AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_20
Deadletter-2026...
Concertreviews

Lorde

Lorde - Volwassen geworden - de te korte topjes blijven in de reiskoffer!

Geschreven door


Net geen 21jaar en voor de 2e keer dit jaar op een Belgisch podium. Er zijn er die met minder tevreden moeten zijn. Lorde, half Nieuw-Zeelands en half Kroatisch , heeft met haar recente album ‘Melodrama’ volledig weten te overtuigen. Het niet evidente en altijd makkelijke tweede album is een schot in de roos geworden. Het grote publiek leerde haar dit jaar kennen met haar super hit “Green Light”, een toppertje. Ere wie ere toekomt, de dame heeft er geen moeite mee om anderhalf uur een boeiende set te brengen.

Op het podium komend in een zwart gewaad dito hoed, verraste Lorde ons al in de kledingstijl. De puberlook met te korte topjes maakte nu plaats voor… drama! De toon wordt gezet met “Homemade Dynamite” , de interlude voor een spetterende set. De openingssong van haar debuut ‘Pure Heroine’, “Tennis Court” zorgde al snel voor een eerste hoogtepunt. Lang geleden dat we iemand zagen die haar stem wist te beheersen terwijl ze heen en weer floreerde op het podium.
Een set die geen seconde verveelt met behulp van flashy neon verlichting, video-intro’s, twee opvallende danseressen en Lorde zelf die met behulp van een saxofoon “Buzzcut Season” op gang bracht. Terwijl het dak eraf ging en de sterrenhemel neerdaalde in de Lotto Arena, zong een engel, intussen haar zwarte outfit geruild voor een volledig wit exemplaar. Een ingetogen “Liability” werd gespeeld.
Een cover mochten we ook nog verwachten. Deze zomer op Rock Werchter hoorden we “Running up that Hill” van Kate Bush , en de vergelijking werd meteen raak. Nu werd dat iets moeilijker … toch hoorden we een goed geslaagd “In the Air Tonight” van Phil Collins. Het was meteen ook het einde van de witte outfit ; het werd dan kiezen tussen rood en blauw. Blauw kleurde het derde hoofdstuk van de show met “Supercut”. De eindmeet was in zicht, tijd om de sprint voor te bereiden.  “Royals” haar eerste succes, “Perfect places” en “Team” volgden elkaar nu op in sneltempo. “Green Light” kwam en voelde aan als een grote kers op de taart. Lorde heeft ondertussen meer te bieden dan een ‘groen lichtje’; wat is dit toch een onwaarschijnlijk sterk nummer. Dat ene bisnummer was kort en misschien een beetje overbodig om de eenvoudige reden dat de show steengoed was en alle singles de deur uit waren.

Een gemengd publiek van overwegend gillende tienerdames gingen niet met gemengde gevoelens naar huis. We kregen waar we voor gekomen waren. ‘Drama’ op het podium en sterke melodieën van een (volwassen) jonge dame die integriteit perfect weet te combineren met uitbundigheid. Hou de zomer vrij , Lorde kan er terug bij voor één Belgisch festival!

Neem gerust een kijkje naar de pics (knipoog naar Luminousdash.com)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lorde-06-10-2017/
Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Hippo Campus

Hippo Campus - Tieners met muzikale potentie

Geschreven door

Hippo Campus - Tieners met muzikale potentie
Hippo Campus
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-10-06
Wim Guillemyn

Een opvallend jong en grotendeels vrouwelijk publiek was gekomen om deze indierock bands (denk aan Vampire Weekend en aanverwanten) aan het werk te zien. Marsicans (uit Leeds) waren fris, jong en kleurig. De zanger had qua looks de nodige credibility terwijl de gitarist eerder uit een boysband leek ontsnapt te zijn. Hij was zich ook een beetje te goed bewust van zijn mooie looks. Voor de rest een degelijk en aangenaam optreden.

