AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Deadletter-2026...
Concertreviews

Jake Bugg

Jake Bugg - Rock ’n Roll Can Never Die

Geschreven door

1994. Kurt Cobain schiet zichzelf(?) een weg naar de eeuwige jachtvelden, Oasis laat ‘Definitely Maybe’ los op de wereld en in Nottingham wordt Jacob Kennedy, beter bekend als Jake Bugg, geboren. Negentien is ie dus, de man achter “Lightning Bolt”, “Two Fingers” en “What doesnt Kill You”. Het is tegelijk het geniaalste en het frustrerendste, waarom kan ik dat niet?!, aan de jongeman. Maar laten we het vooral bij dat ‘geniaal’ houden.
Want wie waren, vóór Jake Bugg, de laatste Britse artiesten recht uit the council estates met enige bekendheid buiten de landsgrenzen van Het Eiland? De jongens van Arctic Monkeys anno 2006?
Toeval of niet: net als The Monkeys op ‘AM’ waait er door Jake Bugg’s gloednieuwe plaat, ‘Shangri La’, ook een zeer Amerikaanse wind. Geen Dr. Dre beats of Queens Of The Stone Age woestijnrock, eerder echo’s van Neil Young, Fleetwood Mac en andere Amerikaanse classics.
Benieuwd hoe die nieuwe plaat, een handvol dagen na de release, live tot zijn recht komt trokken wij naar een stampvolle, we waren duidelijk niet de enigen met dat idee, Aéronef in Lille.

Een mixtape met The Stone Roses, The Velvet Underground (onvermijdelijk dezer dagen) en Oasis, dat heet: de juiste toon zetten. Dat deden de eerste twee nummers ook. “There’s A Beast And We All Feed It” (tevens opener op ‘Shangri La’) en “Trouble Town” (stuck in speedbump city where the only thing that’s pretty is the thought of getting out), dat zijn perfecte uptempo binnenkomers.
Gevolgd werden ze door “Seen It All”, 1 van de hoogtepunten, “Simple As This” en “Storm Passes Away”, iets tragere, doch daarom niet mindere, songs. Die nagenoeg perfecte wisselwerking tussen up-en downtempo, plugged en unplugged, bekend en minder bekend, is misschien wel het krachtigste wapen dat Jake Bugg ter beschikking heeft.
Opvallend: het leek wel alsof niet alle hitjes in België ook de Franse radiozenders bereikt hebben. Zo passeerde “Seen It All” eerder geruisloos en hetzelfde gold voor “Two Fingers”. Het publiek mocht dan misschien in grote getale opgekomen zijn, uitzinnig waren ze niet.
Na verschroeiende versies van “Messed Up Kids” (de toekomstige derde single?) en “Ballad Of Mr. Jones” kregen we een volledig akoestisch intermezzo met o.a. “Country Song” en “Pine Trees”. De gesprekken achter in de zaal, verpestten echter het ingetogen karakter van de bloedmooie, recht uit het hart komende nummers en de lawaaimakers werden meermaals aangemaand tot stilte door de personen rondom hen. Niet dat er noodzakelijk altijd iets verkeerd is met een gesprek voeren tijdens een optreden, maar wanneer het de bovenhand haalt van het geluid van de artiest die de rest van de zaal wel wilt horen, dan zit je met een probleem.
Halverwege “A Song About Love” stopte hij plots. Er kan enkel maar gespeculeerd worden naar de echte reden hiervoor. Jake, niet echt het grootste spraakwaterval, staarde wat om zich heen en riep zijn (vaste) roadie bij zich. Sommigen hadden het over laserlichtjes in zijn ogen, anderen dachten dat er fans onwel geworden waren. Wij denken, en hopen, dat Jake stopte als statement tegen het op sommige momenten respectloze publiek.
Kleppers “Taste It” en laatste twee singles “Slumville Sunrise” en “What Doesn’t Kill You”, harder en sneller dan alles wat hij tot nu toen gedaan heeft, sloten de set af. Niet eens een goodnight, Bugg doet niet mee aan ontkennen dat er een bisronde volgt.
Die bisronde typeerde met drie nummers wat voor een artiest Jake Bugg is. Als eerste kregen we een adembenemend mooi akoestisch nummer, “Broken”, zo indrukwekkend dat het zelfs de zaal zowaar stil kreeg. Vervolgens toonde hij wat voor een muziekliefhebber hij zelf is, door “Hey Hey My My” van Neil Young te coveren. Het nummer is allicht het bekendst omdat Kurt Cobain met de regel it’s better to burn out than to fade away” zijn suicide(?) note afsloot. De meest representatieve lijn voor Jake, dat op luid gejuich door het publiek onthaald werd telkens die woorden uit zijn mond rolden: rock ’n roll can never die. Niet will, maar can, kwestie van elk waterkansje compleet uit te roeien. Wat een meesterlijke versie trouwens, inclusief nagenoeg perfecte solo die hij met sprekend gemak uit zijn mouw schudde. Negentien? Leeftijd heeft niks te maken met wat op je paspoort staat.
Na het traag nummer en het eren van een held, volgde dan afsluiter “Lightning Bolt”, het uptempo nummer. De liveversie is anders dan de studioversie, zo zitten er korte pauzes tussen elke tempowisseling, waardoor hij speelt met de dynamiek van de song en die extra kracht geeft. Bovendien leek het wel alsof het publiek een heel optreden lang zat te wachten op dit nummer, dat duidelijk wel het voorbije jaar meer dan eens langs de Franse radiogolven voorbij gesurft is.

