Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Gavin Friday - ...
Concertreviews

The Kooks

The Kooks - Vijfgangenmenu boordevol lekkers

Geschreven door

The Kooks zijn al meer dan tien jaar bezig. “Hoog tijd om een ‘best of’-tour te ondernemen”, dachten ze. Deze hield ook halt in de AB Brussel. De grote zaal was volledig uitverkocht en had een gemiddelde leeftijd van rond de twintig jaar. Velen beleefden er jeugdsentiment, anderen kwamen er voor het eerst hun idolen aan het werk zien. Wat het ook mag zijn, iedereen ging met een goed gevoel naar huis. Alle hits passeerden en de band speelde vol vuur. We hoorden achteraf dan ook niemand klagen.

Vooraleer The Kooks van jetje mochten geven, kregen we een geweldig voorprogramma. De mannen van Blossoms kunnen met gemak al de kleine zaal van de AB alleen vullen, dus het is mooi meegenomen om ze nog eens als voorprogramma te zien. De band is gegroeid en brengt hun nummers in stijl en body. Door hier en daar een gitaarsolo en meezingmomentje te creëren, bleken ze de perfecte opwarmer voor The Kooks. Puik werk, jongens.

Een gigantisch doek bedekt het podium voor de band het podium betreedt. We zijn nu al benieuwd wat voor spektakel er op dat podium te zien zal zijn. Met een instrumentale intro en gespeel met schaduw, hitst The Kooks het publiek helemaal op. Eens de gitaren beginnen te knallen op “Eddie's Gun” en het doek naar beneden valt, start het feest in de zaal met een springerige bende die zich duidelijk amuseert. De vlam is meteen in de pan en die zal blijven branden tot het eind van de show. Er passeren drie songs van het debuut ‘Inside In / Inside Out’, meteen ook de plaat die over de rest van de avond het meest frequent wordt gespeeld.
Een verrassende tweede plaats is weggelegd voor ‘Listen’, hun laatste plaat uit 2014. Daaruit speelt The Kooks maar liefst zeven nummers, terwijl de andere albums ’Konk’ en ‘Junk Of The Heart’ bijna volledig genegeerd worden met respectievelijk drie en twee liedjes. Op zich zou dat geen probleem zijn, ware het niet dat de nummers uit de laatste plaat toch wel sfeerbrekers bleken bij momenten. Zo haalde “Westside” alle energie uit de set die net was ontstaan dankzij “Always Where I Need To Be” en was “Sweet Emotion” nu ook niet om over naar huis te schrijven. Eén nummer bleken ze helemaal anders te brengen dan op plaat. “Rosie” werd gestripped naar enkel een piano en een gitaar met twee stemmen. Het bleek wel te werken, al was de inval van drums en basgitaar na enkele minuten toch noodzakelijk om de aandacht er bij te houden.
Tot daar de kommer en kwel, want de rest van de set zat goed in elkaar. Luke Pritchard bleek in een goeie bui want hij zat van begin tot eind als een energiek konijn rond te springen. Het leek er op dat hij zich oprecht  amuseerde op het podium, wat de show alleen maar sterker maakte. Verder was er niet veel te zien op het podium, dat sober aangekleed was met enkel een draadloze radio die één keer een rol speelde in de set. Dat was nadat Luke het emotionele “See Me Now” op de piano had gebracht en iedereen plots van het podium verdwenen was. Via de radio werd de intro gespeeld van “Sweet Emotion” om zo het publiek wat op te fokken.

Iedereen in de zaal beleefde duidelijk de avond van zijn of vooral haar leven. Bij elk nummer dat gekend in de oren klonk, schreeuwde iedereen het uit van blijheid. Een eerste golf van euforie kwam er bij “She Moves In Her Own Way” en zo ging dat verder bij “Ooh La” en natuurlijk “Always Where I Need To Be”. Daarnaast waren songs zoals “Sway” en “Seaside” emotionele hoogtepunten voor de breekbare zielen in de zaal. De set was perfect uitgedokterd en begon energiek, ging daarna wat meer dansbaar te werk om vervolgens via een breekbaar intermezzo terug over te gaan naar de springerigheid van het begin.
Het einde van de set kon weliswaar beter want met “Westside” en “Junk Of The Heart (Happy)” was het niet echt een euforisch einde. Toch was ook hier iedereen gelukkig met de muziek. Zo'n gevoel is fijn en als je dat kan creëren met je muziek, ben je meer dan geslaagd. Hoewel de band na de bis wel even wegbleef, kwamen ze nog terug voor drie nummers. Met “Around Town” konden we nog een laatste keer wat exotische moves bovenhalen om daarna bij “Shine On” en vooral “Naive” nog eens onze beste zangstem boven te halen.

