logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
The Wolf Banes ...
Concertreviews

Slim Cessna

Slim Cessna’s Auto Club: Praise the Lord

Geschreven door

Het curriculum vitae van Kid Congo Powers ziet er zonder meer indrukwekkend uit. Lid geweest van The Gun Club en The Cramps, gitaar gespeeld op het absolute meesterwerk ‘The good son’ van Nick Cave en verder talloze andere collaboraties, o.m. met Divine Horsemen, Angels Of Light, Legendary Stardust Cowboy, The Knoxville Girls en Speedball Baby. En toch ziet de man er niet echt rock-'n-roll uit en leek hij eerder op een gesjeesde dichter met wat teveel tequila op. Met zijn Pink Monkey Birds bracht hij aangename rustig voortkabbelende rock waarin hij niet zelden de broeierige sfeer van het zuiden opzocht. Een echte zanger kan je hem bezwaarlijk noemen, meestal debiteerde hij zijn teksten, een beetje zoals André Williams dat doet. Het verleden werd niet uit de weg gegaan en we hoorden een wat mislukte interpretatie van "Sex beat" (The Gun Club) naast een dan weer zinderende ode aan Poison Ivy en The Cramps. Slecht was het zeker niet maar toch een beetje te tam om een zaal als de 4AD naar het kookpunt te brengen.

Er zat behoorlijk meer snee op Slim Cessna's Auto Club. Deze band uit Denver, Colorado kreeg vorig jaar met hun zesde (!) cd ‘Cipher’ (uit op Jello Biafra's Alternative Tentacles) onverwacht heel wat media aandacht. Het meesterwerk dat sommigen erin hoorden was het zeker niet maar de talloze goede liverecensies in de Amerikaanse pers (sommigen hadden het zelfs over de beste live act van Amerika) maakten me toch wel heel benieuwd. En op het podium klonk het inderdaad nog een stuk opzwepender. Alles draait rond het charismatische duo Slim Cessna en Jay Munly, twee lange bleke cowboys die zó de hoofdrollen in ‘Brokeback Mountain’ hadden kunnen krijgen. Met veel zin voor het theatrale bestookten ze ons met hilarische teksten waarin de heer regelmatig opdook. Maar in tegenstelling tot 16 Horsepower waarmee de groep regelmatig vergeleken wordt werd Jesus hier verre van serieus genomen. De rest van de Club bestond uit vier schitterende muzikanten (lap steel, staande bas, drums, gitaar/banjo) die connecties hebben met 16 Horsepower en Delta 72. Hun muziek laat zich nog het best omschrijven als americana met een flinke punkinjectie.
Heerlijk concertje maar onvergetelijk? Toch niet, daarvoor huppelde het net iets teveel en miste ik een beetje de ware spirit van de Amerikaanse folk.
.. En gans de avond stond bovendien wat in de schaduw van het net uitgelekte nieuws dat de Gories/Oblivians reünietour zijn weg nu toch zal vinden naar Diksmuide (op 13 juli) …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Beoordeling

Paul Kalkbrenner

Energieke DJ gig van DJ Paul Kalkbrenner

Geschreven door

2009 WORDT het jaar van DJ Paul Kalkbrenner. Hij verzorgde de soundtrack en speelde een hoofdrol in de film ‘Berlin Calling’; de single "Sky and Sand" betekende de doorbraak en wordt nu zowat overal grijsgedraaid. Een reden te meer waarom deze sympathieke Duitser de laatste tijd zoveel in ons land vertoeft. Hij stond een weekje eerder op het podium van het Karma Hotel festival in Oostende waar hij de klemtoon legde op een trancy psychedelisch setje.
In de Petrolclub te Antwerpen was hij de perfecte DJ op de ideale locatie. Een goed gevulde zaal zag en voelde het bewijs dat deze DJ, na ruim tien jaar op de achtergrond te hebben gewerkt, momenteel bij de groten van de hedendaagse elektro-scène mag gerekend worden. Hij creëerde een uitzinnig danslandschap door z’n energieke live-set. Een aanstekelijke sound, die door de gepaste opbouw, inwerkte op de dansspieren en waarin plaats was voor emotie en romantiek.

Ben Klock is ook afkomstig uit Berlijn, collega en vriend van Kalkbrenner én resident DJ in ‘Berghain, de technotempel bij uitstek. Hij bracht een gedreven technoset, straight forward, met een knipoog naar de Amerikaanse dance-scene. Een ‘fantasmatische’ gig na Kalkbrenner.

