logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_14
Kreator - 25/03...

Spinvis

Spinvis - Eindelijk zalig terugzien

Geschreven door

Spinvis - Eindelijk zalig terugzien

Na zijn LP ‘Trein Vuur Dageraad’ uit 2017 heeft Erik de Jong duidelijk niet stilgezeten. Door minder mee te werken aan zijprojecten in dans en theater, stort hij zich volledig op het maken van Spinvis-muziek. Met enkele nieuwe EP’s, waaronder het veelzijdige ‘Sunon’ en de ogenschijnlijke betekenisloze LP ‘7,6,9,6’ van vorig jaar onder de arm, tourt Spinvis om de gemiste live-schade in te halen.

Het publiek deelde diezelfde goesting: Het Depot was net niet uitverkocht, waardoor de zaal gezellig gevuld was. Nog voor dat Erik en zijn band het podium opkwamen, was het duidelijk dat er ook wat denkwerk aan dit optreden voorafging. Zo viel de lichtbrug meteen op, die de live-beleving alleen maar ten goede kwam.
Goedgeluimd trapte Spinvis het concert rustig af met het zeemzoete “Icarus”, wat gekleurd is met Franse toetsen (iets dat Erik vaak gebruikt in zijn EP ‘Sunon’). Met “Astronaut” vlogen we met z’n allen nog verder en we waanden ons even in het heelal terwijl de zaal zoals een sterrenhemel werd belicht.  “Tingeltangel Hersenpan” slingerde ons zachtaardig terug met de voetjes op de grond. Dit heerlijk beukend nummer is doorspekt met zo’n tegelspreuken als ‘Geluk is een gerucht’ die Erik losjes uit zijn pen weet te toveren.

Deel van de Spinvis-charme is dat ze graag nummers op verzoek spelen. Op die manier kwam het pareltje “Bagagedrager” al vroeg aan bod en zorgde voor ons eerste kippenvelmomentje. Puur in zijn eenvoud, bezingt Erik hier dagdagelijkse dingen die je kunt ervaren als een neerdrukkende sleur of onversneden schoonheid. Radiosingle “Picasso” werd moeiteloos gebracht alsof het al jaren deel uitmaakt van Spinvis’ repertoire. Ook zo heerlijk verrassend is dat Spinvis live volledig anders klinkt dan op de platen en zelfs over concerten heen improviseert Erik graag met z’n nummers. “Artis” werd zo voor de gelegenheid in een punk jasje getooid, nadat we een rustpunt hadden met “Op een Ochtend in het Heelal”.
Nog maar halfweg en het gevoel overheerste dat Erik en de zijnen nog eindeloos pareltjes konden droppen. Het wrange en toch zalvende “Soms breekt een hart, soms blaft er een hond” bracht soelaas aan gebroken harten. Nog zo’n innig moment en het hoogtepunt van de avond was tijdens “Aan De Oevers Van De Tijd”, een nummer dat voor elk van ons wel een eigen betekenis kan hebben. Af en toe geeft Erik wat anekdotische uitleg bij zijn nummers, maar voor de rest liet hij ons een eigen invulling geven: zo passeerden gemakkelijk het innige “Kom Terug”, “Grote Zon” en “Trein Vuur Dageraad”.
Als perfect slot trakteerden ze ons met hun “Smalfilm” en stuurden ze ons de nacht in met “Oostende”.

Het publiek beroeren was een kolfje naar Spinvis’ hand want regelmatig zag je hier een lach en daar een traan of werd hier ingetogen gedanst en daar dan intens geknuffeld. Liedjesteksten werden meegezongen, luid applaus volgde… Het was duidelijk dat het publiek snakte naar een zaligmakend concert dat door niemand beter dan Spinvis gebracht kon worden.
Hij nodigde iedereen tot tweemaal toe om te blijven gaan naar voorstellingen van muziek, dans en theater want “zonder jullie zijn wij niets”, aldus Erik de Jong. Wat we na deze avond met volle overtuiging zullen blijven doen!