Hippo Campus uit Minnesota zijn sinds 2013 actief en hebben 3 EP’s en een album op hun conto staan. Het waren nog tieners die even jong als hun publiek waren. Een vat vol hormonen maar muzikaal zat het wel snor. Opener “ Way It Goes” uit hun recente ‘Landmark’ album was meteen raak en veroorzaakte her en der wat gegil bij bepaalde moves van de zanger. “Sophie So” was een goede song en goed gebracht. “Simple Season” was welbekend bij het publiek. “South” kende ook veel bijval. Van dan af zat de sfeer bij het publiek goed in.
Opvallend toch de muzikaliteit van elk van de muzikanten. Deze band draait niet alleen op de looks en de hormonen maar heeft muzikaal zeker zijn waarde: aanstekelijke en catchy songs met hier en daar een muzikale meerwaarde in de vorm van een solo, lick of bridge.

Het was dan ook een geslaagd, entertainend optreden waar ze hun set eindigden met “Buttercup” en terecht terug mochten komen voor een bisronde.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

J. Bernardt

J. Bernardt - Storm in de onderbuik oproepen

Geschreven door
Een reeks hypnotiserende zwart-gele strepen die overlopen in een ononderbroken lijn, ondersteund door een loodzware bas en handgeklap. Op een halve minuut de verrijking van een falsetstem die kreunt en zucht dat hij liefde voelt, en in de verte de eerste vaag donkere beelden van drie rollerskatende en zwoele vrouwen. Dit is de start van één van de mooiste videoclips van dit decennium, horend bij “Gold” van Chet Faker.

Niet alleen heeft onze Vlaamse J. Bernardt een aantal fysieke gelijkenissen met de Australische artiest Chet Faker, de bouwstenen van hun muziek zijn hetzelfde. Een ijzersterke stem die zeer breed gaat, het constante gespeel met hip hopbeats, bas en eindeloze loops van kreunende, neuriënde of oooh oooh zingende stemmen. De muziek krijgt hierdoor iets zeer verlokkelijks en bezwerends, klaar om de storm in de onderbuik op te roepen
Ook live beweegt J. Bernardt als een mannelijke sirene over het podium. Het soloproject van Balthazarman Jinte Deprez kende deze zomer een vliegende start. Met een stevig concertnajaar en zijn eerste album ‘Running days’ maak je kennis met een begeesterende set en een muzikant die beroering en kwaliteit uitademt. Een man vol aanstekelijk plezier, een tevreden grijns op het gezicht en een enthousiast rondje in het publiek.
Met trefzekere simpele pianotonen start de artiest in de lange regenjas met “On fire”. Alle ingrediënten zijn er om je schepen te doen vergaan : een loom en simpel repetitief begin, het dubbele geneurie dat in herhaling gaat, en daarop de stem van J. Bernardt die zingt over vuur en vrouwen.
Het uur daarop is een aanéénrijging van prachtig gebrachte en met uitgepuurde beats gelardeerde liedjes: Van de hits “Calm down” en “Wicked Streets” , tot “The direction”, “The question” en “Running days“: alles doet constant je heupen zakken en wiegen. Met één dissonant intermezzo, maar zo mooi: het instrumentale “Motel” midden in de set is zo rustig, simpel en vol van muziek.
Het is een seconde verlangen naar een echt stel trompetten in plaats van de opgenomen blazers, maar wat een machtig trio aan muzikanten staat op het podium.

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

 

Beoordeling

Hanni El Khatib

Wilde tijden met Hanni El Khatib

Geschreven door

De Palestijns-Filipijnse Californees Hanni El Khatib kreeg de Orangerie goed gevuld voor zijn Belgische passage van zijn ‘Savage Times’ tour. Die laatste plaat is eigenlijk een compilatie van vijf afzonderlijke EP’s, omdat Khatib eens iets anders wou doen dan een traditionele plaat opnemen. Khatib debuteerde in 2011 met ‘Will the guns come out’, een rauwe garagerockplaat waarin hij onder meer “Heartbreak hotel” van Elvis coverde, maar is sindsdien stilistisch verschillende richtingen gaan verkennen, wat bij de garagerockpuristen niet in goede aarde is gevallen, voor die scène is het wellicht te pop. Hen bevelen we de fuzzrock van Ty Segall en consoorten aan.

