logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Stereolab

Biffy Clyro

Only Revolutions

Geschreven door

Het Schotse trio Biffy Clyro van de broers Johnston timmeren hard aan de weg een breder publiek te bereiken, zonder de fans van het eerste uur te willen verliezen. ‘Only Revolutions’, hun vijfde album al, is mainstreampoprock, een gevarieerde, uitgebalanceerde plaat met toegankelijk, geestdriftig, direct en vrolijk materiaal, soms aangevuld met een vleugje bombast door orkestarrangementen.Een ‘larger than life’ op de Foo Fighters manier, zoals ze omschrijven.
De eerste songs “The captain” en “That golden rule integreren oud en nieuw. “Bubbles” (met medewerking van Josh Homme) en “Cloud of stink” zijn snedig en gebald met heftige riffs. Maar we houden het liefst van hun opbouwende songs als “Shock shock”, “Booom blast & ruin” en het afsluitende “Whorses”. En “Mountains” levert hen wel die ideale poprocker en kan de definitieve doorbraak betekenen!
Ondanks de Kings Of Leon attitude klinkt de muziek van de hardwerkende Schotten nog steeds de moeite, wat een doorsnee goed klinkende cd opleverde, genoemd naar het gelijknamig boek van ene Danielewski, die de leden lazen …

Vampire Weekend

Contra

Geschreven door

Vampire Weekend heeft een voortreffelijke tweede cd uit, ‘Contra’ die het titelloze debuut opvolgt. Ze brengen ‘schone’ popliedjes, die rijkelijk geschakeerd zijn door Afrikaanse popritmes. Ze integreren de speelsheid en ritmiek van afropop in hun Westers geluid, wat referenties oproept aan Paul Simon, Talking Heads en Peter Gabriel.
‘Contra’ klinkt even boeiend en is een logische verderzetting, zonder drastische wendingen. Ze behouden de wereldse aanpak van een melodieus aanstekelijke groovy sound en grijpen invloeden van Azië en Z-Amerika aan.
Wat ze allemaal uit hun instrumenten toveren lijkt onwaarschijnlijk. Elke song overtuigt en haalt een invloedssfeer aan die de song grootser en breder maakt door o.a. reggae, funk en dancehall.
Geniet en onderga wat deze band allemaal verwezenlijkt op de tien songs: sfeervol, fris, sprankelend, leuk en toegankelijk. “Horchate”, “White sky”, “Holiday“ en “California English” zijn al meteen super qua ritme, vibe en groove. De orkestraties hebben de doorslag op het ingetogen “Taxi cab”, “Cousins” klinkt directer en de afsluitende reeks “Giving up the sun”, “Diplomat’s son” en “I think ur a contra” zijn sfeervolle tintelende knallers door hun onwaarschijnlijke mix aan stijlen.
De plaat is zeker en vast het gedroomde vervolg op hun debuut en bevat zomaar eventjes vijfsterren klassesongs. ‘Contra’ is dus een zeer rijk album en zorgt dat we in de nog jonge bandgeschiedenis te maken hebben met grootse, inventieve en boeiende, avontuurlijke Vampires.

Charlie Winston

Charlie Winston: een overtuigende man-van-alle-kunstjes

Geschreven door

Vorig jaar tijdens Les Nuits Bota waren we onder de indruk van de Britse singer/songschrijver Charlie Winston. De man palmde als muzikant en als performer probleemloos z’n publiek in; live kreeg de innemende pop een fikse injectie, gedragen door z’n fluwelen, gouden stem. We zagen een dampend, stomend concert van de lieve, charismatische songschrijver. Hij dompelde de songs en de show onder in een eigentijdse ‘50’s revival door z’n danspasjes en z’n look (ondervestje, hemd, das en hoed) en leek de reïncarnatie wel van Gene Kelly – ‘Singing in the rain’.
Hij overtuigde vooral onze Franstalige vrienden met z’n tweede plaat ‘Like a hobo’, wat niet te verwonderen is, want hij opereert vanuit Parijs, spreekt al een aardig mondje Frans, staat in de Franse top en probeert nu Europa langzamerhand te veroveren. Hij is een groots artiest in wording, die ergens het midden houdt tussen Ben Folds, Ben Harper, G Love, Andrew Dorff en Soul Coughing.

