logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (11 Items)

Jon Spencer

Jon Spencer – Driftig als altijd

Geschreven door

Jon Spencer – Driftig als altijd

Met Kim Salmon en Jon Spencer stonden hier 2 garagerock-iconen op een avond ingepland. Hadden we voor geen geld van de wereld willen missen …

Kim Salmon maakte als frontman van The Scientists en als gitarist van The Beast Of Bourbon deel uit van die geweldige Australische garage-rockscene uit de jaren tachtig. Twee bands die nooit echt van het grote succes hebben mogen proeven maar gestaag in al die jaren een heuse cultstatus hebben opgebouwd.
The Scientist hebben ondertussen al twee bescheiden comebacks gemaakt met ‘Sedition’ in 2007 en ‘Negativity’ in 2021 en tourden tot in 2023 nog wel eens de wereld rond, maar vanavond was Kim Salmon hier vooral om zijn kersverse solo-album ‘Smoked Salmon’ voor te stellen. Op voorhand hadden wij ons huiswerk gemaakt, maar het album kon ons geenszins overtuigen, zeker niet als wij het afwogen tegen al dat fameuze Scientists materiaal.
In hun live versie kregen de songs uit ‘Smoked Salmon’ echter wel een stevige (lees smerige) garage-rock injectie en bespeurden we toch geregeld flarden van die vuile en nonchalante stijl van weleer, hoewel Kim Salmon het materiaal van zijn voormalige band vanavond totaal onaangeroerd liet en zich volledig focuste op de nieuwe plaat.
Als performer was Salmon best wel overtuigend. Qua spontaniteit, stemkracht en vooral goesting heeft nog niks moeten inboeten en zijn sterke band zorgde ervoor dat er trouw werd gebleven aan een bijwijlen gruizige garage-rock sound. 

Op naar die geweldige rasperformer Jon Spencer. Deze kwam hier in zijn gekende sneltreinvaart grasduinen doorheen zijn volledige backcatalogue, van Pussy Galore, langs Heavy Trash, Jon Spencer Blues Explosion, The Hitmakers tot aan die rauwe rechttoe-rechtaan bom ‘Sick of Being Sick’ die hij in 2024 op de wereld losliet.
Spencer’s huidige live band is ook deze van dat bruisende album, met Kendall Wind op basgitaar en Macky Spider Bowman op drums, twee ongetemde jonge veulens die ook deel uitmaken van het onbesuisde punkbandje The Bobby Lees.
Met die 2 driftige punkleveranciers rond hem leek het alsof de inmiddels 60-jarige Jon Spencer ook weer de eeuwige jeugd had teruggevonden, voor zover hij die al was kwijt geweest. Energiek, vitaal en ontembaar als ooit raasde Spencer met zijn gevolg doorheen dat wervelende nieuwe album afgewisseld een flink stel klassiekers (“Afro”, “Bellbottoms”, “2 Kindsa Love”, “Do the Trascan”, “Sweat”, “Wail”, …) die naar goede gewoonte allemaal aan elkaar werden geregen.
Geen tijd voor tussenstops, hier moest aan één stuk door geramd worden, rock’n’roll behoeft geen pauzes. Spencer morste kwistig met de meest wilde en smerige riffs, ondertussen het publiek verblijdend met zijn gekende James Brown meets Lux Interior meets Elvis act. Spencer als de ongenaakbare ultieme predikant van de rock’n’roll, zo kennen we hem en zullen we hem altijd blijven aanbidden.
Op een klein anderhalf uur joeg dit voortvarende trio er zo een slordige 25 songs door. Het kunnen er ook meer geweest zijn, want bij Jon Spencer hebben we nog nooit de tel kunnen bijhouden. Dit was wederom briesend, onstuimig, kolkend en uitermate fantastisch.
Het zoveelste bewijs dat Jon Spencer één van de meest energieke live performers is die er op deze aardkloot rondlopen. En dat op zijn zestigste.