The Kooks brachten in de AB een ‘best of ‘ met (bijna) alle hits die je wilde horen. Het was energiek, boordevol passie en het leek er zelfs op dat de band helemaal herboren was. Luke Pritchard ging af en toe als een bezetene te werk en toonde dat hij nog steeds kan dansen alsof hij twintig jaar was .
De perfecte set was het niet, maar het was zeker een goed optreden en we zijn er zeker van dat iedereen die aanwezig was er van genoten heeft. Leuke songs, een danske hier en daar en vooral veel meezingen. De hese stemmen na het concert zullen hiervan een leuke herinnering zijn.

Setlist: Eddie’s Gun - You Don't Love Me - Sofa Song - Bad Habit – Down - She Moves In Her Own Way - Be Who You Are - See The World - Forgive & Forget - Ooh La – Sway – Rosie - See Me Now - Sweet Emotion – Matchbox - Broken Vow – Seaside - Always Where I Need To Be – Westside - Junk Of The Heart (Happy)
Bis: Around Town - Shine On – Naive

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Arno

Arno in zijnen puren

Geschreven door

Gepaard gaande met een ronduit fantastische tentoonstelling naar aanleiding van het veertig jarig bestaan van de Brielpoort, moest en zou onze lokale prettig gestoorde lokale legende Arno passeren. Je zou verdomme al vergeten zijn welke artiesten hier al de revue hebben gepasseerd: Lenny, Black Crowes, Iggy, Jesus and Marychain, en noem maar op.

Onze Man Die Stotterend Pist En Praat kwam voor de negende keer naar de bunker, ook Brielpoort genaamd. Het was boenk er op ! Een eivolle zaal (vooral grijsharigen) was getuige van deze ‘wall of sound’. Arno liet zich omringen door zijn vaste bassist van de laatste jaren, Mirko Banovic en door twee jonge muzikanten : drummer Laurens Smagghe, die ik vroeger ook al zag drummen bij Arno en gitarist Bruno Fevery, die voor de eerste keer samen met de godfather op het podium stond.

Mirko was de orkestleider, de dirigent, die alles in zeer goede banen leidde. Samen met deze jonge snaken bracht hij de TC Matic sound weer tot leven : old school rock, bluesrock met een industriële sfeer erin. Vreemd genoeg geen Sege Feys te bespeuren. Ze gaven de hoekige pop van TC Matic nieuw leven.

Arno zei bij het begin van het concert dat hij “godverdomme goeste had” . Arno  liet 18 nummers op ons los, 12 uit het TC Matic repertoire, 4 vettige, gedreven bluesrock nummers van Tjens Couter en 2 nummers uit 2 zij projecten (Charles and the White Trash European Blues Connection en Arno & The Subrovnicks).

Anderhalfuur stevige stuwende rock, luid maar niet te…, sobere belichting,… “Arno in zijnen puren” zou ik durven zeggen. Hij vierde tevens ook het veertig jarig bestaan van zijn ‘Gimme What I Want’ in een fantastische versie. Zoals vermeld een fantastische band achter hem. Maar toch kregen we even het gevoel dat Arno zichzelf aan het parodiëren was, vooral met zijn uitsmijter waarbij hij voorspelbaar zogenaamd halfdronken zijn twee cymbalen aanslaat. Blijf verder borduren op de try out met Tjens Matic in de AB Box.

Organisatie: Live Nation (ism Stad Deinze)

 

Beoordeling

Simple Minds

Simple Minds – Uitgekleed maar nog niet uitgezongen

Geschreven door

 Artiesten die tijdens radio- en televisieprogramma’s één of meer nummers akoestisch brengen, dit bestaat al enkele decennia maar de populariteit hiervan nam sinds eind de jaren ’80 zienderogen toe. Aanvankelijk werd dit vooral beschouwd als een meer praktische manier voor groepen om nieuw materiaal te promoten (minder personeel en materiaal diende mee te reizen) maar gaandeweg werd een ‘unplugged’ sessie zelfs als een doel op zich gezien. Niet alleen aangestuurd vanuit de media maar ook de muzikanten zelf vonden in deze formule een welgekomen afwisseling na het afhaspelen van een zoveelste interview met almaar dezelfde, terugkerende vragen. In die voedingsbodem ontstond overigens de Nederlandse ‘2 Meter Sessies’ dat volgende maand met ruim 1550 sessies op de teller, 30 kaarsjes mag uitblazen en ook ver buiten de grenzen van de Lage Landen een bijzonder hoge reputatie geniet.
Het ‘unplugged’ gebeuren groeide in de jaren ‘90 internationaal zelfs uit tot een ware hype toen ook muziekzender MTV met bijzonder grote bijval een apart programma hieraan wijdde. De grootsten der aarde kwamen er op bezoek en grepen binnen een intieme setting de kans om hun oeuvre maar ook - en bovenal – hun bankrekening te verrijken, gretig aan. Want de albums die er uit voortvloeiden, ging vlotjes over de toonbank en bepaalde nummers werden in hun uitgeklede versie nóg beroemder dan ze in vol ornaat al waren. Treffende voorbeelden hiervan zijn “Layla” van Eric Clapton of de covers die Nirvana bracht tijdens hun sessie enkele maanden voor het overlijden van Kurt Cobain. Daar tegenover stonden dan weer de tegenstanders van dit genre die opwierpen dat het niet meer dan een forum was om artiesten die zich in de herfst van de carrière bevonden, nog een laatste stuiptrekking te gunnen vooraleer zij in een diepe winterslaap vielen.


