AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
dEUS - 19/03/20...
CD Reviews

Flatcat

Heartless Machine

Geschreven door

Driewerf hoera!  Na 8 jaar brengt  de Brugse punktrots Flatcat eindelijk nieuw werk uit!  ‘Heartless Machine’ is het derde full album van het viertal dat in de afgelopen jaren enkele dikke punkhits wist te scoren. Frontman Minx  was wat verveeld om tijdens optreden  steevast dezelfde set af te haspelen en begon zo nieuwe songs te componeren.   Op Groezrock 2011 werd punklegende  Bill Stevenson  aangesproken en die  mixte het album samen met Jason Livermore in The Blasting Room in Colorado (waar eerder al Rise Against, Alkaline Trio en NOFX op bezoek waren).
Het resultaat mag er wezen: qua sound weet  Flatcat met ‘Heartless Machine’  moeiteloos hun Amerikaanse voorbeelden  te  evenaren.  Ook compositorisch is het niveau van deze plaat zeer consistent.  De meest opvallende tracks zijn wat ons betreft allereerst  het heerlijke en aan The Descendents schatplichtige “Butterface” . Daarnaast is er het opgewekte en catchy “Loose Tongue”,  een heerlijke meezinger waar Flatcat duidelijk een patent op heeft..  Verder  is er het opvallende drieluik “Not What I Signed Up For”, “The Great Escape” en “All Anchors Lost”.  Het zijn de drie  laatste tracks op de plaat die  bevestigen dat Minx eigenlijk een begenadigd singer-songerwriter is (geen verrassing voor wie hem vorig jaar op Groezrock bezig zag) die ondersteund wordt door een zeer solide band.  
Flatcat mag terecht trots zijn: ‘Heartless Machine’ is hun beste plaat tot op heden en toont aan de heren springlevend zijn!

Superchunk

I Hate Music

Geschreven door

Het Amerikaanse Superchunk rond Mac McCaughan  en de zijnen zijn sinds 2010 aan een return begonnen , met de plaat ‘Majesty shredding’ , na een stilte van 10 jaar . Er is de tweede nu in de rij ‘I hate music’ , waarbij ze als vanouds nog steeds in slagen spannende , aanstekelijke power grunge pop materiaal te brengen. De band klinkt enthousiast want er zijn de catchy refreinen  , maar de onderwerpen zijn met het jaartje ouder iets zwaarder en het tempo kan wat worden teruggeschroefd . De plaat is opgedragen aan filmmaker en vriend David Doernberg, die in 2012 overleed aan de gevolgen van kanker. Nummers “Out of the sun” en “What can we do” passen in dit gevoeliger concept . Geen nood, Superchunk kan snedig knallen als op “Void”, het (ultra)korte “Staying home” en op opener “Overflows”; ook met “Low f” en “Breaking down” komen ze  sterk voor de dag , waarbij de instrumenten wat meer ruimte krijgen en de groep  gauw gelinkt wordt aan die bepalende 90 bands als Dinosaur Jr uit de grunge tijd .
Het mag allemaal wat afgelijnder zijn dan vroeger, feit is dat de band nog steeds goed is en hun gruizige rock van jeugdige vitaliteit getuigt.

