logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Deadletter-2026...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

zaterdag 13 november 2010 01:00

Kele verzekert danceparty!

Kele Okereke, spil van het populaire Britse Bloc Party, heeft de band even op non-actief geplaatst en leeft zich wat meer uit op rockmusic met elektronische ritmes, grooves en vibes. Het zag er aan te komen na de cd ‘Intimacy’, want hun postpunk, doorspekt van funk en ‘80s wave, omarden ze van een harder industrieel geluid en elektronica loops. Kele werd begeleid met een live drummer en twee toetsenisten/knoppendraaiers (waaronder een erg bevallige, jonge, hyperkinetische dame). De single “Flux” leidde het in 2008 al in, en op dezelfde leest is het solo album gebaseerd.

Kele stoeit met elektro, techno, trance, drum’n’bass, tribalritmes en pop. Hij beleefde er alvast muzikaal plezier aan, grapte er maar op los, kon inspelen op het (jonge) publiek en heeft met “Tenderoni” en “Rise” twee hits op zak. Opvallend weinig volk opgedaagd, die de benen konden strekken op de clubsound. Het bedierf de pret niet, want we beleefden een klein uurtje lang een fijne avond, die een evenwicht bracht tussen de electroclash van de soloplaat, met een knipoog aan het materiaal van LCD Soundsystem, enkele Bloc Party afleggertjes en een BP medley.
Full Metal Jackets “Drill instructor” leidde de partycocktail in en meteen kregen we een salvo electrobeats om de oren van “Walk tall”. Even energiek en bruisend klonk “On the lam”, pompende, hitsende beats en opzwepende drums, waarvan de heldere vocals van Kele sterk doorkwamen en overtuigden. De flashlights sierden het concept. “Everything you want” en “Unholy thoughts” (gebaseerd op één van de vele boeken die Kele las!) klonken broeierig, hadden een leuke groovende basstune en intrigeerden door pianoloops. Hier omarde Kele ook even een gitaar; de songs gingen wat meer richting Bloc Party en die BP pijler is niet weg te denken in het geluid. Een medley volgde, “Blue light”, “The prayer” en “One more time”, die in elkaar vloeiden. Op het einde van de set durfde Kele met z’n begeleiding exploderen met stevige electroversies van “This modern love” en “Flux”. Tja, dat hij nog een groep als BP heeft, was wel duidelijk.
Natuurlijk steeg de temperatuur op de singles “Tenderoni” en “Rise” … de krachtige, dynamische ritmes en beats kregen door de xylopartijen warmte en kleur; ook “Yesterday’s gone” en “All the things I could have” beantwoorden het best aan het laatste materiaal van Kele’s eigen band door een intens spannende rockopbouw en de elektronica speldenprikjes.

Op plaat klinkt het concept wat gematigder en sfeervoller, live koos Kele met z’n begeleiding voor bruisende energie, amusement en ambiance. Leuk allemaal wat hij bracht zonder dipjes en verveling. Op die manier is Kele een soloproject zoals het hoort …

De van Londen naar Berlijn verhuisde ‘jonge’ Mama was de support. Zij probeerde leven in de brouwerij te steken. Enkel op het podium te zien met een laptop en een aan Macy Gray ontleende stem, zorgde voor een portie bezwerende elektronische soulpop, die misschien niet indrukwekkend was, maar een aangenaam opkikkertje en opwarmer was …

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

donderdag 04 november 2010 01:00

And so I watch you from Afar

Uit Belfast, Noord-Ierland rijst een nieuwe post/math rock band ten berge. Na enkele EP’s is de full cd uiteindelijk hier uit en het is een plaat om U tegen zeggen. Muzikale krachtpatserij en lieflijke zalving gaan hand in hand in hun instrumentale ‘soundtrack’ geluid, die zelfs niet vies is van wat speelse humor, zoals op “Don’t waste in time doing …” door de handclaps en het neurie gehalte.
De groep balanceert ergens tussen een 65daysofstatic, Explosions in the sky en Mogwai, maar ook van hardere staalwerkers als Mastodon. Jawel een geluid dat fors en krachtig, donker en dreigend, zwaar en loom kan zijn, maar door de variatie evenzeer houdt van een intense sfeervolle, broeierige spanning en repetitieve ritmes. “Set guitars to kill” klinkt snedig, wat verder wordt gezet op songs als “Clench fists, grit teeth … Go!”, “I capture castles”, “Tip of the hat, …” en “If it ain’t broke, break it”. “A little bit of solidarity …”, “The voiceless” zijn gematigder.
De songs behouden hun brede, gevarieerde opzet in dit concept. En verve sluiten ze de plaat af met het opbouwende “Eat the city, eat it whole”, wat onderstreept hoe sterk, spannend, meeslepend en bedreven de band is. Maw dit een plaat die nazindert …

