logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

garbage_olt_riv...
Ora Cogan
Concertreviews

Radio Moscow

Radio Moscow - Met gitaarversterkers op volle kracht

Geschreven door

 

Radio Moscow werd destijds ontdekt door Dan Auerbach die ook hun eerste plaat produceerde. Dan weet je ook wel dat het hier om rauwe rock gaat en niet om het zoveelste folkrock groepje. Maar waar Auerbach met zijn Black Keys de retro elementen weet te verwerken met een hedendaagse hippe sound, is Radio Moscow meer in het verleden van begin jaren zeventig gaan graven op zoek naar een luide sound waarin de gitaar overheerst, met als voornaamste referenties Jimi Hendrix, Black Sabbath, Blue Cheer en Ten Years After. Ook de looks zijn vintage seventies, geen van de heren heeft zo te zien al ooit een bezoekje aan de kapper gebracht.

In Radio Moscow draait alles rond één persoon, de vingervlugge gitarist Parker Griggs die op de drie platen ook zang en drums voor zijn rekening neemt. Op het podium heeft hij uiteraard een drummer en bassist meegebracht, zij vormen een solide ritmesectie voor de intense en stevige hard- en bluesrock gebaseerd op luide riffs, heavy psychedelica en loeiende solo’s met veel echo en wah-wah effecten. De stem van Griggs komt er een beetje minder door, maar daar stoort zich vanavond niemand aan want het zijn vooral de gitaarversterkers die hier op volle kracht moeten werken.
Hoewel de sound heel seventies is en het gitaargeweld alomtegenwoordig, zijn de songs niet te lang uitgesponnen en weet de band steeds de spanning en vooral de elektriciteit er in te houden.
Enkel in het bisnummer “250 miles” wordt de 10 minutengrens overschreden en laat Griggs zijn gitaar nog eens extra gretig freaken en scheuren. De song geeft echter nergens de indruk langdradig te zijn, integendeel, het is een uitermate fantastische finale van een potig, stevig en heavy retro rock feestje.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/radio-moscow-25-04-2012/

Organisatie: Vk*, Sint-Jans Molenbeek

Beoordeling

Of Monsters And Men

Een ‘Waauw Gevoel ‘ met Of Monsters And Men

Geschreven door

In hun eigen IJsland ging eind vorig jaar de bal aan het rollen met de single “Little talks “ , met de bijhorende debuutcd ‘My head is an animal’; Of Monsters And Men is het bonte gezelschap, met zangeres/gitariste Nanna Bryndis Hilmarsdottir en zanger/gitarist Ragnar “Raggi” Porhallsson. Ze serveren ‘feelgood’ gevoelige folkpop  met toevoeging van trompet en accordeon. Een breed weelderig  instrumentarium kleurt en siert de songs , die naar een Arcade Fire lonken.
Vrolijke , zwierige en sfeervolle muziek, amicaliteit , friste en enthousiasme . Ritmisch sterk. Referenties met Noah & the whale , The Decemberists , Mumford & Sons , Fanfarlo en ons eigen  School Is Cool. Oprechtheid, spontaniteit en speelsheid ! De kunst van het songschrijven ligt hen gegoten. Lekker in het gehoor liggende pop , of het nu opwindend , opzwepend of ingetogen klinkt .

Ondanks de vele invloedssferen, hebben ze een eigenheid . Met zeven waren ze op het kleine podium van de Club van de AB. , maar hebben alle troeven en kwaliteiten om een grootse band te worden . Wat zijn we blij met een opbeurende, prikkelende “Little talks”. Leuk en ontspannend. De rest van Europa ondergaat nu hun popgevoelige folk . Een verademing bepaald door de afwisselende en de elkaar aanvullende (vrouw –man) zang. Heerlijk zoiets.  
Een uitnodigende “Enjoy our music” hoorden we en gezwind trokken ze ven leer met “Dirty paws”, “From finner” en “Mountain sound”, die iets hebben van onschuldige ‘campfire’ songs .  De flikkerlichtjes op de achtergrond gaven nog meer hun ‘joie de vivre’ aan . Ons hartje bonkte even hard als het tempo wat lager kwam te liggen in het sfeervolle, dromerige materiaal met de warm, broeierige songs “Slow & steady”, “Yr bones” of de liefdessong “Love love love”. Kortom ; fleurigheid door het geraffineerd uitgewerkte songmateriaal vol fijne, prettige emotievolle  melodieën .
“King & lionheart”,  “Lakehouse” en natuurlijk “Little talks” brachten een ongehoord optimisme . Moeiteloos konden we de “héhé’s” , “de oohoo’s” of de “lalala’s” meezingen en neuriën. En dit was nog niet alles, tot slot waren we dan nog eens sterk onder de indruk van de klankkleur en de stemmenpracht van het  broeierige opbouwende  “Six weeks” .
Op sjieke en gracieuze wijze werd de uur durende set besloten. Best spannend! De applausmeter ging in het rood bij het Of Monsters & Men optreden in de kleine Club.  Sober, sierlijk en elegant! “Close to me” van The Cure werd uitermate origineel gespeeld, fluisterpop  met onderhuids een ‘pop noir’ tint, ergens tussen The XX en een hitgevoelig Jesus & Mary Chain . Het intens melancholische “Yellow light” werd er mooi aan gekoppeld .

