logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (23 Items)

Matt Berninger

Matt Berninger - Ontspannen melancholie

Geschreven door

Matt Berninger - Ontspannen melancholie
Matt Berninger
OLT Rivierenhof
Deurne
2025-09-01
Jérôme Bertrem

De nazomeravond in OLT Rivierenhof stond in het teken van Matt Berninger, frontman van The National, die er zijn solowerk en klassiekers bracht in een setting die zowel intiem als uitbundig aanvoelde. Met Ronboy als special guest en voorprogramma kreeg het publiek een dubbele portie indierock en melancholie, afgewisseld met speelse humor en onverwachte momenten.

Ronboy mocht de avond openen en bewees dat ze méér is dan een sidekick. Met haar mix van grungy rock en emotionele ballads wist ze meteen te overtuigen. “Boogeyman” en “I Am Only Playing” klonken vol en ruw, terwijl ze in “Retriever” en “Brass Knuckles” haar stem en basgitaar alle ruimte gaf. Een verrassend rustpunt bracht ze met de piano-ballad “Your Way”, breekbaar en intiem. Tegen het einde ging ze voluit in “Oceans of Emotion” en “Get Rich Fix”, nummers die haar rauwe energie perfect samenvatten. Haar duet met Matt tijdens “Disaster” was wat rommelig in de mix, maar gaf wel een mooi voorproefje van de wisselwerking tussen beide artiesten.

Toen Matt Berninger zelf het podium betrad, was de toon meteen gezet: energiek, speels en met zijn typische baritonstem die de hele avond herkenbaarheid en sfeer bracht. Hij werd bijgestaan door dezelfde band als Ronboy, wat zorgde voor een vlotte overgang.
Al vroeg in de set zorgden “No Love” en “Breaking Into Acting” voor een levendige wisselwerking tussen podium en publiek, met Matt die vaak zijn glas deelde met de voorste rijen. “Distant Axis” en “Junk” lieten dan weer een meer ingetogen kant zien, zorgvuldig gezongen en subtiel opgebouwd.
De afwisseling bleef boeien: een duet met Ronboy in “Silver Springs” (met een knipoog naar Fleetwood Mac), nieuwe songs als “Black Letter Font” en “Why Don’t Nobody Love Me?”, en natuurlijk klassiekers als “One More Second” die op luid applaus konden rekenen.
Hoogtepunt van de avond was zonder twijfel “Terrible Love” van The National, waarbij Matt het publiek in trok, handen schudde en knuffels uitdeelde. De warmte tussen artiest en publiek werd hier tastbaar.
In de bisronde verraste hij met een swingende cover van New Order’s “Blue Monday” en sloot hij af met “Inland Ocean”, een zacht neergelegd slot dat de avond mooi afrondde.

Matt Berninger bewees in OLT Rivierenhof dat hij solo even sterk staat als met The National. Met humor, melancholie en een flinke scheut publieksliefde bracht hij een avond die zowel luchtig als beklijvend was. Een concert waarin hij genoot van de intimiteit en de directe interactie – en het publiek minstens evenveel.

Setlist: No Love - Frozen Oranges - Breaking Into Acting - Distant Axis - Silver Springs - Junk - All for Nothing - Black Letter Font - Nowhere Special - One More Second - Silver Jeep - Little by Little - Why Don't Nobody Love Me? - Gospel (The National) - Terrible Love (The National) - Bonnet of Pins — Times of Difficulty - Blue Monday (New Order cover) - Inland Ocean

Organisatie: Live Nation ism OLT Rivierenof, Deurne

Matthias Van den Brande

Matthias Van den Brande - Het is moeilijk te omschrijven, maar Rothko is een van de weinige schilders wiens werk zodanig binnen komt, dat ze inspiratie vormen om er muziek rond te maken

Geschreven door

Matthias Van den Brande - Het is moeilijk te omschrijven, maar Rothko is een van de weinige schilders wiens werk zodanig binnen komt, dat ze inspiratie vormen om er muziek rond te maken

In de jazz scene komen er steeds nog talenten bij. Neem Saxofoon fenomeen Matthias Van den Brande. Al op piepjonge leeftijd had hij de muziek microbe te pakken Zijn passie voor muziek groeide doorheen de jaren; in 2011 startte hij op het Conservatorium van Antwerpen, en wist hij zijn bachelor diploma te behalen bij saxofonist en mentor Kurt Van Herck. Vanaf september 2014 studeerde Matthias aan het gerenommeerde Conservatorium van Amsterdam. Via deze school kreeg hij de kans om zijn Masterstudie in de Verenigde Staten te beginnen aan de Temple University in Philadelphia. Hij kreeg er les van jazzgroten als Dick Oatts en Terrell Stafford. In 2017 behaalde hij in Amsterdam zijn masters diploma onder het mentorschap van o.a. Jasper Blom, Ferdinand Povel, Simon Rigter, Joris Roelofs en Ben Van Gelder.
Hij bracht ondertussen enkele knappe platen uit. In maart kwam een nieuwe parel uit, ‘Fields of Color’, waar Matthias zijn inspiratie haalt bij schilder Mark Rothko.
Naar aanleiding van deze release hadden we een fijn gesprek met Matthias. We polsten naar zijn ambities en verdere plannen.

Hoe is alles begonnen? Waarom de saxofoon ? Waarom jazz?
Alles is begonnen in het conservatorium in Antwerpen rond mijn 18ste, met Kurt Van Herck. Daar heb ik drie jaar gestudeerd.  Ik wilde mijn horizonten verleggen. Toen ben ik begonnen aan het Conservatorium in Amsterdam. En toen is het in een stroomversnelling terecht gekomen. Ben ik ook gaan studeren in Amerika , waar ik les kreeg van toch grote jazz namen als Dick Oatts en Terrell Stafford. Daarna ben ik in Amsterdam blijven plakken , en daar heb ik ook de meeste van mijn vrienden ontmoet. De muzikanten waar ik mee samen speel, en de meeste projecten die ik doe zijn Nederlandse projecten. O.a.  de muzikanten die op de laatste plaat staan zoals Wouter Kühne en Tijs Klaasssen heb ik zo ontmoet. Anderhalf jaar geleden ben ik terug naar Antwerpen afgezakt. Ik geef ook les in Antwerpen, maar kom nog heel veel in Nederland. Ik schipper nogal vaak tussen de twee.

Merk je in het krijgen van kansen een verschil tussen Nederland en België? Is het in België moeilijker om je muziek aan de man te brengen? Of merk je dat niet?
Het is vooral moeilijk om ergens te spelen of een concert te boeken als je daar niet veel bent. Het was gewoonweg gemakkelijker in Nederland omdat ik daar woonde en veel speelde om daar gemakkelijker aan de bak te komen. Die naam bekendheid vervaagde een beetje in België, omdat ik hier gewoonweg veel minder was. Ondertussen is het meer 50/50 en ik probeer de moeite te doen om in beide scenes mijn stempel te drukken. Het speelt wel in mijn voordeel dat ik zowel in Nederland als in België veel mensen ken. Dat is niet voor elke Belgische muzikant het geval. Ik vind het dus fijn dat ik dit wel kan doen een beetje tussen die beide scenes kunnen schipperen, ook mede door de Nederlandse muzikanten waar ik mee samen speel. Die muur tussen beide landen heb ik dus eigenlijk minder last van.
Intussen zijn er al platen uit. Heeft de release goede recensie gekregen en deuren geopend (ook buiten de jazz)?
Bij mijn eerste plaat was ik nog vrij jong. Dat is al zeven jaar geleden, en die werd zeker goed ontvangen. Het was wel niet evident om met negen muzikanten live te gaan spelen. Het was ook een mix tussen klassiek en jazz. Ondertussen heb ik nog twee wedstrijden gewonnen waaronder B-Jazz International Contest en Tremplin Jazz 'Concours Européen' Avignon in 2022. En dat heeft zeker deuren geopend. We hebben circa 50 concerten gespeeld op twee jaar tijd; we hebben ook een plaat uitgebracht in die periode. Dankzij die wedstrijd in Avignon hebben we ook deze recente plaat kunnen opnemen. De prijs is drie dagen opname tijd in een studio in Frankrijk. Ik probeer nu die lijn door te trekken, en gewoon te blijven gaan.

Nochtans las ik in een artikel dat zo’n wedstrijden winnen niet altijd de sleutel tot succes is… Je hebt ook de populaire wedstrijden voor een ruim publiek als een Belgian Got Talent enz. Maar bij jou was dat dus wel een succesverhaal?
Ik wil dat wel een beetje nuanceren, het is nu niet dat ik plots een grote ster ben geworden of zo. Bij die soort wedstrijden is dat vaak dat mensen plots bekend worden, en twee jaar later niemand ze nog kent. Bij mij zorgde het ervoor dat ik au-serieus ben genomen dankzij die wedstrijden. Dat wel. Ik ken mensen die plots compleet in de schijnwerper staan, maar daarna niets meer.. bij mij gaat het gewoon gestaag vooruit. En ik ben van plan dat nog heel lang te blijven doen, gewoon gestaag vooruit gaan.

Voor je album ‘Fields of Color’ vond je de inspiratie bij schilder Mark Rothko; je hebt het waarschijnlijk al honderd keer verteld, maar we horen het graag, hoe ben je bij deze man terecht gekomen?
Ik ben al heel lang fan van Rothko zijn schilderijen. Toen ik ze voor het eerst zag in Londen , dat waren toen de ‘Seagram Murals’ – trouwens de titel van de eerste single – hebben die schilderijen een diepe indruk op mij nagelaten. Het is moeilijk te omschrijven , maar Rothko is een van de weinige schilders wiens werk zodanig binnen komt dat ze een inspiratie vormen om daar muziek rond te maken.. gevoelsmatig heb ik bij Rothko datzelfde intense gevoel, dat ik krijg bij beluisteren van muziek. En dat heb ik niet bij andere kunstenaars. Ik ben ook altijd blijven op zoek gaan naar zijn werken, want ze zijn in Europa moeilijk te vinden. Vooral in Amerika vind je zijn werken. Toen ik Amerika studeerde heb ik er veel gezien in New York en Washington. Het heeft altijd in mijn achterhoofd gezeten om daar daadwerkelijk iets mee te doen. na de nieuwe plaat moest ik sowieso een nieuw project schrijven , voor een nieuw album. Met die opname dagen in Frankrijk. En dus was dit het uitgelezen moment om dit eindelijk uit te werken. Toevallig vernam ik dat er in Parijs een grote expositie rond zijn werk zou komen. En toen ben ik vijf dagen naar het museum geweest en gaan componeren in Parijs.

