logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
avatar_ab_04

Blood Orange

Cupid deluxe

Geschreven door

Die Dev Hynes is een man van alle slag heb ik de indruk . Hij maakte eerder deel uit van een noise gezelschap Test Icicles , gaat over naar de sing/songwriting van Lightspeed Champion en nu vinden we hem terug bij Blood Orange , die ook al aan hun tweede plaat toe zijn. Hier wordt indiepoptronica moeiteloos verweven met r&b, hiphop en funk . Die stijl’touch’ levert enkele broeierige , aanstekelijke songs met een lekkere groove op ; het zijn de eerste nummers “Chamakay”, “You’re not good enough”, “Uncle ace”  en “No right thing” . De daaropvolgende “Is it what it is”, “Chosen”, “Clipped on” zijn zwoeler ,  sensueler en doen ons lekker wegdromen en hunkeren naar een lounge event . Of het materiaal nu gezongen , gerapt of een zegzang omvat, ze worden aangevuld , afgewisseld of ondersteund door vrouwelijke partijen  die de temperatuur nog wat doen stijgen . Niet alle songs zijn even geslaagd , maar we hebben hier een aangename, leuke , indiesoulpop trip , die ergens een sfeertje van ons eigen Sweet Coffee doet opborrelen !

Delrue

Risquons tout

Geschreven door

Yevgueni zorgde alvast voor een heropleving van het Vlaamse lied en de kleinkunst . Nu dat de groep een sabbatjaar heeft ingeplant , zit zanger en spil Klaas Delrue niet stil en heeft deze Vlaamse artiest zich in het Frans gewaagd . Verwonderlijk is het niet, gezien de man uit de grensstreek Moeskroen – Rekkem perfect de Franse taal beheerst en de Frantstalige wortels hem niet vreemd zijn. Door de liefde aan het Franse chanson komt hij in de voetsporen van Brel , Arno, Daan , Axelle Red en komen ook verder Zita Swoon tot dEUS in de buurt. Leden van z’n band hielpen mee en verder kon hij rekenen op reeks oude getrouwen .
‘Risquons tout’ is een uiterst sfeervolle, broeierige plaat met een reeks subtiel uitgewerkte nummers, of die ook  soberder van aard zijn; dit gaat  van de uptempo’s “Creme solaire” , “Echolalie”, naar de dromerige “à la gare” en “Pacman” tot de ingenomenheid van de titelsong en “Seul”. Delrue pent alledaagse zaken neer , ervaringsgericht en maatschappijkritisch. “Pas que je voulais pas” raakt enorm en is dan ook meteen de sterkste song.
Zijn liefde voor Gainsbourg, Dutronc, Aznavour , Noir désir en vooral Renaud en Georges Brassens schemeren duidelijk door in het Franse materiaal .
Het Franse lied wordt zeer zeker opgewaardeerd met een album als deze . Puike prestatie dus!

Black Flag

What the …

Geschreven door

Er was eens …. de bloeiende Amerikaanse hardcorepunkscene, begin jaren 80 , waarbij bands als Dead Kennedys en Black Flag bepalend waren. Ze waren een inspiratiebron voor de stoner/ crossoversound . Greg Ginn, de oprichter/gitarist en songwriter is eigenlijk de enige vaste waarde na al die jaren . Vroeger hadden we hier ook Henry Rollins en Keith Morris van Black Flag uit de 80s , maar die legden zich na een tijdje toe op hun eigen werk . De periode ’80 – 85 waren de actiefste en succesvolste periode.
In deze reünie lazen we het hobbelige parcours dat de band aflegde , wat op den duur zelfs op een soap leek , dat we je wensen te besparen .
‘What the …’ is de  nieuwe plaat van 22 nummers, die snedig, uptempo en gedreven klinkt . Een jaren ’90 punkgevoel met het herkenbare gitaarspel van Ginn. Een stekelige ritmiek , die aangenaam en interessant is om terug te horen,  maar de spanning en de aantrekkingskracht is met de jaren ten dele fors verdwenen .