De Club van Vorst Nationaal zat goed vol met Franssprekenden om Winston en z’n band aan het werk te zien. De kennismakingsronde vorig jaar deed ons uitkijken wat hij in petto zou hebben. Aanstekelijke, frisse nummers waren “Generation spent” (die eerst apart werd ingezet door de toetsenist!), “Tongue tied”, “In your hands” en “Can we do it”.
Hij trok de kaart van de variëteit en behield met “I’m a man” en “Lonely alchemist” de intimiteit en het sfeervolle karakter van op plaat; ze werden sober ingezet en hij gaf ze dan crescendoweg een vollere instrumentatie. Of hij raakte de gevoelige ziel in ons met een akoestisch ingetogen “Soundtrack to fallin’ in love”, samen met z’n zus gezongen, een dromerig orkestrale “Boxes” (we zagen hem in een sterrenhemel op piano!), een ingenomen “Every step” en een liefdevol gepassioneerde “My name”.
De ‘do-it-all’ is een man van alle kunstjes, die gepast kon inspelen op z’n publiek. Hij gaf “Kick the bucket”, “My life as a duck” en “I love your smile vs Hands Perc” elan door een brede instrumentatie, stemvariaties, beatboxing, het neuriën van obligate “Oohoohs” en een show van gekke danspassen. Hij slaagde erin de boel op te zwepen en zorgde die momenten voor een leuk feestje. In de outtro van “Hands Perc” waren er 10 trommels en de band voerde hier zelfs een soort regendans/ voodooritueel uit, wat een uitstekende respons opleverde.
Ze hadden er na anderhalf uur nog niet genoeg van; Winston had z’n eigen instrumentale versie klaar van Morricone’s “Once upon a time” bepaald door een ingehouden gitaargetokkel en flute. De titelsong van de recente tweede cd ‘Like a hobo’, de doorbraak naar het grote publiek, klonk uiterst groovy en werd één van de hoogtepunten. “Bleeding heart” kreeg kleur door sitar en voerde ons naar een onschuldige droomwereld. Een akoestisch solo gespeelde “Calling me” besloot en verve de set, die in z’n totaliteit innemender was dan vorig jaar, maar een groots talent in de schijnwerpers plaatste! De Winston tour werd op die manier overtuigend besloten in ons landje!

Organisatie: Live Nation

The Black Angels

’Tune On , Tune In, Drone out” met The Black Angels

Geschreven door

Als The Black Angels een plaat uitbrengen of in ons land te zien zijn, draaien we even de knop van de dagdagelijkse (harde en stresserende) realiteit om. Ze intrigeren met hun psychedelische retrorock’n’roll, waarin ze een bezwerende, hallucinante droomwereld en een hypnotiserende nighttrip creëren, met pedaaleffects, distortion, fuzz, elektrodrones en een galmende zang. Het kwintet refereert rijkelijk aan oudjes Rocky Erickson, The Doors, Hawkwind en V.U (btw groepsnaam is afkomstig van “The black angels’s death song”), de laatjaren ’80 met Jesus & Mary Chain, de ‘90’s psychedelica van Spacemen 3 en Spiritualized en tot slot komt de rits geestesgenoten bovendrijven The Black Keys en BRMC met hun melancholische en opzwepende retrowaveblues, Dead Meadow, Warlocks, Archive en Black Mountain.
’Tune On , Tune In, Drone out” is het mantra van de psychedelische rockband. Zelf noemen ze het patriottistische psychedelica uit de jaren veertig, twintig jaar voor onze tijd uit, nu 65 jaar achteruitlopend. Wat het ook moge betekenen, het zullen wel de drugs van ‘music is the dope’ zijn die de aparte muzikale trip moeten doen begrijpen.
Bizar genoeg heeft de band nog geen definitieve doorbraak kunnen forceren, maar ze prikkelen alvast de alternatieve muziekliefhebber die houdt van de trips van het debuut ‘Passover’ (2006) en de tweede ‘Directions to see a ghost’, die al wat meer toegankelijke poppier songs bevat.