Voor de meesten van zijn leeftijdsgenoten zijn de examens in aantocht. Jake Bugg krijgt van ons alvast een 10/10 voor het vak “rock’n’ roll”. Het publiek krijgt -1 voor hun gedrag tijdens zijn presentatie. Foei.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4337
Organisatie: Aéronef, Lille

 

Beoordeling

Vista Chino

Vista Chino - Onsterfelijke stonerrock

Geschreven door

Om Vista Chino een beetje te situeren is een kleine geschiedenisles op zijn plaats.
In den beginne was er Kyuss, zeg maar gerust de uitvinders van de stonerrock onder impuls van producer Chris Goss, de stoner-godfather. De band had amper vier platen gemaakt (waaronder twee regelrechte klassiekers ‘Blues for the red sun’ en ‘Welcome to Sky Vally’) toen ene Josh Homme het nodig achtte om de stekker er uit te trekken en Queens Of The Stone Age op te richten. Zanger John Garcia bleef trouw aan het originele stonergeluid en maakte met de bands Unida en Hermano een stel potige stonerrock platen die echter nooit veel potten hebben gebroken. Idem dito voor drummer Brant Bjork die een aantal degelijke soloplaten uitbracht maar deze aan de straatstenen niet kwijt geraakte.
Garcia en Bjork vonden circa 2010 dat al die legendarische Kyuss songs het niet verdienden om stof te vergaren en het duo trok met de Belgische gitarist Bruno Fevery de wereld rond om dat stomende geluid te laten herleven onder de naam Kyuss Lives!. In België werden ondermeer de AB en de Lokerse Feesten platgespeeld door dat intact gebleven overweldigende bulldozergeluid, die naar onze bescheiden mening tot op heden nog niet geëvenaard werd, ook niet door QOTSA. Want, QOTSA mag dan op vandaag een succesvolle mega groep zijn, Kyuss zal altijd geboekstaafd blijven als zeer invloedrijke en legendarische pioniers, een cultgroep die verantwoordelijk is voor een bronstig genre.
Josh Homme kwam stokken in de wielen steken, de miljonair vond dat zijn ex collega’s het recht niet hadden om de naam Kyuss te gebruiken en hij dreigde met een proces. Waarop Garcia en co hun naam veranderden in Vista Chino en prompt een plaat opnamen (‘Peace’) met kersverse songs die niet moeten blozen tussen het onsterfelijke Kyuss materiaal. En hop, ermee op tournee natuurlijk.