Organisatie: Aéronef, Lille

Jon Spencer & the HITmakers

Jon Spencer & The Hitmakers - Nog steeds springlevend

Geschreven door

Jon Spencer & The Hitmakers - Nog steeds springlevend

Het Antwerpse Tuff Guac is nog steeds het soloproject van ‘Belly Button Records’ baas, Rafael Valles Hilario, die je ook zou kunnen kennen van Jagged Frequency, Moar en Brorlab. ‘Green and Handsome’ uit 2020 knutselde hij helemaal in zijn eentje in elkaar maar op het podium laat hij zich begeleiden door drie uitstekende muzikanten zijnde bassist Jasper Suys, drummer Gert-Jan Van Damme (beiden ook actief bij Mogo) en multitalent Wim De Busser (alias King Dick en ook al aan de slag bij onder andere Zita Swoon en Helmut Lotti) op gitaar en minimale toetsen.
Tuff Guac wist me al aangenaam te verrassen als voorprogramma van The Black Lips, eind vorig jaar in Leffinge, en ook hier ontgoochelden ze niet. Integendeel zelfs, de groep leek aan maturiteit gewonnen te hebben en daar zal hun avontuur in Humo's Rock Rally, waarin ze het tot in de finale schopten, wellicht niet vreemd aan zijn.
Tuff Guac vergastte ons op een set heerlijk rammelende, lichtvoetige garagepop die duidelijk in de smaak viel bij het publiek. Ergens te situeren tussen The Growlers en The Abigails terwijl ik één keer een light versie van de vroege Oh Sees meende te horen. Hoewel ze er een paar hele sterke bij hadden , bleven de songs een beetje het pijnpunt maar dat werd handig verdoezeld door een smeuïge sound, gekruid met sprankelende gitaren en een uitmuntende samenzang tussen Valles en de onnavolgbare King Dick.
Dit keer hadden ze ook een covertje bij, resultaat van de verplichte oefening bij de Rock Rally. "Sitting on the dock of the bay" van Otis Redding werd enkele versnellingen hoger gespeeld en hevig door elkaar geschud terwijl King Dick er nog een neut Question Mark And The Mysterians ("96 Tears") bij goot. Zelfs het gefluit waarmee het origineel eindigt, ontbrak niet dankzij maar liefst twee hilarisch fluitende zangers.

Jon Spencer heeft een indrukwekkende staat van dienst. Dat is wel het minste wat je kan zeggen. In 1984 begonnen met The Honeymoon Killers, om via Pussy Galore uiteindelijk The Jon Spencer Blues Explosion op te richten waarmee hij één van de boegbeelden werd van de garagerock revival in de jaren '90.
Tussendoor vond hij nog tijd voor talloze nevenprojecten zoals Boss Hog, Heavy Trash en Spencer Dickinson en was hij ook actief bij Gibson Bros en Five Dollar Priest. Toch zal hij altijd het meest geassocieerd blijven met The Jon Spencer Blues Explosion, een groep die ik talloze keren aan het werk zag. Hun optreden in de toenmalige Democrazy aan de Reinaertstraat ten tijde van ‘Orange’ (1994) staat trouwens nog steeds in mijn top 10 van beste optredens ooit.
Het was dan ook even schrikken toen Jon Spencer in 2018 solo werd aangekondigd in De Kreun en bleek dat JSPX mede door gezondheidsproblemen van Judah Bauer ontbonden was.
De groep die hij toen bijhad waren waren ook al The HITmakers, in exact dezelfde samenstelling, maar hun naam werd toen niet vermeld op de affiche en ook niet op de plaat ‘Jon Spencer Sings The Hits’. Op de nieuwe, ‘Spencer gets it lit’, is dat nu wel het geval. Een plaat die ik trouwens absoluut geen onverdeeld succes vind. Vooral die regelmatig totaal over the top scheurende sound met helse Farfisaklanken stoort me en doet me af en toe zelfs denken aan de recente soloplaten van Jack White, die ik al helemaal niet te pruimen vind.
Maar dat mocht een goed concert niet in de weg staan. De platen van The Jon Spencer Blues Explosion waren verre van allemaal even sterk terwijl ze live, op een enkele uitzondering na, telkens uitzinnige feestjes wisten te bouwen. 
De bezetting bleek dezelfde als op de plaat met naast Spencer Bob Bert op trash, Sam Coomes op synths en M. Sord (echte naam Mike Gard) dus op drums in plaats van de aangekondigde Janet Weiss (gekend van Sleater-Kinney en partner van Sam Coomes in het duo Quasi).
Tijdens de Amerikaanse tour was ze er wel bij maar veel verschil zal dat wel niet uitgemaakt hebben maar zo hadden we wel nog maar eens een rock-'n-roll avond waar geen vrouw op het podium te bespeuren viel.
Jon Spencer hakte er meteen stevig in met "Get it right now", één van de betere nummers (zo staan er heus wel op, hoor) van ‘Spencer gets it lit’. Het overgrote deel van de songs kwam trouwens uit die laatste plaat, naast een handvol uit de vorige en zowaar ook ‘NYC 1999!’, een Pussy Galore song uit 1987.
Spencer oogde wat vermoeid en zijn typische sprongen in de lucht leken wat minder hoog en minder frequent, toch gaf hij zich weer volledig zoals we dat van hem gewoon zijn. Bewonderenswaardig ook dat hij zich op zijn zevenenvijftigste nog steeds smijt op nieuwe projecten terwijl de meesten op zijn leeftijd, als ze al gaan touren, er zich vanaf maken met een gemakkelijke best of. Hij is nog steeds één brok energie en dat kan hij nergens anders kwijt dan op een podium. En daar konden we in Diksmuide alleen maar gelukkig mee zijn, want ondanks mijn beperkte verwachtingen werd dit weer een zinderende set waar weinig op af te dingen viel. Diepe grooves vol pulserende fuzz waarboven Jon Spencer met zijn galmende megafoonstem als een baarlijke duivel te keer ging.
En hoewel die overdonderende sound tegen de noise aanschurkte bleef Spencer de ene na de andere gitaarlick met diepe wortels in de blues en rock-'n-roll de zaal in vuren.
De meeste nummers waren niet meer dan onafgewerkte schetsen waarin die weergaloze gitaar telkens kronkelend zijn weg zocht. En dan was er nog de inmiddels 67-jarige Bob Bert die met ijzeren buizen en hamers tekeer ging op een stel metalen vuilnisvaten en een benzinetank waarop een enorme veer gemonteerd was. Zijn werkhandschoenen waren echt geen overbodige luxe maar of al dat geweld ook echt iets bijbracht is nog maar de vraag. Maar het blijft natuurlijk heuglijk om deze legendarische figuur en auteur van het sympathieke boek ‘I'm just the drummer’, die zijn sporen verdiende bij Sonic Youth, Chrome Cranks, Bewitched, Action Swingers, Knoxville Girls, The Wolfmanhattan Project, Lydia Lunch' Retrovirus en Pussy Galore, aan het werk te zien.

