Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
The Wolf Banes ...
CD Reviews

The Dodos

No Color

Geschreven door

Het uit San Francisco afkomstige duo The Dodos, Meric Long (zang/gitaar)) en Logan Kroeber (drums/zang), verbaasden in 2008 met hun debuut ‘Visiter’, een zompig, freakende oase van bluesrock, americana, folktronica en psychedelica onder de onvaste, licht doordrammende zang van Long. Het creatieve, intens aanstekelijke gitaargetokkel, het slagwerk en de subtiele synths en geluidjes maakten die sound uniek.
De opvolger had meer diepgang, was minder rauw en scherp , maar beklijfde minder .
De derde cd van de heren, met hun twinkelende, broeierige ‘crazy’ rhythmes, houdt het midden van de twee, dynamisch, fel, bezwerend en intens. Het ritmische getokkel blijft de rode draad, en intrigeert door boeiende kleurrijke wendingen zoals op “Black night”, “Going under”, “Hunting season”, “Don’ t stop” en het folky “Companions” .  Ze kregen de hulp van Neko Case (lid van o.m. New Pornographers) die mee zong op meer dan de helft van de nummers .
The Dodos hebben een fijne, aanstekelijke 3e plaat uit van verslavend inwerkende nummers! Goed zo.

Kitty, Daisy & Lewis

Smoking In Heaven

Geschreven door

De familie Durham, twee zussen Kitty, Daisy en broer Lewis  uit Londen, tussen de 18 en 22 jaar, plaatsen zich in de spotlights met de tweede cd ‘Smoking in heaven’ die een sfeervolle, broeierige, hitsende  en swingende mix bevat van jaren ’50 rock’n’roll , rhythm & blues, country & western, ska en blues .
Noteerden we op hun debuut een ganse reeks covers, dan heeft de muzikale familie het deze keer gezellig op eigen composities gehouden die overwegend nog dichtst bij G Love durven aanleunen . Doorleefde bluesrootsrock, stoffig beheerst met lekkere, voortkabbelende deuntjes; af en toen eens met weerhaken en zonder echt de bocht te missen.
Openers “Tomorrow” en “Will I ever” geven de toon aan; “Baby don’t you know” is er dan eentje met een repetitief Hammond orgeltje en het klinkt zonniger met “I’m so sorry”. En met moeder op contrabas en vader op toetsen worden  ze geruggensteund op hun arsenaal van piano, lapsteel, banjo, ukelele, accordeon en trombone . De rokerige stem van Daisy kleurt het geheel , soms aangevuld met zus Kitty en broer Lewis, die ook een paar songs voor z’n rekening neemt .
Een paar instrumentals (“Paan Man Boogie”, “What Quid” en “I’m coming home”) zitten mooi verdeeld in de dertien songs . Een heupwieg, een swing’n’boogie danspasje, een vingerknip en een meezingrefrein … Leuk allemaal … De Durhams zorgen ervoor!

Braids

Native Speaker

Geschreven door

Dromerige indietronicapop zweeft over ons heen op het debuut van Braids, een Canadees kwartet (twee vrouwen – twee mannen) . Een onschuldige, sprookjesachtige sound die aardser en grilliger durft te klinken . Ze plaatsen zich tussen een toegankelijke Animal Collective en Yeasayer, een op beide-voeten-op-aarde bewegende Cocorosie, de world van Gang Gang Dance en verder komen Cocteau Twins en Björk om de hoek kijken . Verschillende lagen van gitaarloops, synths en spaarzame drums bouwen zich op en ze zijn niet vies van een ‘hekserig’ experimentje of een verrassende wending meer of minder, daarom hebben (lange) nummers als “Lemonades”, “Glass deers”, “Same mum” en de titelsong ons kunnen inpalmen! De etherische zanglijnen van Raphaelle Standell-Preston betekenen een meerwaarde in dit muzikaal concept. Braids probeert een bedwelmend effect te realiseren.
Chairlift en Grizzly Bear hebben hier een fijn bandje bij op hun label …

