logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Deadletter-2026...
Concertreviews

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Zinderende trash blues

Geschreven door

Left Lane Cruiser - Zinderende trash blues
Left Lane Cruiser
café De Zwerver
Leffinge
2017-11-06
Ollie Nollet

Het café van De Zwerver liep helemaal vol voor dit duo uit Fort Wayne, Indiana. Op een maandag en dat na reeds op drie andere plekken in België (Luik, Brussel en Zwalm) en het toch niet zó veraf gelegen Lille gespeeld te hebben. Deze jongens zijn hier duidelijk populair! En terecht want we werden opnieuw op een pot zinderende trash blues getrakteerd. Precies vier weken na de aftrap van deze tour in Lille waren we, maar enige tekenen van vermoeidheid vielen er niet te bespeuren. Nog steeds even gretig terwijl het spelplezier er zo vanaf spatte.

Bij een Left Lane Cruiser optreden heb je twee zekerheden : er wordt begonnen met “Wild about you” van Hound Dog Taylor en geëindigd met “Hillgrass Bluebilly” (een ode aan het gelijknamige label van de Dirty Foot Family in Austin). Wat daartussen gebeurt hangt af van de inspiratie van het moment. Oude krakers als “Pork ‘n beans”, “Mr. Johnson” of “Big Momma” (hier met een korte maar hevige drumsolo) uit de doorbraakplaat ‘Bring yo’ ass to the table’ uit 2008 ontbreken haast nooit, ook hier niet.
Wel nieuw in Leffinge : “TV Eye”, een cover van The Stooges en het heropgeviste en nog steeds even fenomenaal klinkende “Cheyenne”, één van hun allereerste songs. Verder hoorden we naar goede gewoonte enkele heerlijke covers, die we op hun platen moeten missen, als “Black Betty” ‘'(Lead Belly/ Ram Jam), “Mule plow line” (Jimbo Mathus), “Feel like going home” (Muddy Waters) en het geweldige “Rock ‘n’ roll outlaw” (Rose Tattoo). Uiteraard ook enkele nummers uit hun nieuwe plaat die zich zeker konden meten met het oudere werk : “Claw Machine Wizard”, “The point is overflowing” en “Booga Shaka”. Terwijl drummer Pete Dio één keer zijn raptalenten mocht demonsteren, perfect gecombineerd met de meeslepende gitaar van Freddy J IV die hiervoor de riff leende bij Endless Boogie (The manly vibe). Puristen zullen hier wellicht van gruwen maar zo hoor ik de blues het liefst : rauw, onversneden en met een flinke neut rock-‘n-roll!
Left Lane Cruiser, tot volgend jaar!

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge  

Beoordeling

Sigrid

Sigrid - De toekomst van de pop is verzekerd

Geschreven door

Sigrid - De toekomst van de pop is verzekerd
Sigrid
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-11-05
Niels Bruwier

Tegenwoordig is het allemaal pop wat de klok slaat. Als ze dan nog eens uit een Scandinavisch land komen, is de kans nog groter dat het aanslaat. Zo ook bij Sigrid, een jongedame uit Noorwegen die met slechts één EP op zak de AB Club wist uit te verkopen. Het was haar eerste zaalconcert in België en haar tweede optreden naast Pukkelpop ooit op Belgische grond. Dat ze binnenkort niet meer in zo’n kleine zaal te zien zal zijn, staat nu al als een paal boven water. We zagen dat haar toekomst er heel rooskleurig uitziet, al zijn er hier en daar nog kleine beginnersfoutjes te spotten.

Voorprogramma van deze avond was het Gentse Ivy Falls. Voor de gelegenheid een duo, terwijl ze normaal met vier zijn. De kracht die zo’n band dus normaal bevat, ontbrak, maar we doen wel ons hoedje af voor de man die alle instrumenten voor zijn rekening nam. De stem van frontvrouw Fien Deman klonk erg breekbaar en leek perfect de zachte elektronische beats op de achtergrond aan te vullen. Zeer aangenaam om bij weg te dromen, maar na een kwartiertje had je het ook wel gehoord. Gemiste kans dus, want we zijn er zeker van dat ze met een full band veel overtuigender ging overkomen.