Setlist
Icarus - Astronaut - Tingeltangel hersenpan - Bagagedrager - Picasso - Op een ochtend in het heelal - Artis - Soms breekt er een hart, soms blaft er een hond - Aan de oevers van de tijd - Voordeel van video - Ronnie knipt zijn haar - Niet vandaag - Kom terug - Grote Zon
Trein vuur Dageraad - Smalfilm – Oostende

Organisatie: Depot, Leuven

Paul Numi

Parallel Lives

Geschreven door

We zijn allemaal de som van onze beslissingen uit het verleden, is één van de bedenkingen van Paul Numi op zijn nieuwe album ‘Parallel Lives’. En hij gaat in de negen songs zelf op zoek naar wat er zou kunnen gebeurd zijn in zijn leven als hij op een bepaald punt een andere richting gegaan was, met soms misschien wat spijt en wroeging over dromen en liefdes die niet uitgekomen zijn. Dat zal wel bij iedereen zo zijn, maar Paul Numi weet het mooi en sterk te verwoorden. Misschien verwijst hij voor zichzelf wel naar zijn beslissing om uit de band Angry Voices te stappen na een nochtans mooi traject van supports en concerten. Maar zonder die beslissing hadden we nooit ‘Parallel Lives’ te horen gekregen.
Een tweede stokpaardje op dit album is dat we mensen niet moeten reduceren tot één kenmerk. Je kan tegelijk zakenman en artiest zijn, tegelijk bassist en songschrijver, of tegelijk liefhebben en eenzaam zijn, …  Veel diepgang opnieuw in de lyrics van Paul Numi, net als op voorganger ‘Chimera’.

Hij groeit nog wat in zijn rol van songschrijver en performer. Op “Not Yet” houdt Numi de hand vast van een vriend die niet lang meer te leven heeft. Zo’n gegeven levert soms goedkope tranen op, maar niet in deze song. “Let’s dance, laugh and sing, until the Reaper clips our wing”. Veel mooier kan je dat niet verwoorden.
‘Parallel Lives’ zou volgens de frontman meer Britpop zijn en minder ‘80’s/new wave, maar daar ben ik niet van overtuigd. “So High” heeft inderdaad wel de look & feel van Britpoppers als Pulp of Supergrass. Maar “Multitudes” neigt als geheel en zeker in het refrein wat naar de vroege Kim Wilde en voorts hoor ik op dit album referenties naar The Stranglers (op “Wake Up” en “I’ve Got It Made”), Squeeze (“Wake Up”) en The The (“Something To Hold On To”) en een gepolijste versie van The Gang Of Four (“Never, I Believed” en “Let’s Get Out”). Misschien niet de meest vernoemde bands voor wie naar de jaren ’80 verwijst, maar wel bands die het peper en zout waren in de muziek van die jaren.
Op ‘Parallel Lives’ laat Paul Numi zich begeleiden door dezelfde band als op ‘Chimera’ en dat rendeert. De tracks klinken nog organischer en lijken met nog meer souplesse ingespeeld. De synth krijgt deze keer meer tijd en ruimte en dat is een goede beslissing. Gemiddeld hebben de tracks van dit nieuwe album meer pit en een dansbaarder ritme dan die op het vorige album. “Let’s Get Out” heeft bv. een heel aanstekelijke drive en “I’ve Got It Made” moet een volle dansvloer opleveren op elk vleermuizen-feest. Opnieuw een heel aangenaam album.

https://www.youtube.com/watch?v=EmmgcjeCcZQ
https://www.youtube.com/watch?v=HYBP-lauk-s

 

Torpedo Tits

Grabbed By Her Pussy And Digested By Her Uterus

Geschreven door

Torpedo Tits is een Belgisch cybergrind-project. Dat genre kom je hier niet zo vaak tegen. In tegenstelling tot de traditionele grindcore worden in cybergrind elektronische instrumenten, samples en drumcomputers gebruikt of beter misbruikt. Deze ingrediënten worden gecombineerd met klassieke grindelementen als – met een ruime veralgemening - kaka/pipi-humor en dan in heel korte nummers gegoten.
Torpedo Tits, met een vette knipoog naar Donald Trump en losjes geïnspireerd op bands als Prosthetic Cunt, S.M.E.S., Libido Airbag en Agoraphobic Nosebleed, beantwoordt op ‘Grabbed By Her Pussy And Digested By Her Uterus’ aan al die genre-kenmerken. En de frontman geeft bovendien ruiterlijk toe dat hij over geen enkel muzikaal talent beschikt. Nochtans zijn de samples en soundbites heel raak gekozen, terwijl de vervormde grunt/growls en de muziek allemaal inderdaad toch wel inwisselbaar zijn.
De weinig subtiele songtitels toveren dan weer wel een glimlach op je gezicht, zoals bij “Summer Time Monokini Spotting”, “That’s Not Chocolate Dripping From My Ass, But You’re Allowed To Eat It” en “The Cave Of Despair Is A Large Butthole Covered With Hair”. Dat laatste rijmt zelfs nog ook.
Alleen al voor de songtitels hopen wij dat er een vervolg komt.

