logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_09
Deadletter-2026...

Sjockfestival 2018 – 06 t/m 08 juli 2018 - Uitzinnige Mummies, zieltogende Dead Kennedys

Geschreven door

Sjockfestival 2018 – 06 t/m 08 juli 2018 - Uitzinnige Mummies, zieltogende Dead Kennedys
Sjockfestival 2018
Festivalterrein
Gierle
2018-07-11
Ollie Nollet

1 dag werd hier uitgepikt – zaterdag 07 juli 2018

Sjock is nog steeds het beste alternatief voor wie het rock-‘n-roll hart op de juiste plaats draagt. Ook voor deze 43ste (!) wisten ze heel wat mooie namen naar Gierle te lokken. Zaterdag was ik erbij.

De eerste band die ik zag was Wild Deuces, meteen een goeie. Energieke rockabilly uit eigen land met een hele straffe zangeres, Stefni Wijnen, die, zo te zien, heel goed wist op welk podium (Titty Twister) ze stond. Op het eind dook ze nog het publiek in om een rondje te crowdsurfen. De vraag of dit nog wel verantwoord is in deze #MeToo-tijden heb ik er niet gehoord.

Meteen daarna nog meer spektakel op de Main Stage met Labretta Suede & The Motel 6 uit Auckland, Nieuw-Zeeland. Labretta Suede leek wel het balorige nichtje van Amy Winehouse. Gehesen in een hooggesloten hotpants die haar billen de vrije ruimte liet , keilde ze meteen haar schoenen over haar rug de coulissen in en mikte ze de microfoonstandaard naar de frontstage. De toon was meteen gezet voor een wervelende show vol suggestieve bewegingen. Zo lag ze op een gegeven moment op haar rug te spartelen met een gitaar tussen de benen. Een mens zou van minder het noorden kwijt raken. En de muziek? Die mocht er best zijn. Stevige ouderwetse rock met een scheurende gitaar. Het klonk soms wat gedateerd maar dan was er nog steeds Labretta om het schip voor kapseizen te behoeden. Andere keren kwamen ze dan weer verdomd dicht in de buurt van The Cramps en daar ben ik nooit rouwig om.

Bebo and The Goodtime Boys uit El Monte, Californië brachten verrassend fris klinkende rockabilly waar het spelplezier zo van afspatte. Partytime!

The Darts (Los Angeles/ Phoenix) bestaan uit Nicole Laurenne (vocals, Farfisa) en Christina Nunez (bas), die voorheen deel uitmaakten van The Love Me Nots, aangevuld met vleermuis Michelle Balderama (vocals/gitaar) en de immer breed lachende Rikki Styxx (drums). Vier meiden op een podium, het spreekt altijd tot de verbeelding. Ook die van Jake Cavaliere (Lords Of Altamont) die zowat de ganse set aandachtig volgde. Waarschijnlijk was hij benieuwd hoe Nicole Laurenne haar Farfisa zou molesteren. Vrij klassieke garagerock waarin de momenten waarop het wat meer spacy mocht klinken de betere waren. Ze konden me minder boeien dan enkele maanden geleden op Roots & Roses, ook al omdat het pijnlijk duidelijk werd dat The Darts in hetzelfde bedje ziek zijn als The Love Me Nots destijds: te weinig degelijke songs.

Tributebands, ik moet ze absoluut niet maar voor dit Link! moet ik toch een uitzondering maken. Het gaat hier tenslotte om de geniale Link Wray en als Sjock erin gelooft, wie ben ik dan om hen tegen te spreken. Op het podium zagen we Thee Andrews Surfers (gitarist Steven Gillis, bassist Jens De Waele en drummer Bart Rosseau, allen ook actief bij Fifty Foot Combo) en Steven Janssens (Whodads, The Revelaires), één van mijn favoriete gitaristen. De eerste drie nummers schoten hun doel voorbij en hoorde ik teveel de opgeblazen sound van Fifty Foot Combo. Het koude zweet brak me al uit maar de vier herpakten zich en vonden dat toch de ware spirit van Link Wray. Ook al omdat de inbreng van Steven Janssens groter werd. Wat contrasteerde zijn bescheidenheid toch met die ondeukbare ego’s van De Waele en Gillis. Link!: een geslaagde oefening!

The Bonnevilles uit het Noord-Ierse Lurgan zorgden voor het eerste echte hoogtepunt van de dag. Beiden in een keurig zwart hemd met roze das brachten ze dynamische garageblues met een stevige punkinjectie waar geen ontkomen aan was. Uitermate strak gespeeld door een zich in het zweet werkende Andy McGibbon op gitaar en de wonderlijke drummer, Chris McMullan. Een razende set waarin de mij nog onbekende nummers uit de nieuwe plaat, “Dirty photographs”, zeker niet moesten onderdoen voor het oudere werk. Uitschieters kiezen lijkt onbegonnen werk of misschien dan toch “No law in Lurgan”, ook al omdat het op verzoek werd gespeeld. Jammer dat er achteraf geen vinyl te scoren viel.

Net bekomen van The Bonnevilles was het opnieuw raak in de Titty Twister met Messer Chups (Rusland/ Duitsland). Hun recept is bekend: terwijl op de achtergrond oude horror- en pornofilmpjes te zien zijn schudden gitarist Oleg Gitaracula, drummer Dr. Boris en bassiste, ice queen Svetlana Zombierella uiterst smaakvolle surfdeuntjes uit hun mouw. Bovendien kregen ze hier versterking van Ir. Vandermeulen uit Amsterdam die op theremin en saxofoon tekeer ging. Ondanks deze onuitgegeven bezetting klonk Messer Chups veel strakker dan een paar jaar terug op TEXtival. Ondanks een korte dip werd dit een schitterende set.

Nine Pound Hammer maakte in de eerste helft van de jaren ‘90 furore met ‘Smokin’ taters’ en ‘Hayseed Timebomb’, twee platen op het toen toonaangevende Crypt Records. Ooit kon ik het niet laten om hiervoor helemaal naar Groningen te rijden maar intussen is de liefde flink wat bekoeld. De groep uit Lexington, Kentucky bleef nochtans platen maken die ik evenwel nooit hoorde. Toch wisten ze op Sjock het oude vuur terug op te poken en klonk hun in bier gedrenkte cowpunk als vanouds. Gitarist Blaine Cartwright had zijn hardrockriffs gelukkig thuis op de sofa van Nashville Pussy laten liggen en hield het vrij snedig. Scott Luallen, nochtans uitstekend bij stem, bleek een grotere eikel dan ik ooit had durven vermoeden. Zo’n kerel die je ten allen prijze wil ontwijken in de kroeg en die hier na ieder nummer ostentatief met de hoes van de nieuwe plaat stond te zwaaien. Maar dat kon de pret niet drukken: de meebrulbare songs gingen er even vlot in als het bier! En dat onder een genadeloos brandende zon terwijl Luallen de prijs voor de grootste eikel even later nog met een straatlengte achterstand zou verliezen.

Op naar de Bang Bang Stage dan voor Los Coyote Men uit het Britse Newcastle. De groep heeft een vijftal elpees op het actief, waaronder ‘Two sides of The Coyote Men’ uit ‘99 op Estrus Records. Vier mannen in hawaiihemdjes en met Mexicaanse worstelmaskers over het hoofd getrokken serveerden ons, met flink wat chili gekruide, garagepunk waarin af en toe wat surf doorschemerde. Pretentieloos, elkaar voor de voeten lopend of de toeschouwers het podium op sleurend... Er viel genoeg te beleven, meer moest dat echt niet zijn.

Hierdoor miste ik wel The Hackensaw Boys (Charlottesville, Virginia) waarvan ik nog net de eindsprint zag. Voldoende om te besluiten dat hun bluegrass-hillbilly net zo wervelend klonk als vorig jaar in de 4AD.

Lords Of Altamont (Los Angeles) vind ik nog steeds een mooie naam hebben, hun muziek daarentegen vind ik toch net iets minder dan in hun vroegste dagen. Net als hun dresscode (zwarte jeans) klinkt het iets te stereotiep. Ok, hun fuzzy rock-‘n-roll klonk bij momenten behoorlijk ranzig en Jake Cavaliere gaat nog steeds als een wildeman tekeer op zijn Farfisa maar ik miste iets. Wat precies weet ik niet of sloeg de zenuwachtigheid voor de komst van The Mummies nu reeds toe?

Want laat ik eerlijk zijn: Sjock had een hele mooie line-up bij elkaar gepuzzeld maar ik was hier toch voor die ene band, The Mummies. In 1993 speelden ze een legendarische set in de Pit’s. Ze namen er zelfs een splitsingle met Supercharger, met wie ze toen samen tourden, op. Maar ik miste jammerlijk de afspraak wegens ziekte. Ik weet niet of ze daarna nog in België geweest zijn, in ieder geval zag ik ze nooit. Deze kans mocht ik dus zeker niet laten schieten en ik was duidelijk niet alleen met die gedachte. Hoewel The Mummies slechts een viertal lp’s, waaronder maar één volwaardig studioalbum (‘Never been caught’), uitbrachten (begin jaren’ 90) geniet de groep uit Daly City, Californië een ijzersterke reputatie dankzij de sporadische optredens die ze sinds 2003 weer geven. Hoge verwachtingen dus en die werden volledig ingelost. Wanneer de vier, allen netjes ingepakt als een mummie, het podium opstormden wist je al dat dit niet mis kon gaan.
Net als Los Coyote Men hebben The Mummies een plaat uit op Estrus Records en ook hun muziek is enigszins vergelijkbaar. Toch was het verschil in intensiteit frappant. Dit was uitzinnige garage punk-‘n-roll, erg lo-fi gebracht maar steeds op het scherp van de snee. Nummers die telkens aankwamen als een stomp in de maag waarvan ik er een paar letterlijk mocht incasseren maar dat neem ik er graag bij. Het werd een bijzonder ruw feestje daar vooraan maar ook op het podium ging het er niet bepaald zachtzinnig aan toe. Trekken en duwen en toen de zanger even op zijn Farfisa-orgeltje ging liggen rolde hij er ongewild af. Een razende set waarin we twee covers opmerkten: “Uncontrollable urge” van Devo en “Come on up” van The Young Rascals. Beter zou het die dag niet meer worden.

