logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15458 Items)

The Klaxons

Myths of the near future

Geschreven door
‘Myths of the near future’ is een titel op z’n plaats bij het Londense drietal; hun sound luidt een frisse wind in van Britpop, postpunk en dansbare wave. ‘New Rave’  wordt het omschreven, het Britse antwoord op de Amerikaanse punkfunk van LCD Soundsystem, !!!, Radio 4 en The Rapture.
De sound ligt ergens tussen bands als Happy Mondays, Oasis, Blur en de huidige lichting Franz Ferdinands en Bloc Party. Het geheel klinkt fris, aanstekelijk, opwindend en werkt adrenalised op de dansspieren. ‘Myths of the near future’ biedt vaart en ritme. The Klaxons onderscheiden zich samen met het Schotse Shitdisco binnen deze muzikale golf.
“Two receivers”, “Gravity’s rainbow”, “Forgotten works”  en “Magick” zijn nummers die snedig en dansbaar zijn. “Golden skans”, “As above, so below” en “Isle of her” zijn fijne popsongs en “Atlantis to interzone”, “It’s not overyet” en “Four horsemen of 2012” benaderen het sterkst het werk van Franz Ferdinand en The Futureheads.
Ze balanceren van chaos tot een gecoördineerd geheel;  kortom, er is voldoende afwisseling te horen.

Linkin Park

Minutes to Midnight

Geschreven door
Het Amerikaanse zestal uit LA nam Rick Rubin onder de hand voor de derde cd. Ze hebben lang op zich laten wachten om de opvolger klaar te hebben op ‘Hybrid Theory’ en ‘Meteora’.
De band, voortrekkers van de nu metal begin 2000, neemt deels afstand van de stevig gebalde sound en trekt de lijn door van ‘Meteora’ van een doorsnee rockband die de zang van Chester Bennington meer tot z’n recht laat komen tav de raps van Mike Shinonoda.
Er is sprake van fijne, uitgebalanceerde rock, luister maar naar “Shadows of the day”, “What I’ve done”,  “In pieces” en “The little things give you away”. Een uiterst sfeervolle band wordt het “Leave out all the rest”, “Hands held high” en “In between”. Het ‘oude vuur’ wordt aangewakkerd op “Given up”, “Bleed it out” en “No more sorrow”.
De band is radiovriendelijk geëvolueerd en kan eigenlijk niet meer tippen aan het verbluffende debuut. ‘Old’, ‘wiser’ en toegankelijker geworden?!

65daysofstatic

The destruction of small ideas

Geschreven door

Het Noord Engelse collectief 65daysofstatic blaast de postrock nieuw leven in. Ze zijn de overtreffende trap van bands als Mogwai en Explosions in the Sky en benaderen nog het best ons eigen Madensuyu.
Hun instrumentaal filmische sound ondergaat diverse tempowisselingen en gaat van zacht, sfeervol naar fors en krachtig tot luid en hard van overwaaiende distortion gitaren en opzwepende drums. Een fris avontuurlijke aanpak, waarbij in elke song de aandacht wordt behouden. Het gebruik van voorgeprogrammeerde (knisperende) elektronica, strijkers en gesamplede drumpartijen bieden een meerwaarde aan hun spannend broeierige sound. 
Op plaat klinken ze warm en lieflijker; live zijn ze als een windhoos: verbeten explosief! De opvolger van ‘One time for all time’ gaat dus van muzikale chaos tot een gecoördineerd geheel.
“When we were younger & better”, “Don’t go down to sorrow”, “These things you can’t unlearn” en “The conspiracy of seeds” zijn kippenvelsongs:  ze hebben een intrigerende opbouw, zijn mooi uitgesponnen, grijpen je bij het nekvel en blazen je met de rug tegen de muur. Wat een contrasten van een opwindende band!


Patti Smith

Patti Smith: rock’n’roll dame met een boodschap

Geschreven door
‘Full respect’ voor de zestigjarige rockdichteres die momenteel al zo’n kleine 25 jaar bezig is. Zij ontfermde zich na de plaat ‘Waves’ (’79)  gedurende een tien jaar over haar gezin (ze was getrouwd met Fred ‘Sonic’ Smith van MC 5 in’80 die in ’94 overleed) en kwam in ’88 terug met ‘People have the power’.
Patti Smith
is het toonbeeld van vrede, vrijheid, gelijkheid en solidariteit; ze oppert voor een betere wereld en communicatie (no suffer, no war). Refererend aan de hippie ‘70’s zijn deze thema’s nog steeds brandend actueel! Tweemaal was ik al onder de indruk van haar live performances: op Folkdranouter, ruim vijf jaar terug, en in 2004 op het Cactusfestival te Brugge. Ze bracht dit voorjaar een coverplaat uit, ‘Twelve’, songs van anderen die ze op unieke wijze aanpakte.
Patti Smith kreeg al een medaille van Officier in de Orde van Kunst en Letteren en ze trad toe tot de befaamde Rock And Roll Hall of Fame.