Na een intense, zweterige set volgde nog een superbe bisronde, waarvan het laatste nummer in collagestijl verdacht veel naar de Blues Explosion zweemde, die alle twijfels, mochten die er nog geweest zijn, van tafel veegde.

Pics homepag @Henri Dumortier

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Jon Spencer & the HITmakers

Jon Spencer & The Hitmakers - Do The Trash Can!

Geschreven door


Een aangename kennismaking met het lustige duo The Courettes. Die speelden dan misschien niet de meest originele garage-rock, maar ze deden het met zodanig veel punch en gedrevenheid dat quasi de ganse zaal overstag ging. Een Braziliaanse jonge deerne ging wild te keer op gitaar en een Deense drummer mepte zich de pleuris op een drumstelletje uit den Aldi. Qua gretigheid kwamen ze in de beurt van The Glucks, qua sound gingen ze nog wat verder terug in de tijd in en kwamen ze bij The Sonics terecht. The Courettes dus.

Een betere opwarmer kon Jon Spencer zich dus niet toewensen en tijdens zijn set bedankte hij dan ook volledig terecht de knappe prestatie van zijn support act. Met zijn Hitmakers zette hij het feestje in alle hevigheid verder.
Opener “Do The Trash Can” mocht hier wel letterlijk genomen worden, want dat was precies wat de percussionist van dienst deed. De man zijn instrument bestond uit een paar verhakkelde ijzeren vuilbakken aangevuld met nog wat ander metaalwerk dat rechtstreeks van de schroothoop kwam. Het leek wel alsof we op een oude set van Einstürzende Neubauten waren terechtgekomen. Twee hamers fungeerden als drumsticks om ritme uit het gevaarte te krijgen, en het klonk nog goed ook. Geen idee wat er zo allemaal op Jon Spencer zijn rider stond, maar wij hebben zo een sterk vermoeden dat de organisatoren bij de plaatselijke Brico zijn moeten langsgaan.
Spencer had ter vervanging van zijn legendarische Blues Explosion deze keer The Hitmakers meegebracht. Naast de al eerder vermelde schroothandelaar bestond die band verder nog uit een driftige keyboardspeler en een drummer die het moest doen met een naar goede Spencer-gewoonte  sober drumstelletje, zijnde drie trommels en een velletje. Volgens vaste Spencer normen was er in mijlenver wederom geen bassist te bespeuren. Dat is iets voor watjes.
Het hoeft dus niet gezegd dat de band de lo-fi aanpak waar Spencer al jaren een patent op heeft in ere hield. Jon Spencer was nog maar eens zijn eigenste zelf, een kruising tussen Elvis, Lux Interior, James Brown en een overenthousiaste predikant uit the Holy Church of Rock’n’roll. Uit zijn gitaar haalde hij behoudens het gebruikelijke vuurwerk ook nog een stel gekraakte solo’s, een resem opgefokte en bloedhete riffs en tonnen smerige rock’n’roll.
Het was al weer te lang geleden dat we onze favoriete garagerocker nog eens aan het werk zagen, ons geheugen werd dan maar eens duidelijk opgefrist : Spencer is dé verpersoonlijking van rock’n’roll.
Naar goede gewoonte waren er ook deze keer nauwelijks of geen pauzes tussen de songs, alles werd Spencergewijs met roeste prikkeldraadriffs aan elkaar gesmeed. Naast een stel oude songs uit de Pussy Galore stal en een paar Blues Explosion-krakers kwamen vanavond vooral de songs uit het voortreffelijke nieuwe album ‘Spencer Sings The Hits!’ aan bod. En dat bleken stuk voor stuk springerige duiveltjes te zijn die barstten van withete energie. Vooral dat vinnige retro orgeltje kwam hierin sterk voor de dag en bleek een aardige aanvulling te zijn voor de hakkende gitaaruithalen van Spencer. Die nieuwe bommetjes als “Ghost”, “Wilderness” of “I Got The Hits” klonken hitsig en gejaagd, vintage Spencer, zeg maar. Er zat dus hoegenaamd nog geen sleet op die gloeiende en uiterst energieke sound van Jon Spencer, wat van een deel van het instrumentarium dan weer niet kon gezegd worden. 

