logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Kreator - 25/03...
Kreator - 25/03...

Isobel Campbell & Mark Lanegan

The Beauty & The Beast

Geschreven door
De Vooruit ontvangt doorgaans de betere rockband, van trendy tot tijdloos, maar zelden gespeend van decibels. Niet zo afgelopen zaterdagavond dus, toen de Schotse engel Isobel Campbell en de Amerikaanse grunge-survivor Mark Lanegan met hun intieme luisterliedjes in de Gentse rocktempel neerstreken voor een uitverkochte affiche. Pers en publiek zijn het er over eens dat dit gelegenheidsduo met het album ?Ballad of the Broken Seas? verantwoordelijk was voor één van dé muzikale wapenfeiten van 2006. Op dit album laten ze zich spontaan een soort Beauty & The Beast imago aanmeten onder de vorm van een onwaarschijnlijke combinatie van frèle en rauwe vocals die eerder reeds Lee Hazelwood & Nancy Sinatra of Nick Cave & Kylie Minogue (muzikale) hoogtepunten lieten bereiken.

Vergezeld van een vierkoppige begeleidingsband bleek opener ?Revolver? meteen een welgemikt schot in de roos. Ingeleid door spaarzame percussie en desolaat gitaargetokkel zette de gedeclameerde samenzang van de zeer statische Campbell & Lanegan de toon voor de rest van de avond. Tot de andere hoogtepunten waar het etherische engelengezang van Campbell en de door rook en levenspijn doordrongen stem van Lanegan wonderwel samenvloeiden behoorden zeker ook ?Deus ibi est? en ?(Do You Wanna) Come Walk with Me??. Nagenoeg alle nummers op ?Ballad of the Broken Seas? zijn van de hand van Campbell, geen wonder dus dat dit ex-lid van Belle & Sebastian nu en dan zelf de show mocht stelen met ?Black Mountain?, ?Saturday's Gone? of het aan Nick Drake schatplichtige instrumentaaltje ?It's Hard to Kill a Bad Thing?. Op de tonen van ?The Circus is Leaving Town? kreunde Lanegan ?The party's over now, so draw the curtains down?, een passend einde van het eerste deel van het concert. Tijdens de twee bissen werd de gemoedelijke sfeer een ietsje venijniger. Na een klein fysiek opstootje ter hoogte van de bar zetten Campbell & Lanegan passend ?Ramblin' Man? in, een doorleefde cover van een Hank Williams original die van een vuil countryblues randje werd voorzien.

Het was meteen het sluitstuk van een geslaagd anderhalf uur in een onbezwete Vooruit, ondergetekende dook voldaan en stilletjes neuriënd op het refrein van ?Saturday's Gone? de nacht in ...

John Cale

Eigenwijze John Cale wisselt solide rock af met gedurfd experiment

Geschreven door
Met zijn live set paste John Cale zowat dezelfde formule toe als op zijn laatste voortreffelijke album `Black Acetate', een mix van solide rocksongs en lekker tegendraadse experimentele uitstapjes.

Om het weinig talrijke publiek warm te krijgen liet Cale geheel eigenwijs een kwartier drone en distortion door de zaal galmen om daarna in te zetten met een compleet vervormd en bijna onherkenbaar ?Heartbreak Hotel?. Van een gedurfde opener gesproken. Cale gordde daarna algauw de gitaar om en gooide een paar felle en smaakvolle rockers in de zaal, waaronder een indrukwekkend ?Helen of Troy? en de betere stevige nummers van zijn laatste plaat ?Turn the lights on? en ?Perfect?. Af en toe waagde John Cale zich vanachter zijn keyboard aan wat meer experimentele songs en soundscapes, maar in tegenstelling tot het zootje dat hij er soms van maakte te Tourcoing (Grand Mix) vorig jaar, haalde hij deze keer niet de vaart uit zijn eigen optreden. De experimentele partijen waren iets minder nadrukkelijk aanwezig en kwamen nu wel op de juiste momenten.