Met Turbonegro heb ik niet de minste affiniteit waardoor ik deze kelk aan me liet voorbijgaan.

Jameson’s Gentlemen ontstond na een jamsession op een Kroatisch rockabilly festival. Zes mannen uit evenveel Europese landen maakten er nog een rock-‘n-rollfeestje van in de Titty Twister. Goed gedaan, mooi gezongen ook maar het werd nu toch wel uitkijken naar de Dead Kennedys.
Niet dat ik hier heel veel van verwachtte. Boegbeeld Jello Biafra was er immers niet bij. Bovendien zit het er tussen beide partijen bovenarms op. Nadat Biafra een proces wegens een geschil over royalties verloor , beschuldigt hij de overige leden uitverkoop te houden. Zo noemt hij ze één van de meest hebberige karaokebands ter wereld. Maar het blijven de Dead Kennedys, één van de meest tot de verbeelding sprekende Amerikaanse punkbands, die in 1980 met ‘Fresh fruit for rotting vegetables’ een onbetwistbaar meesterwerk maakten terwijl de platen die daarop volgden niet zoveel minder waren. En met gitarist East Bay Ray, bassist Klaus Flouride en drummer Darren Peligro kwamen drie van de vier leden toch uit de originele bezetting.
De groep opende met “Forward to death”, meteen al een nummer uit “Fresh fruit...”. Helaas werd tegelijkertijd duidelijk dat zanger Ron ‘Skip’ Greer in de verste verte niet kon tippen aan de sneer van Jello Biafra. Tot daar aan toe maar de man vond het ook nog eens nodig om oeverloos te beginnen lullen over van alles en nog wat. Zo joeg hij het volk op stang door te stellen dat er op de World Cup geen voetbal werd gespeeld want dat was immers geen American football. En zo bleef hij voortdurend het volk schofferen. Dat mag best maar hier gebeurde dat op zo’n lompe, onbehouwen manier en zonder ook maar een vleugje gevoel voor humor. Het contrast met de immer spitante Biafra kon niet groter zijn en ik kan me niet herinneren ooit een grotere eikel op een podium gezien te hebben. Het boegeroep was dan ook niet van de lucht maar dat was blijkbaar niet te horen vooraan. Maar ook de overige muzikanten gingen niet vrijuit. De recentere nummers hadden meer met stadionrock dan met punk vandoen terwijl de meeste oude songs twee versnellingen te traag werden gespeeld en gebukt gingen onder talloze onderbrekingen. Zelfs het inleidende woordje tot “Nazi punks fuck off” van de drummer ging compleet de mist in.
Min of meer verdraagbaar waren de Elvis-cover “Viva Las Vegas”, “California über alles” en “Holiday in Cambodia”, dat plots wel een knappe uitvoering kreeg. Maar dan was het voorbij en het applaus, dat bleef uit. Toch kwam de groep terug (de ware punkspirit!) om “Chemical warfare” in te zetten. Nog een parel uit ‘Fresh fruit...’,  maar opnieuw veel te traag gespeeld en met een flard “Sweet home Alabama” halfweg helemaal de nek omgewrongen. Het was een gok om deze Dead Kennedys te programmeren maar zo’n debacle had waarschijnlijk niemand verwacht. Volgend jaar: Jello Biafra graag!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/sjock-2018/
Organisatie: Sjock, Gierle

Rock Werchter 2018 - dag 4 – zondag 8 juli 2018

Geschreven door

Rock Werchter 2018 - dag 4 – zondag 8 juli 2018
Rock Werchter 2018
Festivalterrein
Werchter
2018-07-08
Johan Meurisse

Op de afsluitende dag komen we aan een rits viersterrenoptredens van Nick Cave, David Byrne, Eels en NIN. Ook Arctic Monkeys kon aansluiten. Een paar beloftevolle artiesten vullen aan . Dag 4 zat erg goed in elkaar …

Op weg naar Post Malone , houden we halt aan de Barn , waar de Nederlandse van Koerdische achtergrond Naaz (Mohammed) bezig is. Ze kreeg al enkele onderscheidingen en muzikaal kan je ze linken aan artiesten als Mo , Dua Lipa, Anne-Marie en ons Emma Bale. De young lady straalt positivisme uit en dartelt over het podium . We zien bloemetjes aan haar microstatief en horen fris, speelse, sfeervolle , onschuldige popelektronica met “pretty words” en “loving love”.

Op tijd moesten we in de Barn zijn om één van die de nieuwe hiphopartiesten te zien .Post Malone is hip . Net als de Nieuwe Lichting hiphoppers doet hij het allemaal op z’n eentje . De muziek staat op band , wat hem groot maakt is nu net de melodie , de groove, de minimaal  triggerende, slepende beats en zijn indringende doorleefde vocals . Ondanks het vroege uur om zo’n artiest aan het werk te zien , had hij er duidelijk zin in  met de glimlach op het gezicht en de obligate fucks . Moeiteloos trok hij het publiek naar zich toe. Songs als “better now” , “psycho” , “rockstar” zijn verdomd goed , maar gezien alles op tape stond , zijn ze live geen meerwaarde .
Het is de performance , de act die de meerwaarde moet bieden. Intimistisch moment werd “I fall apart” op akoestische gitaar om de afgebroken relatie met z’n vriendin letterlijk van zich af te spelen , “the bitch that broke my heart” . Duidelijk dus wat deze man allemaal zingt , verwoordt en rapt …

Een ander opkomend sterretje is de frêle Noorse Sigrid , die al te zien was in de Botanique en op Pukkelpop vorig jaar. Popelektronica in een indiekleedje . Een soort dansbare , sfeervolle elfenpop . Ze heeft al een paar aardige singles uit , “strangers” , “don’t kill my vibe” en “dynamite” , die niet ontbraken en het jonge publiekje meekregen . Sigrid zit mee in de stroom van de jonge beloftevolle vrouwelijke artiesten, is speels, dynamisch ,  extravert en heeft een duidelijke présence , charisma . Mooi.

Het beloftevcolle Pale Waves wordt nogal gehypt , the big next thing , omschreven als The Cure meets Taylor Swift . Heather Baron-Gracie kan de dochter van Smith en het zusje van Taylor zijn . Ze heeft een fijn stemmetje . Muzikaal bleef hun dromerige indiepop , met een wave tintje binnen de lijntjes . Beetje onschuldig klinkt het allemaal . “Television romance”, “my obsession” , “the tide” , “there’s a honey” konden gerust hier wat meer punch en effects gebruiken ipv te berusten in subtiliteit en finesse. Pale Waves heeft spannend materiaal , maar klinkt live nog niet spannend genoeg .

Vorig jaar moesten ze verstek laten gaan , de IJslanders van Kaleo . We kregen van JJ Julius Son en C° een doorleefde sound van rootsgitaarrock, met een bluesy inslag . Luistervoer , een afternoon delight , intens broeierig en meeslepend . “Way down we go” is de meest sterke song in het oeuvre. De heren ademen een stadiongevoel, maar  hun materiaal is nog te beperkt om iedereen mee te krijgen …

Het is zondagmiddag, de zon staat hoog. Dan nog wat poppy deuntjes voor bij de koffie en je hebt de tijd van je leven. Daarvoor zorgt George Ezra wel, de jonge Brit die begonnen is aan zijn wereldreis in het muziekland en zelf nog niet weet waar die eindigen zal. Een volle Barn ging enthousiast mee in het zoete verhaal. Van “Barcelona” naar “Budapest” en richting Werchter dan maar. Een uur dat nooit verveelde en de nieuwe nummers “Paradise” en “Shotgun” klinken echt hitparade. (dank aan Michaël Bultinck)

Eerder hadden we al de belofte soulfunkende r&b pop van Jorja Smith . Ook Nao hotst , laveert en groovet in het genre met een reeks verslavende popsongs . Mura Masa klopte bij haar aan voor de single “firefly” , die hier massaal werd onthaald . Uptempo en rustige nummers wisselen elkaar af . Dampende zwoele muziek , ideaal sunday afternoon lounge, die tot de verbeelding spreekt en de dansspieren durft te prikkelen.

Een optreden van Mark E Everett is altijd iets unieks . Eels is een beleven en is nu al enkele jaren on stage een eenvoudige rock’n’roll band met een bluesy randje . Hij is één van die sing/songwriters die al veel ups en downs heeft gekend , en het telkens verhaalt in uitstekend plaatmateriaal. “Today is the day” is er eentje die je al fluitend door de dag heen helpt . Een positive vibe. Everett zegt het zelf “I had a four year breakdown , but now I’m back”.  Hij is een performer “yes , ladies & gentlemen … “; een stand-up comedian en dolt graag met z’n bandleden en z’n publiek .
Hij grossiert in z’n oeuvre en is niet vise van enige covers . Al meteen werd dit duidelijk met “out in the street“ (The Who) en “respberry beret” (Prince). De songs worden live aangepast en krijgen een rauw melodieus jasje aangemeten.
Ook onze E s heeft bij 30° nog z’n jeansvest aan, doe ‘em maar na … “The look you give that guy” is er dan eentje die druipt van melancholie . Eels wil er een leuke avond van maken en hebben spelplezier in hun materiaal . Check  de versies van “flyswatter” en “ my beloved monster” maar eens. “Novocaine for the soul” , ”I like birds” en “fresh blood” halen ze door de mangel. Fun. Deze mannen met baarden wuiven ons uit met eentje van Brian Wilson, “love & mercy” , sober , elegant , emotievol, pakkend, scherp en ruw , wat nu net garant stond  voor het Eels optreden  …Een E op z’n best!

