logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (36 Items)

Black Leather Jacket

Trix -29.11.2019- live EP

Geschreven door

Eind vorig jaar stelde Black Leather Jacket hun debuut “Tranquilizer” voor in de Trix , 29 november 2019, in Antwerpen. Deze EP bevat vier nummers die toen werden gespeeld. We horen een energieke en enthousiaste band. Er wordt geopend met “If You’re Waiting For A Sign” waar de song na het stilvallen terug opstart met een meezingmomentje om zo naar het einde te gaan. Na de adrenalinestoot komt een lichtjes meer melancholische track, “A Burnt Child Dreads Pt II”. Een nummer dat live nog sterker klinkt en waar ik helemaal weg van ben. “Intoxicated” wordt live tot maar liefst zeven minuten uitgewerkt. Afgesloten wordt er met “Western World”.
Een mooie set up en een hebbedingetje voor de fans alvast. We krijgen hen te horen zoals ze live ook klinken: energiek, onstuimig ,  niet altijd perfect maar met het nodige spelplezier. Meer moet dat niet zijn.

Garagerock
Black Leather Jacket
Trix -29.11.2019- live EP
 

Jack Poels

Blauwe Vear -single-

Geschreven door

Jack Poels is al 35 jaar de zanger van de Nederlandse band Rowwen Heze. Pas nu probeert hij het solo. De blauwe veer staat symbool voor de trigger die hem deed besluiten eens alleen de studio in te duiken. Op de dag dat zijn zoon naar Seoel vertrok, vond hij ook die blauwe veer en dat zette het hele proces in gang.
Poels kan op ‘Blauwe Vear’ makkelijk overtuigen. Tuurlijk is het anders.  Niet de punky-prettige americana-oorlogsmachine die Rowwen Heze soms kan zijn, maar dat verwachten we ook niet. De bezetting is minimaal, met enkel piano en gitaar, maar die volle stem van Poels en dat sappige Limburgs maken met de introspectieve lyrics, een beetje kwetsbaar zelfs, dat je in deze drie minuten een volledige maaltijd voorgeschoteld krijgt. Poels zingt ook anders, met meer variatie in de toon en met meer emotie dan we van hem gewoon zijn.  Als de rest van het album hetzelfde niveau haalt, wordt dit een album om echt naar uit te kijken.

Black Leather Jacket

Tranquilizer

Geschreven door

2019 was het jaar van Black Leather Jacket. Hun nummer “Village People” kwam tot op plaats 3 in de Afrekening van Studio Brussel. Om hun muziek ergens te situeren neem je het best een blend van de Black Box Revelation, Sons en Equal Idiots. Voeg er nog een fijne scheut psychedelica en noise aan toe en klaar is je gerecht.
Op de eerste helft van hun eerste langspeelplaat komen we vooral rechttoe-rechtaan nummers tegen. Allemaal songs zonder al teveel franjes en ongeveer 2 minuten lang. Het reeds gekende en aanstekelijke “Village People” komt voorbij. Maar ook opener “Western World” is uit het goede hout gesneden en bevat een herkenbaar refrein. “Dead Souls” heeft een riff dat evengoed van The Stooges kon geweest zijn. De baslijn is hier wel de drijvende kracht achter het nummer. Met terug een aanstekelijk en meezingbaar refrein. Oudere luisteraars herinneren zich wel bands zoals The Nomads, Paranoiacs of de recente band The Nightmen. Daar doet “If You’re Waiting For A Sign…” qua sfeer mij wel een beetje aan denken. De eerste helft raast voorbij en is één brok energie die de wereld wordt ingestuurd. Het klinkt eenvoudig om die songs te maken maar de kunst is om het boeiend en aantrekkelijk te houden. Dat is hier zeker wel gelukt. Vanaf  “A New Era of Consumers” verruimen ze hun muziek een beetje. Deze track is een psychedelisch stukje muziek bestaande uit een akoestische gitaar met sfeervolle keys eronder. Ze baant tevens de weg vrij voor het energieke “Intoxicated”. “FFFreaks” bevat een loodzware riff en samen met de bas is het eerder een donkere song geworden. Hier neigt de zang naar noiserock. “A Burnt Child Dreads Fire I” is een geweldig mooie en eerder a-typische Black Leather Jacket song. De opbouw is hier vrij uitgesponnen. Het doet mij wat aan Kasabian denken. De bas zit hier echt goed op zijn plaats en is de ziel van de song waarrond de rest komt en gaat. Kijk, dit is nu een song dat aantoont waarom je zeker deze mannen niet mag onderschatten. Er staat daarna nog een part II op dat een iets andere mix meekreeg maar de song blijft gelijk hoe recht staan. Dan weet je dat het een goede song is.
De Noorderkempenaars van Black Leather Jacket hebben een aangenaam en aanstekelijk debuut uit dat het goede van “Village People” bevestigt. Hiermee bewijzen ze meer dan een hype te zijn en daarom vermoed ik dat we volgend jaar nog veel van hen gaan horen. 

Black Leather Jacket

FFFreaks -single-

Geschreven door

Black Leather Jacket zette zich met twee singles, “Village People” en “Western World”, in de slipstream van The Hives en Oasis en - in eigen land dan - SONS en Equal Idiots, maar met de derde single, “FFFreaks”, veranderen ze het geweer resoluut van schouder. Geen catchy garagerock dus, maar eerder sludgy, stoner-like noise.
Het is verfrissend dat een band zo breed wil gaan en ze zullen de eindeloos weerkerende vergelijkingen met voornoemde bands zo beu zijn als koude pap, maar toch missen we iets aan deze “FFFreaks”. Er zit zelfs naar sludge/noise-normen niet altijd genoeg vlees aan het been. In die genres hebben o.m. Stake en Brutus de lat hoog gelegd. Deze single is een prima track van Black Leather Jacket, want inzake opbouw en compositie is dit top, maar ik krijg het er ook niet warm of koud van. De vonk slaat zelfs na verschillende luisterbeurten niet over. Misschien zijn we als luisteraar te verwend of waren we te hard fan van de eerste twee tracks. Dat kan ook.
Het eerste full album van deze zwartjassen komt binnenkort uit. Benieuwd of ze daarop toch de lijn van “Village People” en “Western World” aanhouden of dat ze nog meer uitstapjes naar andere genres uit hun mouw toveren.