Géén Velvet songs deze keer, beetje jammer misschien, maar Cale's solo repertoire is op zich al indrukwekkend genoeg om vijf live sets te vullen. Cale weet dat zelf ook wel en wist de wensen van zijn fans in te willigen via enkele niet kapot te krijgen klassiekers als daar waren een kolkend ?Dirty ass rock'n'roll?, een prachtig ?Cable hogue? en de ingehouden parels als ?Chinese Envoy? en uiteraard ?Close watch?. Absoluut hoogtepunt was nog maar eens het neurotische ?Fear?, hier zeer kort maar bijzonder fel, intens en krachtig.

John Cale mag dan al zestig zijn, hij heeft nog niet aan drive, kracht en credibility ingeboet en verrast de wereld nog altijd met zijn steeds originele albums en live sets. Alleen maar jammer dat weinig dat doorhebben, voortgaande op de magere publieke opkomst van de avond. De fans van weleer mogen allicht het huis niet meer uit (behalve wij dan) en voor nieuwe fans is de eigenwijze muziek van Cale niet hip genoeg. Dat zal ons een zorg wezen, kwaliteit overleeft altijd de hypes.

Organisatie: Aéronef, Lille

Corinne Bailey Rae

Like a star

Geschreven door
Corinne Bailey Rae, een 27 jarige sympathieke, frêle jonge dame, debuteerde sterk vorig jaar met haar sfeervolle, dromerige licht heupwiegende semi-akoestische souljazzypop; fijn, subtiel uitgewerkt songmateriaal onder haar warme, helder overtuigende emotievolle stem. Ze excuseerde zich voor het uitgestelde concert in oktober vorig jaar, want een onverwachts succesvolle Amerikaanse tournee deed de Europese uitstellen tot dit voorjaar.



De ontwapende enthousiaste spring- in-`t-veld bracht op stijlvolle wijze -innemend en freakend- aangename, genietbare romantische pop, begeleid door een negenkoppige band (twee backgroundzangeressen, een blazersectie, toetsenist, drummer, bassist en een gitarist); een rijkelijk geschakeerd geluid door klasse muzikanten, wat sterk werd geapprecieerd. De set bestond uit nummers van haar debuut, een paar b sides en `helden' die haar hebben beïnvloed.

Meteen op de breed georkestreerde opener ?I `d like to? bewees ze haar gouden stemkwaliteit. Op de innemende ?Breathless? en ?Enchantment? speelde ze zelf akoestische gitaar. ?Trouble sleeping?, prachtige souljazzypop, gaf wat meer vaart. Een eerste held werd Jimi Hendrickx: ?Long hot summer? had een directer rockvlaagje, weliswaar ondergedompeld in de Bailey Rae stijl. ?Call me when you get this? was de `driving-at-home-nightsong'. ?No love child? was één van haar b sides, die een forse percussie meekreeg. Vervolgens klonk het gezelschap ingetogen, rustig en sfeervol op ?Butterfly?, ?Till it happens to you? en het nieuwe ?I won't let you lie to yourself?. Ze eindigde met haar bekende singles ?Like a star? en het groovy ?Put your record on?.

Haar onschuldige glimlach, het handjesgezwaai en de `bedankingskes' over de `open minded' houding van het publiek onderstreepten de fijn, knus, gezellige set.

In de bisronde liet Bailey Rae eerst de blazersectie en de backgroundzangeressen links; op ?Choux party heart? (haar persoonlijke lieveling van de cd) was zij alvast een muzikale ster. ?Since I`ve been loving you? van Led Zeppelin, gekenmerkt door een mooie opbouw, kreeg een eigen tint door piano en toetsten. In een basisbezetting kwamen deze nummers wel aardig tot hun recht. Na een klein anderhalf uur besloot ze met ?Seasons change? (origineel van Stevie Wonder) waar iedereen terug van de partij was.

Corinne Bailey Rae beleefde een gezonde dosis spanning op deze tweede dag van haar Europese tournee. Ze zorgde alvast overtuigend voor een tof avondje souljazzypop en wist met haar sympathieke uitstraling en bedankjes het publiek volledig in te palmen! ?Like a star? was terecht?voor haar bedoeld!

