camil moest gesmeerd raken, want ze was in het begin grauw en doorleefd, wat eigenlijk wel z’n charme had.
Na een terugblik van een paar oude sfeervolle songs als “People are like slamming doors”, “She= like meeting Jesus” en “Teacher”, die een intense spanning uitstraalden , was het tijd om het nieuwe werk uitgebreid voor te stellen. Ze vingen aan met het Franse chanson en cabaret  “Je range” en “l’Opaque paradis” , die een zwierig tintje kreeg. Er was het fors rockende “Everything is not the same”, en op “Infinite down”  was het ludiek zoeken naar de intro van de song. Het verhaal van een gebroken vriendschap op dit nummer zetten ze om in de verzilverde vriendschap tussen Stef Camil en z’n familie op de titelsong van de cd, die gedragen werd door een fris tintelend gitaarspel en piano; de toetsen hadden de bovenhand op het afsluitende “Dare to love”. Ondertussen hoorden we nog  een tweetal songs  uit ‘Sunrise’: “Could’n’t she get drowned” en  “Giving up the hero”.

De sterke respons deed de groep ons trakteren op een uitgebreide bis; de kaart van een partysfeer werd getrokken; het zette iedereen, van op het podium tot in de zaal, aan tot heupwiegen en dansen door songs als “Disco” en “Jintro & the great Luna”, gekoppeld aan een gospel/soulversie van “Papa was a rolling stone”. Wat een verbluffende einde!.

Zita Swoon blijft garant staan voor kwalitatief sterke concerten. Moeiteloos stapten ze over van een sfeervolle naar een swingende, dynamische aanpak. Na de clubconcerten dit najaar wordt het alvast uitkijken naar de intiem sobere ‘Abandinabox’, die van start gaat in het KC in een programmatie van de Bota.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Rihanna

Rihanna: r&b popland heeft een nieuwe prinses

Geschreven door

Rihanna: een 19 jarige r&b zangeres/danseres uit Barbados is aardig op weg om het rijtje van de grootste popdiva’s als een Beyoncé te vervoegen, want haar optreden ging niet onopgemerkt voorbij. Vorst Nationaal was tot de nok gevuld met vele tienerfans (en hun meegereisde ouders).

Het was ongeduldig wachten op de dame die de jongste maanden de hitparade teistert. Nadat enkele dance- en r&b hits op ons werden afgevuurd in het voorprogramma was het uiteindelijk zo ver. Het doek viel en daar was ze: jong, knap, uitdagend en een sexy uitstraling, … en wat nog het meest invloed had, haar verleidelijke glimlach. Ze betrad het podium op een alsmaar schaarsere geklede wijze. Voor velen kon de avond al niet meer stuk.
“SOS”, één van de eerste hits uit haar prille carrière, was geen noodoproep, maar betekende het startsein van een mooi in elkaar gekunstelde set, die een vleugje rock in de r&b sound niet links liet liggen. Met haar warme sensuele stem gaf ze het nodige sentiment en injecteerde ze de dansspieren. Een soulfulle ballad als “Unfaithful” kwam op die manier ideaal tot z’n recht.
Het was stiekem wachten op hits als “Don’t stop the music” en “Umbrella”, die er toch zwaar bovenuit staken; Op “Umbrella”, die de flauwe zomer in de hitparade kleur gaf, en nota bene een nummer is over regen en paraplu’s, gingen de waterwerende attributen spontaan de lucht in. Wat een enorme respons.

Het avondje was een uitgekiende show waarbij hitmachine Rihanna kwam, zag en overheerste in r&b popland. Verdiend!

Organisatie: Live Nation

Porcupine Tree

Porcupine Tree verovert nu ook Brussel

Geschreven door

Aanvankelijk had ik niet de intentie om van dit concert een review te schrijven. Ik had immers al uitgebreid lovend gerapporteerd over het Porcupine Tree concert van deze zomer te Lille. Ik verwachtte immers een identiek concert nu ik Porcupine Tree een tweede keer live kon zien dit jaar. Doch dit optreden was op vele vlakken anders dan het vorige optreden te Lille. Plichtsbewust laat ik jullie dan ook weten dat het ook deze keer een waanzinnig sterk optreden was, nog intenser dan de vorige keer in ‘Le Splendid’.

Deze keer had de band de Ancienne Belgique uitgekozen om het album ‘Fear Of A Blank Planet’ voor te stellen. Bovendien ging de band deze keer in zee met Anathema, die het voorprogramma mocht verzorgen.
Vele concertgangers zagen jammer genoeg het optreden van Anathema aan hun neus voorbijgaan. De AB organisatie liet in laatste instantie de band een half uur vroeger spelen. Wat ook de reden hiervoor mag zijn, het blijft een erg ongelukkige beslissing. In de namiddag werd ik hierover persoonlijk via e-mail door de AB op de hoogte gebracht. Tof, maar wel erg laat en waarschijnlijk was het onmogelijk om iedereen op de hoogte te brengen. Anathema moest dus stipt om 19.30 het podium op voor een amper gevulde zaal. “Is There Anyone Here In The Bar” riep zanger Vincent Cavanagh wat geërgerd waarna de band meteen hun sterkste song “Fragile Dreams” er tegenaan gooide. Met de ‘vocoder’ song “Balance” bracht de band een song uit het meest recentste album ‘A Natural Disaster’, een album dat toch al zo’n 4 jaar oud is. Op een opvolger voor dit album is het nog even wachten. Om dit leed wat te verzachten plaatste de band ondertussen al drie nieuwe songs op hun website, die men kosteloos kan downloaden. Twee nieuwe songs werden ook live gebracht. “A Simple Mistake”, een song met heel veel effect op de vocals en een erg explosief gitaareinde. Het meer akoestische “Angelswalkamongus” werd opgedragen aan alle fans die de band eerder live hadden gezien in de Biebob. Twee sterke songs die het beste doen vermoeden voor de toekomst. Toen “Deep” uit ‘Judgement’ doorheen de luidsprekers knalde was er gelukkig al wat meer volk aanwezig. De band slot de set af met het fragiele en wondermooie “Flying” en een instrumentale song die werd opgedragen aan de drummer die op het punt stond vader te worden. Anathema was een bijzonder sterke opwarmer, alleen jammer dat zo weinig mensen van dit lekkere aperitiefje hebben kunnen genieten.