Onder luid applaus werd ze verwelkomd en kwam ze het podium op met hoed en gehuld in een t shirt met vredessymbool. Samen met haar vaste begeleidingsband Lenny Kaye, Tony Shanahan en Jay Dee Daugherty speelde ze een ‘Best of’, gretig puttend uit haar ‘70’s platen, was er aandacht naar het huidig coverrepertoire, was er ruimte voor haar ‘spoken words poetry’, ‘Birdland’, en vertelde ze haar indrukken over het werk van Arthur Rimbaud en Charlotte Brönté, muzikaal vormgegeven door “Whitte rabbit” van Jefferson Airplane.
We hadden te maken met spannend broeierige, emotievolle gitaarrock, onder haar vocale voordracht, door een intrigerend samenspel van gitaar, bas, piano/organ en drums.
“Hello children of Brussels, glad to be back” sprak ze het publiek aan. “Kimberly”  opende de set, gevolgd door de instant klassiekers “Frederick” en “Free money”. “Privilege” en het lang uitgesponnen “Are you experienced” van Jimi Hendrickx (Patti op hobo trouwens), dompelden ons onder in een ‘70’s psychedelica wave. Kippenvelmomenten! Een volgend ‘spoken words’, muzikaal fijn en subtiel,  linkte ze aan “Beneath the southern cross”, bepaald door akoestische gitaren. Gitarist Lenny Kaye kwam op het voorplan, speelde en zong een ‘good old rockin’ song, “Pushin’ too hard”.
Tenslotte ging Patti Smith met Her Band naar een hoogtepunt met “Because the night”,  een schitterend opgebouwde “Pissing in a river” , een akoestisch toongezette “Smells like teen spirit” (Nirvana), gevolgd door “Soul kitchen” van The Doors en Van Morrisons klassieker “Gloria”, wat een opzwepend ritme had en  luidkeels werd meegezongen. Pure klasse!

Ze trakteerde met twee nummers in de bis, een sober aangevatte “Perfect day” van Lou Reed (stem en piano), en “Rock’n’roll nigger” die de muzikale geschiedenis beschrijft van een rock’n’roll dame die van zich afbijt en een boodschap heeft van vrede, vrijheid en solidariteit…om U tegen te zeggen!

Organisatie: Live Nation

Robyn Hitchcock

Ontspannen rockend de zomer in

Geschreven door
Als afsluiter van hun muzikaal voorjaarsseizoen had de Handelsbeurs gekozen voor de Engelse singer-songwriter Robyn Hitchcock. Behalve misschien via zijn nummer ‘So You Think You’re In Love’ dat in 1991 uitgebracht werd met zijn toenmalige begeleidingsgroep ‘The Egyptians’, heeft hij in ons land tot dusver geen ruime naambekendheid kunnen verwerven. En dit is erg jammer want Robyn Hitchcock maakt al ruim 30 jaar muziek, heeft een aantal schitterende platen op zijn actief en mag vanuit gespecialiseerde pers en muziekmiddens op grote appreciatie rekenen. Dit werd afgelopen zaterdag nog maar eens onderstreept aan de hand van zijn huidige begeleidingsgroep, ‘The Venus 3’. Als we u vertellen dat hier niemand minder dan gitarist Peter Buck, bassist Scott McCaughey en drummer Bill Rieflin deel van uitmaken, gaat het daarbij dus niet enkel om muzikanten die elkaar kennen uit het collectief ‘The Minus 5’ maar was in de Handelsbeurs ook nog eens ½ van de huidige R.E.M. present, een bandje dat wél al jaren uitgegroeid is tot een wereldgroep.

Maar van kapsones was echter geen sprake. Integendeel, het was mooi om zien hoeveel spelplezier er op het podium te beleven viel. Een valse intro, een ietwat fout gespeelde noot, het werd veelal met de glimlach weggewerkt en aangezien er ook enkele nieuwe, soms zelfs nog niet op plaat verschenen nummers (zoals “Saturday Groovers” of “Hurry For The Sky” gebracht werden, werd het relaxte gevoel hierdoor nog geaccentueerd.
Robyn Hitchcock grossierde door zijn oeuvre en hoewel via “Queen Of Eyes” en “Kingdom Of Love” zelfs werd teruggegrepen naar het prille begin van zijn carrière toen hij eind de jaren ’70 tot begin jaren ’80 deel uitmaakte van de psychedelische folkrock groep ‘The Soft Boys’, bestond zowat een kwart van de set toch uit nummers uit het vorig jaar – en tot nu toe enige met ‘The Venus 3’ - uitgebrachte album ‘Olé! Tarantula’. Daarbij kwamen aan bod: het gelijknamige titelnummer, “New York Doll” (opgedragen aan de in 2004 aan leukemie overleden New York Dolls bassist Arthur Kane),
”(A man's gotta know his limitations) Briggs" (verwijzend naar de Dirty Harry films met Clint Eastwood in de hoofdrol) en na de korte pauze “Adventure Rocket Ship” om uiteindelijk af te sluiten met “Underground Sun”.
Ondertussen was er ook een knappe versie van “Sally Was A Legend” en werd er lekker gerockt bij “Brenda’s Iron Sledge”.
Na de pauze was er ook nog ruimte voor drie covers. Vooreerst bracht Robyn Hitchcock solo en akoestisch “Visions Of Johanna” (een nummer van Bob Dylan en ook terug te vinden op ‘Robyn Sings’, een dubbelalbum waarop Robyn Hitchcock uitsluitend nummers van Bob Dylan covert), waarna ‘The Venus 3’ hem vervoegde om de psychedelica op te voeren via eerbiedwaardige versies van het door Syd Barrett neergepende “See Emily Play” en van “Eight Miles High” van The Byrds.

De sfeer zat er dus duidelijk in en het concert werd gekenmerkt door enerzijds een Robyn Hitcock die zich een goede, karaktervolle frontman toonde met een stemgeluid dat ons bij momenten een beetje deed denken aan dat van de machtige ‘The Go-Betweens’, en door anderzijds ‘The Venus 3’ die hem op mooie wijze ondersteuning boden, daarbij duidelijk ontdaan van de druk die ze gewoonlijk ervaren op de grotere podia. Of men nu in de eerste plaats kwam voor de frontman Robyn Hitchcock dan wel als R.E.M.-fan enkele groepsleden van nabij wou aanschouwen, het publiek genoot en kon na een passage bij de gewillige signeersessie van Robyn, Peter en Scott, ontspannen de zomer induiken.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

 

