logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

Ian Anderson’s Jethro Tull plays Thick as (a) Brick 1 & 2
Jethro Tull
Koninklijk Circus
Brussel

Jethro Tull is eigenlijk een brokje geschiedenis. Samen met bands als Genesis en Yes staat de groep aan de wieg van de progressieve rock, een niet echt benijdenswaardig genre die altijd door critici als pompeus, langdradig, bombastisch en daarom niet te pruimen werd afgedaan. Feit is dat prog-rock steeds garant heeft gestaan voor kwaliteit en muzikale perfectie, vaak gebaseerd op complexe structuren die uit de klassieke muziek werden gehaald. Love it or hate it.

Jethro Tull wist binnen het genre een uniek geluid te creëren via het introduceren van de dwarsfluit in de rockmuziek. Boegbeeld Ian Anderson beheerste het instrument op een virtuoze manier, hij deed het wonderlijk matchen met vaak stevige rock en zo was die typische Jethro Tull sound geboren. Daaruit ontsproten in de jaren zeventig enkele absolute klassiekers als ‘Aqualong’ (1971), ‘Songs from the wood’ (1975) en zeker en vast ‘Thick as a brick’ (1972). Op deze legendarische plaat, die eigenlijk bestaat uit één verhaal verpakt in één song (moest destijds wel uit noodzaak over twee plaatkanten worden gesmeerd) heeft Ian Anderson nu een vervolg ‘This as a Brick 2’ gemaakt, een plaat waarin hij de geest van toen terug tracht op te roepen en dit bij momenten met succes, hoewel het geheel niet kan tippen aan het origineel uit 1972.

In het Koninklijk Circus kwam hij beide albums integraal voorstellen. Om van te smullen dus voor Tull fans, maar ook voor de minder toegewijde liefhebbers was dit uiterst genietbaar omwille van een onfeilbaar geluid, de muzikale klasse, het spelplezier, de fijne Britse humor en de theatrale en vaak musicalachtige show.
In deel 1 werd meteen duidelijk dat het 40 jaar oude ‘Thick as a Brick’ met glans de tand des tijd heeft doorstaan. De plaat werd op een uitmuntende manier vertolkt en zorgde voor een boeiend schouwspel van adembenemende folk-rock met even virtuoze als briljante tempowisselingen, blitse rockgitaren en heerlijke seventies keyboard en orgelpartijen. Ian Anderson speelde bij momenten een aardig stukje mandoline, maar uiteraard was die typische dwarsfluit alweer de hoofdrolspeler van de avond. Hij bespeelde het instrument met overgave, branie en pure klasse (en natuurlijk af en toe op één been, ook dat truukje was hij nog niet verleerd).
Na al die jaren kan een mens zijn stem al eens wat achteruit zijn gegaan, maar ook daar was een kant en klare oplossing voor. Zijn eigen beperkingen kennende, had Ian Anderson er bijzonder goed aan gedaan om in de persoon van de fantastische acteur/zanger Ryan O’Donnel een extra vocalist mee te nemen. O Donnel’s zangcapacitieten waren verbluffend, de man wist perfect de toonaard van een jonge Ian Anderson te evenaren (en te verbeteren) en zette daarnaast ook zijn talent als acteur in de verf, wat het theatrale aspect van de avond nog wat meer benadrukte. U moet weten dat de man al eerder meespeelde in de Who rock-musical Quadrophenia. Ervaring zat dus, en dat was te merken.
Na de pauze was de nieuwe ‘Thick as a Brick 2’ aan de beurt, en ook hier stonden we met open mond naar te kijken en te luisteren. O’Donnel was iets minder present (ook logisch, Anderson’s pas opgenomen vocalen lagen nu uiteraard wel binnen zijn bereik), in de plaats mocht de geweldige gitarist Florian Opahle geregeld stevig uitpakken.
In tegenstelling tot zijn 40 jaar oude voorganger is ‘Thick as a brick 2’ in verschillende tracks opgesplitst en kreeg het publiek nu meer de kans om de band met uitbundig applaus te bedanken voor al dat moois.
Ook nu hadden we weer het gevoel dat we midden in een (folk)rock musical beland waren. Hoewel we op plaat met voorsprong het origineel prefereren, moeten we zeggen dat de live uitvoering van deel 2 even intens, boeiend en klasrijk was. Het gezelschap pakte bij momenten stevig rockend uit en de traditionele muziek en bijhorende beelden bij prachtig gelaagde songs als “Wooton Bassett Town”, “A Change of Horses” en “Confessional” deden ons de aangename lucht van het Britse platteland opsnuiven.
Via het schermde kwam Ian Anderson tenslotte zijn bandleden en zichzelf voorstellen en werd de groep prompt met een oververdiende staande ovatie bedankt.