Een volgepakt 4AD kon het enig optreden in ons landje (hun support van Wolfmother niet meegerekend!) bijna twee uur lang ondergaan!
Live dompelden ze ons onder in ‘hun duistere, andere wondere (droom)wereld’ van aanstekelijke, repeterende ritmes en een trancegericht opbouwend geluid, waarbij de ene keer de gitaren, de andere keer de drums of de synths wat meer doorklonken. Het bezwerende gedreun klonk allemaal iets zwaarder. De moddervette psychedelica (met een knipoog naar de sixties) ontnam de voeten op de grond. Een belangrijke meerwaarde live vormde de spannende, dreigende emotie van de ‘80’s wave.
De toon werd meteen gezet met slepende thrillers “You on the run” en “Mission district” uit de vorige cd en “Black grease” van hun debuut. De ‘60’s invloed van The Beatles was onmiskenbaar aanwezig op het nieuwe “Telephone”, een chaotische kakafonie, die de ‘Sgt. Peppers’ nieuw leven inblies! We hoorden midden de set opstootjes shoegaze, funk, surfrock en rock’roll en een strakker geluid op “The first Vietnamese war” en “Yellow el”/“Haunting” (waarschijnlijk ook nieuwe nummers). Hogere sferen wakkerden ze aan met adembenemende psychedelische versies van het gekende materiaal, “Science killer”, “Doves”, “Young men dead” en “Entrance”. We misten enkel de stroboscoops hier, maar niettemin begonnen de eerste rijen te dansen en te springen. Totaal opgaan noemt zoiets. En The Black Angels verwenden ons af en toe met nieuw materiaal, dat mooi in de andere verweven zat.
Ook in de bis was het zalig genieten en wegzakken van oudjes “Empire”, “Sniper at the gates of heaven” en “Bloodhound on my trail”, die een ongelofelijke eruptie en outtro van noisegalm, fuzz en distortion meekregen!

De Gentse support Needle and the Pain Reaction kwam in eerste instantie maar flauwtjes over met lawaaierige eenvoudige pop, doornsnee snedige power gitaarrock’n’roll, die te pas en te onpas wou refereren aan Iggy & The Stooges, maar halfweg de set overtuigde de band met een pittiger, gevarieerder en boeiender geluid van degelijke en aanstekelijke riffs en een broeierige intensiteit. Kwalitatief sterk, scherp, leuk en emotioneler klonken ze. De set balanceerde tussen voorspelbaarheid en avontuur. Oh ja, het trio is al een kleine tien jaar bezig en debuteert uiteindelijk met ‘Obsessions of an epic womanizer’.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Brett Anderson

Brett Anderson presenteert het singer/songwriterschap in een groots Suederecept

Geschreven door

In de jaren ’90 ontstond er een ware Suede-mania rond Brett Anderson en z’n Londense band, zowel naar hun pose, uitstraling als naar hun ‘70’s opwindende poprock, gekruid van glam en wave. Referenties naar T-Rex, Echo & The Bunymen en The Smiths waren op hun plaats, en het Briticoon kreeg terecht ook de gelijkenis met David Bowie opgezadeld.
Suede werkte naar een uitgebalanceerde, fijnzinnige sound met orkestraties wat de sfeer geladener maakte in de zin van dramatiek, pathos en (pretentieuze) bombast. Anderson hief de band op, ondanks de puike comeback cd ‘A new morning’; het daaropvolgende The Tears werd een misplaatst avontuur (ook al maakte gitarist Bernard Butler, Suede man van het eerste uur, deel uit van de band!). Tot slot waagde hij zich solo. De tijd dat hij gehuld in leren jasje vetgalmende gitaarsongs stond in te zingen, behoren tot het verleden. Hij presenteert zich als een singer/songwriter die intieme liedjes met klassieke arrangementen van diepgang voorziet. Pas met de recente derde cd ‘Slow attack’, die in de winterperiode verscheen, begon hij z’n weg te vinden; de twee vorige cd’s ‘Wilderness’ en het titelloze debuut hadden samen maar een handvol interessante songs. Hij heeft nu een echt compleet solo album uit , waarvan de nummers beter ingekleurd zijn met strijkers en blazers (cfr. vergelijk met de muzikale evolutie van Suede!). Een impressionistisch geluid die terecht Japan’s “Nightporter” en het eerste werk van David Sylvian oproept.