Organisatie: Petrolclub, Antwerpen

 

Beoordeling

Razorlight

Overtuigende popband Razorlight

Geschreven door

Razorlight kwam met ‘Slipway Fires’ haar derde en tot nu toe meest toegankelijke plaat voorstellen in een uitverkochte AB. Opmerkelijk was dat het Brits-Zweedse viertal, dat voor de gelegenheid was aangevuld met een toetsenist, pas halverwege de set volop songs begon te plukken uit het nieuwe album. Met achtereenvolgens de nog steeds aan subtiliteit groeiende single “Wire To Wire” en het naar een climax opstuwende “Blood For Wild Blood” illustreerde Razorlight ook live de nieuwe koers die ze op ‘Slipway Fires’ inslaan: minder catchy gitaardeuntjes dan op het voorgaande titelloze album ‘Razorlight’, meer songs die opgebouwd zijn rond de vocalen van zanger Johnny Borrel. Geen slechte keuze als je weet dat deze charismatische frontman over een meer dan begenadigde stem beschikt.

Eerder had de groep al een verschroeiende start genomen met het aan The Police schatplichtige “Back To The Start”, het door de talrijk opgedaagde Britse jongedames extatisch onthaalde “In The Morning” en het naar een Libertines verleden ruikend “Stumble And Fall”. Wou Razorlight weerwraak nemen voor de soms als pathetisch en te gepolijste bekritiseerde sound van haar jongste worp? Nog vóór de eerste noot ingezet werd sloopte zanger Johnny Borrel de korte mouwtjes van zijn shirt nog verder op en deed hij meermaals tijdens de gebalde set denken aan de frontman van U2. Aan de jonge, energieke Bono ten tijde van ‘Under A Blood Red Sky’ welteverstaan, niet aan het pafferige mannetje met boxershirt dat we onlangs nog zagen opduiken op strandfoto’s in diverse kranten.
Door zijn denigrerende (ironische?) opmerkingen over het oeuvre van levende legende Bob Dylan was Johnny Borrel nog vóór zijn debuut al persona non grata bij een groot deel van de (vergrijzende) muziekjournalistiek. Met het solo ingezette “60 Thompson” en het heerlijke “Hostage Of Love” tijdens de bisronde bewees Razorlight evenwel opnieuw een uitstekend songschrijver in huis te hebben.
Toegegeven, nummers als “Burberry Blue Eyes” en “Tabloid Lover” klonken net als op de nieuwe plaat ook live te weinig geïnspireerd. Toch zat je na het concert jezelf af te vragen waarom de melodieuze popsongs van één van de betere hedendaagse groepen van over het Kanaal deze zomer geen prominente plaats gekregen hebben op de affiche van het beste festival ter wereld.

Organisatie; Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

A Storm Of Light

De geluidsbrij en lichtschuwte van A Storm Of Light

Geschreven door

Het Amerikaanse A Storm of Light kwam vorig jaar al langs op Pukkelpop (net gemist luidde het dan) en waren nu te zien voor twee concerten in ons landje. De band plaatst zich binnen de ‘alternative’ sound van postmetal, sludge, doom, drone, noise en fuzz. En in hun loodzware sound horen we zelfs een vleugje psychedelica. Het trio heeft ‘visual director’ Josh Graham achter zich , die al z’n strepen verdiende bij Neurosis en Red Sparowes.
Ze creëerden een muzikale wereld van opbouwende krachtige gitaarloops, fuzzende en noisy pedaaleffects, logge, monotone, slepende en bezwerende repetitieve (drum) ritmes en een diep dreunende bas, onder een haast onverstaanbare rauwe en zweverige zang.
A Storm Of Light refereerde ook nauw aan Justin Broadrick’s Godflesh, Michael Gira’s Swans en ons AmenRa. Op het podium zagen we traag lopende projecties van vulkaanuitbarstingen, stromende lava, woeste golven, ijsschotsen, poollandschappen en stofwolken.
Een uur lang ondergingen we de grauwe emotionele schoonheid van hun harde, meedogenloze en oorverdovende geluidsbrij. Lichtschuwte en A Storm Of Light waren met elkaar verbonden.