Als apotheose kwam de band nog één keertje terug met een uiterst vitale versie van de potige rocker en all time klassieker “Locomotive Breath” waarin nog eens alle registers werden opengetrokken. In onze dromen plakten wij hier nog een verpletterend “Aqualong” achter aan, maar het mocht niet zijn.
Uitstekend concert.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/jethro-tull-s-ian-anderson-16-11-2012/

Organisatie: Live Nation

donderdag 08 november 2012 01:00

Maserati VII

Eerlijkheidshalve moeten wij u vertellen dat deze band uit Athens, USA ons nog nooit was opgevallen. Nochtans is dit hier al hun zevende plaat en die is uw en onze aandacht meer dan waard.
De band was aanvankelijk te situeren binnen post-rock milieu’s, maar op Maserati VII krijgen we een soort space-rock vermengd met dance-rock, Ozric Tentacles gekoppeld aan Goose, Suicide met gitaren (steken ze zelf niet onder stoelen of banken, het tweede nummer heet gewoon “Martin Rev”), post-rock met beats of kraut-rock in Daft Punk land.
Deze volledige instrumentale plaat is een mooie harmonie tussen synths en gitaren die voortdurend op een ophitsende beat verder drijven, en dat soms in songs van meer dan tien minuten zoals het aanzwellende “Abracadabracab”.
Andere hoogtepunten zijn de verslavende opener “San Angeles” en het stevig rockende “Earth-like”, een soort Mogwai on speed.
Maserati VII gedijt zowel in de dance club als in de rockconcertzaal en dat is meestal niet zo voor de hand liggend, maar hier wel zeer geslaagd. Een huwelijk tussen gitaren en dance beats is dus niet bij voorbaat gedoemd om te mislukken.

donderdag 08 november 2012 01:00

Observator

Hoewel het geluid alweer heel herkenbaar klinkt is de nieuwe plaat van The Raveonettes een stuk luchtiger geworden dan de vorige twee snerende en donkere werkstukjes ‘Raven in The Grave’ en ‘In and out of control’. Wij zijn daar eerlijk gezegd niet zo blij mee, want de meeste songs zijn te oppervlakkig en nestelen zich niet zo diep in onze aderen als bij quasi alle andere Raveonettes plaatjes. Als we daarenboven ook moeten vaststellen dat er maar 9 songs op ‘Observator’ staan (na 31 minuutjes is ’t al gedaan) dan weten we meteen dat dit geen hoogvlieger is. Het gemis aan kwantiteit heeft zich deze keer niet echt vertaald in kwaliteit.
Een schamel hoogtepuntje is “Observations”, een mooie dromerige song die ondermeer via een heerlijk achtergrond gitaartje doet denken aan die verbluffende Chromatics cd van enkele maanden geleden. Afsluiter “Till the end” snijdt als vanouds ook nog een flink eindje door, maar voor de rest kabbelt het plaatje maar wat aan en wordt elke vorm van venijn gemeden.
‘Observator’ is The Raveonettes hun braafste album tot op heden en hoegenaamd niet wat wij van dit anders redelijk fantastische duo zouden verwachten. Wat niet wil zeggen dat u niet moet afzakken naar Het Depot op 8 december, want live zal de decibelknop een ferm stuk naar rechts gedraaid worden.

donderdag 08 november 2012 01:00

The Savage Heart

Driewerf hoera ! Onze favoriete wildebras is terug met negen lappen onvervalste en gloeiend hete rock’n’roll. ‘The Savage Heart’ is nog maar eens een kolkend stoompotje waarin Jim Jones met de nodige grinta zichzelf volledig overgeeft in een verzameling bruisende en vuile rockers.
Hij zingt en roept de ziel uit zijn lijf, de piano staat roodgloeiend als in de hoogdagen van Little Richard en Jerry Lee Lewis en de gitaren sneren zich als venijnige hyena’s doorheen het album. In vergelijking met de uiterst wilde uitspattingen van de twee vorige platen gaat men hier iets minder in het rood en is de aandacht wat meer op de songs gericht. Omdat de intensiteit hierbij niet verloren is gegaan is dit hoegenaamd geen probleem. Er zit wat meer variatie in ‘The Savage Heart’ maar het produceren van zinderende rock’n’roll is nog steeds het hoofddoel.
Laat The Jim Jones Revue over u heen walsen in de Trix op 13/12.

