logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

zaterdag 17 juni 2017 03:00

The Afghan Whigs - Scherper dan ooit

Qua revival van de nineties gitaarrockgroepen werden we al wat verwend de laatste tijd. Amper een week na de fantastische doortocht van Buffalo Tom was het nu de beurt aan The Afghan Whigs om te schitteren in de AB. In tegenstelling tot Buffalo Tom, die uitvoerig de 25ste verjaardag van hun meesterwerkje ‘Let Me Come Over’ kwamen vieren, was het concert van The Afghan Whigs minder op nostalgie gericht. De band had daar een goeie reden toe, er moest een nieuwe plaat ‘In Spades’ worden gepromoot. Daar hadden wij niks op tegen want ‘In Spades’ is een bijzonder sterk werkje, evenals ‘Do The Beast’ van drie jaar geleden, waaruit hier trouwens ook uitvoering werd geput. In de periode voor ‘Do The Beast’ leken The Afghan Whigs trouwens 16 jaar van de aardbol verdwenen, maar alle goeie dingen komen vroeg of laat terug boven water. En of ze terug zijn ! we zullen het geweten hebben.

The Afghan Whigs stonden immers scherper dan ooit en speelden bij momenten snoeihard. Na een fijnzinnige intro “Birdland”, met enkel Greg Dulli in de hoofdrol, trok de band bijzonder fel van leer met een verschroeiende aanvangsronde met “Arabian  Heights”, “Matamoros”, “Honky’s Ladder” (het eerste oudje ) en “Light As A Feather “. Bij momenten werd hier een geluidsmuur met maar liefst 4 gitaren opgetrokken, geen moment van ademruimte werd ons gegund. En dan kwam die fenomenale muilpeer “Debonair” er al aan. De AB kookte over, en het was verdomme al zo warm. “Debonair” was trouwens één van de twee songs die uit hun meesterwerk ‘Gentlemen’ werden gehaald. Die andere was een uitzinnig “Fountain & Fairfax” dat stoomde als een ontketende The Who in hun jongste jaren. Had u ons op voorhand gezegd dat The Whigs maar twee songs uit het onevenaarbare ‘Gentlemen’ gingen spelen, wij zouden met een serieus pruilmondje naar Brussel getrokken zijn. Maar jeetje, hebben zij dat met verve opgelost. En dat vooral door de sterkste momenten uit hun twee recente albums (“Algiers”, “Demon In Profile”, “Into The Floor”,…) uit te strooien tussen een hoop onvervalste klassiekers als “John The Baptist”, “Sometin’ Hot” en “Going To Town”.

De bisronde was er ook eentje om van te smullen. Na de verrassende Faces cover “Ooh La La” pakten The Whigs uit met een krachtig en fel rockend “Parked Outside” en een intens “Summer’s Kiss” om er dan met de gevoelige snaar van “Faded” op een briljante manier uit te gaan. Het kon misschien ook wel een beetje van de warmte zijn, maar wij waren hier serieus aan het smelten.

The Afghan Whigs stonden vanavond met één been in het heden en met één in het verleden. Beide benen waren in topconditie.

Ook vernoemenswaard was Ed Harcourt, die al een pak soloplaten uitheeft , maar nog steeds in de vergetelheid bezig is , zo blijkt. Solo of met een violist bracht hij enkele innemende songs , haalde hij eens fors uit met gitaar of experimenteerde hij in een klankenspectrum. Na de set vervoegde hij een goed kwartier laten de heren van The Afghan Whigs.  