In De Mast, Torhout herleefde die geweldige stonerrock sound van weleer en bleek dat de nieuwe songs absoluut hun plaatsje verdienden tussen al die onvergankelijke klassiekers.
De overtuigende strot van Garcia is intact gebleven, Brant Bjork mepte als een bezetene op zijn vellen en gitarist Fevery bleek nog maar eens een meer dan waardige vervanger te zijn voor Josh Homme. Wij blijven ons luidop afvragen wie het ooit in zijn hoofd heeft gehaald om Fevery in het dance-groepje Arsenal te laten spelen, dit is zo iets als Lionel Messi opstellen bij Cercle Brugge.
Dit klonk 100 % als de allerbeste Kyuss. Voor de nostalgiezoeker was het zweten en genieten van dat brute geweld van ondermeer “Gardenia”, “Thumb”, “Green Machine” en “Freedom Run”. Het publiek, duidelijk overwegend bestaande uit Kyuss fans van het eerste uur, ging volop uit de bol bij die machtige oerrockers, maar had toch ook een hartig onthaal in petto voor krachtige nieuwe songs als “Dargona Dragona”, “Sweet Remain” en “Planets 1 &2”.
Vista Chino bulderde als een denderende stoomtrein en hield gans de tijd een strak tempo en een broeiende atmosfeer aan. Het was een bruisend en roodgloeiend concert van een legendarische band met een onverslijtbare en krachtdadige sound.

Vanavond deed er ons trouwens aan herinneren dat Kyuss albums als ‘Blue For The Red Sun’ en ‘Welcome to Sky Vally’ bij ons altijd hoger zullen aangeschreven blijven dan het beste werk van QOTSA, inclusief ‘Rated R’ en ‘Songs for the Deaf’.
Eigenlijk is het ongehoord dat hier amper een duizendtal mensen aanwezig waren terwijl Queens of The Stone Age nog maar eens het Sportpaleis hebben uitverkocht.

Ook de Canadezen van Monster Truck brachten een volumineuze montersound teweeg met een zanger die met de vingers in de neus de hoogste noten haalde. Dit was klassieke hardrock met één been in de seventies, maar helaas met het andere been in emmer clichés. Maar het was allemaal best naar de zin van de aanwezigen en eigenlijk kwam deze band er nog zo benard niet uit.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Cowboys & Aliens - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4361

Monster Truck - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4363
Vista Chino - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4362


Pics van hun set op Speedfest 2013 (NL) Klokgebouw, Eindhoven
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4323

Organisatie: Vzw Strike , Torhout (ism Rocklive)

 

Beoordeling

Honky

Honky – Een in whiskey gedrenkte set …

Geschreven door

Texaans kick ass boogie trio Honky te gast in muziekcafé Elpee, Deinze. Het kon geen waar zijn, maar ze stonden er ! Verleden jaar zagen we de band rond ex Butthole Surfer JD Pinkus reeds aan het werk in de Vk* Molenbeek, tijdens de ‘Revenge of the Rock & Roll Monsters’ tour met Peter Pan Speedrock en Karma To Burn (7 okt ‘12, zie review elders op deze site). Toen moesten ze hun ding kwijt op amper een half uurtje, hier konden ze de hele avond voluit gaan.

Honky staat voor vettige, oer- Amerikaans boogie rock ! Men kan hun sound niet beter omschrijven als een hedendaagse, op hol geslagen en in een heavy sludge stoner saus gemarineerde versie van de klassieke vintage 70’s sound van dat ander Texaans trio, ZZ-Top.  Dat bleek ook : de baarden van de heren bassist Pinkus en gitarist Bobby Landgraf krijgen stilaan ZZ-Top proporties, en halfwege de set zorgde hun “Undertaker” voor een vette knipoog richiting ‘Lil ole band from Texas’. “Undertaker” is het beste ZZ-Top nummer ooit, dat Billy F Gibbons jammer genoeg zelf vergat te schrijven.
De amper 50 man die zich de moeite troostten om zich op deze druilerige vrijdagavond naar de Elpee te reppen, kregen een snel, krachtig, stomend concertje te horen. Als een bolide scheurden de heren vanaf opener “WFO” door de set heen, met een knappe mix van songs uit hun 4 CD’s tellende oeuvre tot dusver. Vooral de snijdende instrumental “Plugs, mugs & jugs” en het daaraan geplakte snelle “Buckle Bunny” waren, naast het eerder vermelde “Undertaker”, absolute hoogtepunten. Alle 3 deze tracks zijn terug te vinden op de sterk aan te raden 3e CD ‘Balls out inn’.
De heren hadden er zelf ook duidelijk zin in, en heften meerdere keren het glas op om te toosten met het publiek. Geen ‘Vittel’ on stage voor deze doorwinterde rockers (tegenwoordig zien we niets anders, al wie op een podium klimt voelt zich precies geroepen om Bob te zijn), maar vanavond vloeide de Whisky rijkelijk op het krappe podium. “All for nothing” uit de recenste plaat ‘421’ was eventjes een ‘relatief’ op adem komen, evenals hun  bijdrage tot het verruimen van onze vegetatieve kennis, bij monde van hun hommage aan het plantengeslacht Cannabaceae ‘Love to smoke your weed’, maar daarna terug de plankgas met “Gittin’ it”. Nog een kippenvel moment : na een goed uur ramden de heren er tot slot nog het toepasselijke “Snortin’ whiskey” door, een magistrale versie van deze classic van Canadese 70’s gitaarheld Pat Travers, zelf ook nog zeer actief en nog dikwijls op tour in onze contreien.
Nog wat bissen en daarna tijd nemen om de toch al zeer losse interactie met publiek (hierin speelde de whisky zeker ook een rol), nog wat aan te scherpen voor een ongecompliceerde ‘meet & greet’. Da’s het leuke aan dergelijke kleine concertjes.