donderdag 08 november 2012 01:00

Privateering

Mark Knopfler is het soort mega artiest die dankzij een uiterst succesvolle carrière de schaapjes al lang op het droge heeft en voor wie het allemaal niet meer zo nodig hoeft.
Met dit soort individuen heb je twee mogelijkheden. Ofwel laten ze zich toch nog verleiden door allerhande geldruikende platenmaatschappijen om afgelikte en op platte commercie gerichte muziek te maken ten einde zo veel mogelijk dollars in het laatje te brengen. Ofwel kiezen ze niet langer voor het bijspijzen van hun al uitpuilende bankrekening en doen ze gewoon hun eigen zin.
Knopfler is voluit voor de tweede optie gegaan, en daarom alleen al vinden wij ‘Privateering’ een vermeldenswaardige plaat.
De inspiratiebron is helemaal nog niet opgedroogd, dit is een heuse dubbellaar geworden en er staat maar weinig prul op, een paar slijmerige ballads niet te na gelaten. Knopfler keert terug naar de roots, de blues, af en toe een vleugje jazz en naar de Keltische folk. De gitaar blijft zijn beste vriend maar dit vertaalt zich nergens in overbodige guitar hero uitspattingen. ‘Privateering’ is gewoon een relaxe, klasrijke en eerlijke laid back plaat, zoals we die ook geregeld krijgen van andere grootheden als JJ Cale, Ry Cooder, Richard Thompson en Tony Joe White.
Soms zijn er nog wat referenties naar Dire Straits, check die typisch luchtige gitaartjes in het lekker voortrollende “Corned Beef City”, maar doorgaans is het toch vooral de blues die prachtig en doorleefd bedreven wordt in ondermeer “Bluebird”, “Don’t forget your hat”, “Gator Blood” en “Today is Okay”.
Als u al eens in de late uurtjes de snelweg op moet, schuif dan ‘Privateering’ in de cd lader, de ideale soundtrack voor uw nachtelijke trip.
Op 12/05/2013 komt de meester zijn nieuwe plaat voorstellen in het Sportpaleis. Het is geen schande om daar bij te zijn.

donderdag 15 november 2012 01:00

Een subliem Archive in Vorst

Het wonderlijke Archive heeft met ‘With us until you’re dead’ nog maar eens een nieuwe prachtplaat uit die in Vlaanderen alweer voor geen meter aandacht heeft gekregen. Nog een geluk dat de Walen, net als de Fransen trouwens, deze atmosferische band op handen dragen zodat Vorst Nationaal toch nog voor de helft kon vollopen.

Eigenlijk zou een zaal als Vorst tot aan de nok moeten gevuld zijn voor zo veel pracht, want dit is één van de meest tot de verbeelding sprekende concerten die we ooit hebben mogen meemaken in de Brusselse bunker.
De sound van Archive omschrijven is niet zo evident. De band produceert een uniek geluid die zowel neigt naar triphop als naar prog-rock en het experiment wordt hierbij niet geschuwd. De muziek wordt in meerdere lagen op elkaar gestapeld, klinkt dikwijls orkestraal en toch is er geen overdreven bombast mee gemoeid.
Wij horen Radiohead, Massive Attack, Pink Floyd en Primal Scream. Er zijn beats, er is intimiteit en er hangt voordturend een aanhoudende spanning in de lucht die nog wat extra aangedreven wordt door een verbluffende lichtshow. De vocals worden verdeeld onder de twee frontmannen en twee zangeressen, allemaal bezorgen ze ons kippenvel met hun uitmuntende vocale prestaties. Archive verveelt geen seconde, en dit voor een concert van ruim twee uur en 20 minuten. Faut le faire.
De nieuwe plaat is er eentje die u best van naaldje tot draadje in één ruk beluistert, maar hier worden de talrijke nieuwe songs (9 stuks) netjes over de hele set gespreid. Nieuwe pareltjes als “Interlace”, het dreigende “Conflict”, het orkestraal trip-hoppende “Violently” en het intieme “Stick me in my heart” mengen zich tussenin briljante klassiekers als het alweer fantastische “Fuck U” en het immer wondermooie “Again” dat hier een ingekorte en akoestische benadering kreeg, doch even innemend als het origineel.
Een opzwepend “Pills” en een onmetelijk mooi en spannend “Dangervisit” vormen samen met het nieuwe “Damage” het einde van een fantastisch eerste deel, maar Archive heeft naar goede gewoonte nog een knoert van een bisronde in petto.
In die bisronde zit terug indrukwekkend materiaal uit die nieuwe plaat met een ophitsend ritmisch “Hatchet” en een hemelsmooi “Silent” als hoogtepunt. Daarna zijn de wondersongs van die vorige wonderbaarlijke plaat ‘Controlling Crowds’ aan de beurt. Archive schittert in “Controlling Crowds”, “Bullets” en “Kings of Speed”.
Onder luid gejuich en applaus komt de band nog één keer terug voor een sublieme finale met het oudje “Waste” wat heel intiem en ingetogen aanvangt om dan in een verbluffende muzikale apotheose uit te barsten, dit is zo een wereldsong waar Archive het patent op heeft.