Over dan naar de hoofdschotel van de dag: Porcupine Tree. Vanaf de eerste tonen van opener “Fear Of A Blank Planet” was het duidelijk dat het ook deze keer een fenomenale avond zou gaan worden. Wat een klasse en wat een sound! De magistrale akoestiek van de Brusselse rocktempel werd ook door Wilson en co opgemerkt. De band die nog steeds aan het toeren is om het nieuwe album te promoten deed dit deze keer toch een stukje anders. Misschien kwam het wel omdat het de allereerste keer was dat Porcupine Tree in Brussel te zien was. Maar ook het feit dat de band net een nieuwe EP uithad deed hen besluiten om toch met een andere setlist uit te pakken. ‘Nill Recurring’ heet deze nieuwe EP en bevat songs die het album ‘Fear Of A Blank Planet’ net niet haalden. “What Happens Now?” had echter zo op dat album kunnen staan en ook live maakte deze song erg veel indruk. Daarna volgde: “Lazarus”, wat voor mij nog steeds de allermooiste popsong is van de voorbije jaren. Wel jammer dat hierdoor de popgeoriënteerde song: “Sentimental” niet meer op de setlist stond. Het experimentele “Cheating The Polygraph” bracht ons in de juiste sfeer voor het pronkstuk van de avond “Anesthetize”. Een ruim kwartier werden we meegesleept in dit progressieve avontuurlijke werkstuk. Deze song kan gerust dienen als Porcupine Tree’s visitekaartje wat alle muzikale elementen en sferen zitten in deze song verpakt. Dat “Open Car” een publiekslieveling is werd duidelijk door de uitzinnige publieksrespons. Waarna het tijd was voor een oldie “Dark Matter” uit ‘Signify’. Een ander hoogtepunt was het sublieme “Half-Light” dat eerder verscheen als extra bij de single “Lazarus”. John Wesley liet hier nog eens horen waarom zijn stem zo perfect past bij het stemgeluid van Wilson.
“Way Out Of Here” en “Sleep Together” sloten de set af.
“You Know The Routine” zei Wilson, waarna Steve na een korte break opnieuw blootsvoets het podium opkwam. “The Sky Moves Sideways” begon en werd op erg veel enthousiasme onthaald. Doch na slechts enkele ogenblikken produceerde één van de Bat Cat versterkers op het podium een erg vervelend geluid. Steve moest de song afbreken: “I Can’t Play This Song Like That”. Na wat gestuntel op het podium besloot Steve om over te stappen op plan B en kwam de voltallige band op het podium om “Trains” te brengen. Het hallucinante “Halo” sloot dit eerste optreden op Brusselse bodem af.

Deze passage van Wilson & co was nog een stuk sterker en imposanter in vergelijking met het optreden van deze zomer. Het geluid was perfect en ook de maffe visuals kwamen in deze zaal veel beter tot hun recht. Het feit dat de band koos om andere songs op de setlist te plaatsen kon ik alleen maar erg hartelijk toejuichen. Dit optreden bracht voor mij nogmaals de bevestiging dat Porcupine Tree de beste live band is van het ogenblik.

Setlist: *Fear Of A Blank Planet, *What Happens Now?, *Lazarus, *Cheating The Polygraph, *Anesthetize, *Open car, *Dark Matter, *Blackest Eyes, *Waiting – Phase 1, *Half-Light, *Way Out Of Here, *Sleep Together, *Trains, *Halo

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Auxitt

Your Sakura

Geschreven door

Het uit Nürnberg afkomstige trio Auxitt, is met ‘Your Sakura’  toe aan zijn derde werkstuk. Na de succesvolle eerste CD, groeide hun fanbasis snel en bereikten ze hoge posities in de locale charts. De pop-punk/screamo die deze heren brengen is hiervoor zeker toegankelijk genoeg.

Toch kan het mij allemaal niet zo bekoren. Het openingsnummer, “These Metaphysics”, kan mij nog enigszins bekoren. De invloeden blijven hier eerder beperkt, waardoor de pop-punk de overhand krijgt. Maar naarmate de CD evolueert en er steeds meer invloeden in verwerkt worden, wordt het voor mij teveel. Vooral de screams vielen mij tegen.
Volgens de promo-fiche zou in de muziek van Auxitt heel wat gevoel aanwezig zijn, die het concept van het opgroeien en zoeken naar een eigen identiteit zou moeten ondersteunen. Op de screams na, wordt er wel goed en afwisselend gezongen, maar erg veel emotie kan ik er toch niet uithalen.
Dat deze heren potentieel hebben, kan ik echter niet ontkennen. Het geheel is erg afwisselend en hangt goed samen. Fans van het genre zullen hier waarschijnlijk een ontdekking doen, maar mij raakt het geen moment. Nummers waarin de screams te lang aanhielden, verveelden veel te vlug.

Le Grand Guignol

The Great Maddening

Geschreven door

Afgaande op de nieuwe plaat van Le Grand Guignol, 'The Great Maddening' kan je alvast wel stellen dat de heren hun naam niet slecht gekozen hebben. De band baseerde zich hiervoor op het gelijknamige Franse Theater die jarenlang zijn publiek wist te shockeren.

