logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
dEUS - 19/03/20...
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 29 november 2012 01:00

Two Gallants Rauw en intiem

Two Gallants zijn een gitaar/drums duo (Adam Stephens en Tyson Vogel), vergelijkingen roepen zich dan ook al vlug op. Wij helpen u een beetje : Two Gallants zijn niet zo cool als The Kills, niet zo bluesy als The White Stripes, niet zo vunzig rockend als Black Box Revelation en niet zo mega als The Black Keys, maar ze hebben wel uit al deze bands wat vruchtbare jus gepuurd. Wat ze wel zijn : doorleefd, breekbaar, rauw en intens.

Dit duo heeft trouwens ook een gezonde Bob Dylan en Neil Young fixatie, te merken aan de indringende songs en die diep snijdende mondharmonica van Adam Stephens.
Wat het meest doordringt is Stephen’s rauwe grofkorrelige stem. Die zorgt er voor dat de songs van Two Gallants diep in onze aderen kerven en daar een tijdje blijven hangen. Op de voortreffelijke nieuwe plaat ‘The Bloom and the Blight’ overheersen de eerder ruige tracks, de intimiteit van de vorige platen is daarop een beetje naar de achtergrond geschoven. Live weten Two Gallants echter het perfecte evenwicht te vinden tussen rauwe ongeschoren (folk)rocksongs (“Ride away”, “My love won’t wait”) en intieme ballads (“The hand that held me down”).
Het inmiddels tot klassieker uitgegroeide “Steady Rollin” raakt ons tot diep in de onderbuik en als Stephens de akoestische gitaar ter hand neemt borrelen daar nog meer pareltjes uit. Een song als “Broken Eyes”, die nochtans niet echt kon bekoren op die nieuwe plaat, krijgt een innemende en bloedmooie live versie mee die ons prompt van mening doet veranderen. Hoewel ‘The Bloom and the Blight’ nog kersvers is, is er toch alweer een nieuwe song van de partij en dat geeft meteen kippenvel. De nieuwe track dweept naar The Black Keys en klinkt onstuimig en emotioneel in één hap. Releasen, die handel, en rap een beetje !
Nog zo een prachtmoment is de werkelijk schitterende bluesy gitaarintro die het oudje “Nothing to you” inleidt.
De enige kritiek die we zouden kunnen uitbrengen is dat enkele van onze favorieten vanavond in de kast blijven (“Waves of grain”, “Linger on”, “Some slender rest”,…) , maar eigenlijk mogen we meer dan content zijn met de gevarieerde setlist.

U merkt het, Two Gallants grijpen ons bij het nekvel, en dat omdat beklijvende ballads prachtig afwisselen met onversneden folkrocksongs (gelieve de term folk niet in de fletse zin van zijn betekenis te nemen, want dat is het hoegenaamd niet).
De rauwheid van Two Gallants weet ons diep te raken, ongeacht of die nu grof en stevig wordt geserveerd of ingetogen en breekbaar.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/two-gallants-27-11-2012/

Organisatie: Botanique, Brussel

Zappa Plays Zappa - Het briljante Zappa erfgoed
Zappa Plays Zappa
Ancienne Belgique
Brussel

Al enkele jaren trekt Dweezil Zappa de wereld rond met in zijn koffer de imposante songbook van zijn vader. Dit was de zesde doortocht van Zappa Plays Zappa in België, en die was alweer bijzonder interessant omdat er terug voor een heel andere setlist werd gekozen.

Met zo een catalogus is er nu éénmaal veel keuze. Niet zo simpel natuurlijk, want Zappa composities vereisen een pak muzikaal vernuft. Vandaar dat Dweezil zich steevast laat omringen met de allerbeste muzikanten, net zoals zijn vader destijds ook niet tevreden was met de eerste de beste klojo’s.
Om zichzelf en zijn magistrale band te blijven uitdagen, kiest Dweezil trouwens niet voor de gemakkelijkste oplossing. Het zijn immers niet de meest voor de hand liggende songs die de setlist halen en dit tot grote vreugde van de fans. Doorwinterde Zappa fans zitten trouwens niet te wachten op de zoveelste versie van “Bobby Brown”, “Joe’s Garage” of  Dancin’ Fool”. Neen, Zij willen eerder de speciallekes horen, want Zappa freaks zijn al even gek als hun idool. En wij kunnen het weten, want we hebben zo een zot meegenomen op de terugweg.