Een erg spijtige zaak is dat Eels bijna gelijktijdig geprogrammeerd stond  met David Byrne. We konden maar een half optreden zien van deze vroegere Talking Heads frontman . Hij was er al eens bij , wel bijna veertig jaar terug . Stiekem hopen we nog eens op een reünie om ze ooit eens te kunnen bewonderen . Vanavond  kregen we een pleister op de wonde , hij wisselde TH classics af met eigen materiaal .
Na Gent Jazz veroverde hij het publiek in de Barn. Wat een originaliteit, scherpte zagen we van zijn wandelend orkest . Een perfect gechoreografeerd optreden. Straatmuzikanten leken het. Op het podium geen instrumenten, maar ze waren een harnas aan hun lijf . Dit was muziektheater , uit het brein van David Byrne . Niet voor niks had hij een brein mee in de hand …
De songs van Talking Heads krijgen net als bij Eels een andere muzikale vorm en inhoud door de sound en de moves van de muzikanten . “Here” en “lazy” zetten iedereen in gang , maar met “I zimbra” en “slippery people” zitten we op dezelfde golflengte en in de juiste groove. We werden van hoogtepunt naar hoogtepunt gedropt .Telkens verbaasd en verwonderd . Sterk . “Everybody’s coming to my house” , “every day is a miracle” of “this must be the place”,  “once in a lifetime”, “blind” en “burning down the house” , dit is Byrne , Talking Heads met een aanstekelijke world/afro groove . Veel percussie , dans en performance die de set ten goede kwam .
Wat een wervelende set…  Deze dolle zestiger is nog bijlange niet uitgeteld …

Even bekomen van deze opwindende set deden we met de DJ set van Erwan Castex , het alter ego van Rone . Deze elektrotechneut bracht ons in een ‘Game of Thrones’ universum , met een filmische component en catchy, lekkere grooves en een knipoog naar Moderat …

Nine Inch Nails - Een donker dreigende, broeierige en spannende rocksound van de invloedrijke industrial band van Trent Reznor kan het daglicht iets moeilijker verdragen.  De Barn werd dan ook volledig donker gemaakt en er werd een rookgordijn op het podium gespoten . Zweetparels parelden, maar de koele elektronica en snedige, snijdende  gitaarsounds zorgden voor koelte en verfrissing. We kregen van Trent Reznor en C°  harde , felle , slopende en slepende industrial. Knappe visuals en witte lichteffects en strobo’s sieren de sound . “Somewhat damaged”  , “wish” , ”march of the pigs” en het nieuwe “less than” dienden ferme kopstoten toe.
NIN kan putten uit een sterke backcatalogue . De set was ongemeend strak , gespannen . De songtitels zijn sprekend , “ahead of ourselves” , “God break down the door” ; “Copy of a” laat de elektronica van een Neon Judgemet doorsijpelen . 
Reznor is live een Animal , beschikt over een goed op elkaar afgestemde band en biedt een uiterst beheerste energieke show met de grote schermen achter zich. Met afsluiters “head like a hole” en het akoestisch ingezette en fel eindigende “hurt” slaat NIN genadeloos toe , met opgeheven vuist …

Als je drie keer naar Werchter komt mag je het festival afsluiten in The Barn. Was het maar zo simpel. Daarvoor moet je toch wel iets kunnen. En laat het nu net Parov Stelar zijn die heel wat troeven op tafel kan leggen. Het brein achter dit zootje geregeld is de Oosterijker Marcus Füreder. Hij dropte de ene subtiele beat na de andere en wist samen met de trompet, saxofoon en trombone de hele tent op zijn kop te zetten. Enig in zijn genre banen ze zich een weg door de hedendaagse muziekwereld. Hoe moeten we het omschrijven? Jazz, elektro, soul,swing… en sexy. Daarvoor zorgt Cleo Panther, de missing link, de mayonaise die het geheel doet plakken. Weer zo een band waarvan je jaren geleden van dacht, dat op Rock Werchter? Nooit! Dat idee hebben we ook al  gehad. Vergis je niet, 20000 feestvierders die de nacht heupwiegend ingaan en bij momenten de tent vakkundig opwarmen met eigen geproduceerd okselzweet. Dat brengt Parov Stelar te weeg bij een mens! (dank aan Michaël Bultinck)

We waren al onder de indruk van Nick Cave in het Sportpaleis . Hij hield ons in een handgreep en gaf met z’n Bad Seeds een intens puur , verschroeiend concert . Hoe intiem , breekbaar die laatste ‘Skeleton tree’ ook is , hoe wonderlijk hij emotie en rauwheid op het podium bij mekaar brengt . Ook op de Mainstage was dit het geval . Heftig , explosief en passioneel hartbrekend  … “Jesus alone” en “do you love me” vormden de aanzet , een verzengende “from her to eternity” deed het vuur nog meer aanwakkeren ; de primitieve rauwheid ging door merg en been, de song barstte uit in een geweldig opzienbarende poel van noise.
Cave performt  en is nog meer dan vroeger één met z’n publiek ; hij observeert z’n publiek,  zoekt hen op en raakt hen aan. Explosieve erupties waren te horen in de daaropvolgende “loverman” en “red right hand”. Een fenomenale band speelt gretig en scherp . Cave heeft met Warren Ellis z’n partner in crime. Hij legt zijn volledige ziel bloot en is vol overgave in de beklijvende songs.
Het sfeervolle “into my arms” en het aangrijpende “girl in amber” omarmden je ; het wonderschone “in jubilee street” grijpt bij het nekvel en houdt je vast door z’n opbouw, spanning en intensiteit .
Cave entertaint … “the wheeping song” en “stagger lee” ontpoppen zich als stadionnummers , mooi en lang uitgesponnen, de damesfans  komen het podium op en bewegen iedereen tot handclaps. 
Op het eind worden we weggewuifd met een pracht van “push the sky away”;  het sfeervolle  “ring of saturnz” prees hem de hemel in . Zijn Duivelse Goddelijkheid heeft opnieuw zijn sporen nagelaten … Kippenvelset!
… Bizar is dat er nog steeds wat ruimte is als Cave optreedt op Werchter.

Een ander deel van het publiek , jonger weliswaar , had postgevat voor de Rock Werchter afsluiter Arctic Monkeys . De band rond Alex Turner is behoorlijk hip en het nieuwe album ‘Tranquility base hotel & casino’ buigt hun rock’n’roll gehalte om naar een croonersound. Tja de gitaren zijn hier weggeduwd en toont een bredere invalshoek van de band. Een paar jaar terug lieten ze een makke indruk na , op routine , nu waren onze Elvis/James Dean lookalike (sinds The Last Shadow Puppets) en C°  beduidend enthousiast, gretig en dynamisch . Hij ontpopt zich tot een veelzijdig muzikant en grossiert in het oeuvre .
Op zich zat de set goed in elkaar. Het was wat zoeken naar de juiste afstemming , maar pittige stroomstoten en intensiteit zijn er . Sommige momenten was de band verdubbeld om de laagjes toetsen en sounds door te laten klinken . “Four out of five” , sterke single van de nieuwe plaat, opende de set . “Brainstorm” drukte het gaspedaal in en met “don’ sit down cause I’ve moved your chair “en “crying lighting” werden al gauw een paar sterkhouders gespeeld .
Het nieuwe materiaal , hoe subtiel op plaat ook , kon wat rommelig en rauw zijn , op zich goed en mooi. Maar de vaart kon er wat uit zijn. De spanning durft deels weg te ebben als je main act bent. “Cornerstone” , “knee socks” hebben hun hitgevoeligheid  . “One point perspective” valt op door zijn weelderige strijkers.
Het tempo werd net opgeschroefd met “do I wanna know” , “I bet you look good on the dancefloor” en “ru mine”. “Star treatment” bracht ons nog even in een rokerige kroeg , “arabella” en “505” lieten een erg positieve indruk na.
‘Monkees’ zagen we torenhoog op het podium . Een main act zijn ze zeker waardig , maar als  closing act van het festival iets te hoog , door de wisselende set en het beperkt interactief verkeer met het publiek ..

Deze editie was dik OK. Een mooie  selectie van het voorbije jaar en de stijl r&b/soul, hiphopacts heeft een definitief plaatsje verkregen. RW 2018 = warm weer , een relaxte sfeer , goede acts en Koning Voetbal.
Tot volgend jaar …

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Rock Werchter 2018 - dag 3 – zaterdag 7 juli 2018

Geschreven door

Rock Werchter 2018 - dag 3 – zaterdag 7 juli 2018
Rock Werchter 2018
Festivalterrein
Werchter
2018-07-07
Johan Meurisse

Op deze derde dag rockt het met de graag geziene Pearl Jam en Jack White. Ook Sons stond z’n mannetje op de Mainstage . Angèle ontpopt zich als het nieuwe sterwondertje. Jorja Smith moet nog wat warmte uitstralen op het podium . En tot slot, The Breeders en MGMT verdrinken in een poel van nonchalance en psychedelisch getune.  

Eén van de exponenten van de Nieuwe Lichting Sons drukten het gaspedaal op dit middaguur stevig in . We kregen een rits aangename  punky rockende nummers , passend bij de zonnige dag . Zij waren niet vies van een zomerse tenue . We voelden Weezer in onze nek, melodieus vaardig materiaal , charmerend gebracht,  uit de losse pols, tempowissels met leuke refreinen en  samenzang. Ze beleefden er plezier aan en hadden het publiek mee . Sons schudde iedereen wakker, het is een band vol smileys. De garagerockers hebben naast singles “ricochet”, “tube spit” sterke song als “wanted dead”, “I need a gun” en “white city” . Black Keys’ “lonely boy” werd  in een speedversie opgerafeld .
Schitterend wat deze enthousiaste vier presteerden. Sons zorgde voor een half uurtje feest op de Mainstage.