Hoe beeld je schilderstukken uit in muziek, vraag ik me dan af …
Ik had ook geen idee daarover toen ik er aan begon. Het was voor mij dus ook iets nieuw, en iets heel spannend ook. Ik heb heel intuïtief tewerk gegaan. Veel nummers zijn gekomen door naar het werk te kijken, en daarrond vanuit een buikgevoel muziek te componeren, zonder daar te diep bij na te denken eigenlijk. Bij sommige werken heb ik gekeken hoe het werk er abstract uit ziet, en daarop tewerk gaan. De stukken komen overeen met de kleuren, en de muziek die ik daarbij in mijn hoofd heb. Elk stuk heeft zijn eigen proces gehad eigenlijk. En dat is heel organisch gegaan eigenlijk. Ik probeer er ook niet teveel of te diep over na te denken, heel intuïtief tewerk gaan was het belangrijkste. Het is gewoon mijn persoonlijke hommage aan die werken van Rothko. Maar de muziek staat op zich. Het is een persoonlijk proces, als iemand anders er muziek zou rond schrijven zou dat wellicht iets heel anders zijn. Rothko gaf dat zelf ook aan, de persoonlijke interactie die iemand heeft die naar het werk kijkt, is het werk.. en dat is voor iedere persoon dus anders.

Het is een uniek concept, een schilder zijn kunstwerken uitbeelden in muziekstukken. Heeft het ook bij jou emotioneel iets los gemaakt, in die zin ‘verbergt het ook een persoonlijk verhaal’?
Sowieso is alles wat je doet heel persoonlijk. Ook al haal ik mijn inspiratie bij Rothko, de meeste ideeën komen natuurlijk uit mijn persoonlijke ondervinden in het leven.  En ook de muzikale invloeden. Maar een extra persoonlijk verhaal schuilt er dus niet echt achter, nee.

Zijn verhaal is tragisch, maar zijn schilderijen zijn kleurrijk. Ik herken het ook op de plaat; de nieuwste single “Lunar Landscapes” is een uitbundig nummer en plots komt er dan een somber ”Seagram Murals”. Het is een voortdurend balanceren tussen donker en licht; een bewuste keuze dus?
Nee, ik heb niet bewust dat  bewandelen van een ‘donker’ en ‘licht’ pad uitgedacht eigenlijk.  Het is normaal dat er verschillende aspecten naar boven komen, emotioneel en qua sfeer. Het is ook vaak in lagen. Op ‘Lunar landscapes’ speel ik een eerder begeleidende tegenstem terwijl de trompet daarover de melodie speelt. het heeft voor mij iets somber, maar ook iets hoopvol. En ook iets heel uitbundig. Het is dus zeer gelaagd. Maar ook de latere werken van hem zijn zeer gelaagd. Daarvan ben ik me bewust geworden toen ik ze allemaal naast elkaar zag hangen in Parijs. Dat zijn grijs/witte werken. Als ik ze naast elkaar zag hangen deed het me denken aan een maanlandschap. Dat nummer ‘Lunar Landscapes’ heb ik dus heel spontaan geschreven, en ook al hangt er iets uitbundig aan, er zit toch ook een beetje van droefheid aan vast. Hij is helaas uit het leven gestapt, maar tegelijkertijd was hij met veel ideeën bezig. Er heerst daar een dualiteit tussen zwaarmoedigheid en het zoeken naar een lichtpunt.

Was die zoektocht een uitweg naar zelfmoord toe van Rothko? Een uiting van frustraties? Hoe moeten we dit zien
Ik kan niet in zijn hoofd kijken uiteraard. Hij voelde zich wel  mis begrepen. Ik denk dat hij op zoek was naar een soort eeuwigheid, en een punt waarbij hij puur tot de essentie komt. En die zoektocht , en hoe mensen dat interpreteren. Die confrontatie was voor hem ondragelijk denk ik. Het onbereikbare toch willen bereiken, en botsten op de grenzen… speelde wellicht ook een rol. Het is moeilijk om een echt antwoord daarop te geven, maar het was gewoonweg interessant om daar artistiek mee bezig te zijn. Ik heb dat proberen uitbeelden in die composities, en de twee singles zijn de stukken waar het meest dat gevoel is ingelegd eigenlijk.

In sommige songs gebruik je de beide aspecten, ‘licht’ en ‘donker’  in één song, zoals op het interessante “Untitled Stories” … Worden deze twee aspecten bewust verbonden? Hoe zie je het zelf?
Bij dit stuk ben ik vertrokken vanuit een tekening waar hij begon te schilderen en veel cirkels maakte. En dat circulaire wilde ik wat meegeven in die melodie. Maar het stuk is iets universeels geworden dat ik heb opgedragen aan al zijn werken eigenlijk.  Daarom ook ‘Untitled Stories’ als titel. Echt een antwoord op geven is moeilijk, want alles is vanuit een buikgevoel gekomen en alles hangt af van wat ik op dat bepaald moment voelde. En daar zit een stuk improvisatie in, dat kan in elke show weer een andere kant uitgaan. En anders zijn, hoe we het op dat moment interpreteren. Die improvisatie is een moment opname. Dat het live anders kan zijn, dan op plaat doordat het een eigen leven gaat leiden vind ik wel leuk hieraan.

Die stukjes ‘Chapel’ zijn interessante toevoegingen, ahw een ‘voorspel voor een nieuw hoofdstuk’, of hoe moet ik het zien?
Die ‘Chapel’ verwijst naar een herdenkingsplaats die na zijn dood vorm heeft gekregen. Een plaats waar mensen hun werk kunnen zien, en meteen bezinnen. In  musea is dat moeilijk, omdat zijn werken hangen tussen andere kunstenaars hun werken. Die ‘Chapel’ is een plek waar bezinning mogelijk was. Ik ben er nooit naartoe geweest naar die plek, maar ik vond het een mooi aspect om  op die plaat te verwerken, en daar naar verwijzen. Mijn idee was enkele interludia stukjes te maken tijdens de opnames. En die dan kort’’ Chapels’’ te noemen. Blijkbaar had Tijs onze bassist zelf iets gevonden om daarrond te boetseren. en dat was wel zeer interessant. “chapel II’. ‘Chapel I’ is eerder een intro op ‘Untiteld Stories’ . Het was op zich fijn om op zoek te gaan naar verschillende klanken. Het heeft dus zeker een link met het daarop volgende nummer, sowieso. Ik vond dat ook nodig, want sommige stukken zijn best anders. Ik vergelijk het als je naar een museum gaat dan is het soms eens nodig om even op een bank te gaan zitten. In die zin zijn die Chapel een moment om even tijd te vinden, om naar de volgende song te gaan of zo…

Alle muzikanten zijn belangrijk, maar bij o.a. ‘Yellowfields’ neemt die drums een erg grote plaats in. Was ook een bewuste manier van werken?
Sowieso. Ik ken Wouter en Tijs al heel lang, we spelen al lang samen. Ik ben gewend om met hen te werken, en weet perfect hoe ze spelen. Er is altijd een soort interactie tussen ons drie. Plus nu de extra inbreng van Jean-Paul daarbovenop. Ik kan moeilijk zeggen dat het ene instrument belangrijker is dan het andere. maar de drum is binnen o.a. die song wel heel belangrijk. als ik composities schrijf ben ik al een beetje bezig met de live concerten. En dan is het belangrijk dat iedereen zijn plek krijgt. En vaak is dat dan een solo. Ik wilde zeker zijn dat iedereen een plek had waar ze in de schijnwerper konden staan. En bij ‘Yellow Fields’ was het bewust de bedoeling om de drums die plaats in die schijnwerper te gunnen.

Deze plaat overstijgt alles wat met ‘jazz’ te maken heeft, maar toch wordt je werk in het hokje jazz geduwd. Stoort dat niet? Want je zou met dit werk een ruimer publiek buiten dejazz kunnen bereiken..
Het is moeilijk om daarover te praten, als ik tegen iemand zeg ik ben jazz muzikant weet ik nooit wat die persoon daarover denkt. Het is een genre dat zo breed is geworden. Je hebt de jazz van de jaren ’30, en ’40. De Fussion jazz van de jaren ’60 of ’70. Jet hebt crossover jazz. Free jazz. Jazz heeft voor iedereen persoonlijk een andere betekenis in deze tijden. ik vind het ook totaal niet erg om die jazz niche te passen eigenlijk. Omdat ik me erin thuis voel, en voornamelijk door jazz geïnspireerd ben. Ik grijp meestal ook terug naar mijn jazz idolen zoals Wayne Shorter, Joe Henderson, Miles Davis, …  ik vind het dus zeker niet erg om in de jazz scene te blijven hangen, maar zou uiteraard zoveel mogelijk mensen willen bereiken met mijn muziek. Ook buiten de jazz. We leven een beetje in een tijd waar alles in hokjes past, en dat maakt het soms ook gemakkelijk want als je in geen enkel hokje past geraak je vaak moeilijker aan de bak… maar op zich is het geen probleem, want ook deze plaat is een jazz album. Maar iedereen is welkom ..

De release datum was onlangs in maart dus. Al reacties?
Ik heb al zeer fijne reacties gekregen, o.a. in een Noors magazine. Er was ook een mooi interview voor Klara, er komen zeker nog enkele reviews aan.  De reacties zijn tot nu toe zeer positief. Vooral doordat ik het gevoel krijg dat heel veel mensen de connectie voelen met Rothko en met jazz. En heel erg door gefascineerd zijn, en dat is wel heel leuk.  Er is een soort connectie met het publiek, ze hoeven Rothko niet te kennen, maar het is leuk om er met mensen over te praten. En dat mensen extra geprikkeld zijn door de extra link naar de kunstwereld en specifiek dus naar het werk van Rothko is zeer mooi meegenomen.

Wat zijn je verwachtingen voor deze plaat, welk publiek zou je graag bereiken?
Ik probeer vooral met de muziek bezig te zijn. En er iets van te maken, waardoor ik meer mensen bereik. Ik speel met zeer goede muzikanten, en ik hoop nog veel te kunnen spelen en op zoveel mogelijk plekken. Dat is wat ik vooral wil bereiken met deze plaat. Bij mij is de hoofdzaak om zoveel mogelijk concerten te kunnen spelen. Wat dit werk rond Rothko betreft zou ik graag een connectie willen maken met de kunst wereld. Op plekken waar mensen niet pers se voor die jazz komen, maar voor de kunst van Rothko.

Er komen wellicht nog live optredens, kun je er wat meer over uitweiden? Visuele effecten rond die schilderijen?
Naast de huidige release data komen nog vier of vijf concerten aan, die ik nog moet aankondigen. Ik hoop dat ik volgend jaar dan wel festivals kan doen, ook in het buitenland. Dit jaar staan er al tien optredens op de planning en in 2026 ook al enkele. Binnen enkele weken ga ik terug aan het schrijven. Wat die visuele effecten betreft, is het momenteel te duur om de werken af te beelden tijdens concerten vanwege copyright. mijn doel is om de familie te benaderen, om hen te laten weten dat het bestaat. En als ik van hen toestemming krijg wil ik die schilderijen zeker gebruiken binnen de sets. Maar nu nog niet, ik zou het jammer vinden dat ik het doe en daarna in de problemen geraak wegens copyright. Als het kan zou ik het graag doen, al denk ik dat het ook fijner is als de mensen gewoon luisteren en hun fantasie de vrije loop laten. Ik heb wel een boek mee, met zijn werken, en dan kunnen de mensen altijd komen kijken waarop het gebaseerd is.

