logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Epica - 18/01/2...

TC&I

Great Aspirations

Geschreven door

TC&I is de nieuwe band van Colin Moulding en Terry Chambers. Moulding is de mede-oprichter en mede-songschrijver van de Britse newwaveband XTC, waar in de beginjaren ook Chambers een tijdlang deel van uitmaakte. XTC bestond van 1976 tot 2006, maar had vooral in het begin van hun bestaan succes met singles als “Making Plans For Nigel” en “Senses Working Overtime”. Wie te jong is om een belletje te horen rinkelen, kan terecht op YouTube. De bandnaam van het project van Moulding & Chambers is overigens meer dan een knipoog naar XTC. TC&I is een nieuwe start voor Moulding, terwijl de muziek misschien eerder aansluit op het laatste werk van die band.
Openingstrack “Scatter Me” is oer-Brits en heeft die typisch Britse tongue-in-cheeck-humor door een gitzwarte tekst over sterfelijkheid te koppelen aan een vrolijk popdeuntje met nagenoeg niet meer dan piano en drums. Behalve aan XTC doet dit ook denken aan Ian Dury & The Blockheads.
(Overwhelming) “Greatness” is een dromerige popriedel over overschatte ambities, waarbij Moulding met een gezonde dosis zelfrelativering zijn oude dromen beschrijft over hetzelfde niveau te bereiken als Spielberg, Gershwin, Churchill of McCartney.
In het eerder rockende “Kenny” heeft Moulding het over de teloorgang van openbare speeltuinen en in “Comrades Of Pop” waarschuwt hij jonge bands voor de valkuilen van de muziekindustrie.
“Kenny” en “Comrades Of Pop” zijn misschien niet de sterkste nummers van deze amper vier tracks tellende EP, maar de twee andere zijn om duimen en vingers af te likken. Welkom terug, Colin Moulding.

Duran Duran

Girls On Film (demo EP)

Geschreven door

De demo waarmee Duran Duran in 1979 op zoek ging naar een platencontract wordt alsnog uitgebracht. De band bestond op dat moment uit Nick Rhodes en Roger en John Taylor. De zanger was op dat moment Andy Wickett, die eerder bij TV Eye achter de microfoon stond. Als Duran Duran na deze demo in 1981 met amper vier nummers een platencontract krijgt bij EMI is Andy Wickett reeds vervangen door Andy Taylor.
Maar de eerste versie van de hit “Girls On Film” werd opgenomen door Duran Duran met Andy Wickett. Wickett leverde nog meer sterk songmateriaal: “Rio” is gebaseerd op “Stevie’s Radio Station”, een song die Wickett ‘meegenomen’ had van bij TV Eye. Jammer genoeg staat die song niet op deze uitgave. Misschien komt daar nog een versie van boven water als Wickett of iemand anders zijn kluis leegmaakt of zijn zolder opruimt.
Wel krijg je behalve de ruwe versie van “Girls On Film” nog drie heel genietbare en zeker niet over-geproduceerde tracks die goed laten horen dat deze Britse jonkies bulkten van het potentieel. Deze demo laat ook horen dat het met deze band heel anders had kunnen lopen. Hun sound ligt hier dichter tegen Joy Division, The Sound en Depeche Mode dan tegen de pop en disco die ze later zouden omarmen. Vooral “Reincarnation” weet te bekoren.
Een alleraardigst tijdsdocument.  

Uruk

I Leave A Silver Trace Through Blackness

Geschreven door

Wanneer je leest dat het een release van Consouling Sounds betreft dan weet je dat het wellicht om indringende soundscapes of ambientachtige collages van sounds en veldopnames zal gaan. Niet zo verwonderlijk daar ze artiesten zoals Monnik, Amenra, Onmens en Van Wissem herbergen. In elk geval zijn het nooit albums met drie minuten songs bestaande uit strofes en refrein.
Zo ook met deze release van Uruk. Uruk is de samenwerking tussen Massimo Pupillo ( oprichtend lid van Zu, Triple Sun) en Thighpaulsandra (Coil, gewezen keyboardspeler bij o.a. Julian Cope, Spiritualized…).
Gedurende 38 minuten wordt in één soundscapes langzaam een drukkende en intense sfeer ontrolt. De sounds op deze track zijn donker, eigenaardig en soms prikkelend voor de luisteraar. Het artwork op de cover is van de hand van John Balance (aka Geoffrey Burton) die ook nog actief was bij o.a. Coil en Psychic Tv. En daarnaast werkte hij ook samen met talloze acts zoals Current 93, Death in June etc… Veel meer kan ik hierover niet vertellen. Het is voor liefhebbers van drone en ambient. Voor mensen die out-of-the-box muziek willen ervaren.