Ook vanavond schoot het alle kanten op: het nieuwe “Baby’s ok” knalde ouderwets en vuil uit de startboxen, maar wie dacht een uurtje smerige garagerock te krijgen, was er aan voor de moeite: het schoot alle kanten uit: de keyboards kregen in de volgende nummers een voorname rol, en Khatib maakte uitstapjes richting glamrock en “Paralysed” was zowaar een funkske dat uit de mouw van Nile Rogers had kunnen komen. Verder ook veel fifties en sixties invloeden met handclaps en refreintjes, veel pop voor deze vol getatoeëerde garagerocker dus. Er zaten rustpunten in de set: het soulvolle “This I know” ,”Come down” en het eerste nummer in de bis, “Miracle”, een slow voor al uw scoutsfuiven.  Maar Khatib vergat ook niet te rocken en dook tot twee keer toe met gitaar het publiek in. Onze favorieten zaten in de bis vanavond: de Ramones en The Vaccines waren niet ver weg in “Pay no mind” en ook “Family” knalde lekker weg.

Khatib deed vanavond gewoon zijn zin en dat moet je bewonderen: er zijn al genoeg artiesten die binnen de lijnen van hun genre kleuren, Khatib is daar duidelijk niet bij.

Setlist:
Baby's OK -Mangos & rice -Moonlight- Melt me - Till your rose comes home - The teeth - Paralysed - Dead wrong - This I know - Come down -You rascal you - Loved one
Bis: Miracle - Pay no mind –Family

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Sigur Rós

Sigur Rós -: nog steeds de meest onaardse band op deze aardkloot’

Geschreven door

Sigur Rós -: nog steeds de meest onaardse band op deze aardkloot’
Sigur Rós
Vorst Nationaal
Brussel
2017-10-01
Dominiek Cnudde

Magisch, ontroerend en toch snoeiend hard…zo kan je het concert van Sigur Rós, afgelopen zondag in een uitverkocht Vorst Nationaal, het best samenvatten. De laatste studioplaat van de IJslanders dateert al van 2013 en toch hing het bordje ‘sold out’ al vele maanden aan de deur van Vorst Nationaal. Momenteel toert de band doorheen Europa onder de titel: ‘An Evening With Sigur Rós’, een avondvullende show die wereldwijd al bijzonder lovende kritieken kreeg.
Een grote verandering is dat de band tegenwoordig nog enkel als trio op het podium staat. Geen brassband meer, geen strijkkwartet. Zanger/gitarist Jónsi Birgisson, bassist Georg Hólm en drummer Orri Páll Dýrason brachten hun bombastische, rijke sound in deze stripped-down formule tot bij de luisteraar, al is het vrijwel zeker dat er ook heel wat muziek meeliep met de backing track. Maar goed, de techniek is er en het doet absoluut niets af aan het feit dat ook dit Sigur Rós concert weer eens zeer authentiek en uniek was en bij momenten de pure muzikale perfectie benaderde.