Danny Vaughn

Traveller

Geschreven door
Danny Vaughn kennen we met name van zijn werk bij bands als Waysted, From The Inside, Vaughn en in het bijzonder Tyketto. Hoofdzakelijk van de laatste band waren we grote bewonderaars. Tyketto was immers één van de weinige A.O.R. topbands uit de jaren ‘90. De eerste Tyketto plaat: ‘Don’t Come Easy’ (1991) durf ik nog steeds één van de allerbeste A.O.R. schijven te noemen. Opvolger ‘Strength In Numbers’ (1994) klonk anders maar had ook een verzameling schitterende Melodic Rocksongs aan boord. Vaughn moest Tyketto verlaten om voor zijn zieke vrouw te zorgen. Hij werd vervangen door niemand minder dan Steve Augeri (Journey) maar voor de band was door de opkomst van de Grunge geen verdere toekomst weggelegd. Tussen 2000 en 2002 bracht Danny onder de naam Vaughn 3 albums uit. Nu gaat hij verder onder zijn volledige naam: Danny Vaughn. ‘Traveller’ is een mooie, evenwichtige, gevarieerde Melodic Rockschijf. Qua sfeer doet de plaat een beetje denken aan Tyketto’s ‘Strength In Numbers’ maar toch is de sound op ‘Traveller’ veel ruimer. Danny stem is nog steeds heel herkenbaar, krachtig en glashelder. Maar ook de twee gitaristen (Tony Marshall & Pat Heath) verdienen een pluim want hun gitaargeluid geeft het album een voller geheel, al moet je niet rekenen op een uitgebreid arsenaal aan gitaarsolo’s. De plaat klinkt redelijk elektrisch en is daardoor vrij stevig. Al zijn er ook momenten dat men akoestisch te werk gaat en de singer-songwriter in Danny naar boven komt. Variatie troef dus. Opener “Miracle Days” heeft een meezing refreintje en klinkt een beetje als een Indiaanse hymne. “Restless Blood” is puur Tyketto. “Lifted” is dan weer een echte mooie pianosong. “The Warrior’s Day” is heavy en ruig. “The Measure Of Man” heeft een beetje Country invloeden. “Think Of Me In The Fall” is dan weer een pure popsong. Heel wat diversiteit dus op Vaughn’s nieuwste!  Een album dat groeit na elke beluistering.




Soulsavers

It's not how far you fall, it's the way you land

Geschreven door
Achter Soulsavers gaat het duo Rich Machin en Ian Glover schuil. Zij maakten al remixes voor Starsailor, Doves en Beastie Boys. De twee heren verbreden hun muzikale kijk met deze tweede plaat, waarbij ze beroep deden op Mark Lanegan. Het resultaat is ronduit verbluffend; de samenwerking is een samenspel van donker dreigende rock, trippop, gospel en soul. Lanegan legt met z’n grauwe, doorleefde stem een voorname stempel op de sound. Muzikale pareltjes zijn te horen: “Ghost of you & me”, “Paper money”, “Spiritual” en “Jesus of nothing”, die een Indiaans tintje meekreeg, er is de koorzang op de opener “Revival, “Kingdoms of rain” zorgt voor koude rillingen, en de filmische instrumentals zijn meegenomen om een volgend muzikaal hoofdstuk aan te vatten.
Dit is een knappe plaat: origineel, spannend, avontuurlijk en pakkend. Mee te nemen voor de eindejaarslijsten!

 

The Ladder

Sacred

Geschreven door
Midden jaren ’90 kwam er, na het teleurstellende album ‘Dead Man’s Shoes’, een einde aan het sprookje van FM. De band FM was toen één van de weinige A.O.R. giganten. De muzikale koerswijziging die FM richting Bluesrock maakte werd niet bij elke A.O.R. fan goed ontvangen. FM splitte maar zanger Steve Overland ging later nog verder met o.a. zijn werk bij Alan Parsons & met zijn nieuwe band Shadowman. Toch was het wachten op de debuutplaat van The Ladder: ‘Future Miracles’ uit 2004 om opnieuw Steve Overland te horen in een waanzinnig, puur A.O.R. project. Deze opvolger ‘Sacred’ is nog een stuk sterker en daarom een absolute aanrader voor iedereen die van FM hield. In de band zitten trouwens naast Overland ook nog Pete Jupp en Bob Skeat van FM. Vinny Burns (Ten/Dare) die op de debuutplaat nog het mooie weer maakte is er niet meer bij en werd vervangen door Gerard Pichler. ‘Sacred’ is een puur A.O.R. album vol uitstekende songs die natuurlijk de typische Steve Overland stempel dragen. Mister Overland heeft nog steeds een zeer uniek stemgeluid en ik reken hem dan ook nog altijd tot mijn favoriete zangers aller tijden. ‘Sacred’ klinkt gevarieerder dan eerder FM werk omdat er af en toe ook eens stevig wordt uitgehaald. Hoogtepunten zijn het stevige melodieuze titelnummer, de prachtige ballade “Something To Believe In” en de waanzinnige A.O.R. song “Sea Of Love”. ‘Sacred’ is een album dat gerust naast de eerste twee uitgebrachte FM albumklassiekers mag staan. Puur melodieus genot in een moderne, zeer geslaagde productie, waarvoor Overland en Jupp zelf tekenden.

Krakow

As the heart is

Geschreven door
Krakow is een Limburgs vijftal die in 2006 debuteerde met de EP ’Home’. Ze spelen slowcore songs in de beste traditie van At the close of everyday, het oude Low en Sophia.
‘As the heart is’ bevat negen sfeervolle songs, subtiel uitgewerkt en mooi uitgesponnen,  onder de  warme en hemelse stem van Niné Cipoletti, soms aangevuld met haar mannelijke collega’s. Het zijn vooral de laatste songs  van de cd “Our love hotel” en “Shadow of a man” die nauw leunen aan Low door het gitaargetokkel en de zachte toetsen.
Een vleugje americana ontbreekt niet (luister maar naar de emotievolle slepers “Roses” en “Once around the sun”)  wat de band gerust naast een Cowboy Junkies en Bonnie ‘Prince’ Billy plaatst. In “Come on home”  doet de sound en de samenzang denken aan Crosby, Still, Nash en Young.
Fijne plaat van een gevoelige band.