De Luxemburgse band sluit met ‘The Great Maddening’ goed aan bij de visie van het voormalige theater. De heren brengen namelijk een mix van Grotesque, Theatrale experimentele en extreme metal. Tussen de theatrale circusachtige orkestratie door, weerklinkt extreme metal, aangevuld met heel wat extra’s. Hierdoor krijg je bij het luisteren je al snel een angstaanjagend beeld van pure waanzin voorgeschoteld. Het wanhopige gekrijs, de fluisterende stemmen, spooky vrouwenstem, … doen denken aan het leven in de ouderwetse instellingen waar psychiatrische patiënten werden opgesloten. Zo schept men bijvoorbeeld met “Mens Insana in Corpore Insana” en gruwelijk beeld van iemand die er compleet door het lint gaat.
Ondanks de genialiteit, waarmee deze band het compleet gestoorde gevoel kan weergeven en de sterke muzikale kant van de plaat, denk ik niet dat de doorsnee metalhead ‘The Great Maddening’ met open armen zal ontvangen. Voor velen zal de muziek te zwaar zijn, terwijl fans van het extremere genre het theatrale er wellicht teveel aan zullen vinden. Toch zou ik die personen willen aanraden om enkele nummers te beluisteren op hun myspace. Het zou jammer zijn zo’n pareltje van eigen bodem zomaar links te laten liggen!
Naast het experimenteren met de theatrale composities, blijkt Le Grand Guignol ook niet vies te zijn om invloeden uit andere metalgenres aan de nummers toe te voegen. Het refrein van “Lucilinburhuc” bijvoorbeeld doet mij denken aan de melodieuze passages van “Turisas”. Ook op de productie valt niets aan te merken, de Galaxy Studios (Manowar, Rammstein,…) hebben opnieuw schitterend werk geleverd.
Aan de promotiefolder te zien, lijkt ‘Maddening Media’ erg veel vertrouwen te hebben in het welslagen van deze plaat. En terecht zo blijkt! Mij hebben ze in elk geval kunnen overtuigen, wat voor bands uit het extremere genre een behoorlijke opgave is! Ik ben benieuwd, naar wat we van deze heren in de toekomst nog mogen verwachten!

Manu Chao

La Radiolina

Geschreven door

Vorig jaar kregen we al een voorsmaakje te horen van de nieuwe plaat ‘La Radiolina’ van Manu Chao en z’n Radio Bemba Soundsystem ( met vaste groepsleden bassist Gambeat, drummer David Bourguignon en gitarist Mahjid Fahem. Na het producerswerk voor o.a. Amadou& Mariam was het tijd om de nieuwe songs op cd te zetten. En deze maal klinkt de plaat als de live optredens van Manu Chao: de latinosongs klinken ritmisch, opzwepend en swingend, en worden afgewisseld met enkele lieflijke songs. Hij brengt een Zuid-Amerikaanse cocktailparty van rock, punk, latino/flamenco waarin samples zijn verwerkt. De reggae deuntjes zijn op het achterplan geraakt. Trompettist Roy Paci gooit er nog vleugje mariachi bovenop.  Ontspannende muziek die zomers, vrolijk en zwoel klinkt. Chao’s standpunten lijken speels maar hebben een doeltreffende maatschappijkritische toon. Plaat met een missie!
Het zijn korte, kernachtige songs, soms in snelvaart (“13 Dias”, “Besoin de la lune”, “El kitapena” en “El hoyo”), of in een strakker, rauw rammelend tempo (“Tristeza maleza” en “Rainin in paradise”) of er is sprake van sfeervoller materiaal waaronder “Politik kills”, “Me llamen calle”, “A cosa”, “The bleedin clown” en “Mundoreves”.
Kortom, ‘La Radiolina’ is een afwisselend plaatje, die het ‘patchenka’ gevoel van Mano Negra heropfrist!

Animal Collective

Strawberry Jam

Geschreven door

Animal Collective is al een viertal jaar bezig en manifesteert zich tussen psychedelicapop, grillige freefolk en experiment. Hun songs zijn op de nieuwe plaat meer gestructureerd, toch creëert het kwartet ruimte voor improvisatie en kinderlijke naïviteit door weirdo ritmes, onverwachtse wendingen en stemveranderingen, die soms op kinderstemmetjes lijken. “Chores”, “Winter wonderland” en “Derek” zijn de meest toegankelijke nummers in het hyperkinetische brein van Animal Collective. Hun ‘Strawberry Jam’ raken de smaakpapillen feller op “Peacebone”, “Unsolved mysteries” en “Cuckoo cuckoo”, het creatiefste nummer van de cd. “Fireworks” brengt de twee muzikale werelden van hun songstructuur samen.
Charmante zenuwachtigheid lijkt me de ideale noemer van het New Yorkse collectief.

Gravenhurst

The western lands

Geschreven door

Gravenhurst is het muzikale project van singer/songwriter Nick Talbot. Sinds de vorige cd ‘Fires in distant buildings’ is Gravenhurst een volwaardige band geworden. Elementen worden aangehaald uit de sferische, akoestische folkpop, postrock en indienoise. ‘90’s  bands als Yo La Tengo, The Pale Saints, Slint en My Bloody Valentine komen vervaarlijk om de hoek kijken.
Het zijn songs met een broeierige spanning,onder de zweverige, fragiele stem van Talbot; luister maar naar “Saints”, “She dances”, “Trust” en de cover “Farewell farewell” van Fairport Concvention. Een vleugje noise is te horen op “Hollow men”.
Een intieme en breekbare afwisseling is er in het begin met “Song among the pine”. Spijtig genoeg kabbelt de band op het eind van de cd voort op dit elan. Een gevarieerde hartverwarmende plaat zonder uitschieters.

The Wedding Present

The Wedding Present: The ‘George Best’ 20th Anniversary Show

Geschreven door

The Wedding Present ,onder zanger/componist en gitarist David Gedge, is een goed bewaard Brits muzikaal geheim uit Leeds. Het kwartet tovert goed in het gehoor liggende, fris sprankelende rockende gitaarpopsongs, zonder écht te kunnen doorbreken, net als een Go-Betweens of The Chills. De band, doorheen de jaren in wisselende bezetting, is al twintig jaar bezig, bracht na ‘Take fountain’ uit 2005, enkel nog live- of compilatieplaten uit.