Een dagje ouder, dat wel, maar nog niets van zijn pluimen verloren. Spencer rockte nog even fel als in zijn beginjaren.

Jon Spencer & The Hitmakers - Do The Trash Can!
Jon Spencer & The Hitmakers
Cactus Club
Brugge

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Jon Spencer & the HITmakers

Spencer Gets It Lit

Geschreven door

Jon Spencer mag dan al definitief een punt gezet hebben achter Blues Explosion, hij heeft zich niet laten verleiden tot een flagrante koerswijziging. Geruggesteund door zijn nieuwe band The HITmakers produceert hij met name nog altijd die typische rauwe, hortende en stotende garage-rock. De bezeten rock’n’roll preacher heeft nog niet aan bezieling ingeboet, de songs stuiteren wild in het rond en de vuile riffs spetteren als vanouds op een kokende plaat. Eigenlijk is er dus weinig veranderd sinds de hoogdagen van Blues Explosion, en dat is in dit geval gewoon goed nieuws.
Het is Jon Spencer zoals we hem graag hebben, noisy, maniakaal en met een pompend rock’n’roll hart.

Spencer Gets It Lit
Jon Spencer & The Hitmakers
Bronzerat Records

The Jon Spencer Blues Explosion

Meat + Bone

Geschreven door

Het beest dat in Jon Spencer huist is lang nog niet getemd, integendeel, het briest en raast heviger dan ooit tevoren. ‘Meat + Bone’ laat een Blues Explosion horen die teruggrijpt naar de ongetemde razernij van ‘Extra Width’, ‘Orange’ en ‘Now I got worry’, drie vunzige lappen smerige garage rock. De vleeshaak en de rauwe klomp vlees op de cover liegen er niet om, dit is een brok dirty ass rock’n’roll die bloedt, krast en hard doorbijt.

Spencer mag dan al wat ouder zijn, hij is cool as fuck en gromt, raast, roept en blaft dat het geen naam heeft. De gortige rock’n’roll van de Blues Explosion is gulzig en wild als in hun beste dagen en de vuile gitaarlicks kletteren in het rond. De vette opener ‘Black mold’ (check de geweldige rauwe clip op You Tube, in de Ardennen opgenomen trouwens) sloopt al de eerste muren en daarachter dendert de trein driftig voort. “Get your pants off” is het equivalent van een superswingende funky blote tiet, “Danger” is een opgejaagde klonter adrenaline die de wildste uitspattingen van The Stooges evenaart en “Unclear” is een bluescrooner die door de vleesmolen is gedraaid.

Kortom, dit is Jon Spencer op zijn best, en u moet weten dat The Jon Spencer Blues Explosion op een podium nog een paar graden straffer en heter is, dus is het een must om dit live te gaan aanschouwen op 11 december in de AB of op 2 december in Aeronef Lille.

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Grinderman: 2-1

Geschreven door

Na zes jaar heeft Jon Spencer zijn Blues Explosion weer samengeroepen. Terwijl Jon Spencer in die zes jaar met zijn rockabilly band Heavy Trash drie platen uitbracht en uitgebreid toerde, speelde Judah Bauer in de Dirty Delta Blues Band van Cat Power en remixte en producete Russell Simins onder meer Duran Duran, Yoko Ono, Fred Schneider en Asian Dub Foundation.