Toen eind vorig jaar Simple Minds ‘Acoustic’, hun 18de studioalbum (inclusief de intussen niet meer zo ‘verloren’ plaat ‘Our Secrets Are The Same’), uitbracht met daarop uitgeklede en herwerkte versies van enkele van hun grootste successen of favoriete nummers, kon dit dan ook bezwaarlijk vernieuwend genoemd worden. Maar het verschafte wel een nieuwe inkijk op het werk van deze groep die het doorgaans vooral moet hebben een dikke laag synthesizers, elektrische gitaarriffs en strakke drumslagen.   

Naar eigen zeggen ging er volgens de groepsleden geen echte commerciële drijfveer aan vooraf en van een palliatieve begeleiding bij een mogelijks carrièrebeëindiging zou er al helemaal geen sprake zijn. Simple Minds loopt reeds 20 jaar met het idee rond om ‘iets’ akoestisch te doen (met als exponent de eerste 2,5 minuten van « Belfast Child » uit 1989) maar alle verdere initiatieven werden steevast in de kiem gesmoord bij het beeld dat de groepsleden hierbij hadden van enkele oudere mannen die uitgeblust, op stoelen gezeten en omringd door kaarsen met akoestische instrumenten in de weer gingen met zicht op een indommelend publiek. Maar toen zij in 2014 naar aanleiding van de promotie van hun vorige plaat ‘Big Music’ akkoord gingen om een viertal nummers akoestisch te brengen tijdens The Chris Evans Breakfast Show op BBC Radio 2, kwam alles in een stroomversnelling. De reacties van de luisteraars bleken overweldigend positief te zijn en dit nam nog toe na hun optreden tijdens het Zwitserse festival Zermatt Unplugged. Dit mondde uit in een volledig ‘Acoustic‘ album en er werd een uitgebreide tournee aan verbonden die de groep ook driemaal naar ons land zou brengen. Meer bepaald werden er twee concerten in Kursaal Oostende en eentje in de Brusselse Bozar ingepland. En dat Simple Minds sinds hun doortocht in de jaren ’80 op het dubbelfestival Torhout-Werchter hier ten lande 30 jaar na datum nog steeds op handen gedragen worden, kwam tot uiting toen alle tickets in een mum van tijd uitverkocht waren en zelfs een extra concert niet voldoende bleek om aan de vraag te voldoen.