donderdag 04 november 2010 01:00

Night Train EP

Al op de vorige derde cd ‘Perfect Symmetry’ kreeg de elektronica meer armslag op het werk van het Britse Keane. De immer sympathieke band kroop na de tweede cd door een dal, o.m. door de verslavingsproblematiek van teddybeer/zanger Tom Chaplin. Op de EP die 7 nummers en een introotje bevat, houdt het intussen uitgegroeide kwartet het midden tussen de vertrouwde hartverwarmende,ontroerende, meeslepende droompop ( “Stop for a minute”, “Your love”, “Looking back” en “My shadow”) en de toegevoegde elektronica ( “Back in time”, “Clear skies” en “You’ve got to love yourself”). Constante blijven de emotievolle vocals van Chaplin, die zelfs een keer wordt ondersteund door z’n vaste kompaan, pianist Tim Rice-Oxley.
Het zijn sfeervolle songs, die wat meer aan U2 verknocht zijn. De grootste troef op de EP is het geflirt met sampling ( “Gonna fly now”, gekend van de film Rocky) en hiphop; de Somalische rapper K’Naan is te horen op “Stop for a minute” en “Looking back”, toevallig de meer puike nummers van de plaat. Het bewijs dat Keane andere stijlen durft te raken.
Het is een goede plaat, maar toch ontbreekt een ‘final touch’ aan het materiaal, gezien de songs minder blijven hangen.
Het is duidelijk dat ze hun debuut ‘Hopes and Fears’, ondanks de goede bedoelingen, niet meer kunnen evenaren.

donderdag 28 oktober 2010 02:00

Master

Vuist in de lucht – Trillingen over het lichaam – Ogen dicht - Hoofdschudden … Huiver alvast maar op de full cd ‘Master’, die de EP ‘Articificial sacrificial darkness in the temple of the damned’ opvolgt van het Gentse trio Drums are for parades. Een energiek apocalyptisch geluid, donker, dreigend, rauw en snoeihard, waarin ruimte is voor intrigerende melodieuze stukken, flarden klassieke muziek en saxofoonstukken.
Het noisecollectief klinkt inderdaad wel gelaagder en verfijnder en gaat iets breder te werk tussen de zware gitaren en psychedelica. Zwaar en hard blijft het weliswaar om hun kwaadheid, frustratie en agitatie te uiten; een opgefokte, gejaagde frisse sound die diverse tempowisselingen ondergaat. Centraal staan de gortdroge drums, de diep dreunende basses en spannende (soms elektronische aandoende) gitaarriffs, soms ondersteund door een vervaarlijke zang en screamo’s.
Het trio grijpt terug naar Black Sabbath, refereert aan de metal van Channel Zero en Mastodon en verankert met de ‘90s van Helmet en Therapy?.
Ze vermorzelen stoner, noise, crossover en diverse hard- en grindcore sounds door de molen. Ze worden op handen gedragen door Chris Goss, en een samenwerking zit in het verschiet. Intussen deed Howie Weinberg z’n best om het DAFP geluid zo goed mogelijk te ‘masteren’. Een dik OK resultaat, luister maar eens naar songs als “The law”, “I’m not who you think we are”, “Boy was in the death room” en “Opium den idiot check”! Dan weet U waarom we de plaat in die eerste zin schreven …