Dat zowel mannen en vrouwen bij de eerste aanblik spontaan verliefd werden op Sigrid, is een understatement. De jongedame heeft zo’n schattige looks en uitgesproken geluk dat niemand niet kan vallen voor haar charmes. Dat ze nog maar vier nummers officieel uitbracht, zorgde er voor dat negen nieuwe nummers de revue passeerden, de één al geslaagder dan de andere. Binnenkomen deed ze met “Go To War” waarmee ze rustig begon en haar stem voor een eerste keer liet gelden. Niet veel later ontplofte het nummer en kregen we een catchy refrein rond onze oren gegooid, zeer plezant en meezingbaar!
We moeten het ook eens over die stem hebben. De meeste popzangeressen deze dagen weten zich te bewijzen door in de studio de nodige aanpassingen aan het vocale gedeelte te maken, maar live dan teleur te stellen. Bij Sigrid is die stem net de sterkte. Zij kan alles aan, hoge tonen, lage tonen, luid of stil het lijkt allemaal geen probleem te zijn bij haar. Zelfs als ze terwijl nog eens rond danst en beweegt, blijft ze altijd toonvast. Dat maakt haar shows nog indrukwekkender dan de meezingbare nummers en de strakke beats die ze bevatten.
Toch zijn er ook enkele werkpunten bij Sigrid. “In Vain” bijvoorbeeld deed onze maag nogal keren. Het begon veelbelovend met een zachte intro à la Sigrid maar waar de ontploffing plaatsvond, kregen we een soort van afgekookte EDM drop die we niet verwacht hadden van Sigrid, heel erg jammer. Verder bevat iedere song ook eenzelfde opbouw. Op zich niets mis mee, maar wij worden ook al graag eens verrast. Een rustig begin die daarna explodeert, is namelijk na een tijdje voorspelbaar.
Gelukkig voor Sigrid heeft ze wel sterke nummers en vergeven we haar al die werkpuntjes. Ze is ten slotte nog jong en moet nog veel leren, maar staat toch al mooi matuur op het podium. Nummers als “Plot Twist” en “Fake Friends” worden heel uitbundig meegezongen en je merkt duidelijk dat de muziek van Sigrid aanslaat en makkelijk te onthouden is. Ook nieuwe nummers zoals “Credit” en “I Don’t Buy It” lijken klaar om een volgende hit te worden. Ze brengt trouwens niet enkele energieke nummers. “Dynamite” wordt helemaal akoestisch gebracht wat tot een breekbare sfeer leidt en “Raw” brengt eerder een zwoele vibe naar voor.
Sigrid is duidelijk van alle markten thuis. Zo heeft ze ook nog een heel zonnig nummer op zak met “Schedules” en toont ze bij “Doing You A Favour” dat haar rapinvloeden niet toevallig zijn. Heel tof dus dat we deze muziek allemaal live kunnen ontdekken voor het opgenomen wordt, zo kunnen we een evolutie zien in de sound van haar muziek. Hoewel niet alles even gekend is, weten de toeschouwers na ieder nummer hun enthousiasme uit te brullen, wat tot rode kaakjes bij Sigrid leidt. Dit geeft dan weer af en toe een ‘oohhh’ gevoel bij de fans.
Dat haar fanbase tegenwoordig nog beperkt is, spreekt voor zich. Toch zien we het langzaam maar zeker uitbreiden naar een heuse groep en zien we Sigrid binnen een jaar wel de grote zaal van de AB vullen. Zeker op de manier waarmee ze “Don’t Kill My Vibe” brengt. Ze brengt het nummer met veel power waardoor iedereen niet anders kan dan meezingen. Meer nog, nadat ze het nummer een eerste keer afrondt, beslist ze om het refrein nog eens te herhalen om zo zelfs de stilste toeschouwers over de streep te trekken. Interactie is belangrijk, en op deze manier voelt iedereen zich verbonden met het concert.

Sigrid is klaar om de wereld te veroveren. We zeiden het al toen we haar singles horen, toen we haar zagen op Pukkelpop en ook nu weer blijft ze een straffe artieste. Hoog tijd dat ze haar album afwerkt en ons verblijdt met nog wat nieuwe muziek. Live weet ze alles en iedereen omver te blazen en een zeer strakke set af te leveren. Soms wel eens voorspelbaar, maar wel overtuigend gebracht en meer heb je soms niet nodig.
Sigrid is de popster van de toekomst en we raden aan dat je haar nu ontdekt voor de mainstream haar oppikt

Setlist: Go To War - In Vain - Plot Twist – Schedules – Raw - Doing You A Favour - I Don’t Buy It - Watch Me – Savage - Fake Friends – Strangers – Dynamite – Credit - Don’t Kill My Vibe

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Run The Jewels

Run The Jewels - Hip Hop zoals bijna geen ander dat kan

Geschreven door

Run The Jewels - Hip Hop zoals bijna geen ander dat kan
Run The Jewels
Ancienne Belgique
Brussel
2017-11-05
Kimberley Haesendonck

Een rustige avond zat er afgelopen zondag in Brussel niet in. De Ancienne Belgique liep nog maar eens vol voor alweer een top optreden van Run The Jewels. Support en eigenlijk eerder special guest voor deze show kwam van niemand minder dan Danny Brown.

Ergens een beetje een rare combinatie om Danny Brown bij Run The Jewels te zetten aangezien Brown zijn hiphop genre net iets anders is. Al willen we hiermee niet zeggen dat we niet blij waren met de komst van deze Amerikaan. Afgelopen jaar passeerde hij nog in de Trix en nu was hij volledig klaar om de Ancienne Belgique plat te spelen. Zowel zijn laatste single ‘Kool Aid’ als oud materiaal werd tijdens zijn optreden boven gehaald. Tijdens “Grown Up” ging het publiek volledig uit zijn dagk en maakte duidelijk dat ze helemaal klaar waren voor Run The Jewels.