Ruim twee uur lang lieten we ons meevoeren naar IJslandse hoogtes en waanden we ons even gelukkig op een andere planeet.
Set 1 begon met het nieuwe “Á”, een kabbelende ouverture, die overging in het ambient, onvolprezen en hypnotiserende “Ekki Múkk”. Jammer dat we niet meer uit het album ‘Valtari’ te horen kregen. De nadruk in de set lag echter op het titelloze album uit 2002, ook wel het ( ) – haakjes – album genoemd, wat bij de fans duidelijk een van de favoriete albums is.
Set 1 werd opgesmukt met donkere, boeiende, beklijvende visuals. Je had ogen te kort bij deze waanzinnige, complete multimedia ervaring. Aan het einde van het eerste deel kregen we ook twee nieuwe songs voorgeschoteld. Beide songs sloten perfect aan bij de oudere songs uit set 1 en gaven de koers aan die Sigur Rós op hun langverwachte nieuwe plaat wil gaan varen. Tijdens het sacrale “Varða”, wisselden bassist en drummer van plaats en mocht Georg Holm met zijn piano outro als laatste het podium verlaten.
Na een toch wat overbodige pauze bracht set 2 nog meer genialiteit. De krachtige en toch breekbare falsetstem van Jónsi was nu pas echt opgewarmd en ook zijn snedige gitaaruithalen (met strijkstok) werden iets onstuimiger. 
Set 2 was dan ook een soort ‘greatest hits’, al is deze stempel iets wat bij de muziek van Sigur Rós niet echt opgaat. Het flitsende “Óveður” mocht deel
2 openen waarna de set verder uitgroeide tot een ongekende climax. De gitaren staken nog een tandje bij en de pompende drums van Orri Páll haalden bij momenten snoeihard uit.
Wat een fantastische drummer is dit toch! Ook de visuals en het licht kregen veel meer kleur alsof we na de IJslandse gletsers nu het vulkanische IJslandse hinterland betraden. Geen moment meer om naar adem te happen want bij de tempowijziging in “Festival” ging het publiek, dat tot dan met open ogen en mond rustig had zitten genieten, voor het eerst volledig uit de bol.
Het ‘popnummer’ “Popplagið” is al een hele tijd de voor de hand liggende afsluiter maar toch slaagt dit 12 minuten durende epos er nog steeds in om elke muzikale vezel in mijn lijf te triggeren. Het opbouwende karakter, dito drumwerk, de schreeuwende falset van Jónsi samen met de indrukwekkende, flitsende visuals sloegen ons aan het eind van ronde 2 knock-out.
Opvallend hoe ook drummer Orri achteraf hulp nodig had om het podium te verlaten. Waren het de verblindende lichtflitsen, de intense inspanning of was hij net zoals wij in een ware extase toestand terecht gekomen?

Wederom werd dit een onvergetelijke concertervaring en liet Sigur Rós nu ook als trio ons met verstomming achter. Niet helemaal perfect maar wel een twee uur durende trip vol verbluffende muzikale onaardse schoonheid.
Toch is de tijd nu wel aangebroken om de studio in te duiken en dringend die nieuwe plaat op te nemen! Takk Sigur Rós !!

Setlist
Set 1
*Á *Ekki Múkk  *Glósóli *E-Bow *Dauðalagið *Fljótavík *Niður *Varða
Set 2 *Óveður *Sæglópur *Ný Batterí *Vaka *Festival *Kveikur *Popplagið

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sigur-ros-1-10-2017/

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Dublin Legends

Dublin Legends – Dinosaurussen van de folk – What’s in a name?!

Geschreven door

Dublin Legends – Dinosaurussen van de folk – What’s in a name?!
Dublin Legends
Kursaal
Oostende
2017-09-30
Filip Gheysen

Het was alweer van 2012 geleden dat we de dinosaurussen van de folk aan het werk zagen tijdens hun 50ste jubileumjaar: in mei op Labadoux en in het najaar in Brussel waar alle overleden groepsleden nog eens herdacht werden. De laatste originele ‘Dubliner’ Barney McKenna was pas in april overleden. Toen stonden ze nog op de affiche als The Dubliners, maar datzelfde jaar besloot John Sheahan, voorman van de groep, te stoppen met de band. Sheahan nam de rechten op de bandnaam mee bij zijn vertrek maar banjospeler Gerry O’Connor ging met veteranen Sean Cannon en Eamonn Campbell verder onder een nieuwe naam, The Dublin Legends. What’s in a name?