 

Blonde Redhead

23

Geschreven door
Blonde Redhead heeft z’n rauwe, gedreven sound van vroeger volledig vaarwel gezegd. ‘Misery of a butterfly’ uit 2004 plaatste de band van de tweelingbroers Amedeo en Simone Pace binnen een vernieuwde stijl van dromerige en stemmige gitaarpop, ondersteund van ‘70’s psychedelische elektronica.
‘23’ is een logisch vervolgverhaal en bevat tien sfeervolle, aanstekelijke popsongs, die subtiel uitgewerkt zijn; ze klinken warm en melancholisch waarbij een hoofdrol is weggelegd voor Kazu Makino (een Engelse van Aziatische oorsprong). Hun muzikale wereld kun je ontdekken met songs als “The dress”, “Publisher”, “Spring and by summer fall” en de ballads “Heroine”, “Top hanking” en “My impure hair” die de cd op overtuigende manier besluiten.
'23' is een goed album van uitgebalanceerde pop.

Hooverphonic

A new stereophonic sound spectacular: tien jaar later

Geschreven door
Hooverphonic profileerde zich de voorbije maand als ‘Electronic Hoover’ die hun debuutalbum ‘A new stereophonic sound spectacular’ opnieuw voorstelde met hun tiende verjaardag: een muzikaal geluidslandschap van trippopsounds, galmwave, ambient soundscapes, filmtunes en voicesamples onder een ijle zang. Toen waren ze de tegenhanger van bands als Tricky, Portishead en het onderschatte Lowpass.
Geike Arnaert vervoegde de band van Callier/Geerts in ’97, een jaar na de release van hun debuut. Het debuut met zangeressen Liesje Sadonius en Kyoko Baertsoen (later Lunascape) leverde bekende songs als “Inhaler” en “2 Wicky” (opgepikt door Bernardo Bertolucci voor zijn film ‘Stealing beauty’). ‘Blue wonder power milk’ betekende de definitieve doorbraak. “Eden”, “Mad about you”, “Jackie cane” en “Vinegar & salt” zijn maar enkele songs van het rijkelijk gevulde repertoire van het drietal.

Ze ondernamen een éénmalige kleine clubtour; het slotconcert werd gehouden in de HA te Gent. Een klein uur duurde de ‘Anniversary Reissue’. De donker dreigende muziek speelden ze in een lichtdecor van beperkte spotlights, stroboscoopeffects en een glitterbol achteraan het podium. Het publiek zag slechts drie schimmen door de dikke slierten rook, wat deed denken aan een optreden van The Sisters Of Mercy. Geike stond op een verhoogje, had hoge laarzen aan, en bewoog zich als een schuchtere Matroesjka. Callier (elektronica/bas)en Geerts (gitaar) stonden stokstijf en emotieloos op het achterplan. Van interactie met het publiek was er geen sprake.
De muziek sprak voor zich: elektronica soundscapes, beats en een ijle zang. Geike slaagde in de glansrol van de zangeressen vóór zich. Meteen werd de aandacht getrokken met “Inhaler” en “2Wicky” die meteen op een sterke respons konden rekenen. “Plus profond” en “Barabbas” hadden een stevige beat en groove. Sfeervoller klonken “Cinderella” en “Nr 9” met Geike als een herboren Elisabeth Frazer/Lisa Gerrard. “Sarangi” balanceerde tussen hard en zacht, en onderscheidde zich door een diep ronkende bas en scherp gitaarspel. “Revolver” was het meest dansgericht en “Innervoice” besloot de set na een kleine 45 minuten. Wat een muzikale trippopsound van het drietal, die sommige nummers aan elkaar koppelde door voicesamples, filmtunes en evergreens waaronder “Can’t help falling in love”.
Ze trakteerden ons nog op een paar nummers van hun tweede plaat ‘Blue wonder power milk’ , waaronder “Battersea” en “Eden”, muzikaal breder door orkestraties, drum’n bass en pop, en ondersteund door een hemelse zang van Geike, zoals we die al altijd hebben gekend.

Het publiek kreeg een donker dreigende ‘Anniversary Reissue’ van het drietal. Een uiterst ‘coole’ set, die ons in de triphopsfeer van een goede tien jaar terugbracht.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent


Maxïmo Park

Maxïmo Park: goed maar niet onvergetelijk

Geschreven door

Met hun tweede album ‘Our earthly pleasures’ is de sound van Maxïmo Park wat men noemt “volwassener” geworden. De springerige, opgehitste en nerveuze geluiden van de eerste plaat ‘A certain trigger’ zijn voor een stuk ingeruild voor een meer poppy geluid. 

En ook op het podium merken we die evolutie. Het tempo is niet meer zo duizelingwekkend als twee jaar geleden. De nieuwe songs worden netjes afgewisseld met de oudere, zodat er wel wat meer variatie in de set komt, maar helaas ook wat minder vuur en dynamiek. Want voor dat laatste moet Maxïmo Park het vooral hebben van de splijtende songs uit hun eersteling zoals de strakke versies van “Apply some pressure”, “Graffiti” en “The coast is always changing”. Het is voor deze songs dat het publiek het meest door de knieën gaat. De energie van Maxïmo Park spruit vooral voort uit de dynamiek van frontman Mark Smith die met zijn explosiviteit het concert een extra boost geeft en zo de aandacht van de fans weet te behouden. Het is hij die de groep vooruit stuwt, de anderen zijn eerder statisch en laten alle gekdoenerij aan hun bij wijlen hyperkinetische zanger over. Met uitzondering van de keyboardspeler misschien, die weet toch ook enig enthousiasme in zijn act te brengen.