Al meteen viel op hoe bedreven, talentrijk en toegewijd de verschillende muzikanten waren.
Een onmisbare schakel binnen ZPZ is ongetwijfeld zanger Ben Thomas, met zijn vocale prestatie wist hij op een prachtige manier de kracht en de humor van al die prachtsongs te vertolken. Tussendoor haalde hij ook nog eens een schuiftrompet naar boven om de resterende inhoud van zijn longen er uit te persen. Tevens hadden wij een boontje voor Scheila Gonzalez die allerlei Zappateske dingen deed met dwarsfluit, saxofoon en andere toetertjes en bellen.
Dat Dweezil als gitaarvirtuoos niet moet onderdoen voor Frank werd vanavond ook nog maar eens duidelijk. Tijdens een schitterend “Ride my face to Chicago” toverde hij een wonderlijke lange solo uit zijn gitaar, wat hij trouwens nog enkele keren zou overdoen, ondermeer tijdens “Packard Goose” en “Zomby Woof”.
Niet alleen de gitaar blonk uit, want dankzij zijn uitmuntende band kon Dweezil de veelzijdigheid van de Zappa catalogus laten spreken. Dweezil had er voor gezorgd dat met de samenstelling van de alweer indrukwekkende setlist alle aspecten en stijlen van het Zappa erfgoed aan bod kwamen (voorzover dit mogelijk is, want als je Zappa tot zijn volle ontplooiing wil laten komen, dan zit je met een optreden van zowat een week).
De geniale zotheid van The Mothers herleefde in “Hungry Freaks, Daddy”, “Motherly love”, “Who are the brain police” en “Take your clothes of when you dance”.
De humor en gejaagde hard rock gitaren in het ‘Sheik Yer Bouti’ drieluik “Im so cute”, “Baby Snakes” en “Tryin’ to grow a chin”, met een vocale glansprestatie voor keyboardspeler Chris Norton, zorgden voor een hevig rockend hoogtepunt. Een eerbetoon aan het betreurde wereldvreemde genie Captain Beefheart werd gebracht met een heerlijk geschift “Debra Kedabra” uit ‘Bongo Fury’.
In de bisronde werden de fans beloond met het niet te overtreffen sublieme instrumentale “Peaches and Regalia” en verrassend genoeg ook met een klassieke compositie van de meester “Strictly Genteel”, een even gedurfd als geslaagd einde van een onvergetelijke Zappa avond.

De volgende keer er terug bij. Reken maar ! Die onuitputtelijke catalogus heeft nog een hoop pareltjes in petto.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Ian Anderson’s Jethro Tull plays Thick as (a) Brick 1 & 2
Jethro Tull
Koninklijk Circus
Brussel

Jethro Tull is eigenlijk een brokje geschiedenis. Samen met bands als Genesis en Yes staat de groep aan de wieg van de progressieve rock, een niet echt benijdenswaardig genre die altijd door critici als pompeus, langdradig, bombastisch en daarom niet te pruimen werd afgedaan. Feit is dat prog-rock steeds garant heeft gestaan voor kwaliteit en muzikale perfectie, vaak gebaseerd op complexe structuren die uit de klassieke muziek werden gehaald. Love it or hate it.

Jethro Tull wist binnen het genre een uniek geluid te creëren via het introduceren van de dwarsfluit in de rockmuziek. Boegbeeld Ian Anderson beheerste het instrument op een virtuoze manier, hij deed het wonderlijk matchen met vaak stevige rock en zo was die typische Jethro Tull sound geboren. Daaruit ontsproten in de jaren zeventig enkele absolute klassiekers als ‘Aqualong’ (1971), ‘Songs from the wood’ (1975) en zeker en vast ‘Thick as a brick’ (1972). Op deze legendarische plaat, die eigenlijk bestaat uit één verhaal verpakt in één song (moest destijds wel uit noodzaak over twee plaatkanten worden gesmeerd) heeft Ian Anderson nu een vervolg ‘This as a Brick 2’ gemaakt, een plaat waarin hij de geest van toen terug tracht op te roepen en dit bij momenten met succes, hoewel het geheel niet kan tippen aan het origineel uit 1972.