Afgelopen vrijdag vond in Oostende het eerste deel van het Belgische drieluik plaats en meteen werd duidelijk dat de groep niet zou nalaten om het publiek bij het nekvel te grijpen en ook al hadden ze hun stadionstatus in Glasgow achtergelaten, om een staaltje van entertainmentkunst aan de zeedijk te komen etaleren.
Zo werd meteen ingezet met « New Gold Dream (81-82-83-84) ».
Terwijl deze klassieker in een reguliere set naar het einde toe als extra troef uitgespeeld wordt, werden nu meteen alle kaarten op het podium gegooid. Nieuwkomer Cherisse Osei (o.a. Mika, Paloma Faith en Bryan Ferry) zette met volle overtuiging het nummer in op percussie waarna de overige groepsleden haar kwamen vervoegen. Frontman Jim Kerr betrad als laatste het podium en ging zich meteen een weg banen doorheen de zaal om aan te tonen dat akoestisch geen synoniem van dufheid hoeft te zijn en waarbij het publiek zich spontaan uit de knusse rode zeteltjes hees. Ook nadien zou Kerr nog geregeld de tijd nemen om tussen de nummers door  anekdotes te vertellen over hun 40-jarig (!) bestaan waarbij niet zelden vergezeld van een kwinkslag, teruggeblikt werd op hun prille jaren waar haar- en overgewichtproblemen nog niet aan de orde waren maar evengoed op de periodes toen de groep commercieel minder goed in de markt lag.
Door deze aanpak verkleinde de afstand met de volgelopen zaal nog meer en voelden de nummers veel persoonlijker aan dan de versies zoals te horen op het nieuwe ‘Acoustic’, een album fijn om te beluisteren maar geen absoluut hoogtepunt binnen de discografie van Simple Minds.
Hierdoor was wat volgde in de set, niet minder dan goed: « See The Lights » met subtiel gitaarspel van Charlie Burchill en « Glittering Prize » dat een extra soultoets meekreeg door de achtergrondvocalen van Sarah Brown en fraai ingekleurd werd door de fingerpicking techniek van bassist Geb Grimes (ex-Danny Wilson). Zelfs een uitgesponnen « Mandela Day » dat live soms wat vreemd aanvoelt bij de rest van de setlist, kwam nu beter tot zijn recht. Maar echte uitblinkers vormden de nummers die een volledige transformatie ondergingen zoals « Chelsea Girl » dat ontdaan werd van alle uiterlijk vertoon van new wave en klonk alsof het steeds akoestisch bedoeld was, en « Big Sleep » dat subtiel laag per laag opgebouwd werd en (letterlijk) uitmondde in een melodica bespeeld door Gordy Goudie (die al ruim 15 jaar met de groep samenwerkt en ook met o.m. Echo & The Bunnymen getourd heeft). En dan moest « Waterfront » nog de revue passeren waarbij de wervelwind der klanken gebaseerd op een repetitieve baslijn,  plaatsmaakte voor een zomers en dromerig briesje.
Er was traditiegetrouw ook ruimte voor enkele covers. Dat Simple Minds altijd al de veelzijdigheid van David Bowie hoog in het Schotse vaandel draagt, is al langer bekend (hun groepsnaam is overigens ontleend aan een fragment uit « The Jean Genie ») en afgelopen vrijdag zong Goudie dan ook als eerbetoon Bowies « Andy Warhol » (uit ‘Hunky Dory’). Inclusief  een stukje intro waarop Bowie te horen is als hij in de studio uitlegt hoe de naam Warhol uitgesproken wordt. Aansluitend nam Sarah Brown « Let The Day Begin », oorspronkelijk van The Call en inmiddels terug te vinden op twee albums van Simple Minds, voor haar rekening.
Vooraleer richting de toegiften te gaan, werd het vuur dan weer aan de lont gestoken met het soul- en gospelgetinte « Stand By Love », het onvermijdelijk « Don’t You (Forget About Me) » en het opzwepende « Sanctify Yourself ».

Op weg naar de finish riep men ook centrale gast KT Tunstall erbij om net als in het voorprogramma waarbij ze gedurende een halfuurtje als één brok energie en een vat vol enthousiasme een erg aanstekelijk optreden weggaf met o.a. « Two Way » en « It Took Me So Long To Get Here, But Here I Am » uit haar vorige album ‘Kin’ (2016) alsook haar twee hits
« Black Horse And The Cherry Tree » en « Suddenly I See ». Daarbij verschafte ze heel wat achtergrondinfo bij de nummers, goochelde met de effectpedalen alsof het een lieve lust was (wat zeker de goedkeuring van experten ter zake zoals Joseph Arthur of Ed Sheeran weggedragen had) en drapeerde een onbezonnen en uitgelaten sfeer over het Kursaal. Dit laatste was zeker ook het geval toen Tunstall als een jong en uitgelaten veulen meezong en -danste tijdens « Promised You A Miracle » (ook op het ‘Acoustic’ album verzorgt zij de achtergrondvocalen) en dit nog eens mocht overdoen bij « For What It’s Worth » toen ze samen met de groep een onderhoudende maar eigenlijk overbodige cover van het onovertroffen origineel van Buffalo Springfield vertolkte.

Een spetterend « Alive And Kicking »
deed het voormelde minpunt snel vergeten en bezorgde een kolkend Kursaal een afsluiter waar het op gehoopt had. Qua symboliek kon dit overigens tellen want Simple Minds toonde aan nog niet aan pensioen toe te zijn (er zouden al enkele afgewerkte nummers voor een volgend album op de plank liggen). Na vier decennia met hoogte- en dieptepunten en diverse personeelswisselingen, zijn zij er in geslaagd overeind te blijven en bieden ook live hun fans nog steeds (bij wijlen nostalgisch) entertainment. Op de tonen van « Let’s Stick Together » van Bryan Ferry (een knipoog naar drumster Osei?) nam de groep afscheid van hun aanhang. België en Simple Minds zullen wellicht altijd innig verbonden blijven.