https://torpedotits.bandcamp.com/releases

 

The Woodgies

Holding Hands

Geschreven door

The Woodgies is de Zwitserse band rond twee Ierse zingende zussen. De twee wonen in Geneve en ze kregen voor hun debuutalbum ‘Holding Hands’ de hulp van een ook al naar Zwitserland uitgeweken Brit: John Woolloff. Niet de bekendste gitarist of producer, maar zijn naam staat in de credits van o.m. Patrick Bruel, Jeanne Mas en Balavoine en hij werkte ook al mee aan een album van onze landgenoot Paul Numi. Numi heeft de zusjes Woodger enkele jaren geleden ontmoet en is fan.
De muziek van The Woodgies zit op het kruispunt van vier andere bands: Everly Brothers, First Aid Kit, Cranberries en Meskerem Mees. Mooie harmonieën van de zingende zussen, klassiek opgebouwde songs, nauwelijks productionele ingrepen, minimale band-begeleiding die een beetje folky aandoet. Lyrics die - toch aan de oppervlakte – niet de grote, indrukwekkende verhalen zijn, maar eerder kleine bespiegelingen over het eigen kleine leven en over de liefde.
Een paar keer wordt de passie voelbaar, zoals op titeltrack “Holding Hands”, op het treurende “Fading Away” of op het afscheid van “Silent Goodbye”, terwijl hun tussen vrolijk en melancholisch schipperende dreamfolkpop op andere songs voorbijkabbelt zonder slachtoffers te maken (“Where To Go”, “Sun Will Shine” en “Nowhere Near”).
The Woodgies leggen op dit album een solide basis voor wat kan komen, maar ze hebben nog wel een stuk weg af te leggen om in het spoor te komen van hun helden als Bon Iver, Simon & Garfunkel en Joan Baez die ze al coverden op hun Youtube-kanaal. Dan moeten de lyrics toch wat dieper graven. Ze houden ook van modernere helden als Jason Mraz, Birdy en Hozier hoewel ik ze liever hoor teruggrijpen naar het klassieke songschrijven van enkele generaties geleden.
Voor wie houdt van eenvoudige folk met harmonische zang, is ‘Holding Hands’ een kans die maar zelden voorbijkomt.
Mocht Dranouter nog een folkfestival zijn, zou het publiek daar The Woodgoes meteen in de armen sluiten.

 

Augustijn

Ja santé -single-

Geschreven door

Augustijn werkt aan een nieuw album en stuurt “Ja santé” vooruit als verkenner. Het is een ongedwongen, leuke meezinger over de geneugten van het Belgische bier. Dat komt ervan als je vader je naar een bekend merk van bier noemt. Die vader is Willem Vermandere en die mag op dit nummer een paar noten meespelen op zijn klarinet. Het nummer eindigt met een ‘dronkemanskoortje’ dat het refrein inmiddels al kan mee-lallen en veel meer pretentie heeft dit nummer eigenlijk niet.
Het is wel super leuk en live zal het de ideale ijsbreker zijn als het publiek niet meteen ‘mee’ wil.

https://www.youtube.com/watch?v=Sh0_IkNUawk

 

Meskerem Mees

The Writer -single-

Geschreven door

We hadden in een vorige review al min of meer voorspeld dat België al snel te klein zou zijn voor Meskerem Mees en we krijgen daarin al gelijk nog vóór haar album uit is. Ze won na de Rock Rally en De Nieuwe Lichting inmiddels ook nog de prestigieuze Jazz Talent Award in Montreux en verovert ook al harten in de VS. Ze wordt uitgenodigd op de mooiste showcasefestivals van het continent: van Reeperbahn in Hamburg via MaMA in Parijs tot een droomspot in de Stadsschouwburg van Groningen op Eurosonic begin volgend jaar.