Jack Savoretti

Singing To Strangers

Geschreven door

Bij de liefhebbers van film en TV-series zal de naam Jack Savoretti wellicht een belletje doen rinkelen. Zijn muziek wordt gebruikt in series als Grey’s Anatomy ,Teen Wolf en The Vampire Diaries, om maar een paar voorbeelden te geven. Jack Savoretti is een singer-songwriter die door zijn muziek en zachtmoedige stem vooral de gevoelige snaar raakt. Met 'Singing To Strangers' bracht de man zijn ondertussen zesde schijf uit, waarbij braafjes tussen de lijntjes wordt gekleurd. Maar eerlijk is eerlijk, die gezapige aankleding bezorgt je wel degelijk een krop in de keel. Al mocht het voor ons wel wat avontuurlijker en intenser zijn geweest.
Dat breekbare en zeemzoete waarmee Savoretti de haren op je armen doet rechtkomen? We vinden het dan ook net iets te weinig terug om ons compleet over de streep te trekken. “Candlelight” is een poging in de goede richting. Jack zijn zachtmoedige stem klinkt hier breekbaar als porselein. Bij een song als “Better Off Without Me” doet zijn stem me zelfs sterk denken aan Bryan Adams en dergelijke songs hadden er wat mogen staan op deze schijf. Want het zijn net deze soort songs die er bij films en dergelijke voor zorgen dat de emotionele beladen atmosfeer tot een hoogtepunt wordt gedreven waardoor je met tranen in de ogen achterblijft.
Uiteraard beschikt Savoretti over een zeer warme stem, die aanvoelt als een deken tegen donkere winteravonden. Het breekbare in zijn stem, doet ons meermaals naar adem happen. Luister maar naar het intieme en mooie “Singing To Strangers (Interlude)” waar Jack zijn stem volledig in de strijd gooit om de aanhoorder te bedwelmen. Er zitten heus nog wel van die hartenbrekers tussen. Zoals afsluiter “Music's Too Sad Without You”, een liveversie met Kylie Minogue. Wiens stem dan weer een meerwaarde blijkt te zijn binnen het geheel. Het is dus niet allemaal kommer en kwel bij Savoretti. Integendeel, Jack profileert zich op een gezapige en heel magisch mooie wijze tot een hartenbreker eerste klasse. Daar bestaat geen enkele discussie over.
Jack Savoretti brengt met ‘Singing To Strangers' een plaat uit die gevoelige snaren van de aanhoorder zullen raken, doordat de man zijn bijzonder kristalheldere stem in de strijd gooit en songs zodanig emotioneel aankleedt dat je gewoon met een krop in de keel achterblijft. Echter blijft hij hierbij iets te angstvallig binnen oppervlakkige lijntjes kleuren, waardoor niet elke song een even geslaagde trip naar ons hart blijkt te zijn. Dit album klinkt dus vooral iets nadrukkelijk als een easy-listening popplaat, inclusief bijbehorende strijkers, koortjes en dergelijke meer. Op zich is daar uiteraard niets mis mee. De liefhebber van deze soort singer-songwriter/popmuziek zal zeker aan zijn trekken komen. Ikzelf had toch graag een iets meer gedurfde en avontuurlijke aanpak gezien en gehoord. Zoals we in het verleden nog al hebben meegemaakt bij Savoretti. En zoals dat ook in zijn filmmuziek het geval is. Helaas vervalt Savoretti op deze schijf  dus iets te nadrukkelijk in oppervlakkigheid, waardoor zulke momenten zeer zeldzaam zijn, en het ons beetje een gemiste kans lijkt om ons hart volledig te veroveren.

Tracklist: 1. Candlelight 04:32; 2. Love Is On The Line 03:31; 3. Dying For Your Love 04:02; 4. Better Off Without Me 04:02; 5. What More Can I Do? 04:58; 6. Singing To Strangers (Interlude) 02:53; 7. Youth And Love 03:56; 8. Touchy Situation 04:27; 9. Greatest Mistake 04:59; 10. Things I Thought I'd Never Do 04:11; 11. Going Home 04:27; 12. Music's Too Sad Without You (Live from Venice).

Joe Jackson

Joe Jackson in topvorm

Geschreven door

Hij is tegenwoordig de enige niet-problematische Jackson, (sorry Tito) en is op zijn vierenzestigste al even bleek als Wacko Jacko. Joe Jackson woont tegenwoordig in Berlijn, en bracht dit voorjaar zijn twintigste, uitstekende album ‘Fool’ uit, waarop hij in topvorm is. We horen klassieke Joe Jackson nummers, maar we horen ook parallellen met REM ‘Dave’, The Blue Nile ‘Strange Land’ en Prefab Sprout. De man is al veertig jaar bezig, we hadden hem nog nooit gezien, dus het was wel tijd om hem eens aan het werk te zien in de AB. De setting was klassiek, met gedrapeerde gordijnen en een smaakvolle belichting.

Joe Jackson legde vanavond de nadruk op een viertal platen uit zijn oeuvre, met de nadruk natuurlijk op de nieuwe plaat. Hij begon en eindigde dan ook met het afsluitende nummer uit ‘Fool’, namelijk Alchemy. Daartussen zat een royaal overzicht uit man’s carrière, met een grote afwisseling in stijlen, zo kregen we een aantal punky, new-wave-achtige nummers zoals de oudjes “One more time”, “Sunday papers” maar ook het nieuwe “Fabulously absolute”, met “Got the time” als headbangende uitschieter, popparels zoals “Is she really going out with him” dat door iedereen meegezongen werd, ballades in de geest van The Blue Nile zoals “Strange Land” en “Drowning” en meer latin geïnspireerde nummers zoals “Another world” en “Ode to joy”.
Bij momenten was de begeleidingsband, redelijk fout, het slechtste van de eighties, vooral als ze de latin-invloeden mengden met splijtende gitaarsolo’s, je haalde zo paardenstaarten, zweetbandjes en zonnebrillen voor de geest. Maar dit nemen we de man niet kwalijk, als je latin in je muziek steekt is dit bijna onvermijdelijk. We kregen ook twee covers, “Rain” van The Beatles werd van al zijn psychedelica ontdaan en werd zo een vrij ordinair nummer, en ook “Kind of the World” van Steely Dan werd op meer geslaagde wijze gecovered. De stem van Jackson moest vanavond even opwarmen, maar was snel op niveau.

De bis had nog een grote verrassing in petto: “Steppin’ out” werd met de originele drumcomputer ingezet, en benaderde zo de plaatversie, iets wat Joe Jackson in zijn veertigjarige podiumcarrière nog nooit gedaan had. Het bewees nog maar eens hoe ver deze proto-elektronica zijn tijd vooruit was. Daarna mochten we Ramones-gewijs headbangen op “Got the time” en voor ons was dit de perfecte afsluiter, “Alchemy” dat er op volgde had gerust op stal mogen blijven.
Wel spijtig dat de beste nummers van de nieuwe plaat “ Big Black cloud” en “Dave” vanavond niet aan bod kwamen.

Je kan Jackson deze zomer nog op het Cactusfestival zien, ik zou gaan kijken.