Setlist
New Gold Dream (81-82-83-84) / See The Lights / Glittering Prize / Mandela Day / Chelsea Girl / Big Sleep / Stand By Love / Someone Somewhere In Summertime / Waterfront / Andy Warhol / Let The Day Begin / The American / Don't You (Forget About Me) / Sanctify Yourself
Honest Town / Promised You A Miracle / For What It's Worth / Alive and Kicking

Organisatie: Live Nation
 

Beoordeling

The Blind Shake

The Blind Shake - Eén brok tomeloze energie

Geschreven door

Voor een iets te magere opkomst (daar zal de moordende concurrentie van zowel De Zwerver als The Pit’s, die diezelfde avond allen in dezelfde vijver visten, wel voor iets tussen zitten) mochten eerst Doorniks fijnsten, Sects Tape, hun nieuwe plaat met de heerlijke titel, ‘We’re all pink inside’, voorstellen. Deze religieuze organisatie, bestaande uit The Guru en vier volgelingen getooid met roze KKK-mutsen, vlogen er meteen in met een ongecompliceerde mix van garagerock, punk, hardcore en surf. Immer voortdenderende nummers gestuwd door pompende drums en voorzien van lekker galmende surfgitaren , konden ons hart wat sneller laten kloppen maar de uitzinnige taferelen die hier doorgaans mee gepaard gaan bleven wegens een wat overmaatse zaal uit. Net toen het wat teveel van hetzelfde dreigde te worden haalden ze het tempo naar beneden en dat zonder op hun bek te gaan. Wel integendeel, vooral dat ene traag startende nummer met een gitaar die gepikt leek uit het graf van Link Wray moet zowat het beste van de ganse set geweest zijn.

De muziek van The Blind Shake, het trio rond de broertjes Blaha uit Minneapolis, wordt nogal eens omschreven als surfpunk. Veel surf heb ik evenwel niet gehoord, dit was vooral postpunk met veel noise invloeden gebracht met een garage attitude. Misschien moeilijk te catalogeren maar één ding werd wel meteen duidelijk : dit was een echte live band. Wat een brok tomeloze energie!
Vanaf het eerste nummer, “I shot all the birds”, wist je dat dit goed zat. Catchy, fuzzed out punksongs voortgestuwd door waanzinnige drums en de voortdurend prominent aanwezige, wild resonerende bariton gitaar van Mike Blaha. Geen bas dus maar deze bariton gitaar is een stuk soepeler en zorgde voor het opzwepend karakter van hun eigenzinnige sound.
Broer Jim liet op zijn beurt zijn gitaar bijna verzuipen in spacey effecten terwijl hij zijn teksten nijdig krijsend door de microfoon joeg. En of dit werkte... Dit klonk verrassend aanstekelijk en liet zelfs de heupen niet onbewogen. Wat springerig ook waardoor ik meende wat invloeden van Devo te horen.
Slechts een paar keer liep het wat minder toen het echt wel te poppy werd. Maar dat werd dan weer snel goedgemaakt door een paar nummers waarin het gaspedaal wat gelost werd en die gehuld waren in een mysterieuze en broeierige atmosfeer. Wat bewees dat ze zoveel meer zijn dan zomaar een punkbandje. Na een strakke en verrassend sterke set sprong Mike Blaha meteen van het podium om koers te zetten naar de merchandise stand.
Geen ruimte dus voor bissen en daar kon het enorme gebulder van het publiek, dat lang bleef aandringen, niets aan verhelpen.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Beoordeling

Depeche Mode

Depeche Mode – Net niet goed genoeg …

Geschreven door

Ze staan geboekstaafd als één van de populairste groepen uit de elektronische muziekgeschiedenis, en dinsdagavond hadden ze een afspraak met hun fans in een al maanden uitverkocht Sportpaleis. We hebben het uiteraard over Depeche Mode, ooit nog bijna weggehoond toen ze als one hit wonder in de jaren tachtig van vorige eeuw voor de eerste maal de affiche van Torhout-Werchter sierden. De tijden zijn (gelukkig) veranderd…

Antwerpen was de Belgische halte van de ‘Global Spirit’-wereldtournee die de band momenteel onderneemt, naar aanleiding van hun veertiende studioalbum ‘Spirit’ dat in maart van dit jaar het levenslicht zag. We betwijfelen echter of iedereen in de zaal de nieuwe nummers die gespeeld werden, zoals opener “Going backwards”, het poppy dansriedeltje “So much love” of “Poison heart”, al gehoord had op voorhand. Met uitzondering wellicht van de single “Where’s the revolution”, die zeker de potentie in zich draagt om uit te groeien tot een toekomstige klassieker in het oeuvre van DM. Misschien besefte de band zelf ook wel dat de meeste bezoekers niet echt zaten te wachten op materiaal uit hun meest recente platen, en dat weerspiegelde zich dan ook in de setlist van dit optreden.