donderdag 28 oktober 2010 02:00

Expo 86

Een erg goed op elkaar ingespeelde band en een sing/songschrijverduo ‘pur sang’ zijn Spencer Kruger en Dan Boeckner. Na de platen ‘Apologies to the Queen Mary (‘05) en ‘At Mount Zoomer (‘08) staat Wolf Parade opnieuw garant voor compacte, potige, directe, maar ook emotievol gevoelige, sfeervolle, dromerige ‘alternative’ indierock; de puike afwisseling van krachtig snedig en intens broeierig materiaal, de intrigerende opbouw, de heerlijke tempowisselingen, en de afwisselende vocals en vloeiende samenzang, zorgen voor een boeiende, overtuigende plaat. Aangelegd met een psychedelische synthtoets is het allemaal wel toegankelijk en past alles wel perfect in elkaar. Ze worden in één adem genoemd met bands als Broken Social Scene, Postal Service, Fiery Furnaces, Built To Spill, Arcade Fire en halen ‘70s Television invloeden aan.
De eerste songs “Cloud shadow on the mountain”, “Palm road” en “What did my lover say” zijn ongelofelijk sterk door het gejaagde ritme. Dan zakt het tempo wat en zoekt de band in de nummers wat hun eigen weg; Er best mee weg is het uitgesponnen, avontuurlijke, meeslepende “In the direction of the moon”. Songs als “Little golden age”, “Ghost pressure” en “Yulia”, door Boeckner geschreven, zijn grootser en breder van opzet. Ze zijn minder emotievol en hangen minder aan de ribben dan het fors krachtige, energieke materiaal. Maar al de ingrediënten samen horen we nog eens op het schitterend uitgewerkte “Pobody’s perfect”.
Wolf Parade laat ruimte voor de instrumentatie en houdt de subtiliteit onder controle. Sterke plaat!

maandag 01 november 2010 01:00

‘Hip’ en ‘Hurt’ songs – Hurt

Eén van de opkomende bandjes is het Engelse duo Hurts, die de sfeer van synthpop en onderkoelde electropop ademen met een vleugje bombast en kitsch. Op die manier zijn ze onmiskenbaar verbonden aan de ‘new romantics’, ‘the youngsters’ na de eerste wavegolf begin jaren ‘80. Invloeden van The Human League, Spandau Ballet, A flock of seagulls, Haircut 100 en Heaven 17, maar vooral ABC en de Pet Shop Boys halen we voor de geest.

Stijlvol en – vast klinkt de muziek op hun debuut ‘Happiness’, die eigenlijk bol staat van weemoedige, donkere muziek, en af en toe een lichtpuntje biedt in een hoopvolle tunnel …
De zwaar georkestreerde partijen en de melodramatiek neigt naar een musicalfestijn ten tijde van Ultravox, Murry Head, Gazebo en Army of lovers, want beelden van getormenteerde ballerina’s flitsen ons voorbij.
De zang van Theo Hutchcraft kan niet omheen Pet Shop Boy Neil Tennant, Brandon Flowers (The Killers) en (ex) Take That-er Robbie Williams.
Het duo slaagde er al in twee venijnige pakkende popsongs te schrijven, het sfeervol innemende “Wonderful life” en het emotievol dansbare “Better than love”. Wat ervoor zorgde dat de ticketverkoop snel liep en het concert was uitverkocht. En met nog maar 1 plaat uit staan ze volgend jaar in de AB …
De heren waren netjes gecoiffeerd en stijlvol gekleed. We zagen een rits elektronica- apparatuur, een piano, drums, een stokstijf staande backing vocalist, die de dramatiek beklemtoonde, én Hutchcraft, in het begin van elke song netjes de knopen van z’n kostumm aan het dichtdoen en dan de handen gekruist, die over een diep indringende fluwelen stem beschikte.
Op Pukkelpop wisten ze ons nog niet meteen te raken, maar na vanavond kunnen we terecht zeggen dat het duo, live met vijf, er goed vanaf kwam en variatie trachtte te brengen in hun onderkoeld materiaal door de logge, slepende, soms diep dreunende elektronicabeats, de opbouwende gevoelige pianopartijen en pittige ‘discotheka’ muziek. Melig, glamour, glitter, jawel, maar eentje met finesse, subtiliteit, schoonheid, uitermate gedistingeerd, en met een donker, elegant randje. De eerste songs “Unspoken” en “Silver lining” waren de aanzet en vormden het toonbeeld, na een klassieke ‘ouverture’.
De rijen jonge dames vooraan hadden hier hun eerste schoolbal; ze hadden een aangepaste avondkledij of outfit aan voor deze Hurts gelegenheid. De huidige single “Wonderful life”, al vroeg in de set, werd warm onthaald, en kreeg naar het eind enkele krachtige exploderende beats. Plaats kwam vrij voor enkele ‘lovehurts’ hartbrekende songs waaronder het ingetogen “Blood, tears, & gold” en “Evelyn”, die aardig wat fijne geluidjes kregen en de glamourpastiche benadrukten. Op “Sunday” ging het er zwierig en dynamisch aan toe, wat ze herhaalden met de doorbraaksingle “Better than love”, die door de intrigerende beats en de flashy stroboscoops aanstekelijk inwerkte op de dansspieren. Tussen de twee songs hoorden we eerder verlatingssongs als het huiveringwekkende “Stay” en “Verona”, waarbij de backing vocalist klassiek hoog uithaalde, en het meeslepende “Devotion”, waarbij rozen werden uitgedeeld. Typische eighties en lagen bombast. “Confide in me”, op plaat met Kylie, en “Illuminated” droegen een mindere last op de schouders.