Setlist: Alchemy -One more time-Is she really going out with him-Another world-Fabulously absolute-Strange land-Real men-Stranger than fiction-Drowning-Rain(The Beatles cover)-Invisible man-Fool-Sunday papers-King of the world(Steely Dan cover)-You can't get what you want (Till you know what you want)-Ode to joy-I'm the man
Bis: Steppin' out-Got the time-Alchemy

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Black Leather Jacket

Village People -single-

Geschreven door

StuBru blijft het hardnekkig verkondigen: rock is dood en gitaren zijn passé. Nochtans blijkt telkens uit hun eigen Nieuwe Lichting dat rockbands wel nog populair kunnen zijn. Denk maar aan SONS en Equal Idiots. Eén van de rockbandjes die in 2017 net niet tot winnaar van de Nieuwe Lichting gekroond werden, was Black Leather Jacket. Hun “Troublemaker” van de EP ‘Criminals’ was nochtans catchy, vol vuur, potig en zelfs een beetje geil. Het was anderzijds net iets te klassiek en blijkbaar te veel rock voor de jonge hipsters bij het Stubru-publiek. Die kozen voor Tamino (terecht), the Lighthouse en Kai Wen (Kai Wie?). Wel waren we in die tijd niet helemaal overtuigd van die EP van Black Leather Jacket. Genoeg branie, maar net iets te veel clichés om goed te zijn.
Vandaag zijn we twee jaar verder en staat Black Leather Jacket opnieuw te bonken op de deur naar de grote Rockhemel, nu met met de single “Vilage People”. Die heeft al het goede van ‘Troublemaker’: de branie, het vuur en een overdaad aan testosteron.  Het is opnieuw een compacte, catchy garagerock-stamper in de traditie van The Paranoiacs, The Hives en The Ramones. Daar voegen ze nog aan toe: meer snelheid, een betere en ook net iets modernere songopbouw en een punky-meezingrefrein dat meteen blijft hangen. Een welgemikte ‘whohohohow’, dat werkt altijd.
Als deze “Village People” tot in de Afrekening van StuBru geraakt, is de raket van Black Leather Jacket meteen gelanceerd. Rockliefhebbers in Vlaanderen: U weet wat u te doen staat.

_

Union Jack

Supersonic

Geschreven door

De Franse skapunkband Union Jack timmert al 20 jaar aan de weg. Ondanks rake teksten in fout- en accentloos Engels reikt de bekendheid van deze band nog niet tot in België. Dat is jammer, want deze band heeft best wel wat te bieden. Bij momenten komen ze in de buurt van Janez Detd, Smash Mouth en Rancid.
De twintigste verjaardag van Union Jack wordt gevierd met het nieuwe album ‘Supersonic’, met daarop een intro en dertien nummers. Het album heeft minder ska-invloeden dan op vorige albums en dat is spijtig, want daar zijn deze Fransen heel goed in, zo blijkt uit “Oh Boogie” en “The Globe”. In de plaats krijg je meer rechttoe-rechtaan-punk die geworteld is in de begindagen van de UK Subs, The Adverts, The Undertones en The Descendents, maar evengoed meegegaan is met de gladdere, meer Amerikaanse punkrock van Good Riddance, Green Day en (de vroege) No Doubt.
Union Jack speelt opgejaagd, retestrak en toch gladjes. Het enige wat deze band ontbeert, zijn meezingbare refreinen. Zanger Tom Marchal en bassist Rude Ben wisselen elkaar af als zanger, wat voor genoeg variatie zorgt om elk nummer spannend te houden. Gastmuzikant Rev. Tom Frost geeft een paar nummers een extra rockabilly-toets met zijn staande bas en orgel. Voor wie eens lekker wil meebrullen, zijn er “Wordaholic” en “Purple Pride”. De andere hoogtepunten zijn “Boomerang”, (met een heerlijk huilende gitaar), het furieuze “Don’t Look Back”, het rauwe “Bones” en het radiovriendelijke “Human Zoo”.
‘Supersonic’ is voer voor fans van Rancid, Janez Detd en Reel Big Fish.

https://www.facebook.com/badska/

Black Leather Jacket

Criminals EP

Geschreven door

Black Leather Jacket, een powertrio uit de Kempen, haalde dit jaar als enige rockband die naam waardig de finale van de Nieuwe Lichting van Studio Brussel. Ze moesten het afleggen tegen Tamino, Kai Wen en The Lighthouse, maar ze verdienen toch onze aandacht.
Zelf omschrijven ze hun muziek als luide garage-rock en dat is niet gelogen. Drie van de vier tracks op hun EP ‘Criminals’ refereren overduidelijk naar de garage-rock zoals die begin jaren ’90 gemaakt werd door bv. The Spanks, The Nomads en The Paranoiacs: luid, rauw, een beetje slordig, maar altijd catchy. “Criminal Mark” en “Troublemaker” zijn daar de perfecte voorbeelden van. Op een cliché meer of minder wordt misschien niet gekeken, maar het werkt.
Dat ze nog wel uit een ander vaatje kunnen tappen, bewijzen ze op “Drugged”. In dat bijna roekeloze nummer voegen ze een snuif punk en flink wat fuzz bij hun garage-rock. Op “Burnt Child Dreads Fire” klinken ze dan weer als een jonge, rockende versie van Oasis.
Jammer dat ze niet verder geraakt zijn in de Nieuwe Lichting, want het vuur dat deze roedel jonge wolven in zich hebben is de schop onder de kont die Studio Brussel vandaag misschien wel nodig heeft.
http://vi.be/blackleatherjacket

Jack Garratt

Phase

Geschreven door

Jack Garratt is één van die fijne nieuwe ontdekkingen , waarvan je afvraagt waar die man je hele leven was . Hij doet het op z’n eentje , een do-it-all-alone , hij schreef , produceerde en speelde elk nummer op het debuut zelf in . De getalenteerde multi-instrumentalist brengt een amalgaan van stijlen, pop, indie, elektronica , r&b, trippop, drum’n’bass, postdubstep . Moeiteloos speelt hij de instrumenten bij elkaar , met z’n imposante drums , elektronica , gitaar en z’n indringende stem . Sjiek ! We horen van deze know-it-all een paar afwisselende heerlijke warme, koude (retro) gelaagde motiefjes , niet vies van bezwerende, bedwelmende , ronkende grooves en experimentjes , als “Weathered”, “Breathe life” , “The love you’re given” en “I know all what I do”. James Blake zweeft over sommige nummers heen . Tja , niet voor niks staat Garratt bovenaan de BBC Sound Of 2016 toplijst!

Jack in the box

EP

Geschreven door

Jack in the box begon onder Antje Cochuyt, die begon met songs op haar ukelele . Een folky sing/songwriting waar aan gesleuteld werd en vorm kreeg met een band. “Coffee time” en “Bomma”  zijn minimaal gehouden en klinken intiem . Haar zegzang intrigeert en is duidelijk een meerwaarde . “Insane” en “Chocolate” hebben een breder arrangement en er is sprake van meer zangpartijen . Tot slot “Magdalena” is er eentje die in opbouw de twee samenvoegt. De EP bevat dus vijf dromerige , sfeervolle , ingenomen nummers in een herfstig klankenpalet.