In het Koninklijk Circus kwam hij beide albums integraal voorstellen. Om van te smullen dus voor Tull fans, maar ook voor de minder toegewijde liefhebbers was dit uiterst genietbaar omwille van een onfeilbaar geluid, de muzikale klasse, het spelplezier, de fijne Britse humor en de theatrale en vaak musicalachtige show.
In deel 1 werd meteen duidelijk dat het 40 jaar oude ‘Thick as a Brick’ met glans de tand des tijd heeft doorstaan. De plaat werd op een uitmuntende manier vertolkt en zorgde voor een boeiend schouwspel van adembenemende folk-rock met even virtuoze als briljante tempowisselingen, blitse rockgitaren en heerlijke seventies keyboard en orgelpartijen. Ian Anderson speelde bij momenten een aardig stukje mandoline, maar uiteraard was die typische dwarsfluit alweer de hoofdrolspeler van de avond. Hij bespeelde het instrument met overgave, branie en pure klasse (en natuurlijk af en toe op één been, ook dat truukje was hij nog niet verleerd).
Na al die jaren kan een mens zijn stem al eens wat achteruit zijn gegaan, maar ook daar was een kant en klare oplossing voor. Zijn eigen beperkingen kennende, had Ian Anderson er bijzonder goed aan gedaan om in de persoon van de fantastische acteur/zanger Ryan O’Donnel een extra vocalist mee te nemen. O Donnel’s zangcapacitieten waren verbluffend, de man wist perfect de toonaard van een jonge Ian Anderson te evenaren (en te verbeteren) en zette daarnaast ook zijn talent als acteur in de verf, wat het theatrale aspect van de avond nog wat meer benadrukte. U moet weten dat de man al eerder meespeelde in de Who rock-musical Quadrophenia. Ervaring zat dus, en dat was te merken.
Na de pauze was de nieuwe ‘Thick as a Brick 2’ aan de beurt, en ook hier stonden we met open mond naar te kijken en te luisteren. O’Donnel was iets minder present (ook logisch, Anderson’s pas opgenomen vocalen lagen nu uiteraard wel binnen zijn bereik), in de plaats mocht de geweldige gitarist Florian Opahle geregeld stevig uitpakken.
In tegenstelling tot zijn 40 jaar oude voorganger is ‘Thick as a brick 2’ in verschillende tracks opgesplitst en kreeg het publiek nu meer de kans om de band met uitbundig applaus te bedanken voor al dat moois.
Ook nu hadden we weer het gevoel dat we midden in een (folk)rock musical beland waren. Hoewel we op plaat met voorsprong het origineel prefereren, moeten we zeggen dat de live uitvoering van deel 2 even intens, boeiend en klasrijk was. Het gezelschap pakte bij momenten stevig rockend uit en de traditionele muziek en bijhorende beelden bij prachtig gelaagde songs als “Wooton Bassett Town”, “A Change of Horses” en “Confessional” deden ons de aangename lucht van het Britse platteland opsnuiven.
Via het schermde kwam Ian Anderson tenslotte zijn bandleden en zichzelf voorstellen en werd de groep prompt met een oververdiende staande ovatie bedankt.

Als apotheose kwam de band nog één keertje terug met een uiterst vitale versie van de potige rocker en all time klassieker “Locomotive Breath” waarin nog eens alle registers werden opengetrokken. In onze dromen plakten wij hier nog een verpletterend “Aqualong” achter aan, maar het mocht niet zijn.
Uitstekend concert.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/jethro-tull-s-ian-anderson-16-11-2012/