Op de tunes van 007 James Bond verlieten de heren één voor één de stage. Ze zullen evenveel fans als haters hebben … voor de enen heerlijk wegdromende synthpopsongs, voor de anderen gaat het over het randje van de goede smaak … Ondanks het knipogende plagiaat, was het duidelijk dat Hurts hip is en voor ‘Hurt’ songs stond …

Support was Grand Stereo, die zowel roots in Glasgow als in Brussel heeft. Het kwintet debuteert met vloeiende melodieuze poprock overgoten van een vleugje elektronica. Goed onderbouwde songs, die misschien niet direct verrassen; maar we hoorden een band, die live wel standvastig klonk en over twee vocalisten beschikte, die elkaar mooi aanvulden.

Organisatie: Botanique, Brussel

vrijdag 29 oktober 2010 02:00

Een Radio Nostalgisch Level van Level 42

Op een groot doek in de AB hing ‘Level 42 1980 – 2010 Friends For 30 Years’ met een ganse reeks ‘42’ labels. Het Britse sympathieke vijftal van de tandem Mark King (basvirtuoos/zang) en Mike Lindup (zang /toetsen/synths) vormde de ‘garden party’ of het ideale openlucht aperitief concert door de frisse groove van hun soul/jazz funkende popdance.
Level 42 was een productionele machine die hits hadden die niet op 1 hand te tellen waren. Maar stilletjes aan doofde de kaars, o.m. door het overlijden van één van de bandleden, werden ze voorbij gehold door een nieuwe generatie en geraakten ze op non-actief. Dertig jaar na hun debuut vond Level 42 het tijd om hun kenmerkend geolied funkend geluid van onder het stof te halen … “We’re gonna play the old songs for you, ‘cause we don’t have any new one” … glimlachte King breed. Op die manier wist een goed gevulde AB waarvoor ze kwamen … een avondje Radio Nostalgie …

Op het podium zagen we een imposante reeks synths, toetsen, percussie en fonkelden lichtjes op de arm van de basgitaar van Mark King. Een vleugje glitter misstond dus niet. Aangevuld met een tweede gitarist en een saxofonist tuimelden we in hun dwingende funkende lifestyle music van de 80ies. Meteen was het raak met de trippende, huppelende ritmes en grooves van “Hot water”, één van hun succesvolste dansnummers; op het podium waagden de leden, net als het publiek, zich aan de eerste danspasjes. Het basgetokkel, de twinkelende synths en de opzwepende drums klonken goed door. Daarna volgde de lichte swing van “Dream crazy” en “World machine” die deed mijmeren naar de hightime van het IJslandse Mezzoforte en het Deense Laid Back. Knus konden we wegdromen op het strand in het uiterst sfeervol gehouden “To be with you again”, uit de succesvolle ‘Running in the family’ plaat. Net op tijd waaide het zand op met de aanstekelijke, zwierige titelsong.
Zoals je merkt, hoorden we een gevarieerde set van Level 42; fijne, zachte, dromerige popsongs als “Kansas city milkman” en “It’s over” wisselden ze af met herkenbare golvende danstunes van de stokoude “Almost there” en “Starchild” uit ’81, die gerust met Prince konden gelinkt worden. Naast het doortastende bepalende basspel van King leverde de emotievolle zang van King, aangevuld met de falsetstem van Lindup, een belangvolle bijdrage.
Ze schuwden binnen de hitpotentie enige alternatieve trekjes niet; ze haalden het instrumentale “43” aan, die eerst zalvend klonk, maar dan meer opgefokt werd door elektronische percussie en een drumsolo.
Het kwintet bracht een schitterende finale met treffende (discotheek) klassiekers, het zomerse “Sun goes down” , waarbij het refrein luidkeels werd meegezongen, en een bruisende fusion van hitsende funkende pop en elektronica op “Something about you” en “Lessons in love”. In de bis hoorden we twee uitgesponnen versies van “Heaven in my hands (love games)” en “Chinese ways”, een soort perpetuum mobile, leuk, dynamisch, en dansbaar ...