Info http://vi.be/jackinthebox

Jack Oblivian

Jack Oblivian & The Sheiks - De man met het hoedje

Geschreven door

Jack Oblivian & The Sheiks - De man met het hoedje
Jack Oblivian & The Sheiks
V-Tex site (TEXtival)
2016-04-17
Kortrijk

Wat hou ik van dit soort artisanale festivals gestut door talloze strijdlustige vrijwilligers en waar de alcohol traditiegetrouw rijkelijk vloeit. De met veel zweet vergaarde opbrengst ging bovendien integraal naar een goed doel, met name de buurtschool V-Tex. Hier kan ik niet anders dan mijn hoed voor afdoen. Jack Oblivian liet de zijne echter opstaan maar misschien was hij slecht ingelicht.
Eerst zag ik nog de als steeds zalig deinende garagerock van Doorniks fijnsten, Thee Marvin Gays en de kamikaze rock-‘n-roll van The Glücks. Beide groepen al talloze keren gezien en ook hier stelden ze niet teleur. Wel integendeel, het bleken perfecte opwarmers voor Jack-O.

Jack Oblivian doet het intussen toch al geruime tijd met The Sheiks en dat was er zeker aan te horen. Hechte band waar het spelplezier zo van afdroop aangevuld met een saxofonist, wat zeker een verrijking was. Alleen zijn uitspattingen op een profijtig klavier konden me gestolen worden. Gelukkig bleef dat erg beperkt. En Jack leek zich goed te amuseren voor een steeds zatter wordend publiek. Was dit zijn natuurlijke biotoop? Want ook op het podium konden ze er weg mee. “Tequila” was hét woord, toch was het een fles gewone “Jack Daniels” die de dorst moest laven of was het om de kou te verdrijven? Veel verschil was er niet vergeleken met hun vorige passage. Ik hoorde weinig nieuwe nummers of leken die teveel op de oude? Nochtans is hun nieuwe en uitstekende  LP,  ‘The lone ranger of love’, erg gevarieerd. Verder hoorden we nog hetzelfde covertje, “Lover please” (Clyde McPhatter) en dezelfde trits Oblivians anthems met “Strong come on” als volmaakte uitsmijter.
Maar waarom zeuren over de setlist? Dit was magnifieke pretentieloze garagerock met soul en country invloeden en gezegend met een immens hoog fun-gehalte zoals je die nog zelden hoort.

Joe Jackson

Joe Jackson - Angry young man van 61 blikt terug en vooruit

Geschreven door

Sinds hij eind jaren ’70 door de Britse pers samen met generatiegenoten Elvis Costello en Graham Parker als angry young man werd gebrandmerkt heeft Joe Jackson al flink wat muzikale watertjes doorzwommen. Na de snedige pubrock uit z’n begindagen ging de ranke Brit zich gaandeweg ook bedienen van ingrediënten uit new wave, reggae, big band, swing, latin, soundtracks, klassiek en jazz om een trits popklassiekers in te blikken.
Ook op z’n 61ste maakt Jackson er een erezaak van om platgetreden paden te mijden. Voor zijn jongste project nam hij telkens vier songs op in New York, Amsterdam, Berlijn en New Orleans met lokale muzikanten die hij meestal van geen haar of pluimen kende. Het oorspronkelijke idee om daar vier EPs uit te distilleren mondde uiteindelijk uit in een nieuw full album ‘Fast Forward’, zijn eerste plaat met eigen schrijfsels sinds 8 jaar.

Afgelopen maandag deed een goedgemutste Jackson intussen reeds voor de zesde keer de AB aan. In de herfst van zijn carrière leek de man schijnbaar verwonderd dat hij de zaal nog kan doen vollopen met veertigers en vijftigers bij wie een goede popsong er altijd in gaat. Maar hoe gaat een veteraan te werk als hij in pakweg anderhalf uur vier decennia muziekgeschiedenis moet proppen? Jackson bedacht tijdens deze tour hiervoor een eenvoudige oplossing door moederziel alleen zijn eigen voorprogramma te verzorgen vanachter zijn vertrouwde vleugel. Introspectie troef dus bij aanvang van de set, maar met crowd pleasers als “It’s Different For Girls”, “Hometown” en “Be My Number Two” werd duidelijk op veilig gespeeld. Dat Jackson een virtuoze pianist is weten we al langer, alleen met zijn stem wou het niet altijd vlotten; één of andere infectie was de voorbije dagen wat roet in de stembanden van de prille zestiger komen gooien, maar in het gezelschap van een thermos thee werd dat euvel tot een minimum herleid.

Tijdens “Is She Really Going Out With Him?” kreeg Jackson het gezelschap van Graham Maby, boezemvriend en reeds vanaf debuutplaat ‘Look Sharp’ (’79) diens trouwe luitenant op bas. De überclassic werd door beide veteranen tot de essentie herleid, wat trouwens nog altijd de meest betrouwbare lakmoesproef is om de houdbaarheidsdatum van een nummer te testen. Met de New Yorkse muzikanten Teddy Kumpel (gitaar) en Doug Yowell (drums/percussie) haalt Jackson tijdens deze tour bovendien een extra dosis creativiteit aan boord waardoor een remake van een aantal van zijn klassiekers kinderspel lijkt. Zo werd een broeierige triphop beat onder “Real Men” geschoven, of werd een bijna onherkenbaar “Steppin’ Out” getransformeerd tot pure dreampop gedrapeerd met prog elementen. Ook “Another World” en “You Can’t Get What You Want (Till You Know What You Want)” werden uit de 80ies catalogus van de veelzijdige songwriter geplukt, ten nadele van platen uit alle daaropvolgende decennia die jammer genoeg onaangeroerd bleven.
Joe Jackson heeft intussen een kaap overschreden die hem schaamteloos toelaat om luidop te filosoferen over de dingen des levens. Op zijn nieuwe schijf ‘Fast Forward’ heeft hij zo een belangrijke kluif aan het begrip ‘tijd’; tijdens het solo gebrachte titelnummer waant hij zich in een teletijdsmachine richting de toekomst, volgens Jackson is het een manier om de huidige waanzin op deze aardkloot achteraf te kunnen begrijpen. “The Blue Time”, een ander hoogtepunt vanop de nieuwe worp, situeert zich dan weer tussen droom en werkelijkheid, en klonk in de AB als een lost track die de officiële versie van Jackson’s succesvolste plaat ‘Night And Day’ (’82) nooit haalde.
Wellicht om het ook voor zichzelf voldoende interessant en spannend te houden loodst Jackson elke avond ook een paar covers in zijn set. De die-hard fans zagen het wellicht liever anders, want niet elke original keuze is geslaagd. ABBA’s “Knowing Me, Knowing You” is sowieso al geen persoonlijke favoriet, en in de AB tekende het gedrocht dan ook voor de dip van de avond. Veel beter kwam Jackson weg met de fraaie New Orleans-style transformatie van Joni Mitchell’s “Big Yellow Taxi” die Dr. John wellicht ook zou kunnen pruimen. Tijdens de encores werd ook “See No Evil” vanonder het stof gehaald, een moedige tribute aan Tom Verlaine en diens Television. Eén van Jackson’s eerste singles “One More Time” (’79) sloot daar naadloos bij aan, zowat de enige keer vanavond dat de groep alles uit de kast haalde om een venijnige rocker op de mat te leggen.