Als support act trad de jonge singer/songwriter Jack Savoretti op. Hij won totaal onverwachts in een klein half uur het publiek voor met enkele dromerige pakkende akoestische gitaarsongs: een fijnzinnig gitaarspel, mondharmonica en z'n gevoelig heldere stem. ?Dreams?, ?Soldier's eyes?, ?Without? en ?Ring of fire? (eerbetoon aan Johnny Cash) waren erg sterk.

Hij was onder de indruk van de warme respons en het enthousiasme van het publiek. Hij verliet de bühne met een traan. Mooi toch?

Savoretti onderscheidde zich alvast van talrijke singer/songwriters. Te onthouden!

Organisatie: Live Nation

House Of Lords

Like a star

Geschreven door
De Amerikaanse band House Of Lords is momenteel opnieuw op tour doorheen Europa. In oktober vorig jaar waren ze een allereerste keer live te zien op Belgische bodem. Helaas waren we er toen (in Bob's Biebob) niet bij. Ook tijdens het tweede deel van hun Europese tournee stond België op hun lijstje. House Of Lords is een band die vooral furore maakte in de gouden `melodic rock' jaren'90. De band ontstond uit de resten van de band Giuffria. Hun eerste titelloos debuutalbum was erg succesvol en werd toen geproduceerd door niemand minder dan Gene Simmons van Kiss. Na het derde album 'Demons Down' hield de band er mee op. Grunge muziek vierde toen hoogtij en voor een melodieuze rockband als House Of Lords was er toen bijna geen aandacht meer. In 2004 keerde de band terug met het zwaar tegenvallende album: 'The Power Of The Myth'. Gelukkig viste Frontiers Records deze band terug op en met 'World Upside Down' uit 2006 is de band aan een nieuw, tweede leven begonnen. Helaas is er van de originele line-up weinig overgebleven. Enkel zanger James Christian is nog van de partij. Live bestaat House Of Lords nu uit: Jimi Bell (guitars), B.J. Zampa (drums) en Chris McCarnill (bass).



Voor House Of Lords aantrad kregen we eerst nog Midnite Sun uit Italië. Niet zo'n geslaagde zet om op deze doordeweekse dag nog een voorprogramma te programmeren. Bovendien klonken deze Italianen zeer oubollig en sprak hun potige clichéhardrock mij totaal niet aan. Maar goed deze jonge leeuwen moeten zich ook eens kunnen bewijzen en de heren zelf hadden het eigenlijk wel naar hun zin.

Na een vrij korte pauze begon Christian en de zijnen aan hun optreden met "Sahara" uit het gelijknamige album uit 1990. De geluidstechnieker had waarschijnlijk een immense hal voor 'oren', want tijdens de eerste 3 songs stond de volumeknop veel te hard. Gelukkig zag hij zelf zijn eigen fout in waardoor het geluid gedurende het optreden steeds beter werd. Het was evenzeer schrikken toen we de kolos James Christian mochten aanschouwen. De man moet tegenwoordig heel wat extra kilootjes meeslepen. Bovendien hield hij er soms een wat gemaniëreerde podiumperformance op na. Zo was hij met zijn onheavy uiterlijk toch wel het buitenbeentje van de band. Gelukkig bleek zijn stem nog steeds intact. Ik weet dat er na het vorige optreden in de Biebob veel discussie is ontstaan of alles wel live werd gebracht. Velen hadden het vermoeden dat toen nogal wat 'backings' en leadvocalen op band stonden. Wel, ik heb er eerlijk gezegd ook mijn twijfels over. De backingvocalen klonken tijdens dit optreden zo perfect en authentiek waardoor je gaat veronderstellen dat er eventueel wel het één en ander op tape zou kunnen staan. De synthesizer en keyboardbegeleiding stonden zeker op tape. Dit was echter nooit storend (tenzij tijdens de bassolo "Deamon Wheel"). Toch is het jammer dat er live geen gebruik werd gemaakt van een volwaardige keyboardspeler. Dat zou de House Of Lords sound zoveel rijker en voller hebben gemaakt. Nu werden de powervocals van James vooral gesteund door de stevige gitaarriffs van de linkshandige gitarist Jimi Bell. Hierdoor klonk House Of Lords live een stuk steviger en minder melodieus. Maar de songs, die stonden als een huis! Up-tempo melodieuze rocksongs werden afgewisseld met bloedstollende ballades ("Love Don't Lie"!). Veel songmateriaal kwam uit het debuutalbum maar ook de songs uit het nieuwe 'World Upside Down' (met o.a. een waanzinnig mooi "S.O.S. In America") werden zeer hartelijk onthaald. Zowel Jimi Bell als Chris McCarnill mochten zich even in de kijker spelen. James Christian zong de sterren van de hemel. Enkel tijdens de melige ballade 'Your Eyes' liet hij een steekje vallen. Hoogtepunt van de avond was het semi-akoestische "Can't Find My Way Home". Een dolenthousiaste fan wou ook nog "Pleasure Palace" horen, waarna de band prompt dit nummer bracht. Maar natuurlijk zat dit reeds geprogrammeerd in deze afgewerkte, typische Amerikaanse show. Als toegift was er het wat lachwekkende, flauwe "Gone", de Japanse bonustrack van 'World Upside Down'.