Wat zijn je verdere ambities? Is er een doel dat je voor ogen hebt?
Dat is een moeilijke vraag, ik heb heel veel gehad in mijn leven. En ik heb het gevoel dat bijna al mijn dromen reeds vervuld zijn. Mijn droom was om met Brussels jazz orchestra te spelen, dat heb ik gedaan. Ik wou op North Sea Jazz Festival en Middelheim staan. Ook dat heb ik gedaan. In VS studeren heb ik gedaan. Maar gaandeweg verleg je die grens, en krijg je nieuwe dromen. Ik probeer gewoon tevreden te zijn met wat ik al heb en te focussen op het heden. Ik zoek al heel mijn leven naar mijn eigen band waar ik vele jaren mee kan doorgaan. En die heb ik nu gevonden. Mijn grootste doel is om dit op lange termijn verder te zetten. Ik zou het fijn vinden als ik zestig jaar vind en nog steeds met mijn band tour en nieuwe platen uitbreng, dat is zeker een doel. En om die drive te blijven vinden, want het is gemakkelijk om die drive te verliezen. Door de inspiratie van mijn muzikanten, wordt ik zelf ook beter. Het is dus belangrijk om met deze toppers te blijven samen werken. Het is dus gewoon moeilijk , omdat er altijd iets nieuw blijft komen. Maar zolang ik het leuk vind wil ik graag op deze elan blijven doorgaan.

Het is inderdaad belangrijk om te blijven evolueren, jezelf blijven heruitvinden …
Het is gemakkelijk om u blind te staren op succes zoals de plekken waar je speelt, hoeveel volgers dat je hebt en dergelijke meer. Of goede reviews. En uiteraard zijn die belangrijk. maar als dat uw enige maatstaf is , dan geef je het uiteindelijk op. Want dan blijf je niet meer jezelf uitvinden. Ik probeer gewoon me te laten omringen met de juiste mensen, en telkens iets boeiend te brengen. Als daar iets door groeit of ik er wat succes door krijg is dat zeer mooi meegenomen. Maar ik probeer me daar niet teveel aan te hechten want dan houdt je het gewoon niet vol.

Je weet ook niet wat er privé op je pad komt, dan krijg je een ander verhaal natuurlijk… Het is ook uw vaste job?
Muzikant zijn is mijn vaste job. Maar vooral, hoe meer ik op verschillende plekken kan spelen, hoe liever. En daardoor geraak ik ook niet vastgeroest. Het is een kwestie van een evenwicht zoeken. Soms is dat wel teveel, andere momenten is dat perfect. In elke levensfase kijken of het in balans is , is daarbij zeer belangrijk. dat maakt het fijn aan muzikant zijn, dat je steeds iets nieuw ontdekt . als alles in beweging blijft, houdt je dat ook scherp.

Pics homepag @Victoriano Moreno

Een mooie anekdote om de babbel mooi af te sluiten
veel succes in alles wat je doet

Dark Matter Annihilation

Ik, Antichrist EP

Geschreven door

Dark Matter Annihilation is het soloproject van de Nederlandse multi-instrumentalist Thomas Pathuis, gevestigd in Rotterdam, Nederland. Na jaren actief te zijn geweest in deathmetalbands, is hij een nieuwe richting ingeslagen, naar de kosmische blackmetal. Als Dark Matter Annihilation brengt hij al sinds 2018 releases uit via Bandcamp.
De muziek van Dark Matter Annihilation koppelt de intensiteit van blackmetal aan rijke, atmosferische lagen en de Nederlander schuwt daarbij de synthesizers niet. “Ik, Antichrist” is misschien wel zijn meest ambitieuze release ooit. Niet enkel omdat de track ruim 10 minuten duurt, maar ook omdat hij er een break in verwerkt die doet denken aan gabber uit de discotheken van vroeger. De lange track maakt zijn ambitie waar. Alles hangt organisch aan elkaar en het verveelt voor geen seconde.
De weinige lyrics - in het Nederlands - bieden weinig houvast voor de luisteraars van “Ik, Antichrist”. Het lijkt een combinatie van willekeurige gedachten en wat je uitkraamt tijdens een acid trip. In de backings is onder meer Nicky Van der Schaaf te horen, van vroeger bij Hammer of Dawn, Alantia en Horizon Tide en nu bij Serotonia.

Je kan deze release aanschaffen als cassette, met op de B-kant een instrumentale versie.

https://darkmatterannihilation.bandcamp.com/album/ik-antichrist

 

M. Ward (Matthew Stephen Ward)

M. Ward + Pauwel - Overweldigend vakmanschap met charmante eindnoot

Geschreven door


M. Ward + Pauwel - Overweldigend vakmanschap met charmante eindnoot

Een cultheld voor sommige of een nobele onbekende voor andere, Matthew Stephen Ward houdt zich al meer dan 20 jaar bezig met indie folk. Als je hem niet kent van She & Him (met Zooey Deschanel) of van de folk supergroep Monsters of Folk (met onder andere Jim James en Conor Oberst), dan zijn er vast enkele van zijn songs op één of andere manier jou ter ore gekomen.

Net op tijd konden we het slot van Pauwel meepikken. In een waar kampvuurmomentje speelde hij volledig unplugged een zachte folk ballad waar de zachte tremelo in zijn stem overtuigend binnenging. Één nummer was voldoende om alvast uit te kijken naar een volgende ontmoeting met deze beloftevolle artiest.

De Amerikaanse singer-songwriter koos voor een simpele opstelling met een vleugelpiano, een mondharmonica, een folk- en klassieke gitaar. Simpel, maar doeltreffend want na opwarmer “The Crooked Spine / Duet for Guitars #3”, kreeg hij met “Eyes on the Prize” zowat de hele zaal goedkeurend aan het wiegen. Met “One Hundred Million Years” erbij zorgde hij al voor een sterk begin van het concert.
Uiteraard konden ook de prachtige covers van allerlei artiesten ook vanavond niet ontbreken. Zo was er al vroeg in de set de jazz standard van Billie Holliday “I Get Along Without You Very Well” en het krachtige “Rave on!” van Sonny West. Met een handige bruggetje naar de afgelopen woelige coronaperiode, bracht hij op de piano Daniel Johnston “The Story of an Artist” tussen zijn eigen puike “Poor Boy, Minor Key” en “Vincent O'Brien”.
Als een echte vakman bracht hij zijn pareltjes op een eigen gestripte manier. Het was alsof hij ons door een stukje geschiedenis van de traditionele Amerikaanse folk, blues en country aan het rondleiden was. Het publiek was hem daar dan ook enorm dankbaar voor. Uitschieter “Chinese Translation” was een heerlijk rock'n'rollend nummer met een makkelijk mee te zingen refrein en een geweldige outro. Met “Fuel for Fire” wist hij een gevoelige snaar te raken. Bijna te hard, want naj een snijwonde door z’n snaren, kreeg hij van het publiek doekjes toegesmeten om het bloed te stelpen.
Ondanks de hier en daar vergeten of scheve noten en de technische moeilijkheden, bleef hij ons toch telkens charmeren. Alles wat die man deed, was goud waard. Zo zag het ernaar uit dat ondanks het begeven van zijn gitaarkabel tijdens “Poison Cup” Ward bleef gaan en zo kreeg hij nog extra dankbaarheid terug.
Door de dolenthousiaste menigte kwam M. Ward niet één, maar twee keer terug om zes extra bisnummers te brengen. Op z’n Bob Dylan’s (vertellende stijl) bracht hij diepkomer “Sad, Sad Song”. De volledige onherkenbare cover “Let’s Dance” van David Bowie was ook een pareltje die niet kon ontbreken.
Op een hoogtepunt eindigen, werd bij dit concert letterlijk geïnterpreteerd. Ward zocht voor het allerlaatste nummer meermaals in het publiek een pianist om wat piano te spelen. Uiteindelijk ging de moedige Margot from Bruges het podium op om, na een studieronde, vol enthousiasme en charme de bluesy melody van “Rollercoaster” te spelen.
Dit afsluitend plaatje was perfect, het gehele concert overweldigend, de artiest overtuigend en iedereen keerde dan ook voldaan met zaligheid de nacht in.

Setlist
The Crooked Spine / Duet for Guitars #3 - Eyes on the Prize - One Hundred Million Years - I Get Along Without You Very Well (Billie Holiday cover) - Chinese Translation - Fuel for Fire - Rave On! (Sonny West cover) - Poor Boy, Minor Key - The Story of an Artist (Daniel Johnston cover) - Vincent O'Brien - Unreal City - I'll Be Yr Bird - Lullaby + Exile - Poison Cup
Bis 1: Sad, Sad Song - The Sandman, the Brakeman and Me (Monsters of Folk song) - Outta My Head
Bis 2: Let's Dance (David Bowie cover) - Migration of Souls – Rollercoaste

Organisatie: Botanique, Brussel

Nicolas Rombouts & Matt Watts

Muted Songs For Piano

Geschreven door

De in Brussel vertoevende Amerikaan Matt Watts is een meester in het bespelen van emoties, soms met een beetje bombast zoals op zijn vorige album ‘Queens’, soms heel intiem en klein zoals op het somber ‘How Different It Was When You Were There’.
Op een avond in november van vorig jaar sprak Watts met bassist/producer Nicolas Rombouts (Dez Mona, Guido Belcanto, …) af in diens opnamestudio Studio Caporal, aan het Antwerpse Centraal station. Het was een week na de zelfmoord van hun gemeenschappelijke vriend, de kunstenaar Loloman (Ward Zwart) en midden in de nasleep van een gefaald huwelijk. Getekend door pijn, verslaving en depressie besloten ze samen een opnamesessie te doen. Dergelijke initiatieven zijn doorgaans of subliem of enkel goed om stof te laten vergaren in een kluis. Denk bv. aan Neil Young’s in een roes opgenomen ‘Hitchhiker’ waarvan een aantal songs ‘gered’ werden door ze opnieuw op te nemen voor latere albums. Bij Watts en Rombouts slaat de slinger door naar de andere kant, naar het sublieme.
‘In der Beschränkung zeigt sich erst der Meister’ om eens iets anders te gebruiken dan ‘less is more’. Die avond beperkte het duo zich tot een gedempte piano, een contrabas en het typerende fluisterende zingen van Watts, die het hier voor één keer zonder zijn gitaar doet. Tegen de volgende dag was hun nieuwe album klaar. Zeven songs in één ruk opgenomen en zo moet je het album ook beluisteren.
‘Muted Songs For Piano’ is eerder een trip dan een album, een soundtrack die nachtelijke demonen oproept, ermee worstelt en hen pas helemaal aan het einde met een vrolijke riedel wegstuurt, als de nacht opnieuw plaats maakt voor het ochtendgloren.
Individuele songs bespreken heeft weinig zin, maar denk als referentie aan het donkerste uit het oeuvre van Leonard Cohen op een muzikaal bedje van Boshaard, dan wel SJ Hoffman & Clairval.