Een dreigende spanning ervaarden we ook bij het Belgische Kiss the anus of a black cat. Pathetische dreigende ‘dark’folk, onder de helder getormenteerde zang van gitarist Stef Heeren. Live klonk de band directer dan op plaat, waar de klemtoon ligt op meeslepende dramatiek en mystiek. Het kwartet nestelt zich ergens tussen The men they couldn’t hang, The Whiskey Priests, Woven Hand en My Morning Jacket. Het recente ‘The Nebulous Dreams’ stelden ze uitgebreid voor. Een band die niet misstaat in de clubtents van (folk)festivals …

Organisatie: VK Sint-Jans Molenbeek

Beoordeling

Antony & The Johnsons

Antony & The Johnsons: onbeheersbare babbelzucht van Antony …

Geschreven door

Voorafgaand aan het concert bracht Johanna Constantine (een in de video van “Epilepsy is dancing” te bewonderen vriendin van Antony) een act die we kunnen omschrijven als een soort moderne solo-enscenering van Diaghilev’s choreografie bij Le Sacre du Printemps. Niet enkel Stravinsky weerklonk, maar vraag ons niet om namen te plakken op de andere muziek want die kunnen we met onze beperkte kennis niet thuisbrengen. Of we iets van die act begrepen hebben, valt trouwens sterk te betwijfelen. Het tweede deel had misschien de bedoeling om de link te leggen naar ‘I’m a bird now’ maar het zou best kunnen dat deze kunstenares totaal andere intenties had.

Na een kleine 20 minuten betrad uiteindelijk Antony het podium in gezelschap van  The Johnsons die bestonden uit een bassist, een drummer, een violist, een celliste, een violist annex gitarist en een gitarist annex saxofonist.
Na “Where is the Power?” (b-kant van de huidige single) en “Her eyes are underneath the ground” viel ons vooral op dat de strijkers nog niet 100% bij de pinken waren, iets waaraan de reguliere bezoeker van de prachtige Henry Le Boeuf-zaal zich ongetwijfeld meer zou ergeren dan de tolerante aanhang van Antony deed. Tijdens “Epilepsy is dancing” waren alle muzikanten echter al beter bij de les. De magistrale wijze waarop de ingetogen sax-solo gebracht werd tijdens “One dove”, bewees trouwens dat The Johnsons wel degelijk op niveau kunnen musiceren.
Pas vanaf “One day I’ll grow up” richtte Antony een woord tot de zaal. Het bleef echter niet bij ‘een woord’ want hij onderbrak dat mooie lied meermaals om uit te kunnen weiden over het feit dat het zogezegd door zijn vriend Jezus geschreven was. Tolerant als we zijn, bedekten we zijn gepalaver op dat moment nog met de mantel der liefde. Uiteindelijk deed hij immers niets meer dan de grapjas uithangen.
“Kiss my name” verliep vlekkeloos maar nadat Antony vervolgens in het begin van het volgende nummer in de fout gaat op de piano, acht hij het moment gekomen om nog eens in gesprek te treden met zijn publiek. De zaal zit verstomd te luisteren hoe Antony de heks in hemzelf naar boven haalt om de kleur van het publiek te kunnen voelen. Jaja, rond Pasen zijn de wonderen duidelijk de wereld nog niet uit….
Net als we hem van het gebruik van hallucinogene middelen durven te beschuldigen, herpakt hij zich met onder andere “Everglade”, “Another world”, “The crying light” en “Fistful of love”.
Vanaf “Hope Mountain” steekt Antony echter opnieuw een litanie af zoals blijkbaar enkele weken geleden ook in Antwerpen gebeurde. Minutenlang probeerde hij de opnieuw met verstomming geslagen zaal duidelijk te maken dat de wereld nood heeft aan meer vrouwelijkheid, een boodschap waarvoor een concertpodium ons inziens niet het meest gepaste forum is. We kregen zowaar medelijden met de muzikanten die deze uiteenzetting ongetwijfeld al meer dan beu gehoord moeten zijn. Een enkeling in de zaal reageerde enthousiast, maar dat waren vermoedelijk volgelingen die ook enthousiast zouden reageren als Antony zou verkondigen dat het gemiddelde van drie bladzijden koffie interplanetair gerelateerd is aan de vierkantswortel van de filosofische implicaties van de zwarte herdershond op een zondag…..
Het zou een goede zaak zijn als iemand uit de entourage van Antony mans genoeg zou zijn om de ballen te hebben om de om zijn muzikale merites bewonderde artiest op de man (nou ja) af te zeggen dat een podium geen preekstoel is. Na zijn geleuter voelden we immers vooral de behoefte aan de hemelse muziek waartoe hij wel degelijk in staat is.
Gelukkig werd onze ergernis toch nog getemperd door een zalvende drievuldigheid bestaande uit “You are my sister”, “Twilight” en “Aeon”.
In de bisronde trakteerde hij zijn (ondanks alles) trouwe publiek nog op “Cripple and the starfish” en “Hope there’s someone” waarna hij het tijd achtte om zijn ‘sacoche’ te pakken.