Live kreeg het innemende materiaal een flinke scheut Suede glamrock’n’roll mee. Anderson en de zijnen speelden een gevarieerde set, een directer geluid, zonder brede arrangementen en tierlantijntjes; de intense ingehouden en begeesterende piano- en toetsen en Anderson’s unieke heldere, overtuigende gepassioneerde stem boden de gepaste emotionaliteit.
In de goed halfgevulde zaal drumden die-hard fans om hun halfgod een handdruk te kunnen geven. Het stapje terug in kleine zalen gaf een goed gevoel en zorgde voor een nauw contact met het publiek.
De eerste songs “Hymn” en “Wheatfields” lagen in de lijn van de plaat, hadden een donkere ondertoon en waren indringend. “Hunted” toonde hoe het anders kon; een broeierige spanning, een rauwer geluid en een opbouw die krachtiger klonk. Ook zagen we een bezielde zanger die vol overgave te werk ging; z’n vroegere podiumprésence, de armbewegingen en de danspassen was hij nog niet verleerd. Dan stapte hij over naar een spaarzame “Ashes of you” en “Leave me sleeping”, bepaald en gedragen door breekbare pianotunes en emotievolle vocals.
Hij wisselde verschillende stemmingen af, onmiskenbaar was de oude Suede te horen op bedreven versies van “Julian’s eyes” en “The swans”, die konden rekenen op een warm onthaal. Het werd muisstil toen hij, gezeten op een barkruk, akoestisch “The empress” en “Clowns” speelde. Om kippenvel van te krijgen. Z’n stem alleen al fascineerde en hield je in de ban! Een ingetogen “Chinese whispers”, terug die twee-eenheid stem-piano, en een sober gehouden “A diff’rent place” volgden .In een closing final’ reeks, hoorden we ouder solowerk, “Love is dead” en “Back to you”, in een onversneden intense rockversie, voorzien van de gepaste galm en pathos. Kale nummers op plaat, die live harder en feller waren. Voor de aanwezigen was het de link naar de hoogdagen van Suede!
En of dat ze er nog zin in hadden … een ingehouden ”Scarecrows” en een intens meeslepende, verbeten “Funeral mantra” volgden in de bis. Samen met z’n band haalde hij hier krachttoeren uit, en stopte het in een grootse, stevige jam, die door de pedaaleffects, noise-erupties en repetitieve zware toetsen glans kreeg.

Op die manier tekende Anderson voor een uiterst gevarieerde, avontuurlijke set; de muzikale streken van vroeger waren goed ingebed in de huidige sound! Een oude vos verliest z’n …, maar niet z’n …

Organisatie: Trix, Antwerpen

Air

Air: perfect onthaasten met een postcoïtaal lovedream recept

Geschreven door

De Franse elektronica freaks Air, Jean-Benoît Dunckel en Nicolas Godin (beiden in het wit gekleed) zoeken niet echt meer naar vernieuwing, maar borduren op hun eigen unieke manier voort in hun ambiente popelektronica van dromerige soundtracksferen, mijmerende midnight summerdreams (zoals JJ Burnel van The Stranglers het zo mooi kan omschrijven!), lekkere chillende saunalounges, transpirerende lichamen, onderkoelde cocktails, ontluikende seksualiteit en zwoele, sensuele, romantische Valentijnen. Kortom, we horen een betoverend, elegant en stijlvol geluid, die alles aan de verbeelding overlaat; de aanstekelijke deuntjes, de zalvende en dreunende beats en de fluister-/vocoderzang schudden ons even wakker en helpen om de dagdagelijkse realiteit onder ogen te zien.
Air = ’Softfocus seksmuziek’, las ik onlangs, wat het ook mag betekenen of wat we ons er mogen van voorstellen… Op de zesde plaat ‘Love 2’ gaat het duo deels terug naar hun nostalgische beginperiode ‘Moon Safari’, basis van de lounge 12 jaar terug!

Het duo, te zien onder een pak elektronica en synths, gitaar, bas en drums, kwamen soberder voor de dag dan op de vorige passage, toen ze zelfs met vijf aantraden en vergezeld waren van Charlotte Gainsbourg (niet toevallig want ze stonden in voor haar plaat ‘5:55’ en de soundtrack ‘The virgin suicides’).
Het duo werd aangevuld met een drummer, plaatste de recente cd centraal, greep sterk terug naar hun memorabel debuut, ‘10000 Hz’ (‘01) en ‘Talkie Walkie’ (’04). De lichte koerswijziging van elektronisch vernuft, Indiase invloeden en de inbreng van guestvocalisten van de vorige cd ‘Pocket Symphony’ werd overboord gegooid. Na bijna elk nummer kwam één van de roadies de apparatuur bijstellen, wat ervoor zorgde dat elk typisch geluidje in een song paste.