Al bij al een memorabel avondje, helaas in die bezetting niet direct voor herhaling vatbaar. Gitarist Bobby Landgraf werkt immers nog deze tour af, maar pakt binnenkort zijn biezen en ruilt zijn Honky seat in voor een wellicht royaler betalende leadspot bij sludge metal helden Down. Die zien we wellicht niet meer terug in de Elpee, maar dit heuglijk avondje pakken ze ons alvast niet meer af!

Organisatie : Muziekcafé Elpee, Deinze

Beoordeling

Nickelback

Nickelback – Waardige rock'n'roll

Geschreven door

"We got them singing, now let's get them jumping." Als we die zin op een rock concert horen, dan weten we al dat het goed zit. En goed zat het ook donderdagavond in Vorst bij Nickelback. Ze mogen dan snel als één van de meest gehate rockbands in de wereld gelabeld worden, dat was noch aan het publiek, noch aan de band zelf te merken.

Voorprogramma van dienst was Skillet, een christelijke rockband met lichte goth trekjes en bakken ambitie. En terecht, zo blijkt, want het mag gerust gezegd worden: zelden een voorprogramma gezien dat erin slaagde om het publiek zo vlotjes naar z'n hand te zetten. Reeds vanaf het begin van de set was het publiek enthousiast, geholpen door een charismatische frontman en catchy liedjes. Aan het einde van de set kreeg de band een daverend applaus. België wil ze duidelijk graag terugzien.

Met zo'n doeltreffend voorprogramma is het dus ook niet verbazingwekkend dat het publiek volledig klaar was voor de set van Nickelback. Ze werden niet teleurgesteld. Het concert kwam vlotjes op gang, geholpen door de immense catalogus aan bekende hits waar de band ondertussen al uit kan kiezen. Het was wachten tot nummer 11 (van de 18) voor het eerste liedje van hun laatste album, dat ondertussen toch ook al twee jaar oud is.

Een stevige set dus, grotendeels bestaand uit bekende nummers en goed gebalanceerd tussen snelle en ietwat tragere songs. Geen wonder dat het publiek alsmaar enthousiaster werd. Ook de band zelf leek er steeds meer plezier in te hebben, vermoedelijk geholpen door de shots die ze op het podium achterom sloegen. Contact met het publiek, goedgeluimd onderling gebabbel en stevige songs; de belangrijkste onderdelen van een goed concert waren allemaal aanwezig.

Gehaat of niet, de Belgische fans van Nickelback waren duidelijk tevreden met de passage van hun geliefde band!