Samen met Paul Watchorn (jongere broer van Patsy Watchorn, die in 2014 moest stoppen wegens gezondheidsredenen) vormen ze weer een kwartet dat er moeiteloos in slaagt om het sjieke Kursaal om te toveren in een bruine Ierse kroeg! Met een mix van oud en nieuw werk verwenden ze het publiek dat er duidelijk zin in had.
Bij het eerste nummer van de avond “The Galway Races” stonden al danslustigen aan de zijkant van het podium om de beentjes te strekken. Echte liefhebbers laten zich niet afschrikken door het statige interieur en dansen met evenveel plezier als in een concerttent! Gelukkig werden we niet verzocht onze zakdoek boven te halen bij “Hills of Connemara”. Met zijn typische nasale stem nam Sean Cannon “Black Velvet Band” voor zijn rekening. Ter nagedachtenis van Ronny Drew, de echte founding father van The Dubliners, bracht Eamonn Campbell “Seven Drunken Nights”, één van de humoristische standards uit hun repertoire. Maar zoals meestal, kregen we slechts ‘5 nachten’ te horen; “Saturday” en “Sunday” worden meestal niet voor publicatie vatbaar geacht! Ook met nieuwe nummers zoals “New York Girls” bewezen ze dat de inspiratie nog niet opgedroogd is. Clichés over Ierland en de drinkgewoonten van zijn bewoners werden meermaals bevestigd in nummers zoals “All for me Grog” en “Rare old Mountain Dew”. Violist Gerry o’Connor bracht een koppel instrumentals ”GoldenEagle/Green Gate” die terug gingen naar de beginjaren van The Dubliners en die ook gelinkt zijn aan zijn 91-jarige vader die ook nog viool speelt; redenen genoeg om dit op de nieuwe cd te zetten! De geschiedenis van het Ierse volk dat emigreerde naar de USA (“Poor Paddy on the Railway”) of ging werken in het UK (“McAlpines Fusilliers”) vormt ook een onuitputtelijke bron van songs. Sean Cannon spreekt zelf al een aardig mondje Nederlands en charmeert hiermee graag zijn publiek: “We are going to sing another song and the we will make a korte pauze, because backstage are waiting vier glaasjes… warme chocolat! We will be back in 23 minutes after this song.”
Het tweede deel werd ingezet met traditionals zoals “I’ll Tell me Ma” en “Finnegans Wake”. Bij dit laatste nummer is het publiek er graag bij om het ritmische refrein mee te klappen. Maar telkens eindigt dit abrupt om in een volgende trage strofe het verhaal van Finnegan verder te vertellen waardoor telkens enkele handen een paar slagen teveel klappen. Uiteraard worden de vrouwen zoals Dicey Reilly, Peggy Lettermore en Spanish Lady in het “Irish Songbook” niet vergeten. Ook nu werden we vergast op een koppel instrumentals van Gerry o’Connor, deze keer op banjo (‘in loving remembrance of Barney McKenna’, banjospeler van het eerste uur). Onvermoeibaar bleven sommigen meeklappen met het hele nummer. De sfeer was optimaal! “Niet slecht!” merkte Sean lakoniek op.
Nadat we nog een nummer van de nieuwe cd kregen, werd het tijd om de eindsprint in te zetten via de “Rocky Road to Dublin” naar “Dirty Old Town”. Dit nummer van Ewan McColl kreeg een nieuw bluesy jasje met een jazzy viool er bovenop. Sean sloot af met “Ladies and gentlemen, jongens en meisjes, het was fijn om België te zijn.” en beloofde volgend jaar terug te komen. “We’re gonna finish with a song by Metallica: Whiskey in the Jar.”

Uiteindelijk werd “Wild Rover” er nog aan toegevoegd zodat we allen nog eens ‘No nay never’ konden meebrullen en op een honderdtal meter van de Noordzee was het ook een klein kunstje om een zaalkoor te laten meezingen over cockels and mussels in de klassieker “Molly Malone”. Een mooie aflsuiter van een mooi concert. Daarna paste niets beter dan een frisse … hap zeelucht op de dijk!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-dublin-legends-30-09-2017/
Organisatie: Shakalaka ism Kursaal, Oostende

Beoordeling

Ugly Papas

The Night of the Ugly Papas - Ugly Papas maken hun imago waar!

Geschreven door

The Night of the Ugly Papas - Ugly Papas maken hun imago waar!
Ugly Papas
Zaal Park Ter Walle
Menen
2017-09-30
Wim Guillemyn

De éénmalige reünie van de Ugly Papas zorgde voor meer beroering dan vooraf gedacht en daarom werd er uitgeweken naar Menen. De zaal daar was aardig volgelopen voor deze avond. Dat het een avondvullend (of nachtvullend) programma ging worden zullen we geweten hebben…

De avond werd geopend met een talkshow gepresenteerd door Piet Depraitere en Gunter Lamoot. Ze zaten aan de zijkant van het podium in een tot salon omgetoverde hoekje. Er kwamen een aantal gasten langs zoals Frank Vanderlinden (die destijds journalist bij de Humo was) , Frederic Dehaudt, P.A. Caessens (die op klassieke muziek in geheel eigen stijl een dans ten berde bracht) en nog enkele mensen die belangrijk waren in de beginjaren van de Ugly Papas.