’ENJOY’ was de muzikale steekkaart van het trio. De eerste songs “Do the joy”, “So light is her football” en “Love” van de nieuwe cd, straalden een oase van rust uit … ze zijn de perfecte onthaasting of zijn de ideale nummers na een superstressy week als je oververmoeid in de zetel ploft … Het sfeervolle lichtdecor dito projecties hielpen ons op weg. Een gemoedelijke drumpartij en een verdwaalde vocoderstem vulden soms aan … In het oudje “Remember”, al snel door de die-hard fans herkend, hield het typische sfeertje aan door de diverse lagen elektronica en pianoloops. “J’ai dormi” opende letterlijk de ogen door de diepe bassnaar, de zwaardere Hammond en een krachtige beat. Air’s droomwereld hoorden we verder in “Venus” en “Missing the light of the day”; de lichtjes fonkelden in de opbouwende “Tropical disease” en “People in the city”, die een forse, krachtige tune hadden. Dan kwam het gekende werk, “Radian”, die elan kreeg door sneeuwvlokjes, de fijne gitaarloops door Godin op “Cherry blossom girl”, de lichte sensuele groove van “Talisman” en de flutes op “Alpha beta gaga”; ze vormden de perfecte overgang naar een venijnig en broeierige “Kelly watch the stars”, hun doorbraaksingle, die ze in een ander kleedje stopten.
Ook “Sexy boy” in de bis klonk zwierig en scherp door een aangepast elektronicabed. De kers op de taart was “La femme d’argent”, openingssong van hun debuut ‘Moon Safari’ én vaste afsluiter bij hun sets, waarbij we een staaltje elektronisch vernuft en ‘70’s psychedelicatoetsen hoorden van Dunckel!

Ondanks het feit dat we nog een cocktailbar, strandzetels, een ondergaande zon en een handvol singles als “All I need”, “Playground love” en “Sing sang sung” misten, treurden we niet van hun postcoïtale lovedream recept …

Organisatie: Live Nation

Machine Head

De ‘Black Procession Tour’ van Machine Head

Geschreven door

Na de traditionele parkeerperikelen in en rond Vorst moesten we Bleeding Through aan ons laten voorbijgaan maar waren we net op tijd om 2de opwarmer van de avond Hatebreed te zien aftrappen.

Dit kwintet onder leiding van zanger Jamey Jasta heeft de laatste jaren in ons landje een enorm fanbase gecreëerd en dat was ook te zien aan de reacties van de bijna volgelopen zaal. De band had er zin in en begon zonder veel compromissen gezwind aan hun set, de metalcore doorspekt met hardcore-invloeden ging erin als zoete koek. In '02 met het album 'Perseverance' kenden ze wereldwijd een enorme doorbraak en hun liveshows zijn steevast een feest voor circle- en moshpitfans en ook in Vorst was het niet anders... Na enkele nieuwe tracks uit het gelijknamig album 'Hatebreed' kwam klassieker "I will be heard" dat enorm onthaald werd, na 45 minuten was de zaal op ideale temperatuur gebracht om de main act te ontvangen. Check ze zeker wanneer ze afsluiten op Groezrock binnenkort.