Setlist: Animals - Woke Up This Morning - Photograph - Something in Your Mouth - Savin' Me - Far Away - Too Bad - Someday - If Today Was Your Last Day - Rockstar - When We Stand Together - Drum Solo - Gotta Be Somebody - Lullaby - Figured You Out  -How You Remind Me 
Encore: Saturday Night's Alright for Fighting (Elton John cover) - Burn It to the Ground 

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4341
Organisatie: Live Nation

 

Beoordeling

Stef Bos

Stef Bos – Bos ziet de bomen

Geschreven door

Een avondje feel good, zwervend op verhalen tussen Nederland, Vlaanderen en Zuid-Afrika met een Poolse insteek. Op zijn nieuwe tournee hangt de nergens-en toch-overal-thuis-globetrotter Stef Bos zijn koude jas in de hal en stapt de warme kamer van optimisme in. Het was er knus en naar zijn als vuurhaard knetterende stem was het aangenaam luisteren.
Luisteren naar verhalen ook, want Stef Bos is een vlot causeur, maar vooral naar zijn jongste nummers die voortvloeien uit een dubbele inspiratiebron.  Enerzijds het op de poster afgebeelde schilderij van de jonge Zuid-Afrikaanse kunstenaar Christiaan Conradie en anderzijds een zin van de Poolse journalist Ryszard Kapuscinski: pessimisme is het kijken naar de werkelijkheid op een te korte termijn.

De Antwerpse inwijkeling kwam in Brugge, ‘waar ik mijn eerste Vlaamse lief vond die ik amper begreep’, zijn ‘kleine tour op zoek naar iets groots’ voortzetten en ontegensprekelijk was de rode draad naast optimisme ‘de taal’.  Bos houdt van taal als communicatiemedium en er zat niet de minste ruis op de zender-ontvanger-relatie, al schakelde hij vlot tussen Hollands, iets Antwerpsachtigs en Afrikaans.
Bij momenten ingetogen stil – zoals bij zijn opener “De intocht” helemaal alleen aan de piano - en dan weer ongebreideld luid afro en latino met vele blues- en andere zijstapjes ertussen in. Vier muzikanten bracht hij mee voor wat hij nummers noemde die uit een piano als moeder en een gitaar als vader ontsproten waren.
Hij diepte af en toe nog wel eens uit de oude doos, die echt wel klassiekers bevat. Zo sneed hij al vroeg “Is dit nu later” aan en in zijn tweede deel sketchte hij een grappige versie van “Wodka”. Grappig want naast schrijven en zingen is Bos ook qua lichaamstaal een entertainer.
Maar het ging vooral om zijn nieuwere werk, intrinsiek geïnspireerd door zijn Zuid-Afrikabelevenissen. “Het midden” kreeg een uitgesponnen draai en bracht meteen stomige opwinding in de statige schouwburg. Ook in “Força da mudança” zat schwung, zij het op Afrikaanse wijze. “Viva Afrika”, klonk het even later bewogen en gemeend met een drumsolo geïmporteerd uit het zwarte continent eraan gekleefd. “Kloofstraat” en “Gelukkig” pasten daar wonderwel in. Met het mooie vertelsel dat hij zijn liederen meestal aangereikt krijgt.
Intussen verkleurden de doeken boven het podium het kwintet en het podium van sober nachtblauw tot schrille en warme kleuren en terug. En plots waren we op een Frans terrasje waar de accordeon “Rue de Mouffetard” smoel gaf.

Ook in deel twee zou de accordeon nog terugkeren, net als de positieve vibes die zijn hele avond doorspekten, zoals in “Alles wat ik heb”. Hij opende dat deel met “Goed” en had het over vechten en opstaan om dan plots heel ingetogen terug te grijpen naar zijn jeugd met een verhaal waar dichter Hans Andreus bij zijn ouders thuis binnenstapte en hem een boek cadeau deed. Mooi tijd om “Voor een dag van morgen” te reciteren en te verwerken.
Hij sloot af met “Onder in my whiskeyglas”, op zich een triest nummer dat met de inkadering toch enigszins paste in zijn optimisme-set, ondanks de ontvoering van de ‘drie skepe’. Of had WF Hermans toch gelijk toen hij schreef: 'Ik geloof dat de mens alleen uit onoplettendheid optimist is.’ Drank helpt, dacht ook Bos en hij zwaaide zijn gasten uit met een glas ‘Wodka’.
Bissen deed hij met zijn ‘Papa’ en ‘De Partij’, waar hij nog zijn ‘door de wind, door de regen, dwars door alles heen’ in mengelde. Oei, was dat niet het lied dat zijn ‘eerste Vlaamse lief dat hij niet begreep’ ooit vertolkte? Optimisme? Ach wat, met een glas tikken tot het licht wordt en zingen. Cheers Stef, op dat wat komen zal! Als je maar door het bos de bomen ziet. Of was het omgekeerd?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4335
Organisatie: Cultuurcentrum Brugge  

Beoordeling

Girls In Hawaii

Girls In Hawaii op scherp!