Alsof we nog meer moeten overtuigd worden om volgende maand haar album ‘Julius’ te gaan kopen is er nu ook nog de nieuwe single “The Writer”. Het promopraatje vertelt dat die klinkt als een liedje dat er altijd is geweest, een klassieker van Melanie, Paul Simon, Nick Drake of Joni Mitchell en voor deze ene keer willen we dat voluit beamen. We voegen daar zelf – opnieuw – Tracy Chapman nog aan toe.

https://www.youtube.com/watch?v=ceUPydB9uAI

 

Wiegedood

Nuages -single-

Geschreven door

Wiegedood verschijnt terug ten tonele. In janurai komt hun nieuwe album uit ‘There’s Always Blood At The End Of The Road’, het eerste dat niet behoort tot de trilogie van ‘De Doden Hebben Het Goed’ waarmee ze uitgroeiden tot een wereldwijde referentie in hun genre. “Nuages” is de eerste single uit het nieuwe album en daaruit leren we dat de band maar weinig veranderd heeft aan zijn recept van wisselend super-intense en super-atmosferische blackmetal. Het is dreigend, intrigerend en bevreemdend. Prachtig.
De lyrics van “Nuages” (en van de rest van het album) gaan opnieuw niet over een klassieke blackmetal-onderwerp, maar over de smerigste en meest walgelijke aspecten van de menselijke natuur.

https://www.youtube.com/watch?v=VGYiWBzhuTg

 

My Baby

A Dream I Dream -single-

Geschreven door

Het Nederlands-Nieuw-Zeelandse trio  My Baby is nog steeds één van de meest interessante en strafste live-bands van het moment. Met hun unieke mix van rootsy hypnotische dansmuziek spelen ze alle clubs in Europa plat. Hun sound  is een stoofpotje van  gospel, blues, oude folk met rauwe seventies funk, Afrikaanse woestijnblues, Marokkaanse gnawa, Indische raga en een dosis EDM.
En ze spelen allemaal uitsluitend op gitaren en drums, zonder computers of samples. Hun nieuwe single heet “A Dream I Dream” en deze luidt volgens de band een transformatie in van groovende tribal psychedelia naar een ‘sleek, futuristic maelstrom of dreamwave pop and 90’s Bristol sound beats’.
Zelf zouden we het niet beter kunnen omschrijven. De clip bij deze single vangt perfect de droomwereld waar zangeres Cato naartoe wil. Benieuwd of dit de nieuwe marsrichting voor een volledig album is, of enkel één van de vele richtingen die deze band zomaar uit kan.

https://www.youtube.com/watch?v=D9iXcGZTNPQ

 

Chica Chica

Chica Chica -single-

Geschreven door

“Chica Chica” is de eerste track van de gelijknamige Nederlandse band. Daarin herkennen we o.m. de bijzonder getalenteerde Judith Renkema op bas en Jeroen Kant op gitaar. Deze eerste release klinkt een beetje retro-exotisch: 70’s Santana meets zweverige desertblues met een George Baker-toets. Die lust-volle gefluisterde ‘chica chica’ als enige lyrics versterkt nog het al opgeroepen beeld van een softporno-soundtrack, maar dat kan ook aan mij liggen.
Deze song overtuigt niet over de hele lijn, maar intrigeren doet hij al wel zeker. Hier wil ik meer van ontdekken en ik hoop van u hetzelfde.

https://www.youtube.com/watch?v=A_40Wq9__sg&t=1s

 

Pangolin People

Take What You Need -single-

Geschreven door

Pangolin People is het nieuwe project van Nikki Roger, de drummer van Tien Ton Vuist, maar in dit project is hij multi-instrumentalist, producer en soms ook zanger. Op de derde single-release “Take What You Need” heeft hij wel Sander Sterkens van Geppetto & The Whales als gastzanger weten te strikken. Hoewel Nikki Roger het zelf helemaal niet slecht doet als zanger, geeft Sterkens een extra soft-smoothe toets aan de al über-zomerse en een beetje sexy dreampop van Pangolin People.
Pangolin People schurkt meer dan een beetje aan tegen Tame Impala en Balthazar (zonder zeurderige zang dan), maar dat mag uiteraard. Een stuk voorbij halfweg van deze knappe single zit er een gitaarsolo die nog enigzins aan Tien Ton Vuist doet denken, maar die deze song ook netjes boven de saaie middelmaat laat uitstijgen.
Deze single gaat erover dat het leven vol zit met kleine gelukjes en dat je er zoveel kan grijpen als je nodig hebt. Deze “Take What You Need” kan voor elke luisteraar zo’n klein ‘gelukje’ van de dag zijn. Grijpen maar!

https://www.youtube.com/watch?v=nYlwwzLAGxQ&t=2s

 
Pagina 201 van 965