Prachtconcert. We zijn er nog niet goed van …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/archive-13-11-2012/

Organisatie: Live Nation

donderdag 01 november 2012 01:00

Worship

Binnen de huidige shoegaze revival die nu toch al een tijdje aan de gang is, mogen we APTBS toch als één van de belangrijkste groepen aanzien. Als geen ander laten zij de snerpende gitaren en de wall of sound van een jonge Jesus And The Mary Chain herleven.
Eerder dit jaar hebben ze met de EP ‘Onwards to the wall’ al een niet onaardig visitekaartje afgeleverd, dit hier is hun derde volwaardige album.
Aan de formule is weinig veranderd. De gitaren snijden door merg en been, de decibelmeter gaat geregeld in het rood en de vaak onderkoelde vocals geven het geheel een duister eighties tintje mee. Als volleerde slijpschijven en boormachines slopen de gitaren de nodige muren, maar toch is er steeds een knappe song onder het geweld te vinden, en dat is wat APTBS zo bijzonder maakt. Zo schuilt er behoorlijk wat melodie in krautrock achtige songs als “You are the one” en “Worship”, en op “Dissolved” wordt de massieve geluidsmuur even aan banden gelegd voor een fijn gitaarriedeltje.
Elders wordt dan weer verschroeiend uitgehaald in de haastige brok noise “Why I can’t cry anymore” en in het extreem wilde “Revenge”, die we in al zijn razernij meteen tot onze favoriet van de plaat bombarderen.
A Place To Bury Strangers heeft misschien niet de meest verrassende plaat van het jaar gemaakt, maar de heren staan wel degelijk op scherp en deze ‘Worship’ is een al even logisch als splijtend vervolg op de vorige tijdbom genaamd ‘Exploding Head”.

 

Cloud Nothings - Een avondje scheurende en noisy gitaren
Cloud Nothings – Lotus Plaza
Kreun
kortrijk
2012-11-04
Sam De Rijcke

Cloud Nothings
is nog eens zo een gitaargroepje die uit het goede hout gesneden is, met een hitsige punky sound en heftige noise rock songs die aan een prille Nirvana en Sonic Youth doen denken. Het is er aan te merken dat die laatste schitterende plaat ‘Attack on Memory’ in een productie van niemand minder dan Steve Albini op de wereld werd losgelaten.
Quasi de ganse plaat werd er met een tomeloze energie in een half uurtje doorgejaagd, en dat was meer dan genoeg om ons te overtuigen van de kracht en intensiteit van dit bandje. Onze favorieten op plaat bleken ook live de meest tot de verbeelding sprekende tracks, en dan hebben we het over de fameuze gitaaruitbarstingen in “Wasted Days” en de naar Shellac neigende tonen van afsluiter “No future/no past”, de enige song in de set waar het gejaagde tempo ietwat werd ingetoomd. (zie Pics homepag)

Van Lotus Plaza hadden wij zo geen hoge verwachtingen, en dat omdat hun plaatje ‘Spooky Action at a Distance’ volgens ons geen uitschieter is binnen het huidige (over)aanbod van al die nieuwe Shoegaze revival bandjes die overal uit de grond rijzen.
Maar, kijk, de groep van Deerhunter gitarist Lockett Pundt wist ons zeer aangenaam te verrassen. Hun Shoegaze werd hier veel heter, spannender en krachtiger geserveerd dan op dat album. De galmende noise gitaren gingen fel en luid te keer en scheurden dat het een lust was, zoals het hoort bij dit soort muziek.