Een ‘waauw’ gevoel hielden we er aan over . Het muzikaal kwalitatieve Of Monsters & Men kan na een Mumford & Sons en Noah & the whale een Pukkelpop Club of Marquee tent op z’n kop zetten … U bent nu al de hoogte!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Wallace Vanborn

Wallace Vanborn klaar voor de verovering met ‘Lions, Liars, Guns & God’

Geschreven door

Drukke dagen in de Gentse muziekscène, met twee knappe releases op amper enkele dagen tijd. Na de doortocht van Drums Are For Parades op zaterdag, was het de beurt aan Wallace Vanborn om hun nieuwe plaat ‘Lions, Liars, Guns & God’  voor te stellen op dinsdag 24 april, wederom in de Handelsbeurs.

We kwamen net op tijd om nog twee nummers van het voorprogramma, Raketkanon, mee te maken. Op het podium valt slechts een gitaar, een drum en enkele synths te bemerken maar dit doet zeker geen afbreuk aan het geluid. Eerlijk: we waren ietwat sceptisch, mede doordat RKTKN een nevenproject van muzikanten die in andere bands (Waldorf, Tomàn, KKK,…) al hun sporen verdiend hebben. Toch maakte het viertal indruk door sterke drumsecties en een goeie presence op het podium. Genoteerd: volgende keer komen we wél op tijd om RKTKN bezig te zien.

Om de temperatuur in de Handelsbeurs nog wat op te drijven, volgde het Gentse trio Wallace Vanborn om hun nieuwe album te spelen. Vanaf het begin van de set zat het tempo er duidelijk in: dit is rechttoe rechtaan rock ’n roll! De single “Cougars” was al een tijdje uit en werd behoorlijk goed onthaald. Ook de rest van “Lions, Liars, Guns & God” volgt hetzelfde stramien: heel catchy en toegankelijke stonerrock, die op deze laatste plaat trouwens geproducet is door David Botrill (drie Tool albums, eentje van Placebo, Muse, dEUS,...).
Het verhaal gaat dat het trio een tiental producers aanschreef die ze zelf bewonderden, met de vraag om mee te werken aan hun nieuwe plaat, en dat Botrill erg enthousiast reageerde. De rest is geschiedenis, want na zeven weken kamperen in de studio was het album een feit.
Wat Wallace Vanborn brengt klinkt uitermate dansbaar, en soms gaat het zelfs wat op The Subways lijken (min het feit dat bassist Dries Hoof net iets meer haar heeft dan Charlotte Cooper…).
Daarnaast is openingstrack van de CD, “Lion’s Manual” perfect vergelijkbaar met een van de beste Belgische exportproducten, Black Box Revelation. “We Are What We Hide”, met een dijk van een riff, wordt gevolgd door het akoestische “Pawns”, waarmee Wallace Vanborn bewijst dat het geen one-trick pony is.
Wie denkt dat het nieuwe album iets softer is, spoelt beter de eerste vier nummers door. Vanaf daar (afgezien van het akoestische intermezzo) gaat het erg strak door tot aan het laatste nummer “White River”, alwaar een drie minuten durende outro zijn weg vindt naar uw nekspieren: het is moeilijk om niet mee te headbangen.
Laat een ding duidelijk zijn: Wallace Vanborn vindt het warm water niet opnieuw uit, maar de manier waarop ze hun zware gitaarrifs ombuigen naar catchy en toegankelijke rock, verdient wél een grote pluim. Dat doen ze overigens geheel in de eigen stijl, zonder in te boeten aan originaliteit.
Ook het duo van Blood Red Shoes  zag het potentieel in deze drie Gentenaars. Onlangs zijn ze opnieuw op tour vertrokken, met Wallace Vanborn in hun kielzog.