De opkomst voor dit avondje robuuste melodieuze rock was behoorlijk en het deed de fans heel veel plezier toen de bandleden na het optreden tijd maakten voor hun aanhang en met hen een Belgisch biertje dronken. Fijne mensen die gasten van het Hogerhuis!



Organisatie: Spirit Of 66, Verviers

The Frames

Boeiende band

Geschreven door
The Frames zijn een Ierse band onder zanger/gitarist en componist Glenn Hansard, een gevoelig man die fantasierijke, soms gruwel aandoende verhalen en eigen indrukken over dagdagelijkse zaken, aan het publiek wist te vertellen. The Frames balanceren tussen indierock, folk, postrock en slowcore.

Ze bieden sfeervolle, dromerige songs, waarin een mate van dramatiek is verwerkt, live mooi uitgediept, en directer, krachtiger en noisier konden klinken. Een eerste kennismaking gebeurde al op het Cactusfestival; de band kon openlucht onvoldoende de aandacht trekken; in zaal bleek duidelijk dat ze tot hun volle recht kwamen.

The Frames speelden ruim twee uur een uiterst afwisselende, boeiende set en onderstreepten een sterk samenspel van gitaar, bas, viool en drums. Zelfs een vermanende houding naar één van de fans deed Hansard niet van z'n voetstuk brengen; een assertief man die z'n mening weergeeft.

Het vijftal bracht met de jaarwisseling een nieuwe cd `The Cost' uit; in de lange set stelde de band z'n vijftienjarige carrière voor, en putten regelmatig uit hun recente plaat.

Een instrumentale postrockopener leidde de titelsong in van het recentste album, wat muzikaal garant stond voor de ganse avond: intens, meeslepend materiaal, dat een sterke opbouw en diverse tempowisselingen had, mooi kon aanzwellen en fijnzinnig, subtiel én forser, vitaler kon klinken?Candlelight music met een forse windbries! De groep deed denken aan de live reputatie van Greg Dulli's Afghan Whigs of Twilight Singers.

?Keepsake?, ?Rise?, ?God bless? en ?What happens? lagen in dezelfde lijn, waarbij Hansard voor elke songs een verhaal of indruk klaar had. ?Stars are underground? , ?Finally? en ?Revelate? waren de meer felle, krachtige songs;

Er waren intieme songs, maar het vijftal gaf ze een snedige tint. Het was enkel bij ?Hard way out? en ?Friends en foe?, en in de bisronde, dat de band spaarzamer en soberder speelde en zelfs z'n voorliefde aan Will Oldham prees.

Naar het eind toe werd het tempo terug aangescherpt: meeslepende, bedreven songs die mooi werden uitgesponnen: ?Fake? werd gekoppeld aan Johnny Cashs ?Ring of fire? en onder een donkere rode Valentijngloed speelden ze ?Sante Maria?.

In de lange bis was er eerst ruimte voor de virtuositeit van violist Colm Mac An Iomaire. De klemtoon kwam op ingetogen songs waaronder ?Lay me down? en ?Sad songs?, bepaald door het gitaargetokkel, het vioolspel en de pakkende stem van Hansard. Hij liet het publiek het refrein en talrijke `oohoohs' meezingen. In ?Mighty sword? was de ganse band opnieuw present en met een Will Oldham song (hoe kon het anders) besloten ze de twee uur durende set.