De zesde passage van Joe Jackson in de AB toonde een maestro die niets meer te bewijzen heeft maar dat toch voortdurend wil doen. Voor hetzelfde geld maakt de man na deze tour een opera of een plaat met Franse chansons, dus waren we maar wat blij dat we deze angry young man van 61 in zijn wellicht beste gedaante hebben kunnen meepikken.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

My Morning Jacket

The waterfall

Geschreven door

Een viertal jaar moesten we wachten op nieuw werk van My Morning Jacket; de band rond Jim James uit Kentucky , Usa. 16 jaar na het onnavolgbare debuut ‘The tennessee fire’ van 99 verschijnt nu ‘The waterfall’ . De band wordt gerespecteerd voor z’n retrorockend geluid in een herfstig palet door de dromerige , sfeervolle , broeierige tunes . Toegegeven , niet alle platen zijn even overtuigend , maar telkens zijn er wel een paar songs die tekenen voor schoonheid , pracht en intensiteit binnen een indie/alt.americana concept . De warme , indringende , hemelse soms hoog uithalende vocals van James zijn met de jaren meer doorleefd en heser.
Op de nieuwe  wordt in ‘real amerrican style’ een heerlijk, genietbare trip gerealiseerd, die onherroepelijk de 70s doet opborrelen en door het doorleefde karakter het materiaal een saloonbar sfeertje geeft . Crosby, Stills , Nash en Young , The Allman Brothers , Neil Young’s Crazy Horse en Tom Petty zijn ankerpunten.
Rauwheid , finesse en ongekunsteldheid en maniërisme kruisen elkaar . “Believe nobody know” en “Compound fracture” , openers hier , zijn meteen twee blijvertjes . De sober gehouden nummers vallen hier wat magertjes uit , maar er valt moois te ontdekken die de Americana sfeer in z’n extravertie en ingenomenheid oproepen.
Een goed album , maar aan het materiaal uit hun vervlogen tijden kunnen ze niet echt meer tippen .

Joe Jackson

Fast Forward

Geschreven door

Wie zit er nog te wachten op een nieuwe plaat van Joe Jackson ? We weten immers dat de sympathieke halve kaalkop in jaren geen deftig album meer uit zijn kennelijk leeggelopen creatieve brein heeft weten te persen. Op de koop toe werd Joe Jackson dit jaar gevraagd voor Night Of The Proms, het opvangtehuis voor artiesten die hopeloos op retour zijn en hun eigen hits met behulp van de plaatselijke harmonie in een georkestreerde recyclageverpakking terug aan de man proberen te brengen.
Het moet dan ook nog eens lukken dat wij, net nu dat nieuwe schijfje hier voor onze neus ligt, zopas op een tweedehandsmarkt Joe Jackson zijn schitterende debuutplaat ‘Look Sharp’ (1979) op heerlijk zwart vinyl hebben aangeschaft.
Briljante plaat, nog steeds, met onsterfelijke klassiekers als “One More Time”, “Is She Really Going Out With Him”, “Got The Time”, “Fools In Love”, “Sunday Papers”,…. Na al die jaren terug enorm van genoten. Wat moeten we dan met deze ‘Fast Forward’ ? Hier kunnen we echt weinig mee aanvangen. Natuurlijk, Jackson’s heldere en mooie stem klinkt onaangetast en zijn fijne pianosound is uit de duizenden herkenbaar, maar songs van het kaliber van hierboven zijn in geen mijlen te bekennen. Zowat alle tracks zijn lauwe doorslagjes van dingen die hij eerder al veel beter heeft gedaan. De ballads, en dat zijn er nogal wat, probeert hij even aangrijpend als destijds te brengen, maar die komen er wat onbeholpen en vooral slijmerig uit.
De uptempo songs ontberen het venijn van de jonge Jackson en ook de coverkeuze is op zijn minst gezegd nogal misplaatst. Geen idee wat Jackson zijn bedoeling was met Television’s “I See No Evil”, maar het resultaat is een draak waar Tom Verlaine zeker niet zal kunnen mee lachen. En het kan nog erger, op een afschrikwekkend onding als “Good Bye Jonny” zouden we Jackson vroeger nooit betrapt hebben, dit vehikel lijkt te zijn weggelopen uit een geflopte Broadway musical. Pijnlijk.
In volle bewustzijn hebben wij beide platen nog eens naast mekaar gelegd : ‘Look Sharp’ is een pittig en fris debuut dat schittert van begin tot einde, ‘Fast Forward’ is behang met een saai motiefje.
Het is helaas waar, Joe Jackson is klaar voor Night Of The Proms. Om het met Will Tura’s woorden te zeggen : Arme Joe.

My Morning Jacket

My Morning Jacket – Welcome autumn falls!

Geschreven door

My Morning Jacket en Dawes
OLT Rivierenhof
Deurne

De zomervakantie uitwuiven kon niet beter als met My Morning Jacket uit Kentucky, Usa . De band rond Jim James brengt een retrorockend geluid en onderstreept het herfstig palet in het pittoreske Rivierenhof bij valavond . Ze tekenen voor schoonheid, pracht en intensiteit binnen een indie/alt.americana concept, twee uur lang pittige , broeierige, meeslepende, bezwerende en ingetogen, sfeervolle songs , niet vies van een psychedelisch randje en met een  melancholische inslag.
De warme , indringende , hemelse soms hoog uithalende vocals van James zijn met de jaren doorleefd, heser en gedrenkt, doordrongen van whisky. 

