logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Stereolab
CD Reviews

Heather Nova

300 days at sea

Geschreven door

Heather Nova grijpt op de nieuwe cd terug naar de hoogdagen van haar muzikale carrière en dan hebben we het over ‘Oyster’ en ‘Siren’, de bijhorende live ‘Blow’  en met een knipoog naar haar debuut ‘Glow stars’. De muzikanten van die periode zijn er hier terug bij . Op die manier laat ze het (mindere) (semi-akoestische) werk van ‘Storm’ , ‘Red bird’ en ‘The jasmine flower’ wat achterwege en horen we vertrouwde, sfeervolle, dromerige poprock, gedragen door haar kristalheldere, hemelse emotievolle stem . Viool- en strijkerspartijen vullen opnieuw aan .
Net als vroeger weten een handvol songs te overtuigen, zoals “Beautiful ride”, “Higher ground”,  “Do something that scares you” en “Turn the compass round”. Ze kan hiermee jongere vrouwelijke fans aanspreken en de vroegere fan vindt terug aansluiting.
Het album is geïnspireerd op haar kindertijd die ze met haar ouders doorbracht op een inmiddels gezonken zeiljacht , waarmee ze door het Caribische gebied trok .

Bon Iver

Bon Iver

Geschreven door

Achter het debuut van Bon Iver aka Justin Vernon ‘For Emma, Forever ago’ schuilt een heel verhaal . Hij slaagde in meeslepende en intieme songs van pakkende weemoed, die hij in totale afzondering opnam.
Op de opvolger, simpelweg ‘Bon Iver’ genaamd geeft hij de indruk te hebben rondgetrokken , gelet op de plaatsnamen als songtitel . Hij weet nog steeds een bijzondere sfeer te creëren, bepaald door een emotievolle, (hoge sacrale) falsetzang . De omlijsting is deze keer meer sprookjesachtig ipv spookjesachtig, mede door de bredere omlijsting naast het sobere, subtiele akoestische gitaarwerk en steelpedaal en de meerdere lagen van Vernon’s stem. Percussiewerk , echo’s, (blazer) arrangementen vullen aan, o.m. op “Perth”, “Minnesota, WI” en “Beth/rest”. “Holocene”, “Towers”, “Calgary” en “Lisbon, OH” zijn dan op hun beurt voorbeelden van een ingehouden, immense schoonheid en stemmenpracht . Kijk, wie houdt van sing/songwriting en indiefolk en al overtuigd was van de Fleet Foxes, MMJ’s, Grizzly Bear’s van deze tijd , houdt van de ingetogen sfeer van Isbells, I am Oak, en de sing/songwriter Elliott Smith in het hart draagt, heeft hier terug een vette kluif van luistermuziek …

 

Dan Freeman and the Serious

I Lie a lot

Geschreven door

Eén van de meest veelbelovende nieuwe namen (die weliswaar pas op het eind van het jaar kwam piepen) was ongetwijfeld die van Dan Freeman and the serious. Dan Freeman is afkomstig van het eiland Tasmanië en besloot enkele jaren geleden over te steken naar Berlijn om er muziek te sturen. Hij ontmoette en sloot zich aan bij de band  The Serious en ruilde gelijk  zijn saxofoon  voor een piano.
Resultaat is ‘I Lie A Lot’, een veelbelovende en vooral briljante debuutplaat. Freeman is duidelijk een begenadigde singer/songwriter die de vergelijking met wijlen Jeff Buckley kan weerstaan.  De muziek van de band ademt op zijn beurt de adem van bands als Radiohead, Muse (in z’n beginjaren!) en Kashmir.  Er is ruimte voor heel wat pathos en grote gevoelens maar tegelijkertijd blijkt er ook plaats voor het nodige geëxperimenteer. ‘I Lie A Lot’ is verder een zeer herkenbare en toegankelijke plaat geworden met elf gevarieerde tracks.  Verschillende songs leggen de nadruk op de piano en zijn vrij rustig (zoals “You don’t Wanne Be” en “123”) terwijl een paar nummers lekker rocken (waaronder het titelnummer en “Fall Slow”). 
Wie fan is van bovengenoemde groepen , moet absoluut naar Dan Freeman beluisteren.  Het is bijgevolg zonneklaar dat deze groep de potentie heeft om heel groot te worden…
 