Het Britse The Magic Gang is nauw verbonden aan The Wombats en opnieuw … die Weezer. Jawel het kwartet speelt lekker in het gehoor springende popsongs , die een frisse , zonnige inslag en samenzang hebben . Niks verrassend , wel leuk …

Een glimp van Glints zagen we, het project rond Jan Maarschalk Lemmens In de Klub C . De Antwerpenaar besteeg net als andere hiphoppers alleen de stage. Hij rapt , zingt, zendt, rolt  z’n beats en allerhande sounds naar z’n publiek . Snedige elektronica , r&b  en pop vullen aan. Niet direct my cup of tea, maar hier was in de namiddag al heel wat volk op de been …

De 22 jarige Angèle is één van de nieuwe sterwondertjes in ons landje . Het zusje van Roméo Elvis en dochter van één van de Allez Allez leden , brak via Instagram volledig door  en sindsdien lacht het succes haar toe . Haar sfeervolle , dromerige , onschuldige , gezellige  reggae-ske elektropop  slaat aan . Net als vorige acts eerder op de middag ervaarden we een zomers gevoel , dartelend als een sprookjesfee over het podium met haar lichtblauwe, met wolkjes bestikte zijden badjas en haar duivelse tenue. “Loi de Murphy”, “je veux tes yeus” en de nieuwe single ”la thune” zetten de tent op z’n kop .
Een volleerde jonge artieste , die haar fans betrekt bij de nummers. Haar live band mocht er best wezen ; een jazzy inslag hoorden we. Een link naar Christine & The Queens is dan ook terecht op z’n plaats. Ohja, de debuutplaat komt pas uit in oktober. Afgaand op wat nu al hoorden, wordt dit er eentje om van te snoepen …

In de verte zagen we een deel van Stereophonics , snedig rockend op de Mainstage . Ze zijn er nu terug bij . Een nieuwe plaat , een verfrissende sound én de hits  als “have a nice day”, “dakota”, die later in de set volgden …

The Breeders van de zusjes Kim en Kelly Deal maken er graag een leuke , rommelige, amateuristische boel van . Na elk nummer moest er van gitaar gewisseld worden,  ze opnieuw stemmen, enz.  Het gebeurt allemaal met de glimlach terwijl de twee andere , de bassiste en de drummer geconcentreerd wachten wanneer de 2 zusjes klaar zijn . De vaart is er natuurlijk telkens uit , maar zo kennen we eigenlijk al jaren deze band ; na dertig jaar zijn ze nog maar weinig veranderd , ze klinken rauw melodieus , ongepolijst en lekker ontstemd  met effects . Ze hebben een uitgebreid oeuvre en hun laatste materiaal is op zich niet slecht . Maar we houden van die oudjes “no aloha” , “divine hammer” , “do you love me now” en die instant klassieker “canonball” , die de Barn in beweging bracht en kon rekenen op een sterke respons. Kim’s stem is fors ingeboet door de jaren , check maar eens als ze “Gigantic” van The Pixies probeert. Zus Kelly en Josephine Wiggs kregen vocaal ook wat ruimte.
The Breeders zijn nog steeds The Breeders , leuk, ludiek , fun, nonchalance, weinig regels en enkele krachtige stroomstoten.

We nemen nog iets mee van Stone sour op de Mainstage , een spin-off van Slipknot door Corey Taylor. Hun rock’n roll (prog) metal klonk broeierig , gedreven, door de rollende drums , de diepe bas, de felle gitaren en de schreeuwzang , én toch  weet het ons onvoldoende te raken . Niettemin deed Taylor z’n uiterste best om hier fans te kunnen te strikken.

Ooit was MGMT een hip en relevant groepje die met aanstekelijke singletjes “time to pretend”, “electric feel” en “kids” een frisse wind joeg in het hitparadelandschap. En zovele jaren later lijft het hierbij, gezien het hitpotentieel van de volgende cd’s tot een minimum is herleid en meer geleest is van een psychedelisch ‘space’ vaatje zonder weerhaken . Een volle Barn zat écht te wachten op deze fijne riedeltjes.
Ze lieten ons heerlijk wentelen in hun wereldje  met die projecties; leuke interventies soms als op “she works out to much” op de hometrainer. De spanning daalde met momenten door die dromerige synthjazz, kitsch  en caleidoscoop geluiden .
Vroeger leek het erop dat MGMT bands als Flaming Lips en Mercury Rev zou voorbij hollen, niks is minder waar . Een knipoog is er verder met een Giorgio Moroder  , Sébastien Tellier en op “me & Michael” een 80s Pet Shop Boys. “Kids” in een ‘extended version’ redde de boel en deed de tent volledig uit z’n dak gaan ..

Eén van de nieuwe r& b wonders  is Jorja Smith . Een warme , sfeervolle sound van zwoele hiphop en 70 soul/ funk/ /jazz/r&b , die door haar sterke stem in het genre, werd beklemtoond met een nummer als “blue lights” . Een coolness straalde ze uit . Wat meer vaart gaf ze met het clubby “on my mind” dat deels voor een partysfeer zorgde . Vooral een laidback gevoel ervaarden we. Talent genoeg , maar kwam deze artieste niet beter tot haar recht op een Gent Jazz …

Veel volk om de ex-surfer Jack Johnson aan het werk te zien . Hij heeft al een pak platen uit. Hij was uiterst content om hier met vrienden collega’s Jack White en Eddie Vedder het podium te delen . We kregen een rits aangename ,  rustige voortkabbelende nummers te horen van de sing/songwriter, die gezapig tokkelde op z’n akoestische gitaar . Samenhorigheid is een kernwoord. Een strand/laidback wisselde hij af met meer (blues) rock. En maar al te graag ging hij in op de wensen van het publiek via de omhooggestoken bordjes  . Op het eind speelde hij op  akoestische gitaar een kampvuur nummer “constellations” , Pearl Jam frontman Eddie Vedder  vergezelde hem,  wat door het rockminnende publiek sterk werd onthaald …

Een uitgebreid combo was te zien op de Slope, Durand Jones and The Indications uit Louisiana ; ze brengen intens broeierige , doorleefde sfeervolle roots/soulamericana . Een lounge laidback creëerden ze , aangenaam luistervoer ,  een soort ‘nachtwachtwel’ met een knipoog naar Charles Bradley.

‘Rock’n roll will never die’ als het op Jack White neerkomt . Anderhalf uur lang werden we ondergedompeld in zijn gitaarvirtuositeit ; surplus zijn band die op scherp speelt , twee toetsenisten, een bassist en zijn coole drumster Carla Azar, die bedreven , beheerst het drumstel geselt en mept. Hun kledij en de aankleding op het podium is zwart en wit .
Jack White laat de muziek knallen. Hij ontrafelt zijn songs en plaatst ze opnieuw in hun context . Een verbluffend staaltje . Als een Tom Morello van RATM. Hij bijt ze vocaal van zich af. 
De songs ondergaan dus verrassende wendingen . “Over and over and over” en “lazaretto” vormen  de vuurlinie. Naast een handvol eigen songs uit zijn drie platen (net uit: ‘boarding house reach’) brengt hij materiaal van z’n vroegere White Stripes en  van zijn nevenprojecten Dead Weather en Raconteurs . De songs vloeien in elkaar over . Eventjes wordt de gitaar opzij gezet en speelt hij piano of drumt hij mee . “Hotel Yorba”, “fell in love with a girl”  en “my doorbell” zijn maar enkele oude WS bekenden.
Als losgeslagen buffels gaan het combo tekeer . “I cut like a buffalo” is dan ook z’n plaats ; een snijdend scherp “steady as she goes” wordt lekker uitgesponnen . Na een sterk bedreven “sixteen saltines” volgen uptempo’s van “icky thump” en klassieker “seven nation army”, die de wei in beweging brengt. De ADHD trein van Jack White komt dan tot stilstand. Wat een daverende set …

Tot slot Pearl Jam op de Mainstage… misschien niet meer echt verrassend, maar hun intense solide rock blijft boeiend en de tand des tijds doorstaan; de nieuwe single “can’t deny me”, een protestsong tegen Donald Trump , is het eerste in vijf jaar van de band uit Seattle . Stevige rockers worden afgewisseld met mooie slepende ballads, die staan als een huis .
De set was nauw verwant aan hun vorige optreden op Rock Werchter; Vedder sprak een tekst in gebroken Nederlands. De ‘R’ van Rock Werchter  wordt een twee uur lang op z’n plaats gezet .
De muziek van Pearl Jam is er van ongekende hoogtes van vijf klassebakken . Pure rockmuziek , rechttoe-rechtaan, zonder al te veel tierlantijntjes.  Pearl Jam , al meer dan 25 jaar hun eigenste zelve. Topklasse dus .
Voldoende afwisseling was er in hun backcatalogue. Check maar even de setlist.fm van wat ze allemaal speelden . Vedder draagt het publiek (van RW) in zijn hart . Na een semi-akoestische start , kan het gitaargeweld beginnen met “animal” en “do the evolution” . Al snel volgen twee covers “insterstellar overdrive” (Pink Floyd) en “kick out the jams” van MC5 , met Wayne Kramer en C° op het podium , die de avond voordien te zien waren op het Sjockfestival .
Weinig tijd is er om op adem te komen . Het tempo blijft strak , “even flow” , “given to fly” en de huidige single “can’t deny me” volgen . Vedder is de muziekminnende vriend , hij draagt het bedreven “spin the black circle” op aan Jack White en aan Nick Cave “alive” , in de bis; het zijn mensen die hij maar al te graag ontmoet . “Porch” onderstreept de gitaarvirtuositeit van de band en een gelukzalig gevoel ontstaat er op “imagine” van John Lennon . Hier komt Jack Johnson op z’n beurt een handje toesteken . De Ramones cover “I believe in miracles” moet de Rode Duivels helpen tegen Brazilië ; “Black” (de nummer 1 top 100 StuBru) en “rearviewmirror” zijn gedroomde closing finals. Geen “yellow ledbetter” om definitief af te sluiten , maar een The Who cover “Baba O’Riley” fietst ons naar huis …
Heel wat covers kruisten de backcatalogue van Pearl Jam vanavond . Ze speelden een vertrouwde set tijdens hun vijfde passage  , zonder al te veel poeha. Pearl Jam bracht de massa bijeen en heeft met Vedder  een leadzanger die als een Kravitz liefde en samenhorigheid predikt . Benieuwd wat de nieuwe plaat zal zijn, zoals ze nu venijnig scherp klinken …

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Rock Werchter 2018 - dag 2 – vrijdag 6 juli 2018

Geschreven door

Rock Werchter 2018 - dag 2 – vrijdag 6 juli 2018
Rock Werchter 2018
Festivalterrein
Werchter
2018-07-06
Johan Meurisse

De Rode Duivels kegelden Brazilië tegen de vlakte. Een samenhorigheidsgevoel alom . Muzikaal werd de tweede dag gekenmerkt door comebacks en best offs van Air Traffic , The Kooks en Snow Patrol op de Mainstage . London Grammar tekent voor warme knuffels , na de winst van onze Belgen,  en de Killers weten er een geslaagde Las Vegas story van te maken door de mooi uitgekiende setlist. First Aid Kit , Angus & Julia Stone  en Ben Howard zijn de artiesten die dingen naar een plaatsje hogerop. Wat een dag …  

De sfeervolle Britpop van Courteeners waait wat over ons heen want het was op tijd te zijn om de 26 jarige Tom Walker uit Manchester aan het werk te zien in de Klub C. Tja of het nu dertig graden is of niet , de man is gekleed alsof we definitief de winterperiode tegemoet gaan met jeansvest, boots en  wollen muts aan . De sing/songwriter staat met 5 op het podium en heeft met “leave a light on” een monsterhit uit . Die song springt in het oog , heeft een Passenger gehalte en doet de smartphones en lichtjes aanslaan . Een magisch mooi moment. Het andere materiaal ademt meer rootsamericana en sluit aan bij een Nathaniel Ratecliff . Hij heeft een sterke indringende , doorleefde stem , kan hoog uithalen en doet dan denken aan de andere imposante figuur Rag’n’Bone Man. Dit was Rock voor Romantici.