NOFX

Stoke Extinguisher

Geschreven door

Opnieuw een leuk hebbeding voor de fans van NoFX.  De band rond Fat Mike brengt met ‘Stoke Extinghuisher’ een nieuwe EP uit met zes diverse nummers.  Slechts 1 nieuwe song (“Stoke Extinguisher”)  op dit schijfje maar de knallende punktrack is meer dan de moeite waard en toont een springlevende band!  Opvallend is verder “The Shortest Pier”, een nummer oorspronkelijk van de hand van de overleden Tony Sly.  Deze versie van NoFX vond je recent op de  indrukwekkende verzamelaar ‘The Songs of Tony Sly: A Tribute’.  De rest van de nummers zijn b-kantjes van allerhande singles van het laatste full album ‘Self Entitled’.   
Een interessant tussendoortje dus van één van de toppers voor het komende Groezrockfestival!

The Offenders

Generation Nowhere

Geschreven door

Amper een goed jaar na hun vorige album ‘Lucky Enough To Live’ zijn The Offenders al terug met een nieuw werkstuk.  ‘Generation Nowhere’ is trouwens de vijfde plaat van deze in Berlijn residerende Italianen.  Het kwartet grossiert in eenvoudige, eendimensionale skarock die je al na 1 luisterbeurt oppikt.  De dertien tracks zijn een combinatie van ska met oude punk, beat, punkrock, soul en powerpop.  De teksten zijn even eenvoudig als de opbouw van de diverse nummers die bovendien zeer gemakkelijk mee te zingen zijn.  Nummers als opener “Berlin Will Resisit”, “Stay true”, “Rude Fans”, “The Power” en “Pogo in Togo” zullen het  ons insziens vooral goed  doen op de dansvloer.   
Na enkele luisterbeurten hebben we het echter gehad  en schuiven we het plaatje uit onze cd-speler.  ‘Generation Nowhere’ is zo niet onverdienstelijk maar zeker niet onvergetelijk.

Ieperfest (wintereditie) 2014 – Ieper Hardcore/Metal Fest

Geschreven door

Ieperfest (wintereditie) 2014
JOC Perron
Ieper

Zaterdag 1 maart zakte ik met nog heel wat mensen af naar Ieper om wat oorlog te gaan voeren in het JOC. Inderdaad het was terug Ieperfest Winter. Alhoewel de reis er naartoe niet zonder kleerscheuren verliep (bedankt NMBS) en ik zowat ieder monument in de Westhoek heb gezien bij het naar Ieper gaan, raakte ik toch nog net op tijd binnen om alle bands te kunnen zien.

Opener vandaag was de Oostendse hardcore punk band DRS ( voluit Dr. Schnabbel). Openen op dit uur is nooit een makkelijke taak, het publiek moet nog toestromen, het aanwezige publiek is nog niet echt opgewarmd en het actieve publiek bestaat waarschijnlijk uit leden van je eigenste fanclub. Op zich is dit al niet leuk en al helemaal niet als je het soort band bent die het gewend is om de boel af te breken in een propvol zweterig jeugdhuis of café. DRS deed erg hun best en alhoewel de muziek niet echt origineel te noemen was, was het wel leuk. Het publiek bleef echter onaangeroerd en het was er dus akelig rustig.

Hetzelfde lot was het Amerikaanse Centuries beschoren. Alhoewel ze een verschroeiende mix van donkere Crust, D-beat en wat sludge brachten stond er hier ook nauwelijks een kat geboeid naar te kijken. Je weet wat ze zeggen ‘onbekend maakt onbemind’ en deze vlieger ging wel zeker op voor Centuries die van mij gerust wat hoger op de affiche mochten. De jongens zetten een kanjer van een show neer en alhoewel dit niet de soort muziek was waarop je volledig wild gaat mocht er toch wat meer reactie uit het publiek gekomen zijn want deze jongens verdienden het vast en zeker. Ik ga toch mijn best doen om ze in de toekomst nog eens te bekijken.