Geschreven door

We voelden het al een beetje aankomen na hun optredens op Pukkelpop en op Leffingeleuren: de indiepop van Girls In Hawaii kan een groot, breed publiek bereiken , en is na al die jaren terecht . Twee uitverkochte concerten noteren we , in de Ancienne Belgique  en in het Koninklijk Circus .

De Brusselse band rond Lionel Vancauwenberghe en Antoine Wielemans heeft een nieuwe cd uit ‘Everest’, mooi eerbetoon aan hun in 2010 overleden drummer Denis Wielemans, een muzikale verwerking , gezien hij hield van berglandschappen . Wat resulteerde in een bijna twee uur durend  snedig , gedreven , weerbarstig en pakkend,  emotievol , eerlijk concert , gedragen door hun warme samenzang . De dromerige indiemelancholica klonk live minder verfijnd en kreeg een levendige injectie. 
Eerder hadden ze de Franstalige harten al veroverd. Na vanavond zijn ze overduidelijk klaar om bij de clubtour het komende voorjaar Vlaanderen bij hun fans te rekenen . Hun ingenieus materiaal, doordacht en subtiel uitgewerkt , raakt en intrigeert . Muzikale schoonheid en finesse!  Dat gevoel en die ervaring hadden we  door de songopbouw, die ze , waar nodig, lieten exploderen. Dit zestal was hier goed op voorbereid om zijn publiek en zijn fans een onvergetelijke avond te bezorgen . Meer dan zomaar wat dEUS of Grandaddy invloeden maar duidelijk ook geworteld in die 60s van Beach Boys , The Beatles en de indie van The Feelies. Je kwam dan uit op een gevarieerde set van een rits sterke songs  als o.m.  het gekende “Not dead” , al vroeg in de set , verderop met die andere single “Misses”, het dromerige “The fog” met z’n psychedelische keytunes , een rockende “Time” en “Changes”, “Summer storm” , die het geluid van Grandaddy nieuw leven kon inblazen. We konden niet afdwalen en ze hielden  ons bij de leest!
Ook het decor was meer dan moeite . Goed nagedacht met die Mount Everst op het achterplan, die door allerlei fonkelende sterretjes, glinsterende lichtjes en kleurschakeringen wat meer diepgang had , en emotie , herinnering losweekte , zeker bij een song als “Switzerland” , het geliefkoosde land van wijlen Denis , en “Mallory’s height” (het verhaal van 2 bergbeklimmers die in de jaren 20 daar mysterieus verdwenen …) , omgeven van allerhande donder- en bliksemsamples.
Een song als “Rorscharch” riep ergens ‘dark side of the moon’ op van Pink Floyd met die verlichte driehoek . Hartverwarmende , -verscheurende (hoe je ook wenst te noemen!) sterkhouders waren de sfeervolle duetten  met An Pierlé op “Here I belong” , middenin de set, en “Organeum” , die op het eind werd bewaard .
Naar een climax ging het met de strakke ritmiek en de energie uitbarstingen van “Birthday call” , “This farm will end up in fire” en een lang uitgesponnen “Flavor” , waarbij Wielemans vanop de boxen het publiek danig ophitste . Een vitale ‘closing final’ die ons verdwaasd achterliet …

Girls In Hawaii staan op scherp nu . Kwestie zal zijn dat ze deze energie, dynamiek en gretigheid kunnen behouden want hun harmonieuze en grillige indie  is een  wisselwerking van fris aanstekelijk , melancholisch en spannend broeierige materiaal, dat sterk intrigeerde en overtuigde vanavond . ‘Don’t miss ‘em’ tijdens hun clubtour de komende maanden!


