logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Jon Spencer
CD Reviews

Röyksopp

Senior

Geschreven door

Het Noorse duo Rocksöpp zorgde ervoor dat hun beeldrijke elektronica van de poolvlaktes van het debuut ‘Melody AM’ een breder poppy randje kreeg op ‘The understanding’. Vorig jaar verscheen ‘Junior’, die eerder voor de gulden middenweg ging en een keur aan gastvocalistes had, die het album kleur gaven. Lichtvoetig, hartverwarmend, ijzig en vrolijk. De opvolger ‘Senior’ is de andere kant van ‘Junior’ en benadert nog meer dan het debuut soundscapes van de poolvlakte. Een filmische aanpak en weggelegd voor documentaires. Geen popsongs, dromerige vocals of catchy ritmes dus, maar sferische, beeldrijke, introverte elektronica (luister maar eens naar de tweede helft van de cd!), die af en toe eens forser durft te klinken door de grooves (“The alcoholic” en “Tricky two”, die we in een andere versie horen).
Met dit album heb je een ideale yoga les, kom je tot rust, voel je letterlijk een knetterend haardvuur of een ijzige wind bij een wandeling …
‘Senior’ integreert geen hippe dance stijlen en slaat geen nieuwe paden in . Een rustgevende vierde plaat, die de heren probleemloos naast Air plaatst.

Junip

Fields

Geschreven door

De Zweed José Gonzalez kennen we van het debuut ‘Veneer’ en de tweede cd ‘In our nature’; hij fabriceerde twee onnavolgbare breekbare covers, namelijk “Heartbeat” (The Knife) en “Teardrop” (Massive Attack). Wereldwijd succes verkreeg hij met z’n melancholische ‘treurwilg’ sing/songwriterpop, een combinatie van mans intens gevoelige gitaarspel en z’n warme, fluwelen stem. Twee cd’s intieme gitaarpop, candlelightvoer!
Maar al enkele jaren lang teisterde het muzikale virus om met vrienden Tobias Winterkorn (toetsen) en Elias Araya (drums) een plaat uit te brengen. En zoals we Gonzalez nu al een beetje kennen, de songs moeten rijpen. Hij is er alvast in geslaagd met Junip een pracht van een debuut af te leveren, uitermate beheerst, doordacht en subtiel. Een ingetogen en diverse plaat, een fusion van pop, folk, psychedelica, ‘70s, americana en soul/jazzy loops.
We horen hypnotiserende, spannende, broeierige songs als “In every direction”, “Don’t let it pass”, “Off point, “Always” en “Tide”. Ook de andere songs moeten echt niet onderdoen qua opbouw, intensiteit en emotie. Er is de subtiliteit op het broeierige “To the grain”, de indie dringt diep door op “Howl”, die het nauwst leunt aan The Feelies en “Sweet & bitter” intrigeert door de zalvende drums.
Junip is niet zomaar een samenwerking , maar is een volwaardige band die een fraai geheel brengt en verrassend sterk uit de hoek komt.

The Chemical Brothers

Further

Geschreven door

Tom Rowlands en Ed Simmons hebben op compromisloze, speelse en ontspannende wijze gewerkt aan de zevende plaat; na ‘We are the night’ en het samenstellen van boordevol restmateriaal en experimentjes op ‘Brotherhood/Electronic battle weapons’.
We horen de gekende combinatie van pop, elektro, chemical dance, krautrock, psychedelica en Britpop , netjes gelaagd door trancegerichte zalvende beats en dromerige soundscapes; nergens echt overdreven, vettig, bonkend of pompend. Geen massieve danstracks met forse breakbeats zijn te horen en ook de huidige ontwikkeling van o.m. dubstep binnen het moderne dance/elektronica landschap raken ze maar matig. Intro’s houden wel lang aan en climaxen blijven wat uit, maar vervelen doet het niet!
Geen grootse hits, maar goede nummers als “Espace velocity”, “Horse power” en “Swoon”. “Dissolve” refereert op z’n beurt aan het oude Spacemen 3 met de Britpoppsychedelica. En inderdaad er is ook geen overdaad aan gastvocalisten.
The Chemical Brothers braken met de jaren al wat minder potten, en winnen net als Underworld niet meer de jonge zieltjes; ze worden een dagje ouder en laten het ‘real to real’ dancegehalte wat links, maar brengen wel een intrigerend boeiend concept uit op de leest van  Underworld en Royksöpp.

The Courteeners

Falcon

Geschreven door

Het Britse Courteeners uit Manchester leunt toch wel erg nauw aan de ‘90s Britpop van The Stone Roses, Wedding Present en James en later van Oasis, Pulp en Supergrass. En heeft The Smiths en Morrissey als voornaamste idool en inspiratiebron. Ze zijn toe aan de tweede cd, ‘Falcon’ volgt ‘St Jude’ van 2008 op.
Ze spelen toegankelijke, melodieuze en sfeervolle pop, met een folky ondertoon, soms ondersteund van orkestraties, o.m. op “Take over the world”, “Cross my heart & hope to fly” en “You overdid it doll”. Soberder gaan ze dan te werk op “The rest of the world”, “Cameo brooch” en “Last of ladies”. Pakkend werk dus!
Maar ze blijven niet hangen binnen dit concept en kunnen forser, harder en directer klinken, waaronder “The opener” en de extra tracks op de bonus.
In eigen land zijn ze al redelijk populair. Over de plas moet het vuur nog aangewakkerd worden!