Bij de Kortrijkse H8000 hardcore van Headshot begon het volk toch al wat aan te dikken. Ikzelf meende me te herinneren dat ik de jongens best wel kon smaken op album maar dat er verder niet veel interessants aan was. Ook live was dit zo, de muziek was verdienstelijk maar na 2 nummers had je het allemaal een beetje gehoord. Ook de intensiteit in het publiek dat je anders steevast met een hardcore show associeert ontbrak alhoewel er toch een paar enkelingen zich aan een dansje waagden. Op zo een moment dan afkomen met een hardcore anthem als “Hardcore My Game” komt dan ook volledig niet over als het publiek niet meedoet. Wel pluspunten voor de Spineless cover want die was zeer goed uitgevoerd.

Ook het Finse Wasted die meer dan degelijke punk bracht werd een beetje genekt door de zwakke (edoch ondertussen grotere) publieksrespons. Zelfs was ik niet vertrouwd met het materiaal van deze band maar de punk die doorspekt was met invloeden van bands zoals Black Flag was zeker niet slecht. Je zag ook dat de jongens plezier hadden op het podium en hun hart in de muziek legden. Na een tijdje had je het echter toch wel gehoord en dreigde het wat langdradig te worden maar dat viel al bij al nog goed mee.

Ook met het materiaal van het Duitse Settle the Score was ik niet vertrouwd. In dit geval had ik dit liever ook zo gehouden want deze band krijgt van mij de prijs van saaiste band van deze editie (alsook de slechtste). Goed, van een hardcore band in deze stijl weet je al dat je niet echt veel origineels moet verwachten maar als je volledige repertoire enkel bestaat uit een herhaling van dezelfde dertien-in-een-dozijn riffs waar dan een kerel met een irritante ( dit is nog zacht uitgedrukt) stem een soort van hoge toontjes boven zit te smijten mag je je toch al eens serieus afvragen waarom deze band überhaupt fans heeft. Ok, allemaal slecht was het nu ook weer niet. Ik meen me één of twee goeie riffs te herinneren maar hiernaast was het huilen met de pet op. Ik vraag mij serieus af als die gasten nooit tijdens repetities doorhebben dat het nergens op slaat…

Om de vieze smaak van de vorige band weg te wassen was het nu tijd voor het geweldige Oathbreaker. Alhoewel ik deze band al enkele keren heb mogen aanschouwen blijft het toch fijn om ze aan het werk te zien. Hun liveshows zijn altijd fantastisch, ook deze keer was dit niet anders alhoewel het begin van de set geteisterd werd door een afschuwelijk geluid. Tegen het midden van de set werd dit gelukkig recht getrokken en maar goed ook. Op die manier kreeg Oathbreaker het geluid dat het verdiende en ze gebruikten dit ook god om een fantastische set neer te zetten. Al veel te snel was het voorbij en lieten ze mij op mijn honger zitten. Ondertussen was de zaal al heel wat voller gelopen en kregen ze de grootste publieksrespons tot nu toe.

Eerlijk gezegd had ik verwacht dat dit de kutband van de editie ging worden (dit was voordat ik Settle the Score aan het werk hoorde) en ging ik ook met zeer lage verwachtingen naar Nasty gaan kijken. De muziek is niet echt boeiend te noemen en met maar één semi-interessant album ( ‘Agression’) twijfelde ik even of ik deze band gewoon niet over zou slaan. Gelukkig deed ik dit niet want ze hebben mij enorm verrast. Goed, de muziek werd er niet beter op en veel nummers herkende ik niet maar de sfeer zat er echt in. Als ik er dan bij vertel dat Nasty zich voorneemt om de agressiefste band ter wereld te zijn kan je je al iets voorstellen. Frontman Matthi liet het publiek uit zijn hand eten en het ging hard. Zeer hard. Als je dan op een gegeven moment een kerel onder het bloed ziet afgevoerd worden weet je genoeg.

Na al die boze meneren muziek is het is tijd voor wat blij(ere) meneren muziek. Deze werd gebracht door A Wilhelm Scream. Ook bij deze band had ik oorspronkelijk niet echt bijster hoge verwachtingen maar deze verpulverden als sneeuw voor de zon vanaf de eerste noten werden ingezet. Alhoewel het publiek een stuk minder talrijk was dan bij Nasty lieten deze heren dit niet aan hun hart komen en speelden ze zich letterlijk in het zweet. Gedurende de gehele set was er geen enkel zwak moment te bekennen en de heren leken er ook plezier in te hebben (ondanks hun kater). De melodische hardcore punk van deze heren kan je nog het best beschrijven als een snellere, hardere ( en betere) versie van A Day To Remember en die werd vlekkeloos gespeeld. Die mogen zeker nog eens terugkomen.