Het Depot was volledig uitverkocht voor het eerste concert van hun Europese tour. Een ouder publiek, met veel Franstaligen, liet de tapkranen van het Depot op volle toeren draaien. De dj van dienst had nog eens Public Enemy opgezet, en het viel op hoe slecht die band uit de tijd van Jon Spencer Blues Explosion verouderd was.
De vele rockers vroegen zich wellicht af waarom de dj het in zijn hoofd haalde om old school hiphop te draaien also opwarmer voor de garageblues van Blues Explosion, maar eigenlijk is dat vrij evident: JSBX heeft altijd geëxperimenteerd met hiphop beats, en werkte samen met onder meer Chuck D, Beck en Dan the Automator. Zo rond halftien betrad de band het podium: Spencer ziet er op zijn vijfenveertigste nog altijd even strak uit, de archetypische leren broek kon natuurlijk niet ontbreken, Judah Bauer had een vuile hangsnor gekweekt, terwijl Simins,  serieus in de breedte uitgezet, achter zijn laag drumstel plaatsnam.
Hoewel een deel van de band nog maar net uit New York City overgevlogen was, en dus met jetlag kampte, was dat er niet aan te merken: Jon Spencer schreeuwde, gromde, beatboxte en huilde als vanouds , zakte door de knieën als een jong veulen, om zijn micro dan van onderuit aan te vallen en de “Yeah”s, “Blues explosion ladies and gentleman” en ‘Ughs” vlogen als mantras om de oren. Misschien dat die constante kreten sommigen irriteren omdat ze als tics overkomen, maar Spencer gebruikt die kreten heel bewust, als een zuiderse predikant die reclameboodschappen tussen de nummers smijt, een beetje in de stijl van de “Come on”s van Flaming Lips voorman Wayne Coyne. Simins mepte er stevig maar rudimentair op los, de afgeleefde muurpanelen van het Depot trilden op het ritme van zijn basdrum terwijl Bauer een maximaal effect bereikte met zijn minimale blues riffs.
“Dang”, met Bauer op harmonica, was een eerste hoogtepunt. In het eerste deel van de set, speelde de band  rauwe bluesrockers, die elkaar in ware Ramonesstyle zonder stops opvolgden,  de bekende singles werden achterwege gelaten. Het viel op hoe veel invloeden er in de minimale sound van JSBX zitten, dit gaat veel verder dan de rauwe garagerock met bluesinvloeden van bands zoals White Stripes en Grinderman: de zanglijnen van Spencer stelen zowel van Elvis, James Brown als David Byrne, als van hiphop MCs, en stokoude blues wordt ongegeneerd vermengd met rauwe punk, soul en rudimentaire beats. De set groeide naar een hoogtepunt in de outro van “Magical Colours”, waar Spencer met de theremin aan de slag ging. Van dan af kregen we een rist oudjes geserveerd zoals “2kindsa love”, “ Afro”en” Bellbottoms”. In “Flavor” verkondigde Spencer: “Blues explosion is number one in Loevain” (iemand had de man moeten zeggen dat het (Luiveun( is) en daar konden we volmondig mee instemmen.

De show van Spencer en kompanen is misschien niet zo luid en overrompelend als het geweld van Grinderman, maar qua rock ‘n roll gehalte moet JSBX niet onderdoen voor Cave & co. We kunnen ons best voorstellen dat Nick Cave na zijn show de pantoffels aanschiet en voor een boek in de sofa gaat zitten, om maar te zeggen dat dit soort rauwe bluespunk altijd een beetje toneel is, waarbij de artiest op podium een  rol speelt. De tijden dat er moordenaars zoals Robert Johnson op het podium stonden is lang voorbij, moordenaars zitten vandaag meestal ietsje verder op de Leuvense ring, in Leuven-Centraal, noch Cave noch Spencer zijn in het echte leven de podiumpsychopaten van hun shows. Qua podium presence houden Cave en Spencer het dus op een gelijkspel. De kwaliteit van de Blues Explosion songs (buiten “No Pussy Blues” blijven er weinig andere Grinderman songs hangen) en de keuze voor het experiment leveren in de negentigste minuut  de winning goal op voor het New Yorkse trio rond bakkebaard Spencer.

Organisatie: Depot, Leuven

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Een potje kolkende rock’n’roll

Geschreven door

Na enkele uitstapjes met Heavy Trash en Spencer Dickinson is The Jon Spencer Blues Explosion weer helemaal terug, en daar kunnen wij alleen maar om juichen. De nieuwste plaat ‘Black Mold’ heeft het vuur in zich van Jon Spencer in zijn jonge dagen en ook op het podium heeft dit zijn effect.