She & Him

Volume Two

Geschreven door

Een zomerzonnetje schuilt achter de tweede plaat van sing/songwriter M Ward (uit Portland) en actrice Zooey Deschanel (uit LA). De veelzijdige artiest, die we kennen van z’n solowerk en met Monsters Of Folk (remember de afwisselende sound van rock, pop, blues, country, folk en retropop), stelt zich gedienstig op als begeleider van de filmster, die ook een zangcarrière nastreeft.
M Ward is de steunpilaar in de songs en laat z’n gitaar alle kanten opgaan, eenvoudig, sober, maar doeltreffend door het gitaargetokkel & de bijhorende slides of steelpedal; hij siert de songs ook van bezwerende pop, retro en psychedelica deuntjes. En zij zweeft vocaal over de nummers heen! Kortom, we horen lichtvoetige ingetogen, dromerige, sfeervolle en uptempo pop & countryliedjes in allerlei standjes en variaties.
Manlief Ben Gibbard (spil van Death cab for cutie) is arrangeur en stond in voor de productie.
Het duo haalt de mosterd bij de Beach Boys, The Carpenters, The Mama’s & Papa’s en plaatst dames als Nancy Sinatra en Dolly Parton op een voetstuk.
Het is echt leuk luisteren naar deze relaxte midsummersongs, zoals “Thieves”, “In the sun”, “Lingering still” als “Me & you”, “I’m gonna make it better” en de cover “Gonna get along without you now” (van o.m. Skeeter Davis) …
Een lentegevoel borrelt op. “Brand new shoes” en “If you can’t sleep” zijn uitermate sober, bieden een vleugje gospel en begeleiden ons naar ons bedje … Mooi om zo de nacht in te gaan!

Crystal Castles

Crystal Castles

Geschreven door

Het Canadese Crystal Castles, Ethan Kath en Alice Glass (beetje Karen O Yeah Yeah Yeahs lookalike), uit Toronto, klieft het muzieklandschap middendoor met hun genadeloze, tot murw geslagen, loeiharde electroclash, noise en hardcore. De synths worden aangevuld met strakke, trashy vervormde en overstuurde bleeps wat hen richting Atari Teenage Riot, Alec Empire, T. Raumschmiere en Otto Von Schirach brengt.
Vooral het begin van de tweede cd overdondert met “Fainting spells”, “Celestica”, “Doe deer”, “Baptism” en “Year of the silence”. We krijgen dan wat meer ademruimte door bezwerende, dromerige trance, punkfunk, ‘80’s wavepop en kitschpop, o.m. van nummers als “Empathy”, “Suffocation” en “Violent dreams”. De genadeslag dienen ze toe op afsluiters “Intimate” en “I am made of chalk”. “Not in love”, op single met Robert Smith van The Cure,  is een eerbetoon aan de man, en overtuigt door de brede elektronicalaag in die wavepop.
Het Canadese duo probeert, twee jaar na hun debuut, een bredere elektrosound voor te schotelen. Ze kwamen met hun experimenteel elektronische muziek in de belangstelling door Atari computerspelletjes te linken aan jaren ’80 samples.
Live wordt die elektronica wereld omgebouwd, en worden we letterlijk meegezogen in een electro ‘onder’wereld van pompende, zuigende beats, overstuurde electro en bleeps, gekrijs, gegil, gemurmel, onverstaanbaar geroep, screamo’s en een smachtende, kreunende en zuchtende zang van de hyperkinetische Alice, die vocaal leunt aan Rolo Tomassi.
Een elektronische mallemolen dus door de salvo’s, het gefreak en de screamo’s. Computergestoord, messcherp, bonkend, swingend en dansbaar! Met bokshandschoenen aan te pakken dus, me dunkt …

Smoke Fairies

Through low light and trees

Geschreven door

Binnen de vrouwelijke sing/songwriterschap, gedrenkt in de Britse classic rock/blues & folk zijn de dames van Smoke Fairies, Jessica Davies en Katerine Blamire te situeren. Een plaat van rustige, innemende songs, gedragen door een etherische samenzang, een stemmenpracht en muzikaal perfect op elkaar ingespeeld. Elf bloedmooie dromerige, weemoedige songs, waarbij Jack White een handje meehielp. Een plaat dat put uit de traditie van Emmylou Harris, die echoes galmt van Jefferson Airplane en Fairground Attraction en mee de frisse wind kan bepalen, die we al eerder hoorden van Alele Diane, Joanna Newson, Jana Hunter, Jessica Lea Mayfield, Marie Sioux, Jolie Holland, Laura Veirs en Cocorosie.
Aantrekkelijk materiaal dus op het heerlijke debuut ‘Through low light and trees’  van twee mooi ogende ladies, die we niet mogen vergeten toe te voegen aan ons lijstje van ‘fijn debuut’…

