logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_05
avatar_ab_03
CD Reviews

Birdy Nam Nam

Manuel for successful rioting

Geschreven door

De Franse DJ crew Birdy Nam Nam zijn al jaren bezig in de Franse underground. Hun eerste volwaardige cd ‘Manuel for successful rioting’ kwam tot stand met de hulp van Yuksek en Justice. Hun DJ virtuositeit en ervaring van turntablists gooiden ze in een potpourri van electro, trance, house en beats. Ze gaan hun stevige broers Daft Punk , Cassius en Justice en onze Goose/Soulwax Nite Versions DJ’s achterna. Een fijn staaltje dance en een aangename kennismaking met dit beloftevol kwartet.

Dozer

Beyond Colossal

Geschreven door

Het Zweedse Dozer zijn al acht jaar bezig en weten ons nu pas met deze nieuwe plaat ‘Beyond Colossal’ te bereiken. Retrostonerrock, die put uit Black Sabbath traditie, de ‘90’s Kyuss, Soundgarden (‘Badmotorfinger’), de eerste van QOSA en de sound van het nog steeds actief zijnde Fu Manchu.
’Beyond Colossal’ bevat acht daverende songs, een slepende “Two coins for eyes” en een bezwerende ‘70’s psychedelica trip op het afsluitende “Bound for greatness”. Prima nostalgisch plaatje!

Archive

Controlling Crowds

Geschreven door

Het uit Londen afkomstige Archive, gecentraliseerd rond het duo Darius Keeler en Danny Griffith, is toe aan de zesde langspeelplaat. De cd ‘Lights’ met o.a. de single “Veins”, van twee jaar terug, gaf de uiteindelijke erkenning die de band verdiende. Archive heeft een geheel unieke sound van ritmisch, slepende melodieën, huiveringwekkende, sferische soundscapes, trippop, industriële beats en indierock; een aangrijpend, intrigerend concept en een spannend broeierig geluid. Radiohead, Jesus & Mary Chain, The God Machine, BRMC, Spacemen 3, Massive Attack, Portishead en Pink Floyd waren bands die ons voor de ogen flitsten toen we hun nieuw episch, avontuurlijk werkstuk ‘Controlling Crowds’ beluisterden, dat in drie stukken is onderverdeeld en ruim 78 minuten duurt.
Elke song grijpt bij het nekvel, luister maar eens naar de opener “Controlling Crowds” of de single “Bullets”. Nummers als “Razed to the ground” en “Funeral” lijken wel de ideale soundtrack voor een film noir. Kosten noch moeite werden gespaard, want we horen een klassiek orkest en een koor op “Whore” en “Chaos”. Ook in de zang durft men heen en weer te slingeren: van een hemels bezwerende zang op de meeste songs naar een rapzang op “Bastarddised ink”.
De band bezorgt ons nogal wat kippenvel en weet op elke song te boeien; we zijn danig onder de indruk, dat dit wel één van de platen van 2009 kan worden …

Deerhunter

Microcastle

Geschreven door

Het Amerikaanse kwintet uit Georgia, Atlanta, Deerhunter, wordt met deze nieuwe cd beloond voor het intense werk van de voorbije jaren. Hun snedige en meeslepende indierock (knipoog naar The Feelies van de jaren ’80), door de graatmagere zanger/gitarist Bradford Cox omschreven als ambient punk, klinkt aanstekelijk, broeierig, intens en door de toegevoegde synths kleurrijk en spannend. Alles is mooi gedoseerd in ritme, structuur en instrumentatie. Elf homogene, bezwerende en dromerige composities (de op soundscapes geënte korte opener “Cover me slowly”, niet meegerekend) gaan van zacht, ingetogen moeiteloos over in een steviger aanpak; in het eerste deel van de cd zijn dit “Never stops”, “Little kids” en de titelsong.
Na enkele sferische soms avontuurlijke tracks, start de band opnieuw met hun bezwerende, puike rocksongs, met het lange “Nothing ever happened” als hoogtepunt. Op de afsluiter “Twilight at Carbon Lake” durft men de pedaaleffects eens stevig indrukken. Op “Agoraphobia” komen zelfs blazers aan te pas.
Op ‘Microcastle’ is er voldoende variatie te horen; stof om te zeggen dat dit een erg consistente, overtuigende plaat is geworden. Mag de band terecht op meer belangstelling rekenen …