Na een hoop afzeggingen mocht uiteindelijk het Nederlandse No Turning Back deze positie innemen om voor een laatste keer deze avond het volk te bestoken met eerder op de oude school gestoelde hardcore. Ik had deze band nog nooit eerder gezien en er werd mij een vurige show beloofd. Die heb ik eigenlijk niet gekregen. Pas op de show was niet slecht, zeker niet, maar bijzonder kon je het ook niet noemen. Het was eerder wat doorsnee en niet echt memorabel. Nochtans was er best wel wat publieksinteractie en speelden deze jongens ook de pannen van het dak. Deze energie sloeg echter niet op mij over. Jammer.

Wie bij de vorige band ‘de laatste keer’ zag staan en dacht “ Maar Yentl, er waren nog twee bands, waar heb je het over?” moet ik het volgende vertellen. Ik had het over de laatste hardcore band van de avond, nu namen de metaalhoofden het over en hoe… Exhumed mag zich onmiddellijk tot band van de dag kronen want hun show was immers fantastisch. De zaal liep aardig vol, de voorste rijen waren bezet en de pit ontplofte. De bikkelharde death metal met grind invloeden van deze heren werd enorm gesmaakt. Combineer dit met een gestoorde show ( hoe moet ik anders de kerel in dokterspak die met een kettingzaag over het podium liep en nadien de gitarist moest reanimeren noemen) en je hebt een perfect recept. Dit feestje was echter veel te vlug voorbij maar niet getreurd want nu was het tijd voor Toxic Holocaust.

Toxic Holocaust mocht de avond afsluiten en deed dit dan ook in stijl. De crossover thrash metal van deze heren zette de zaal in vuur en vlam en perste het laatste beetje energie uit de aanwezigen. Hoewel ze enorm hun best deden konden ze de show van Exhumed jammer genoeg niet evenaren. De heren deden erg hun best maar het publiek raakte niet meer op hetzelfde niveau zoals bij Exhumed. Begrijpelijk aangezien de fut bij het publiek waarschijnlijk aan het op raken was. Ook werd hun show een beetje verstoord door enkele wel zeer irritante fans die het nodig vonden om tussen de nummers door eventjes het podium op te stormen om foto’s te nemen met Joel Grind waarover de man toch ook wel zelf zijn ongenoegen liet blijken. Vreemd genoeg speelde Toxic Holocaust wel minder lang dan Exhumed alhoewel ze de headliner waren wat toch wel een beetje spijtig was.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/ieperfest-winter-2014/
Organisatie: Ieperfest, Ieper
(+ Genet Records)

Thalia Zedek

Thalia Zedek Band - In bloedvorm

Geschreven door

Het werd een hele mooie zondagavond, daar in de 4AD … Het begon al niet onaardig met de Gentse Reena Riot ofte Naomi Sijmons, dochter van wijlen Fons, bassist bij The Scabs na het vertrek van Berre Bergen naar De Kreuners. Voor het eerst opgemerkt tijdens een Radio 1-sessie van, jawel, The Scabs, haalde daarna in 2012 de finale van Humo's Rock Rally en kwam nu een nieuwe EP, die ze heeft ingeblikt met Mauro als producer, voorstellen.
Reena Riot bleek een zelfverzekerde en charmante verschijning op het podium, die over een paar geweldige en bijzonder wendbare stembanden beschikte. Een enkele keer klonk ze wat schril maar toch was het die stem die terecht voortdurend alle aandacht opeiste. Het was dan ook jammer dat die superbe stem omkaderd werd door muziek die veel te dicht bij de mainstream aanschurkte.
Naomi is opgegroeid tussen de platen van haar ouders (Muddy Waters, John Lee Hooker, Bob Marley,...) en die invloeden zouden te horen zijn in haar songs las ik ergens maar in Diksmuide was daar alvast niets van te merken. Toen ze haar gitaar inruilde voor de piano klonk het toch wat meer geïnspireerd maar meestal vond ik de groep (gitaar,bas,drums) veel te braaf, wat met een naam als Reena Riot toch wel anders had gemogen.