Het sympathieke The Frames speelde een afwisselende set, hield het publiek in z'n greep had en balancerende tussen een beklemmend, pakkend sfeertje en extravertie.

Als support act trad Bell x 1 aan, die ik al aan het werk zag met Starsailor, een paar jaar geleden. De groep, die maar geen armslag kent, verzorgde met z'n drieën een semi-akoestische, intieme, emotievolle set: een subtiel, fijn gitaarspel en drie sterke stemmen. Een `Lazy Sunday' evening gevoel. Ze klonken op het eind feller en speelden als een ontketende Luka Bloom op hun gitaren. Depeche Mode's ?Enjoy the silence? pakten ze uiterst origineel aan. En nu maar hopen dat de groep niet steeds aan het publiek voorbijgaat?

Organisatie: Botanique Brussel

The Rifles

Beheerste postpunk

Geschreven door
In de Petrol te Antwerpen kregen de twee bands Confuse The Cat en The Rifles evenveel tijd om zichzelf live voor te stellen.

Geert Plessers is al een paar jaar bezig, na het Reiziger avontuur, met Confuse The Cat. De band bood een aanstekelijke, dynamische en vitale set gedurende zo'n 45 minuten. Het vijftal proeft van postrock, Britse postpunk en waverock. Een fris, springerig geluid, dat het vijftal injecteerde op het podium. Ze putten rijkelijk uit hun terechte doorbraakplaat (derde plaat reeds!) `We can do it'. Plessers ontpopte zich op het podium als een Paul Smith van Maximo Park of als een Alex Kapranos van Franz Ferdinand; één van de gitaristen leek als twee druppels water op een Fun Boy Three-er.

Confuse The Cat gaf er een ferme lap op met puike songs als ?The deepest blue?, ?Shockwaves?, ?Principessa? (een Daddy Cool strofe in de outtro) en de opzienbarende single ?Akela?.

The Rifles zijn een jong bandje uit Londen die een mooie toekomst tegemoet kunnen gaan, net als geestesgenoten The Kooks en The Subways. In een kleine 50 minuten speelden ze een twaalftal drie minuten songs. Het viertal, onder zanger /gitarist Joel Stoker, bracht een sprankelende, energieke set, waarin af en toe ruimte was voor sfeervoller materiaal. Melodieus opzwepende `to the point' postpunk, die nauw leunt aan de `70's van The Jam: korte, kernachtige en snedige songs!

Na een Stooges intro, trok het viertal meteen fel van leer met enkele rechttoe-rechtaan songs als ?She's got standards?, ?One night stand? en ?Hometown blues?. Melodieus verfijnder klonken ?She's the only one?, ?New one? en ?Spend a lifetime?; door het semi-akoestische gitaarspel en melodica was dit een aangename en een mooie afwisseling. Een bredere aanpak die werd geapprecieerd. ?Peace & quiet?, het muzikaal uitgangsbord van dit jong bandje, krikte het tempo terug op; ?Robin Hood?, ?Repeated offender? en de titelsong van de cd `No love lost' volgden in sneltempo. ?Narrow minded social club? was dromerig en besloot samen met het punky ?Local boy? het kleine uurtje beheerste postpunk, onder een fijne melodie en een emotievolle zang.

Org: Petrolclub, Antwerpen

Nine Inch Nails

Vitaliteit is nog niet verloren

Geschreven door
Trent Reznor, spil van NIN, is één van de voornaamste exponenten van de industrial/electrorock.. Hij liet de voorbije jaren de clubs in België terzijde en koos voor tweemaal Werchter, toen `The Fragile' (`99) en `With Teeh'('05) verschenen; NIN speelde twee overtuigende gigs, wat me een fijne herinnering opleverde. NIN concerteert in de AB op 18 en 19 maart; de band hield drie weken eerder halt te Lille. Ik was uiterst nieuwsgierig!