Razorlight

Slipway fires

Geschreven door

Het Britse Razorlight gaat van big naar bigger met de derde plaat ‘Slipway fires’. Muzikale noemer: toegankelijk gevarieerde poprock, soms aangevuld met piano, toetsen en strijkers. Het zijn songs die het moeten hebben van sentiment, melodieus, spannend, opbouwend en ingetogen. De commerciële potentie is groot , net als het ego van zanger Johnny Borrell. “Tabloid lover” en “You & the rest” zijn doorsnee popsongs, “Burberry blue eyes” heeft een sfeervolle opbouw en afsluiter “The house” is een snedige rocksong . Breder van opzet zijn “North London trash” en “Stinger” door piano en toetsen; “Nostage of love” is omfloerst door strijkers en met de ballad “Wire to wire” heeft de band een wereldhit op zak.Borrell mag nog spelen met z’n pose en imago, de groep heeft bereikt wat ze wou: bekender worden en een ruimer publiek aanspreken …

Barzin

Grace/Wastelands

Geschreven door

The Libertines worden vervangen door The geniale Babyshambles, Pete wordt Peter en gaat nu solo. Hij ruilt London in voor Parijs, waar hij niet gestoord door paparazzi en in alle ‘rust’ kan werken aan het meesterlijke Grace/Wastelands.
Ik ga er heel kort over zijn: met verbazend gemak en met de genialiteit van de eenvoud gaat onze voormalige junk en wandelend laboratorium zich naast de groten der aarde plaatsen: Lou Reed, Neil Young en Bob Dylan. Neen, ik overdrijf niet. Binnen veertig jaar zal met dezelfde gevleugelde woorden over Doherty worden gepraat. Punt.
Op Grace hoor je dus alleen maar uitschieters.
“Sweet By and By” is zijn ‘Goodnight ladies’, “Broken Love Song” laat E van Eels een deftig poepje ruiken, “Arcady” is nu al een sixties klassieker, en ga zo maar door.. Waanzin maakt plaats voor genialiteit.
Moet je dan Grace/Wastelands kopen? Drinkt een koe water?

JJ Cale

Roll On

Geschreven door

JJ Cale, speciaal voor hem is de term laid-back uitgevonden. De man was een inspiratiebron voor Eric Clapton (die “After midnight” en “Cocaine” coverde en die songs op slag wereldberoemd maakte) en vooral Mark Knopfler (het debuutalbum van Dire Straits is over gans de lijn schatplichtig aan JJ Cale, en laat dit ook nou net toevallig hun allerbeste album zijn). In 1971 kwam Cale met zijn eerste plaat uit. Deze nieuwe ‘Roll on’ is pas zijn zestiende, en dat op de gezegende leeftijd van 71. Alles is op ’t gemak bij JJ Cale. Relax, baby, relax. En zo klinkt het ook, alsof Cale af en toe eens vanuit zijn hangmat komt om zich naar de studio te begeven  -biertje tussendoor-  en daar vanop zijn barkruk alweer een knappe song op tape te zetten.
Nieuwe fans zullen er niet bijkomen met deze plaat maar de bestaande fans (waaronder ene Tom Barman die zelfs zijn debuutfilm naar de JJ Cale song “Anyway the wind blows” noemde) zullen opgetogen zijn.
‘Roll On’ is zo’n typisch JJ Cale album geworden : gezapig, relaxed, bluesy en met lekker voortkabbelende ritmes. De sterke songs zorgen er voor dat dit zelfs een van zijn betere werkstukjes is geworden. In zijn geheel eigen stijl stoeit JJ Cale met country, blues, jazz, rock’n’roll en americana, zijn gitaar laat hij heerlijk drijven op de golven van de zomerse songs, zijn stem volgt gewoon steeds in dezelfde toonaard. De man weet als geen ander zijn vocale beperkingen in te passen in de muziek.
Zoals gewoonlijk laat Cale zich omringen met rasmuzikanten die zich volledig onderdanig maken aan de sound en de sfeer van zijn songs. Op de titelsong mag zelfs Mijnheer Clapton nog eens meedoen, het nummer is een opgewekte rocker, een meer dan geslaagde samenwerking van twee ouwe rotten. Al even vrolijk is het Zuiders klinkende” Fonda-Lina” en ook bij “Oh Mary” beginnen onze beentjes gewillig mee te schudden. Het akoestische “Leavin in the morning” gaat dan weer volop de Dylan toer op.
Zowat alles wat Cale op ‘Roll on’ doet stemt ons welgezind en roept onze goesting op om lekker te kuieren met een biertje bij de hand. Waar is mijn hangmat ?