Nadat haar volledige tour vorig jaar nog gecancelled werd wegens gebrek aan voldoende belangstelling stond ze nu dus toch in de 4AD. Verre van uitverkocht maar toch had een behoorlijk aantal fijnproevers de weg naar deze club gevonden. Thalia Zedek lijkt al een eeuwigheid bezig : eerst in groepjes met namen als Dangerous Birds, Live Skull of Uzi, later in het gerenommeerde Come, waarmee ze een zekere cultstatus verwierf, en sinds 2001 solo. Of toch weer niet want sinds de plaat ‘Liars and prayers’ uit 2008 opereert ze onder de naam Thalia Zedek Band. Een logische beslissing want het was wel degelijk een groep die we aan het werk zagen.
Had ik bij een paar vorige concerten van haar nog het gevoel van "ok, sterk, maar zat er net niet iets meer in?" dan was het dit keer vanaf de eerste noten er pal op en werden we bij ons nekvel gegrepen om niet meer gelost te worden. De groep, die duidelijk op het toppunt van haar kunnen speelde, creëerde een spanningsboog vol onmetelijke schoonheid die niet meer doorbroken werd. Zelfs niet door een bassist die letterlijk naast zijn schoenen stond en duidelijk wat te veel lokale streekbieren had geproefd. Gelukkig had zijn basspel daar niet onder te lijden want dat ware zonde geweest.
Thalia Zedek kent blijkbaar een creatieve opstoot want na de schitterende plaat ‘Via’ van vorig jaar is er reeds een nieuwe EP, ‘Six’, terwijl ze vorig jaar ook nog een reünietour had met Come. Het waren gunstige voortekens die bewaarheid werden op het podium waar la Zedek in bloedvorm verkeerde. Haar unieke, getormenteerde stem joeg voortdurend koude rillingen over mijn rug terwijl ze ook op gitaar meer dan haar mannetje stond. Hetgeen ze tegenwoordig brengt staat eigenlijk niet zo heel ver verwijderd van haar Come-werk alleen klinkt het nu iets minder hard en vooral veel rijker. Dat laatste komt uiteraard door die twee andere protagonisten in de band die mede verantwoordelijk zijn voor die intense, melancholieke sound. Op viola : David Michael Curry (o.a. Willard Grant Conspiracy) en pianist Mel Lederman (Victory At Sea), beiden zeer bescheiden maar uitermate groots bezig. Rest me nog Winston Braman (bas) en nieuwkomer Jonathan Ulman (drums) te vermelden. Ik hoorde enkel hoogtepunten, de set kende echt geen enkele dip en toch vond ik één song er net iets uit springen : "Want you to know" dat een waarlijk bloedstollende uitvoering mee kreeg.

Na zowat anderhalf uur volgde na aandringen van een niet aflatende fan een derde bisnummer: Leonard Cohen's "Dance me to the end of love". Misschien wel het minste moment van de avond waarmee ik hier geen afbreuk wil doen aan die song. Nee, aan haar eigen nummers viel deze avond gewoon niet te tippen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/thalia-zedek-02-03-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/reena-riot-02-03-2014/

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Midlake

Midlake, met de ‘M’ van Meesterlijk

Geschreven door

Ze zijn op één hand te tellen, succesvolle bands die na de exit van hun frontman weinig of geen van hun artistieke pluimen verliezen. Het overkwam het uit Denton, Texas afkomstige psychedelische softrock gezelschap Midlake toen zanger Tim Smith midden in de opnames van een nieuwe plaat de groep verliet wegens ‘muzikale meningsverschillen’. Aan opvolgers voor Smith was er allerminst gebrek, om op de loonlijst van een groep als Midlake te staan moet nagenoeg elk bandlid immers een aardig stukje close harmony kunnen zingen. Uiteindelijk zette gitarist van het eerste uur Eric Pulido de stap richting spotlight, en verscheen eind vorig jaar met ‘Antiphon’ na drie jaar nog eens een vers Midlake album.