Een optreden dat ons om meerdere redenen zal bijblijven trouwens. Dat het dinsdag de 55ste verjaardag van zanger Dave Gahan was, werd door zijn mede-bandleden (special voor de weinige toeschouwers die er nog niet van op de hoogte waren) geëerd door een obligaat ‘Happy birthday’ in te zetten. Gahan zelf genoot vanzelfsprekend van de extra aandacht, en als volleerd volksmenner had hij er weinig moeite mee om de fans te doen meezingen en -dansen. Zijn gekende pirouettes waren ook weer van de partij, maar voor het overige moet ons toch van het hart dat de zanger (net als de andere bandleden trouwens) weinig communicatief was vanavond en bijvoorbeeld ook opvallend weinig gebruik maakte van de uitloopbrug voor het podium. Bij momenten bekroop ons zowaar een ‘automatische piloot’-gevoel en leek het alsof Depeche Mode hier een verplicht nummertje stond af te werken…
Van de eerste, wisselvallige helft van de show - waarin niet toevallig ook het merendeel van het recente songmateriaal geconcentreerd zat - onthouden we vooral goeie versies van “Barrel of a gun”, “A pain that I’m used to” en vooral “In your room”.
Daarna nam gitarist Martin Gore gedurende twee knappe, ingetogen songs de hoofdrol over van Dave: “Home” en vooral de akoestische versie van “A question of lust” konden ons meer dan bekoren. Iets later schakelde de groep dan weer een versnelling hoger en kregen ze (eindelijk) gans de zaal mee, met bekende nummers als “Wrong”, “Everything counts” en “Stripped”. En met publieksfavorieten “Enjoy the silence” en “Never let me down again” werkten ze naar een voorspelbare maar gesmaakte climax toe.
In het eerste bisnummer, het mooie “Somebody”, mocht Martin weerom schitteren. En na “Walking in my shoes” bewees Dave dan weer dat hij in staat is om op een respectvolle manier “Heroes” van David Bowie live te zingen zonder uit de bocht te gaan. Niet evident.

Met “I feel you” en “Personal Jesus” kwamen we vervolgens aan het eind van een goed optreden, maar… het had iets meer mogen zijn in ruil voor de ticketprijzen die tegenwoordig voor dit soort massaconcerten gangbaar zijn.
We zijn misschien verwend na al enkele keren Depeche Mode gezien te hebben in het verleden, maar van een groep die al zo lang meedraait op dit niveau mag je toch verwachten dat ze wat minder routineus, wat verrassender en wat vernieuwender uit de hoek komen. Of niet soms?

Met dank aan Darkentries www.darkentries.be
http://bit.ly/2pVNnXB  

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Anderson .Paak

Anderson .Paak & The Free Nationals - Een onmogelijk te overtreffen show

Geschreven door

Wie zin had om te dansen, te shaken en te grooven, moest aanwezig zijn in de Ancienne Belgique , Brussel, waar de hipste kerel van het moment een show van jewelste speelde. We hebben het uiteraard over Anderson .Paak, die zonder enige moeite, de zaal negentig minuten lang wist te entertainen. We werden letterlijk van begin tot einde omver geblazen. Zonder twijfel één van de beste shows van het jaar.

De zaal is zo goed als vol wanneer de lichten uitgaan en de band het podium opkomt. Zowat de ganse zaal gaat volledig uit de bol wanneer de toetsenist het publiek aanspreekt en vraagt om Anderson .Paak met een overweldigend applaus te verwelkomen. En ja hoor, vanuit de rook verschijnt Anderson .Paak met een big smile op z’n gezicht. Hij groet het publiek en het feestje kan officieel van start gaan.
We zagen al vaak optredens die van start gingen met een klepper, maar toen hadden we deze man duidelijk nog niet live gezien. Met “Come Down” gaat de festiviteit van start en de meeste mensen hun benen beginnen automatisch mee te bewegen op de beats van de muziek. De mensen die op het balkon staan, kunnen zichzelf amper inhouden en hangen nu al half naar beneden, de sfeer zit duidelijk meteen op en top.
Het eerste nummer komt tot z’n einde en op dat moment beslist de band om de intro van “The Next Episode” van Dr. Dre in te zetten. Net wanneer de drop eraan komt, gaat de band over naar “The Waters” en even is er een blijk van ontgoocheling, maar die maakt al snel plaats voor euforie en bewondering. We zijn nog maar enkele minuten ver, maar Anderson .Paak heeft nu al de harten van iedereen in de zaal gestolen.
Na enkele nummers is het zover, de charmante zanger ruilt zijn microstatief in voor zijn drumstel. Laat ons dan ook maar meteen eerlijk zijn, als er één iets is waar onze mond van openvalt, is het het feit dat Anderson .Paak het drummen en het zingen feilloos met elkaar kan combineren, doe het hem maar na. De Ancienne Belgique is ondertussen omgetoverd tot een danstempel, waarin er een onbeschrijfelijke sfeer heerst.
Anderson .Paak verwent  z’n fans vanavond met nummers van zowel z’n eerste plaat ‘Venice’, alsook van z’n tweede album ‘Malibu’, iets wat de fans duidelijk kunnen appreciëren, aangezien ze ieder nummer van begin tot einde meebrullen. Het hoogtepunt van de avond is wanneer “The Bird” en “Am I Wrong” vlotjes na elkaar worden gespeeld. Alles klinkt gewoon heel erg smooth, al is ‘sexy’ misschien wel nog een geschikter woord om het concert van vanavond mee te vergelijken.
De reguliere set wordt afgesloten met “Luh You”, een nummer dat terug te vinden is op z’n eerste album ‘Venice’. De band verlaat onder een magistraal applaus de zaal, maar komt al snel terug, aangezien het applaus gewoon maar blijft doorgaan. Het optreden was tot zover enorm intens en heftig, maar de bisnummers “Milk & Honey” en “Drugs” overtreffen dit nog maar eens en zorgen ervoor dat de zaal voor de laatste keer ontploft.