Matt Watts

Singing Partner -single-

Geschreven door

‘People only want you to be what they expect you to be’. Het is de kernzin van de boodschap in de nieuwe single van de Brusselse Amerikaan Matt Watts. Hij doet er nog een lichtvoetige knipoog bij naar Karen Carpenter, een succesvolle zangeres die moeite had met het voldoen aan de verwachtingen van pers en publiek en stierf aan complicaties na anorexia.
Die lichtvoetigheid hoorden we ook al op Watts’ vorige album ‘Queens’. Het is een beetje zoeken waar Watts naartoe wil. Heeft hij het over het universele thema van mensen die hun hoop en verwachtingen projecteren op een ander, of zit hij in hetzelfde schuitje als Karen Carpenter. Er zitten zoveel laagjes van betekenis in de lyrics dat je wel even zoet bent met herbeluisteren.
Zuiver muzikaal is deze uplifting single om duimen en vingers bij af te likken. Van de guitige vintage drumcomputerbeat en dito synths tot de bijdragen van Thomas De Prins (Score Man) en Nel Ponsaers (The Golden Glows), als zit snor dankzij een strakke productie en mix. Van de vaak als ‘supergroep’ bestempelde Matt Watts Group van ‘Queens’ bleef voor deze single enkel producer (en vriend) Stef Kamil Carlens aan boord. Misschien is dat een teken dat Watts het toch meer over zichzelf dan Karen Carpenter heeft.

https://mattwattsgroup.bandcamp.com/track/singing-partner

Matt Berninger

Serpentine Prison

Geschreven door

Matt Berninger van The National klinkt op zijn solo-album ‘Serpentine Prison’ heel erg als The National. Dat is meteen goed nieuws. Het zou ons verbaasd hebben mocht hij plots een voorliefde voor rap of nu-metal getoond hebben.
Berninger krijgt op zijn solo-uitstapje dan ook de hulp van Scott Devendorf en Ben Lanz van The National. Er doen wel meer gasten mee op ‘Serpentine Prison’, maar die blijven allemaal netjes in de schaduw van Berninger. Die prevelt en zingt over de tracks van trage en verstilde, wijdse minimal rock, folk en americana.  De man houdt van vissen als tijdverdrijf en dat hoor je in zijn muziek: hij neemt zijn tijd en vraagt ook van de luisteraar geduld als inspanning. Je moet elke track volledig en het album helemaal integraal uitzitten, liefst verschillende keren na elkaar, voor je in zijn huid kan kruipen. Pas na een reeks luisterbeurten openbaart Berninger zijn verhalen over liefde en verlies, over angst en hunkering.
Een schoolvoorbeeld van Duyster-muziek die je zowel op Radio 1 als StuBru kan horen. Als je bv. ook onze eigen SJ Hoffman al goed vindt, is dit album een must have. De hoogtepunten aanduiden is een makkie: de singles “One More Time”, “Serpentine Prison” en “Distant Axis”.

Mattias De Craene

Mattias De Craene EP

Geschreven door

Mattias De Craene kennen we van projecten Nordmann ,  MDCIII enz . De man is van vele markten thuis, en heeft binnen al die projecten meerdere grenzen verlegd in het bespelen van de saxofoon. Na al die omzwervingen vond Mattias het tijd  om solo werk uit te brengen, via W.E.R.F. records. Er zijn vier songs waar de man een heel andere route bewandelt dan we van hem gewoon zijn. De saxofoon neemt, wat dacht je anders, de voornaamste plaats in.
Hoewel dat donkere en mysterieuze overeind blijft, bevat “The Machine”, opener van deze schijf, enorm veel intimiteit die je bedwelmt en tot een zekere gemoedsrust brengt. Circa negen minuten lang worden alle aspecten van dat prachtige instrument de saxofoon uit de doeken gedaan, alsof je aan de kant van het water staat te genieten van de ondergaande zon. Zo intens mooi klinkt die sax op de pakkende song; op het ritme van zacht trommelgeroffel wordt de volgende “Lady Day” ingezet, waarna die warme saxofoon klanken je oorschelpen strelen op uiteenlopende wijze. Een rode draad op deze EP. Dat is ook te merken aan nummer drie “A rich man’s tale” waar Mattias De Craene alle registers open trekt met de sax. Een intimiteit , soms flirten tussen een dunne lijn  van geluidsmuren afbreken en zachtmoedig harten doormidden breken. Maar nergens word je in slaap gewiegd, noch word je er potdoof van. Het blijft lekker schipperen tussen beide in.
En vooral is deze EP een mysterieuze totaalbeleving waarbij Mattias zijn zin tot experimenteren, op avontuur trekken en zichzelf heruitvinden , combineert met een ingetogenheid waardoor je, eens onder hypnose gebracht door die intensieve saxofoon magie, tot een gemoedsrust wordt gebracht waar geen duister is te bespeuren, maar het licht je ook niet verblinden kan.
De “A Rich man's tale (Vectrex Remix)” , een klepper van bijna twaalf minuten lang, bewijst dat Mattias iemand is die zichzelf ter plaatse blijft heruitvinden. Want achteruit kijken kan leuk zijn, maar zelfs nu kijkt hij dus al vooruit.
Deze solo schijf laat een artiest en muzikant horen die zijn grenzen na al die jaren nog steeds blijft aftasten en verleggen, en door deze aanpak raakt hij de jazz liefhebber die graag op avontuur trekt in dat (jazz) landschap.
We ervaren een donkere saxofoon walm van pure intensiviteit die over jou heen waait , je hart verwarmt en je ziel tot een gemoedsrust laat komen, waaruit ontsnappen onmogelijk blijkt. Gelukkig is hij de zin voor experimenteren daarmee niet kwijt, en dat trekt ons nog extra over de streep.

Tracklist: The Machine 09:05 Lady Dady 04:38 A Rich Man's Tale 04:36 A Rich Man's Tale (Vectrex Remix) 11:50

Mattias De Craene

Mattias De Craene - Live aanbieden van concerten is een fijn gegeven, een voorlopige oplossing, maar mag dus niet een signaal zijn dat dit het nieuwe normaal is ter vervanging van live concerten

Geschreven door

Mattias De Craene - Live aanbieden van concerten is een fijn gegeven, een voorlopige oplossing, maar mag dus niet een signaal zijn dat dit het nieuwe normaal is ter vervanging van live concerten

Mattias De Craene kennen we van projecten als Nordmann , MDCIII en dergelijke meer. De man is van vele markten thuis, en heeft binnen al die projecten grenzen verlegd in het spelen van de saxofoon. Na al die omzwervingen vond Mattias het tijd om een eigen solo werk uit te brengen. Die kwam op 5 juni op de markt, via W.E.R.F. records en bevat vier songs waar de man een heel andere route bewandelt dan we van hem gewoon zijn. De saxofoon neemt, wat dacht je anders, de voornaamste plaats in.
Wij spraken de week voor de release af,  een fijn gesprek op het Kerkhof van Gent-Brugge. Een wandeling tussen de graven zorgde voor een inspiratievol gesprek over zijn oom Wim De Craene, de vele projecten van Mattias, zijn solo plaat en uiteraard hoe je omgaat met zo een crisis, plus de verdere toekomstplannen.

Om met de deur in huis te vallen. Je zou kunnen stellen dat muziek je met de paplepel is ingegeven. In een interview heb ik gelezen dat Wim De Craene een oom van u is? Hoe groot was zijn invloed op jouw muzikale wegen?
Ik was amper twee jaar toen mijn oom gestorven is, een rechtstreekse invloed heeft hij daardoor niet gehad op mij. Eerder dus door de verhalen die me werden verteld. Gaandeweg ben ik me wel, mede dankzij diezelfde verhalen die ik over hem hoorde, beginnen verdiepen in de persoon die hij was. Mede doordat ik zelf met muziek bezig was ook. En dan vorm je u daar toch een beeld van, waardoor die invloed dan wel weer begint binnen te sijpelen.

Ik heb u persoonlijk leren kennen via uw project MDCIII.  Toen het album 'Dreamhatcher' uitkwam , viel me vooral op hoe jullie tot het oneindige improviseren. ‘Van pure jazz naar iets wat me deed denken aan bijvoorbeeld Einstürzende Neubauten’,  schreef ik er toen over … Misschien een rare omschrijving, maar hoe zie je dat zelf?
Net zoals bij Einstürzende Neubauten zit er ook wel wat veel eigen makelij of instrumentjes in. Maar de invloeden komen van overal.

Frank Zappa?
Weet ik niet goed, respect voor die man. Uiteraard een top artiest, maar Frank  Zappa heeft me nooit echt in de greep gehouden. De grote invloed is eigenlijk een project als John Lurie National Orchestra. Die band heeft me inspiratie iets te gaan doen in die richting.

Dat sluit een beetje aan op mijn vraag. Jullie zijn met drie, met twee drums? Hoe is dat idee ontstaan?
Gewoon het idee om de sax te laten klinken samen met alleen drums, of alleen bas. Omdat die instrument op zijn top zit daarin. Door te kiezen voor alleen drum moest ik een andere positie gaan zoeken. Dat was zeer interessant. Ik wilde altijd wel eens iets doen met Simon Segers en Lennert Jacobs. Gewoon een beetje op café over gepraat. De bedoeling was dus om te klinken als the National Orchestra uit te gaan. Dus evolueren, instrumentjes zoeken en zo. Zeker een interessant type trouwens om eens op te zoeken die John Luri, ook een acteur trouwens. De John Lurie National Orchestra was zijn neven project eigenlijk.

Ook Dijf Sanders zijn inbreng als 'vierde onzichtbare inbreng' speelt een rol in MDCIII heb ik gelezen in een interview. Vertel daar wat meer over a.u.b.?
Ja, zeer veel. We zijn met de cd de studio in gegaan. Het concept was het enige dat duidelijk was. Een beetje de vibe van 'The bad dream' dat mysterieuze en donkere. Achteraf zijn we daar wat nummers rond beginnen maken. Dijf heeft de sound op geniale wijze gevormd. Dat heeft wel een inspiratie gehad om op te zoeken hoe hij dat doet en zo.

Jullie sloten ‘Dreamhatcher’ af met een cover van kleinkunstenaar Wim De Craenes “Harry”? Een ode aan je overleden oom?
Ik wilde altijd wel iets doen met de muziek van mijn nonkel, het pas ook bij ons dankzij de emotionele en melancholie die zijn muziek uitschijnt.”'Harry” is een raar maar ook zeer eenvoudig nummertje. Ik leerde in de café een Ier kennen BOBBY MCMULLAN We hadden erover gepraat om eens samen iets te doen, en bij de opname van “Harry” was hij daar, zijn stem paste perfect bij het concept.

Waar is de voorliefde voor saxofoon feitelijk ontstaan, als we terugkeren in de tijd?
Dat weet ik niet zo goed, dat is eigenlijk zomaar gekomen. Ik zal dat ergens hebben opgevangen, en dat is blijven hangen.

Van de muziekschool ging het naar de harmonie en de kunsthumaniora. Met sax begon De Craene op zijn elfde? Vertel er gerust wat meer over
Als ik elf jaar was in de Harmonie van Zwijnaarde. Het zit niet in mijn bloed een Harmonie, maar het was wel een springplank door mensen die je daar ontmoet. Die me inspireren. Zo was er een dirigent die me heeft gestimuleerd. Zeker om dan verder te studeren. Daardoor ben ik in het conservatorium terecht gekomen. Dan is de interesse in jazz ontstaan. Daar ben ik ook een beetje van weggedreven in mijn hoofd uiteindelijk.