Jack Johnson

To the sea

Geschreven door

Het oceaangevoel overvalt je bij het beluisteren van de nieuwe JJ plaat, ‘To the sea’, de definitieve doorbraak van de Amerikaan in Europa, die al toe is aan de vijfde cd. In Hawaii  werd hij surfkampioen, maakte hij documentaires over water en ging hij erover zingen. Erg succesvol is hij in de Usa.
We horen zachtaardige akoestische songs en een paar echte bandsongs. Hij deed beroep op boezemvrienden G Love en Paula Fuga voor het overtuigende, beresterke materiaal als “At or with me”, “From the clouds”, “The upsetter” en “Red wine, mistakes, mythology”.
Zomers getinte singsongwriterpop, die een frisse bries biedt. Muzikaal refereert hij aan de onvolprezen Bobby Sichran, gezien pop, blues, soul en hiphop in het songmateriaal verweven zijn. “Only the ocean” trekt terecht een streep over de golvende muziek en de happy tunes. Bezwerende, broeierige pop van deze Jack Johnson!

Aeroplane

We can’t fly

Geschreven door

Aeroplane debuteert met ‘We can’t fly’, die ondertussen is gereduceerd tot de Belgische producer Vito De Luca; twee maand voor de release van de debuutplaat gaf z’n kompaan Stephen Fassano er de brui aan. Wat we horen op het debuut is uiterst aantrekkelijk, leuk, broeierig, meeslepend, aanstekelijk en dansbaar! Popdance rijkelijk overgoten van diverse invloeden als electro, disco, soul, jazz en trance. Gitaarriedels, electrobeats, strijkers, ‘70s disco, Hammond en psychedelica toetsen vullen aan, zonder zich te verstappen aan kitsch!
Met een knipoog naar het werk van Giorgi Moroder en Air’s debuut ‘Moon safari’, die toen even origineel uit de hoek kwam.
“We can’t fly” en “Superstar” zijn al twee prachtige hitsingles; de  prachtige instrumental “My enemy”, omfloerst van zalvende strijkers en groovende electrodance, zal volgen. Franse tunes horen we in de filmische “The point of no return” en “Caramellas”, zo geplukt uit de ’70s Franse Z/W films of door het zwoel transpirerende karakter, uit de ‘Emmanuelle’ reeks. Of er is de souljazzy aanpak op “London bridge” en “I don’t feel”. Voldoende variatie valt te noteren dus. Ook het gastenlijstje van artiesten en vocalisten draagt bij tot het brede concept. Aeroplane staat namelijk voor een heel genre. En het klinkt als een klok!

Moebius

Blue Moon

Geschreven door

Als je de geschiedenisboek van de muziek openslaat is het opzienbarend om te zien hoe bepaalde iconen soundtracks maakten voor films die eigenlijk niks betekenden, om maar niet te zeggen hoe ze erbij kwamen om hun talenten vrij te geven voor dergelijke prullaria.
Dieter Moebius is ook zo’n voorbeeld hiervan. Misschien is hij niet de naam die je op T-shirts ziet prijken maar deze Duitser stond in de jaren ’60 wel met Cluster en Harmonia aan de wieg van de invloedrijke krautrockbeweging. Later werkte Moebius mee met Brian Eno in de tijden dat die het ambientgeluid uitvond, dit alles om u maar te vertellen dat Moebius geen muzikant is waar naast kan gekeken worden.
Het gekke van de zaak is dat de muziek van Moebius ideale soundtracks werden genoemd ook al zou het pas op het einde van diens carriere zijn dat er hem in 1986 gevraagd werd om de soundtrack te verzorgen van ‘Blue Moon’, een Duits thrillerniemendalletje van ene Karsten Wichniarz. De film werd door geen mens bezocht en al vrij vlug belandde deze soundtrack dan ook achteraan de verkoopbakken waar geen mens naar keek.
Vandaag de dag is er plots een ware heropleving (en gelukkig ook waardering) voor het krautrockfenomeen waarbij deze plaat vandaag een duur hebbeding geworden is en nu bijna drie decennia later voor het eerst op cd verschenen is.
Het moet gezegd worden dat dit het werk is van een genie die reeds lang over zijn hoogtepunt heen was maar wie de moeite doet om deze collage van geluiden te beluisteren zal zonder twijfel de hand van de grootmeester herkennen.
Absolute topvoer voor krautrockfans en ook al raden we lezers die niet vertrouwd zijn met het krautrockfenomeen aan om vroegere releases uit te proberen maar al bij al  blijft dit een meer dan interessant muzikaal stukje.

Pagina 324 van 402