Maxïmo Park is best wel een interessante band, maar ze hebben nog te weinig onsterfelijke songs om een volledig optreden te overtuigen. Vandaar dat wij hier ook zouden gewagen van een weliswaar goed concert, maar géén onvergetelijk. Veel zal afhangen van het derde album, benieuwd of ze gaan teruggrijpen naar de springerige rock van ‘A certain trigger’ of dat ze verder de eerder gelaagde poppy weg zullen opgaan van ‘Our earthly pleasures”. Potentieel hebben ze, dat in ieder geval.

Aangename verrassing van deze avond is het piepjonge duo Blood Red Shoes. De drummer/zanger Steven Ansell mept op zijn drumstel als een bezeten Animal in betere muppet tijden, zijn wat bedeesde vrouwelijk compagnon Laura-Mary Carter haalt frisse punky riffs uit haar gitaar. Het geheel doet denken aan The Kills en zeker aan The Yeah Yeah Yeahs  en het is wat ons betreft een veelbelovend bandje.

Organisatie: Le Grand Mix, Tourcoing

The Rolling Stones

The Stones: WOW! Waardig Ouder Worden!

Geschreven door
The Stones: wat moet je nog schrijven over deze oude knarren?
Gigantisch podium. Uitschuifbaar kleiner podium tot halverwege de weide. Geen matte best of deze keer. Goede keuze uit ruim repertoire. Schitterende versie van “Can’t you hear me knocking?”. Keith in vorm. Kan nog altijd niet zingen. Rubber Lips goed bij stem. Charlie lijkt nog altijd op een leraar geschiedenis. Ron heeft nog steeds een tronie om bieten op te klieven. Lisa nog steeds super sexy, Bobby Keys is de zesde Stone.
De Stones klinken nog steeds alsof in hun garage staan te repeteren. Prachtig.
Moeten ze stoppen? Nee, want nu al stonden er drie generaties op de weide.

Playlist:
Start me up, Shattered, Rough justice, Rocks off, Heartbreaker, Some girls
Waiting on a friend, Can’t you hear me knockin’, Tumblin’ dice, I get crazy, I wanna hold you, Slippin’ away, It’s only rock ‘n roll (but I like it), It’s all over now,
(I can’t get no) Satisfaction, Honky tonk women, Paint it black, Jumping Jack Flash,
Sympathy for the devil

Organisatie: Live Nation


 


Wash Out Test

Wash Out Test

Geschreven door

Wash Out Test, uit Lessines, situeert zich binnen de ska punkrock. De vier songs op de Split CD (een cd van vier punkrockbands die elk vier songs voorstellen) zijn melodieus, snedig, gebald en ondergaan diverse tempowisselingen, gekenmerkt door een dosis spelplezier. `A Happy Family'?een muzikaal uitgangspunt, hoog in het vaandel gedragen door het gezelschap. De blazers geven alvast een springerig, dansbaar tempo aan.

Wash Out Test refereert nauw aan de Belgisch grote broers Funeral Dress, Nailpin, Janez Detd en Ska-P, maar evenzeer aan het beloftevolle Pussy Juice, die ook houden van zo'n ritmiek en groove. ?I swear? en ?I just can't wait to be king? zijn party songs van dit bandje, die al een paar jaar bezig zijn en aan de weg timmeren. Respect en een verdiende respons!

Info: www.washouttest.com

www.standupzine.be

Wilco

Ongekroonde koningen van alt.country zijn terug!

Geschreven door
Laten we eerlijk zijn, het mag een half wonder heten dat alt.country pioniers Wilco nog bestaan, laat staan dat ze met een langverwacht nieuw studioalbum onder de arm een korte Europese tour ondernemen en daarbij op de koop toe nog eens de Gentse Vooruit aandoen. Als we de geruchten mogen geloven sukkelde boegbeeld Jeff Tweedy de afgelopen jaren immers van de ene depressie in de andere, en bleef hij als een getormenteerd man achter na artistieke meningsverschillen met andere bandleden en het overlijden van zijn moeder. 
Enkel en alleen al uit de titel van het nieuwe Wilco album ‘Sky Blue Sky’ valt af te leiden dat Tweedy en zijn sterk vernieuwde vijfkoppige band voor een positiever en toegankelijker geluid hebben gekozen. Twee tracks uit dit album, “Side with the Seeds” en “You are my Face”, trokken de set in De Vooruit op gang, en meteen werd ook duidelijk waarom de band tegenwoordig meer airplay krijgt op Radio 1 dan pakweg op StuBru. Voor de klankkleur van ‘Sky Blue Sky’ gingen Tweedy & co immers grasduinen door de catalogus van de populaire Amerikaanse rootsrock medio begin jaren ’70, waarbij we echo’s van iconen zoals The Band, Jackson Browne en Fleetwood Mac horen weerklinken. Deze retro-invloeden staan haaks op het meer experimentele geluid dat Wilco sinds 2002 produceerde op het inmiddels tijdloze ‘Yankee Hotel Foxtrot’, en het was maar zeer de vraag welke nummers uit die periode de set zouden halen. Het publiek kreeg hierop al vrij snel antwoord, en bedankte met spontaan herkenningsapplaus wanneer het van cynisch zelfbeklag doorweekte “I am Trying to Break Your Heart” en de schijnbaar vlotte popdeun “Kamera” uit voorgenoemd album werden ingezet. Op plaat contrasteren deze oudere nummers nogal fel met het nieuwe, meer gepolijste werk zoals “Shake it off” en “Hate it Here”, maar live viel hier weinig van te merken o.a. door de spaarzame doch bijzonder gedreven uithalen van nieuwe gitarist Nels Cline. Deze laatste vervulde een hoofdrol in “Impossible Germany”, volgens ondergetekende het beste nummer uit het nieuwe album dankzij de magistrale gitaaroutro die live heerlijk lang werd uitgesponnen. 
Toen we tegen het einde van de set even links en rechts van de PA Frank ‘De Mens’ Vanderlinden en Tom ‘Freebee’ Vanlaere goedkeurend het hoofd zagen meewiegen, beseften we dat niet enkel de doordeweekse concertgangers maar ook de elite van de Vlaamse rockscene met volle teugen schijnbaar genoten van de Belgische doortocht van Wilco. Ook Tweedy zelf, die nochtans niet bepaald bekend staat als een vrolijke Frans, ontpopte zich tussen de nummers door als een would-be entertainer die elke enthousiaste reactie uit het publiek spontaan counterde met een portie droge Amerikaanse humor. Yep, hier kan het echte enfant terrible van de alt.country scene, Ryan Adams, een puntje aan zuigen!
Uit de eerste bisronde onthouden we vooral “Spiders (Kidsmoke)” uit “A Ghost is Born” (2004), een langgerekt nummer dat na een repetitieve aanloop plots explodeert in een gitaarriff die zo lijkt weggelopen uit de back-catalogue van Neil Young & Crazy Horse. Het publiek vroeg en kreeg meer. In een tweede reeks toegiften werd o.a. gekozen voor “Heavy Metal Drummer”, alweer een klassieker vanop ‘Yankee Hotel Foxtrot’ en werd afgesloten met het mijmerende “On and on and on”, tevens het slotnummer van het nieuwe album.