Het Britse Air Traffic heeft in de namiddag al veel volk vergaard aan de Mainstage . Na hun doorbraak tien jaar terug , kapten ze er  iets later mee, om dan vorig jaar met frisse moed er opnieuw tegenaan te gaan . Jawel , ze zijn nog steeds immens populair , driemaal waren ze te zien in het Depot , Leuven en twee keer in de AB, Brussel. Er staat nieuw materiaal op het appèl . Hun gevoelige Keane indiepop van fris , tintelende gitaren en emo-piano slaat sterk aan . Er schuilt ook een beetje Muse in de sound , maar bombast en overacting worden weggeduwd.
We kunnen hier ook al spreken van nostalgie voor dertigers . ‘Fractured life’ werd volledig voorgesteld , met “Charlotte”, “time goes by” , “just abuse me” , ”no more running away” en “shooting stars” als absoluut hoogtepunt . “Almost human” luidt de comeback in en sluit naadloos aan op hun vroeger materiaal . Geen verrassingen , Air Traffic blijft goed , een Koud (heu) kunstje muzikaal van een charismatische band .

Of Wolf Alice nu op zijn plaats stond met Foo Fighters , laten we in het midden , maar de Britse band komt pas echt tot zijn recht op een kleiner podium , zaaltje en is eigenlijk meer een Pukkelpop band . Niettemin , de Slope was een juiste keuze voor hun scherpe , melodieuze indierock/postpunk. Ze laveren ergens tussen PJ Harvey, Blood Red Shoes Florence , Cocteau Twins en Cranberries in . Rauwheid en subtiliteit gaan hier samen . Noisy erupties sieren . In de korte set werden bizar genoeg een paar sterkhouders weggelaten als “bros” , “freazy” en “fluffy” , wat op het eind gecompenseerd werd door “you’re a germ”, “visions of a life” en “giant peach”. Wolf Alice blies vroeger iedereen weg , nu ademen ze friste, niet meer , niet minder …

Nostalgie voor dertigers troef deze namiddag … Het Britse The Kooks zijn ook al toe aan een ‘best of’ in hun tienjarig bestaan . Op de Main stage werd hun poprock door het publiek gretig ontvangen … “ooh la” , “she moves in her own way” , “seaside” , “always where I need to be”, “junk of the heart” en “naïve”, het zijn een handvol songs die de wei in beweging brengen . De nieuwste singles “all the time”, “four leaf clover” van de binnenkort te verschijnen cd  speelden ze voor één van de eerste keren . Broeierige , opzwepende rock , integer semi-akoestisch of niet , Luke Pritchard en C° hadden er zin in … en U ook …

Een afgeladen volle Barn voor het Zweedse First Aid Kit . De zusjes  Klara en Johanna Söderberg zijn uitgegroeid tot een grootse band en de dames zijn een graag geziene gast in ons landje . Hun dromerige , melancholische en broeierige folkyrootspop intrigeert en wordt op radio 1 op handen gedragen . Ze hebben al een pak singles uit en de aandacht wordt meteen gescherpt door de huidige single “it’s a shame” uit de nieuwe ‘ruins’ . De zangpartijen, het tintelende , tokkelende , huppelende gitaarspel en de perfect op elkaar afgestemde band geven een boost.
First aid kit raakten en hebben een boodschap met inhoud . We worden maar al te graag meegevoerd in hun fraaie , warme , romantische kleurrijke sound , die helder indringend is . “Stay gold” , “postacard” , “Emmylou” en “my silver lining” , als closing nummer,  zijn heerlijk genietbaar en enthousiasmerend. Een blaasinstrument vult aan .
Er zit pit in hun live uitvoering . En dan een  knipoog naar Kate Bush met een knappe uitvoering van haar “running up that hill”. Puike prestatie opnieuw .

Met Curtis Harding duiken en graven we ons in die ‘70s retro , soul en P-funk met gospel invloeden .  Hij is een begenadigd artiest , haalt heel wat uit zijn gitaar , varieert in zijn vocals  en creëert met z’n band een bedwelmende , dampende, groovende sound die een wervelend duik nam in de popencyclopedie. Ideale muziek bij avondval …

Na de zusjes van First aid kit , zijn nu broer en zus Angus & Julia Stone in de Barn . Op de festivals is het publiek als de band er steeds graag bij . Een goede vier jaar zijn ze terug bij elkaar . Muzikaal niet nieuws onder de zon , de band voert ons mee in hun hippe , psychedelische freefolk . Het klinkt van de twee aangenaam , vredig , liefdevol , gedienstig . De leadvocals wisselen ze af en ze  stralen een samenhorigheidsgevoel uit . Het is een freewheel van “draw your swords” , “snow”  en “Oakwood” .  Hij rockt , zij folkt , een ideaal evenwicht . Het brengt ons verder naar het prachtige breekbare “for you” en de classic cover “big jet plane” , die iedereen samenbrengt. ‘Feel free’ , ‘feel good’ met deze indiefolkies …

Het Noord-Ierse Snow Patrol liet maar liefst zeven jaar op zich wachten . Gary Lightbody had nu wel niet de meest ‘luckiest time of his life’ . Hij bijt van zich af op het recente “wildness”. Net als de voorbije acts , kregen we van deze ‘nillies band ‘ een ‘best of’ , met verder enkele ‘new ones’ als “empress” en  die wereldsingle “don’t give in”, die al vroeg in de set stond . Lightbody klinkt hier intens doorleefd als Springsteen. Hij genoot met volle teugen van de respons , zijn ogen fonkelden , de goesting en gretigheid droop er vanaf .
Snow Patrol is back en classics “called out in the dark”, “open your eyes”, “run”, “shut your eyes” en “chasing cars”  werden moeiteloos meegezongen. Afsluiter “just say yes” was de ideale opwarmer voor onze Rode Duivels , die hun match aanvatten tegen Brazilië . En onze Gary had al de juiste shirt aan …   Het publiek was ingepakt en kon wegwezen …om de match te zien op het grote scherm aan de Slope …

Ben Howard kreeg ondanks de match een pak volk in de Barn Na euforie en tristesse op z’n vorige platen met een rits singles “the fear” , “keep your head up” is er nu op de nieuwe ‘noonday dream’ een mijmerende zoektocht , die een reeks filmische, sferische , uitgediepte sing/songwriting oplevert. Ben Howard  zit geconcentreerd, voorover gebogen , aan z’n strak gespannen gitaarsnaren, om elk geluidje tot z’n recht te laten komen .
Een uitgebreid combo begeleidt hem . Sober worden de nummers opgebouwd , en keys, viool, flutes , elektronica doen hier hun werk . Howard voert ons mee in een adembenemende donkere tocht van “murmurations”, “a boat to an island on the wall”, “towing the line”  en “nica libres at dusk” , vier  puike recente nummers. Een oudere single “I forget where we were” wordt toegevoegd . Mooi natuurlijk wat hij allemaal uitvoert , het is hier stil genieten, terwijl buiten iedereen al uitgelaten is van de eerste goals van de Belgen …

London Grammar had ook al af te rekenen van het Rode Duivels syndroom . Hun integere, breekbare pop wordt ergens middenin de set gekruist met de euforie van de overwinning. Hannah Reid liet zich niet van haar stuk brengen  en speelde er zelfs op in “Football , it’s coming home” . Het groovy “nightcall” kwam net op tijd  met z’n beats .Een warm applaus volgde . Tja, wat een tegenstellingen, je kon ze niet op voorhand weten … weemoedige elektronische trippoppende (piano) ballads , sober en mooi uitgepuurd , worden  gedragen door haar helder innemende stem ; “wasting my young years” zette de toon, “rooting for you” huiverde , “strong” , “oh woman oh man” benevelden, en op “metal & dust” werd op behouden wijze elektronica geweven. London Grammar zorgde voor warme knuffels op die historische overwinning …

De ‘Las Vegas story’ van The Killers was er eentje van glamour & glitter . De lichtjes flikkerden op deze band . Een afgetrainde , good lookalike Brandon Flowers viel op . Afgaand op het fletse materiaal van hun platen , zijn het de singles en enkele sterkhouders die ‘em moeten doen . En dat werd ook zo . De band speelt op scherp.
Flowers is tevreden hier terug te zijn. Het was verdomd al een tijdje geleden . Flowers entertaint z’n publiek  en brengt hen dichterbij de band . “Somebody told me” opent . “Spaceman” klinkt extravert . Het publiek is mee . De band wordt sterk onthaald . Gretig gaan Flowers en C° verder . 
Een aanstekelijke frisse set krijgen we. The Killers rocken dus , “run for cover” , “read my mind”  en “when you were young” zorgen ervoor dat het Belgen-feestje kan doorgaan . Tussen in krijgt een fan de kans om eens te drummen aan de zijde van Ronnie Vannucci , maar dat valt letterlijk in het water . Wat nu ook bedoeling was , verstaan we niet . Bon soit. “Human” en “Mr Brightside” in elektronica en rockversie , doen de massa uit hun dak gaan . The Killers maakte een sterke passage op Werchter …