Organisatie: Live Nation

donderdag 08 juni 2017 03:00

Sciencing

Tim Vanhaemel heeft zijn nieuwe plaat terug onder de naam Millionaire uitgebracht. Goede zet, zo blijkt, de plaat krijgt sowieso meer aandacht en de ticketverkoop voor de aangekondigde concerten loopt als een trein. Stel dat het album gewoon de naam ‘Tim Vanhaemel’ had gedragen, het zou natuurlijk allemaal zo geen vaart gelopen hebben. Maar goed, Vanhaemel is Millionaire en Millionaire is Vanhaemel, waarom ook niet.
Eerlijk gezegd hadden wij het in het begin nogal moeilijk met dit album. De plaat is zo divers dat de samenhang nogal ver te zoeken lijkt, maar na een paar beluisteringen beginnen we het beetje bij beetje te snappen. Nu, eerlijk gezegd was ons verwachtingspatroon ook heel anders ingesteld na de aardedonkere en opgejaagde stonerrock van ‘Paradisiac’ uit 2005.Hoewel ‘Sciencing’ dezelfde groepsnaam draagt, met ‘Paradisiac’ heeft dit album niets meer mee te maken, dat is ons nu wel duidelijk. Op ‘Sciencing’ worden de deuren niet langer bruusk ingetrapt, maar worden die voorzichtig opengedaan om te kijken wat er achter schuilt. En dat is heel wat.
Vanhamel schiet al meteen met zijn scherpste pijlen, met de fenomenale en furieuze opener “I’m Not Who You Think You Are” legt hij de lat torenhoog, een zwevende gitaarsolo in de staart van de song zet de toon voor een avontuurlijk album. Vanhamel’s hoge stemmetje in het opborrelende “Under A Bamboo Moon” flirt met Curtis Mayfield terwijl de gitaar lekker door de modder blijft scheuren. Ook “Love Has Eyes” heeft twee gezichten, eentje van de tintelende popsong en eentje van de LSD trippende oerwoudvogel. Weeral is de gitaar hier een hoofdrolspeler, vooral wanneer de song twee minuten lang mag uitfaden in pure Funkadelic modus. Wij durven er onze felgekleurde zonnebril op verwedden dat Vanhamel urenlang heeft zitten freewheelen op “Maggot Brain”.
We zijn nog maar drie songs ver en Vanhamel heeft zich al in rock, pop, soul, funk en psychedelica gewenteld, en dat gaat zo maar door. De zijwegen zijn minsten even belangrijk als de hoofdweg, vandaar dat wij eerst een beetje dreigden te verdwalen, maar nu bevalt het ons hier best in Tim Vanhamel’s pretpark. We passeren terloops ook nog even langs triphop (“Back In You”) en krautrock (“Little Boy Blue”) om dan met “Bloodshot” tot een nieuwe hoogtepunt te komen, de song dreigt, stoomt en stuwt zonder echt te ontploffen, een ware teaser.
Er zijn ook wat minder goden te vinden, “Silent River” dwarrelt langer dan 5 minuten door zonder ergens naar toe te gaan en “L’homme Sans Corps” is een pijnlijk mislukte Gainsbourg pastiche. 
Vanhamel herpakt zich echter met brio en gaat er uit zoals ie is binnengekomen, met enkele van zijn meest viriele bommetjes. “Busy Man” swingt als Prince in betere tijden en rockt als QOTSA, en het instrumentale “Visa Running” maakt het dansende aapje in ons volledig los.
‘Sciencing’ is straffe kost, avontuurlijk, levendig en eigenzinnig. Vanhamel ten voeten uit.

Purling Hiss + Arbouretum - Fuzz-rock vs Folk-rock - de gitaar als winnaar
Purling Hiss + Arbouretum
Het Bos
Antwerpen
2017-06-08
Sam De Rijcke

Gezien wij zowel van de laatste van Purling Hiss (‘High Bias’) als van de nieuwste van Arbouretum (‘Song Of The Rose’) nogal onder de indruk zijn, leek het ons een must om een bezoekje te wagen aan Het Bos vanavond.

Purling Hiss speelt een soort vuile powerrock met psych- en garage invloeden. Het is luid, smerig en overladen met riffs en solo’s die eerder ontstaan zijn in een vette modderpoel dan in een cleane studio. Het brein achter deze groep is gitarist en songwriter Mike Pollize, en die weet ons te entertainen met een paar forse gitaaruithalen en solo’s die de brokken uit de muren hakken. Bij momenten gaat hij tekeer als die goeie ouwe Jay Mascis, de scherpe fuzzrock doet ons dan ook geregeld aan Dinosaur Jr denken. Het geweldig voortdenderende “Lolita” is één van de prijsbeesten van de avond en ook van het lange en compleet uitfreakende “Everybody In The USA” zijn we danig onder de indruk, denk gewoon even aan de wildste uitspattingen van Fuzz en Meatbodies en je komt al aardig in de buurt. Een lekker vunzig concertje.