Na een bijna twee uur durende set mag het duidelijk zijn: Wilco hebben na een aantal moeilijke jaren de titel van ongekroonde alt.country koningen terug opgeëist. Noot voor de afwezigen: Tweedy & companen ruilen binnenkort de sfeervolle en tot de nok gevulde Vooruit in voor een rafelige doch oergezellige concerttent op het komende Dour festival!

Organisatie: Vooruit Gent


Sinner

Mask Of Sanity

Geschreven door

'Heavy Metal Rules!' en dat nu al meer dan 25 jaar voor het Duitse Sinner. Mat Sinner is dan ook één van de pioniers van de Duitse Metal scène. Op zijn achttiende!studioalbum schotelt Sinner ons nog meer van hetzelfde voor. De band staat nog steeds garant voor een potje rauwe doch melodieuze hardrock. Waren de vorige albums vrij donker, deze nieuwe 'Mask Of Sanity' klinkt boven alle verwachtingen erg melodieus en zal daarom ook de melodieuze rockfanaat aanspreken. De songs zitten erg vakkundig in elkaar en het is leuk te horen hoe de sound wordt opgebouwd rond de twee gitaristen: Naumann & Leim. 'Power' alom dus en dat uit zich ook in het tempo van de songs, dat vrij hoog ligt. Gelukkig maar want als het dan toch eventjes rustiger wordt (zoals in "The Sign") valt de band volledig door de mand. Hier komt de zwakte van de band toch wel erg 'in the spotlight' te staan. Die zwakke schakel is nog steeds de erg ruwe, zelden toonvaste, expressieve stem van Mat 'himself'. Maar goed ook die stem is typisch Sinner. De bonus track is de aardige Thin Lizzy track "Baby Please Don't Go". Een mooi stevig, snel album, maar echt gek van Sinner zal ik wel nooit worden. Daarvoor is de middelmatige stem van Mat voor mij persoonlijk een breekpunt.

Ray Wilson

She

Geschreven door
Deze ‘She’ van Ray Wilson verscheen vorig jaar maar werd niet door ons opgemerkt. Vreemd want we zijn grote fans van de man maar het album werd dan ook niet door een Major label gereleased. Opmerkelijk is ook dat het om een album gaat die wordt uitgebracht onder de naam Ray Wilson & Stiltskin. Een nieuw Stiltskin album dus en de opvolger van het succesvolle ‘The Mind’s Eye’ uit 1994. Wilson heeft al vele watertjes doorzwommen. Zo was er zijn band Cut, zijn felomstreden periode bij Genesis, zijn ondergewaardeerde solocarrière, maar ook zijn Grunge periode met Stiltskin. Uit het debuutalbum ontsproot één grote hit “Inside”, waarvoor hij ook in België kon rekenen op de heel wat airplay. Deze tweede schijf ‘She’ zal vermoedelijk geen nieuwe hit opleveren. Wilson is het enige originele lid (hij erfde de groepsnaam) dat aan dit nieuwe Stiltskin album meewerkte. Voor de fans die Wilson enkel kennen van zijn solocarrière en van zijn periode bij Genesis zal het toch even schrikken worden bij het horen van de eerste noten van “Fly High”. ‘She’ staat immers vol stevige gitaarrock met een knipoog naar de Grunge muziek. Af en toe kent de plaat ook wat rustigere momenten maar toch blijft de immense gitaarsound steeds centraal staan. Wilson’s stem past goed binnen dit plaatje maar we horen hem toch liever binnen een melodieus progressief muziekkader. ‘She’ is een stevig album: een mix van Grunge, pop en gitaarrock. Of vele Wilson fans hier op zaten te wachten durf ik echter sterk in twijfel trekken. Of er na 12 jaar nog vele Stilskin fans zijn overgebleven al evenzeer. De productie van het album is groots en loepzuiver en dat maakt het album ook een stuk toegankelijker en kwalitatief sterker.

 

Little Man Tate

About what you know

Geschreven door
Little Man Tate is afkomstig uit de Mekka stad van Arctic Monkeys Sheffield. Het jonge dynamische Britse viertal brengt poppy gitaarrock, leunend aan de postpunk en de ‘90’s Blur/Oasis Britpop: rauw en springerig op nummers als “Man I hate your band”, “European lover” en “Sexy in Latin; “This must be love”, “House party at Boothy’s” en “Court report” is subtiel, fijne pop en “Who inventend this lists”, “3 day rule”  en “This girl isn’t my girlfriend” zijn aanstekelijk, frisse songs.
‘About what you know’ is een aardig klinkend plaatje over wat elke jongere bezighoudt …in zijn vrije tijd: meisjes, uitgaan, drinken, voetbal en plezier maken…of niet?!