Neem gerust een kijkje naar de pics
Robbing Millions - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4331
Girls In Hawaii - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4314
Organisatie: Botanique, Brussel (ism Live Nation)

Beoordeling

Hurts

Hurts – Grootse, dansbare synthpop

Geschreven door

 

Voorprogramma Pegasus bestaat uit vier jonge energiekelingen afkomstig van het Zwitserse Biel. Hoewel ze gekleed in een kostuum het podium opkruipen, verraden hun sneakers en wilde haren hun jeugdigheid en frivoliteit die ze in hun muziek en performance duidelijk niet proberen te verbergen. Ze brengen catchy, meezingbare muziek die een groot deel van het publiek spontaan meekrijgt. In de mix overheersen vooral de zang en de basdrum, wat het geheel zeer ritmisch, complexloos en dus zeer dansbaar maakt. Zanger Noah Veraguth is een charismatische zanger die zeker van zijn stuk is en dit ook toont in de omgang met zijn publiek. Hij speelt handig in op de Belgische meertaligheid, die hem als Zwitser niet vreemd is, en spreekt het publiek zowel in het Frans als in het Engels aan. Een fijne opwarmer die doet verlangen naar een geweldig hoofdprogramma.

Hurts is oorspronkelijk een Engels synthpop duo, bestaande uit zanger Theo Hutchcraft en synthspeler Adam Anderson. Met twee platen op hun naam, ‘Happiness’ (2010) en ‘Hurts’ (2013), toeren ze momenteel door Europa. Hiervoor wordt het duo vergezeld door een extra synthspeler, een bassist en een drummer. Voor de uitgesponnen intro van opener “Mercy”, zien we eerst Theo en Adam verschijnen. Theo verschijnt een beetje mysterieus met een kap over zijn hoofd en Adam heeft voor de eerste twee nummers een elektrische gitaar vast met verlichting die op de muziek mee pulseert. Zodra de andere muzikanten aan bod komen, valt de onconventionele podiumindeling op met de drummer en de bassist helemaal links in een hoekje geplaatst. De tweede synthspeler staat dan weer helemaal rechts achteraan. De nadruk ligt duidelijk op het duo Theo en Adam.
Het poppy “Miracle” pakt uit met een spectaculair lichtspektakel in de vorm van een dubbele X waar iedereen even van moet wegkijken, maar wel indruk maakt. Na “Silver Lining” zet Hurts het nummer “Wonderful Life” in waarin zanger Theo in het refrein dezelfde intensiteit behoudt als tijdens de strofes terwijl de rest van de muzikanten het geheel naar een hoger niveau tillen, wat een interessante dynamiek aan het nummer geeft. Het publiek reageert enthousiast en neemt de zang van het laatste refrein voor zijn rekening. Dit trekt Theo voort door het publiek de “ee’s” en o”o’s” van “Blind” te laten inzetten. Tot groot jolijt van verschillende groepjes tienermeisjes die het nummer maar al te graag meeschreeuwen. Het mooi opgebouwde “Evelyn” neemt het publiek mee naar een hoogtepunt waarna het publiek het nummer neerlegt door zachtjes de outro mee te zingen.  
Tijdens “Cupid”, dat af en toe aan Depeche Mode doet denken, krijgt Theo de zaal mee door zelf op en neer te springen op de dreunende instrumentale refreinen. Dit is het meest actieve dat we de zanger te zien krijgen, de rest van de tijd staat de hij namelijk Liam Gallagher-gewijs zeer rustig en nonchalant op het podium.
Hurts plaatst vervolgens een rustpunt in de set met “The Crow”, hun interpretatie van een ballad. Dit zetten ze nog even voort door een versie van 3Blood, Tears And Gold3 neer te zetten met enkel gitaar en zang. De stilte doorbreken ze door “Exile” in te zetten, de titelsong van hun laatste album. De sfeer van het nummer doet denken aan “Angel” van Massive Attack dat in de zaal gespeeld werd vlak voor ze het podium opkwamen. Toeval of een knipoog naar één van hun inspiratiebronnen? Het nummer bouwt op van begin tot einde en brengt het publiek terug naar een hoger energieniveau, klaar voor het laatste deel van de set. “Sandman” zet in met een geweldige hip-hop beat die wat variatie brengt maar het refrein valt weer terug in de succesformule van de band: stilte voor de storm. Vervolgens worden alle registers opengetrokken en worden de nummers zo meezingbaar mogelijk. Een formule die werkt om een zaal fans volledig mee te krijgen. Zo ook bij het dansbare “Sunday” waar het publiek het meest enthousiast op reageert en zelfs de zittende toeschouwers voor rechtspringen.
De drie laatste nummers voor de bisronde – “Stay”, “Illuminated” en “The Road” - baseren zich ook op de succesformule van de band van zeer rustige strofes en grootse refreinen. De zanger gaf “Illuminated” een leuk sfeertje door aan iedereen te vragen om het lichtje van hun telefoon aan te steken. “The Road” ontaardt in chaos en laat het publiek verweesd achter.
Een bisronde krijgen ze in de vorm van “Better Than Love”, waar een groot deel van het publiek op zat te wachten. De geluidsman heeft het volume duidelijk wat de hoogte in geduwd voor wat extra impact en ook de indrukwekkende lichtshow ondersteunt deze poppy meezinger. Een laatste keer bouwt Hurts op van een vrolijk, klein walsje naar een eclectisch einde met “Help”. Hierna neemt de band afscheid en gooien ze, vooral voor de vrouwelijke fans, nog wat bloemen in het publiek.