O’Death

Outside

Geschreven door

Al een paar jaar volgen we de muziek van O’Death uit Brooklyn NY. Ze kwamen in de belangstelling met een opvallende crossover van rauw rammelende rock’n’roll, country, punk en folk.
Vuilnisbakkenfolk! Een instrumentarium van ukelele, banjo, piano, viool, harmonica, drums en andere rammelende percussie zorgen hiervoor.  De zeemansliederen van vroeger zijn wat gematigder, want de helft van de songs klinken rustiger, maar onderhuids dringt het ruige, rauwe, losgeslagen potten en pannen gekletter door .
O’Death brengt nog steeds een boeiende afwisselende trip van The Pogues, Kaizers Orchestra, Mumford & Sons , Woody Guthrie en Fleet Foxes . Een goede vierde cd dus …

Wilco

The whole love

Geschreven door

Als we spreken over Wilco , dan maken we onmiddellijk de link met de sing/songschrijver Jeff Tweedy en het Muzikaal Vakmanschap van z’n band door de knap opgebouwde rootsrock/alt.country.  Aanstekelijke, broeierige  rockers, sfeervol dromerig materiaal en ingehouden, intieme (semi-akoestische) songs met een folky inslag . Veelzijdig binnen het genre . Rootsliedjes die van gitaarerupties kunnen worden vergeven .
Ze vallen met “Art of almost” met de deur in huis , een overrompelende, lange song die de instrumenten laat spreken; dan volgen een tiental songs met een gewone, gemiddelde tijdsduur , die de Wilco variatie onderstreept om dan met het eenvoudige, uitgesponnen repetitieve folky “One sunday morning” te besluiten .
Subtiel uitgewerkt materiaal is en blijft het handelsmerk van de Amerikaanse rootspopband , een band die boeit, vernieuwt en zich nestelt in z’n oud vertrouwde stijl … Maw op ‘The whole love’ vind je ‘Fantas-matische’ Wilco muziek .

My Morning Jacket

Circuital

Geschreven door

My Morning Jacket is live een fantastische beleving en die ervaring proberen ze steevast op de laatste platen te zetten. Ze is dan ook opgenomen in hun hometown Kentucky . Jim James en de zijnen My Morning Jacket tekenen voor schoonheid, pracht en intensiteit binnen een indie/alt.americana concept , wat betekent dat we een tiental pittige , broeierige, bezwerende en ingetogen, sfeervolle songs met een retro/psychedelisch randje en met een melancholische inslag horen, gedragen door de warme, zalvende, hemelse, indringende vocals van de zanger/componist James.
De retrorock ligt hen hierin als gegoten en maakt de songs op de plaat sterk . Puur vakmanschap dus! Ze hebben een geduldige opbouw; “Victory dance” en de titelsong zijn al meteen twee boeiende tracks.
Op het eind met “Slow slow tunje” en “Movin’ away” neemt het gezelschap wat vaart en ritme terug , maar is het genieten van de sfeervolle aanpak.
Op ‘Circuital’ is een ouderwets klinkende MMJ aan het woord  en zonder meer overtuigt!

Elder

Dead Roots Stirring

Geschreven door

‘Dead Roots Stirring’ is de tweede plaat van Elder, een stonerrocktrio uit het Amerikaanse Boston.  Naar verluidt was hun titelloze debuut uit 2008 al een degelijk album en was het duidelijk dat de drie Amerikanen heel wat in hun mars hadden.  Elder heeft waarschijnlijk sindsdien niet stilgezeten, want ‘Dead Roots Stirring’ is een dijk van een plaat.  Heel bijzonder is dat de formatie  een perfecte balans vindt tussen stevige en heavy gedeeltes en  tragere, melodieuze stukken.  Bovendien valt het op dat de drie muzikanten perfect met mekaar samenspelen en dat noch de gitaren, noch de bas en  drums de bovenhand hebben, de drie instrumenten zijn ongelooflijk mooi  in balans.
Elder tapt niet alleen uit het stonervaatje want ook  sludge en doom metal, psychedelische rock en af en toe wat grunge en punkinvloeden zijn op te merken in de indrukwekkende sound.
Slechts vijf nummers op de plaat maar de kortste track “III” klokt wel af op acht minuten en drieënveertig seconden.  Over de verschillende songs : opener “Gemini” is een absoluut topnummer en bestaat uit  lange, trage, psychedelische stukken die ons doen denken aan onze West-Vlaamse  trots Steak Number Eight (ook bij die band hoor je het vernuftige samenspel van de verschillende muzikanten) en heeft daarnaast met “I’m coming home/It’s been so long” een zeer eenvoudig maar doeltreffend refrein . “Dead Roots Stirring” is een enorm complexe en gestructureerde song met een hoofdrol voor gitarist Nick Disalvo en diens Hendrixiaanse solowerk.  “III” is bijna volledig instrumentaal en staat vol fraaie, psychedelische melodieën en had  niet misstaan op ‘And The Circus Leaves Town’ van de woestijnrockers van Kyuss. Op slottracks “The End” en “Knot” blijft Elder  dezelfde heerlijke riffs  rondstrooien en houdt zo probleemloos hetzelfde hoge niveau aan.  Opvallend is  de manier waarop die laatste twee tracks in mekaar lopen.
‘Dead Roots Stirring’ is zo een fraai werkstuk geworden waarbij de band verschillende muzikale grenzen overstijgt. Het zou zonde deze plaat links te laten liggen …