 

The Five O´Clock Heroes

Bend to the breaks

Geschreven door

The Five O’Clock Heroes zijn een half Amerikaanse, half Britse band; vier jonge gasten van nog geen twintig debuteren met frisse, kernachtige catchy rock’n’roll popsongs. Ze passen niet direct in het rijtje van de huidige postpunk. De groepsnaam werd gehaald van één van de songs van The Jam en zij refereren met hun broeierige en aanstekelijke sound naar ‘70’s The Clash, Joe Jackson Band, The Ramones , The Police en natuurlijk Paul Wellers The Jam.
Ze bezitten alvast de kunst goede melodieuze rocksongs te schrijven; luister maar naar “Head games”, “Anybody home”, “Time on my hands”, “Run to her”, “Good lovers”, “Skin deep” en “Got to give up”. “Corporate boys”, “White girls” en de semi-akoestische extra track zitten verfijnder en subtieler in elkaar.
Band die alle troeven heeft om door te breken...

Black Rebel Motorcycle Club

Baby 81

Geschreven door

Na de ijzersterke en verrassende rootsplaat ‘Howl’ is BRMC teruggekeerd naar de sound van hun eerste twee albums. Dit betekent opnieuw donkere, meeslepende en bezwerende gitaren en een diep doordringende bas. En ook al klinkt de sound ons bekend in de oren, toch is deze  ‘Baby 81’ een sterk en fris album geworden. Wij zouden zelfs durven spreken van hun beste tot nu toe. BRMC is er met name in geslaagd hun meest toegankelijke album te maken zonder aan kwaliteit en drive te moeten inboeten en dat is vooral te danken aan een hoop kanjers van songs.
De splijtende opener “Took out a loan” is zowat het enige nummer die nog enkele naweeën van ‘Howl’ bevat in de vorm van een moordende bluesriff. “Berlin” en “Weapon of choice” zijn al even heftig en tonen een BRMC in bloedvorm. Andere knallers zijn het dreigende “666 conducer”, een snedig “Need some air” en vooral “American X”, een negen minuten durende prachtsong waarin de gitaren heerlijke kronkels maken. Om niet helemaal te bezwijken misschien toch een beetje detailkritiek : “Windows”  en “Not what you wanted” neigen lichtjes naar de Beatles en helaas ook een beetje naar Oasis. Maar voor de rest géén slecht woord over deze plaat.
U herinnert zich misschien dat deze heren samen met de sufgehypete Strokes hun kopje kwamen opsteken in 2001. Met deze ‘Baby 81’ hebben BRMC al hun vierde schot in de roos in 6 jaar. En The Strokes ? Yep, één klassieker en twee twijfelgevallen. Tussenstand BRMC - The Strokes 4 - 1


Schwung 2007: Classic Rock is still alive and kickin’!

Geschreven door
Het jaarlijkse Rock & Roots festival Schwung te Roeselare slaagde er terug in om enkele schitterende namen bij elkaar te sprokkelen. Dit West-Vlaamse rockfeestje was al aan zijn negende editie toe. Het begon allemaal in 1999. Toen had men reeds Uriah Heep & Golden Earring op de affiche staan. Doorheen de jaren profileerde dit festival zich als een volwaardig Classic Rock festival. Bands zoals Deep Purple, Status Quo, Thin Lizzy, Cheap Trick, Thunder, Europe, Scorpions en Alice Cooper stonden allen op de Schwung podium. Dit jaar was het vooral uitkijken naar REO Speedwagon. Want waarin zelfs het grote Arrow Rock festival niet slaagde, deden de Schwung organisatoren wel en ze haalden de Amerikaanse band REO Speedwagon naar België. Opmerkelijk want deze band was al meer dan 20 jaar niet meer in onze contreien live te zien. Het monsterlijke Lordi moest toch ook wat volk naar Roeselare brengen. Terwijl Megadeth niet bij elke Classic Rock fan werd onthaald als een gepaste afsluiter.

Toch kwam er weer heel wat volk (zo’n 7000 man) opdagen voor deze Schwung editie. Schwung is ook een erg relaxt festival. Hier geen heen en weer geloop naar de verscheidene podia, geen optredens die elkaar overlappen. Nee, Schwung eert de oude festival formule: één dag, één podium. Tussen de optredens van de negen bands zat er een korte pauze waarin je naar hartelust je opnieuw kon opladen of eventjes op adem kon komen in de frisse buitenlucht. Nieuw dit jaar waren twee videoprojectieschermen aan beide zijkanten van het podium. Organisatorisch had dit festival dus een zeer sterke basis.