Met Arbouretum mag het iets rustiger, maar wederom is de gitaar de hoofdrolspeler. Deze keer is het frontman Dave Heumann aan wie aller eer toekomt. Heumann slaagt erin een ietwat stoffig genre als folkrock nieuw leven in te blazen. Hij doet dat via een soulvolle stem en een stel onsterfelijke songs die vanavond bijna allemaal uit het nieuwste album ‘Song Of The Rose’ zijn gegrepen. Telkens weer weet Heumann zijn songs naar een climax te doen groeien dankzij een stel schitterende gitaarsolo’s. Hij doet dat wel zonder daarbij de indruk te geven als de nieuwste guitar hero door het leven te willen gaan, het is Slash niet. Hoogtepunten zijn “Call Upon The Fire” en “Song Of The Rose”, twee sublieme werkjes waarop de beste Arbouretum sound in vol ornaat te bewonderen valt. Een sound die we nog op zijn best zouden kunnen omschrijven als “Neil Young meets Fleet Foxes in a hard rockin’ Texas beerjoint”.

Een avondje met twee boeiende Amerikaanse bands die qua sound misschien nogal wat uiteen liggen maar die een lust zijn voor zowat iedereen die al graag eens wat gitaren rond zijn oren hoort suizen. Alleen jammer van de magere opkomst. Waar zitten al die alternatieve muziekliefhebbers eigenlijk ? zijn ze bang om te verdwalen in Het Bos ?

Organisatie: Het Bos, Antwerpen

donderdag 25 mei 2017 03:00

EP

Je moet het maar doen, op basis van één song heel Vlaanderen doen bezwijken en een stekje versieren op de grootste festivals, inclusief Rock Werchter. Studio Brussel zit er natuurlijk weer voor een groot stuk tussen, die halen het talent als het moet uit de bloemkolen, als het hen maar goed uitkomt. En als het niet te veel rockt natuurlijk, want dat is gevaarlijk.
Wij twijfelen er sterk aan of al die opgeklopte adoratie eigenlijk wel goed is voor een beginnende artiest als Tamino. Die jongen wordt door al die heisa in dat immense circus gedropt terwijl hij duidelijk nog volop op zoek is naar een eigen muzikale identiteit.
Die ene bewuste song heet “Habibi”, u heeft die ongetwijfeld al zo twaalfduizend keer gehoord en u weet dus ondertussen ook al dat Tamino daarop nog meer als Jeff Buckley klinkt dan Jeff Buckley zelf.  Omdat u niet steeds op dezelfde song zou moeten zitten luisteren heeft Tamino er een heus EP’tje rond gebouwd met nog vier extra tracks waarop de nieuwe jonge Vlaams God sterk doet denken aan… ja, we zullen maar zwijgen, zeker.
Kijk, waar wij het vliegend schijt van krijgen, dat is het slag artiesten die alles in het werk stellen om te klinken als hun grote voorbeeld en dan nadien in de pers gaan verkondigen dat ze het nogal vervelend vinden dat ze steeds weer met diezelfde naam vergeleken worden.
Maar goed, in de andere songs ontdekken wij ook een vleugje vroege Radiohead en een glimp van het onvolprezen Lift To Experience, niet toevallig twee acts die in de jaren negentig nogal nauwe gelijkenissen vertoonden met… ok, ok, we zijn al weg.
Als ie maar beter kan zwemmen.