Sommige momenten had ik het gevoel dat m'n trommelvliezen waren doorboord. Een stevig, gebalde sound, gekenmerkt door logge, loodzware ritmes en een donker dreigende ondertoon, pittig gekruid door een pak (synthi) beats per minuut, fuzz en noise. NIN bood een `wall of sound' door een perfect op elkaar afgestemde band en mans grauw overtuigende stem; de bezetting bestond uit Twiggy Ramirez (echte naam Jordie White en bassist bij Marilyn Manson en deel uitmakend van de nieuwe band van Chris Goss (Masters Of Reality)), Joss Freese (drummer van A Perfect Circle geweest), Aaron North (geschifte gitarist, ex The Icarus Line) en Alessandro Cortini (keyboards). Stroboscoop en lichteffecten (boven Reznor en z'n band hingen grootse lampen van gedempt wit licht) gaven elan. Een muzikale tornado, een huiveringwekkende set, waarin af en toe een rustpuntje zat toen Reznor op piano speelde. Een man in topvorm!

Hij grossierde door z'n oeuvre, waarbij de klemtoon lag op ouder werk, hij lichtte een tipje van de sluier op,van de in april te verschijnen nieuwe cd `Year Zero' (hij heeft nu geen vijf jaar op zich laten wachten voor nieuw werk!) en de klassiekers werden niet vergeten.

NIN: na bijna twintig jaar behouden ze het voortouw!

Vijf schimmen betraden het podium in een rookgordijn; een mistig decor over de twintig nummers. Al bij de eerste song liet Reznor zich volledig gaan. ?Love is not enough? was één van de weinige recente songs die we zouden horen. Het tempo werd strak en stevig gehouden met ?Terrible lie? (de ideale song bij afbraakwerken!) en ?March of the Pigs?. Gitarist North had z'n punkveren nog niet verloren en dolde als een gek rond op het podium. ?Closer? en ?Reptile?, werden ondergedompeld in een felle rode gloed, hadden een monotoon ritme, boden stroomstoten en balanceerden tussen intimiteit en dynamiek. De Natural Born Killer song ?Burn? leidde de dreiging in van songs als ?Gave up?, ?Help me, I'm in a hell? en ?Eraser?, in een decor van half gedempt wit licht en rode flikkerlichten op de leden. Fijn gevonden!

Tijd voor een rustpunt van een paar minuten in de pianoballade ?La mer? die de ze linkten aan ?Into the void? die aanzwol om tot uitbarsting te komen. De nieuwe song ?Survivalism? refereerde deels naar de trance van The Young Gods en met songs als ?Wish?, ?Suck? en ?Down in it? bereikten ze een mooi hoogtepunt. Fijn.

?Hurt?, ode aan Johnny Cash, startte intiem en sober; om kippenvel van te krijgen? Cash leek herboren?!, na een paar minuten zwol het nummer aan met de band. ?The hand that feeds? en ?Head like a hole? mochten de set definitief besluiten.

NIN: een dynamische, donkere set van een man, ?een band, die de vitaliteit nog niet is verloren; jongere bands hebben er het opkijken naar!

Support act was The Popos, een Amerikaanse band met Indiase roots. Een goed half uur traden ze op en verrasten aangenaam voor wie van noise, grunge, psychedelica en `80's wave hield.

Organisatie: FLP, Lille

The Decemberists

Van alle markten thuis

Geschreven door
Lavender Diamond, een viertal uit LA, nestelt zich ergens tussen Bjork, Joanna Newsom, Cat Power en CocoRosie. Zangeres Becky Stark, in een onschuldig kleedje en bloemetjes in het haar, bewoog zich als een ballerina of als een nymf over het water. Het viertal bracht sfeervol dromerige freefolk/elektronica popsongs, af en toe forser en feller, gedragen door de hemels, hoge, breekbare stem van Becky. Het deed me denken aan XTC's ?Grass??looking at the blue sky. De onschuldige flowerpop verraste en werd sterk onthaald.

The Decemberists uit Portland, Oregon, onder de charismatische zanger/gitarist Colin Meloy en Jenny Conlee op toetsen/accordeon, is een uitgebreid gezelschap, dat al voor de twee maal halt hield in de Botanique. Vorig jaar kwamen ze langs voor de doorbraakcd `Picaresque', en onlangs verscheen `The crane wife'.