Black Mamba

Heritage

Geschreven door

Black Mamba is naast een venijnige gifslang ook een Italiaans rocktrio met een vrouwelijke frontvrouw. Ze heeft een ferme rockstem. Muzikaal krijgen we songs die gedragen worden door een potente ritmesectie. Die ritmesectie maakt toch wel het verschil. Het trekt de songs verschillende richtingen uit. Het is rock dat vanwege de vocals soms neigt naar female fronted metal en rock. De indringende en variërende ritmes geven de rocknummers wat funk en progressieve invloeden mee. Irma Mirtilla geeft dus flink gas met haar stem. Gelukkig neemt ze nu en dan ook wat gas terug zodat er voldoende variatie en nuancering in de zang zit. Het is moeilijk om Black Mamba in een muzikaal vakje te stoppen maar denk misschien aan No Doubt gegoten in een hardrock jasje.
De productie en mix klinken wat ruw maar je hoort de potentie die de band in zich heeft. Songs zoals “Heritage” en “Revenge” zijn alvast fijne songs. Ik denk dat met een meer gestroomlijnde productie en arrangementen er nog een beter album dan “Heritage” in deze band zit. Maar voorlopig nemen we genoegen met “Heritage”.

New Cool Collective

Electric Monkey Sessions 2

Geschreven door

Het nieuwe prikkelende schijfje van het bonte Nederlandse gezelschap New Cool Collective is een fraaie mengelmoes van jazz, reggae, surf, ska, funk, salsa en boogaloo. Ambiance, maar geen boerenleute, u hoeft zich niet te pletter te zuipen om hiervan te genieten. Het is feestmuziek en muzikaal vakmanschap tegelijkertijd. Het doet soms een beetje denken aan El Tattoo Del Tigre, maar dan met een meer uitgesproken jazz tintje.
Een puur instrumentaal feestje waarmee je zowel op een jazz- als op een roots- of rockfestival terecht kan. Deze band kan je programmeren zowel op Gent Jazz en Middelheim als op Pukkelpop of Couleur Café, overal mag je de beentjes losgooien. De 10 tracks op Electric Monkey Sessions blinken uit in variatie, kleur en muzikale hoogstandjes. Ze zorgen voor een welgekomen zonnig tintje in deze donkere dagen. Dit is muziek die naar een zomers festival snakt.

Neil Young

Hitchhiker

Geschreven door

Neil Young bracht eind vorig jaar alsnog ‘Hitchhiker’ uit, het in de zomer van 1976 in Malibu opgenomen, maar nooit uitgebrachte album. De reden om het album toch nog officieel uit te brengen, heeft vermoedelijk meer te maken met het mogelijk vervallen van auteurs- en reproductierechten dan met het feit dat Ome Neil de opnames nu plots toch goed genoeg vindt om met het publiek te delen.
‘Hitchhiker’ werd opgenomen in één nacht bij volle maan met in de studio enkel een ietwat gedrogeerde Neil Young en David Briggs aan het mengpaneel. Geen begeleidingsband, enkel de man met zijn stem en zijn gitaar. Doorgaans was dat in die tijd ruim genoeg om vuurwerk te verwachten. Young zat in zijn creatieve glorieperiode en zowat alles wat hij tot dan toe uitbracht veranderde in goud. Niet dus zoals op zijn jongste werk, denk maar aan ‘Earth’ en ‘Peace Trail’, waar je het goud – dat er nog wel is – met een zeefje moet gaan zoeken tussen de modder en de keien.
Het siert de man en zijn platenfirma dat ze niets aan de oude opnames toegevoegd hebben. Met het geluid van een band erbij of in de handen van zelfs een brave producer had dit onuitgegeven materiaal veel meer kansen gehad om bv. opgepikt te worden door de radio. Je hoort meteen bij het eerste nummer al waarom het zo lang geduurd heeft dat ‘Hitchhiker’ uitgebracht werd. In interviews geeft Young aan dat hij zelf meteen hoorde dat hij tijdens die opnames licht beneveld was door drank en andere genotsmiddelen en dat is inderdaad in deze kale opnames niet te verstoppen.
Young klinkt solo steeds rauw en klagerig, maar op ‘Hitchhiker’ missen heel wat nummers de vaart en de gebaldheid die ze verdienen. Nummers als “Campaigner” klinken bij momenten zelfs een beetje drammerig. Young’s stem klinkt zwak en soms heb je echt het tekstvel nodig om de gemompelde lyrics te kunnen volgen. De vastberadenheid van ‘After The Goldrush’ of, om eens een recenter werk te nemen, ‘Living With War’ ontbreekt. Maar de flair is er wel. Alsof hij er tijdens het opnemen op vertrouwde dat het wel goed zou komen. Alsof hij erop rekende dat de studiolui dit materiaal wel tot een diamant zouden slijpen.
Het songmateriaal op zich is best oké. Misschien niet echt materiaal voor een wereldhit als “Needle And The Damage Done” of “Heart Of Gold”, maar het behoort tot het betere werk van Neil Young uit die periode. Het beste bewijs daarvan is dat hij zowat alle songs van ‘Hitchhiker’ (op “Hawaii” en “Give Me Strength” na) later nog heropgenomen heeft. O.m. “Pocahontas” en “Powderfinger” krijg je hier in een van alle toeters en bellen ontdane versie voorgeschoteld. Deze beide naakte tracks bestaan ook in betere, opgedirkte versies, al gaat dat misschien niet op voor elke song op ‘Hitchhiker’. “Ride My Llama” komt hier beter uit de verf dan op ‘Rust Never Sleeps’ en ook The Old Country Waltz” kan in deze versie net zo hard bekoren als op ‘American Stars ’n Bars’.
Na een paar luisterbeurten blijft de vraag of je ‘Hitchhiker’ moet zien als een volwaardig album of toch als een werkdocument, als een demo die voorafgaat aan de ‘echte’ opname. Voor diehardfans en critici heeft dit ‘verdwenen’ album door de jaren dusdanige mythische proporties aangenomen dat het voor hen niet alleen een volwaardig album is, maar zelfs meteen een meesterwerk. De waarheid ligt echter bij het demo-verhaal. ‘Hitchhiker’ is een leuk tijdsdocument, maar kan de hoge, opgeklopte verwachtingen niet helemaal inlossen. Ook een begenadigd artiest, een god of een dinosaurus zo je wil, kan al eens mindere dag hebben. Neil Young had geen ongelijk toen hij in 1976 de tapes van Hitchhiker in de kluis opborg. Net zo goed heeft hij nu gelijk om dezelfde tapes er uit te halen. Maak die kluis leeg, Neil! En snel!