Naar een show van Run The Jewels is altijd leuk. Gewoon omdat je op voorhand weet dat hij steengoed zal zijn. En effectief, ook deze keer stelde dit duo niet teleur.
Opkomen met “We Are The Champions” is gewoon meteen de bal binnen koppen. En eigenlijk was dat ook hoe de rest van de avond verliep. Enkele hoogtepunten die ervoor zorgden dat 2017 weer een top-concert rijker was. Van “Legend Has it”, “Blockbuster Night Pt. 1” tot “Sea Legs”. Elke plaat werd wel met een paar nummers aangehaald, wat er voor zorgde dat het een beetje voelde als een kleine reis door het Run The Jewels tijdperk.
Killer Mike en El-P wisten duidelijk waarvoor ze gekomen waren: de boel afbreken. Hiervoor maakten ze met het publiek eerst duidelijke afspraken. Eerst en vooral nadrukten ze dat je van de vrouwen die je niet kent af moet blijven. Ook vroegen ze om mensen die op de grond vallen tijdens hun moshpits, op te rapen. Als laatste wezen ze er uitdrukkelijk op dat er niet gerookt kon worden tijdens hun optredens. “Joints roken doen we na het optreden allemaal samen buiten”. En zo waren de regels gemaakt om van deze avond weer een topper te maken.
In het begin was het publiek enorm mee, maar na het einde slabakte hun enthousiasme een beetje naar gewoon wat rustig mee rappen en klappen op de muziek. Aan Run The Jewels zal het alleszins niet gelegen hebben.

Laten we het houden bij het feit dat dit een top-optreden was, maar dat mensen op een zondag misschien liever in hun zetel liggen. Afsluiten doen we met een kleine tip naar deze mensen toe: blijf volgende keer gewoon rustig thuis. Zo is er meer plaats voor de mensen die wel uit hun dak willen gaan.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Mount Kimbie

Mount Kimbie - Top concert! En onvergeeflijke keuzes…

Geschreven door

Mount Kimbie - Top concert! En onvergeeflijke keuzes…
Mount Kimbie
Ancienne Belgique
Brussel
2017-11-04
Sander Blommaert

Het werd nog eens tijd! Mount Kimbie zat een tijdje in de studio om de laatste langspeler ‘Love What Survives’ in elkaar te monteren. Een plaat die tegenover debuut ‘Crooks & Lovers’ (2010) en publieksfavoriet ‘Cold Spring Fault Less Youth’ (2013) nog meer klinkt als een volledige band dan twee techneuten aan toetsen en knoppen. ‘Love What Survives’ heeft behalve weer een samenwerking met King Krule, nu ook Micachu, Andrea Balency en James Blake in de vriendenkring getrokken. Reden genoeg om naar de AB af te struinen om te zien hoe ze dat gaan oplossen.

Het Portlandse Visible Cloaks mag het publiek warm maken met hun elektronische dekentjes. Het duo bracht dit jaar Reassemblage LP uit. Een album dat te omschrijven valt als een soort Oneohtrix Point Never, onder invloed van valium, in Tokyo. Live waren deze knapen geconcentreerd en beduidend bezig met het vormen van klanken. Meer dan hun silhouetten zagen we niet en dat stoorde een beetje. Het laagje warme elektronica spreidde zich over ons heen en bracht sommigen onder ons in trance. Toch is de grote zaal van de AB meer een praatcafé onder leiding van deze jongens dan een concertzaal.

Onder luid applaus verwelkomen we Maker en Campos. Is dat Andrea Balency die zich een beetje beschaamd achter een synthesizer plaats? Knikje naar de drummer, iedereen in de startblokken? Ze kunnen geen betere keuze maken dan te beginnen met de fantastische intro van het nieuwe album. “Four Years and One Day” brengt de gehele zaal gelijk in de sfeer. Ook Mount Kimbie is fan van silhouetten en laat ons eerst rustig kennis maken met de profielvormen van de (nu) vierkoppige band. Artiest en publiek weten nu al dat het een goede avond gaat worden.
Er is weinig contact met het publiek, maar de energie op het podium en het behoorlijke lichtwerk vergeeft het hen. Tussen elke vier nummers krijgen we een knuffelachtige ‘thanks so much’ en vragende blikken of ze het goed aan het doen zijn. Het publiek reageert met uitbundige diepkeelse uithalen en wiegend dansgedrag. We worden getrakteerd op een greep uit het oeuvre van de jongens. “Audition” wordt opgevolgd door “Marilyn” die dan weer een intermezzo krijgt van ‘Crooks and Lovers’ “Before I move Off”. Het word een festijn voor zowel de nieuwe ontdekker als de oude Mount Kimbie rot.
 ‘De onvergefelijke keuzes?’ Op zich zijn er wel een aantal opwerkingspuntjes. Het verschil tussen de vertrouwdheid van de oude nummers en die van het nieuwe album waren duidelijk aanwezig. Tijdens vertrouwde nummers stonden ze veel nonchalanter en beter op het podium terwijl ze voor de nieuwe nummers meer hun plek opzochten en hun partij speelden. Een puntje dat eigenlijk eerder als schattig gezien kan worden aan het begin van de tour, dan iets waar we resoluut kritisch over moeten zijn. Muzikaal was de uitwerking van (bijna) elk nummer volledig op punt en kon men, zowel artiest als publiek, ongestoord genieten van een fantastisch optreden.
Maar op twee punten mogen we hard zijn. (1) Als Dominic Maker denk dat hij de rol van Archy Marshall op de nummers “Blue Train Lines” en “You Took Your Time” kan invullen heeft hij het goed mis. Als je het vocaalgewijs niet haalt om dezelfde energie in de nummers te steken, kan je ze beter gewoon niet spelen. De jongens hadden op basis van vocalen in nummers soms toch beter keuzes kunnen maken. Ze hebben beide namelijk niet de beste zangstemmen.
 De mannen spelen “Delta” als laatste staaf dynamiet voor ze even lieflijk het podium verlaten als ze opkwamen. Men neemt geen genoegen met dit afscheid, terecht ook, ze mogen nog een uur spelen. Lang laten ze niet op hun terugkeer wachten. We verwachten “Made to Stray”, maar krijgen een aangename verrassing. De pianosamples van Dansende Beer favoriet “Maybes” beginnen te spelen en we voelen stiekem kippenvel onze armen al omhoog trekken. (2) TOTDAT! Ze het gehele nummer, absoluut, volledig, onverwacht, kapot maken! De subtiliteit in vocal samples en percussie is in dit nummer belangrijker dan ooit, de keuze om de vocalen er als een soep overheen te blazen maakt het dan ook tot pulp. Echte afsluiter “Made To Stray” is live de vetste steady die we al hoorden, maar troosten maar half na wat ze ”Maybes” hebben aangedaan.