Daarna werden de banken opzijgeschoven en was het tijd voor het voorprogramma zoals dat heet. Een aantal muzikanten passeerden de revue met een hommage aan de band. Eraserhead mocht de spits afbijten met een aantal covers van de Ugly Papas. Vortex Campaign & Helios was een bende zangeressen die een deel van de zaal inpalmden om hun act te presenteren. Het woordje ‘kunstig’ maar ook ‘whatever’ kwamen daarbij bij mij op.
Soeze and his Rockets was een duo dat eerst een half uur stond te soundchecken en dan één kerstnummer liet horen. Om snel te vergeten. Turf was een soort Belgian Associality. Dit drietal bestaande uit gitaar, drum en Nederlandse zang bracht wat leven in de brouwerij. Een beetje chaotisch kon je de avond bij momenten wel noemen. Id!ots ( met zanger Luc Duf) gaven een korte maar degelijke ‘acte de presence’. Daarna kregen we nog een zekere Iris die, zonder begeleiding, haar zielsroerselen aan het publiek mocht komen verkopen. Tussendoor kregen we ook een videoboodschap van Mauro Pawlowski en van een beiaardspeler te zien op het grote scherm. Ook Seppe Vandewalle, een jonge accordeonist, kwam op het podium met o.a. een bewerking van een song van de Ugly Papas.

Intussen waren we de klok van 24u genaderd. Gunter Lamoot vond het heel amusant om het geheel nog wat te laten uitlopen en de accordeonist wat extra songs te gunnen.


Een stuk na 24u kwamen de Ugly Papas uiteindelijk hun nieuwe album live voorstellen. Met de nodige zelfspot en ironie rond het uitgelopen tijdschema begonnen ze er uiteindelijk aan. Ze deden dit op de wijze en in de stijl waarop je ze mag en kan verwachten. Met no nonsens, zelfrelativering en overgave kwamen ze bloemlezen uit eigen werk. Tim Vanhamel was special guest en mocht ook komen meespelen. Een mooi gebaar toch vond ik. Zo gingen de Ugly Papas de nacht in. Niet perfect (hier en daar een feedback en een haperingetje) maar dat verwachtten we nu niet meteen van hen. Ze maakten met deze ‘night alles in’ hun imago waar: dwars en eigengereid, los van de hype die errond was gemaakt. De Ugly Papas ten voeten uit. En nu allen naar de handel voor ‘Atomium Pluto’.

Organisatie: CSA - MayWay records – Ugly Papas

Beoordeling

Simo

Simo - Soulvolle en virtuoze powerblues

Geschreven door

SIMO - Soulvolle en virtuoze powerblues
SIMO, RHEA
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-09-29
Sam De Rijcke

Even dachten we dat Andrew Stockdale een nieuwe band had opgestart. Tot we door hadden dat we eigenlijk stonden te kijken op de gitarist van RHEA die met een al even indrukwekkende haardos was gezegend. Met zo een coiffure moet je gewoon in de rock’n’roll stappen, kan niet anders. RHEA bleek overigens een oerdegelijke rockband te zijn met potige en stevige songs en een potente zanger die scherp en venijnig uit de hoek kwam. Een band met flink wat potentieel, maar ze hebben één probleem, en dat erkennen ze ook zelf. RHEA lijdt namelijk aan het Stu Bru syndroom. Voor de slechte verstaanders geven we hier nog even de definitie van deze kwaal : ‘Het Stu Bru syndroom is een aandoening die vrij frequent voorkomt bij beginnende Belgische bands die te zeer hun best doen om binnen de lijntjes te kleuren die de populaire radiozender Studio Brussel vooraf heeft uitgetekend. In de popmuziek resulteert dit vaak in bandjes die hardnekkig de nieuwe Oscar & The Wolf trachten te zijn. Bij rockmuziek liggen de referenties enigszins anders : Rock betekent voor Studio Brussel Foo Fighters, Royal Blood of Queens Of The Stone Age, alles wat een stap verder durft te gaan is uit den boze’.
RHEA behoort uiteraard tot de tweede categorie, ze hunkeren naar airplay en vergeten daardoor om een eigen ziel en identiteit in hun songs te leggen. Daarom hebben wij een boodschap voor deze beloftevolle band. Fuck Stu Bru en laat jullie eens volledig gaan, want hier zit duidelijk iets in. Airplay op een voor 95% voorgekauwde radiozender is nu ook weer niet alles. En wat heb je er trouwens aan om in een playlist gewrongen te zitten tussen pakweg de vermomde schlagermuziek van Bazart en de plastiekpop van Bastille ?