We waren vanavond getuige van een artiest die al heel groot lijkt te zijn, maar eigenlijk nog maar aan het begin van z’n carrière staat. Anderson .Paak speelde een sublieme show, waar we eigenlijk niets op aan te merken hebben. Een volledige avond werden we overmeesterd door een man die duidelijk weet waar hij mee bezig is, de wereld veroveren, dat is duidelijk.

Setlist: Come Down - Next Episode Intro - The Waters - Glowed Up - Season/Carry Me - Put Me Thru - Heart Don’t Stand A Chance - Bigger/Dang - Room In Here - Without You - Might Be - Miss Right - The Bird - Am I Wrong - Lite Weight - Silicon Valley - Miss That Whip – Suede - Luh You
Bis: Milk & Honey – Drugs- Dreamer

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

The Cranberries

The Cranberries – evenwichtige set in strijkerspak!

Geschreven door

Jeugdliefdes zijn er om te koesteren . The Cranberries is er zo eentje van die midden de jaren 90 hun succesvolste periode hadden met een rits grootse hits die in het geheugen gegrift staan  als “Linger”, “Zombie” , “Ode to my family” en “Salvation”. Ze zij niet godvergeten na al die jaren , integendeel een uitverkocht KC liet zich anderhalf uur lang onderdompelen in die onschuldige, gevoelige droompop. Vanavond stond het vrouwelijk leeuwendeel van het publiek in de spotlights ; zij konden hun (muzikale) herinneringen van twintig jaar delen in een evenwichtige set van het Ierse ensemble . Jawel , The Cranberries hebben de smaak opnieuw te pakken …

De band rond de broers Hogan (Michael en songschrijver Noel) , drummer Fergal Lawler en de frêle zangeres Dolores O’Riodan vonden elkaar terug , na bijna tien jaar ; in 2010 . Het drieluik ‘Everybody else is doing it’ , ‘No need to argue’ en ‘To the faithful departed’ drukten hun stempel op de lichting emotievolle droompop , gaven female bands een boost en deden de meisjesharten sneller slaan.
Na de positieve response op de reünie volgde een matige nieuwe plaat, ‘Roses’ (2012). En kijk een goede vijf jaar later wordt de muzikale microbe opnieuw gevoed, met een akoestisch album , ‘Something else’,  het gekende singlemateriaal is in een sobere omlijsting, met strijkers; als toemaatje horen we een drietal nieuwe songs, waaronder het beloftevolle ingetogen “Why” , die in de bis werd gespeeld.
Niet wereldvreemd wat ze nu doen met hun materiaal, de goed in het gehoor liggende droompopsongs hebben altijd een orkestrale inslag gehad.
Vanavond kregen we ze in deze versie te horen , wat meer aangedikt door (semi) akoestische, elektrische gitaren, keys en een strijkerskwartet, deels uit ons eigen landje, en bepaald door die kenmerkende fragiele, hoge en gevoelige vocals van O’Riordan . Na al die jaren is haar stem nu toonvaster en geeft ze de songs een hogere emo waarde . De gelatenheid die ze vroeger uitstraalde , heeft plaats gemaakt voor openheid ,  amicaliteit en hartelijkheid .
Een sterke set speelden ze en iedereen genoot ten volle. De warme respons was een hart onder de riem en deed de band  uitermate deugd .
De eerste songs “Analyse” en “Animal instinct” van het latere werk, ‘Wake up en smell the coffee” (01) en ‘Bury the hatchet’ (99) , waren geen evidente keuze , maar band en publiek vonden elkaar meteen. De eerste herkenning kwam met de daaropvolgende reeks , het sfeervolle , dromerige “Linger” , het poprockende “Just my imagination” en het innemende , breekbare “Ode to my family”. We merkten dat dat haar vocals de nummers ondersteunen en dragen . De meezingbare refreinen en het handjeszwaaien zorgden voor een samenhorigheidsgevoel .
Ze wisselden mooi af in introverte – extraverte pop . Op die manier laveerde je van “Conduct”, “Can’t be with you” , “Ridiculous thoughts” naar “Free to decide” en “Salvation”.  Het zijn warm aandoenlijk songs  , punch en gevoeligheid waren in elkaar verweven .
Het publiek kreeg z’n favorieten te horen , aangevuld met sfeervolle pareltjes , die soms net iets minder beklijfden. Nostalgie spookte ons door het hoofd en dan kon de obligate hitsingle als het broeierige “Zombie” niet ontbreken, na al die jaren nog altijd een meesterlijk nummer in popwave middens .
Het KC werd in de bijhorende tracks als huiskamer ingericht; naast het nieuwe “Why”, kregen we overtuigende versies van “The glory” ,  “Rupture” en “You & me”. De volumeknop ging tot slot open  op het afsluitende “Dreams” , The Cranberries gingen gretig te werk en rockten nog eens stevig.