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Rock Werchter 2018 – dag 1 – donderdag 5 juli 2018

Geschreven door

Rock Werchter 2018 – dag 1 – donderdag 5 juli 2018
Rock Werchter 2018
Festivalterrein
Werchter
2018-07-05
Johan Meurisse

We herinneren ons een Rock Werchter dat opnieuw Rockte als vanouds met veel goede, overtuigende concerten … vertrouwd, leuk , gezellig, aangenaam en spannend , met een ferme adrenalineboost … En warm , heet … Een hittemeter op Tien …

Rock Werchter 2018 – Een kleurrijke editie – Met een belangrijke rol voor onze tricolore . Koning Voetbal regeerde
Rock Werchter 2018 - aandacht voor gerespecteerde waarden, artiesten , opkomend talent, Eigen Werk en De Nieuwe Lichting. De dance is beperkt. De closing acts , gevarieerd in hun genre, overtuigden .
Rock Werchter 2018telde 85000 bezoekers op dag 1 en was goed voor 88000 bezoekers  de andere dagen ,  met een pak nationaliteiten … Het blijft Vlaanderens meest prestigieuze en het best georganiseerde festival ter wereld …
Vier stages … The Slope als bijkomende , mooi ingericht , versierd, fijne bar, …

Keuzes moeten worden gemaakt …Festival meer dan ooit …meer groepen, meer terrein, meer ruimte voor de bezoekers , meer mooie momenten … De grote tenten kregen sinds drie jaar een nieuwe outfit – strak gestyleerd , met een knipoog naar het Sportpaleis.

Rock Werchter - Rust en geniet plek - Meer dan Muziek – Comfort - Een entree in multicolour, de multifunctionele helling aan de Slope, banken, een uitgebreid assortiment van lekker eten en drinken , bars, togen en eetstandjes waren echt mooi ingericht.

Rock Werchter is en blijft een festival van alle leeftijden, jong en oud houden er hun eigen bands en stijl op na. Een gevarieerde affiche, een tevreden publiek …

Summer starts here...
Een overzicht van ons parcours – Cheers mate!

dag 1 – donderdag 5 juli 2018
Twee headliners op 1 avond , de Queens en Gorillaz , met een knipoog naar elkaar.
Een verschroeiende hitte  en een hittemeter op het parcours met uitschieters Steven Wilson en BRMC op de bijkomende stages …

Het Californische Rival Sons kon de wei wakker schudden en het stof doen opwaaien met broeierige , stevige 70sretrorock . De band onder Jay Buchanan ging gretig te werk met songs “electric man” en “pressure and tile” . Door toedoen van keys en zijn stemvariaties klonken referenties aan Led Zeppelin, Black Crowes en Soundgarden door . In de sfeervolle aanpak , midden de set, durfde de spanning deels dalen ; de grungy licks bouwden terug op tot een mooi geheel met o.m. “open my eyes” en “keep on swinging”.

Beloftevol klonk het Australische Gang of youths, die het publiek naar zich toe probeert te trekken . De songs kregen live een extraverte tint , de gitaren klonken lekker,  sierlijk , scherp. De groep kon zich nog niet voldoende onderscheiden , maar kwaliteit genoeg om het in Europa te kunnen maken met een song als “what can I do if the fire goes out”, die tipte aan The National.

Hiphop is ‘in’ … met Rae Sremmurd hadden ze er vandaag eentje op de Mainstage. ‘Pretty hard feelings’ rolden en donderden door de beats en groovy geluiden , twee rappers en een DJ, en tussen in wat MCs , die kwamen meebrullen , waren de sfeermakers op het podium. “Black beatles” knalde en deed de temperatuur nog wat stijgen. Niet direct my cup of tea, maar al heel wat volk op de wei liet zich makkelijk verleiden .

Uiterst genietbaar klonk Steven Wilson met z’n band . We werden gecharmeerd door de kunde , de perfect op elkaar ingespeelde ritmesectie , de uitgesponnen classical progrock stukken, de zacht- harde gitaarsoli , de spooky synths en de huiverende clips op het achterplan. Het zijn meestal miserabele songs , liet Wilson ons weten , “pariah” toonde Ninet Tayeb op het scherm en z’n Porcupine Tree kregen we met een “the creator has a mastertape” en “sleep together” ; eentje , “permanating” , sprong eruit met een positieve dominantie.
Een sterk staaltje muziek , die ons meetrok en – zoog naar het tijdperk van Pink Floyd , Yes met een grote liefde voor de eigen ambacht . Gerelateerd is hij aan Zweedse Opeth , die we een paar jaar terug zagen op Pukkelpop, en die op hem beroep deden  als producer.

Een uur lang loodsten de Britten van Vaccines ons door hun zonnig zomerse ‘huppeldepup’ rock , fris borrelend , die een wei/wij gevoel creëerden. The Vaccines kitesurften door de set als een  Beach Boys op hun surfplank  met sterkhouders “wreckin’ bar”, “teenage icon” , “wetsuit”, “post break-up sex”, “norgaard” , “if you wanna” en I can’t quit” . Leuke nummers, leuke refreintjes , leuke deuntjes … en meezingmomenten . Altijd wel een beetje hetzelfde , maar goed, lekker verteerbaar .

The Barn was afgeladen vol voor Black Rebel Motorcycle Club . Warm, heet of niet , hun coolness behouden ze in zwart leren jekkers en bezweette bakkenbaarden. Het gaf hun donker gedreven , bezwerende , gruizige garagerock’n’roll elan. Shoegaze en psychedelica zit verweven net als die bluesy elementen. De drie waren sterk op elkaar ingespeeld, speltechnisch en in zangstijl . Een verdomd sterke set van intens doorleefd , broeierig , spannend en meeslepend materiaal als “little thing gone wild” en “king of bones” van de nieuwe plaat ‘wrong creatures’ ; verder “beat the devil’s tattoo” , ”ain’t no easy way”, “stop”  en killers “spread your love” en “whatever happened to my rock’n’roll”. Een rock’n’roll attitude en de titels in hun naam BRMC staan allemaal op hun plaats … de Rock van Rock Werchter doet z’n naam alle eer aan …

Anne-Marie - Na enkele jaren in de anonimiteit was het tijd voor het grote werk. Anne-Marie is één van de vaste stemmen van Rudimental en aan de zijde van Sean Paul kennen we haar ook van Rockabye. Een charmante jonge dame met een scherp kantje. Een ingrediënt die we graag hebben op Rock Werchter, denken we maar in het verleden aan Lilly Allen, K$sha, Tove Lo,… “Let Me Live”, “Rockabye” en “Friends” varieerde een set die nooit verveelde. Een eerste temperatuurstijging in KluBC op donderdag was een feit. (dank aan Michaël Bultinck)

In de grunge periode maakte Alice In Chains een turbulente periode door . Een succesalbum , ‘Dirt’ en een verslavingsproblematiek die twee groepsleden velde (Layne Staley en Mike Starr). De band stak meer metal in zijn sound en produceerde  een donker, grauw geluid van slepende , gedreven , rauwe gitaren , drums en diepe basses . Maar al te graag werden we gekatapulteerd naar die 90s. Cantrell heeft een goed maatje nu , William DuVall , sinds de band heropgericht is in 2005. “Bleed the freak” , “no excuses” , “would” en “rooster” zijn sterkhouders en het en het nieuwe “the one you know” van de binnenkort te verschijnen cd ‘rainier fog’ sluit naadloos aan op hun unieke grungemetal. Stabiliteit in hun nostalgie dus .

Het tempo werd nog opgedreven door At the drive in (nu zonder koppelteken) . De band kenmerkte zich rond 2000 met snedige , driftige , hyperkinetische songs omgezet in energie en ‘raw power’. ‘Relationship of command’ staat dan ook in het geheugen gegrift , met een “arcarsenal”, opener, “pattern against user” en “one armed scissor” , op het eind te horen . Een goede twee jaar terug kwamen ze weer bij elkaar , de reünie hield halt in de AB, Rock Werchter en Pukkelpop. Invloedrijk waren ze , godvergeten zijn ze nu bij een jonger publiek op de festivals.
Een hectisch , chaotische sound kregen we  van een strak spelende band,  met zanger Cedric Bixler-Zavala en gitaarwonder Omar Rodriguez-Lopez voorop. Net als bij Tom Morello van Rage hoorden we een kruising van stijlen, ingenieuze, verrassende wendingen en tempowissels . Cedric Bixler-Zavala was soms een losgeslagen zanger . De nieuwe plaat ‘in-ter-a-li-a’ sluit naadloos aan op het ouder werk met o.m. “hostage stamps” en “no wolf like the present” (en die levensgrote wolf zagen we op het achterplan op een groot doek). Strakke set voor de trouwe fans .

De Amerikaanse rapper Vince Staples doet het hier op z’n eentje . De sounds , hiphop , r&b , soul , drum’n’bass en beats klinken goed door . Hij rapt , beweegt , maakt onverwachtse sprongen en hurkt zich; hij palmt op die manier de eerste rijen in met “little bit of this” en “ghost” . Bij acts als Staples is het de performance die het ‘em moet doen ; hij slaagde daar goed in . Het gaat erin als zoetenkoek , maar al bij al is het magertjes in z’n geheel. Not really my cup of tea , maar het jonge publiekje ging er wel voor …

Eventjes James Bay bekijken . Een paar jaar terug was de man solo in de Botanique , met een rits dromerige, gevoelige popsongs , gedragen door z’n emotievolle vocals . Intussen zijn de nummers gegroeid , een sing/songwriterschap die breder van opzet is geworden ,  zonder de popmelodie te verliezen . De songs zijn uitgediept nu . Gelukzaligheid noteerden we bij de meezingbare refreinen van sterkhouders “wild love”, “us”, “let it go” en “hold back the river”.