Crowd Of Chairs

Fuck Fuck Fuck

Geschreven door

Crowd of Chairs is een Gentse noiseband dat met deze ‘Fuck Fuck Fuck’ een eerste full album heeft gemaakt. Ervoor hadden ze al twee EP’s uitgebracht waarvan de laatste een split EP was met de jonge postpunk band (en label genoot) Maze.
Nu dus een volledig en elf nummers tellende plaat. Deze opent meteen al sterk met “For”. Een hypnotiserende track dat halfweg ontploft in je gezicht. Als je dan nog niet wakker bent… Maar het is wel een mooie opgebouwde en uitgewerkte song. Schitterende opener. Op “Ibogaine” bijvoorbeeld schieten ze vanaf het begin uit de startblokken en klinkt het gitaarwerk toegankelijker. Doch dat pad wordt al gauw verlaten om stevig te rocken. “Transister Yr Sister” heeft een Pixies-gehalte: snedige Trash rock. Het fijne aan hun muziek is dat ze niet voor één gat te vangen zijn. Het is dan wel noise rock maar ze proberen op verschillende manieren hun muziek op te bouwen. Nu eens ongebreideld luid en snel of meteen to-the-point en dan weer eens traag opbouwend (zoals “Get Up And Go”).
Crowd of Chairs heeft mij met ‘Fuck Fuck Fuck’ absoluut weten te overtuigen. Was ik 25 jaar jonger, ik viel er meteen voor. Maar wacht eens even… want nu ben ik er eigenlijk ook meteen voor gevallen. Dit is muziek vanuit de onderbuik, met de nodige variatie en muzikaliteit om te blijven boeien. Schitterende schijf voor liefhebbers van o.a. The Guru Guru, Brutus, Raketkanon etc…