Om verder voort te borduren op die scholing. MDCIII is niet het enige Jazz project dat min of meer is ontstaan in de Genste conservatorium. Heb je een verklaring voor het feit dat zoveel jongeren kiezen voor jazz?
Jazz is altijd onderhevig aan verandering geweest. Het heeft altijd zijn andere periode gehad. Zoals de jaren vijftig en zestig,  ook aan een politiek klimaat. De elektronica heeft ook een invloed gehad. Eigenlijk is Jazz ook wat politiek getint, een strijdvaardigheid. Daarom wil ik er met mijn handen vanaf blijven, net omdat het rebelse muziek is.  Het is niet mijn opdracht dat verhaal te vertellen vind ik.

Jongeren kiezen voor Jazz … Is dat zo? Ik heb de laatste tijd veel interviews met jonge mensen die jazz spelen, en ze zijn zeer jong
Het genre is ook weer wat hyper gemaakt. Het is ook een toffe scene , die jazz scene. De reden waarom jongeren er voor vallen, denk ik, is dat het genre evolueert, mede door de inbreng van die elektronica. Kijk naar een band als STUFF.

Eén van de redenen van dit interview is dat ik heb vernomen dat er in juni nieuw werk aankomt? Uw solo plaat op 5 juni …
Vooral was het mijn bedoeling een puur experimenteel een plaatje te maken. Het is een uitdaging voor mezelf, eigenlijk had ik liever het niet willen digitaal uitbrengen. Het is eigenlijk een uitdaging voor mezelf. Ik wou eigenlijk een hoofdstuk afsluiten, en als ik daar later naar luister , wil ik zien en horen waar ik toen zat. Het ligt ook niet in de richting van Nordman of zo, het is zeer filmisch. Qua artwork wilde ik ook een andere kant uitgaan.  Ik wilde bijvoorbeeld ook af van bijvoorbeeld het rood van MDC III , en dus koos ik bewust voor de kleur 'blauw'.

Overtuig me eens om die plaat aan te kopen? Waarom zou ik het doen?
Het is gewoon een zeer interessante en belangrijke oefening om een eigen stem te vinden. Het was ook belangrijk dat de saxofoon daarin een zeer belangrijke, om niet te zeggen, de belangrijkste rol zou spelen. Die saxofoon neemt op die plaat dus een bevoorrechte plaats in; dus de liefhebbers van sax in zijn pure vorm, met oog voor experimenteren, zouden zich daarin moeten kunnen vinden.

Nordmann is een al even veelzijdig project, hoe ben je daar terecht gekomen?
Het is allemaal begonnen met kleine concertjes, we zijn met Nordmann al sinds  2014 bezig. Zo zijn we beginnen evolueren en hebben we een plaat uitgebracht. Het blijft trouwens verder evolueren eigenlijk.

Mogen we ons ook bij Nordmann aan iets nieuw verwachten?
We zijn bezig met een nieuwe plaat.  Deze komt uit in September via Unday Records. Onze eerste single “cascade(s)” is vorige weer uitgekomen! Een geheel nieuwe wereld - https://www.youtube.com/watch?v=lIIOOoMJo0I

En met MDCIII
Ook hier zijn we volop bezig met nummers aan het opnemen en naar elkaar doorsturen om er iets van te maken, het zal wel een andere kant uitgaan , dan voordien met die voodoo jungle toestanden, we willen dus bewust iets heel anders doen.

Zijn er naast Nordmann en MDC III nog andere toekomstige projecten waar je je saxofoon virtuositeit aan gaat verlenen?
Er staat een project op stapel met Dijf Sanders. En ook met Sylvie Kreusch zijn er plannen. Nee, we blijven dus heus niet stil zitten, ondanks die corona die wat roet in het eten gegooid heeft.  Ook veel aanvragen om ''eens iets te doen'' voor onze plaat zoals bij Bazart en zo met de saxofoon. Ook Tim Van Hamel en zo. Maar ook zo eens bij Raketkanon enz, wel zeer wijs soms om te doen.

Daar wil ik dus ook op doorgaan. Alles ligt nu, om het zo te zeggen, op zijn gat. Hoe ga je daar als muzikant mee om?
In het begin deed het wel deugd eigenlijk. Het waren best hectische tijden. Veel try outs, repeteren voor theater en samenwerking met Dijf Sanders, met Nordmann en zo. Het was vaak op het randje van … Dus die pauze knop deed dus eigenlijk deugd, iedereen gaat daar anders mee om.
Op een repetitie met Dijf kregen we het bericht dat alles op zijn gat zou liggen. Voor mij was het een rustpunt om even op adem te komen. Maar ja, na een tijdje is ook dat wel genoeg geweest.

Wat waren de eigenlijke plannen voor dit jaar, en wat gaat er nu gebeuren?
Veel solo concerten, Dijf Sanders en in het najaar de release met Nordmann waar ik toch naar uitkijk . Er zijn ondertussen toch een veertigtal concerten die in het water zijn gevallen. Het is ook nu nog koffiedik kijken. Misschien in een kleine concertzaal of zo? Maar het is dus allemaal afwachten.

Zou deze coronatijd geen springplank kunnen vormen naar meer digitaliseren? En alles 'online' aanbieden? Financieel heeft een band daar niets aan, maar schept het geen mogelijkheid om bekendheid te vergaren? Zoals bij het recente Bel Jazz Fest?
Het zou eigenlijk een verarming zijn moest dit dus het 'normaal' worden. Die streaming mag niet het signaal zijn naar de mensen toe , dat ze het zo kunnen ervaren. De mensen kijken daarnaar en zetten de muziek stiller als iemand iets zegt in huis, en voor de muzikant zelf is het ook toch wat onwennig. Het mag dus zeker geen gewoonte worden, het is een voorlopige oplossing , een fijn gegeven. Maar live aanbieden van concerten mag dus niet een signaal zijn dat dit het nieuwe normaal is ter vervanging van live concerten.. Als muzikant heb je je publiek nodig.

Wat is het eerst dat je gaat doen na deze periode? Uw nieuwste plaat voorstellen?
Ook nu weer geen idee, het is allemaal afwachten wat er gaat gebeuren voor de rest.

Om af te sluiten. Heb je ook een soort einddoel, iets dat je absoluut nog wil bereiken? of ben je daar niet mee bezig
Het gevoel verder onderhouden en het besef vrij te kunnen zijn, dat gevoel dus verder onderhouden. Muzikaal heb ik wel interesse om muziek voor een film te schrijven; ook eens naar Parijs of een andere grootstad verhuizen , is een toch wel een doel wat ik wil bereiken.

Tenslotte, waar en op welke wijze kan men uw muziek aankopen en de Belgische muziek ondersteunen? Geef gerust enkele tips en links?
1 gouden tip: koop platen, met een spotify abonnement help je ons niet verder, integendeel!
https://werfrecords.bandcamp.com/album/mattiasdecraene

Er is toch iets, om terug te komen op het Bel Jazz fest, wij Belgen zijn verwend van  muzikanten; de erkenning van de buitenwereld blijft dikwijls uit?
Let op.  Er is wél erkenning, maar het blijft daar bij. Naar de Belgische jazzscene wordt  opgekeken in het buitenland, maar in eigen land moeten we het blijkbaar meer hebben van buitenlandse bands en voornamelijk the hippe “UK-jazz”.
Een potentiële uitleg zou niet kunnen bestaan zonder de woorden “branding”, “hip, “UK jazz”, “Geld”, …. En ga zo maar verder.

Bedankt voor dit fijne gesprek, hopelijk kunnen we dat binnenkort ook eens face to face doen tussen pot en pint,  met een streepje saxofoon (een van mijn favoriete instrumenten)

Mattias De Craene gaat in het najaar terug op tournee, bij deze een overzicht
11-07-2020 Wilde Westen, Kortrijk, Belgium concert
19-09-2020 N9 Villa, Eeklo, Belgium concert
02-10-2020 De Werf, Brugge, Belgium Festival
03-10-2020 De Bijloke Gent, Belgium Lam Gods 2020 Festival
09-10-2020 Minard Gent, Belgium Footprints
06-11-2020 Handelsbeurs Gent, Belgium Support Millionaire
10-11-2020 30 CC Leuven, Belgium Festival
11-11-2020 Planétarium De Bruxelles Bruxelles, Belgium Support Terence Dixon - Listen Festival

Matt Watts

Matt Watts - Ik begon mijn songs op te nemen zodra ik wist hoe een cassettedeck werkt

Geschreven door

Matt Watts - Ik begon mijn songs op te nemen zodra ik wist hoe een cassettedeck werkt

Matt Watts is al een hele tijd bezig om vanuit Antwerpen en Brussel de wereld te veroveren met zijn prachtsongs. Met het eerder dit jaar uitgebrachte album ‘Queens’ weet hij heel wat harten te veroveren. Besprekingen van dat album en van zijn concert in de Handelsbeurs in Gent kon je al eerder lezen.
Hier heb je ook het interview dat jullie nog wat dichter brengt bij de man en zijn muziek.

Je verhuisde op jonge leeftijd van Philadelphia naar Parijs en Antwerpen en je woont nu in Brussel, dat door de Amerikaanse president Trump een hellhole werd genoemd. Is het een leuke stad voor een artiest?
Matt: Ik ben heel blij om in Brussel te wonen. Het is een stad die me veel inspiratie beidt. Er valt zoveel te beleven en te ontdekken. Het interesseert me totaal niet wat Trump zegt over Brussel.

In België zette je meteen je muzikale carrière voort
Matt: Ik schrijf al songs zolang als ik me kan herinneren. Ik ben ze beginnen opnemen zodra ik wist hoe een cassettedeck werkt. Toen was ik pas 11 jaar oud. Ik stopte met hoger onderwijs toen ik 17 was om nog meer in bands te kunnen gaan spelen. Muziek was altijd mijn leven, niet een keuze die ik gemaakt heb. Het is geen carrière, het is wie ik ben.

Eén van je eerste Belgische bands was The Calicos. Die wonnen Humo’s Rock Rally toen jij uit de band was gestapt. Hoe kijk je daarop terug?
Matt: Ik heb The Calicos opgericht als een soort van begeleidingsband voor de opnames van mijn album ‘Wayward Wind’. Daarna hebben we nog ongeveer een jaar samen opgetreden. Toen Quinten Vermaelen erbij kwam, was hij nog jong, maar toch al een uitstekende songschrijver. Het was een leuke tijd om samen te spelen. Als ik zie wat ze nu doen, voel ik trots en bewondering.

Je schrijft en werkt met een hele waslijst van artiesten. Een opvallende naam daarbij is de IJslandse Emiliana Torini. Die van het radiohitje “Jungle Drum”
Matt: Emiliana is absolutely lovely. Het was heel inspirerend om er bij te mogen zijn wanneer zij haar songs schrijft.