Madensuyu

Stabat Mater

Geschreven door

Madensuyu is het Gentse duo De Gezelle – Vervondel. Ze hebben lang op zich laten wachten,  want hun laatste cd ‘D is Done’ dateert al van 2008. Madensuyu wordt enorm gerespecteerd .
Het duo overtuigt en onderscheidt zich met unieke postrock/noisepop , een intens broeierig, energiek spanningsveld creëren ze van  repetitieve, snedige, felle  gitaarstructuren, bezwerende en opzwepende strakke percussie en elektronicatunes. Ze dienen stroomstoten toe, zorgen voor geluidsstormen die naar de keel grijpen en naar adem doen snakken. Tot slot hebben we die verbeten, zalvende zanglijnen, apart of samen, met het invoegen van een (schreeuw) zang en opgewonden kreten.
‘Stabat Mater’ is een Latijns hymne , van een moeder die haar zoon verliest , een enorme klap moet verwerken , een sterke beproeving doorstaat, waarbij ze mentaal en fysiek niet breekt, ondanks het intense verdriet  , de woede  en de machteloosheid … Net elementen die we muzikaal horen bij het Gentse duo ! Welkom in het Madensuyu – universum dus …
Hier op de nieuwe plaat ‘Stabat Mater (SM:MS)’ hebben we te maken met songs die gelaagder, sfeervoller zijn , een broeierige intensiteit hebben, kunnen aanzwellen, je doen bewegen en voor de nodige adrenalinestoten en explosies zorgen door die spannende opbouw, de tempowisselingen, de variaties en natuurlijk dat unieke samenspel gitaar- drums –elektronica, stuiterend , stuwend en splijtend.
Op die manier gaan we hollend, bollend rijden en glijden we over het spannende materiaal als  “Dolarosa”, “Ready & I”, “On the long run”, “Mute song” , “Crucem” en de  rustige  afsluiters  “Give days & a day” en “Haul in/High tide” . We halen ook “Hush hum” eens aan  met de acapella zang van Tijl Geerts van het Sint-Niklase knapenkoor ‘In Dulci Jubilo’ . Madensuyu is nog steeds scherp en spreidt hun talent, kunde en technisch vernuft opnieuw tentoon!

La Chiva Gantiva

Vivo

Geschreven door

La Chiva Gantiva heeft Colombiaanse roots  en heeft Brussel als thuisbasis . Het uitgebreide combo is toe aan hun tweede cd en brengt je meteen in feeststemming door het allegaartje aan stijlen van world – funk –soul – salse - latin ritmes en raps . We hebben hier een reeks fris aanstekelijke dansbare songs . Af en toe komt de popsound wat op het voorplan , is er een ietwat gematigde aanpak, maar al gauw geeft  het gezelschap er een leuke wending aan .
Met het Zuiders instrumentarium brengen zij de zon in huis . Referenties naar de Zuid-Amerikaanse/Cubaanse ritmiek en naar bands als Mau Mau en Mano Negra borrelt een optimistische , ontspannende stemming op . Te koesteren!

Amalthea

In The Woods

Geschreven door

De hype rond bands die vakkundig postrock, metal en hardcore mixen, is al eventjes voorbij.  Toch kunnen liefhebbers van deze stevige genres niet voorbij het eerste album van de Zweden van Amalthea.  Het viertal starttte  rond 2004 als een posthardcore- en screamoband  waarna men geleidelijk de screamo inruilde  voor postrock.  Na een eerste EP in 2011 is ‘In The Woods’ het eerste full album.  De muziek die  Amalthea hierop brengt, klinkt desolaat, melancholisch en ruw en past zo perfect bij het onherbergzame, weidse en uitgestrekte beeld  dat velen van Skandinavië hebben.  Meestal houdt de band het vrij kalm door de cleane vocalen en het gerichte gebruik van instrumenten als viool, trompet of trombone maar  af en toe barst een explosief gedeelte los.   Aanknopingspunten vind je bij fijne bands als Cult of Luna, Isis, Steak Number Eight  en af en toe ook Neurosis.  Wie van dergelijke bands houdt, weet dat de rijkheid en de gelaagdheid van dit album vraagt om van begin tot eind te beluisteren.  Ook bij ‘In The Woods’ is dit niet anders.  Het zorgt ervoor dat dit een plaat is voor de muzikale meerwaardezoeker.

Schoolboy Q

Oxymoron

Geschreven door

Gangsta rap is back!