Zo hebben we vanavond weer onze portie rammelende en shuurpapieren gitaren gehad, dit van twee puike bands die compromisloos hun eigen ding doen en die de gitaren laten scheuren zoals ook de Velvets, The Stooges, Nirvana, Sonic Youth, Jesus & The Mary Chain en The Pixies het allemaal bedoelden, rauw en snedig.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/clouds-nothings-04-11-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lotus-plaza-04-11-2012/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

 

De kans is groot dat u van deze Liverpoolse band nog maar weinig of niet gehoord heeft. Begonnen als doom-metal groep gooide Anathema in 1999 het roer volledig om en richtte zich met het album ‘Judgement’ op een soort gelaagde hedendaagse prog rock ergens tussen Pink Floyd, Archive, Porcupine Three en Dream Theater. Niet bepaald het meeste sexy genre, en zeker niet in Engeland, waar de pers altijd naar de nieuwe Arctic Monkeys zit te zoeken.
Anathema wordt ook nu nog vakkundig doodgezwegen door de Britse pers maar stilaan werd met de jaren een trouw publiek opgebouwd en liepen de concertzalen vol voor wat steevast kanjers van concerten van meer dan twee uren zouden worden.

Ook Frankrijk heeft een zwak voor Anathema, getuige het uiterst enthousiaste publiek. Te enthousiast, zo bleek. Fransen weten immers niet wanneer ze moeten juichen en wanneer ze hun klep moeten houden. Het handgeklap tijdens de meer intieme passages was bij momenten ontzettend irritant en het gejoel midden in de songs was ferm storend. Iemand moet die mensen eens dringend uitleggen wat het verschil is tussen een tempowisseling en het slot van een song. Al moet gezegd worden dat het een beetje de schuld was van de gitarist die het ook op de meest ongepaste momenten nodig achtte het publiek op te jutten.

Hoewel ze al 13 albums op hun rekening hebben, concentreerden ze zich vanavond op hun beste vier werkjes ‘Judgement’, ‘A natural Disaster’, ‘We’re here because we’re here’ en ‘Weather Systems’. Met het openingsduo “Untouchable” (parts 1 en 2) uit  het imposante en prachtige nieuwe album ‘Weather Systems’ was meteen duidelijk dat dit een onvergetelijk concert zou worden. De sound zat perfect, de stemmen van Daniel Cavanagh en Lee Helen Douglas klonken uiterst helder en de muzikale kunde van de band was van een zeldzame pracht. In de intro van het overigens bloedmooie ”Emotional Winter” kwamen de Pink Floyd geesten heel dichtbij, we waanden ons midden in ‘Wish you were here’, en dat is uiteraard als compliment bedoeld.
Dat de band het metal verleden nog niet helemaal van zich heeft afgeschud was te merken met enkele heerlijke stevige uitspattingen, onder meer in “A simple mistake” en “Closer”.
Voor de rest was het genieten van de harmonieuze schoonheid van songs als “Thin Air”, “Everything” en “Wings of God” die stuk voor stuk melodieuze intimiteit en krachtige rock in zich droegen en gespeeld werden met evenveel gevoel als muzikale perfectie.
“The Storm before the Calm”, nog zo een geweldige gelaagde song uit ‘Weather System’, was zonder meer een hoogtepunt, het waren tien magische minuten waarin de Fransen omwille van de verrassende tempowisselingen weer zo een drie songs meenden te herkennen. Hierop haalde Anathema nog zo een parel uit hun mouw, “The Beginning and the End” was van een bovennatuurlijke schoonheid.
De reguliere speeltijd werd afgesloten met publiekslieveling “Flying” waarin een mondje mocht worden meegezongen, de song eindigde met een crème van een gitaarsolo die geleidelijk aan subliem wegdeemsterde tot de band achter de coulissen verdween.
Uiteraard moest zo een spectaculaire prestatie (we waren inmiddels al twee uren verder) vervolgd worden met verlengingen met daarin de nodige hoogstandjes, wat dan ook het geval was. In de bisronde werd nog even dieper in het (metal)verleden gegraven met een krachtig “Empty” en “Fragile Dreams”, dit tussenin alweer knappe symfonische pronkstukken “Internal Landscapes” en “One last goobye”.