Spencer is de verpersoonlijking van rock’n’roll, hij gromt en roept als een bezeten jakhals en ondertussen haalt zij gensters uit zijn gitaar met solo’s die op het eerste zicht verhakkeld klinken maar die bulken van de rock’n’roll. Met ouwe getrouwe Judah Bauer op gitaar en Russel Simins op het meest primitieve drumstelletje dat u ooit heeft gezien (zelfs een beginnend rock rally groepje zou hier zijn neus voor ophalen) is die gruizige, ophitsende en vuile sound van JSBE volledig intact gebleven. De songs volgen elkaar in ijltempo op, een track is nog niet helemaal beëindigd als de drie wildebrassen al een nieuwe gortige riff inzetten. Spencer hitst het zootje op met zijn kenmerkende ‘howl’, hij roept al zijn demonen op om er een gloeiend potje oververhitte rock’n’roll uit te spuwen. Tussen een felle greep (zowat alles eigenlijk) uit die knetterende nieuwe plaat hebben we ook nog agressieve monstertjes herkend als “2 kindsa love” en helemaal op het eind een openbarstend “Bellbottoms”, daartussenin ook een vlammende cover van The Beastie Boys “She’s on it”, zonder enige verdere commentaar Spencer’s eerbetoon aan wijlen Adam Yauch.

Zelden hebben wij een band gezien die zoveel rauwe en primitieve energie op een podium kan neerzetten. We hebben het trio dit al meerder keren zien doen, maar hier kunnen we nooit genoeg van krijgen, net zoals we keer op keer ook overdonderd worden door ons zoveelste Stooges optreden.
Jon Spencer Blues Explosion is heter dan ooit. U krijgt nog een kans om dat te gaan proeven in de AB op 11/12. Er zijn nog tickets, haast u !

Ook support act Joe Gideon & The Shark weet ons te bekoren. Het duo heeft nog maar net een nieuw album uit maar het zijn toch de krakers uit dat fameuze debuut ‘Harum Scarum’ die er uitspringen. En dan hebben we het vooral over een prachtig spitsvondige song als “Kathy Ray”.
Joe Gideon & The Shark blinken uit in originaliteit en dit met songs die zowel naar The Doors, The White Stripes als naar The Fall neigen. Knap.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/joe-gideon-the-shark-2-12-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/jon-spencer-blues-explosion-2-12-2012/

Organisatie: Aéronef, Lille

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Beware for the return of the original bluestrashers

Geschreven door

 

Het is stilletjesaan weer lijstjestijd, dus zijn we alvast zo vrij om in de categorie ‘comeback van het jaar’ The Jon Spencer Blues Explosion met vette stip te nomineren. Ruim acht jaar sinds het ongemeen groovy ‘Damage’ heeft dit New Yorkse powertrio eindelijk nog eens een nieuwe plaat in elkaar gebokst. De jongste jaren sleet opperbrulboei Jon Spencer zijn dagen als de helft van het rockabilly tussendoortje Heavy Trash, maar voor al wie dat toch wat te propertjes vond kan met gerust gemoed ‘Meat + Bone’ in huis halen. Zelfs de titel van JSBE’s jongste worp is wat dat betreft veelzeggend. Spencer en zijn twee maats grossieren net als tijdens hun hoogdagen immers nog steeds in rauwe compromisloze trashblues die brutaal zijn weg zoekt tot diep in de onderbuik.

Hoeveel van hun platen je ook in huis hebt, JSBE is bovenal een berucht gezelschap dat je in levende lijve moet zien, voelen en ruiken. In de AB roken we aanvankelijk vooral het stresszweet van de PA man die de rommelige aanzet van het trio niet onmiddellijk onder controle kreeg. Een paar reverb frequency correcties later viel alles uiteindelijk toch in de juiste groove en was er voor de rest van de avond echter geen houden meer aan.
Spencer reeg de rock’n’roll clichés op de gekende manier aan elkaar met de vitaliteit van James Brown, de howl van Jerry Lee Lewis en de brutaliteit van Iggy Pop. Hoezeer de ranke Amerikaan ook de aandacht van de bloedrode spotlights opeiste, anno 2012 valt of staat JSBE’s muzikale formule nog steeds met het extra snarenwerk van Judah Bauer en de strakke backbeat van Russell Simins. Voor de niet-ingewijden, aan een bassist hebben deze Amerikanen al ruim 20 jaar lang geen enkele boodschap. Met z’n drieën bezetten de heren overigens amper één derde van het AB podium, maar dat belette hen niet om de 100 dB limiet met twee vingers in de neus aan hun dirty boots te lappen.
Ook voor de recensenten van dienst werd de doortocht van Spencer & co een ferme kluif. Oude en nieuwe songs werden met de nodige pek en veren overgoten en vervolgens aan een danig hels tempo geserveerd dat het herkennen van individuele nummers geen sinecure bleek. In de diverse trashy bluesmedleys vielen met “Dang” en “Sweat” alvast twee withete klassiekers uit JSBE’s grootste creatieve triomf ‘Orange’ (‘94) te ontwaren. Uit diezelfde plaat werd ook het funky “Bellbottoms” ingezet, maar veel verder dan een intro teaser kwam het trio niet.
Op die manier werden wel meer oude krakers in een verkapte of ingekorte versie naadloos aan nieuwe nummers geplakt. Uit de jongste ‘Meat + Bone’ onthouden we vooral de vuige stamper “Bag of Bones”, vettig ingekleurd door Judah Bauer op bluesharp, en de free download single “Black Mold” die maar wat graag de weg wou wijzen naar de volgende schijf van Iggy & The Stooges.