The Cranberries zijn van onder het stof gehaald  en speelden een overtuigende set. De jeugdige onschuld en -zonde hebben plaats gemaakt voor volwassenheid en evenwicht. Mooi toch?! …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-cranberries-08-05-2017/
Organisatie : Live Nation

Beoordeling

The Devils

The Devils - Brutale kaakslag

Geschreven door

The Devils - Brutale kaakslag
The Devils
Pit’s
Kortrijk
2017-05-07
Ollie Nollet

Openers van dienst waren Josy & The Pony uit Charleroi en omstreken. Dit project dat nogal eens van naam durft te veranderen en de zegen geniet van het geprezen Rockerill Records bestaat uit het gemaskerde zangeresje, Josette Ponette en The Poneymen, zijnde vier vreemde wezens half mens half pony, waarbij twee valsspelers die gewoon een masker over hun hoofd hadden getrokken. Het vreemde gezelschap begon met een paar knappe en stevige instrumentals, powersurf die soms deed denken aan Man Or Astroman en voorzien was van een mespuntje Morricone. Daarna voegde de niet altijd even gelukkige zang van Josy daar nog een element yé-yé aan toe. Josy, die ons toesprak in een hilarisch schoolnederlands bleek een en al ontwapenende charme maar haar gekweel begon me na een tijdje toch op de zenuwen te werken (daar kon zelfs haar cover van “Surfin’ USA” niets aan verhelpen) terwijl ze me ook nog eens in verlegenheid bracht door ongegeneerd en kortgerokt vlak naast me op de toog te gaan staan. Maar de momenten dat ze zich terugtrok achter haar orgel kwam telkens de onmiskenbare klasse van deze band, met twee excellente gitaristen in de rangen, bovendrijven zoals tijdens de verrassende uitsmijter, die zowaar aan Sonic Youth refereerde.

The Devils, niet te verwarren met het pre Duran Duran groepje van Nick Rhodes en Stephen Duffy, zijn een blasfemisch rock-‘n-roll duo uit Napels dat zijn naam vond bij de gelijknamige B-film van Kurt Russel. Duidelijk worstelend met het katholicisme loopt Gianni Vessella erbij als een priester terwijl Erica Toraldo zich kleedt als een non. Maar de nonnen die ik heb gekend frequenteerden toch duidelijk een andere kleermaker.
Dergelijke knap gevonden gimmicks overschaduwen meestal het muzikale of, erger nog, verdoezelen het gebrek daaraan maar dat was hier allerminst het geval.
Hun doortocht in de Pit’s kwam aan als een brutale kaakslag en zal niet licht vergeten worden. Niet voor niets vonden The Devils dan ook onderdak bij Voodoo Rhythm Records en was Jim Diamond (ex Dirtbombs) bereid hun plaatje, ‘Sin, you sinners’ te producen.
Razende punk en furieuze trash rock-‘n-roll wisten de gemoederen danig te verhitten. Ultrakorte nummers die ons geen adempauze gunden met een als een bezetene drummende Toraldo, een gitaar die het equivalent had van een bende losgeslagen buffels en verheven lyrics die tierend het café in werden gekatapulteerd. Die dolgedraaide razernij verhinderde niet dat die explosieve songs wel degelijk knap in elkaar zaten terwijl die moordende riffs me af en toe deden denken aan The White Stripes, getroffen door een vlaag van complete zinsverbijstering.
Kortom, een welgekomen shot adrenaline van een duo dat feilloos op elkaar is ingespeeld, zodanig zelfs dat het hoofd van Vessella een paar keer volledig onder Erica’s habijt verdween.

Organisatie: Pit’s Kortrijk

Beoordeling

Pagina 159 van 386