De headliner van de 'Black Procession Tour' was Machine Head en dat ze niet gekomen waren om op hun lauweren te rusten werd al snel duidelijk...
Volksmenner en frontman Rob Flynn haalde meteen mokerhamer "Clenching the fists of dissent" boven en de zaal ontplofte onmiddellijk. Het gaspedaal ging de hoogte in de volumeknop werd nog een paar decibel omhoog geschroefd en de basdrum ging door merg en been.
Waar het geluid in eerste instantie zeer goed zat, bleek na enkele nummers dat het in de soep aan het draaien was, net op tijd hadden de geluidsmensen door dat er moest bijgesteld worden en even later waren de geluidsgolven weer 'hoorbaar'. Ondertussen genoot het dankbare publiek met volle teugen en gooiden de Bay area trashers met "Old" en "Bulldozer" 2 nieuwe splinterbommen in de zaal.
Toen Machine Head vorig jaar nog als voorprogramma speelde van Metallica in het Sportpaleis mochten we al vaststellen dat ze enorm veel aanhangers kennen hier en dat ze het betere beukwerk nog niet verleerd zijn. Opmerkelijk was wel dat er vooral veel nummers uit hun laatste wapenfeit 'The Blackening' voorbijkwamen terwijl hun absolute krakers vooral uit hun beginperiode stammen.
Maar niet getreurd, door hun enthousiasme in combinatie met de op hol geslagen metalheads konden we enkel respect opbrengen voor dit optreden dat echt af was.
Slotakkoorden "Halo" en het onvermijdelijke "Davidian" werden afgevuurd en een laatste keer ging de volledige zaal loos op de vette riffs uit de loeiharde gitaren van dit viertal uit Oakland California.
Na deze tour duiken ze de studio in een gaan ze sleutelen aan hun 7 de langspeler.
Een plaat waar in metalkringen enorm naar uitgekeken wordt.

Organisatie: Live Nation

David Gray

David Gray trakteert een vroege Valentijn …

Geschreven door

Met een ruim twee uur durende meeslepende show bezorgde de Brit David Gray zijn fans een avond vol emotie, melancholie en euforie. De uitverkochte AB trakteerde het popicoon op grenzeloos enthousiasme alsof de zege al vanaf de eerste noot een feit was.
Maar eerst was er nog Phosphorescent die als voorprogramma mocht dienen.

Het blijft een aparte gebeurtenis die opwarmacts in de AB. Allereerst is er het zeer ondankbare vroege uur waarin de artiest zich moet bewijzen. Vaak is de belangstelling uiterst miniem, om de simpele reden dat de meeste mensen op dit vroege uur nog steeds onderweg zijn naar de AB en er dus nog geen kat aanwezig is in de Brusselse muziektempel. Daarnaast zijn er ook vaak de verkeerd geprogrammeerde acts die te weinig gemeen hebben met de hoofdact. Zo was het voor Phosphorescent geen eenvoudige opdracht om het publiek op te warmen voor David Gray.
Phosphorescent, de eenmansband van de Amerikaan Matthew Houck bracht een soort poëtische indie country-folkrock. Zijn belangrijkste troef: zijn klagerig fragiel stemgeluid dat hier en daar wat aan Neil Young en Bonnie Prince Billy deed denken. Zijn songs bleken stuk voor stuk echte gedichten, meestal voorzien van een zeer deprimerende ondertoon.
Een ruim halfuurtje waar we het warm noch koud van kregen.

Bijna exact 4 jaar terug (2 februari 2006) zagen we David Gray & Band een eerste maal in de AB. We waren toen zeer onder de indruk van het optreden. Ik was dan ook zeer benieuwd hoe de man er het deze keer vanaf zou brengen, want in de afgelopen jaren onderging de succesvolle Brit vaak ingrijpende muzikale wijzigingen. David Gray brak definitief door in 1998 met het album ‘White Ladder’. Een plaat die ik nog regelmatig draai en koester. Geen superorigineel album maar gewoon een geniale schijf vol prachtige songs. Nadien scoorde Gray in de UK nog twee nummer één albums. Zeer verwonderlijk was dit succes de aanleiding voor Gray om het over een andere boeg te gooien. Eind 2006 stuurde hij vrijwel de ganse begeleidingsband de laan uit, waaronder ook de excentrieke, podiumgekke drummer Craig McClune. Enkel basgitarist Rob Malone mocht aanblijven. Nieuwkomers in de band zijn: James Hallawell op keyboards, Keith Pryor achter de drumkit en gitarist Neill MacColl. Op het eerste zicht een vrij oude, klassieke begeleidingsband.
Met deze nieuwe groep nam David Gray het vorige jaar verschenen ‘Draw The Line’ op. Op deze laatste schijf ging Gray op zoek naar zichzelf en koos voor een meer singer-songwriter gerichte aanpak. De bombast van vorige albums verdween maar verder bleef de typerende Gray sound behouden. Het nieuwe album werd in de UK echter vrij lauw ontvangen. Gelukkig is het vasteland een stuk positiever voor Gray’s nieuwste creatie.