Noah & The Whale

Peaceful, the world lays me down

Geschreven door

Het Britse Noah & The Whale verrast aangenaam met hun debuut ‘Peaceful, the world lays me down’. Ondanks de pessimistische ondertoon die we in de teksten horen van songschrijver Charlie Fink hebben we te maken met een gevarieerd klinkende poprockplaat met een foklkrandje. Broeierige, fijne pop met dromerige, frisse, speelse en vrolijke melodieën, waarbij de band zich ergens profileert tussen The Saw Doctors, The Waterboys, The Decemberists, Belle & Sebastian, het ouder werk van The Go-Betweens, The Pogues en een ‘60’s Beatles aanpak, door de aanstekelijke opbouw. Het instrumentarium als viool, harmonium en blaasinstrumenten als de backing vocals van Laura Marling zorgen voor een kleurrijk geheel. Er zijn groovy songs: “5 years time”, “Rocks & daggers” en de titelsong, afgewisseld met de sfeervolle “2 atoms in a molecule”, “Give a little love”, “Second lover” en de ingetogen afsluiters “Mary” en “Hold my hand as I’m lowered”. In “Jocasta” kun je het refrein zo meezingen en tot slot op “Shape of my heart” hoor je Balkaninvloeden.
Met deze is ‘Peaceful, the world lays me down’ een tof, afwisselend en een prettig in het gehoor liggende plaat geworden.

Cut Copy

In ghost colours

Geschreven door

Het uit Melbourne afkomstige trio Cut Copy komt aandraven met een pak zweverige, aanstekelijke, zomerse electropopnummers, die ze op sterke wijze combineren met een vleugje disco en house. Een paar tracks krijgen zelfs een krachtiger rockgroove mee en/of worden de pedaaleffects eens stevig ingedrukt (zoals op “Unforgettable season” en “So haunted”).
Het trio zweert aan de ‘80’s electro, verwerken LCD Soundsystem, Daft Punk en Air en doen vocaal als qua sound soms ook denken aan Daan. Een paar instrumentaaltjes zetten steeds aan tot overtuigende songs. Luister maar eens naar “Lights & music”, “Hearts on fire”, “Strangers in the wind” en “Nobody lost, nobody found”.
Cut Copy klinkt misschien gerecycleerd, maar ze slaagden in een overtuigende plaat door aan de songs een handige hedendaagse draai aan te geven.

Iglu & Hartly

& Then Boom

Geschreven door

Iglu & Hartley: een niet alledaagse groepsnaam van een vijftal uit het zonnige Californië verbaast met aanstekelijke, vrolijke, ontspannende en een zwoel dromerige sound. Inderdaad, de groep maakt een zonnige cocktail van groovy, funkende en  trippende raprock, waarin we invloeden horen van Beach Boys, Beastie Boys, Eminem, Arsenal en ‘80’s synthpop.
Een consistent album trouwens, misschien een beetje veel van hetzelfde, maar goed in elkaar gestoken poppy songs, waarbij “In this city” en “Out there” zich weten te onderscheiden. De harmonieuze samenzang van de raps van Jarvis Anderson en Sam Martin geven elan. Volmondig ondersteunen we Iglu & Hartly als Surfer Boys met een hippie randje.

Pagina 356 van 394