Quincy Hanley. Gang: Hooverstreet Crip. South Central L.A. Zo staat Schoolboy in de computer aan het Amerikaanse gerecht, met een misdrijf en strike 1 naast zijn naam. Gang banging from age 12, zat Q midden in het gang life. (Au contraire tot zijn TDE-label-maatje Kendrick Lamar die het juist probeerde te vermijden.).

Naast sport en af en toe eens school een kans geven, was oxycodon, pillen, crack en weed dealen de manier waarop ya boy Q aan zijn greens kwam. Oxymoron is een album om het wereldwijde publiek hier een blik op te geven. Na het daverende succes van Good Kid, MAAD City zette west coast hiphop officieel de kroon op. ‘They are running the game at the moment’ en met ‘Oxymoron’ wil het label TDE deze ‘reigning position’ vasthouden, maar tegelijk uitdiepen naar een ander aspect dan Kendrick’s, namelijk het meer gangsta aspect. ‘They gotta keep it fresh, you know. Family listen, if we’re being honest’. Oxymoron is geen nieuwe Doggystyle of All Eyez On Me, but it’s a good ass album met een paar commerciële knipogen. Zoals “Collard Greens ft Kendrick Lamar”, “Man Of The Year” en “Hell Of A Night”.

Maar Q behoudt zijn integriteit, en danst de lijn tussen party music en storytelling perfect. De productie is té clean. (zucht) Het is Dr. Dre-like-standaard gemixed. Zoals eigenlijk alle TDE-projecten. Persoonlijke favoriet op deze plaat is “Studio”. ‘GODDAMN. This is that west coast sound, bruh’. BJ The Chicago geeft je een flashback naar Nate Dogg en zijn hiphop classic “Regulate”.

Ook al mag “Studio”  dan wel een love song zijn. Vlak erna volgt “Prescription/Oxymoron” die je meeneemt naar Q’s real life shit een paar jaar terug. Verslaving aan prescription drugs zoals Valium, Percocets …veranderde hem in een wandelende coma. Doorheen dat nummer snijdt zijn dochter door je hart met ”what’s wrong daddy?”,”You tired, daddy?”, “Wake up!!” Almost made me catch a feel, bro. De beat switcht plots. De snares en drums versnellen en Q begint het verhaal dat hij nu die pillen zelf verkoopt. Hoe is het mogelijk om van een verslaving af te geraken ‘if it keeps a roof above you and your daughters head’.

Wel dat noemen we een ‘oxymoron’. Een stijlfiguur waar twee woorden worden gecombineerd die elkaar in hun letterlijke betekenis tegenspreken. (wikipedia, hah) .En dat klopt volledig in de lijn van dit album. “Gang bangin’” deed Q omdat een kant van hem niets beter wist. Maar hij moest het wel doen, om zijn dochter en zichzelf te onderhouden. Rap was his way out of the gang life, daarom houden zijn albums aan die donkere toon vast.

Schoolboy Q biedt de luisteraar meer dan goeie beats, maar een levensverhaal.

Conclusie: ‘Oxymoron’ is een geslaagd major-label debuut voor Schoolboy Q. Hou het bij de standaardversie, want de deluxe is pure filler en balast. Het sterkste wat ik in 2014 al tegenkwam. TDE wins…again.



The Offenders

Generation Nowhere

Geschreven door

Amper een goed jaar na hun vorige album ‘Lucky Enough To Live’ zijn The Offenders al terug met een nieuw werkstuk.  ‘Generation Nowhere’ is trouwens de vijfde plaat van deze in Berlijn residerende Italianen.  Het kwartet grossiert in eenvoudige, eendimensionale skarock die je al na 1 luisterbeurt oppikt.  De dertien tracks zijn een combinatie van ska met oude punk, beat, punkrock, soul en powerpop.  De teksten zijn even eenvoudig als de opbouw van de diverse nummers die bovendien zeer gemakkelijk mee te zingen zijn.  Nummers als opener “Berlin Will Resisit”, “Stay true”, “Rude Fans”, “The Power” en “Pogo in Togo” zullen het  ons insziens vooral goed  doen op de dansvloer.   
Na enkele luisterbeurten hebben we het echter gehad  en schuiven we het plaatje uit onze cd-speler.  ‘Generation Nowhere’ is zo niet onverdienstelijk maar zeker niet onvergetelijk.