Bluesrock uit Nashville, niet bepaald een genre om volle zalen mee te trekken, getuige de eerder magere opkomst in de AB Club. Maar wat een schitterende band was SIMO, een pure sensatie op het podium.
Bluesrock bleek trouwens een te enge omschrijving voor dit powertrio, dit was soulvolle rock, bloedhete funk en seventies hard rock in een bruisend bubbelbad.
Enkele zonderlingen hadden SIMO al even gechekt via de albums ‘Let Love Show The Way’ en het gloednieuwe ‘Rise & Shine’. Twee puike platen, zeer zeker, maar SIMO leek toch weer één van die bands te zijn die je live moet gezien hebben omdat ze een kracht en energie hebben die op plaat gewoon niet te vatten is. De sound was duizend keer snediger en scherper, de songs stegen in hun live versie boven zichzelf uit en vooral de gitaar was uitzinniger. Neem nu “Return”, de opener van het nieuwe album, op plaat een degelijke song maar live een 18 karaats diamant, en dat vooral omwille van dat fenomenaal en uiterst funky soleerwerk van J.D. Simo, de frontman en bezieler van deze band. J.D. Simo presenteerde de blues in een hevig rockend jasje, maar hij had duidelijk ook een paar spuitbussen funk in zijn gitaar leeggespoten (check de gloeiende funkriffs in “The Climb” en “Meditation”). Hij zette flink wat echo’s en wah-wah effecten en op zijn gitaar en deed dat ding zodanig schitteren, swingen en freewheelen dat we er met open mond stonden naar te kijken. En toch was dit geen navelstaarderij a la Joe Bonnamassa. J.D. Simo stak zijn ziel en zijn volledige hebben en houden in die gitaar zonder die kijk-eens-mama-zonder-handen arrogantie aan te wenden. Bovendien was hij ook nog eens gezegend met een gloedvolle soulstem, some guys have it all. De ballad “I Want Love” zorgde voor koude rillingen, een song die in zijn fantastische live versie uitgroeide tot Simo’s eigenste “Purple Rain”. De geest van zowel Curtis Mayfield als die van Prince hingen rond in die prachtsong en de leadgitaar was de crème de la crème.
In de felle gloedvolle bluesrockers als “Long May You Sail” en “ Light The Candle” deed Simo ons dan weer denken aan de funky bluesrock van Chris Duarte. En natuurlijk aan dat andere gitaarwonder Gary Clark Jr, ook zo een artiest die op zijn platen te veel de ruwe kantjes er heeft afgevijld en pas live volledig tot ontbolstering komt met een portie bloedhete en rauwe bluesrock.
Een absolute parel was “I Pray” waarin zowel The Doors, Santana als All Them Witches rond zweefden. Psychedelica, subliem soleerwerk en ronduit magistrale drums van Elad Shapiro (Mitch Mitchell was in da house) dreven deze song naar een opeenstapeling van hoogtepunten.

Meer dan anderhalf uur bestookte dit powertrio ons met hun weergaloze bluesrock, vaak via lang uitgesponnen songs en uitvergrote instrumentale huzarenstukjes, maar dat deerde ons niet. Het was van begin af aan vuurwerk, soulvolle powerblues met meesterlijke gitaarsalvo’s.

Organisatie: Next-Step – AA Productions

Beoordeling

Pagina 153 van 386