Een indrukwekkend concert van maar liefst twee en een half uur met 21 songs om duimen en vingers van af te likken (de setlist om van te likkebaarden vind je terug op http://www.setlist.fm ). Anathema is een groep met pure klasse en een indrukwekkende muzikale bagage.

We hebben trouwens ook nog een pluim over voor het voortreffelijke voorprogramma Astra, een spacerock groep die met de teletijdmachine meer dan 30 jaar terugkeerde naar de oorspronkelijke progrock van bands als Jethro Tull en Yes (en dan bedoelen we niet de plastieken Yes van in de jaren tachtig die u kent van het gedrocht “Owner of a lonely heart”). De seventies dropen er af, niet alleen van hun uiterlijk (check de lange haren en wijde broekspijpen) maar ook van de songs die moeiteloos de 10 minuten grens overschreden en de solo’s die ons rond de oren vlogen. Je moet natuurlijk liefhebber zijn, maar wij konden dit wel smaken.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/anathema-31-10-2012/

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

 

Crime and The City Solution is, net als The Bad Seeds, in de jaren tachtig ontsproten uit de assen van The Birthday Party. De band heeft evenwel niet zo een succesvolle carrière als Nick Cave kunnen uit de grond stampen en is min of meer altijd in de underground gebleven tot ze er in het begin van de jaren negentig de brui aan gaven.
Zanger Simon Bonney vond de tijd rijp om er na meer dan 20 jaar samen met violiste en tevens echtgenote Bronwyn Adams een vervolg achter te zetten. Een nieuwe compilatie cd is pas op de wereld losgelaten (vreemd genoeg werden hierbij de eerste twee fantastische platen over het hoofd gezien) en eind dit jaar zit er een kersvers album ‘American Twilight’ aan te komen.

Naast het koppel en tweede gitarist Alexander Hacke zitten er geen originele groepsleden meer in de band, maar Bonney heeft in de plaats wel heel proper volk meegebracht, onder andere Dave Eugene Edwards (Woven Hand, Sixteen Horsepower) en Jim White (Dirty Three).
Dat een man als Dave Eugene Edwards zich als een visje in het water voelt bij die grillige Australische woestijnrock is niet te verwonderen. De spirit, de bezetenheid en de onderhuidse dreiging van Crime and The City Solution is ook terug te vinden in het werk van Woven Hand, Edwards weet zich bijgevolg gretig in te leven in de grimmige songs van zijn tijdelijke bondgenoten. Naast Edwards laat ook keyboardspeler Matthew Smith de songs sluimeren en nagloeien via enkele orgelpartijen die het meest donkere van The Doors naar boven brengen.
De bezwerende sound van weleer is op vandaag nog steeds de belangrijkste factor in de muziek van Crime & The City Solution, zo blijkt. Ook de nieuwe songs klinken bezeten en creëren een broeierige sfeer.
In tegenstelling tot de pas uitgebrachte compilatie laat men deze keer die eerste twee platen niet links liggen en krijgen we tot onze grote opluchting twee van die knarsende en sublieme oude songs, “Rose Blue” en “Six Bells Chime”, meteen twee absolute hoogtepunten van de avond.
Ook “All must be love “ en vooral een verslavend “One every train” zijn gedreven en spannend. Het uiterst fijne album ‘Paradise Discotheque’ wordt eveneens niet onberoerd gelaten met “The Last Dictator” en een scherp “I have the gun”. De band sluit op een schitterende manier af met het gloednieuwe uitmuntende “American Twilight”, de song werkt zichzelf sluimerend naar een verzengende climax toe en ontpopt zich zo tot een klassieker in wording.

Dit is nog maar eens zo een terechte reünie van een zwaar onderschatte band die veel te vroeg de handdoek in de ring had gesmeten. Na de prestatie van vanavond kijken wij reikhalzend uit naar die nieuwe plaat.
Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/crime-the-city-solution-29-10-2012/

Organisatie: Democrazy, Gent

 

Pagina 70 van 113