Wat wij echter nog niet kunnen vatten, is dat in ons eigen land de ‘pletwallace’ niet meer airplay krijgt. Terwijl ze in het buitenland hoge ogen gooien (vorig jaar trouwens ook op Sziget), krijgt de groep in België bijlange niet de aandacht die ze verdient. Daar komt met ‘Lions, Liars, Guns & God’ ongetwijfeld verandering in!

Wie Wallace Vanborn wil volgen op hun tour en in andere avonturen, kan terecht de blog die ze bijhouden voor De Standaard Online.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/wallace-vanborn-24-04-2012/

Organisatie: Democrazy (ism Handelsbeurs), Gent

Beoordeling

The Antlers

The Antlers - Wie wil weggeblazen worden weet waarheen

Geschreven door

 

The Antlers escaleren in vernuftig geconstrueerde songs die zelfs Madammen met een Bontjas kippenvel bezorgen. Gooi daar de getormenteerde vocalen van spilfiguur Peter Silberman bij en zelfs de meest gevoelloze ziel geraakt emotioneel overmand. Niet te verwonderen dus dat deze groep in december geprogrammeerd staat op het door The National gecureerde All Tomorrow’s Parties.

Maandagavond leverden ze alvast
een onmiskenbaar puike prestatie. Terwijl Silberman eerder solo ‘Uproated’ (2006) en ‘In the Attic of the Universe’ (2007) op plaat liet persen, is er sedert het fenomenale ‘Hospice’ (2009) sprake van een volwaardige groep.
In de Ancienne Belgique opende het drietal (live aangevuld met gitarist/bassist Timothy Mislock) met “No Widows” waarna we almaar meer ondergedompeld werden in de zinderende atmosfeer die hun muziek weet te creëren. Ook de immer beklijvende teksten droegen hiertoe hun steentje bij, om nog maar te zwijgen van de sobere maar heel uitgekiende lichtshow. Niet te verwonderen dus dat het publiek met verstomming geslagen was. Toetsenist Darby Cicci drukte trouwens zijn verontrusting uit over die stilte, niet beseffend dat zulks in België eerder een teken van respect dan van desinteresse is.
Het merendeel van de set bestond uit nummers die op ‘Burst Apart’ (2011) terug te vinden zijn. Dit laatste album werd uiteindelijk zelfs integraal gebracht (met uitzondering van het instrumentale “Corsicana”). Live kregen de ingenieus gecomponeerde songs echter vaak een meerwaarde door optimaal te profiteren van hetgeen de Rik De Saedeleer in ons de “man-meer-situatie” zou noemen.
Tot onze teleurstelling werden er uit “Hospice” slechts drie pareltjes gelicht: “Atrophy”, “Two” en “Kettering”.
Graag hadden we de balans tussen deze persoonlijke favoriet en ‘Burst Apart’ iets evenrediger gezien. Spijtig bijvoorbeeld dat “Bear” en “Sylvia” op stal bleven. Vooral dat laatste nummer slaat ons bij elke beluistering knock-out (iets wat we maandag graag hadden laten gebeuren want we opteerden in afwachting daarvan alvast voor één van de vele beschikbaar gestelde zitplaatsen).
Niet getreurd echter want de twee splinternieuwe nummers die ze brachten betroffen waardige vervangers: “Drift dive” escaleerde machtig in naar Explosions in the Sky refererende postrock en het naar een tandpasta vernoemde “Crest” maakte zijn naam waar door in de zaal veel tevreden glimlachjes (en dus aardig wat gave gebitten) tevoorschijn te toveren.
Vooraleer afsluiter “Putting the dog to sleep” ingezet werd, liet Silberman weten dat de groep binnenkort naar ons land terugkeert. Meer mocht hij niet zeggen maar zoals te vermoeden viel, werd ondertussen bevestigd dat The Antlers net als vorig jaar op de Pukkelpopaffiche prijken.

Als de weergoden ons gunstig gestemd zijn, kunnen we op zaterdag 18 augustus dus nog een keer (figuurlijk) weggeblazen worden door bijvoorbeeld de magnifieke sound die drummer Michael Lerner creëerde tijdens “I don’t want love” en de knappe stereo-effecten die Darby Cicci uit zijn soundbox wrong bij aanvang van een magistraal opgebouwd “Kettering”.