Organisatie: Live Nation

donderdag 08 november 2012 01:00

Maserati VII

Eerlijkheidshalve moeten wij u vertellen dat deze band uit Athens, USA ons nog nooit was opgevallen. Nochtans is dit hier al hun zevende plaat en die is uw en onze aandacht meer dan waard.
De band was aanvankelijk te situeren binnen post-rock milieu’s, maar op Maserati VII krijgen we een soort space-rock vermengd met dance-rock, Ozric Tentacles gekoppeld aan Goose, Suicide met gitaren (steken ze zelf niet onder stoelen of banken, het tweede nummer heet gewoon “Martin Rev”), post-rock met beats of kraut-rock in Daft Punk land.
Deze volledige instrumentale plaat is een mooie harmonie tussen synths en gitaren die voortdurend op een ophitsende beat verder drijven, en dat soms in songs van meer dan tien minuten zoals het aanzwellende “Abracadabracab”.
Andere hoogtepunten zijn de verslavende opener “San Angeles” en het stevig rockende “Earth-like”, een soort Mogwai on speed.
Maserati VII gedijt zowel in de dance club als in de rockconcertzaal en dat is meestal niet zo voor de hand liggend, maar hier wel zeer geslaagd. Een huwelijk tussen gitaren en dance beats is dus niet bij voorbaat gedoemd om te mislukken.

donderdag 08 november 2012 01:00

Observator

Hoewel het geluid alweer heel herkenbaar klinkt is de nieuwe plaat van The Raveonettes een stuk luchtiger geworden dan de vorige twee snerende en donkere werkstukjes ‘Raven in The Grave’ en ‘In and out of control’. Wij zijn daar eerlijk gezegd niet zo blij mee, want de meeste songs zijn te oppervlakkig en nestelen zich niet zo diep in onze aderen als bij quasi alle andere Raveonettes plaatjes. Als we daarenboven ook moeten vaststellen dat er maar 9 songs op ‘Observator’ staan (na 31 minuutjes is ’t al gedaan) dan weten we meteen dat dit geen hoogvlieger is. Het gemis aan kwantiteit heeft zich deze keer niet echt vertaald in kwaliteit.
Een schamel hoogtepuntje is “Observations”, een mooie dromerige song die ondermeer via een heerlijk achtergrond gitaartje doet denken aan die verbluffende Chromatics cd van enkele maanden geleden. Afsluiter “Till the end” snijdt als vanouds ook nog een flink eindje door, maar voor de rest kabbelt het plaatje maar wat aan en wordt elke vorm van venijn gemeden.
‘Observator’ is The Raveonettes hun braafste album tot op heden en hoegenaamd niet wat wij van dit anders redelijk fantastische duo zouden verwachten. Wat niet wil zeggen dat u niet moet afzakken naar Het Depot op 8 december, want live zal de decibelknop een ferm stuk naar rechts gedraaid worden.

donderdag 08 november 2012 01:00

The Savage Heart

Driewerf hoera ! Onze favoriete wildebras is terug met negen lappen onvervalste en gloeiend hete rock’n’roll. ‘The Savage Heart’ is nog maar eens een kolkend stoompotje waarin Jim Jones met de nodige grinta zichzelf volledig overgeeft in een verzameling bruisende en vuile rockers.
Hij zingt en roept de ziel uit zijn lijf, de piano staat roodgloeiend als in de hoogdagen van Little Richard en Jerry Lee Lewis en de gitaren sneren zich als venijnige hyena’s doorheen het album. In vergelijking met de uiterst wilde uitspattingen van de twee vorige platen gaat men hier iets minder in het rood en is de aandacht wat meer op de songs gericht. Omdat de intensiteit hierbij niet verloren is gegaan is dit hoegenaamd geen probleem. Er zit wat meer variatie in ‘The Savage Heart’ maar het produceren van zinderende rock’n’roll is nog steeds het hoofddoel.
Laat The Jim Jones Revue over u heen walsen in de Trix op 13/12.