België en Midlake, het blijken de afgelopen maanden twee handen op één buik. Nadat vorige zomer de Club tent op Pukkelpop en eind oktober ook de Botanique zonder slag of stoot werden ingenomen was vanavond de AB aan de beurt, én staan de Texanen straks ook nog eens te blinken op de derde dag van Rock Werchter. Een groep zou er voor minder stadionallures beginnen van krijgen, wat zich bij aanvang van de set vertaalde in een overdosis decibels die ons onverwacht naar de oordopjes deed grijpen. Ergens wel doodzonde, want zo verdwenen de subtiliteiten die vakkundig zijn verstopt in nieuwe nummers als “Ages”, “Antiphon” en “Provider” als sneeuw voor de zon.
De zeskoppige band leek zich van geen kwaad bewust en musiceerde onder de hoede van nieuwbakken frontman Pulido erg geconcentreerd. Vanaf het grotendeels akoustische “Rulers, Ruling All Things” werd het volume wat teruggeschroefd en kreeg de groep meer grip op zijn muzikale mystiek. Zo kreeg het nieuwe bandlid Jesse Chandler zowel letterlijk als figuurlijk nu en dan de spot op zich gericht tijdens zijn middeleeuws aandoende dwarsfluitintermezzo’s, en gingen de stemmen van alle bandleden minus de drummer steeds beter ‘blenden’ tot een meesterlijke harmonie. Een eerste hoogtepunt zat er dus weldra aan te komen, en wat ons betreft ging een meeslepend “We Gathered In Spring” uit het doorbraakalbum ‘The Trials Of Van Occupanther’ (’06 ) met die eer lopen.
Grossierde Midlake op het vorige album ‘The Courage Of Others’ uit 2010 nog duidelijk in 70ies folkrock, dan lijken Pulido & co op hun nieuwste worp wat voorzichtige uitstapjes richting progpop te maken. In het erg knappe instrumentale “Vale” herkenden we om beurten flarden vroege Pink Floyd en Pavlov’s Dog, terwijl in het atmosferische “Corruption” The Alan Parsons Project nooit veraf bleek. De Texanen schakelden daarna moeiteloos over naar hun meer radiovriendelijke nummers waaronder de evergreen “Roscoe” en de op een repetitieve krautrock drijvende nieuwe single “The Old And The Young”.

Dat het recept van Midlake ook zonder enige vorm van muzikaal ballast moeiteloos overeind blijft bewezen de Texanen met verve tijdens de eerste encore. Je kon werkelijk iemand aan zijn bier horen slurpen tijdens een meesterlijke unplugged versie van “Antiphon”, een kampvuurmoment waarbij Pulido en drie van zijn maats dicht tegen elkaar gingen aanleunen en hun close harmony bangelijk perfect tot in de nok van de goedgevulde AB weerklonk.
Met het intimistische “Provider Reprise” en de symbolische afsluiter “Head Home” stuurde de groep alweer een tevreden Belgisch publiek huiswaarts. Als generale repetitie voor Rock Werchter kon dit dus wel tellen. Wedden dat de zusjes Haim die dag vol afgunst vanuit de backstage zullen meegluren?

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

London Grammar

London Grammar – Kort maar goed

Geschreven door

 Het gaat goed met de Britse muziek, zeker als we de toevloed van getalenteerde nieuwe acts bekijken. Denk maar aan George Ezra, Tom Odell, Sam Smith en, jawel hoor, London Grammar.

Het drietal heeft er een bewogen aantal maanden op zitten, met een carrière die in 2013 plots in een stroomversnelling raakte. Slechts een klein jaar geleden speelden ze voor een publiek van enkele honderden mensen; nu is dat al snel enkele duizenden. In januari tourden ze nog 'down under' in Australië, vorige maand in Engeland en op zondag lieten ze zich in Brussel van hun beste (hoewel jammerlijk korte) kant zien.