Een talentvolle sing/songschrijfster binnen de alt.country/americana is de jonge frisse verschijning Jade Bird uit Londen . Loretta Lynn en Patti Smith inspireerden haar . Alleen op het extra podium The Slope , trouwens  mooi versierd, wist ze met haar akoestische gitaar, foottics en haar indringende stem te overtuigen met o.m. het mooie “lottery” en een Pixies cover. Beloftevol .

De Queens – Queens of the stone age zijn graag gezien gasten . Het optreden in het Sportpaleis nu en op Pukkelpop , een paar jaar terug,  blijft in ons geheugen . We zijn twee platen verder , ‘.. like clockwork’ en ‘villains’. De band klink homogener dan ooit . Een goedgeluimde zanger Josh Homme doet veel op de rest van de band om hun strakke en fijngevoelige gitaarrock te laten slagen .
En vanavond zat het er boenk op , “do it again” , “the lost art of keeping apart” en “go with the flow” brachten publiek en band meteen op dezelfde golflengte . Ook de nieuwe “feet don’t fail me” en “the way you used to be” moeten live niet onderdoen .  Homme is bij de pinken . Hij ziet een Spiderman op de hoofden surfen en roept ‘em bij zich , “you think I ain’t worth a dollar , but i feel like a millionaire” wordt ferm wat kracht bijgezet . Een bordje ‘we fuck to QOSA’ krijgt een vergeldend antwoord .
QOSA mag dan eventjes de spanning doen dalen , ze hebben goed nagedacht over  de setlist, spelen straf en grijpen bij het nekvel . “No one knows” kreeg een ferme drumsolo , “make it with chu”  huppelt voorbij en “little sister” , “a song for the deaf” dienen mokerslagen toe . Kortom , dit was een supervette show;  krachtvoer  van deze Queens.

Marshmello - Een relatief jong gezicht in de hedendaagse dance-scene. Net zoals Deadmau5, die in 2012 nog op vrijdag het hoofdpodium mocht afsluiten , blijven ze in de anonimiteit door het masker op het podium. Marshmello sloot af in de Barn. Een rollercoaster van grote danshits van vroeger en nu verweven met een onvermijdelijk vleugje dubstep. “Heads Will Roll”, “Do you think you ‘re better off alone”, “Everytime Whe Touch”, “Save The World”, … allemaal werden ze bewerkt door de onbekende dj achter de draaitafel.
Een waar spektakel met CO² blazer, confetti, vlammenwerpers en projecties. Hoogtepunt: Marsmello met de hulp van Anne-Marie om samen hun laatste nieuw succes te brengen, “friends” . Samenhorigheidsgevoel! Dat deed Justice hen al voor maar daarom niet minder aanstekelijk. (dank aan Michaël Bultinck)

Tot slot Gorillaz – het was opnieuw heerlijk vertoeven in de muzikale speeltuin van Albarn en C° , die voor de eerste keer postvatten op Rock Werchter. ‘Humanz’ mag dan fletser zijn dan hun vorige materiaal , Gorillaz stond in voor een totaal beleven . Eerst een deeltje Albarn op z’n Blurs,  in een hoofdrol, songschrijver, publieksmenner en multi-instrumentalist (gitaar/melodica/organ) met onversneden rock, “M1A1” en “tranz” of het melancholische “tomorrow comes today” .
Albarn zag er moe , afgeleefd uit , maar hij bleef de spring-in-‘t-veld , de bezige bij, hollend van de ene naar de andere kant met een sterk spelende band en gospelkoortje die een voorname rol opnamen. Visuals van de hand van Jamie Hewlett ondersteunen de muziek; de avonturen van 2D, Murdoc, Noodle en Russel , die zo’n belangrijke rol spelen in de clips , waren ietwat weggeslagen hier; de aandacht was meer afgeleid door de beelden van de band  . Een karrevracht aan artiesten werden losgelaten , muzikaal wuifden Basement Jaxx en Major Lazer speels en feestelijk om de hoek. O.m. Jamie Principle , De la Soul crew en de beloftevolle  Little Simz , die opdook in het prachtige ‘grime’ trancegerichte, groovy, aanstekelijke “Garage Palace”.
We hadden een soort Gorillaz in vlees en bloed , een full band , combo dat voortstuwt op  hiphop, funk, soul, r&b, reggae , beats en dance . O.m. “humility” en “melancholy hill” dreef ons op een wolkendek , een Snoop was te zien op de projecties en een voortreffelijk “stylo” en “feel good inc” (met die ongelofelijke lach) volgden.
Vermoeid of niet , Albarn geeft het beste van zichzelf , biedt ruimte voor improvisatie en zingt nog een supporterslied voor onze Eden Hazard , met de match van de Rode Duivels in ‘t verschiet tegen Brazilië . “Lake Zurich” pompt , dreunt nog eventjes door , “saturnz  barz” brengt ons opnieuw in de juiste Gorillaz stemming en tot slot op “clint eastwood “sluit Damon af , samen met een springende Del tha Funky Homosapien.
Na het gracieus concert in Vorst, kregen we hier een wondermooi optreden op het festival …

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Gent Jazz Festival 2018 - Final day. De tent was wederom te klein

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2018 - Final day met The Roots - De tent was wederom te klein
Gent Jazz Festival 2018
Bijlokesite
Gent
2018-07-08
Jasper Vanassche

De laatste dag Gent Jazz was er eentje om in te kaderen. Alle registers werden opengetrokken, hiphop kreeg een prominente plaats, en geen enkele artiest stelde teleur. Kortom, de tent was alweer te klein.

Laat ons beginnen met de Garden Stage, waar aanstormend talent een half uur de kans kreeg om het jonge, enthousiaste publiek te overtuigen. Darrell Cole, wereldburger en geboren entertainer, mocht de spits afbijten. Met “Based on a True Story” opende hij sterk, en via zijn spitsvondige teksten vertelde hij ons zijn eigenaardige levensverhaal. Geboren in Londen, verhuisd naar Sierra Leone en uiteindelijk in België beland, waar hij zich duidelijk in zijn sas voelt. Dansen en springen, letterlijk iedereen bewoog op zijn aanstekelijke beats.

Ook K1D liet ons zweten. Luid, rauw en hard, een soort Run the Jewels op speed. StuBru, als jullie dit lezen, pik dit op! Tenslotte was er Dvtch Norris, de 25-jarige Antwerpenaar die samen met Coely doorbrak in België en ver daarbuiten. In Gent bevestigde hij met een explosieve set, het hiphopfeestje in de kleine tent was compleet.

Op de Main Stage had Moonchild meteen de juiste vibe te pakken. Schipperend op de grens van R&B, electronics, neo-soul en jazz, liet de speelse roodharige Amber Navran uit Los Angeles ons rustig mee knikken met haar deuntjes. De kwalitatief hoogstaande nummers begeleid door dwarsfluit zetten de toon voor de rest van de avond.

Blackwave kwam langs de dag nadat ze Werchter plat speelden, maar van een kater hadden Willem en Jean alleszins geen last. “Big Dreams, Big Smiles, Big Time” is de perfecte omschrijving van wat hun catchy arrangementen en gekke verkleedpartijen teweeg brachten. Een eervolle vermelding toch ook voor de uitstekende muzikanten die om beurten een solo uit hun mouw mochten schudden, en voor David Ngyah, de man wiens heerlijke stem het bisnummer “Elusive” moeiteloos naar een hoger niveau tilde. Een bevestiging.

Bevestigen deed ook Selah Sue. Het moederschap heeft haar veranderd, vertelde ze ons. Ze bekijkt de zaken vanuit een ander perspectief, ze relativeert meer. “Que sera sera”, zong ze met een kwinkslag.  Ze bracht ook een aantal nieuwe nummers die ze schreef voor haar zoontje Seth (o.a. het bloedmooie, door cello begeleide “Heartbeat”). De oude, gekende nummers stak ze eveneens in een nieuw jasje. Op “Piece of Mind” experimenteerde ze vrolijk met loopjes, het publiek vond het best aangenaam, maar snakte vooral naar de headliner van de avond.

Daar stonden ze dan, Black Thought, Questlove en hun kompanen uit Philadelphia. Toegegeven, zelden heb ik zo’n warme, allesomvattende show meegemaakt. The Roots doen alles goed, niet voor niets behoren ze volgens Rolling Stone Magazine bij de 20 beste live performances ter wereld. Als we één minpuntje moeten benoemen, is het dat we de emoties in de stem van Erykah Badu wat misten bij “You Got Me”, maar ach, alle muzikanten zijn zo verdomd getalenteerd, met de bassist en drummer als absolute uitschieters. We werden getrakteerd op een anderhalf uur durende roes, de perfecte fusion van hiphop en funky jazz, afgesloten met een medley met alleen maar wereldhits: van “Sweet Child O’ Mine” over “Welcome to Jamrock” tot hun eigen onvermijdbare monster-hit “The Seed”.
Laat ons duidelijk zijn: Gent Jazz editie 2018 is afgesloten met een knaller van jewelste.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent   

Gent Jazz Festival 2018 – Hudson!

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2018 – Hudson!
Gent Jazz Festival 2018
Bijlokesite
Gent
2018-07-05
Piet Clarysse

Afzakken naar Gent Jazz doe je met veel plezier, om nieuwe dingen te ontdekken in de eerste plaats. We noemen het SAL LA ROCCA QUARTET in de garden stage, die drie korte overgangsconcerten gaf. Sal la Rocca is contrabassist, Belg en hoort thuis in de free jazz. Zijn muziek blijft echter wel grooven, en vervalt niet in een eindeloos gemurmel, zoals wel vaker in de free. Met Jeroen van Herzeele op sax, Lieven Venken op drums en Pascal Mohy op toetsen. Het beluisteren waard (‘It Could be the end’ 2012).

Afzakken naar Gent Jazz doe je eveneens om oude bekenden nog es tegen het lijf te lopen. We noemen graag Brad Mehldau, die we hier toch al een drietal keer bezig zagen. Met zijn vaste bassist Grenadier, torent Mehldau steeds weer uit tot hij die de trend gestalte gaf om breed gekende popsongs in een nieuw jazzkleedje te steken (Beatles, Radiohead). Zo onthou ik hem alvast…
Chico Freeman
is ook zo’n oudgediende. Man van Chicago, saxofonist, én drummer Rudy Royston (man x3), maakten er een opzwepende boel van. Tentje op zijn kop!