donderdag 08 november 2012 01:00

Privateering

Mark Knopfler is het soort mega artiest die dankzij een uiterst succesvolle carrière de schaapjes al lang op het droge heeft en voor wie het allemaal niet meer zo nodig hoeft.
Met dit soort individuen heb je twee mogelijkheden. Ofwel laten ze zich toch nog verleiden door allerhande geldruikende platenmaatschappijen om afgelikte en op platte commercie gerichte muziek te maken ten einde zo veel mogelijk dollars in het laatje te brengen. Ofwel kiezen ze niet langer voor het bijspijzen van hun al uitpuilende bankrekening en doen ze gewoon hun eigen zin.
Knopfler is voluit voor de tweede optie gegaan, en daarom alleen al vinden wij ‘Privateering’ een vermeldenswaardige plaat.
De inspiratiebron is helemaal nog niet opgedroogd, dit is een heuse dubbellaar geworden en er staat maar weinig prul op, een paar slijmerige ballads niet te na gelaten. Knopfler keert terug naar de roots, de blues, af en toe een vleugje jazz en naar de Keltische folk. De gitaar blijft zijn beste vriend maar dit vertaalt zich nergens in overbodige guitar hero uitspattingen. ‘Privateering’ is gewoon een relaxe, klasrijke en eerlijke laid back plaat, zoals we die ook geregeld krijgen van andere grootheden als JJ Cale, Ry Cooder, Richard Thompson en Tony Joe White.
Soms zijn er nog wat referenties naar Dire Straits, check die typisch luchtige gitaartjes in het lekker voortrollende “Corned Beef City”, maar doorgaans is het toch vooral de blues die prachtig en doorleefd bedreven wordt in ondermeer “Bluebird”, “Don’t forget your hat”, “Gator Blood” en “Today is Okay”.
Als u al eens in de late uurtjes de snelweg op moet, schuif dan ‘Privateering’ in de cd lader, de ideale soundtrack voor uw nachtelijke trip.
Op 12/05/2013 komt de meester zijn nieuwe plaat voorstellen in het Sportpaleis. Het is geen schande om daar bij te zijn.

donderdag 15 november 2012 01:00

Een subliem Archive in Vorst

Het wonderlijke Archive heeft met ‘With us until you’re dead’ nog maar eens een nieuwe prachtplaat uit die in Vlaanderen alweer voor geen meter aandacht heeft gekregen. Nog een geluk dat de Walen, net als de Fransen trouwens, deze atmosferische band op handen dragen zodat Vorst Nationaal toch nog voor de helft kon vollopen.

Eigenlijk zou een zaal als Vorst tot aan de nok moeten gevuld zijn voor zo veel pracht, want dit is één van de meest tot de verbeelding sprekende concerten die we ooit hebben mogen meemaken in de Brusselse bunker.
De sound van Archive omschrijven is niet zo evident. De band produceert een uniek geluid die zowel neigt naar triphop als naar prog-rock en het experiment wordt hierbij niet geschuwd. De muziek wordt in meerdere lagen op elkaar gestapeld, klinkt dikwijls orkestraal en toch is er geen overdreven bombast mee gemoeid.
Wij horen Radiohead, Massive Attack, Pink Floyd en Primal Scream. Er zijn beats, er is intimiteit en er hangt voordturend een aanhoudende spanning in de lucht die nog wat extra aangedreven wordt door een verbluffende lichtshow. De vocals worden verdeeld onder de twee frontmannen en twee zangeressen, allemaal bezorgen ze ons kippenvel met hun uitmuntende vocale prestaties. Archive verveelt geen seconde, en dit voor een concert van ruim twee uur en 20 minuten. Faut le faire.
De nieuwe plaat is er eentje die u best van naaldje tot draadje in één ruk beluistert, maar hier worden de talrijke nieuwe songs (9 stuks) netjes over de hele set gespreid. Nieuwe pareltjes als “Interlace”, het dreigende “Conflict”, het orkestraal trip-hoppende “Violently” en het intieme “Stick me in my heart” mengen zich tussenin briljante klassiekers als het alweer fantastische “Fuck U” en het immer wondermooie “Again” dat hier een ingekorte en akoestische benadering kreeg, doch even innemend als het origineel.
Een opzwepend “Pills” en een onmetelijk mooi en spannend “Dangervisit” vormen samen met het nieuwe “Damage” het einde van een fantastisch eerste deel, maar Archive heeft naar goede gewoonte nog een knoert van een bisronde in petto.
In die bisronde zit terug indrukwekkend materiaal uit die nieuwe plaat met een ophitsend ritmisch “Hatchet” en een hemelsmooi “Silent” als hoogtepunt. Daarna zijn de wondersongs van die vorige wonderbaarlijke plaat ‘Controlling Crowds’ aan de beurt. Archive schittert in “Controlling Crowds”, “Bullets” en “Kings of Speed”.
Onder luid gejuich en applaus komt de band nog één keer terug voor een sublieme finale met het oudje “Waste” wat heel intiem en ingetogen aanvangt om dan in een verbluffende muzikale apotheose uit te barsten, dit is zo een wereldsong waar Archive het patent op heeft.