Hurts gebruikt enkele vaste formules voor hun nummers. Ze bouwen ofwel stilaan op naar het einde toe met eventueel nog een korte herneming, ofwel halen ze telkens alles uit de kast bij het refrein. Dit werkt zeker bij de fans maar ook niet-fans moeten toegeven dat zoiets live impact heeft en Hurts kan net genoeg variatie maken om er een interessante show van te maken.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Pegasus -
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4319
Hurts - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4318

Organisatie: Live Nation

 

 

Beoordeling

Baths

Baths - Borderlinetronica

Geschreven door

Heel wat volk was opgedaagd om de elektronica weirde Amerikaan Will Wiesenfeld aan het werk te zien . Hij was hier samen met een tweede man achter de keys en de knoppen, die ook nog af en toe een gitaarriedel  speelde . Baths was hier in het kader van de events van Autumn Falls.
 
Baths plaatst zich met hun tweede cd ‘Obsidian’ in de kijker, die net als het debuut , een klankenspectrum bevat.  In die sound kunnen we fijne melodieën herkennen met zalvende, slepende , hortende en stotende beats , gekenmerkt van een vleugje dubstep (remember Flying Lotus) en de  knisperende elektronica van Notwist ; ze kunnen uit de bocht gaan, tegendraads zijn en ergens neigen naar de hyperkinetische , harde breakcore van Venetian Snares .
En om de experimentjes leuk te houden maken die twee heren er een ontspannend , speels optreden van , met tussenin grappige bindteksten en een komische noot.
Eerder was Wiesenfeld al in de Bota te zien. Ook toen klonk het ietwat rommelig en ging hij een beetje op t gevoel af . Vanavond was het niet veel beter, de techniek  faalde af en toe en hij werd geconfronteerd door stemproblemen van een voedselvergiftiging.
Beiden spreidden hun talenten tentoon in hun keys/elektronica , waarbij nogal gegoocheld werd en ruimte was voor jams. Een paar heerlijke dromerige , sfeervolle , grimmige als opgewekte songs borrelden op. O.m. hadden we van het recente album “Worsening”, “Earth dead”, “No past lives” en “Phaedra” . Z’n falset zang was regelmatig  ontstemd en vals , en zweefde over de nummers heen . Hij kon sterk uithalen met z’n schreeuwzang en enkele oerkreten, die de nummers een grimas bezorgde . Tja , van een experimentje meer of minder was het duo duidelijk niet bevreesd . Een lang uitgesponnen “No eyes” moest (meermaals) worden  herhaald , maar wat een duracellsong werd het, door de krachtige groove en het elektronisch vertier. Het vatte de totaliteit van z’n weirde sound samen.

Baths was een aparte belevenis , waar structuur en chaos elkaar gedegen kruisten. Uniek staaltje elektronica die wist aan te trekken en af te stoten! Borderlinetronica!?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4340
Organisatie: Botanique, Brussel

 

Beoordeling

Pagina 231 van 386