Een uitverkochte Orangerie keek reikhalzend uit naar de hoofd act, maar wist zich toch goed te vermaken met de opener Bipolar Sunshine. Een vrolijke band met aanstekelijke tunes die we zeker in de toekomst op de radio zouden willen horen. Mogen we zelf de readymade single "Rivers" voorstellen?

Hoofd act London Grammar liet jammer genoeg een tijdje op zich wachten, maar toen ze uiteindelijk toch op het podium stonden was het concert zoals iedereen het verwacht had: uitstekend. Een stem als een bel heeft ze, die Hannah Reid, en ze kan er uitzonderlijk effectief gebruik van maken.

De set was wat kort, slechts een goede 45 minuten, maar uit de context konden we afleiden dat het niet uit vrije wil was. Toen Hannah halverwege de set het podium even verliet om haar stem te gaan 'steamen' (of zo hebben wij het toch verstaan), kon je eigenlijk al weten hoe laat het was. Toch was het concert zeker de moeite waard want wanneer ze zong vielen alle puzzelstukken op hun plaats en slaagde de band er haast in om het publiek te hypnotiseren met de galmende muziek en die kristalheldere stem.
Bekende en onbekende nummers wisselden elkaar af doorheen de avond: "Darling Are You Gonna Leave Me" en "Interlude" vallen in de tweede categorie, terwijl oude gekenden "Strong" en "Wasting My Young Years" door het publiek enthousiast onthaald werden. Grote afwezige van de avond was "Nightcall", de Kavinsky cover die de laatste maanden hoog scoorde.

Ondanks het late begin en vervroegde einde zeker de moeite waard. Beste London Grammar: veel beterschap en kom snel terug! Beste lezer: indien je nog een opening vindt op je Rock Werchter schema deze zomer, London Grammar speelt op donderdag. Allen daarheen!

Setlist: Hey Now – Darling Are You Gonna Leave Me – Interlude – Shyer – Strong – Flickers – Sights – Stay Awake – Wasting My Young Years.

Encore: Metal & Dust

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/london-grammar-02-03-2014/
Organisatie: Botanique, Brussel

Young Fathers

Young Fathers - Nieuwe hiphop sensatie in de maak

Geschreven door

Er valt geen eenduidig etnisch profiel te schetsen van Young Fathers. Met roots tot in Liberia en Nigeria zou je de uitvalsbasis van dit multiculturele gezelschap eerder in de grimmige achterbuurten van Brooklyn dan in de gezapige hoofdstad van Schotland situeren. Een muzikale stijl afbakenen is nog problematischer.

Hiphop komt best in aanmerking, maar dan wel alleen indien alle hedendaagse clichés uit dit genre vakkundig weggemoffeld en vervangen worden door de withete furie van grondleggers als Public Enemy en Bad Brains. Laat je ook niet misleiden door ‘Dead’, de titel van de debuutplaat. Een dode boel is het zeker niet en de recensies van de plaat zijn wereldwijd lovend. In een goed gevulde Club was Young Fathers live al even indrukwekkend.
De flow tussen de 3 rappers
Kayus Bankole, Graham Hastings en Alloysious Massaquoi zat op elk nummer perfect en met opzwepende beats en drums in de rug werden vocale en fysieke acrobatieën van hoogstaand niveau geleverd voor een verbijsterd publiek.
Er werd vaak hard geblaft (“Get Up”, “No Way”, “Daedline”) maar af en toe ook mierzoet gezongen, zoals op de single “I Heard” die op dezelfde etherische R&B dynamiek van Frank Ocean dreef.
Al schemerde op hun beste nummer (“The Guide”) duidelijk de lome, rusteloze invloed door van de jonge Massive Attack, de periode toen Daddy G en 3D nog samen de lakens uitdeelden.  

Tussen ieder nummers door staarde Young Fathers met verwilderde blik het publiek in. Alsof ze zich telkens eventjes moesten opladen vooraleer zich opnieuw volledig te smijten. Wellicht waren ze daarom te uitgeput om nog een bisnummer te brengen. Meteen het enige minpuntje van een sensationeel concert.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/brihang-02-03-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/young-fathers-2-3-2013/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Pagina 595 van 966