Level 42 is het speelplezier nog niet verloren, serveerde en entertainde z’n publiek voor wat het gekomen was … een avondje pure nostalgie die de discotheek sfeer van weleer ademde. Mooi toch?!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie; Ancienne Belgique, Brussel

donderdag 21 oktober 2010 02:00

The family jewels

Binnen het rijtje van de dames van 2009 Duffy, Ellie Goulding, Little Boots, La Roux, Florence Welsch en Kesha en de opkomende ladies Caro Emerald, Eliza Doolittle en Rox, kunnen we niet omheen Marina Diamandis. De 24 jarige half Welshe, half Griekse schiet de hoogte in met het debuut ‘The family jewels’, frisse, zwierige hitparade en balladpop, voorzien van een stevige scheut elektronica, bombast, galm en kitsch, en die een mate van theatraliteit en dramatiek uitstralen.
We horen een vaardige, meeslepende en sfeervolle sound van de mooi ogende, jonge Diamandis, die over een expressieve stem beschikt. Het regent maar invloeden aan het adres van Marina, als het beluisteren van de cd erop zit … ze kijkt op naar artiesten als Gwen Stefani, Britney Spears, Kate Perry en de gadgets van Lilly Allen en Lady Gaga. Op een speels enthousiaste wijze verwerkt ze er invloeden van. Maar ook de intimiteit van een Regina Spektor en Heather Nova, de wave van Toni Halliday van het oude Curve, Catherine Ringer van Les Rita Mitsouko en Natasha Khan van Bat For Lashes flitsen ons door het hoofd. Ze moeten uiteindelijk niks onderdoen aan haar (eigen) geluid.
We onthouden alvast de frisse speelsheid van “Mowgli’s road”, “Hollywood” en “Guilty”. Ook het handvol nummers met een spannende opbouw en de sing/songwritersongs tonen aan dat ze veel in haar mars heeft. De spontaan joviale jonge dame is een grootse popdiva-in-wording …

donderdag 21 oktober 2010 02:00

Destroyer of the void

Het Amerikaanse sextet Blitzen Trapper uit Portland Oregon van sing/songschrijver Eric Earley heeft al een paar cd’s uit, maar krijgt nu pas meer naambekendheid. De band put rijkelijk uit de pop van de jaren ’60 en ’70, laat krachtige retro indringen, wat zoete, dromerige, prikkelende en broeierige, stevige songs oplevert. De melodieën hebben soms weelderige arrangementen en worden gedragen door een zang op z’n Midlakes. De groep refereert naar de songwriting van Bob Dylan, Neil Young, David Bowie, Steve Harley en naar bands als de Beatles, Grateful Dead, Supertramp en Pink Floyd . Een link met The Traveling Wilburys is hier ook terecht.
Ze hebben twaalf gevarieerde songs uit, waarbij akoestische en elektrische gitaren, bezwerende en zalvende toetsen en piano, steelpedal, strijkers en drums mooi in elkaar vloeien, zonder kitscherig over te komen. Een sfeervolle, emotievolle en rakende songopbouw die uitermate doet genieten … stemmige retropoprock, die zou kunnen passen in een herwerkte tv versie van Mash.
De puike titelsong trekt al meteen de aandacht, net als het tweede “Laughing lover” en “Love & hater”. Intens en ingetogen klinken “Below the hurricane”, “The man who would speak true”, “Heaven & earth” en “The tree” door het ingehouden karakter en de sobere begeleiding. De daaropvolgende songs zijn eenduidiger en vormen aangenaam uitgebouwde retro … Luisterplezier dus! Jawel, een woord op z’n plaats om de nieuwe plaat van Blitzen Trapper te omschrijven!

donderdag 14 oktober 2010 02:00

Memoirs

Binnen de soulpop beweegt het met de 21 jarige Roxannne Tataei, zangeres/gitariste van Jamaicaanse/Iraanse origine, die debuteert met ‘Memoirs’. We horen vaardige, frisse en lichtvoetige songs, die bezield en met een popappeal zijn. De composities zijn bruisend, springerig, dromerig, sfeervol, en soms fraai georkestreerd, rijk en volgroeid, waarin haar roots verweven zijn.
Vergelijkingen met Lauryn Hill, Amy Winehouse en Joss Stone duiken op. Met “My baby left me” heeft ze alvast een grote hit op zak, maar “I don’t believe” en “Precoious moments” moeten niet onderdoen. Leuk allemaal van deze aangename belofte!

Pagina 129 van 180