Death Letters

Post-Historic

Geschreven door

Death Letters is een Nederlands duo die het hield op een kruising van White Stripes en Black Keys . Op de tweede cd gaan de twee jonge muzikanten duidelijk verder en durven ze experimenteren … Bluesrock meets Emocore meets Postrock, want krachtige stukken worden afgewisseld met sfeervolle psychedelische passages en ambient, zoals op “Death of the sincere” , “When you know a name” en “I wish I could steal a sunset”.
Onstuimig, Direct en Snedig klinken “Your heart upside down”, “Temporary frame” en “Fear’s face”. Ook de vocals wisselen af , van gematigd naar een heerlijke schreeuwstem, en geven ‘body’ aan het materiaal. Deat Letters biedt een aanpak die de brug slaat naar die andere landgenoten The spirit that guides us. Het tweetal verdient een mooi toekomst …

Great Mountain Fire

Canopy

Geschreven door

‘Canopy’  is een gevarieerd plaatje van onze Franstalige vrienden, die vroeger als Nestor! door het leven gingen . Een nieuwe naam  & een nieuwe frisse wind van het kwintet die hun referenties Metronomy, Klaxons, The Rapture, Friendly Fires, Morning Parade, Franz Ferdinand , Phoenix  laten vervoegen met Air, KLF en het Brusselse Telex , en het lekker door elkaar halen in de elf songs . Van alles horen we dus wel iets in die swingende  , sfeervolle songs.
Ze houden van charmante, frisse, aanstekelijke electrorock met een vleugje discokitsch , eenvoudig, treffend en origineel; postpunk, punkfunk en pop versmelten.
Ze hopen alvast op een toekomst zoals die voor Intergalactic Lovers in het afgelopen jaar was weggelegd! Een band met vele gezichten. Op die manier slalom je doorheen de afwisseling van “Late nights”, “Cinderella”, “Crooked head” , “It’s allright” , “Swans” en de instrumentale psychedelische afsluiter “Antiparos” . Maw hier is sprake van een beloftevol bandje!

Russian Red

Fuerteventura

Geschreven door

Russian Red draait rond de fragiele jonge Spaanse Lourdes Hernández uit Madrid. De 26 jarige lady heeft een fijn indiepoplaatje uit , die kleur krijgt door haar (semi-akoestisch) gitaarspel, piano, een vervlogen sax, spaarzame synths, en gedragen wordt door haar warme, innemende, dromerige, heldere stem. Liefdevolle, tedere songs als “I hate you but I love you”, “Brave soldier” en “The memory is cruel”  worden afgewisseld met sfeervolle pop, “Everyday everything”, “The sun the trees” en de  titelsong, die wat meer uptempo klinkt.
Ze beweegt ergens tussen Fairground Attraction , Feist, Katie Melua, Regina Spektor en Joanna Newsom. Haar tweede cd ‘Fuerteventura’ werd opgenomen met leden van Belle & Sebastian.
Fijne ontdekking dus.

The Horrors

Skying

Geschreven door

De Britse The Horrors zijn toe aan de derde cd ‘Skying’. De zwart geklede heren hebben hier hun meest toegankelijke plaat uit trouwens. We horen in hun snedige rockers en in enkele lang uitgesponnen nummers nog een flinterdunne link naar hun debuut ‘Strange house’ door de repetitieve structuur en beheerste galm, fuzz en pedaal effects.
The Horrors zijn groter geworden door die zwartgallige mix van postpunk, waverock, shoegaze, psychedelica en geflipte garagerock in een web van noisy jengelende, fuzzende gitaren en pedaaleffects.
Een mistig rookgordijn zie je voor de ogen en een zwevende, brabbelende (soms) onverstaanbare galmstem van Faris Badwan zweeft erover heen …
Het vrij poppy ‘Skying’ hangt nauw samen met de vorige cd ‘Primary colours’, een vrij logische stap die de Londenaren namen om het geheel boeiend te houden.
Op die manier worden referenties als My Bloody Valentine en Jesus & Mary Chain omgebogen naar The Sound, The Cure, Psychedelic Furs , Echo & The Bunnymen, Chameleons, Simple Minds en sijpelen Suede, The Verve en Stone Roses door in het samenspel van bas, gitaar, drums en psychedelische synthesizerwolken. De electro van een Human League en Depeche Mode integreerden ze slim. Het garagerockende aspect is dus ook subtieler en gestroomlijnder geworden.
Broeierige, meeslepende songs horen we met “Changing the rain”, “I can see thru’ you” en “Endless blue”. De band heeft nu zelfs enkele integere, dromerige , broeierige songs klaar, “Still life” en ”Moving further way”, die een warme gloed uitstralen tav de vroegere kille sound.