De Europese festivals weken voor hun concerten in het andere continent; vanavond was het de uitgelezen kans het vijftal  aan het werk te zien. Live is en blijft My Morning Jacket een beleven ; de instrumentatie krijgt voldoende ruimte en geeft de songs een subtiele swing wat ze snedig, venijnig , extravert, gedreven maakt .
De heren, in ‘real american style’ , een James in bloemetjeshemd , brengen een heerlijk genietbare, sfeervolle trip die onherroepelijk de 70s doet opborrelen en door het doorleefde karakter het materiaal een saloonbar sfeertje geeft . Crosby, Stills , Nash en Young , The Allman Brothers , Neil Young’s Crazy Horse en Tom Petty zijn ankerpunten; door de jams worden we meegevoerd, -gesleept, die ons nu doen denken aan de gigs van War On Drugs . Ze spelen op kruissnelheid als ’t nodig is, wat we al meteen hoorden op de opbouwende tracks  “Circuital” en “Compound fracture” . Hier klinkt het combo potig , compact , directer, zonder de vroegere dromerige inhoud  te verliezen . De rauwheid en finesse vloeien in elkaar over .  Die oudjes hebben nog dat ietsje meer van emotionaliteit en gevoeligheid , “Way she sings” en “Wordless (chorus)” volgden , en klinken door de begeesterende speelwijze harder; ze houden ons bij de leest en het maakt nu net die band zo mooi en uniek.
Ze wisselden het mooi af , het ouder en nieuwer werk; het warme onthaal dreef de ongekunsteldheid en de stekeligheid naar omhoog , zonder die kenmerkende schoonheid,  subtiliteit en finesse te verliezen . Toegegeven , het oude werk koesteren we ; twee zoethouders “The bear” en “I will be there when you” van ‘The Tennessee Fire’ bleven opgeborgen; ze raken ons persoonlijker door het neofolky karakter.
Interessante slepende oudjes “I’m amazed”  en “Evelyn is not real” stonden tegenover de nieuwe sterkhouders “Spring among the living” , “In its infancy” en “Believe” van ‘The waterfall’ ; de psychedelica baant zich een baan in het retrorockende concept en James’ stem bleek nu gesmeerder en kon dus hoger uithalen.
Een uitmuntende vertolking hadden we van het opbouwende , hoekig gespeelde “Dondante”, dat lekker mooi uitgesponnen werd en krachtig klonk. Een verdwaalde blazer vulde aan en maakte het plaatje van een donkere, rokerige  kroeg compleet.  Hier ontbonden ze alle duivels. Een sober gehouden “Bermuda highway” met twee,  besloot in alle intimiteit de set . In de bis barstte de band volledig los , “Victory dance” warmde op naar de gekende klepper “Off the record” ; het hypnotiserende” Touch me, I’m going to scream” hanteerde alle stijlelementen en was ‘the big final’ van de set .

In die zestien jaar presteren ze het (nog steeds) om die americana sfeer in z’n extravertie en ingenomenheid in een intense pracht onder te dompelen.

Tja , we werden verwend hoor , in dat alt/americana sfeertje zijn er die andere Amerikanen uit LA, Dawes van de broers Taylor en Griffin Goldsmith , de ideal geleider op My Morning Jacket.  
Ze waren al op tour als begeleidingsband van Conor Oberst, Jackson Browne en klopten ook al aan bij Jim James. Een nostalgisch bed wenkte, die verder ook refereerde aan Wilco en Black Crowes .  Ze zijn toe aan hun vierde plaat en brengen een  mooi samenspel van hun doorleefde sound, geleverd door een standaardinstrumentarium , aangevuld met keys/piano  en gedragen door indringende ,  meerstemmige vocals. Sterk!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dawes-01-09-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/my-morning-jacket-01-09-2015/

Organisatie: OLT Rivierenhof (ism Arenbergschouwburg , Antwerpen)

Jack White

Lazaretto

Geschreven door

We worden misschien niet zo van onze sokken geblazen met deze opvolger van ‘Blunderbuss’, maar we blijven leuk verwend hier van de muzikale duizendpoot Jack White, die opnieuw een ongrijpbaar , veelkleurige plaat uitheeft . Hij beheerst , beheert en begeert de rock’n’roll als geen één ander . Hij stoeit met de rock’n’roll , van trashy rock , stokoude blues, noise, tot country, soul , pop , indie en funk .
Hij brengt intens broeierig , doorleefd, ontroerend , emotievol, cabaretesk materiaal, dat dramatisch , opwindend, gek kan zijn. Een freestyle in een blauw concept want White houdt van kleuren van rood-wit-zwart ten tijde van White Stripes tot het huidig kleurenconcept.
Hij heeft opnieuw een sterke band achter zich , die moeiteloos varieert in de nummers en voldoende ruimte gecreëerd krijgt . White zingt , rapt en bijt van zich af .
Dit is onversneden rock’n’roll , de instrumental “High ball stepper” balt en vat het mooi samen . Kleppers noteren we als “Would you fight fom your love?”, “Alone in my home” en de titelsong . Moeiteloos stapt hij over van gitaar naar piano  en ademt dit dan een saloonbar sfeertje (check verder maar “Just one drink” en “Entitlement”). “Want and able” sluit op heel intieme wijze een  spannende , slepende , zinderende plaat af!
De rock’n’roll krijgt nog steeds een frisse kleur van dit muzikaal talent !

Jack White

Jack White - Ode aan de rock’n’roll

Geschreven door


Jack White mag dan al een vergevorderd stadium van het rocksterrendom bereikt hebben, op een podium harkt hij nog altijd stevig door alsof hij in zijn eigen garage van jetje staat te geven. Wij zien er nog altijd het equivalent van Jon Spencer in, maar dan met wat meer gitaarvernuft (en een grotere bankrekening). Jack White is wel degelijk een gitaarheld, maar dan eentje die niet kiest voor allerlei technisch ingewikkelde solo’s, wel een held die met brio zijn gitaar laat gieren, janken, huilen en openrijten.

Wij herinneren ons nog klaar en duidelijk onze eerste kennismaking met dit talent, de legendarische doortocht van de jonge White Stripes in de AB Club in 2001. Jack White bleek nu 13 jaar later nog niets van die jeugdige gretigheid verloren te zijn. Integendeel, met zo een uitgebreid arsenaal aan prachtsongs en een stel gedreven muzikanten in de rug kon hij de teugels in Vorst nog veel rijkelijker loslaten.

De splijtende instrumental “High Ball Stepper” was de oerknal die de set opende, het was meteen duidelijk dat vuile rock’n’roll en ontvlambare blues vanavond de hoofdrol zouden opeisen. Daarnaast toch ook een behoorlijke scheut country, de ene keer sober en eerlijk (“Temporary Ground”), de andere keer geniaal ontspoord (“Wheep Themselves To Sleep” en een zeer fijne country versie van “Hotel Yorba”). Jack White groef ook gretig in zijn White Stripes catalogus met onder meer een schuimbekkend “Dead Leaves and The Dirty Ground” en met de gortige blues van “Cannon” en “I Fought Piranhas”.
White’s stem haalde geregeld het bereik van de jonge Robert Plant, in combinatie met dat heerlijke gitaargeweld waren de Led Zeppelin referenties dan ook niet uit de lucht gegrepen. White leek trouwens het soort gitarist die voortgaat op de ingevingen van het moment, een rocker die spontaniteit hoog in het vaandel draagt en zijn songs vaak als ruwe brokstukken aan elkaar lijmt met geïmproviseerde pattex (zo begrijpt u ook waarom wij in onze gedachten geregeld bij Jon Spencer aankomen). Hij maakte het op die manier zijn begeleidingsmuzikanten niet altijd even makkelijk, maar de ervaren rotten waren verdomd goed bij de les. Het klonk vanavond dan ook allemaal ongeremd, snedig en vooral rauw, en zo hebben wij de rock’n’roll nog altijd het liefst op onze boterham.