Hoewel, vooral, het laatste puntje zeer zwaar op onze maag ligt, gaf Mount Kimbie een absoluut topconcert! Prachtige muzikaliteit met een goede duiding voor variatie. Lieflijk contact met het publiek en daarbij ook een publiek om van te smullen (dat lieten ze ons ook weten). We zullen geen moment twijfelen om aanwezig te zijn bij hun volgende podium drang, maar misschien met een iets voorzichtere toenadering.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

The War On Drugs

The War On Drugs - Melancholisch wegdromen op de prairie

Geschreven door

The War On Drugs - Melancholisch wegdromen op de prairie
The War On Drugs
Vorst Nationaal
Brussel
2017-11-04
Niels Bruwier

Dat The War On Drugs is uitgegroeid tot één van de rockbands van het moment, konden we op 4 november nog maar eens aanschouwen in Vorst Nationaal. Daar gaven Adam Granduciel en de zijnen een show in een tot de nok gevulde zaal. Ze kwamen er hun steengoede nieuwe plaat ‘A Deeper Understanding’ voorstellen. Dat de verwachtingen hoog gespannen waren, sprak dan ook voor zich. De band moest dus heel wat inlossen en dat deden ze op hun eigen zachte manier. Lang uitgesponnen nummer, fraaie gitaarsolo’s en een bepaalde dromerigheid konden ons twee uur lang blijven boeien, al had het hier en daar misschien net niet iets beter gemogen.

Openen deed het gezelschap van The Barr Brothers. De band uit Montreal had de moeilijke taak om een volgelopen Vorst te boeien. Ze maken breekbare muziek met hier en daar wat bluesy en country invloeden. Live bleek het alvast heel goed in elkaar te zitten, maar voor een zaal zoals Vorst was dit net iets te ingewikkeld. Hierdoor ging het publiek na een tijdje al aan het praten en viel de show wat in het water. Jammer, want er zit veel potentieel in de muziek van de band, er doet zelfs een harpspeler mee. Volgende keer zien we ze graag in een kleine zaal bezig!

The War On Drugs, dat is eigenlijk een beetje de Bruce Springsteen van deze generatie. Dat viel ook op gedurende het volledige concert in Vorst Nationaal. Hoewel het nooit heel letterlijk te horen was, doken er toch wel hier en daar eens echo’s van op. Zo heeft The War On Drugs een saxofoonspeler die met een diepe toon de nummers wat zwoelheid bijbrengt en is de muziek duidelijk klaar voor stadia. Meezingers maakt de band dan weer minder, maar de muzikaliteit en de sterkte waarmee alles wordt gebracht maakt alles weer goed.

De band had alles mee om er een mooie show van te maken. Zo waren ze omringd door allerlei lichtgevende driehoekjes die een aparte maar aangename sfeer van de show maakten. De lichtshow was duidelijk ook een meerwaarde want het zorgde er voor dat ieder nummer net dat tikkeltje meer gevoel kreeg. Het viel al op bij opener “In Chains” waarbij de belichting eerder sober en rustig was zoals de song, als “Holding On” als opvolger dan een meer vrolijke sfeer moest meegeven, kregen we ook positievere belichting. Alles was tot in de puntjes uitgewerkt en dat maakte het plezant om de show te bekijken.
Muzikaal kon het hier en daar wel sterker. Toch was het optreden zeker niet slecht maar het klonk soms net iets te soft. Granduciel deed bij bijna iedere song een gitaarsolo en die kwam er niet iedere keer even goed uit, we misten een explosie. De geluidsman achter de PA was er misschien wat te snel over gegaan, want de balans tussen sommige instrumenten kon stukken beter in bepaalde nummers. De kenmerkende piano en synth’s bij “Burning” (net als de gitaar overigens) stonden veel te stil waardoor het nummer die extra panache miste dat het kon brengen. Ook de solo bij “Pain” of “Strangest Thing” verzoop tussen alle andere instrumenten op het podium, wat erg jammer was want dit kon de show nog veel beter gemaakt hebben. Gelukkig kwam hij er bij “Nothing To Find” dan wel weer goed uit, maar daar ontbrak dan de kenmerkende mondharmonica. Gemiste kans, want Granduciel zou hem wel even later nog bovenhalen.