Prachtconcert. We zijn er nog niet goed van …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/archive-13-11-2012/

Organisatie: Live Nation

donderdag 01 november 2012 01:00

Worship

Binnen de huidige shoegaze revival die nu toch al een tijdje aan de gang is, mogen we APTBS toch als één van de belangrijkste groepen aanzien. Als geen ander laten zij de snerpende gitaren en de wall of sound van een jonge Jesus And The Mary Chain herleven.
Eerder dit jaar hebben ze met de EP ‘Onwards to the wall’ al een niet onaardig visitekaartje afgeleverd, dit hier is hun derde volwaardige album.
Aan de formule is weinig veranderd. De gitaren snijden door merg en been, de decibelmeter gaat geregeld in het rood en de vaak onderkoelde vocals geven het geheel een duister eighties tintje mee. Als volleerde slijpschijven en boormachines slopen de gitaren de nodige muren, maar toch is er steeds een knappe song onder het geweld te vinden, en dat is wat APTBS zo bijzonder maakt. Zo schuilt er behoorlijk wat melodie in krautrock achtige songs als “You are the one” en “Worship”, en op “Dissolved” wordt de massieve geluidsmuur even aan banden gelegd voor een fijn gitaarriedeltje.
Elders wordt dan weer verschroeiend uitgehaald in de haastige brok noise “Why I can’t cry anymore” en in het extreem wilde “Revenge”, die we in al zijn razernij meteen tot onze favoriet van de plaat bombarderen.
A Place To Bury Strangers heeft misschien niet de meest verrassende plaat van het jaar gemaakt, maar de heren staan wel degelijk op scherp en deze ‘Worship’ is een al even logisch als splijtend vervolg op de vorige tijdbom genaamd ‘Exploding Head”.

 

Cloud Nothings - Een avondje scheurende en noisy gitaren
Cloud Nothings – Lotus Plaza
Kreun
kortrijk
2012-11-04
Sam De Rijcke

Cloud Nothings
is nog eens zo een gitaargroepje die uit het goede hout gesneden is, met een hitsige punky sound en heftige noise rock songs die aan een prille Nirvana en Sonic Youth doen denken. Het is er aan te merken dat die laatste schitterende plaat ‘Attack on Memory’ in een productie van niemand minder dan Steve Albini op de wereld werd losgelaten.
Quasi de ganse plaat werd er met een tomeloze energie in een half uurtje doorgejaagd, en dat was meer dan genoeg om ons te overtuigen van de kracht en intensiteit van dit bandje. Onze favorieten op plaat bleken ook live de meest tot de verbeelding sprekende tracks, en dan hebben we het over de fameuze gitaaruitbarstingen in “Wasted Days” en de naar Shellac neigende tonen van afsluiter “No future/no past”, de enige song in de set waar het gejaagde tempo ietwat werd ingetoomd. (zie Pics homepag)

Van Lotus Plaza hadden wij zo geen hoge verwachtingen, en dat omdat hun plaatje ‘Spooky Action at a Distance’ volgens ons geen uitschieter is binnen het huidige (over)aanbod van al die nieuwe Shoegaze revival bandjes die overal uit de grond rijzen.
Maar, kijk, de groep van Deerhunter gitarist Lockett Pundt wist ons zeer aangenaam te verrassen. Hun Shoegaze werd hier veel heter, spannender en krachtiger geserveerd dan op dat album. De galmende noise gitaren gingen fel en luid te keer en scheurden dat het een lust was, zoals het hoort bij dit soort muziek.

Zo hebben we vanavond weer onze portie rammelende en shuurpapieren gitaren gehad, dit van twee puike bands die compromisloos hun eigen ding doen en die de gitaren laten scheuren zoals ook de Velvets, The Stooges, Nirvana, Sonic Youth, Jesus & The Mary Chain en The Pixies het allemaal bedoelden, rauw en snedig.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/clouds-nothings-04-11-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lotus-plaza-04-11-2012/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

 

Pagina 69 van 112