Tenslotte zak je ook af naar de Gentse stede om de hele grote aan het werk te zien. Scofield was ook hier eerder te gast, in allerlei bezettingen. John Medeski eerder al samen met Scofield, maar ook met zijn trio Medeski, Martin and Woods, neemt de toetsen voor zijn rekening. Jack De Johnette – voorheen drummer bij Miles Davis en Keith Jarrett en nu Scofields vaste rechterhand op ritme, en Colley die zijn sporen verdiende bij ondermeer Herbie Hancock. En dan heb ik nog niet de helft van hun referenties vernoemd…
Scofield zag ik nog aan het werk op Parkjazz Kortrijk afgelopen najaar, waar hij met het programma ‘Country for old men’ – weliswaar een prachtplaat, maar live iets minder tot mijn verbeelding sprak. In de bezetting van vandaag, én met bewerkingen van o.m. klassiekers van Bob Dylan en Joni Mitchell, keert hij terug naar daar waar zijn roots liggen, de blues.
Opener “Wait untill tomorrow” van niemand minder dan Jimi Hendrix – een dijk van een bewerking trouwens van de vier uit Hudson – viel klankgewijs wat door de mand. Het was nog wat zoeken en tasten, en velen moesten nog hun plaats inde tent zoeken.
De magie van bands waar Scofield in acteert, is niet zozeer zijn magistrale gitaarspel op zich, dan wel het samenspel. Bij deze weerom het uiterst vermakelijke en funky toetsenwerk van John Medeski. “Hudson” (titelnummer) krijgt een lang uitgesponnen funky kleedje om.
“Lay Lady lay” en “A hard rain’s gonna fall” hoeven geen betoog welke artiest hier weerom met de bloemen gaat lopen! Maar Dylan krijgt ook het nakijken met “Tony Then Jack” , een eigen compositie van de band die het tempo net op tijd weer wat op gang brengt.

‘Jazz is een heerlijk ouderwets woord voor nieuwe muziek’. Merci voor dit concert én voor jou legendarische quote, Bertrand Flamang.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent  

Mad Caddies

Punk Rock

Geschreven door

De Mad Caddies hebben een coveralbum gemaakt. Doorgaans brengen deze Caddies een mix van ska en punkrock, maar nu kozen ze consequent voor reggae/ska/rocksteady-versies van punkrocksongs van andere bands. Op zich een leuk concept, maar het is jammer dat ze niet ook hun reggae/ska/rocksteady-inspiratiebronnen meegenomen hebben. Of het zou moeten zijn dat hun volgende (cover)album er een is met punkrockversies van reggae-songs.

Het bekendste nummer dat de Mad Caddies aangepakt hebben, is “Sorrow” van Bad Religion. Nog bekende bands van wie ze een track geleend hebben, zijn o.m. Green Day, Rancid, NOFX en de Misfits van Glenn Danzig. Ze duiken ook dieper de underground in met Propagandhi, No Use For A Name, Bracket, Against Me! en Snuff.

De wel heel brave versie van “Sorrow” is een goede graadmeter voor het hele album: de tracks gaan van lome reggae naar laid-back rocksteady en ska waar elke angel uitgetrokken is. De aanhoudende ongevaarlijkheid doet heel wat van de door politiek en maatschappijkritiek gedreven punksongs onrecht aan. Terwijl reggae-held Bob Marley en voorts o.m. de Britse ska-stroming 2Tone ons geleerd hebben dat er best wat vuur in reggae, ska en rocksteady kan zitten. Dat vuur werd door de Caddies ingeruild voor een zoutloze mellow sound, als waren de Mad Caddies een op dollars belust bandje dat snel een sappige zomerhit wil scoren. Aan de keuze van de tracks en lyrics ligt het nochtans niet, maar deze versies worden met weinig passie gebracht. Misschien mikten ze bij de Caddies op een soort tongue-in-cheeck-humor, maar dat komt er dan toch ook niet helemaal uit. Daarvoor hebben ze te hard gedaan om het muzikaal zo perfect mogelijk te brengen.

Er zijn een paar uitzonderingen waarin het recept van de Caddies voor dit album wel doelpunten weet te scoren. “Sleep Long” van Rancid heeft in de versie van de Caddies nog iets opruiends, zoals Manu Chao dat deed bij Mano Negra. “… And We Thought That Nation States Were A Bad Idea” van Propagandhi en “Sink, Florida, Sink” kunnen er dankzij de Studio One-saus nog net mee door, omdat die Studio One ook vrolijkheid combineerde met een kritische boodschap. “She’s Gone” heeft een creepy ondertoon, zoals Ghost Town van The Specials, maar dat had nog wat dikker in de verf gemogen. Pas naar het einde toe laat deze track echt zijn tanden zien. Deze cover is van NOFX, de band van labelbaas en albumproducer Fat Mike. Hetzelfde geldt voor “Some Kinda Hate” van de Misfits: een creepy orgeltje en pas beginnen grommen bij de finale. Het past niet helemaal bij wat je in gedachten hebt voor een nummer van Glenn Danzig, maar het heeft wel iets.

Evengoed gaan ze de mist in met “She” van Green Day, waarmee ze uitkomen bij de kauwgumballenreggae van Culture Club, of met de kampvuur-versie van “AM” van No Use For A Name.

De te brave covers van “Jean Is Dead” van de Descendents en “Take Me Home (Piss Off)” van Snuff willen we nog met de mantel der liefde bedekken.

Een leuk concept levert dus niet altijd een leuk album op.

Fotocrime

Principle Of Pain

Geschreven door

Fotocrime is het nieuwe project van Ryan Patterson van Coliseum. Die band evolueerde in de twaalf jaar dat ze bestonden van hardcore naar postpunk. Het is op die postpunk dat Patterson voortbouwt met Fotocrime op het debuutalbum ‘Principle Of Pain’. Postpunk is soms maar een paar stappen verwijderd van wat we vroeger, in de jaren ’80 van vorige eeuw, nog gewoon new wave noemden. Vandaag noemt dat dark rock of gothic rock en ligt het veel verder van de mainstream dan indertijd.

De bands die muzikaal naar die periode teruggrijpen, doen dat vaak heel plichtsbewust en met veel aandacht voor het juiste geluid. In de teksten en de emoties die ze willen oproepen slaan ze de bal echter vaak mis. De muziek van de jaren ’80 was gedrenkt in een wereldbeeld van economische crisis, paranoia, politieke terreur en de dreiging van de Koude Oorlog. Die elementen zijn inmiddels achterhaald door een reeks van nieuwe wereldbeelden, die doorgaans veel moeilijker te vatten zijn in muziek.

Patterson slaagt er met het eerste volledige album van Fotocrime toch in om zowel muzikaal als inhoudelijk de juiste snaren te raken. Het groepsgeluid zit boordevol referenties aan de sound van Echo & The Bunnymen, the Cure en Sisters of Mercy, zonder dat je kan zeggen dat het ‘gepikt’ is. Om te zeggen dat ze een heel eigen geluid hebben, is dan misschien ook weer een brug te ver. De gitaren huilen en janken net als in de donkere en koude jaren ’80, terwijl de synths een heel stuk warmer klinken. Dat doen wel meer nieuwe bands die in dat straatje zitten. Hetzelfde geldt voor de baslijnen; die zitten tegenwoordig ook iets meer verstopt  in de geluidsmix dan vroeger. Terwijl die vroeger vaak de dansbaarheid nog wat extra in de verf zetten.

De stem van Patterson is een moeilijke. Op de meeste nummers houdt hij het op een monotoon en schijnbaar onbewogen klagen zoals Andrew Eldritch bij de Sisters deed op de niet-singles. Het wordt nochtans pas echt interessant als Patterson een kleine dosis emotie toevoegt, zoals op “Nadia” en “Enduring Chill” en een beetje op “Don’t Pity The Young”. Had Patterson een paar keer goed gedoseerd vocaal uitgehaald, zou dit album nog beter scoren. Een heldere vrouwenstem had ook voor wat tegengewicht kunnen zorgen.

“The Rose And The Thorn” is het meest dansbare nummer, toch voor vleermuizen. Hier krijgen we dan toch wat vrouwelijke vocale inbreng, maar je moet al goed luisteren om het echt op te merken. “Autonoir” doet wat denken aan het gezamenlijke album van TB Frank & Baustein. “Gods In The Dark” heeft wat van een trage Front 242-track. “Infinite Hunger For Love” opent met een baslijn van The Cure en laat die referentie nog een paar keer opduiken, maar krijgt ondertussen wel een eigen Fotocrime-gezicht. “Confusing World” is een bloedmooie eighties-track, een beetje in de richting van The Sound. Zo hadden er wel meer mogen staan op ‘Principle Of Pain’.  

 

The Smashing Pumpkins

Solara (single)

Geschreven door

De legendarische Amerikaanse grungerockband Smashing Pumpkins is terug. Billy Corgan doekte de band op in 2000 en blies hem nieuw leven in in 2005. Voor het volgende album, dat uitkomt bij Napalm Records, neemt Corgan de oorspronkelijke mede-oprichters James Iha (gitaar) en Jimmy Chamberlain (drums) opnieuw aan boord. Gitarist Jeff Schroerder, sinds 2007 de vervanger van Iha, is eveneens van de partij en producer Rick Rubin zat achter de knoppen bij de opnames van het nieuwe album. In afwachting van dat album is er de single “Solara”.

De single keert niet enkel in de bezetting maar ook inzake geluid helemaal terug naar de glorieperiode van de band, met het typische grunge-geluid van begin jaren ’90. Vooral aan Corgan’s stem valt te horen dat we intussen enkele decennia verder zijn. Of deze terugkeer naar het oergeluid van de band genoeg is om alle vroegere fans terug te winnen, valt te betwijfelen, maar velen zullen toch gecharmeerd zijn met deze stap terug in de tijd. 

 

Pagina 378 van 965