Deze Amerikaanse tegenhanger van Belle & Sebastian en Arcade Fire leveren de ideale soundtrack bij bizarre verhalen, legendes en dichtbundels; in hun knap gearrangeerde, sfeervolle en broeierige pop zit een Keltische folky ondertoon. Ze verwerken zelfs `70's psychedelica van Pink Floyd en Focus. Het songmateriaal is boeiend door de avontuurlijke aanpak, heeft een opzwepend ritme en krijgt kleur door een uitgebreid instrumentarium als staande bas, accordeon, draailier, viool en steel pedal.



The Decemberists boden een fijne, subtiele afwisselende set, betrokken en animeerden het publiek door leuke interventies, verhalen en anekdotes. Een knus en gezellige show van een goed anderhalf uur, waar de klemtoon lag op de recente twee cd's. In een musicalsfeertje vatte het zestal de set aan. Eén van de drie ?The crane wifes?, mooi uitgesponnen, opende de set, gekenmerkt door een spannende opbouw, een intrigerend psychedelisch klinkend orgeltje en een folky inslag. ?The island? en ?Billy? klonken innemender. Een ELO refererende ?We both go down together? klonk broeierig. ?The engine driver? (wat een psychedelica intro!) speelden ze uiterst sfeervol bepaald door fijne gitaargetokkel en toetsen. ?Shankill? werd spaarzaam begeleid, gedragen door accordeon, gitaarspel en Meloys overtuigende stem. Een niet terug te vinden track ?Culling?, was freaky, met de zanger als podiumbeest in een hoofdrol. Na het poppy ?Oh Valencia? jamden ze, op verzoek, ?Breakfast in America? van Supertramp. Plezierig! ?16 military wives? vormde alvast de apotheose: Meloy verdeelde de Bota in vier en liet het publiek in kano `meeoohhen'. Het meeslepende ?Sons & Daughters?, samen met de leden van Lavender Diamond, kreeg een tof tintje: folky/gospel door draailier, accordeon, een meezinggehalte en handgeklap.

De bis werd aanvankelijk sfeervol ingezet met ?Angels & Angels? en ?Eli, the barrow boy?. ?July July?, een snedige poprocksong van hun debuut uit 2002, werd aardig gekruid door een dosis fuzz en distortion; drummer Holbrook waagde een weirdo danspas en Meloy jamde een drumpartijtje, wat het einde van de set betekende.

We beleefden met het sympathieke zestal een fijn avondje speelplezier en animatie. De ideale aanzet voor een zware zaterdagnacht?

Organisatie: Botanique, Brussel

The Rapture

The Rapture kreeg de vonk er niet in

Geschreven door
Le Grand Mix had zich voorzien op een spetterend avondje punk-funk en was dan ook uitverkocht. Dat zal ook wel te maken hebben met de vorige geslaagde passage van deze New Yorkers in Tourcoing.

Maar The Rapture liet ons een beetje op onze honger zitten. De gretige en felle funk- en punky opstoten die we verwachtten kwamen er niet uit. The Rapture verzuimde zelf om er een feestje van te maken door hun songs veel te keurig en te verzorgd te spelen. Alle nummers leunden te dicht aan bij de originele studio versies en kregen live niet de panache die ze boven zichzelf zouden moeten doen uitstijgen. Niet dat de heren hier slecht aan het spelen waren, want we twijfelen er niet aan dat ze het kunnen, daarvoor hebben ze de songs, de sound en de attitude. Ze waren alleen het buskruit vergeten. De vonk sprong er gewoon niet uit, de vlam zat er niet in.

Bij momenten, maar die waren er te weinig, liet The Rapture uitschijnen dat het er wel degelijk in zit. Naar het einde toe begon hun set wat te gloeien en te bruisen, vooral in de bisnummers ?First Gear? en ?Olio?. Ook ?I need your love? en ?House of jealous lovers? konden onze goedkeuring wegdragen. Maar we hadden meer verwacht. Iemand moest uit het publiek gesprongen hebben om die gasten met een flinke trap in hun ballen wakker te schudden, of de verantwoordelijken van de catering hadden toch maar beter wat meer pili pili en tabasco in hun spaghetti gedaan.