Nadat het eerste concertuur werd besloten met een verplicht rondje feedback vrije stijl kwamen Spencer & co tijdens de uitgebreide bisronde zo mogelijk nog straffer uit de hoek. Ergens hierboven knikte Adam Yauch aka MCA goedkeurend het hoofd toen een grondig verbouwde interpretatie van de Beastie Boys evergreen “She’s On It” als eerste uit de boxen knalde. Ook bij de funky garageblues van “2 Kindsa Love” was het amper mogelijk om hoofd en ledematen stil te houden. Judah Bauer mocht tijdens “Fuck Shit Up” éénmalig achter de microfoon plaatsnemen waardoor Spencer beide handen vrij had om zijn bluesduivels te ontbinden. Met een weerzinwekkende herkansing voor “Bellbottoms”, dit keer wel in een min of meer volledige versie, liet JSBE het publiek ietwat verweesd achter.
Het duurde dus wel even vooraleer die adrenaline niveaus terug hun normale peil hadden bereikt en het rugzweet langzaam begon op te drogen, maar de conclusie van de avond liet minder snel op zich wachten.
Natuurlijk hebben Jack White, The Black Keys & co bestaansreden te over, maar voor the raw deal moet je tot nader order nog steeds bij de originele bluestrashers van JSBE zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/jon-spencer-blues-explosion-11-12-2012/  
http://www.musiczine.net/nl/fotos/sha-la-lee-s-11-12-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Recht van uit de onderbuik

Geschreven door

De compromisloze platen met de meest energieke garage-trash als ‘Extra Width’, ‘Orange’ en ‘Now I got worry’, waarop Jon Spencer de rock’n’roll uitbeende en terug opfokte, zullen altijd een vooraanstaand plaatsje bekleden in onze collectie, maar met ’Meat + Bone’ (12 gore lappen rock’n’roll aan een vleeshaak) waren we anno 2012 ook meer dan opgetogen. Wij zijn maar wat blij dat de heren elkaar na die sabbatperiode van 8 jaar hebben teruggevonden, hoewel Jon Spencer’s uitstapjes met Heavy Trash en Spencer Dickinson ook niet te versmaden waren.

Jon Spencer is en blijft onze favoriete garagist en het doet deugd om na al die jaren te mogen vaststellen dat hij trouw is gebleven aan zijn rauwe, primitieve en uiterst intense garage rock.
Er is even een tijd geweest dat de band wat meer media aandacht kreeg en voor grotere zalen en zelfs op festivalpodia speelde. Maar hoe groot die podia ook waren, de drie primitieve rockers bleven steeds koppig op een ruimte van pakweg 3 vierkante meter de rock’n’roll uit hun tenen spelen. Die attitude is op vandaag ongeschonden gebleven. Fuck lichtshow, fuck videoprojecties, fuck bombast, just play rock’n’roll.
De Kreun is de gedroomde locatie voor dit potje vunzige en energieke herrie. Enige vorm van aankondiging of opgezwollen intromuziek is uit den boze, de heren komen droogweg het sober verlichte podium opgewandeld, pluggen de gitaren in en geven er een lap op.
Vanaf de eerste noot is het vuurwerk. Dit trio heeft immers iets magisch, alle drie zijn ze met het rock’n’roll virus besmet en als ze samen op een podium staan dan spettert en vonkt het langs alle kanten. Er huist nog steeds een vurige showman en entertainer in Jon Spencer, een licht ontvlambare bastaardzoon van Lux Interior, Keith Richards, Iggy Pop en Elvis. Maar hij overdrijft niet meer zo als vroeger, het Vegas gehalte is wat teruggeschroefd en Spencer spitst zich toe op de energieke en vettige muziek.
De schijnbaar argeloos spelende Judah Bauer voegt vette funklagen toe aan de meer trashy gitaarpartijen van Jon Spencer, met zijn tweetjes vormen ze een unieke gitaartandem waar magisch vuur uitspat.
Het lijkt slordig, maar het is subliem, en vooral spontaan, zoals bij Thurston Moore en Lee Ranaldo, ook twee iconen die meer schitteren in chemische reactie dan in technisch gitaarvernuft.
En dan is er nog Russell Simmins, die weergaloze drummer die zijn drumstel misschien wel in den Aldi heeft gekocht, maar er verrukkelijke rock’n’roll uit roffelt. De heren voelen elkaar perfect aan, één knik van Spencer volstaat om de anderen in brand te steken, alsof alles vanzelf gaat.
En dat is ook zo, nog maar zelden hebben wij een trio bezig gezien die zo hecht en onbezonnen de rock’n’roll bedrijft. Rock’n’roll is gewoon seks bij Jon Spencer Blues Explosion.
Een playlist trachten te volgen is onbegonnen werk, een JSBE concert is eigenlijk één lange medley uit hun repertoire, een aaneenschakeling van rudimentaire songs en splijtende riffs.  Terwijl u zich zit af te vragen welke track ze aan ’t spelen zijn , hebben ze al lang weer de smerige riff van een andere ingezet …
…Dat is nu net Jon Spencer Blues Explosion, het gaat supersnel, het knalt, het knettert en het briest, en geen mens die de score kan bijhouden, inclusief de heren zelf. Als je hen achteraf om een setlist zou vragen, dan weten ze ’t wellicht zelf niet. Het doet er ook niet toe, dit is rock’n’roll die recht van uit de onderbuik komt.