Bovenop je eigen werk speel je ook nu nog in I H8 Camera met o.m. Rudy Trouvé, de Zita Swoon Group van Stef Kamil Carlens, het Brusselse project Individual Friends. Een bezig bijtje?
Matt: Stiekem zit ik gewoon te wachten op de wereldtournee I H8 Camera en is al de rest bedoeld om de tijd te doden (lacht). Rudy, call me.

Het album ‘How Different It Was When You Were There’ ging over afscheid nemen en eenzaamheid, maar was geen break up-album?
Matt: Helemaal niet. Voor mij ging dat album over het leven en over de dood. Afscheid nemen is daar maar één aspect van.

Waarover gaat je nieuwe album ‘Queens’?
Matt: De albumtitel verwijst naar The Queen’s Bar in Sint-Gillis. Daar gingen we een tijdje heel vaak langs. De liedjes gaan over de mensen en de situaties in dat café die me bijgebleven zijn.

Hoe kwamen Jim White en Sandy Dillon op dit album terecht?
Matt: Jim ontmoette ik via Nicolas Rombouts. Die speelt al een tijdje in de band van Jim White. Jim is een echte artiest en een uitstekende verhalenverteller. Enkele jaren geleden mocht ik in zijn voorprogramma spelen. Op de laatste van die avonden zei hij dat hij met plezier een gastbijdrage wou doen op mijn album, als ik dat zou willen. Dat aanbod heb ik dus aangenomen.
Het was Stef Kamil Carlens die me de muziek van Sandy Dillon leerde kennen. Ik was meteen weg van haar album ‘Nobody’s Sweetheart’. Stef Kamil vroeg aan Sandy of ze een duet zag zitten voor “Song For James”, waar we op dat moment aan werkten. Een paar weken later pikte ik haar op aan het station en gingen we naar de studio.

Op ‘Queens’ doe je een mooie cover van “Billie Jean” van Michael Jackson, ondanks de controverse rond die man?
Matt: De muziek van Michael Jackson is altijd een inspiratie geweest. Dat er controverse is rond hem, heeft me er niet van weerhouden om die cover op te nemen. Het was Nicolas Rombouts die de voorzet gaf. Hij is zelf ook een fan van zijn werk.

Als extraatje staat op ‘Queens’ een vertaling op van een nummer van labelgenoot Guido Belcanto
Matt: De vertaling van “Ik Weet Niet Waar Mijn Meisje Is” was mijn eigen idee. Gewoon omdat ik van dat nummer hou. Maar het was opnieuw het idee van Nicolas om het nummer ook effectief op te nemen.

Belcanto kwam mondharmonica spelen op jouw versie. Smaakt dat naar meer?
Matt: Er zijn voorlopig geen plannen, maar ik hoop dat onze muzikale paden elkaar nog eens kruisen. Op dit moment wil ik gewoon luisteren en kijken naar en leren van de grote artiest die Guido Belcanto is.

De Matt Watts Group is een mooie verzameling van muzikaal talent. Is dit jouw definitieve band?
Matt: Voor mij is een band nooit vast of definitief. Maar ik geniet wel van elk moment dat we samen spelen met deze band.

Hoe heb je al die bandleden bij elkaar gehaald?
Matt: Met iedereen die nu in de Matt Watts Group zit, heb ik eerder al samengewerkt. Met Nicolas Rombouts, Bjorn Eriksson en Maarten Moesen had ik al samengewerkt voor het album ‘How Different It Was When You Were There’. Een paar jaar eerder had ik Stef Kamil ontmoet in Frituur Number 1 in Antwerpen en we werden vrienden. Hij vroeg me om in zijn Zita Swoon Group te spelen en songs te schrijven voor het theaterstuk ‘The Ballad of Erol Klof’, over folkmuziek. Daaruit kwamen dan de ontmoetingen met Wim De Busser en Eva en Kapinga Gysel. ‘Queens’ is gewoon het logische vervolg van al die eerdere samenwerkingen.

In de Handelsbeurs hoorde ik dat jouw songs live met meer power gebracht worden.
Matt: Wat je hoort op het album is hoe wij op dat moment beslist hebben om de song vast te leggen, maar dat is maar één versie. Heel wat songs groeien en veranderen na verloop van tijd. Naarmate je een song een hele tijd live brengt, kom je automatisch uit bij nieuwe versies. Live krijg ik ook veel energie van de rest van de band en van het publiek, en ook dat is bij elk concert anders. Het is die energie die bepaalt hoe we de songs brengen. Alles hangt af van het moment, zelfs de setlist.

Usi Es mocht als voorprogramma mee op de releasseshows
Matt: Ik leerde haar muziek kennen via Dieter van VOX, onze gemeenschappelijke booker. Het was pas bij de eerste releaseshow in Antwerpen dat ik haar live aan het werk zag en hoorde. Het was beautiful.

Je stelde een playlist samen voor Willy waaruit blijkt dat je fan bent van Mauro Pawloski
Matt: That gorgeous ass and that charming Limburg accent.

Bedankt voor dit interview

Besprekingen
http://musiczine.net/nl/concertreviews/item/77718-matt-watts-group-als-een-lopend-vuur.html
http://musiczine.net/nl/cd-reviews/item/77544-queens.html  

M. Ward (Matthew Stephen Ward)

Migration Stories

Geschreven door

Singer-songwriter en darkfolkartiest M. Ward drukt al meer dan twintig jaar zijn stempel in de muziek. Zo werkte hij samen met She & Him, Zooey Deschanel en Monsters of Folk, een samensmelting van artiesten als Cat Power, Neko Case, Jenny Lewis en My Morning Jacket. De man is een gerespecteerdeartiest geworden ondertussen. Voor zijn tiende album 'Migration Stories 'gaat hij een samenwerking aan met Arcade Fire's Tim Kingsbury.  Deze schijf is een conceptalbum geworden over migratie.
‘Migration Stories' is vooral een zeer gevarieerde schijf geworden waar de warme sfeer, binnen een donkere omkadering, de rode draad vormt. Dat blijkt al uit titeltrack “Migration Of Souls” en die weg wordt verdergezet op de daaropvolgende songs “Heaven's Nail And Hammer” en “Idependent Man”. Als een kabbelend beekje neemt M. Ward je verder mee doorheen een landschap van donkere weemoedigheid. Over het onderwerp migratie velt hij geen oordeel, hij probeert alleen de sfeer daarrond weer te geven binnen songs die langzaam aan je ribben kleven, tot je er lichtjes week van wordt. Door angstvallig diezelfde lijn te blijven volgen, verslapt de aandacht echter wel een beetje. Maar net door die bijzondere warmte die M. Ward uitstraalt, geraak je ontroerd en in vervoering neemt hij je verder mee naar volgende al even gezapige songs als  “Real Silenc” en “Chamber Music” en dat laatste is een titel die de lading van deze plaat dekt. Huiskamermuziek die je tot rust brengt, een donkere gemoedsrust wel te verstaan met weinig lichtpuntjes aan de andere kant van de tunnel. Het doet ons wat denken aan hoe artiesten als John Waits tewerk gaan, pijn echt zodanig brengen dat je het daadwerkelijk voelt door naar de muziek te luisteren. Persoonlijk vinden we Waits wel veel intensiever tewerk gaan. De gezapige wijze waarop M. Ward dat doet zal wellicht helaas zorgen dat sommigen in slaap worden gewiegd. Wie zich echter gewillig laat meevoeren naar zijn bijzonder melancholische en weemoedige wereld, gaat echter neervlijen in donkere gedachten zonder dat het pijn doet, maar de tranen vloeien wel degelijk.
Voor ons had het eigenlijk wel iets avontuurlijker gemogen, maar M. Ward raakt na al die jaren nog steeds een gevoelige snaar, op een zeer bijzondere plaats in je hart en daardoor trekt hij ons ook nu weer deftig over de donkere streep.
'Migration Stories ' is een aanrader voor liefhebbers van donkere en weemoedige huiskamermuziek, die het niet te ver gaan zoeken. Want M. Ward doet ook na al die jaren nog altijd waar hij goed in is: je ziel beroeren en je hart doen bloeden op een zeer intieme en ingetogen wijze. Dat wordt ook bij het korte en mooie “Rio Drone” als afsluiter van deze dromerige schijf, in de donkere verf gezet.

Matt Watts

Matt Watts Group - Als een lopend vuur

Geschreven door

Matt Watts kwam in de Handelsbeurs in Gent zijn album ‘Queens’ voorstellen waarmee hij een nieuwe stap zet naar de eeuwige roem in België. De avonden ervoor werd het album reeds voorgesteld in de Arenberg in Antwerpen en in de AB Club in Brussel, telkens voor een uitverkochte zaal en ook de Handelsbeurs was goed gevuld.
De in Brussel residerende Amerikaan Matt Watts verspreidt zich als een lopend vuur en is opvallend genoeg ook in het zuiden van ons land populair. Watts heeft zich zowel voor het album als voor de liveshows kunnen omringen met een fijne selectie van de Vlaamse indierock: Stef Kamil Carlens, Nicolas Rombouts, Wim De Busser van King Dick, Bjorn Eriksson, Maarten Moesen. En die hebben er geen problemen mee om zichzelf weg te cijferen voor de Amerikaan.

Usi Es mocht voor de releaseshows aantreden als support. Op haar EP ‘Mutiny’ had ze niet veel meer nodig dan synths en een laptop en zo staat ze ook live haar mannetje. Ze treedt in de traditie van Kate Bush, PJ Harvey en Tori Amos of als u liever recentere referenties wenst: Agnes Obel, SX en Cat Power. Ze bouwt haar set in Gent geduldig op, beginnend met enkel een breekbare pianomelodie. Van daaruit voegt ze steeds meer synths, loops en samples toe tot ze bij “Christian” bijna bij Björk uitkomt. De mooiste momenten zijn “Billy Weaver” en “Something To Cross”, het meest intrigerend is hoe ze “Is This Desire” van PJ Harvey naar haar hand zet. Benieuwd naar wat Usi Es nog meer in haar mars heeft.