Dit avondje top rock’n’roll van de meest driftige soort kreeg een overrompelende bisronde met een bruisend “Icky Thump” (de zoveelst White Stripes klassieker), een denderend “Steady As She Goes” (het Raconteurs paradepaardje) en een alleraardigst duo uit de nieuwe plaat “Would You Fight For My Love” en “That Black Bat Licorice”. Natuurlijk mocht de uitbundige finale ”Seven Nation Army” niet ontbreken, het was dan ook uitermate fantastisch dat een rockgrootheid als Jack White zo een krachtige set kon afsluiten met iets wat inmiddels uitgegroeid is tot een internationale hymne. En het doet toch zoveel meer deugd om “Seven Nation Army” samen met the man himself in levende lijve te mogen meemaken dan ergens op een idiote voetbalmatch. By the way, hier een paar kilometer verder stonden diezelfde avond De Rode Duivels in een kil Koning Boudewijnstadion een zielloze vertoning te geven, wij wisten wel beter.

Jack White is een held…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://jackwhiteiii.com/live-photos/ (@ David James Swanson)

Organisatie: Live Nation

Jack Oblivian

Jack Oblivian & The Sheiks - Als vanouds

Geschreven door

Jack Oblivian & The Sheiks
Pit’s
Kortrijk
2014-09-15
Ollie Nollet

Het concept van Jack Oblivian kennen we intussen al. Vóór hij op tour vertrekt plukt hij een bandje uit de straten van Memphis, laat ze het voorprogramma verzorgen terwijl ze tevens als zijn begeleidingsband aan de bak kunnen. Een eigen band om mee te touren zit er op zijn leeftijd niet meer in want dan zit je steevast opgezadeld met een drummer die in acht verschillende groepen speelt en geraak je de deur niet meer uit, aldus Jack Oblivian.
Nu weet hij wel zijn groepen te kiezen en ook dit keer was het raak met The Sheiks. Mooie naam trouwens, al was het maar omdat hij me steeds doet denken aan de legendarische countrybluesband uit de jaren ‘30, de Mississippi Sheiks, bekend van o.m. “Sitting on top of the world”.
The Sheiks grossieren naar eigen zeggen in low down rock-‘n-roll. Vettige garagerock waar ze in Memphis een patent op hebben. Met zijn drieën : Keith Cooper en Frank McLallen op gitaren en Graham Winchester op drums terwijl die laatste twee de lead vocals voor hun rekening namen. Niet alle nummers waren even sterk maar de sound maakte veel, zo niet alles, goed en van de elkaar soms jennende gitaren kon ik maar niet genoeg krijgen. Mooi.

In tegenstelling tot drie jaar geleden was de Pit’s dit keer wel mooi volgelopen en ondanks een lichte irritatie wegens een niet naar behoren werkende micro kwam ook Jack zelf een stuk beter voor de dag. Nochtans was er niet zo heel veel verschil met de setlist van toen. Er werd slechts één song uit de nieuwe plaat, die trouwens niet op tijd geperst raakte, gespeeld. De vertrouwde Jack Oblivian-songs dus maar met genoeg vuur gebracht, niet in het minst door de erg gretige Sheiks waarin McLallen zijn gitaar voor een bas had geruild. Niets nieuws onder de zon dus : de obligate Oblivians-stomper “Strong come on” dat stilaan zijn lijflied wordt en zelfs de Clyde McPhatter-cover “Lover please”, dat sindsdien niet meer uit mijn hoofd is weg te branden, hadden we al eerder gehoord. En toch was het een verademing om die tijdloze in country en soul gedrenkte garagerock nog eens terug te horen. De paar nummers waarin de bas aan de kant werd geschoven en ze met zijn drieën op gitaar ramden liet de zo al tropische temperatuur nog een paar graden stijgen.

Wie deze Jack Oblivian reeds had afgeschreven zal zijn mening toch dringend moeten herzien. Benieuwd wat de nieuwe plaat zal opleveren want daar hebben we het na dit fijne optreden nog steeds het gissen naar. Ohja, nog te zien op 27 september in Het Bos in Antwerpen

Organisatie: Pit’s , Kortrijk

Joe Jackson

Joe Jackson heerst nog steeds op het podium …

Geschreven door

 

Joe Jackson heerst nog steeds op het podium …
Joe Jackson And The Bigger Band ft Regina Carter
Kreun
Kortrijk

Joe Jackson heeft een goeie plaat uitgebracht. Het is ondertussen zijn dertigste. Alstublieft. The Duke bevat 15 instantklassiekers van Duke Ellington, weliswaar bewerkt door Jackson himself, én met de hulp van enkele vrienden muzikanten, waaronder Iggy Pop, Sharon Jones (Dap King records!) en Zuco 103.
Om maar te zeggen, Joe Jackson (58) is niet slecht bezig, is verre van in slaap gesukkeld en… er is altijd wel een reden om te toeren.  Maar deze keer was het toch uitkijken naar een specialleke. Jazzmuzikant in hart en nieren , knipoogjes naar salsa, en rock nooit ver weg. Joe Jackson is van vele markten thuis. De samenstelling van zijn band deed vermoeden dat het concert méér zou worden dan een voorstelling van ‘The Duke’.   