Chapel Club

Palace

Geschreven door

Het Britse Chapel Club uit Londen heeft na enkele EP’s het debuut ‘Palace’ uit, vernoemd naar de repetitieruimte in St Luke’s Church. De groep refereert aan de ‘80s Britrock en wave van The Smiths, Teardrop Explodes, Echo & The Bunnymen, stoeien met de ‘90’s van Ride, Slowdive  en voegen er recentelijk Editors en White Lies aan toe. Shoewavepop lijkt de beste omschrijving.
De eerste songs “Depths”, “Surfacing” stuwen en kenmerken een borrelend gitaarspel. De aandacht verslapt dan wat met enkele sfeervolle , broeierige songs, die wat te groots en meeslepend klinken, om dan terug op te krikken met een “Blind”, “O maybe I” en “All eastern girls”. Het zijn nu net die singles die het sterkst zijn . Ze hebben een onderhuidse spanning, dramatiek en melancholie en worden gedragen door de ietwat theatrale zang van Lewis Bowman.
De helft van het materiaal is meer dan de moeite waard , maar spijtig genoeg kan het kwintet hiermee de hooggespannen verwachtingen niet helemaal inlossen .

Gardens & Villa

Gardens & Villa

Geschreven door

Gardens & Villa is een debuterend bandje die het houdt op een stemmige mix van pop, folk, elektronica, new wave en psychedelica. Sfeervolle en broeierige indie/luistersong waarvan ook de stemmenpracht van het kwartet zich weet te onderscheiden . Inderdaad, ze leggen  een link naar de Fleet Foxes en Grizzly Bear ’s van deze tijd. De synths en piano durven af en toe wat meer door te klinken , wat zorgt voor een veelkleurig, ontroerend en hartverwarmend karakter (“Thorn castles”, “Spacetime”) . Ook de grooves en de krachtige tunes misstaan niet (“Star fire power” en “Neon dove”). Gardens & Villa lepelen de mosterd uit alle hoeken , wat uiteindelijk tien leuke,  sfeervolle songs oplevert .

Crystal Antlers

Two-Way Mirror

Geschreven door

Het uit Long Beach, Californië, afkomstige Crystal Antlers kwam aandraven met een intens verschroeiende debuutplaat. Ruisende noiserock, bezwerende garagepunk van gierende gitaren, opzwepende drums, pompende baslijnen, heerlijk getikte ‘70’s synths/toetsen en feedbackgeraas, balancerend tussen melodie, tegendraadse ritmes en experiment. Het geheel was een weird opwindend goedje, beheerst door de praktisch onverstaanbare, schreeuwerige vocals en zegzang van Jonny Bell, die doet terugdenken aan de onderschatte Michael Gira in z’n jonge Swans jaren. Een ‘Fxx Up’ gevoel creëerden ze!
De opvolger van de cd en enkele EP’s klinkt gematigder: broeierige songs die nog kunnen bruisen van energie , maar meer afgerond zijn en een herkenbare (melodieuze) structuur hebben . de toetsen van van Ikey Owens (ex Mars Volta) intrigeren zoals de weirde psychedelicatunes  van  zZz , maar durven ook warmer te zijn. Ook de zang is meer beheerst geworden . Een logische stap dus .
Twee instrumentals zitten vervat in de elf songs . Opener “Jules’ story” en de titelsong zijn  snedig en kordaat, daarna overwint de broeierige intensiteit en finesse . Ze klinken op “Always afraid” en “Knee deep” zelfs zachter. Het mooi uitgesponnen “Dog days” besluit dan op spannende wijze de gevarieerde cd van een band, die breder muzikaal binnen de rockpsychedelica durft te gaan.

Pagina 299 van 394