In functie van hun 20ste verjaardag werd de debuutplaat ‘George Best’ integraal gespeeld. De groep, gekend om geen bissen te spelen, trad en klein anderhalf uur op. Gedge nam tussen sommige nummers de tijd een babbeltje te slaan en oude herinneringen op te halen. En trouwens, hij bedankte z’n fans voor hun jarenlange trouw.
Eerst grossierden ze door hun uitgebreide oeuvre, waaronder “Blonde” (uit ‘Seamonsters (’91)) –die de set opende -, “Brassneck”, “Convertible” en “Yeah yeah yeah yeah yeah” (’94), meeslepende melodieuze popsongs die ietwat krachtiger konden klinken en net niet overstuurd.
Een roadie bunny telde samen met het publiek af naar het debuut ‘George Best’, Gedge’s favoriete Britse voetbalspeler uit de jaren ‘70. Ze speelden numeriek de songs van de plaat: van “Everyone thinks he looks daft”, “What did your last servant died of”, naar “A million miles”, “My favourite dress”, “Shatner”  tot “Anyone can make a mistake” en “You can’t moan you can”, de laatste song van de plaat. Op elk van de nummers kon het kwartet rekenen op een sterke respons. Dit betekende een 40 tal minuten nostalgie in een uitverkochte Rotonde.
Tenslotte speelden ze nog een paar gevarieerde popsongs: een sfeervolle “Perfect blue”, een snedige “Kennedy” en hun popparel “Flying saucer”, die definitief de set besloot. “Corduroy” of “Montréal” bleven in de schuif liggen…

The ‘George Best’ 20th Anniversary Show was alvast een aangename (her)ontdekking, de bron van het getalenteerd songschrijven van Gedge, en een close meet & greet in de Rotonde. Want God knows wanneer we hen nog eens zullen zien …

Organisatie: Botanique, Brussel

Pinback

Pinback: Life is ‘bread’

Geschreven door

Het was al weer een aantal jaren geleden dat we Pinback aan het werk zagen op het Cactus festival: dit laatste optreden viel wat tegen gewoon omdat Pinback niet werkt op een zonovergoten festival. De vorige plaat van dit duo was aan ons voorbijgegaan, maar eerder dit jaar was er hun nieuwe album ‘Autumn of the Seraphs’ waarmee ze weer op het niveau van hun eerste twee platen kwamen. De hoes van die nieuwe plaat (een soort horror/ gothic kerkhof) is trouwens de lelijkste cover sinds ‘The Greatest’ van Cat Power.

Aangezien Pinback nog altijd een grote cultaanhang heeft in België, waren hun concerten in Leuven en Antwerpen uitverkocht, waardoor we naar Le Grand Mix trokken, net over de grens in Tourcoing.
The Hickey Underworld, de winnaar van Humo's Rockrally 2006, speelde het voorprogramma. Door het vroege uur konden we nog net drie nummers meepikken. The Hickey Underworld; een viertal uit Antwerpen, spelen een soort rauwe, stevige rock die in de mindere momenten aan Vandal X doet denken, en in het beste geval (de afsluiter) aan de Queens of the Stone Age. Opvallende bandleden zijn de drummer, die helemaal vooraan op het podium er stevig op lost hakte, en een grommende zanger, die wel wat weg heeft van de zanger van de Strokes. Drie nummers is wat kort om te oordelen, maar als deze jongens zich in de toekomst vooral richten op het schrijven van songs en minder op het brengen van noise, dan zullen we nog van The Hickey Underworld horen.

Pinback dan: op plaat is dit een duo, Rob Crow (bas) en Zach Smith (keyboards), maar live kwamen ze met vijf en speelden ze afwisselend op bas, keyboard en gitaar. Het knappe aan Pinback is dat de nummers ingewikkeld lijken, maar eigenlijk heel eenvoudig zijn: je hoort eigenlijk voortdurend stukjes die mekaar aanvullen, dan weer overlappen of in a-capella uitmonden, of mekaar weer tegenspreken. De bas van Rob Crow heeft een prominente rol, en wordt door de verschillende keyboards aangevuld maar soms ook onderbroken. Hetzelfde effect vind je terug bij de stemmen van Rob en Zach, die bovendien ook overlopen in a-capella stukjes. Die stem van Zach (de dikke van de twee) doet soms aan Pigeonhed denken. Pinback bracht vooral nummers uit hun laatste plaat, met hier en daar een klassieker zoals “Loro” of “Penelope”. De nummers volgden elkaar in snel tempo op, zodat de sfeer bewaard bleef. Een paar nummers werden zelfs in hoger tempo gespeeld dan op plaat, wat nog meer dynamiek gaf. Toch was er tijd voor wat silly bindteksten ondermeer over couscous in Franse wegrestaurants en “Life is bread” (vertaal dit laatste woord in het Frans en je hebt ‘em).
Tijdens de bissen werd een fan uitgenodigd op het podium, en die zong  mee op  “Sender”. Na een uur en kwart werd afgesloten met “Rousseau”, één van de beste nummers uit hun eerste plaat.

Setlist: Bouquet, Devil you know, Non-photo blue, Microtonic wave, Torch, Tripoli, Good to sea, How we breathe, Walters, Boo, Loro, Fortress, Penelope, From nothing to nowhere, Off by 50. Bis: AFK, Sender (met fan op zang), Rousseau, June.

Organisatie: GrandMix, Tourcoing

Beirut

Beirut: balorkest zorgt voor een klein uurtje entertainment en speelplezier

Geschreven door

Beirut is de beloftevolle band rondom de jonge talentvolle singer/songwriter Zach Condon uit Albuquerque, New Mexico. Op een goed jaar tijd bracht hij twee cd’s uit ‘Gulag Orkestar’ en ‘The flying club cup’.
De charismatische Zach slaagt erin verschillende culturen samen te brengen van zigeunerpop uit de Balkan, wereldse ritmes en melodieën, indiefolk, americana en pop, onder z’n melancholisch zweverige, dwarrelende stem, die nauw leunt aan Buckley. Het achtkoppig gezelschap toert praktisch onophoudelijk; het was zelfs zo dat begin dit jaar de tournee even moest worden stopgezet door uitputtingsverschijnselen. 
Zach heeft alvast iets met Frankrijk, luister maar naar de talrijke verwijzingen aan Franse chansonniers (Charles Aznavour, Françoise Hardy en ons eigen Jacques Brel) op de recente cd. Een mondje Frans was hem niet vreemd, wat door het publiek sterk werd geapprecieerd.