NOFX

Stoke Extinguisher

Geschreven door

Opnieuw een leuk hebbeding voor de fans van NoFX.  De band rond Fat Mike brengt met ‘Stoke Extinghuisher’ een nieuwe EP uit met zes diverse nummers.  Slechts 1 nieuwe song (“Stoke Extinguisher”)  op dit schijfje maar de knallende punktrack is meer dan de moeite waard en toont een springlevende band!  Opvallend is verder “The Shortest Pier”, een nummer oorspronkelijk van de hand van de overleden Tony Sly.  Deze versie van NoFX vond je recent op de  indrukwekkende verzamelaar ‘The Songs of Tony Sly: A Tribute’.  De rest van de nummers zijn b-kantjes van allerhande singles van het laatste full album ‘Self Entitled’.   
Een interessant tussendoortje dus van één van de toppers voor het komende Groezrockfestival!

Black Flag

What the …

Geschreven door

Er was eens …. de bloeiende Amerikaanse hardcorepunkscene, begin jaren 80 , waarbij bands als Dead Kennedys en Black Flag bepalend waren. Ze waren een inspiratiebron voor de stoner/ crossoversound . Greg Ginn, de oprichter/gitarist en songwriter is eigenlijk de enige vaste waarde na al die jaren . Vroeger hadden we hier ook Henry Rollins en Keith Morris van Black Flag uit de 80s , maar die legden zich na een tijdje toe op hun eigen werk . De periode ’80 – 85 waren de actiefste en succesvolste periode.
In deze reünie lazen we het hobbelige parcours dat de band aflegde , wat op den duur zelfs op een soap leek , dat we je wensen te besparen .
‘What the …’ is de  nieuwe plaat van 22 nummers, die snedig, uptempo en gedreven klinkt . Een jaren ’90 punkgevoel met het herkenbare gitaarspel van Ginn. Een stekelige ritmiek , die aangenaam en interessant is om terug te horen,  maar de spanning en de aantrekkingskracht is met de jaren ten dele fors verdwenen .

Delrue

Risquons tout

Geschreven door

Yevgueni zorgde alvast voor een heropleving van het Vlaamse lied en de kleinkunst . Nu dat de groep een sabbatjaar heeft ingeplant , zit zanger en spil Klaas Delrue niet stil en heeft deze Vlaamse artiest zich in het Frans gewaagd . Verwonderlijk is het niet, gezien de man uit de grensstreek Moeskroen – Rekkem perfect de Franse taal beheerst en de Frantstalige wortels hem niet vreemd zijn. Door de liefde aan het Franse chanson komt hij in de voetsporen van Brel , Arno, Daan , Axelle Red en komen ook verder Zita Swoon tot dEUS in de buurt. Leden van z’n band hielpen mee en verder kon hij rekenen op reeks oude getrouwen .
‘Risquons tout’ is een uiterst sfeervolle, broeierige plaat met een reeks subtiel uitgewerkte nummers, of die ook  soberder van aard zijn; dit gaat  van de uptempo’s “Creme solaire” , “Echolalie”, naar de dromerige “à la gare” en “Pacman” tot de ingenomenheid van de titelsong en “Seul”. Delrue pent alledaagse zaken neer , ervaringsgericht en maatschappijkritisch. “Pas que je voulais pas” raakt enorm en is dan ook meteen de sterkste song.
Zijn liefde voor Gainsbourg, Dutronc, Aznavour , Noir désir en vooral Renaud en Georges Brassens schemeren duidelijk door in het Franse materiaal .
Het Franse lied wordt zeer zeker opgewaardeerd met een album als deze . Puike prestatie dus!

Pagina 241 van 394