Samengevat kunnen we dus stellen dat we getuige waren van een optreden dat muzikaal gezien best wel zijn sterke momenten had maar dat spijtig genoeg ontsierd werd door een blijkbaar onbeheersbare babbelzucht, alvast één kenmerk dat hij in zijn streven om vrouw te worden meer dan voldoende onder de knie heeft….dit laatste uiteraard met een heel vette knipoog want we schrijven dit slechts om te lachen…of hoort (een mogelijks mislukte poging tot) humor evenmin als oeverloos gepalaver in muziek thuis? Misschien eens aan Zappa vragen…

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

The Subways

Uitgelaten Subways voor een dolenthousiast publiek

Geschreven door

Live recept van het Britse trio The Subways: energiek, bruisend, opwindend, krachtig, stevig en wilde bokkensprongen. De enthousiaste band gooide er maar liefst twintig songs tegenaan in anderhalf uur tijd! Zanger/Gitarist Billy Lunn, de bevallige bassiste Charlotte Cooper en drummer Josh Morgan putten voor hun postpunk uit de ‘90’s traditie van Nirvana, Garbage en L7.

De songs van hun twee platen ‘Youg for Eternity’ en ‘All or Nothing’ injecteerden ze van een stevige geut Crazy Rock’n’Roll. Retestrak en fel! Lunn porde het publiek aan tot handclapping, het meezingen van refreinen en de obligate ‘Oohoohs’. Op het eind werd hij zelfs letterlijk op handen gedragen. “Kalifornia”, “Young for Eternity” en “Holiday” trokken meteen alle registers open. Af en toe lieten ze ruimte voor de broeierige intensiteit en opbouw, die achter hun songs schuilde o.a. bij “Obsessions”, “Mary” en “With you”. Voor de rest overdonderden ze ons in een hels tempo met hun gebalde sound. De soms onvaste vocals van Lunn deden er niet aan toe. Een avondje spelplezier en fun, waarbij ze de melodieuze subtiliteit niet het oog verloren.
En of dat ze het publiek bij de set betrokken ...: de refreinen van “Oh yeah” en “I wanna hear what you gotta say” werden luidkeels meegezongen en er was een ronkende bas, opzwepende drums en handclapping op het uitgesponnen “I won’t let you down”. De eerste rijen gingen uit hun dak en van een schuchtere skydive ging het al snel over tot een gewaagde stagedive.
De bis zetten ze sfeervol in met “Strawberry blonde”, maar het tempo werd steviger en feller. “Girls & Boys” en het onmisbare “Rock’n’roll queen”vatten de Subways samen als een brok dynamiet.

Wat een muzikale wervelwind van een hyperkinetische band voor een dolenthousiast publiek!

Het Limburgse The Rones openden vorig jaar de main stage op de laatste Pukkelpopdag. Het grote podium was door de dosis nervositeit en uiterste concentratie nog wat te hoog gegrepen. Maar nu acht maand later, zijn de groeipijnen voorbij, won hun retrostonerrock aan kracht en intensiteit en heeft het kwintet hun debuut uit. Live zijn ze duidelijk sterker geworden. Hard en meedogenloos klonken ze, ergens tussen QOSA en Cosmic Psychos. Hun slepende, rauwe grunge kreeg een bulldozergeluid mee. Soms had de PA man te fors aan de volumeknop gedraaid, wat een oorverdovende geluidsbrui teweegbracht. Maar The Rones mogen nu zeker terug op Pukkelpop! Btw de zanger had een fotocameraatje aan z’n voorhoofd bevestigd, en misschien dat je die opname op hun site kunt bewonderen ….