donderdag 25 mei 2017 03:00

Liggur

Locus Control, een instrumentaal metal-combo uit Brugge, heeft met ‘Liggur’ hun tweede album afgeleverd en het is een sterk en massief werkje geworden waarop de heren constant op een hoog niveau staan te musiceren. Er is goed naar de grote voorbeelden geluisterd en men heeft daar een eigen sound uit geboetseerd met potige riffs, geduchte tempowisselingen en fraaie rustpuntjes. Stoner, post-metal en prog-metal gaan hand in hand en streven met zijn allen naar hetzelfde eindresultaat, namelijk een consistent en robuust album.
Op hun rauwst neigen de heren naar Karma To Burn, elders laten ze zich van een meer melodieuze kant bewonderen en hellen ze zelfs naar Rush. Ook Tool is de ganse tijd alom aanwezig. Zeg nu zelf, er zijn slechtere dingen om mee vergeleken te worden.
Naar goede gewoonte in dit genre krijgen we hier ook enkele songs die ongegeneerd de 10 minutengrens overschrijden, maar die gaan nergens vervelen omdat ze telkens ten gepaste tijde van richting veranderen of het tempo opvoeren. Zo is “Capricorn One” met zijn 15 minuten het sublieme centerpunt van dit album, het fraaiste van Locus Control samengebald in een kwartiertje hoogstaande rock, een geducht visitekaartje met een stevige strik rond.
‘Liggur’ is het soort plaatje dat het altijd goed doet bij lange autoritten. Ook zeer interessant voor diegenen die al eens op tijd en stond wat gezonde metal willen binnenslaan zonder dat ze daar een brulboei van zanger moeten bijnemen.

Psych Over 9000 Festival 2017 - Trippen door Gent
Psych Over 9000 Festival
Diverse locaties
Gent
2017-05-24
Sam De Rijcke

De eerste editie van het Gentse Psych Over 9000 Festival, een samenwerking tussen Democrazy en vier Gentse muziekminnende café’s (Charlatan, Afsnis, Café Video en Trefpunt), mocht al meteen met het bordje ‘sold out’ uitpakken. Op de affiche vonden we voornamelijk bands uit de wereld van de garage-rock en psychedelische rock, gespreid over de vier organiserende café’s in de Gentse binnenstad. Het waren quasi allemaal boeiende acts uit binnen- en buitenland maar de simultane uurregeling zorgde er wel voor dat de concertgangers knopen moesten doorhakken en genoodzaakt waren te kiezen voor maximaal een drietal bands. Wij hadden op voorhand de nieuwe Amerikaans revelatie Ron Gallo en de Chileense triprockers van Follakzoid uitgestippeld.

Uit goede bron hadden wij al vernomen dat Ron Gallo de dag voordien in de Hasseltse Muziekodroom met de vingers in de neus hoofdact The Sha-La-Lee’s naar huis had gespeeld. Wat ons geenszins verwonderde, want met een ijzersterk debuutalbum als ‘Heavy Meta’ lonkt voor deze jonge rocker een prachtige toekomst.
In Gent mocht hij zijn ding komen doen op dat piepkleine podium van de sympathieke Café Video. Een veel te kleine ruimte voor een artiest van dat kaliber als je ’t ons vraagt, maar aan de andere kant was dit dan ook weer een unieke ervaring. Talent zat, maar of Ron Gallo echt groot zal worden is nog maar zeer de vraag, want de fel rockende afro-kop en zijn strak spelende band deden volledig hun eigen compromisloze ding, wat niet meteen een cleane naar stadiums hunkerende sound opleverde. De garage-rock klonk nog een stuk smeriger dan op het album, Gallo’s gitaar kleurde gewillig naast de lijntjes en het geheel kreeg een morsige punk uitstraling. Kortom, dit klonk zeer lekker en smaakte naar meer.

In de Charlatan mocht Follakzoid het nieuwe festival afsluiten. Als verwacht veroorzaakten de Chileense trippers een soort van aanzwellende trance met hun immer voort deinende space rock op een bedje van dansbare zweefritmes. Eentonigheid gluurde misschien wel een beetje om de hoek -zeker voor diegenen die niet echt binnen wilden treden in die meeslepende trancewereld van Follakzoid- doch de boodschap was om zich volledig over te geven aan de sound en de flow die deze drie Chilenen creëerden.
Met Follakzoid in de buurt is het altijd een beetje high worden en ook als u zelf niets had genomen heeft was trippen best mogelijk met dit soort zwevende psychedelica. Aan de reacties van de zaal te merken lukte dit dan ook bijzonder aardig, Follakzoid nam het publiek gewillig mee in hun reis door het heelal, ze deden dat in drie uitvoerige songs (noem het galactische excursies voor ons part) en nodigden er mee uit tot een soort van spirituele indianendans. De Charlatan was volledig mee, het Chileense feestje had zijn doel niet gemist.