The Bent Moustache

Pastures new seasons turn

Geschreven door

The Bent Moustache – een aparte groepsnaam toch, gecentraliseerd rond zanger/bassist Ajay Saggar, die z’n muzikale ervaringen als geluidsman van Dinosaur Jr, Sebadoh en Mogwai deelde met de ‘90s noisepop en The Ex avantgarde  . We komen uit op een geheel van lieflijke, explosieve, rinkelende noisepop , die prikkelt en boeit door de sprankelende, hitsende ritmes . Tja, een beetje op het oude Los Campesinos .
En ze zijn niet vies van postpunk , The Fall psychedelica , en‘80s wave om er wat fuzz en pedaaleffects aan toe te voegen , wat hen richting My Bloody Valentine shoegaze brengt . Af en toe experimenteert men met knisperende, neurotische elektronica en vervormde stemmen . Op d!ie manier krijgen we een afwisselend plaatje met o.m. de dynamiek van “Skip a breath”, “Hey mate”, “All in your hands”, “Seine meine geheime code” en de titelsong; de diverse uitstapjes die we horen op “Heavy jam”, “Loose thing now” en “Azad hind” zijn de moeite waard. Ook Simon & Garfunkel’s “The sound of silence” wordt door de mallemolen gehaald.
De zanger heeft trouwens wereldlijke roots ( Indiase ouders – opgegroeid in Kenia- in Manchester gestudeerd) .
Fijne aanbeveling!

Other Lives

Tamer Animals

Geschreven door

Kennismaken met het vijftal Other  Lives van Jesse Tabish uit Oklahoma doen we met hun tweede plaat …  We lazen ergens dat ze het indierock equivalent zijn van spaghetti westerns . We kunnen deels deze mooie omschrijving beamen, die naar de ‘70s refereert van Pink Floyd en het handig linkt aan Mercury Rev, Flaming Lips, Cinematic orchestra  en Midlake. Hun sferische pop intrigeert en boeit en geeft z’n muzikale subtiliteit prijs per beluistering. Een filmisch soundtrackachtig karakter door de veelheid  aan ‘zachte’ instrumenten als piano, cello, viool, klarinet, trompet, …, die wat klassiek/bombast/barok aandoen , maar een voelbare intimiteit uitstralen . “Dust bowl III” en de titelsong vormen de tastbare zuil van de cd, die ons dompelt in een ‘neverending’ sprookjesachtige reis …

The Black Keys

El Camino

Geschreven door

The Black Keys zijn geëvolueerd van (Auerbach – Carney) rauwe, ruwe , hitsende Deltabluesrock - met een link naar Led Zep, The Kills, The White Stripes , Jon Spencer  naar een heuse band die retrorock, glamrock, bluestrash, stoner, Britrock funk & soul in een hip daglicht plaatsen. Onversneden, Opwindend, Energiek en Passioneel door het aanbod van  puur oprechte, woeste, stampende, broeierige rockers. In de eerste helft donderen ze over je heen met “Lonely boy”, “Dead & gone” en “Gold on the ceiling”. “Little black submarines” klinkt verrassend en boeit door de semi-akoestische start en de paar stevige klappen iets verderop.
En ze denderen maar door, sie , … tussen eenvoud, venijn en spitsvondigheid .
In het tweede deel zijn de songs meer doorleefd ,o.m. ”Sister” en “Hell of a season”,  zonder in te boeten aan doeltreffendheid. De muzikale weerhaken kunnen wel eens zalvend zijn, “Stop stop” is het lichtvoetige nummer op de plaat .
‘El Camino’ is alvast een erg gedreven plaat, die intrigeert en overtuigt!

Pagina 296 van 394