Beirut was een soort balorkest, dicht bij elkaar opgesteld, die een kernachtige set speelde van een klein uur en er maar liefst zestien nummers door draaide. Een instrumentarium van blazers (van trompet tot trombone), gitaren (akoestische gitaar, ukele, mandoline en banjo), accordeon, viool, toetsen, bas en drums. Sommige leden wisselden van instrument, het deed allemaal wat chaotisch aan, en toch kwam alles op zijn pootjes terecht met uitgebalanceerde, soms zwierige Balkanpop, die af en toe een meezinggehalte hadden.
Ze putten afwisselend uit de twee cd’s en speelden zelfs een handvol nieuwe songs, wat de muzikale creativiteit onderstreepte bij dit ensemble. Ongelofelijk tot wat ze allemaal in staat waren om het publiek een fijne en leuke avond te bezorgen. Een klein uurtje entertainment en speelplezier.
Meteen was de noemer balorkest op zijn plaats want “Nantes” en “Brandenburg” waren twee zwierige openers. “A sunday smile” en “Scenic world” klonken sfeervol door xylofoon en een uiterst beheerst vioolspel. Blazervertier hoorden we op “Postcards from Italy” en op “After the curtain” kwam elk soort gitaarinstrument op het voorplan. “Mount Wroclai” en “In the mausoleum” hadden een frisse aanpak en met “La fête (forks & knives)”, “Carousels”,  Brels “Le moribond” en “Cherbourg” (refererend aan F. Hardy) bedienden ze het Franse publiekje op hun wenken. De verkoudheid deed geen afbreuk aan Zachs weemoedige vocals. Zelfs met zijn trompet blies hij de songs nieuw leven in.
Een enthousiast publiek riep de band al snel terug, wat hen ertoe bewoog nog een nummer te spelen, de titelsong van de vorige cd, vol blazerornament.

Beirut tekende voor een geslaagd zigeunerfeestje, ergens tussen  Les Negresses vertes, Kaizers Orkestra en Goran Bergovic, een band die op Folkdranouter 2008 niet mag ontbreken!

Org: Grand Mix, Tourcoing

Róisín Murphy

Roisin Murphy: supersexy, zwoel en sensueel

Geschreven door

Roisin Murphy maakte samen met componist Mark Brydon en knoppenfreak Matthew Herbert deel uit van het uit Sheffield afkomstige Moloko; samen brachten ze vier platen uit. In 2004 viel deze trippop/disco/funk/soul band uiteen, na het succesvolle ‘Statues’ met o.a. “Forever more” en “Familiar feelings”.
Murphy, de veelzijdige diva met Ierse roots, kon niet stilzitten en al gauw verscheen met multi-instrumentalist Herbert, haar eerste soloplaat ‘Ruby blue’, die met songs als “Sinking feeling”, “Leaving the city”,  “Sow into you” , “We’re in love” en “Ramalama” aardig uit de hoek kwam. 
Maar onovertroffen klinkt haar tweede album ‘Overpowered’, een combinatie van electro’kitsch’pop, disco soul, funk en dance. Een gegoochel van klanken en ritmes en trancegerichte, soms pompende dansbeat. Een freaky clubplaat! Niet verwonderlijk, want Groove Armada en Bugz in the Attic hielpen mee.
Terwijl haar concerten in de AB in een mum van tijd waren uitverkocht, konden we terecht te Lille, waar het concert ook was uitverkocht voor …250 man. Ongelofelijk waanzinnig, dit was een ideale kans voor een dampend concertje van deze sensuele godin, die maar op een paar metertjes van het publiek stond. Iedereen stond dicht bijeen in dit jeugdhuis/clubje voor een twee uur durend concert, wat refereerde aan een try out of een opnamesessie.

Het clubsfeertje werd meteen omgezet on stage. Het zaaltje La Maison de Moulins leende er zich optimaal toe…want dit was een supersexy, zwoel en dansbaar feestje! De outfits en acts van de lieflijke, verleidelijke blonde Murphy en haar backing vocalistes, de danspassen, een Herbert die een showke komt geven, en de muziek, het paste allemaal perfect. We waanden ons in de clipwereld van Fedde Le Grand.
De klemtoon kwam live op het recente ‘Overpowered’. ”Cry baby” en “You know me better” waren twee aanstekelijke 'rave'knallers die de set aanvingen en inwerkten op de dansspieren. In een aan Village People denkende outfit klonken “Checking up on me” en “Dear Miami”  warmer en sfeervoller door de toetsen en de fijne gitaarloops. Subtiele popelektronica hoorden we met “Primitive”, “Footprints”, “Scarlett ribbons” en “The truth”.  Murphy balanceerde tussen deze twee muzikale richtingen; de prachtige projecties op het achterplan boden een meerwaarde.
Een paar maal werd teruggeblikt naar ouder materiaal, “Saw into you” en “Ramalama”, afsluiter van de set, onder een opzwepende beat en percussie. “Forever more” van Moloko, in een aangepast kleedje gestopt, nestelde zich in je hersenpan. Het was de aanzet naar een climax met “Let me know” , “Overpowered”, een rappend “Tell everybody” en “Ramalama” met fors klinkende dansbeats.

Moloko is vergeten! Roisin Murphy’s clubsound bracht een ongekende saunatemperatuur in een ideaal passend zaaltje …België, je bent gewaarschuwd voor haar concerten …

Organisatie: La Maison Folie de Moulins ism Agauchedelalune, Lille

Bloc Party

Bloc Party messcherp en genadeloos

Geschreven door

We zagen de Britse beloftevolle band Bloc Party voor de derde maal aan het werk op een kleine acht maand tijd: in het voorjaar te Lille, toen ze hun Europese tournee startten, op het Werchterfestival en woensdag ll  in de Lotto Arena. Het toont de groei en de erkenning aan van het kwartet onder zanger/gitarist en componist Kele Okereke.
De tweede cd ’A weekend in the city’ was een verfijnde, bedachtzame plaat binnen een gekruide mix van energieke, frisse en sfeervolle postpunkpop. Live bleek het viertal perfect op elkaar afgestemd: een gesmeerd, messcherp, overtuigend en genadeloos optreden, waarbij de groep een mooi evenwicht speelde uit hun twee cd’s en  met de huidige “Flux” een vernieuwende aanpak aandurfde, wat hun muzikale creativiteit en diversiteit onderstreepte. Hun muzikale beperkingen van het voorjaar waren als stof in de wind…