Wij konden alvast spreken over een geslaagd Psych Over 9000, en dit met onze oprechte excuses voor Tubelight, The Cosmic Dead en The Coathangers, drie sterke bands die wij omwille van het tijdsschema uit ons verlanglijstje moesten schrappen.

Organisatie: Gentse muziekminnende café’s + Democrazy, Gent

donderdag 11 mei 2017 03:00

United States Of Horror


We hebben het al meermaals geprobeerd, maar neen, wij zijn niet into hip hop. Verwijt ons gerust dat we oogkleppen op hebben, het kan ons geen moer schelen, maar hip hop is niets voor ons. Als er één genre is waarop de uitdrukking ‘dertien in een dozijn’ van toepassing is, dan is het dit wel. Hip hop artiesten sloven zich met zijn allen uit om er zo stoer mogelijk uit te zien, zetten om de haverklap hun goorste bek op en brullen er vaak idiote teksten uit waarbij the bitches en the nigga’s met een dozijn per minuut de deur uitvliegen. Maar een keertje origineel uit de hoek komen, dat is iets te veel gevraagd.  De formule is immers al jaren dezelfde. Men zoekt (of jat) gewoon een vette beat (maar nu ook weer niet te vet want de hitparade lonkt), men verzint een hitgevoelig refreintje en een paar vunzige raps, men haalt er een aantrekkelijk kontschuddend mulatvrouwtje bij die voor de geile achtergrondvocals zorgt, en klaar is kees. Wat het hem ook altijd doet zijn special guests met klinkende namen, het maakt niet uit wat die sukkels op de plaat komen uitvreten, als hun naam maar in de credits staat. Kassa!
Wij laten ons echter niet vangen. Als de uitvoerders nu Drake, Kendrick Lamar of Kanye West heten, voor ons is het allemaal eenheidsworst met een boze blik.
Pas als de hip hop echt gevaarlijk wordt en verstrengeld geraakt met de meest urgente hardcore, dan schieten wij terug wakker. Enter Ho99099, een bende pitbulls die zowel de platen van Public Enemy en NWA als deze van Black Flag, Ministry, Bad Brains en Minor Threat in hun kast hebben staan. Hip hop is hier niet het doel, maar wel het middel om de agressie er uit te spuwen. Bij Ho9909 voel je dat dit geen pose is, maar dat die gasten echt kwaad zijn. Het is er hen niet om te doen om de spierballen, bitches en tattoo’s te showen, maar wel om het kot in de fik te steken.
Ho99o9 begeeft zich in dezelfde onfraaie achterbuurten als Show Me The Body en Death Grips, maar daar waar Death Grips meer een chaos creëert van loodzware beats en gortige raps, gaat Ho99o9 het nog wat dieper in een hardcore underground zoeken. Dingen als “Street Power”, “Sub-Zero”, “City Rejects” en “New Jersey Devil”  zijn regelrechte straight-in-your-face-hardcore splinterbommen die snakken naar uitzinnige moshpits. “Face Tatt” en “Bleed War” zijn ontspoorde industrial tracks waar hoge vlammen uit komen, Nine Inch Nails op 1000 Volt. En wanneer de heren zich echt eens vastbijten in de de hip hop, dan hangt er klaar bloed aan hun tanden. “War Is Hell”, “Moneymachine”, “Splash”, “Hydrolics” en “United States Of Horror” zijn bijzonder heavy en moordzuchtige hip hop tracks, gebouwd op loodzware beats, dreunende bassen en raps die rechtstreeks naar de ballen mikken. De meeste rappers houden het bij blaffen, Ho99o9 bijt.