De titeltrack van het nieuwe album diende ook als opener van de avond. De eerste single uit de nieuwe plaat: “Fugitive” volgde. Een zeer fraai begin van de avond. Al van bij deze start was het geluid in de AB glashelder, de perfectie werd benaderd. Het publiek genoot met volle teugen van Gray, die blijkbaar zonder enige moeite de meest toonvaste stem aan de dag legde. Bij “Kathleen” ging David een eerste maal achter de piano zitten, maar dit kon niet beletten dat deze song ook live toch een van zijn mindere liedjes is. “The One I Love” kreeg een te geknutselde uitvoering aangemeten. De band probeerde deze hit om te toveren tot een echte rocksong…iets te stoutmoedig! Over de rest van het optreden kan ik enkel lovend enthousiast zijn.
De nieuwe band was erg goed op elkaar ingespeeld en gaf ons fijnzinnige pareltjes zoals “Now And Always” en het sublieme “This Years Love”. “Babylon” kreeg dan weer onverwacht een opvallend, sobere, akoestische benadering. Bombast en melancholie troef tijdens de “Slow Motion” finale, een song die ook integraal werd gebruik in mijn favoriete televisieserie E.R. Een ontketende band trok alle registers open tijdens het slotstuk “Nemesis”. Dit pareltje uit het nieuwe album klonk eerst subtiel en breekbaar maar mondde uit in een bombastische oceaan van passie en gedrevenheid. Onder luid applaus werd David Gray teruggeroepen voor een extra bisronde met 4 songs.
De ultieme toegift werd: “Please Forgive Me”, waarin David Gray aan het einde van de song zich eventjes liet verleiden tot wat geflirt met wat elektronica. Het uitzinnige publiek dat zo vaak stilzwijgend en met open mond had genoten, verliet nu al fluitend en dansend de uitverkochte zaal.

Een fabelachtig sterk concert. Valentijn viel dit jaar op 4 februari…dank U David Gray!

Setlist:
*Draw The Line *Fugitive *You’re The World To Me *Sail Away *Kathleen *The Other Side
*The One I Love *Freedom *Now And Always *This Years Love *Babylon
*Falling Down The Moutainside *First Chance *Slow Motion *Nemesis
*Ain’t No Love *Jackdaw *Be Mine *Please Forgive Me

Organisatie: Live Nation

Joss Stone

Joss Stone: Feel love & happiness – onvoorwaardelijke liefde voor muziek

Geschreven door

Ongelofelijk tot wat de mooi ogende lieftallige en de immer glimlachende Britse jonge Joss Stone, nog maar 23, in staat is. Ze is al toe aan haar vierde cd, debuteerde op 16 jarige leeftijd met een aparte cover CD, ‘The soul sessions’, en viel op met haar goddelijke, doorleefde, gevoelige, soulstem in de voetsporen van de Motown sound, Aretha Franklin en Dusty Springfield. We horen gave, puntige soulsongs van toegankelijke melodieën bepaald door jazzy blazers, emotievolle orkestraties, funky grooves en logge drums. Het geheel klinkt intens pakkend, warm, sfeervol en broeierig; de uitstapjes naar gospel en hiphop geven een fris, freakende indruk.