De band kon rekenen op een uitzinnig publiek, wat hen duidelijk motiveerde het beste van zichzelf te geven. Wat een wisselwerking en wederzijds enthousiasme! Een ongekende spontaniteit. Iedereen zat in de juiste stemming. Een stevige “Song for Clay (disappear here)” vatte bezield en vol overgave de anderhalf durende set aan, gevolgd door oudjes “Positive tension” en “Blue light”, die een broeierige opbouw hadden en diverse tempowisselingen ondergingen. Een vleugje elektronica, beats en xylofoon hoorden we op de recente “Hunting for witches” en “Waiting for the 7.18”. “Banquet” werd luidkeels meegezongen.
De verbondenheid met het publiek en intense spanning behielden ze met “This modern love”, het dreigende “The prayer” en het groovend dansbare “Flux”. Op “Uniform” volgde een liefdesverklaring van twee meisjes aan de zanger (weten ze wel z’n seksuele geaardheid?!). Het meeslepende “So here we are” lieten ze naar het eind ontaarden. “Like eating glass” beeïndigde handjeswuivend en –zwaaiend de set.
Een feestelijke bis werd het, waarbij Okereke eerst verkleed was in een rood pluchen apenpak. Op de koop toe liep hij van de ene naar de andere kant en dook het publiek in. Ze speelden een krachtige finale: “Luno”, “Sunday (twee drums)”,  “She’s hearing voices” en “Helicopter”. Onder luid applaus kwamen ze  een tweede keer terug; een snedig, noisy klinkend “Pioneers” besloot definitief de set.

We hadden nog maar en goed wel het optreden van Editors verteerd of  het volgend groots optreden van 2007, Bloc Party, werd in ons geheugen gegrift. Ze palmden de Lotto Arena in!

I Love Techno heeft nog maar net z’n laatste beat vorige zaterdag erdoor gejaagd of daar was Metronomy met een batterij elektro, ‘80’s wave, trancegerichte soundscapes en repeterende ritmes van traag, meeslepende, monotone beats. High in the sky music en een vleugje Kraftwerk die door het publiek voldoende respect afdwong. Ze leken me de  ideale elektronicasoundtrack voor “La soupe aux choux” met Louis de Funès, twintig jaar terug met marsmannetjes die ajuinsoep maakten voor de aardbewoners …en een betere leefwereld…

Organisatie: Live Nation

Black Diamond Heavies

Every damn time

Geschreven door

Vunzige blues zonder gitaren. U had het nog nooit gehoord ? Wij ook niet. Het kan, deze Black Diamond Heavies doen het op ‘Every damn time’ en het klinkt absoluut te gek. Hun gitarist is het afgestapt en de twee koppige heren hebben besloten hem niet te vervangen en alleen verder te doen. Met geweldig resultaat, moeten we zeggen. De gitaar missen we hier geenszins, en dat komt door het smerigste orgel dat u in uw leven al gehoord heeft. Een duo, zegt u ? die bovendien nog rauwe rock en blues speelt ? de onvermijdelijke vergelijkingen met White Stripes, Black Keys en The Kills dringen zich dus op. Yep, en wat dan nog ?
Wat betreft intensiteit zitten deze BDH immers op hetzelfde niveau van voormelde bands. Qua gruizige rock en blues gaan we de referenties nog wat dieper in de modderpoel van de underground zoeken, namelijk bij de vettige distortion blues van The Black Eyed Snakes of van The Immortal Lee County Killers. Geen toeval blijkt, want zanger/keyboardspeler John Wesley Myers zou in een vorig leven nog bij de ILCK gespeeld hebben. De blues en soul die dit duo speelt is doorleefd, ruig, vuil, vet en korrelig.
Kortom, rechtstreeks vanuit de modder.  Myers’ stem is voorzien van een regelrechte Tom Waits rochel (de gelijkenissen met de grootheid zijn vaak akelig close), zijn orgelpartijen zijn vies, smerig en funky as hell en ze geven de plaat een bij momenten lekker zompig seventies karakter.  De drums van Van Campbell roffelen als de beesten. Deze combinatie werkt dus allerbest.
Fenomenaal hoogtepunt is de 8 minuten lange trage blues “All to hell”, perfecte titel als je ’t ons vraagt. Voor de rest gaat er wat sneller en heter aan toe en klinkt de band  als The Doors die Jim Morrison hebben buitengewipt en vervangen door Tom Waits en dan ergens in een ondergronds donker hol een jamsessie hebben gehouden nadat ze eerst een kist van de strafste whisky hebben soldaat gemaakt.
U raadt het al, dit plaatje stemt ons bijzonder tevreden.

I Like Trains (iLiKETRAiNS)

Elegies to lessons learnt

Geschreven door

Het Leedse vijftal iLiKETRAINS onderscheidde zich vorig jaar al met het beklijvende ‘Progress/Reform’, wavepostrockpop, die Joy Division en The Chameleons aan Interpol linken, de postrock van Mogwai of Explosions in the Sky aanhalen, tippen aan het hemels sferisch geluid van Cocteau Twins, Sigur Ros of Radiohead, en de aanzwellende noisepop van My Bloody Valentine weten te integreren.
Een pak invloeden worden dus verwerkt in hun traag, slepende, logge songs, die donker, dreigend zijn en een dramatische ondertoon bevatten, bepaald door de baritonzang van David Martin (ergens tussen N. Cave/T. Smith/P. Banks en M. Gira).
Het uitgangspunt van de elf songs: verloren gewaand gitaargetokkel, een diepe bas, een softe percussie, piano, toetsen en blazers. “We all fall dawn”, “The deception (this is a devil’s game)” en “Spencer Perceval” zijn de uitschieters, door de spannende dreigingen, het repetitief ritme en de aanzwellende opbouw. Het lijkt erop dat we aan de laatste halte staan van deze wereld. Is het eind nu écht in zicht bij iLiKETRAINS?!