Organisatie: Het Depot, Leuven

Beoordeling

Alela Diane

Alela Diane wakkert het kampvuur aan

Geschreven door

Uit Nevada City komt de 25 jarige Alela Diane. Ze maakt deel uit van de talentrijke vrouwelijke singer/songwriterstal van de Amerikaanse (free) folkscene, waarvan we o.m. Joanna Newson, Jana Hunter en de dames van Cocorosie kennen. En recent nog zetten jonge wolvinnen als Jessica Lea Mayfield, Jolie Holland en Marie Sioux die dromerige, weemoedige sound verder.
Haar indiefolk klinkt innemend, aanstekelijk en wordt sterk ondersteund door haar fluwelen, heldere, emotievolle vocals. Kampvuurmuziek tussen droom en nostalgie, die huiselijkheid, bij het knetterende haardvuur, en een ‘hey ho’ samenhorigheid uitstralen. Ze komt zelfs aardig in de buurt van de americana/countryrock van Emmylou Harris, toch één van de iconen voor al deze jonge vrouwen.

Alela Diane boekte vorig jaar redelijk wat succes met haar debuut ‘The pirate’s gospel’ en liet op de snel volgende tweede plaat ‘To be still’ een kleurrijker geheel horen. In de meeste songs werd ze sober en elegant begeleid door een heuse band en een backing vocaliste. Haar pa trad bij op akoestische gitaar, fiddle en banjo. Sfeervolle folky popsongs hoorden we van de tweede plaat: “The alder trees”, “Every path”, “My brambles”, “Age old blue” en “White as diamond”, maar we waren het meest gecharmeerd van de intieme, ingetogen pracht van haar akoestisch gitaargetokkel en haar pakkende stem, waaronder “Third feet”, “The rifle”, “Clickity clack” en in de bis “Oh, my mama” (toevallig net allen uit haar debuut!), opgedragen aan haar moeder die ze enorm dankbaar is dat ze haar zo leerde zingen.
Een uitverkochte AB eerde de artieste en haar band, wat op het podium voor het nodige spelplezier zorgde. Ze durfde al eens het tempo verhogen, “The pirate’s gospel” of wat steviger klinken als op “Pigeon song” en de uitsmijter “Sister self”, waarbij ze het publiek moeiteloos kon overhalen tot handclapping en het meeneuriën van het refrein. Een heerlijk slot wat uitnodigde tot een rondedans.

De sympathieke Diane probeerde alvast de mensen dichter bij elkaar te brengen en liet het uiterst gezellig klinken met een gevarieerde set. De sterkste songs komen nog steeds van het debuut; ze klonken tav de ruimere aanpak van het nieuwe materiaal het meest gepassioneerd door hun gevoelig karakter. Toch kan ik me niet van de indruk ontdoen dat Diane het best tot haar recht zou komen in een kleiner zaaltje …Hint: twee keer ABBox?

Support William Elliott Whitmore had meteen het publiek mee. De troubadour stuurde hoopvolle boodschappen de zaal in en zorgde voor ‘a good time feeling’. Hij ging gretig in op de reacties van de eerste rijen. Z’n altcountry/americana folkblues intrigeerde. Hij profileerde zich ergens tussen Seasick Steve en Calvin Russell en met z’n doorleefd grauwe stem meette hij zich met Waits en Cash. Iemand die we zeerzeker terug mogen verwachten …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Circus Bulderdrang

Circus Bulderdrang is terug!

Geschreven door

Circus Bulderdrang is er na tien jaren van stilte terug. Een exclusieve reünie van het absurdistisch rariteitencabaret waar o.a Vitalski ( schrijver, dichter, stand-up comedian, …) en auteur Geert Beullens deel van uitmaken, hebben een show klaar waarvoor ze de mosterd haalden bij Jules Verne’s ‘Reis naar het middelpunt der aarde’. Niet iedereen van vroeger kan er nog bij zijn … IM de hilarische JMH Berckmans (cultschrijver, nachtraaf en verslaafd aan alkohol/sigaretten).
Maar het respect van het kwintet blijft. Deze Bulderboys bieden vier showgigs (telkens de eerste van de maand (1.2; 1.3; 5.4; 3.5)), btw op voorhand uitverkocht, om dan in oktober een megaspektakel op het podium te laten zien.
Hun reis vol zotte toeren is een absolute must om eens aan het werk te zien; we namen deel aan sessie drie, een gig vol waanzinnige voorstellingen, waarbij ze goochelden in sketches, tekstmateriaal, video-opnames, decor verbouwen, songs creëren en krankzinnige personages en creaturen. To do!

Organisatie: Arenbergschouwburg, Antwerpen

Beoordeling

Pagina 350 van 386