Toen we aankwamen in Roeselare hadden al twee bands hun set afgewerkt. De Nederlandse Guns & Roses tribute band Gunz & Rozes en gitaarwonder Paul Gilbert hebben we jammer genoeg moeten missen.
We waren net op tijd voor het optreden van de Nederlandse symfo formatie Focus. Deze formatie die in 1969 werd opgericht door de organist/fluitist Thijs van Leer had ik nog nooit eerder live gezien. Vooral het schitterende melodieuze gitaarspel van Niels van der Steenhoven was adembenemend. De solospots die van Leer voor zijn rekening nam drongen bij mij iets minder door. “Hocus Pocus” mag dan wel hun grootste hit zijn, van het gejodel van van Leer ben ik echt geen groot liefhebber. Focus bracht een leuk uurtje instrumentale symfo rock.
Daarna was het de beurt aan de heavy rock van het Zwitserse Krokus. De band speelde een stevige set in de goede ‘Alive & Screamin’ traditie. Terug in de Krokus bezetting was gitarist Mandy Meyer die, na enkele jaren dienst als tweede gitarist bij Gotthard, ons verraste met erg stevig gitaarwerk. Toch was het vooral zanger Marc Strorace die met zijn strot à la Bon Scott het meest imponeerde. Vanwege zijn illuster stemgeluid waanden we ons AC/DC te horen. AC/DC, Saxon, Iron Maiden het zat allemaal erg dicht bij. “Rock City” Roeselare ging voor het eerst echt uit zijn dak.
Vervolgens was het de beurt aan de Nederlandse wereldklasse van Golden Earring. Deze band die actief is sinds 1961 is nog steeds niet uitgespeeld. Deze band stond al voor de derde keer op Schwung en had dan ook niet de minste moeite om het publiek te overtuigen. Hay, Kooymans & co brachten een energieke set, fris en jeugdig. De Golden Earring jukebox draaide op volle toeren en de fans genoten met volle teugen van: “When The Lady Smiles”, “Twilight Zone”, “Long Blond Animal” en een wel erg uitgesponnen versie van “Radar Love”. Deze rocklegenden bieden dus nog steeds waar voor hun geld. Al zal de band waarschijnlijk ook wel iets duurder geworden zijn in vergelijking met het Schwung openingsjaar 1999.
Van totaal ander fabrikaat waren de monsters van Lordi. Deze Finse melodische heavy rockband werd bij het grote publiek vooral bekend na hun Songfestival overwinning van 2006. Origineel zijn ze niet echt. Liefhebbers van de creaturen van GWAR verwijten Lordi een slap afkooksel te zijn en ook muzikaal heeft deze band weinig om het lijf. Alhoewel, de monsters treden op in loodzware kostuums en maskers en dat op zich mag toch wel verdienstelijk genoemd worden. Hun ware identiteit is dan ook hun best bewaarde geheim. Geen geheim dat ze muzikaal hun mosterd halen bij acts zoals Alice Cooper  (“Who’s Your Daddy”). Toch was er duidelijk een publiek voor de groteske, doch zeer vermakelijke show. Tussen de nummers door was er net iets te weinig schwung. Maar ja, de heren hadden het bijzonder druk om de verschillende moordtuigen en attributen bij elkaar te zoeken. Tonnen vuurwerk en een gigantische hoeveelheid papiersnippers zorgden voor een wervelende finale. “Hard Rock Hallelujah”, blij dat we dit overleefd hebben! Van UFO ben ik nooit een grote fan geweest. Alleen van het A.O.R. getinte album ‘Misdemeanor’ (een album dat door de meeste UFO fans als bijzonder zwak werd onthaald) uit 1985 was ik erg onder de indruk. Ook na enkele malen UFO live te hebben gezien, heeft deze band mij nog nooit echt kunnen charmeren. Deze Britse Classic rockformatie heeft ontelbare groepswissels gekend. De huidige bezetting is er een zonder Michael Shenker maar wel met gitarist Vinnie Moore. Phil Mogg en Pete Way vormen nog steeds de spil van deze band. Mogg was opmerkelijk goed bij stem en vooral er was geen ruzie op het podium. UFO bracht echter een onopvallende, vlakke set. Enkel tijdens de klassieker “Doctor Doctor” gingen de handen tot midden in de zaal de lucht in.
Rond 21.30 was het dan eindelijk de beurt aan REO Speedwagon. De band waar we gans de dag naar uit hadden gekeken. Deze Amerikaanse band uit Illinois is reeds bedrijvig sinds 1967 en toch waren ze slechts een handvol keer te zien in Europa. Ruim 25 jaar was het geleden dat ze nog in België te zien waren en net zoals bij Journey was dit voor de fans een droom die in vervulling ging. Muzikaal ligt Journey mij nog iets nauwer aan het hart maar toch had ik tijdens het REO Speedwagon optreden vaak diezelfde intense gevoelens. Vanaf opener “Don’t Let Him Go” tot afsluiter “Ridin’ The Storm Out” heb ik intens genoten van deze pure Amerikaanse classic rockshow. Zanger/gitarist Kevin Cronin was erg onder de indruk van zoveel enthousiasme en gaf dan ook het beste van zichzelf. De set bevatte de ene hit na de andere. Een enkele keer (met “Smilin’ In The End”) werd er gegrepen naar nieuw muziekmateriaal. De band heeft namelijk, na elf jaar!, met ‘Find Your Own Way Home’ een nieuw album uit. De REO klassiekers volgden elkaar in snel tempo op. Opvallend was dat enkele jongeren naast mij de meeste Speedwagon songs erg goed onder de knie hadden. De ballades “Keep On Loving You” en “Can’t Fight This Feeling” bereikten natuurlijk nog meer zielen en werden luidkeels meegezongen. Naast deze rustpunten liet REO Speedwagon echter horen een goed geoliede machine te zijn, die bovendien erg stevig kon rocken! Gitarist Dave Amato trok stevig van leer en ook bassist en blonde God Bruce Hall liet zich erg verdienstelijk opmerken. Deze laatste mocht ook de song “Back On The Road Again” voor zijn rekening nemen. REO Speedwagon voldeed aan alle verwachtingen. Met de belofte om heel vlug opnieuw naar Europa te komen toeren kwam er voor ons een einde aan deze schitterende Schwung editie.
Even bleven we nog kijken naar de trash metal van Dave Mustaine & co. Doch Megadeth is Metallica niet. Een objectief oordeel kan ik over het Megadeth optreden niet vellen. Dat laat ik liever over aan de echte Megadeth fans die toch nog talrijk hun band gadesloegen. Ook de safety mensen hadden plotseling heel wat meer werk met crowdsurfende Megadeth fans.

Dit Schwung festival eindigde voor mij met REO Speedwagon. Afsluiten in schoonheid noem je zoiets. Schwung 2007 was een zeer geslaagd festival. Op naar de tiende editie, waarbij ik hoop dat de organisatie opnieuw zal uitpakken met enkele verrassende namen!

Foto's: http://www.pixagogo.be/5993714199

Organisatie: Schwung, Roeselare

Pagina 494 van 499