In het voorprogramma probeerde het drietal van
I Am Oak het publiek te overtuigen om na afloop hun platen (debuut ‘On Claws’ en opvolger ‘Oasem’) aan te schaffen. We vrezen dat ze daar maar matig in geslaagd zijn tijdens de over het algemeen net iets te makke set. Positief was wel dat zanger Thijs Kuijken zich aardig uit de slag trok toen hij – naar eigen zeggen voor de allereerste keer in zijn carrière - de elektrische gitaar omgordde. Ook de groovy beat die de drummer in het slotnummer liet weergalmen droeg onze goedkeuring weg. Het valt toe te juichen dat deze Noorderburen van plan lijken om te evolueren naar een rijker en iets steviger geluid. Hopelijk levert hun volgende plaat (getiteld ‘Nowhere or Tammensaari’ en gerealesed in juni 2012) hiervan het overtuigende bewijs en neemt hun volgende passage al onze scepsis weg.

Setlist The Antlers: No widows - Atrophy - Drift dive - French exit - Parentheses -Every night my teeth are falling out - Two - I don’t want love - Crest - Hounds - Rolled together - Kettering - Putting the dog to sleep

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-antlers-23-04-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Beoordeling

Russian Circles

Russian Circles met nuances en dynamiek in hun variërende stijl …

Geschreven door

Russian Circles, een drietal uit Chicago , heeft al vier 4 cd’s uit, maar het is nu net met die laatste ‘Empros’ dat ze in Europa doorbreken . En terecht, want het trio verdient het met hun gekruide mix van postrock/-metal/mathcore/’70s hardrock en  experimental. Ze zorgen voor een filmisch, donker, grauw landschap en  invloeden van Isis, Pelican, And so I watch you from Afar zijn hier op hun plaats, maar natuurlijk mag je de reeks Godspeed you black emperor, Mogwai en Explosions in the sky niet vergeten.  En ze combineren het met een hard, vettig en krachtig geluid van de nieuwe sensaties als Kylesa en Baroness.

Power en Intensiteit met een verwoestende dreiging, destructie , razernij maar evenzeer een bedwelmende trip van subtiele schoonheid, die prikkelt door de verrassende wendingen , variaties en tempowisselingen. Een band zonder oogkleppen, die zich onderscheidt, en heel wat invloeden verwerkt en samenbrengt.
Hun song- en cd titels zijn eenvoudig geformuleerd; een korte indruk en gedachte, soms moet dat niet meer zijn . De band zorgt voor een verfrissende wind . Een volle Magasin 4 ging ervoor . Ze werden bij elk nummer warm onthaald  en dat deed hen enorm veel deugd . De nummers klonken boeiend en inspiratievol , hebben niet de geijkte hard-zacht trucs en ‘het tandje erbij’ gaf elan.
Een machtig concert hoorden we. Ze stonden opgesteld in een donker decor , met enkele witte spotlights in kikvorsperspectief … Eerst hadden we een slowmotionpresentatie van het oudje “Carpe” uit het debuut ‘Enter’, die crescendo ging en af en toe explodeerde;  “Harper Lewis” deed het tempo verhogen en intrigeerde met de groovende ritmes van Battles . De impulsen en het samenspel zat snor en intussen was trio was goed op dreef gekomen. “309” en “ Batu” waren directer, krachtiger en ‘straight in your face’ , niet vies van effects. En “Youngblood” kon zomaar geplukt worden van … opnieuw Battles; de broeierige, bezwerende intensiteit en de explosies tussenin maakten de songs spannend. Een bedreven “Mladèk” en het tweede oudje “Death rides a horse” besloten overtuigend.

In de nuances en de dynamiek kon de volumeknop ferm worden opengezet; dit stoorde op geen enkel moment, want op het ingenieuze  materiaal was het trio enorm op elkaar ingespeeld, en hebben ze met kunde en kennis op z’n Motorpsychos een indrukwekkende, overweldigende set gespeeld … Na Dour 2011 en de Magasin 4, binnenkort in de Kreun, Kortrijk!

Russian Circles is ‘on tour’ met het Californische Deafheaven  die hun harde werk met screamo’s afwisselen met zachtere, opbouwende stukken . De groep laveert ergens tussen postrock en blackmetal en in de effects klinkt shoegaze door. Vindingrijk en niet vast te pinnen binnen één genre …

Organisatie: Heartbreaktunes ism Magasin 4, Brussel

Beoordeling

Focus

Focus schittert in de Roma

Geschreven door

Eindelijk zou ik voor de eerste keer Focus live aan het werk zien. Het was er vroeger nooit van gekomen. Vraag me niet waarom, ik weet het niet. Vreemd, vooral omdat de band altijd al één van mijn favorieten geweest is. Die vreemde mix van wondermooie melodieën, tempoveranderingen, jazz, klassiek en vreemde vocale uithalen van Thijs van Leer spreekt mij heel erg aan.