Briqueville

II

Geschreven door

Er zijn nogal wat bands de laatste jaren die op een meditatieve manier hun muziek opbouwen door gebruik te maken van intensiteit, drone en andere soundscapes alsook herhaling en muzikale explosies. Zo ook met Briqueville dat zich ergens bevindt in het muzikaal heelal waarin ook bands zoals Amenra, Goat, Wiegedood of Sun o))) zich bevinden.
Briqueville is een ietwat mysterieuze band. De bandleden huldigen zich reeds een decennium lang in maskers (ook tijdens de repetities) en lange zwarte gewaden zodat ze anoniem blijven. Hun site bevat ook geen namen. De metal band Ghost doet iets gelijkaardigs on stage. In 2014 verscheen hun eerste album dat vier nummers (zelf spreken ze over aktes) bevatte. Ze begroeven een twintigtal exemplaren waarna ze stelselmatig coördinaten vrijgaven.
Voor hun tweede release, kortweg ‘II’ genoemd, gaan ze verder waar ze gestopt waren. Letterlijk en figuurlijk. Letterlijk door te starten met “Akte V”. Figuurlijk: omdat ze muzikaal verder gaan waar ze met hun debuut gestopt waren. Namelijk het zorgvuldig opbouwen van soundscapes en songs die opbouwen, stilvallen en terug exploderen. Opener “Akte V” start met een pletwals van drums en gitaren om dan haast stil te vallen en te hernemen met een dreigende overstuurde en groovende gitaar. De cleane synth-soundjes ertussen brengen ietwat verlichting. Uiteindelijk krijgen de gitaren een weids geluid dat de sfeer wat open weet te breken. “Akte VI” klinkt iets luchtiger en heeft een herhalende doch verslavende gitaarlijn. Afsluiter “VII” duurt 17 minuten en begint met het geluid van stromend water waarna we dreigende muziek horen aanzwellen. De drums die invallen klinken indringend en loodzwaar. Hier zijn de vocalen nadrukkelijker aanwezig maar toch lijken vocalen bij Briqueville eerder een instrument te zijn dan iets met zeggingskracht en taal.
De opvolger van hun debuut is een bom van een plaat geworden (die in feite nu al een tijdje uit is). Wie hier de eerder genoemde bands kan waarderen zal ik zeker dit kwalitatieve werkje aanraden.

Hällas

Excerpts From a Future Past

Geschreven door

Wat zijn de kernwoorden voor dit debuut? Virtuositeit, orgels, bij momenten middeleeuws klinkende twin-gitaren, dynamische ritmesectie en progressieve passages. Andere omschrijvingen zijn: Harde rock in een progressief jasje zoals we dat vroeger wel meer hoorden. Denk daarbij aan bands zoals Deep Purple, gitaarwerk dat soms wat aan Iron Maiden doet denken etc... De vocals van Tommy Alexandersson zijn vrij herkenbaar. Er zit een beetje een hese klank in en ze zijn krachtig. De sfeervolle, donkere maar sprookjesachtige cover illustreert heel goed wat de muziek uitstraalt.
De band is afkomstig uit Zweden en ze zijn nog maar sedert 2015 actief maar dat is er niet aan te horen. De songs zijn goed uitgewerkt en dompelen je onder in een warm hardrock bad. De synthsounds en orgels dragen hierbij zeker aan toe. Zoals veel progressieve albums betreft het hier om een concept album dat in zeven songs het verhaal vertelt over een ridder op zoek naar antwoorden en de val van een machtige, grote stad. Zoals eerder al een beetje aangegeven past de muziek, het artwork en de teksten goed samen wat het concept en het album versterken.
Hällas heeft een puik debuut gemaakt dat voor een deel teruggrijpt naar de sound van de oude topgroepen van het genre. Zelf noemen ze hun muziek “Adventure rock” wat ik eigenlijk wel een goede term vind voor hun muziek. Ik zou zeggen luister eens naar “Star Rider”. Als dit je bevalt zal je album zeker de moeite waard vinden.

Ola Kvernberg

Steamdome

Geschreven door

Heb je nog nooit gehoord van Ola Kvernberg? Geen erg want voor mij was hij ook een nobele onbekende. Deze 37 jarige Noor is een composer, multi-instrumentalist en violist. Een bezige bij die met verschillende projecten bezig is zoals het Ola Kvernberg Trio, Liarbird, Trondheim Jazz Orchestra, verschillende film scores en Kirsti & Ola om maar enkele op te noemen.
Voor ‘Steamdome’ trommelde hij een flink aantal muzikanten op. Onder ander drie drummers, een gitarist, een organist, een bassist en hemzelf als vioolspeler. De muziek is een mix van jazz, alternatieve rock en folk waarbij alles heel filmisch klinkt zoals op bv “And Now”. Ondanks de virtuositeit en de jazzy invloeden klinkt het geheel best toegankelijk en groovy. Ik denk dan aan “Caterpillar” dat drijft op een fijne groove. Het is een fijne instrumentale plaat geworden dat goed klinkt. Het heeft, naast jazz en rock, zeker ook klassieke invloeden en je hoort wel dat het hier om geschoolde muzikanten gaat. Muziek dat verhalen vertelt zonder taal te gebruiken. Maar ook muziek dat je niet op de radio tegenkomt. Zeker geen mainstream maar ook niet meteen moeilijk om naar te luisteren. Velen die aan jazz denken horen eindeloze solo’s en dertig noten in een paar maten. Hier zal je dit niet hebben. Alles is toegankelijk en beluisterbaar zonder dat je een jazz freak hoeft te zijn.

Pagina 407 van 966