‘United States of Horror’ is een gedynamiteerde kruisbestuiving van hip hop en hardcore, een staatsgevaarlijke beenharde kopstoot ! Very punk, als je ‘t ons vraagt.

donderdag 04 mei 2017 03:00

Heartless

Mocht u iemand zijn die zijn metal liever loodzwaar dan snel heeft, die een allesverpletterende tank verkiest boven een flitsende sportwagen en die de gure winter graag doorkomt met lijvige platen van Windhand, Neurosis en Electric Wizard, … dan is Pallbearer een band naar uw hart. ‘Heartless’ is het derde album van dit viertal uit Arkansas, en het is hun meest dynamische en avontuurlijke tot op heden.
‘Heartless’ schittert met harmonieuze sludge-metal waarbij de vocals niet geschreeuwd of gebruld maar effectief gezongen worden, ’t is eens iets anders. Let wel, dit is nergens melig en dit is hoegenaamd geen plaat om uw salonfeestjes mee op te fleuren. Pallbearer klinkt nog steeds zwaar en gevaarlijk, al is er sedert het al even fantastische ‘Foundations Of Burden’ wat meer melodie en variatie in hun doom-metal geslopen. De sound is geëvolueerd maar de brute kracht van zijn voorgangers is daarbij niet achterwege gebleven. De bulldozer dendert nog steeds gestaag door maar het toerental wordt al eens teruggeschroefd en verstilde passages komen de kop opsteken.
‘Heartless’ is met name een dik uur lekker wegdromen met de beste slow-motion metal verpakt in 7 indrukwekkende knoerten van songs.
In een krachtige maar genuanceerde buffelstoot als “Thorns” wordt de logge sound afgewisseld met enkele rustige Metallica extracten en zelfs Tool komt hier geregeld boven de horizon stijgen. Ook “Lie Of Survival” komt uit de startblokken als een kippenvalballad van Metallica, waarop iets verder de logge riffs komen aanrukken en vervolgens de leadgitaren heerlijk over het eerder aangerichte slagveld glijden.
Het pronkstuk is echter het elf minuten lange “Dancing In Madness”, met een intro die als het ware van Pink Floyd kon zijn en een vervolg waarin zware riffs en glooiende leadgitaren door zwaar moerassig gebied trekken terwijl de dichte mist onverbiddelijk blijft hangen. Ook afsluiter “A Plea For Understanding” is zo een wonderlijke trein der traagheid, een langgerekte trip op halve snelheid doorheen een dor en onherbergzaam landschap. Een song waarin forse kracht en finesse het perfect met elkaar kunnen vinden, en dat is eigenlijk heel de plaat zo.

Geen idee wat dit album met u doet, maar ‘Heartless’ heeft bij ons in ieder geval een verslavende werking op brein en ledematen. Hoe meer we de plaat opzetten, hoe sterker ze ons in de oren klinkt en hoe dieper ze onze hersenpan binnendringt. Pallbearer heeft een onvervalste klassieker afgeleverd.

donderdag 27 april 2017 03:00

Falling Sun

Terwijl een nieuwe lichting Belgische noise bands tegenwoordig het mooie weer maken (Brutus, It It It Anita, Hypochhristmutreefuzz, The Guru Guru,…) is er ook nog wel plaats voor een regelrechte shoegaze band. Hoewel het genre de laatste tijd een beetje platgetreden is, snijdt het Gentse The Mary Hart Attack op hun albumdebuut ‘The Falling Sun’ zonder scrupules en met enige stijl doorheen een stel onvervalste en potente shoegaze-songs met alles erop en eraan : stofzuigergitaren, distortion, feedback, een psychedelische touch en vocals die daar vanuit een wazige achtergrond trachten overheen te komen.
Natuurlijk komen My Bloody Valentine en The Jesus And Mary Chain serieus om de hoek loeren, maar wij horen vooral A Place To Bury Strangers in sterke songs als “Death Comes With Your Eyes”, “Starlight”, “Who Used To Be Me” en “This Room” (een rariteitje waarin de ijskar langzaam komt aangereden om dan plots zwaar uit de bocht te scheuren).
Andere favorieten zijn “Spiders”, dat inzet als een My Bloody Valentine pastiche maar dan open bloeit met een indrukwekkende gitaarsolo, en “All Wrong No Bliss”, een groovy psychedelische track die een spacy trip onderneemt.
Ze hebben er het warm water niet mee uitgevonden, maar met ‘Falling Sun’ weet The Mary Hart Attack zich stevig te huisvesten in een genre dat nog lang niet dood is.