“It don’t mean a thing (If I ain’t got that swing” (Duke Ellington) lijkt wel Jackson’s lijflied geworden.  De set start en eindigt met dit zelfde nummer, in diverse arrangementen. Een akoestische openingsversie, gevolgd door een al even ingetogen  “It’s different for girls” (‘I’m the man’ 1979). De toon was gezet, de kop was eraf…
Dan maar even een blik muzikanten opentrekken: Regina Carter op viool, de werkelijk (letterlijk dan) imposante Sue Hadjopoulos op percussie – een Grieks-Puertoricaanse ‘la mama’ -  en ouwe getrouwe Allison Cornell als instrumentaliste (organ, viool, backing vocals). Nieuwe bandleden zijn  Jesse Murphy (bas, vocals, tuba), Adam Rogers (guitare) en Nate Smith op drums. Dat Joe Jackson niet met de eerste de beste het podium opgaat, wisten we al. Maar deze bigger band zoekt de harmonieën op, houdt halt als het moet, stoomt en toetert met harde stoten. U hoort het al, deze mens was onder de indruk van al dat moois.
“Caravan” (Duke Ellington) was dan ook het ideaal moment om de bandleden erbij te halen. Rogers mocht voor het eerst tonen wat hij in zijn vingers heeft…. Een magistrale bewerking van de alom gekende Caravan-melodie, met een sfeertje recht uit The Cotton Club. De melodie uit “Caravan” kreeg een gitaarbewerking mee om U tegen te zeggen. Dat zeiden we dan ook. Adam Rogers moet u trouwens eens checken op het net. Hij haalde ondermeer zijn mosterd bij John Scofield en speelde ondertussen met alle groten der aarde… Het is niet meteen el sympatico, maar dat hoeft ook niet als je het publiek op een andere manier in vervoering kunt brengen.
De setlist wisselt nummers uit ‘The Duke’ af met ouder werk. Enkel “Invisible man” komt uit zijn meest recente plaat ‘Rain’(2008). “Real men” en wat later in de set “Target” (‘Night and day’ 1982) vallen op door hun arrangement. Vooral “Target” groeit uit tot een hoogtepunt, waarbij onze Griekse percussioniste plots de hoofdrol opeist, om dan vervolgens te eindigen met een sublieme fade-out.
Het is door artiesten als Joe Jackson dat oude glorieën als Duke Ellington – de man is al een tijdje komen te gaan – weer tot leven gewekt worden. Verbluffend hoe eigentijds deze bijna 100-jarige muziek is. “I’m beginning to see the light” bijvoorbeeld is een typisch Jackson-arrangement geworden. Hij breit er ineens “Taking the ‘A’” train ‘ en “Cotton tail” aan in een –wat hij op zijn beste Frans ‘een potourri’ noemt. Het instrumentale  “Rocking in Rhythm” krijgt dan weer iets clownesk als Jesse Murphy zijn bastuba tevoorschijn haalt. Allison Cornell haalt zwaar uit op Perdido, een nummer dat op plaat is ingezongen door Lilian Vieira van het Hollandse ZUCO 103. Elektrische gitaar maakt plaats voor akoestisch, bas voor tuba, piano voor zang.
Joe Jackson is ondertussen witgrijs, het haar strak achteruit gekamd, breed smoelend en bekken trekkend, achteroverleunend aan zijn – voor een rijzig man als hij – veel te kleine Nord stagepiano. Voor iemand die eerder op de dag nog de dokter moest opzoeken en slecht bij stem was, kon behoorlijk uithalen. Duidelijk genietend van het enthousiaste publiek (die al wat ouder is dan wat De Kreun doorgaans te slikken krijgt), had ie een verhaal in petto bij “Home Town”. Of we graag in Kortrijk woonden, en dat dit de stad is waar we steeds weer naar terugkomen…. Whenever? Dat denk ik nu niet, maar zijn versie – af en toe met een wat hese stem- mocht er wel wezen.
Het einde laat zich al raden. Een magnifieke versie ( de tweede dus) van “It don’t mean a thing”, met een dansende en dirigerende Jackson. Drummer Smith legt er deze keer strak de pees op met ne vetten beat, en violiste Regina Carter laat horen waarom ze erbij mocht/moet zijn (haar inbreng op ‘The Duke’ is redelijk indrukwekkend…) .
Niettemin, een viool als solo-instrument zal wellicht wel nooit mijn grote voorliefde wegdragen, maar het soloduel met Rogers mocht er wel wezen. Grandioze afsluiter en tijd en ruimte voor drie bisnummers: “Is she really going out with him” en “Sunday papers” (‘Look sharp!’ 1979) en “Slow song” als uitsmijter! (‘Night and day’ 1982).

Joe Jackson heerst nog steeds op het podium. Hij is werkelijk niets van zijn uitstraling en professionaliteit kwijt. In een interview stelt Jackson dat zijn hits toevalligheden waren. Niets is minder waar. Je schrijft niet zomaar incidenteel 30 platen vol. Daarvoor moet je vooral goed zijn, én bescheiden. Hij heeft ze alle twee.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/joe-jackson-14-11-2012/

Pics gig in Trix, Antwerpen op 16 november 2012
http://www.musiczine.net/nl/news/divers/joe-jackson-trix-antwerpen-op-vrijdag-16-november-2012-pics/

Organisatie: Kreun, Kortrijk 

Jack White

Jack White - Gruizig, fel en verbeten

Geschreven door

Naast een paar stokoude bluesplaten en de voltallige Led Zeppelin collectie heeft Jack White ongetwijfeld ook een arsenaal van Gun Club, Stooges, Dinosaur Jr.  en Jon Spencer platen in huis, getuige zijn onstuimige gitaarstijl. Om maar te zeggen, Jack White is Mark Knopfler niet. Mensen die vanavond klaagden dat de grootmeester niet echt zuiver en veel te wild speelde, die hebben het volgens ons niet goed begrepen.
Een eigenzinnige Jack White speelde onder zuinig blauw schemerlicht immers furieus, scherp, luid en inderdaad een beetje rommelig, maar zo is nu eenmaal rock’n’roll, zeker in zijn geval. En dat de klank aanvankelijk wat tegenzat, was niet zijn schuld maar dat van de geluidsman, hoewel wij er eigenlijk nauwelijks last van hadden want de rock’n’roll vibreerde al snel doorheen onze ledematen.

Het supertalent heeft dezer dagen de luxe om uit zowel zijn White Stripes, Raconteurs, Dead Weather en solo repertoire te putten, en daar maakte hij gretig gebruik van, ook al koos hij niet voor de meest voor de hand liggende nummers. White en zijn male band (de vrouwtjes mochten deze keer in het hotel blijven) floreerden van heftige blues (“Top yourself”) naar gruizige gitaarrock (“Sixteen saltlines”), roots folk (“Apple blossom”) en ongekuiste soul (“Wheep themselves to sleep”). Absolute toppers waren “Hello Operator” (nog van voor er ook maar iemand van The White Stripes gehoord had), de meedogenloze gortige blues “Ball and bsicuit”, de vlijmscherpe Dead Weather garagerocker “I cut like a Buffalo” en het heerlijk aanzwellende “Carolina Drama”.
Ook de bisronde mocht er zijn met het bijzonder aanstekelijke “Steady as she goes” en het vette “Freedom at 21”. Eindigen met “Seven Nation Army” was dan misschien een beetje te voorspelbaar, de song –noem het gerust een anthem- is een stuk erfgoed geworden en mag gewoon nooit in een Jack White set ontbreken. Bovendien klonk die ook vandaag sterk en verbeten en kon die alweer gelden als het enige juiste sluitstuk voor een uiterst fel Jack White concert.

U vond het te slordig ? Ga de volgende keer naar Coldplay zien. Wij daarentegen verkiezen nog altijd vuile rock’n’roll bovenop gesteriliseerde mainstream pop.

Organisatie: Live Nation

Pagina 1 van 2