Matt Watts begint wat intimistisch en zelfs bijna akoestisch, met “Every Tear Just For You”, een song die hij schreef voor de Zita Swoon Group. Op het eerste zicht een wat vreemde keuze als je een album te promoten hebt. Pas achteraf merk je in de setlist het evenwicht tussen pauzeren en voluit gaan. Na die rustige opener pakt de band een eerste keer flink uit met single “Sha La La La Jim”, die in de liveversie nog aan power gewonnen heeft. Het nummer wordt al meteen onthaald met een herkenningsapplaus en dat raakt de band zichtbaar. “Lula” is op het album een beetje dreigend en zeker bezwerend, terwijl het live een flinke scheut grootstadsfunk geïnjecteerd krijgt.
Wim De Busser (King Dick) legt met een piano-intro de weg vrij voor Watts op het hartverscheurende “With Every Healing Mile” en ook Eva-Tshiela en Kapinga Gysel van o.m. de Zita Swoon Group mogen dan een eerste keer schitteren. Voor De Busser en de Gysel’s mag er zelfs een dansje bij.
Dan volgt uptempo southern/americana-rock met het stampvoetende “Smoke All Around My Brain” en een lang aangehouden cover (“Little Wheel” van Buffy Sainte Marie). Uit zijn vorige album ‘How Different It Was When You Were Here’ brengt Watts vervolgens het veel rustiger “Time Turns As An Engine” en “Joanne”. Treuren en rocken, hij kan het allemaal als de beste. Daarna gaat het tempo weer de hoogte in met het schijnbaar lichtvoetige “Rachel”, de Michael Jackson-cover “Billie Jean”, “There I Have Come For You” en “Lay Your Years”. Watts stuurt zijn Group inmiddels aan als een blanke James Brown (minus de danspasjes), waarbij hij als een echte master of ceremonies zijn troepen van op het podium overschouwt en elk van zijn discipelen zijn solo-moment gunt. Hoe harder het publiek danst, zingt en applaudisseert, hoe weidser de gebaren van Matt Watts worden. Zelfs een potje drama is hem niet vreemd: hoe hij theatraal op de podiumvloer gaat liggen terwijl de band zijn song afwerkt.
De reguliere set wordt afgesloten met “Caroline” of is het dan toch “Karolien”? In de toegift krijgt “Your Love Is Not Your Own” nog een stevig gitaarduel tussen Stef Kamil Carlens en Bjorn Eriksson. Pas helemaal op het einde treedt Carlens uit de schaduw voor het duet “Many A Friend To Kind”.

Een all-star-band lost doorgaans de verwachtingen maar half in. Deze Matt Watts Group bewijst op ‘Queens’ en live hoe artiesten elkaar naar een hoger niveau kunnen tillen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Usi Es
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/handelsbeurs/usi-es-06-03-2020.html
Matt Watts
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/handelsbeurs/matt-watts-group-06-03-2020.html

Organisatie: Handelsbeurs, Gent ism Democrazy, Gent

Matt Watts

Queens

Geschreven door

Matt Watts heeft wat van een crooner in een rockband. Hij hangt wat tussen zingen en fluisteren in, wat bijdraagt aan de emotie van zijn albums. De in Brussel aangespoelde Amerikaan heeft een opvolger klaar voor ‘How Different It Was When You Were Here’. Dat was een schilderij in dertien tinten grijs, terwijl hij voor ‘Queens’ het penseel ook in de lichtere, montere kleuren dopte.
Zoals schilder Adriaan Brouwer zich uitleefde in het schilderen van café-taferelen, zo schildert Matt Watts in elke song een personage uit zijn ontmoetingen in café Queens in Sint-Gillis. Net als Adriaan Brouwer beperkt hij zich niet tot het beschrijven van de café-gasten, maar geeft hij een soort van situatieschets. En net als Adriaan Brouwer neemt Watts gretig deel aan dat café-leven. De songs op ‘Queens’ zijn de op muziek gezette bedenkingen die Watts die maakte op de terugweg van het café naar huis. Dat gaat van medeleven en goede raad tot virtueel nog wat verder flirten. Alles wat je bij nacht en ontij op café kan verwachten. Het is ook in die context dat je de cover van Michael Jackson’s “Billie Jean” moet zien: discussies over vermeend vaderschap zijn één van de vaste ingrediënten in de nachtelijke gesprekken op café.
Muzikaal gaat het alle kanten uit, van smoothe rock tot trage folk en americana. Van catchy tot meeslepend. “Sha La La La Jim” heeft nauwelijks een shalalala in de lyrics en heeft dat ook niet nodig om je mee te nemen op zijn easy-rock-fluister-trip. “Lula” is een bezwerende popsong , die wat doet denken aan de eerste tracks van Zita Swoon (toen nog als Moondog Jr).  “Smoke All Around My Brain” is kampvuur-americana-folk die zelfs fans van The War On Drugs zal kunnen bekoren.
Op de trage pianoballad “With Every Heating Mile” wandelt Matt Watts met een ongepast enthousiasme door een diepdonker tranendal. Deze song sluit nog het beste aan op die van ‘How Different …’ en toont nogmaals dat deze Amerikaan een meester is in het vangen van verdriet en ontgoocheling. De vrouwenstemmen die Watts hier van repliek dienen, snijden door merg en been. Zo pijnlijk eerlijk kom je de lyrics zelden tegen, of het zou bij Guido Belcanto moeten zijn. Van hem heeft Watts zijn “Ik Weet Niet Waar Mijn Meisje Is” vertaald en als bonustrack toegevoegd.
“Lay Your Years” heeft een murderballad-sfeer met daarover wat heerlijke, zwevende psychedelica in de synths en de gitaren. Daarna klaart de hemel op bij “Waking Up” of is het maar schijn? Het lijkt een naïef en onschuldig verhaaltje en de muziek stuurt deze track nog wat dieper die richting uit, maar Watts legt er altijd een paar dubbele bodems onder, zodat zelfs een ‘ooh-ooh’ plots een betekenis krijgt. Hetzelfde verhaal ongeveer bij “There I Have Come For You”, een catchy en vrolijke riedel met veel venijnige doornen onder de roos. “Penniless Carpenter” flirt met americana en country en straalt wat dreiging uit. De finale van deze track heeft een Stef Kamiel Carlens-stempel. Samen met “Lay Your Years” en “With Every Heating Mile” behoort dit tot het mooiste drieluik van dit album.
Het is verbazend hoe Matt Watts zijn schilderijtjes kan verpakken in popmuziek van drie minuten, met telkens de treffende kleuren en de juiste accenten. Dat kunnen alleen de groten.

Matt Watts

I Don’t Know Where My Baby Is -single-

Geschreven door

De Amerikaan Matt Watts geeft Guido Belcanto de erkenning die hij verdient door zijn “Ik Weet Niet Waar Mijn Meisje Is” te vertalen naar het Engels. Zelf hadden we eerder Eels of Calexico in gedachten als Brits/Amerikaans equivalent van onze Vlaamse treurwilg, maar de in België aangespoelde Amerikaan Watts kwijt zich ook prima van zijn opdracht. Ze zitten een beetje in dezelfde kringen en delen behalve hetzelfde platenlabel ook nog eens een groot stuk van hun begeleidingsband. In het Engels klinken de lyrics van Belcanto breekbaar en oprecht, zonder dat je meteen aan smartlappen gaat denken.
Matt Watts is een gedroomde vertaler van Guido Belcanto. Over Watt’s laatste album (‘How Different It Was When You Were Here’) schreven we dat mocht liefdesverdriet een Olympische discipline zijn, Matt Watts voor niet minder dan goud kon gaan. Het ene gebroken hart is het andere niet, maar deze twee treurwilgen bieden dezelfde troostende schouder waarop de luisteraar kan uithuilen. Op deze single pakt Watts meteen de juiste vibe. Hij begint met een minimum aan begeleiding en bouwt van daar op naar een sfeervolle mix van americana en blues. Met als kers op de taart een stukje mondharmonica van Belcanto erbij.
Een prima zet van Starman Records om deze twee te koppelen.

Matt Watts

Rachel -single-

Geschreven door

Op een nieuw album van de in België aangespoelde Amerikaan Matt Watts is het nog wachten tot volgend jaar. Om het wachten wat te verzachten is er nu single “Rachel”. De track werd opgenomen voor het fantastische album ‘How Different It Was When You Were Here’, maar haalde dat album niet.
Als je “Rachel” hoort, begrijp je ook meteen waarom het nummer dat album niet gehaald heeft. Het lijkt te zomers-opgewekt om niet uit de toon te vallen tussen die van heimwee en melancholische tristesse overlopende break-up-plaat. Daarover schreven we dat als liefdesverdriet een Olympische discipline was, deze Amerikaan met dat album kans maakte op een gouden medaille.
Maar op “Rachel” horen we eens een andere kant van Matt Watts. Hij is geen eeuwige treurwilg en kan zich blijkbaar net zo goed verliezen in een nieuwe verliefdheid. Het duo Eriksson en Delcroix gaat gewillig mee op deze zomerse lovetrip en plaatst er nog wat extra country-accenten bij. Maar dat is allemaal maar schijn, of noem het verpakking. Inhoudelijk gaat dit meer in de richting van een murderballad, psycho-country en het verknipte wereldbeeld van de Velvet Underground. Verrassend knap, opnieuw.

Pop/Rock
Rachel -single-
Matt Watts featuring Nathalie Delcroix en Bjorn Eriksson
Starman Records

Matthews Southern Comfort

Like a Radio

Geschreven door

Matthews Southern Comfort. Wie oud genoeg is om het meegemaakt te hebben of misschien fervente muziekquizzers weten nog dat die band in 1970 een radiohit hadden met een cover van Joni Mitchell. De cover, “Woodstock”, stond op het eerste album van Matthews Southern Comfort, de band die Iain Matthews opgericht had na zijn vertrek uit de legendarische folkband Fairport Convention. Op zijn eerste eigen album werd hij wel nog volop bijgestaan door Richard Thompson en de andere leden van Fairport Convention. Na een paar albums doekte hij de band echter op en begon Matthews muziek uit te brengen onder zijn eigen naam of onder andere groepsnamen (Plainsong, Hi-Fi, Hamilton Pool, …).
Sinds enige jaren woont Iain Matthews in Nederland en heeft hij Matthews Southern Comfort als bandnaam vanonder het stof gehaald. Met een compleet nieuwe bezetting bracht hij onder deze naam in 2010 ‘Kind of New’ uit, gevolgd door de live-registratie ‘Kind of Live’. Op die laatste registratie speelt twee derden van de bandbezetting van het nieuwe album ‘Like a Radio’: Bart-Jan Baartmans en Bart De Win. Beide zijn heel gerespecteerde muzikanten, songwriters en producers. Dat duo wordt nog aangevuld met Eric Devries, nog zo’n Nederlandse muzikant met tonnen ervaring.
Het valt op hoe Matthews en zijn drie Nederlandse muzikanten zichzelf wegcijferen in functie van de song. Het songschrijven als ambacht staat centraal op ‘Like a Radio’. Op het reguliere album krijg je twaalf pareltjes die het midden houden tussen pop, rock, americana, jazz, blues en singer-songwriter. Daarbij slechts één cover: “Darcy Farrow”, als iemand dat nummer nog kent, zal het zijn in de versie van John Denver. Je krijgt nog drie bonustracks, met nog één cover: “Something In The Way She Moves”. Niet de door George Harrison geschreven Beatles-song, maar de minstens zo fijne track van James Taylor.
De pareltjes die nog net iets harder blinken dan de rest zijn “The Age Of Isolation”, “Been Down So Long”, “Right As Rain” (geen cover van Adele) en “Bits And Pieces”
‘Like a Radio’ is dan misschien een typisch Radio 1-album en we gokken er niet op dat Iain Matthews nog op de affiche van Pukkelpop komt, maar het is fijn te weten dat dit soort klassemuziek nog gemaakt wordt.
Voorlopig moet je voor deze prachtige muziek naar Nederland of Duitsland, maar hopelijk geven ook enkele Belgische zalen en festivals dit een podium. Dan lees je het op www.iainmatthews.nl