Nu we door onze kritische puntjes van de avond zijn, kunnen we ook zeggen dat The War On Drugs eigenlijk altijd garant staat voor een degelijke show. Je kan er met zekerheid geld op inzetten dat de meerderheid van de zaal met een zeer goed gevoel huiswaarts keerde. Dat goed gevoel werd versterkt door het onnavolgbare trio “Red Eyes”, “Thinking of A Place” en “Under The Pressure”. In een halfuur (want zo lang deden ze over die drie nummers), brachten ze iets dat we nog niet veel zagen op een concert.
Eerst en vooral was er een krachtige explosie in de instrumenten wanneer het refrein van “Red Eyes” er aan kwam (en dit keer was het wel sterk genoeg om overtuigend te zijn). Bij “Thinking of a Place” verscheen een wit doek op de achtergrond bedekt door allerlei psychedelische kleuren om een trippy sfeer te creëren. Het nummer duurt ook meer dan tien minuten en dat bleek niet iedereen te weten. Hierdoor begonnen mensen na vier minuten al te roepen, terwijl je dan net moet zwijgen en genieten van de stilte. Respect was iets wat die personen duidelijk niet kenden, wat tot frustratie leidde bij de echte fans in de zaal. Bij “Under The Pressure” ten slotte, kregen we dan weer een euforisch gevoel door de snelle drums, de aangename saxofoon en de opgewekte ondertoon die er in leeft. Het drietal zijn stuk voor stuk eigenlijk wereldnummers en als je ze na elkaar hoort, sta je toch even met je mond open te kijken.
Naar het einde toe ging de set wat trager wat resulteerde in ons eindelijke wegdromen. Iedereen deed zijn ogen dicht en zweefde mee op de zeemzoete stem van Granduciel en de fijne orgel gecombineerd met de repetitieve gitaargeluiden die je helemaal zen maken. Het leek even alsof al onze zorgen weg waren, maar toen verdween de band van het podium en waren we toch bezorgd dat ze niet meer gingen terugkeren. Gelukkig voor ons, kregen we een bisronde van drie nummers met “Burning” als absolute hoogtepunt. Iedereen leek dit te kennen en zong het dan ook vol passie mee. Wij waren stiekem ook blij dat “Baby Missiles” nog eens de set haalde, samen met “Buenos Aires Beach” het enige nummer van de avond dat niet van hun laatste twee succesplaten kwam.

The War On Drugs bewees in Vorst Nationaal waarom het zo’n geliefde band is. Ze brengen hun muziek vol passie, leven zich helemaal in en hebben verder niets nodig om overtuigend te zijn. In Vorst kon dat muzikale aspect misschien net iets beter afgestemd geweest zijn, maar de beleving was er zeker. Zachtjes genieten met complexloze muziek die je helemaal tot rust brengt, niemand lijkt er echt een afkeer voor te hebben. Nu de band grote zalen aandoet, hadden we even angst dat het niet zou overkomen, maar niets is minder waar. The War On Drugs staat er, doet zijn ding en laat iedereen vooral melancholisch genieten.

Setlist: In Chains - Holding On – Pain - An Ocean Between The Waves - Strangest Thing - Nothing To Find - Knocked Down - Buenos Aires Beach - Red Eyes - Thinking Of A Place - Under The Pressure - In Reverse - Eyes To The Wind
Bis: Baby Missiles – Burning - You Don’t Have To Go

Ism Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun optreden in de Lotto Arena, Antwerpen op 29 november 2017 met Few Bits als support act

http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-war-on-drugs-29-11-2017/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/few-bits-29-11-2017/

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

The Dire Straits Experience

The Dire Straits Experience – Muzikale opvoeding van The Dire Straits

Geschreven door

The Dire Straits Experience – Muzikale opvoeding van The Dire Straits
The Dire Straits Experience
Kursaal
Oostende
2017-11-04
Filip Gheysen

The Dire Straits Experience - Op een zaterdag, vroeg in november, rijden we door de gietende regen naar een verzopen koningin der badsteden. Als de zaallichten van het uitverkochte Kursaal uitgaan, klinkt er opnieuw onweer uit de boxen. Lichtflitsen evoceren bliksemschichten terwijl de groepsleden in het donker hun plaats bij hun instrumenten opzoeken. Met zijn dwarsfluit opent Chris White (bandlid sinds 1985) de avond met “Telegraph Road”. Daarmee zijn we meteen vertrokken voor het eerste kwartier van de avond want het nummer wordt breed uitgesponnen. In het centrum steelt zanger/gitarist Terence Reis de show als vervanger van Mark Knopfler. Volgens White de beste vervanger van de Onvervangbare die je maar kan wensen. Reis combineert het stemtimbre en de gitaarvirtuositeit van Knopfler met de looks van Richard Gere en heeft daarmee het nodige charisma in huis. Vice versa zou het waarschijnlijk iets minder zijn.