The View

Hats off to the buskers

Geschreven door

Britpop op en top, deze band. Beetje Libertines, vleugje La’s, sneetje Blur, stukje Kooks, kruimeltje Razorlight, portietje Arctic Monkeys, scheutje Jam en ga zo maar door. Waarmee we willen zeggen : dit is een fris, soms poppy, soms punky plaatje met compacte en complexloze liedjes. Naar onze bescheiden mening zou het soms een beetje snediger en brutaler mogen, maar toch staan hier sterke staaltjes van songs op. Er schuilt talent in The View, dat is zeker. De volgende plaat zal moeten uitwijzen of ze boven het overaanbod van nieuwe Britse bandjes zullen uitstijgen. Inmiddels is dit debuut een fijne poging. Afwachten maar.

The Kissaway Trail

The Kissaway Trail

Geschreven door

The Kissaway Trail is een Deense band uit Odense, die hun Scandinavische roots moeiteloos linken aan de Britse indiepop; het vijftal biedt mooi in het gehoor liggende, dynamische en bezwerende gitaarpop: dromerig, sprookjesachtig, sfeervol en fris sprankelend.
De songs hebben een sterke spanningsopbouw en worden gedragen door een zweverige (samen) zang. Elf puike songs, die ergens hangen tussen het onvolprezen The Music, ‘90s  Britse bands The Pale Saints en The Wedding Present, de postrock van Mogwai, de indie van Broken Social Scene en Arcade Fire en de psychedelica van Mercury Rev.
Een gevarieerde en afwisselende sound dus. Op “Tracy, “Lala song”, “Soul assassins”, “61”, “Sometimes I’m always black” en “In disguise” horen we fijnzinnige, subtiele poprock, die af en toe forser klinkt en een vleugje fuzz en distortion bevat. In andere momenten komt de dromerige psychedelica voorop, en zijn The Kissaway Trail de jonge broertjes van Mercury Rev: “Smother + Evil = Hurt” , “Eloquence & Elixir” en “Bleeding hearts”.
De titelloze debuutplaat klinkt als een klok. Te onthouden.

Future Of The Left

De muzikale wervelwind van Future of the Left

Geschreven door

Moederschip Millionaire stuurt z’n zijprojecten de muziekwereld in. Weyers amuseert zich momenteel met Radio Infinity en de heren Aldo Struyf en Dave Schroyen hebben Creature With The Atom Brain. De naam ontleenden ze aan een jaren ’50 B-film. Toen ik ze in 2005 voor de eerste maal aan het werk zag, lieten ze een sterke indruk na: vontuurlijke stoner’woestijn’rock refererend aan het oude Kyuss, QOSA, Butthole Surfers en natuurlijk Millionaire. Op de koop toe waren ze gekleed in witte overalls, gehuld met pleisters en zwarte plakband en het gezicht omwonden met  plasticfolie. De sound was aanstekelijk, hard en noisy.
Twee full EP’s en een debuutcd ‘I am the golden gate bridge’(met hulp van Mark Lanegan en Tom Barman) verder, toont CWTAB z’n ware gelaat en klinken ze meer gestroomlijnd. Live had dit z’n weerslag: ze boetten in aan kwaliteit en puik materiaal; hun rauwe gitaarrock was minder boeiend en er was te veel gesoleer, wat de spanning deed afnemen. Het waren vooral “Mind your own God”, “Broken flowers grow”, “Blackened roses, …” en “Funker”, die als vroeger meeslepend, dreigend, duister en messcherp klonken. The Creature  is braver geworden en is z’n tentakels kwijt!

Andere koek was het noisepoptrio uit Wales Future of the Left, ontstaan uit McLuskey. Ze leverden één van de debuutcd’s van het jaar af met ‘Curses’. Ze laveren ergens tussen ‘80’s Virgin Prunes en ‘90’s Shellac/Barkmarket en voegen er soms een vleugje leuke psychedelicatoetsen aan toe.
Live hoorden we een sterk op elkaar ingespeeld trio, een geoliede machine, energiek en gebald. Dit was één brok dynamiet: een scherpe, venijnige gitaar, een allesomvattende dreunende en ronkende bas en een opzwepende percussie. De verbeten samenzang injecteerde de broeierige, spannende noisepopsongs. Zelfs de meer gemoedelijke psychedelica songs, “Manchasm” en de single “Suddenly, it’s a folk song” moesten eraan geloven en kregen een dosis push forward; de songs raasden in een snelvaart tempo voorbij. De bassist nam een prominente rol in, en z’n hoekige danspassen namen we er maar al te graag bij!
Het trio slaagde en verve het tempo hoog en strak te houden. Ze speelden een vijftiental songs in een klein uur, waaronder één nieuwe “Cat”. Elke song, van opener “Kept by bees” tot  afsluiter “Adeadenemyalwayssmellsgood” overdonderde… The lord hates a coward”, “Plague of onces”, “Fuck the countryside alliance” en “Small bones, small bodies” waren een muzikale wervelwind.

Dit is een band die ‘er staat’ en zeker niet mag ontbreken op Pukkelpop.  Een gemiste kans voor wie hen niet aan het werk zag. Je bent gewaarschuwd…

Org: De Zwerver, Leffinge

I Love Techno 2007 herwerkt!

Geschreven door

De 12° editie van I Love Techno was een topper. Ruim 35000 enthousiaste bezoekers genoten en ondergingen de pompende dancebeats die tijdens deze editie in de line-up lekker werden aangevuld met aanstekelijke en stevige gitaren. Net als op Dour plaatsten DJ’s en dansgeoriënteerde groepen zich ongedwongen makkelijk naast gitaarbands. Als het maar groovy en dansbaar was! Underworld was (eventjes) vergeten.

Een greep uit het aanbod:
Dr Elektoluv is op een paar jaar tijd een grootse Meneer geworden en kwam in Flanders Expo deze keer niet in zijn witte stofjas maar in een zilveren glittervest. Hij toverde uit z’n vestzak elektroklassiekers onder monotoon pulserende beats. Hij boog de rumoerige zaal om tot een danstempel.