Wij zijn absoluut geen leek meer wat betreft concerten van JSBE en hebben ook niet de tel bijgehouden, maar een mens kan hier nooit genoeg van krijgen. Ook al is het verrassingseffect weg, dit bruisende trio blijft ons gewoon verbluffen. Volgende keer weer van de partij ? ’t Zal wel zijn!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jon-spencer-blues-explosion-08-05-2014/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

The Jon Spencer Blues Explosion

Freedom Tower - No Wave Dance Party 2015

Geschreven door

Jon Spencer heeft wat funky shit en een flard rap in zijn vunzige rock’n’roll geïntegreerd. Het blijft natuurlijk allemaal vintage Jon Spencer, smerig, punchy en drassig. The Blues Explosion staat nog steeds met één voet in de garage maar deze keer swingt het allemaal ook nog eens lekker de pan uit.
De vorige ‘Meat + Bone’ was al een aardig weerzien met deze prettig gestoorde bende, maar ‘Freedom Tower’ is nog een stuk straffer, we mogen het plaatje zonder blozen een plaatsje geven tussen ‘Extra Width’, ‘Orange’ en ‘Now I Got Worry’, schijfjes die ondertussen al een slordige 20 jaar oud zijn maar nog altijd heet aanvoelen.
‘Freedom Tower’ raast geweldig door in 13 ruwe mokkels van songs die stuk voor stuk een enorme drive hebben. Spencer rapt als een funky afro zijn ziel eruit op het bijzonder vette “Do The Get Down”, op het haastige “Wax Dummy” en op het opwindende “The Ballad of Joe Buck”. Voor de rest is hij overal zijn onstuimige zelf en laat hij elke song hevig ontvlammen. De driftige riffs van de immer coole Judah Bauer en de stimulerende roffeldrums van Russel Simins doen de rest en zorgen voor die buitengewone ophitsende sound . Dit unieke trio is er nog maar eens in geslaagd hun geheime formule voor de productie van een ongekende soort dynamiet op punt te stellen. Het prikkelt, het gonst en het explodeert als nooit tevoren.
Dit is The Jon Spencer Blues Explosion op zijn best, onstuimig, geagiteerd en opgejaagd, 100% onverdunde rock’n’roll. Hier heeft de leeftijd geen vat op.

Spencer The Rover

The Accident

Geschreven door

Spencer The Rover is het muzikale project van Koen Renders, een vakman die van vele markten thuis is. Hij is gitarist, pianist, zanger, mentor en producer van jonge talenten maar we houden het hier op een songsmid pur sang. Het was al zes jaar geleden dat hij nog iets losliet. ‘The Accident’, het lang verwachte album van Spencer The Rover, is een rijk gearrangeerd en gevarieerd album geworden, met blazers en strijkers, die oorspronkelijk geschreven werden aan de piano. Sprookjesachtig, speels en inderdaad terecht een tikkeltje Britser en lichtvoetiger dan het oude werk. Referentie vormt alvast Paul McCartney.
De sound vormt meer dan ooit een echte eenheid, zowel tekstueel als muzikaal duiken dezelfde personages, verhaallijnen en muzikale motiefjes op. Fijne samenwerkingen hield hij er op na en ook de hoes en illustraties getuigen van vindingrijkheid en zijn meer dan de moeite.
Uitnodigend om je even te laten onderdompelen in deze wereld. Ohja, de voorbije maanden trok hij voornamelijk concerterend langs kleine huiskamers.

Info op http://www.spencertherover.com