Nochtans hadden onze Brusselse vrienden van Montevideo als voorprogramma voor een aangename opwarming gezorgd met een sound die in hetzelfde straatje is te situeren van The Rapture (of ook Radio 4 en aanverwanten), een bijzonder gedreven lefgozer van een zanger en een band die de gitaren krachtig kon doen kletsen en botsen.

Een lekker voorspel dus, alleen wisten The Rapture de zaal niet verder op te geilen zodat niemand echt is klaargekomen. Jammer.



Wij zien het als een half gemiste kans van wat toch wel een fijn groepje is met aanstekelijke dansbare songs en puntige ritmes. De prima platen `Echoes' en `Pieces of the people we love' zijn daar het levende bewijs van.

Volgende keer beter.

Organisatie: Le Grand Mix, Tourcoing

Clap Your Hands Say Yeah

Band doet naam alle eer aan

Geschreven door
Clap your hands say yeah is een New Yorks vijftal dat op geen mum van tijd een cultstatus ontwikkelde. Ze waren aangenaam verrast dat hun begin vorig jaar verschenen debuut op zoveel respons kon rekenen. CYHSY brengt een aanstekelijke en broeierige mix van `70's retrorock, psychedelica en americana (ergens tussen The Feelies, Grandaddy, Mercury Rev en Arcade Fire), op een losse en speelse wijze gespeeld, onder die zeurderige, melancholische zang van Alec Gunworth, die op het podium verzonken is in z'n eigen leuke leefwereld.



Live gaven ze de songs een freakend en steviger karakter, soms uitgesponnen door de repetitieve opbouw en subtiele ritmes, wat vooraan een party sfeer creëerde. CYHSY bouwde z'n set zorgvuldig op. De titelsong van de tweede cd ?Some loud thunder? opende. Meteen kwam band en publiek op dreef met het uiterst groovy en dansbare ?Satan said dance?, één van de sterkste songs, fijn uitgewerkt, die de dansspieren prikkelde; snedige gitaarlicks, psychedelische elektronicatunes, een diepe bas en een opzwepende percussie, onder die bezwerende vocals.

?Is this love? klonk iets gematigd en leidde enkele sfeervolle nummers in ?Love song 7? en ?Details of the war?, wat de vaart in de set afnam, maar een aangename afwisseling en variëteit betekende.

In het tweede deel hield de band het publiek in z'n greep met een prachtkeuze: ?In this home on ice?, klonk strak en emotievol, ?Yankee go home? speelden ze krachtiger, ?Over & over again? en ?Upon this tidal wave of young blood? (dit leek de reünie van The Feelies wel!) waren alvast de ambiance/smaakmakers. De nieuwe ?She smiles? begon intiem, bouwde op en werkte naar een climax door blazersectie en Gunworth op megafoon. Spannend!

Tweemaal kwamen ze terug, waarbij het dansbare tempo eerst werd aangehouden met ?The skin of my yellow country teeth?, dan pakten ze Neil Youngs ?Helpless? origineel aan en ?Heavy metal? mocht fors en een krachtig de set besluiten.

CYHSY zorgde voor een afwisselende, genietbare set, die opvallend het Franstalig landsgedeelte optrommelde. Het was heupwiegen en dansen op de meeslepende, broeierige groovy sound. Ze waren zelf onder de indruk en beleefden een tof avondje speelplezier met een uitgelaten menigte. CYHSY deed z'n naam alle eer aan.

Cold War Kids is een beloftevolle band uit L.A., die we al aan het werk zagen met Two Gallants te Tourcoing. Het viertal heeft invloeden van Starsailor, Ben Folds, Nick Cave en Gomez. Hun songs zitten melodieus en subtiel in elkaar, zijn soms hyperkinetisch en balanceren tussen intimiteit en dynamiek. Na hun EP, vorig jaar, verscheen onlangs het debuut `Robbers & Cowards'. ?Hang me up to dry? en ?We used to vacation? injecteerde de band tot ups & downs op het podium. ?God, make up your mind? en ?Hospital beds? hadden een goede drive. Cold War Kids was een fijn bandje; ze gaan een mooie toekomst tegemoet.

Organisatie: Live Nation

Pagina 959 van 962