Matt Watts

How Different It Was When You Where There

Geschreven door

Matt Watts is een Amerikaanse singer-songwriter die na een korte muzikale loopbaan in de Verenigde Staten in Brussel verzeild is geraakt. Afgaand op zijn jongste album gaat het niet goed met Matt’s liefdesleven. 'How Different It was When You Were There' is één brok verdriet, verlangen en melancholie. Die brok zit evenwel zo mooi verpakt in bij momenten leuke en veelal onschuldige melodietjes dat het voor de luisteraar louterend werkt, als een haardvuur waar je je kan aan warmen. Want ondanks alle ellende ziet Watts nog licht aan het einde van de tunnel. Er is altijd nog hoop.
Treurwilg Watts kon voor 'How Different It was When You Were There' rekenen op de medewerking van het duo Eriksson-Delcroix, de halve begeleidingsband van Guido Belcanto en Stef Kamiel Carlens (van Zita Swoon en vroeger dEUS). Die laatste heeft Matt Watts overigens opgenomen in zijn Zita Swoon Group. Al die samenwerkingen maken dat dit tweede album van Watts meer een groepsgebeuren is geworden dan zijn debuut ‘Songs From A Window’, al blijven zijn stem en gitaarspel ook nu duidelijk centraal staan. Het klinkt nu iets minder als folk, maar het is nog lang geen bruisende rockband die hem begeleidt. De gastmuzikanten kleuren heel voorzichtig de vlakken rond zijn stem in, zonder echt op de voorgrond te willen treden.
Het lijkt alsof de tracks lukraak en zonder veel nadenken opgenomen zijn, maar Watts weet je toch diep te raken. Hoe eenzamer hij de nummers brengt, hoe tastbaarder de melancholie is, zoals op “Joanne” of “If We’ll Ever Be Here Again”. Afgaand op de quote in het CD-hoesje is dit het sleutelnummer van het album.
Matt Watts zal voor veel mensen nog een ontdekking zijn, maar daar komt straks hopelijk verandering in. Als je de man en zijn zijn nog moet leren kennen, begin je misschien best bij “How Many Years” en “Just One More To Be Turned Loose”.
Niet meteen luistervoer voor een gezellige avond met vrienden, maar dan weer wel ideaal voor een slapeloze winternacht. Bovendien verkrijgbaar op CD en op vinyl.

Matthijs Leeuwis

Alweer geen revolutie

Geschreven door

Nederlandstalig werk krijgen we van de beloftevolle sing/songwriter Matthijs Leeuwis , die al toe is aan zijn vijfde plaat en heel wat emotie steekt in zijn persoonlijke teksten , die indrukken, betrokkenheid verwerken van de zaken om ons heen . Allemaal heel gevat .
Muzikaal hebben we hier het betere betekenisvolle, ingenomen en extraverte lied  op rootspop, folk, blues , country en psychedelica , die heel wat boeiende variaties herbergen .
De songs zitten goed in elkaar en hebben oog voor detail .
Laat u onderdompelen en leiden in wat deze gast te bieden heeft .
Info op http://www.matthijsleeuwis.nl en http://www.bastaardplaten.nl

Matthew E. White

Matthew E. White - Kleurrijk klankenpalet

Geschreven door

Missionariszoon Matthew E. White hield halt in Brussel om zijn muzikale geloof te verkondigen. ‘s Mans debuut ‘Big Inner’ beschouwen velen met ons als één van de betere platen van de voorbije maanden. Hooggespannen verwachtingen dus. Niet elke verwachting werd ingelost (zie later), maar dat betekent allerminst dat we ons onze uitstap naar de AB Club beklagen! Op een goed uur tijd werden we immers getrakteerd op een spervuur van hoogtepunten.

Opener “Will you love me” werd door ons al vrij vlug beantwoord met een overtuigd hoofdknikken, het groovy “One of these Days” klonk lekker laid-back terwijl “Steady Pace” dan weer een heerlijke uptempo-behandeling kreeg om uiteindelijk uit te monden in stevige jam die illustreerde dat de muzikanten (White op gitaar, een bassist, een drummer, een veelzijdige percussionist en een even gekwalificeerde keyboardspeler) even doorwinterd zijn als ons huidige klimaat. Na “Ain’t that what Love is” (niet op ‘Big Inner’ maar wel op de B-kant van het als single uitgebrachte “One of these Days” te vinden) werd het tijd voor wat eerbetonen. Terwijl men een eigenzinnige, ingetogen interpretatie gaf van “Sail away” van Randy Newman, bleef het vijftal tijdens “Are you ready for the Country” meer trouw aan het origineel van Neil Young. Beide hommages waren gepast in die zin dat ze in de verf zetten over welk kleurrijk palet Matthew E. White beschikt: hij switcht moeiteloos van storyteller naar singer-songwriter naar countryrocker naar gloedvolle soulman. Het is echter net dat soulvolle aspect dat in Brussel niet uit de verf kwam en dat er dus voor zorgde dat bepaalde van onze verwachtingen niet ingelost werden. Om begrijpelijke logistieke en financiële reden is tijdens deze tour niks te merken van het gospelkoortje dat ‘Big Inner’ regelmatig naar hogere sferen stuwt. Ook van de met strijkers en blazers gelardeerde arrangementen was weinig te bespeuren, maar niet getreurd want ter compensatie viel er te genieten van extra scheuten rock’n’roll (soms zelfs neigend naar grunge) en pure funk. Tussen de twee vermelde covers werd het met erg veel schwung gebrachte “Big Love” verweven. Het reguliere deel van de set eindigde met drinking song “Hot Toddies” en het zich naar een machtige climax toewerkende “Brazos”.
Een uurtje was uiteraard veel te kort dus keerden de sympathieke hippie en zijn kompanen op algemeen verzoek terug om er middels “Gone away” voor te zorgen dat elk van de zeven parels van ‘Big Inner’ de revue gepasseerd hadden, waarvoor dank.  Als toetje volgde nog een splinternieuw nummer waarvan we u de titel moeten onthouden, waarvoor onze excuses.

Wat uzelf van deze recensie moet onthouden, is dat klasbak Matthew E. White zich live moeiteloos stand weet te houden.  Mocht het niet zoveel foute associaties oproepen, we hadden als titel boven deze tekst geopteerd voor “White supremacy”. Uiteindelijk is het dus het dus iets minder controversieels geworden, maar wel iets dat duidelijk maakt dat Matthew E. White weet hoe je royaal uit de juiste muzikale vaatjes moet tappen.

In het voorprogramma maakten we kennis met Night Beds, een groep die aardig wat in zijn mars bleek te hebben. Begeesterd bracht frontman Winston Yellen een zestal songs uit “Country Sleep”, hun debuut dat redelijk goed aftrok vond bij het aangenaam verraste publiek. Samen met de vocaal sterke Yellen maakte vooral de lapsteel-gitarist een erg goede indruk. Eén concertticket volstond donderdag 4 april 2013 dus om twee namen aan het werk te zien die de komende jaren hoogstwaarschijnlijk nog potten zullen breken.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Matthew Dear

Black City

Geschreven door

Toepasselijke titel voor de plaat, want de Texaan brengt een donkere, zwarte toon in die electropopgroove en soundscapes. En met een even donkere stem, die soms uit de bocht durft te gaan en weird kan klinken, zoals we het kennen van Liars, dan wordt het helemaal spooky! Onderhuids is er de terechte referentie naar Brian Eno/David Byrne en Talking Heads . Vooral op “Shortwave” en “More surgery”.
De eerste songs “Honey”, “I can’t feel” en “Little people” zijn de barometer door de traag slepende,  repeterende ritmes en het broeierige, kosmische karakter. Toegegeven, niet alle songs houden die aandacht, zijn even intens en raken, maar het levert wel donkere, beklemmende elektronische popliedjes op. Hoewel hij al een paar platen uitheeft, was dit voor ons alvast een eerste aangename kennismaking!

Dave Matthews

Dave Matthews Band: Ongelofelijk Populair in de VS … Hier: “Wie zeg je”?!

Geschreven door

Wie? Dave Matthews! … David John Matthews, geboren in Zuid Afrika en na verschillende emigraties, waaronder Engeland en Nederland een thuis gevonden in Charlottesville, Amerika. Hij is begin de jaren ’90 beginnen timmeren aan een muzikale carrière. Nu een 20 jaar later is hij samen met zijn band één van de populairste live-acts van Amerika. Volgens Bilboard staat de band op de 17de plaats van best verdienende artiesten van 2009. Ze behoren ook tot de top 100 van de best verkopende Amerikaanse artiesten aller tijden. De vele Amerikaanse fans die maandag avond paraat waren konden hun ogen niet geloven. De Lotto arena, volgens hun normen heel klein, was nog niet half gevuld. In hun thuisbasis verkoopt de groep al jarenlang moeiteloos de grootste stadions en arena’s uit. Na hun doortocht vorig jaar op Werchter, (waar de publiekelijke aandacht maar heel beperkt was) stond de DMB maandagavond 1 maart voor een 2de keer voor een zaaloptreden in België. De laatste keer was het in Vorst op 27 mei 2007 nota bene!

De set begon met “Proudest monkey” en “Satellite”, twee wat rustigere nummers. Om uiteindelijk tot een climax te komen met de live altijd prachtig gebrachte “Two steps” en Dylan’s “All along the Watchtower”.
De set was hoofdzakelijk opgebouwd met songs uit hun laatste CD, Big Whiskey and the GrooGrux king. Deze wordt beschouwd als 1 van één van de beste platen. Dat de DMB beschikt over uitermate goeie artiesten was te zien in de vele improvisaties tijdens de nummers. Helaas was het eindeloos rekken van solostukken in de songs toch een beetje te veel van het goede.
Hoogtepunten van het optreden zijn zonder twijfel “Shake me like a monkey”, “Funny the way it is”,” #41”, “Crash into me”, “Everyday”, de door het publiek ferm gesmaakte “Ants marching” waar Boyd Tinsley zijn viool liet gieren over het dolenthousiaste publiek. “Why I am”, opgedragen aan de in 2008 overleden groepslid Leroi Moore en “You and me” werd uit volle borst meegezongen. De live klassieker “Two steps” was een verbluffende uitvoering. De solo’s van de verschillende groepsleden was om duim en vingers van af te likken.
Als bisnummer bracht Dave eenzaam akoestisch het “Baby blue”, deze moest hij licht geïrriteerd onderbreken door het gebabbel van luidruchtige Amerikanen in de zaal.
Met Bob Dylan’s, “All along the Watchtower” kon de 2h en 45 minuten durende show niet mooier afgesloten worden.

Dave Matthews Band: Live Band bij Uitstek … Ongelofelijk Populair in de VS … En hier: “Wie zeg je”?!

Setlist
Proudest monkey, Satellite, Shake me like a monkey, Seven, Funny the way it is, Stay or leave, #41, Crash into me, Spaceman, Corn bread, Everyday, Ants marching, Lying in the hands of God, Why I am, You & me, Two Steps
Baby blue, All along the watchtower

Organisatie: Live Nation