Meteen stoomt de band uptempo verder met “Walk of Life”. We beleven een eerste hoogtepunt als Reis de National Duolian Resonator gitaar (bekijk nog eens de hoes van Brothers in Arms) boven haalt voor “Romeo en Juliet”. Dan weerklinkt een kermismuziekje uit een oude Hollywoodfilm waarmee de twee keyboards “Tunnel of Love” inzetten: Simon Carter op de rechterflank en John Mole op de linker, een nieuw bandlid waaraan alles nieuw is, zelfs zijn onderbroek (sic Chris White). Zo krijgen we een ‘Best Of’ en het publiek geniet met volle teugen. Nadat Chris White "Ostend" uitvoerig bedankt heeft voor de uitnodiging, speelt hij een intro op de saxofoon die in menige muziekquiz juist beantwoord zou worden: “Your Latest Trick”.
Dan wordt er even gas terug genomen met het akoestische “The Man's Too Strong” uit ‘Brothers in Arms’, maar eerst klaagt Reis de muziekschool aan omdat ze niets leren over het zweet dat je in de ogen krijgt op het podium… "Not that I went", besluit hij ironisch. Het siert hem dat hij zichzelf blijft op het podium en geen Copyknopfler probeert te zijn. Maar misschien kon hij toch een zweetbandje geleend hebben van zijn illustere voorganger?
Verder kwijt hij zich meer dan behoorlijk van zijn taak zoals op “Private Investigations”, niet meteen het meest eenvoudige nummer om even uit je mouw te schudden. Tim Walters op gitaar laat zich ook niet onbetuigd en geeft zich ten volle. De pijnlijke gezichten die hij soms trekt moet je erbij nemen. Bij “Once Upon a Time in the West” zorgt Paul Geary op bas voor het reggae-ritme in het nummer en daarvoor mag hij even mee schitteren op het voorplan.
Een tweede hoogtepunt is “Brothers in Arms” dat opnieuw met de dwarsfluit wordt ingezet en met een ingetogen gitaarspel van Reis hier en daar wel voor kippenvel zal gezorgd hebben. Het moet gezegd dat de sfeervolle belichting de hele avond afwisselend ‘kleurde’. Uiteindelijk verklapt Reis dat er nu al plannen zijn om het volgende jaar terug te keren en wordt er afgesloten met de eerste grote hit uit 1978, “Sultans of Swing”. Het nummer wordt flink uitgesponnen en hier moet uiteindelijk dan toch blijken dat Knopfler toch enkele treden hoger mag blijven staan dan Reis op de gitaristenladder. We gaan de pret echter niet bederven met wikken en wegen, dit is tenslotte geen consumentenmagazine!

Vooraf konden we al even spieken op de playlist en ja hoor, ook “Money for Nothing” stond erop als ‘encore’. Chris Whitten (op drums in de jaren 1991-1992) zorgt hier nog even voor een finaal hoogtepunt met een daverende intro onder één centrale spot. Intussen is het publiek uit het rode pluche gesprongen. De gangen en trappen tussen de kursaalfauteuils staan vol dansende jongeren van middelbare leeftijd met vooraan één tiener waarvan zijn pa de muzikale opvoeding wil bijspijkeren. De teugels mochten nog even gevierd worden vooraleer we met “Going Home” huiswaarts gestuurd werden.

PLAYLIST: TELEGRAPH ROAD - WALK OF LIFE - ROMEO AND JULIET - TUNNEL OF LOVE - YOUR LATEST TRICK - THE MAN'S TOO STRONG - EXPRESSO OVE - PRIVATE INVESTIGATIONS - WHY WORRY - - WHERE DO YOU THINK YOU'RE GOING - ONCE UPON A TIME IN THE WEST END - INDUSTRIAL DISEASE - TWO YOUNG LOVERS - ON EVERY STREET - BROTHERS IN ARMS - SULTANS OF SWING - MONEY FOR NOTHING - GOING HOME

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-dire-straits-experience-04-11-2017/
Organisatie: Shakalaka + Kursaal Oostende

Beoordeling

School Is Cool

School Is Cool - 80’s revival met Good News

Geschreven door

School Is Cool - 80’s revival met Good News
School Is Cool
Trix
Antwerpen
2017-11-03
Simon Van Herzele

School Is Cool heeft een nieuw album uit , ‘Good News’ , en dat ‘Goed Nieuws’ nemen we best met een korreltje zout … In oktober kwamen ze hun pareltje al voorstellen in Café Commerce en in Het Depot, Leuven. De uitverkochte Trix Club Antwerpen was nu aan de beurt.