zaterdag 06 mei 2017 03:00

GNOD zet zijn publiek in ’t zak

De reden waarom wij naar Gent trokken was die pas verschenen fantastische nieuwe plaat ‘Just Say No To The Psycho Right-Wing Capitalist Fascist Industrial Death Machine’, een bonte mengeling van zinderende noise, vinnige post-punk en geestrijke psychedelica. Dit zou live wel eens vonken kunnen geven.

Helaas, de heren van GNOD, hier voor de gelegenheid tot een trio herleid, hadden er voor gekozen om zich vanavond te beperken tot een elektro-set gevuld met drones, ruis en ultrasonische geluidsgolven. Hier stond geen band maar wel een drone-ensemble op het podium. Hadden wij even pech.
We konden het misschien geweten hebben, GNOD staat er immers voor bekend dat ze onvoorspelbaar zijn, en daar is dus jammer genoeg geen woord van gelogen. Dit was inderdaad onvoorspelbaar, doch ook onuitstaanbaar.
De intentie van GNOD was waarschijnlijk om het publiek geleidelijk aan in een trance te brengen met bedwelmende elektronica. Kan best zijn, maar met de chaotische en ongenietbare prestatie van vanavond lukte dit aan geen kanten. Wat bij het publiek tot een bezwerend effect moest resulteren draaide uit op verbijstering en irritatie.
De drie individuen, die elkaar overigens geen blik gunden, stonden in werkelijkheid dan ook maar wat inspiratieloos aan diverse knoppen te prutsen en haalden hoegenaamd geen verslavende ritmes of intrigerende beats uit hun elektrobakken.
Gevolg, een ongemakkelijke en ongeregelde geluidsbrij die al vrij snel danig op de zenuwen werkte. En dit was niet alleen bij ons het geval, na een half uur van die tergende heibel had al meer dan de helft van het publiek de zaal verlaten. Wij ook trouwens. Geen idee dus hoeveel toeschouwers deze geseling tot het bittere einde hebben uitgezeten, maar we hebben zo een vermoeden dat het er maar een tiental kunnen geweest zijn. De rokersruimte buiten was immers na verloop van tijd dubbel zo druk bevolkt als de concertzaal. De heren hebben tijdens de ganse set ook niet één keer van achter hun rookgordijn opgekeken, het zal dus aardig schrikken geweest zijn toen ze bij het terug aanfloepen van de lichten merkten dat er nog één man en een paardenkop in de zaal aanwezig waren.

We zullen GNOD’s quasi ondraaglijke vertoning dan maar catalogeren als kunst, zeker. Wanneer een zogenaamd artistiek collectief ontoegankelijke bullshit aan een onthutst publiek presenteert, is het begrip ‘kunst’ altijd wel een uitleg waar een organisatie mee wegkomt, zeker wanneer het een genootschap betreft die zichzelf recentelijk tot ‘kunstinstelling’ heeft uitgeroepen. Weet u, het is niet de schuld van de artiest, maar wel van het publiek dat er weer niets van begrepen heeft.
Mensen betalen voor deze rotzooi, daar zou men toch even mogen bij stilstaan. Dat de leden van GNOD de ontembare drift hebben om wat te experimenteren en wat te zitten klooien met allerhande elektronica, dat is hun volste recht. Maar dat doen ze dan beter in hun huiskamerstudio, en niet voor een betalend publiek dat met hoge verwachtingen naar hier gekomen is nadat de band nog maar pas een uitstekend album heeft uitgebracht.

Had de organisatie op voorhand aangekondigd dat GNOD zich hier zou beperken tot een elektro-set in plaats een live optreden, dan hadden wij ons de moeite bespaard om ons te verplaatsen naar een stad waar men tegenwoordig alles in het werk stelt om de automobilisten het leven zuur te maken.
Wij voelden ons serieus bekocht, en wij waren heus niet de enigen.

Organisatie: Vooruit, Gent

Pagina 29 van 111