Wat een muzikaal talent zagen we on stage! Ze speelde een evenwichtige, gevarieerde en afwisselende set met haar puike, mooi uitgedoste begeleidingsband, die naast de traditionele opstelling aangevuld werd met bezwerende Hammond en sax, vocaal gedragen door fijne, zalvende backing vocals. Joss dompelde ons onder in een wereld van romantiek, verleidelijkheid en bonkende Valentijntjesharten door haar love & peace attitude en haar onvoorwaardelijke liefde voor muziek. Een heerlijk geluid, hoe instrumentatie en zang bij elkaar pasten. We moeten zeggen dat de black music door de jonge blanke dame met de gouden fluwelen stem geestesgenoten Amy Winehouse, Duffy en Adele achter zich liet en het moet mooi zijn om onze eigen Selah Sue te zien groeien naar dit talent.
Ze putte uit haar vier cd’s, zonder écht het recentste ‘Colour me free’ voorop te stellen. Wat wel opviel was dat het tweede album ‘Mind, body & soul’ bijna zo goed als niet aan bod kwam.
Joss trad op in een spannend bloemetjesshirt, was op blote voeten en ging gretig in op de reacties van het publiek. Middenin de set, tijdens “Victims of a foolish heart” kon ze probleemloos de microfoonproblemen omzeilen. Ze bleef even speels, optimistisch en enthousiast.
Het sfeervolle, innemende “Choking Kind” van haar debuut, opende de ruim anderhalf uur durende set. Ze zette dan meteen de zwierige, funkende groove van het schitterende “Free me” in van de huidige cd. Een happy gevoel creëerde ze bij de afwisselende, uitgesponnen versie van “Super duper love”, die niet omheen gospel kon; de ‘Say yeahs’ en de handclaps sloegen om de oren. Om kippenvel van te krijgen.
Als een volleerd fotomodel wandelde ze en als een dartelend veulen swingde ze op het podium. “Put your hands on me” ademde de sfeer van een donkere, rokerige nachtkroeg in gedempt licht en door de broeierige sax klonk de ‘50’s swingjazz door. Ze gaf haar stem meer draagkracht door de armbewegingen, die ook een teken waren over te stappen van een vollere naar een beperktere instrumentatie. Joss Stone ging gepassioneerd te werk, wat overtuigende versies gaf van subtiel uitgewerkte “Fell in love with a boy” en “Could have been you” (bezwerende pianotoets!), een heupwiegende cover van “Some kind of wonderfull” en een opwindende “You had me”. In het afsluitende “Tell me about it” stipte ze een medley aan van verschillende covers waaronder … jawel “You got to love” van Candi Station (het meest gecoverde nummer nu - is ook op de plaat te horen!), konden de groepsleden eventjes soleren en kwamen de twee backing vocalisten op het voorplan.

Joss Stone had een groot charisma en overstelpte haar fans met bloemetjes in de bis. We hoorden een swingende” Big ol’game”, waarin ze elementjes van andere covers verwerkte en “Uncredible”, die ze haar best geschreven song vindt. De twee nummers besloten de uiterst heerlijke, aangename, sfeervolle, broeierige set van een grootse, lieve dame die vooral zichzelf bleef.

Ook de support Jenny Lane mocht er best zijn. De 31 jarige Nederlandse zangeres kreeg de kans een dik half uur de debuut cd ‘Monsters’ voor te stellen. Ze won trouwens de talentenjacht in het Apollo Theatre in Harlem, NY. De vrolijke spring in ‘t veld is van vele markten thuis en brengt een warme, aanstekelijke en groovy sound van soul, pop en jazz. Ondanks de middelmatigheid van de songs, kon ze in sommige songs pit en dynamiek steken, wat ervoor zorgde dat we een prikkelende en bruisende “Say say say”, “Fear” en “Something beautiful” hoorden. De act, de podiumprésence en de sensuele danspassen waren een leuke toevoeging. Ze slaagde als een Lily Allen erin haar publiek op te hitsen en te verleiden tot meezingbare “Oohoohs” en handclaps. Kortom, iemand die je met de glimlach naar buiten deed gaan!

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Devandra Banhart

What will we be

Geschreven door

Een goede twee jaar na ‘Smokey rolls down thunder canyon’ is er nieuw werk uit van de freakfolkgoeroe Devandra Banhart, ‘What will we be’. Hij hanteert en freewheelt in diverse stijlen, wat een gevarieerde, boeiende plaat, maar weinig samenhangende plaat oplevert. Het past bij mans concept van ‘iedereen komt & gaat’ … het toonbeeld van de ultieme vrijheid en de ‘peace en love’ hippe toestanden in muziek en denkpiste.
Het gaat in de veertien songs van freakende folkpop (o.a.“Can’t help but smiling, foolin”) naar mooi breekbare en betoverende droompop (waaronder “First & last song for B”, het leuke “Chin chin & muck muck” en “Walilamdzi”), Spaanstalig songmateriaal (“Brindo” en “Meet me at lookout point” en tot slot ‘70’s retrorock, “16th & Valencia Roxy Music” en “Rats”.
We horen dus een aangename, ontspannende, frisse veelkeurige stijl in een ‘big smile’ concept. We stellen alvast “Angelika” en “Baby” voorop van de fraaie composities – in – een - verknipte aanpak!

Pagina 847 van 966