High Hi mag de avond openen. Het trio schopte het in 2014 tot de finale van Humo’s Rock Rally en De Nieuwe Lichting om vervolgens na de release van hun debuut-EP, zich een jaar lang terug te trekken als ‘artists in residence’ bij Trix. Hieruit volgde begin dit jaar hun debuutalbum ‘Hindrance’. Dat album maakte al een sterke indruk op ons en de band bevestigde dit gisteren nogmaals met een enorm sterke live set. Vorige week zagen we ze al eens aan het werk in de AB als voorprogramma van Equal Idiots. Deze week stonden ze even extatisch rond te springen, maar klonk hun geluid nog net dat tikkeltje voller. Met een overvloed aan energie en hitmateriaal als “Baseball Fights” en “Islands Full Of Gold” was High Hi de perfecte opwarmer.

Met een langgerekte (of waren we gewoon ongeduldig?) ‘Stranger Things’-achtige synthesizerintro beklimt School Is Cool het podium. Deze intro vloeide subtiel over in “Run Run Run Run Run”. Hoewel we ons voornamen om de (intussen cliché geworden) vergelijking achterwege te laten, konden we met deze 80’s vibe en kleurrijke lichtshow niet om Arcade Fire heen.
De eerste twee songs werden met heel wat overtuiging gebracht maar misten wat kracht waardoor we niet meteen volledig omver geblazen werden. Zo getuigde de makke reactie van het publiek nadat Johannes Genard ‘Jullie kunnen niet geloven hoeveel zin wij hebben in dit optreden’ uitkraaide. De twijfelaars kregen echter ongelijk wanneer “If So” werd ingezet. Wat volgde was een uitverkochte Trix Club die tot een grote dansvloer werd omgebouwd.
Omdat violiste Justine Bourgeus met Tsar B het solo-pad op ging, kwam Michaël Lamiroy van Tin Fingers de liveband vervoegen. Met zijn sterke backing vocals en multi-instrumentale talenten draagt hij een serieuze steen bij aan de live ervaring die School Is Cool brengt. Hiernaast kwam in de helft van de set ook High Hi’s drummer Dieter Beerten met de band spelen waardoor de groep plots met zijn zessen op het podium stond.
Met “Warpaint” bereikt de set een hoogtepunt die voor het komende halfuur niet meer losgelaten zou worden. ‘Ha! Ha!’ werd heerlijk meegeschreeuwd en met behulp van een kleurrijk lichtspel en een overvloed aan stroboscopen werd de zaal nogmaals aan het dansen gebracht. School Is Cool hield de avond boeiend met tempowisselingen. Rustigere songs als “Fight Of The Century” en “I’m Not Fine” bewezen dat de band naast hun talent voor het bouwen van feestjes ook op meerdere vlakken muzikaal ijzersterk is.
“Trophy Wall”, “The World Is Gonna End Tonight” en “New Kids In Town” werden bij de eerste noot met luid gejuich onthaald en vervolgens luidkeels meegezongen van de voorste tot de laatste rij. Bij dat laatste nummer werd er zelfs zo enthousiast op en neer gesprongen dat het ons niet zou verbazen moest er een kleine aardbeving ontstaan zijn.
Wanneer de band het podium na een klein intermezzo terug opkomt voor hun bis-nummers riep toetseniste Hanne Torfs ‘Dit is echt mega zalig!’ door haar microfoon. Wel Hanne, dat vonden wij er ook van. Hoe uitgelaten de zaal twee minuten eerder was, zo stil is ze bij het ingetogen “Black Dog Painting”. Wanneer de song tegen zijn einde aan een sci-fi-achtige opgepompte beat meekrijgt, kon het feestje weer beginnen.
Afsluiten deed School Is Cool met “All Is Fair In Love And War” inclusief corny saxofoon solo, voor als de 80’s vibe nog niet compleet genoeg was.

Zonder al te veel allures maar met een overvloed aan enthousiasme, toewijding en dansbare muziek wist School Is Cool de Trix Club om te toveren tot één gigantische dansvloer. ‘Good News’ sloeg duidelijk aan en de mensenmassa kon met vermoeide benen en een grote glimlach huiswaarts keren.
Moest u na het lezen van deze review ook zin hebben gekregen in een feestje, kan je de band op 27 december nog live aan het werk zien op Zebrawoods in Gent.

Setlist: Run Run Run Run Run - In Want Of Something - If So - AK-47 - Underrated/Underfed - I’m Not Fine - Whirled Music – Entertainment – Warpaint - Bad Behaviour - Fight Of The Century - Trophy Wall - The World Is Gonna End Tonight - New Kids In Town - Black Dog Painting - All Is Fair In Love And War

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

The Dream Syndicate

The Dream Syndicate - Wynn for Life!

Geschreven door

The Dream Syndicate - Wynn for Life!
The Dream Syndicate
Depot
Leuven
2017-11-03
Geert Huys

De achteruitkijkspiegel van de popgeschiedenis is onverbiddellijk. De meeste bands die na een paar decennia radiostilte nog eens een album ophoesten storten zich doorgaans in een risicovolle onderneming die gedoemd is om op een artistieke sisser uit te draaien. Met ‘How Did I Find Myself Here?’ heeft het Amerikaanse indie instituut The Dream Syndicate zonet voor dé uitzondering op die ongeschreven regel gezorgd.