De Britse Turk Erol Alkan verraste als draaitafelspecialist; zijn ‘mind blowing set’ deed de grens tussen elektronica, trance en rock vervagen. Wat een opzwepende DJ set!

Het Britse Simian Mobile Disco maakt samen met The Klaxons en Shitdisco deel uit van de nu-rave. Het duo hield het op een wave van elektronica, beats, grooves , trance en dance. “It’s the beat” en “I believe waren alvast  twee goed meegenomen slogans.

Vijf jaar terug wonnen de West-Vlaamse heren van Goose Humo’s Rock Rally. Ze zijn intussen uitgegroeid tot de Belgische punkfunkband bij uitstek…LCD Soundsystem meets Soulwax Nite Version en Daan. Sprankelende opzwepende dance: elektronicagefreak, opzwepende percussie, pompende dancebeats, snedige en fijne gitaarloops en …dampende lijven. Bring it on! Heren.

Een groot oplichtend kruis op het podium…we waren aanbeland bij de set van het frandse duo Gaspard Augé en Xavier de Rosnay, Justice. Ze gaven  een uur lang het beste van zichzelf; in een overvolle Orange Room. Een pompende mix van ‘80’s kitschdisco, breakbeats en drum’n’bass; een arty dansconept dat erin ging als zoetenkoek: “D.A.N.C.E.”, “Tthhee ppaaarrttyy”, “Stress”  en de schitterende uitdeinende afsluiter “(Where are your friends you) never be alone again”, wat door het publiek werd meegebruld. Om kippenvel van te krijgen! De “7 nation Army” van White Stripes.
Kortom, dit is de nieuwe wind in techno en elektroland; Daft Punk verbleekte. Wat een ‘Cross’ religieuze ervaring!

Naar het einde van de nacht werd het British Murderboys meegepikt: keiharde techno en mag ik even …verstand op nul!

I Love Techno: een geweldige sfeer, een enthousiast, dance-minded publiek, en een herwerkte gouden formule waar de gitaren en de nu-rave binnen de dance en de DJ’s kon worden geplaatst. Mooi toch.

Organisatie: Live Nation (I Love Techno)

Festival les Inrocks 2007: dag 2: Elvis Perkins, Los Campesinos, Noisettes en Editors

Geschreven door

De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat we over Elvis Perkins, nota bene zoon van acteur Anthony Perkins, geen grondig oordeel kunnen vellen gezien we enkel het laatste nummer hebben kunnen meepikken. Maar afgaande op deze prachtige song en op de enthousiaste reactie van publiek vonden we het wel heel jammer dat we een half uurtje te laat zijn gekomen.

Los Campesinos dan. Voorafgaandelijk hadden we even naar die gasten hun EP geluisterd en daar ontdekten we toch wat fijne en frisse dingetjes op. Maar deze gingen echter live volledig verloren tussen het arty farty gepingel, de stuurloze herrie en vaak ongepaste noise. Los Campesinos is een zevenkoppig  collectief en dat zijn er minstens drie te veel. De nerveuze, springerige en vaak te opgejaagde poprock bevat wel een paar aardige ideeën, maar het begon allemaal toch wat te snel op de zenuwen te werken, mede dankzij een vervelend ettertje van een zanger die hoegenaamd niet kon zingen. De drie bevallige dames binnen de groep zagen er wel leuk uit maar konden het boeltje ook niet redden.

Verrassing van de avond was het Britse trio Noisettes.  Een wijf met met ballen op vocals (een even fel konijn als Lisa Kekaula van The Bellrays maar ze zag er nog iets beter uit), een flitsende en energieke gitarist en een weelderig behaarde neanderthaler op de vellen, een drummer om ‘Keith Moon’ tegen te zeggen. Ze speelden rauwe, zeer opwindende en energieke rock’n’roll met af en toe een welgekomen rustpunt en met de nodige show verzorgd door de oververhitte dame Shingai Shoniwa.  Een avontuurlijke mix van The Bellrays, The Yeah Yeah Yeahs, The Stooges en The Dirtbombs.

Editors zijn op 2 jaar tijd uitgegroeid tot een  ‘grote’  groep en klinken op een podium inderdaad als een goed geoliede machine die weet hoe een publiek in te palmen. Dit hebben ze voor een groot stuk te danken aan hun frontman Tom Smith wiens stem en présence staan als een huis. Een paar jaar terug stond hij nog wat onwennig en lichtjes bescheiden op het podium, op vandaag is de zaal gewoon van hem. Dat zijn stem aanleunt bij die van Ian Curtis is helemaal niet uit de lucht gegrepen, maar in tegenstelling tot het pikzwarte Joy Division klinkt Editors toch een pak opgewekter. De jaren tachtig invloeden uiten zich ook duidelijk in de galmende gitaren van Chris Urbanowicz, die een handvol rake riffs uit zijn gitaar tovert zoals The Edge ze al in 15 jaar niet meer weet te bedenken. De set van The Editors was krachtig, stevig en ook soms wel te luid. De rustiger en subtielere momenten van op hun platen mistten we hier wel een beetje, de sound van de avond was nogal dichtgemetseld. Ze hadden ook maar een uurtje, wat als enigszins plausibele uitleg kan worden aanschouwd, het moest vooral vooruit gaan.  Editors speelden ook opvallend veel tracks uit hun debuut ‘The back room’, de sterkhouders van het optreden kwamen voornamelijk uit dat album, alsof zij zelf ook wel weten wat hun beste werk tot nog toe is.
Feit is, Editors is een hechte live band die rijp is voor nog grotere prestaties en voor de hoogste postjes op de affiches van de grote festivals. Toch loert er ook enig gevaar om de hoek bij deze band, hun songs zijn allemaal  een beetje volgens hetzelfde herkenbare stramien opgebouwd. Nu is het nog fris, maar naarmate de jaren zullen vorderen zal er toch enige vernieuwing en variatie in hun sound moeten komen willen ze een relevante groep blijven.

Organisatie: France Leduc Productions ism l’Aéronef, Lille

Pagina 492 van 504