Wat in 2013 nog leek op een éénmalige reünie bleek achteraf de eerste steenlegging van een vijfde volwaardig studio album, 29 jaar na de redelijk onderschatte zwanenzang ‘Ghost Stories’. Met de onvolprezen frontman Steve Wynn als quality manager van dienst werd het ‘oude wijn in nieuwe zakken’ syndroom feilloos omzeild. Wie afgelopen vrijdag de weg vond naar Het Depot in Leuven kan het beamen: ‘How Did I Find Myself Here?’ klinkt vertrouwd maar toch vernieuwend, beheerst maar toch gretig, hors categorie en dus toch maar weer voer voor de eindejaarslijstjes.
De zware wallen onder de ogen van een opvallend tengere Steve Wynn verraden dat de herenigde veteranen op het eind van een intense Europese tour zitten. Tijdens zijn solo optredens (met of zonder The Miracle 3) ontpopt Wynn zich doorgaans al snel tot een goedlachse entertainer, maar The Dream Syndicate is andere koek. Het eerste halfuur in Leuven staat stijf van spanning en dreiging, en contact met het publiek is er amper. De groep begint wat onzeker, maar wint met elk volgend nummer zienderogen aan scherpte en impact. Tussen de onheilspellende opener “Halloween” en de ontstuimige nieuwelingen “The Circle” en “80 West” gaapt een kloof van 35 jaar, maar toch vormen ze een perfect match. Het lijkt meteen ook de conclusie voor de rest van de avond: krakers uit de legendarische Paisley Underground periode en nieuwe nummers wisselen elkaar in ijl tempo af en gaan nagenoeg naadloos in elkaar over.
Na een halfuurtje herinnert Wynn zich plots dat hij en zijn makkers in 2013 op ditzelfde podium één van hun eerste Europese reünieshows hebben gespeeld, en vanaf dan lijkt de ban wonderwel gebroken. De hitsige gitaarduels tussen Wynn en het veel jongere snarenwonder Jason Victor (tevens diens trouwe sidekick in The Miracle 3) geruggesteund door de ervaren ritmetandem Mark Walton (bas) en Dennis Duck (drums) waren toen de sterkhouders van The Dream Syndicate v2.0, en die mayonaise pakt nu nog steeds. Oudjes “Burn” en “Armed With An Empty Gun” lieten er geen twijfel over bestaan: de muzikale progenitors heten nog steeds The Velvet Underground en Neil Young & Crazy Horse. Was dit dan dezelfde strakke show als vier jaar geleden? Neen, want Wynn haat nu eenmaal herhalingsoefeningen en haalde daarom zijn Paisley maatje en keyboards maestro Chris Cacavas (ex-Green On Red en co-producer van de nieuwe plaat) als vijfde man aan boord om wat extra shades of grey toe te voegen. Het met fraaie pianoriedeltjes versierde rustpuntje “Just Like Mary” won hierdoor aan subtiliteit, een bijna onherkenbaar “Medicine Show” schakelde twee versnellingen hoger en kreeg een dosis Suicide madness toegediend, en tijdens het ruim tien minuten durende titelnummer van het nieuwe album waagde de groep zich aan een freaky psychrock workout met Cacavas in de rol van Doors icoon Ray Manzarek.
De namedropping werkte even goed in de omgekeerde richting. Neem nu het kale baslijntje dat “That’s What You Always Say” op gang trok, daar hebben Pixies ooit een halve carrière op gebouwd. Of de opgefokte countrypunk van “The Days Of Wine And Roses” met Wynn in de wat atypische rol van manische predikant: dichter bij generatiegenoten The Gun Club is The Dream Syndicate nooit meer geraakt. Deze signature song is sinds jaar en dag de traditionele afsluiter van het hoofdmenu, maar elke doorgewinterde fan weet dat Wynn altijd een bisronde of twee in petto heeft.
Tijdens dat fameuze laatste halfuur volgden hoogtepunten én verrassingen elkaar in ijl tempo op. Het beste nummer vanop de nieuwe schijf, “Glide”, kreeg een shoegaze anorak aangemeten door feedback wizard Jason Victor en haalt de donkerste observaties van Wynn naar boven: “At this place where I’m hanging now.
Corruptible, destructible. Capable of breaking, being broken. I may not be ready for what you’ve got to give”. En wat dan te denken van het door Wynn solo aangesneden “When The Curtain Falls”, het afsluitende nummer van ‘Ghost Stories’ (’88) waarna The Dream Syndicate zichzelf ruim een kwarteeuw lang het zwijgen zou opleggen. In cult classic “Boston” zat een flard van Tom Petty’s “Refugee” verwerkt, een woordenloze knipoog én een kippenvel tribute aan één van Wynn’s muzikale helden.

De indie veteranen besloten de avond daar waar het allemaal begon. Het onheilszwangere “When You Smile” en de garagepunk uppercut “Definitely Clean”, beiden uit de onvolprezen debuutschijf ‘The Days Of Wine And Roses’ (’82), maakten de twee uur grasduinen from past to present netjes vol. In Leuven werd alles wat we vooraf hoopten zonder dralen bevestigd: de levensvatbaarheid van The Dream Syndicate v2.0 is geen fake news maar een onvervalste Wynn for life.

Organisatie: Depot, Leuven

Beoordeling

Pagina 148 van 386