Ik trok eerder sceptisch naar de Roma, na mijn oorverdovende ervaring met Golden Earring in de Lotto Arena enkele maanden geleden. De bands uit mijn jeugd bestaan voor het grootste gedeelte uit zestigers, die meestal wel over hun hoogtepunt heen zijn. Slechts enkele honderden fans hadden de weg naar Antwerpen gevonden. Een groot gordijn moest de zaal in tweeën delen, zo weinig opkomst was er. Maar de afwezigen hadden deze keer volledig ongelijk. Het concert was boeiend en zeer genietbaar. Niet zoals de meeste andere concerten, waar de helft van de toehoorders komt om voortdurend te staan schreeuwen in elkaars oren, waren hier ECHTE fans komen opdagen, een enkeling niet te na gesproken.
In de nummers van Focus komen stiltes voor, heel vreemd in een popconcert. Maar het was tijdens die stiltes ook stil in de zaal. Een zeer aangename ervaring. Bovendien was het volume nooit te hoog, waarschijnlijk door een perfecte afstelling van de balans.
Een recht toe, recht aan opstelling op het podium, zonder veel lichteffecten. Gewoon muziek, geen voortdurend gewissel van gitaren. Het Hammondorgel van Thijs van Leer ziet er zeer aftands uit en heeft zo te zien al veel oorlogen overleefd, evenals zijn eigenaar. Thijs zelf ziet er heel gewoon uit, goed in het vlees, met de muts op het hoofd en heel vriendelijk. Een bewonderenswaardig man. Je moet het maar doen. Ooit kwamen hordes fans opdagen op zijn concerten, maar je ziet dat hij ook voor een klein publiek zichzelf volledig geeft. Hij gaat op in de muziek, dit is niet gewoon routine. De man is een echte muzikant, dat voel je zo aan: klassiek, jazz, pop, hij mengt alles moeiteloos door elkaar.
De andere bandleden zijn even virtuoos. Drummer Pierre van der Linden, ook een krijger van het eerste uur, is ongelooflijk goed. Het is heel duidelijk dat hij naast de pop ook veel ervaring heeft met jazz en avant garde. Hij is niet alleen ritmesectie, hij speelt zijn eigen partij, steeds weer anders. De jonge gitarist Menno Gootjes past perfect in de groep. Hij haalde uit zijn Gibson zowel heel zachte melodieën als loeiharde riffs. Kan ik hem via deze weg overtuigen in de groep te blijven? Ook bassist Bobby Jacobs is zeer goed. Hij vormt een prachtig duo met de drummer.
Het optreden begon met “Focus 1”, gevolgd door “House Of The King”. Opwarmertjes, en tamelijk routineus gespeeld. Maar met “
Aya-Yuppie-Hippie-Yee” uit ‘Focus 9’ kwamen ze los. Na “Focus 7” en het lange “Eruption” (met een meeslepende versie van “Tommy”) kwam “Sylvia”. Een eerste hoogtepunt en tijd voor de pauze.
Thijs van Leer zette het tweede deel in met “Moving Waves”, heel intiem en solo gebracht. Toen kwam “Le Tango”, een voorsmaakje van hun volgende CD, ‘Focus 10’. Goede song, dat belooft! Het minder bekende “Sylvia’s Stepson” werd gevolgd door “Harem Scarem”, een zeer verrassende en afwisselende track uit ‘Hamburger Concerto’. Ideaal om solo’s in te lassen. Menno Gootjes sleepte ons mee met zijn virtuoze en geïnspireerde solo, terwijl Bobby Jacobs nadien niet voor hem onderdeed met zijn bas.
Daarna bracht Thijs van Leer een prachtige fluitsolo, met streepjes Bach en andere invloeden, zette zich aan het orgel en begon met zijn ‘stemoefeningen’. Ongelooflijk wat een stembereik hij heeft. Van een heel lage noot klom hij op tot een hele hoge, waarna de band keihard inviel met “Hocus Pocus”, hun grootste hit. In feite is dit niets meer dan een gitaarriff, gevolgd door enkele maten drums en een onvoorspelbare inbreng van Thijs, waarna alles opnieuw begint. Maar het werkt ongelooflijk goed, telkens opnieuw!
Als bis hoorden we “Focus 3”, een prachtige afsluiter van een unieke avond.

Thijs van Leer nodigde ons uit om na het concert even te gaan verbroederen met de band in de lobby. Misschien doe ik dat wel volgende maand in het Kursaal van Oostende, waar Thijs van Leer optreedt met een sopraan en groot symfonisch orkest. Ik ben benieuwd wat dat wordt…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/focus-21-04-2012/

Organisatie: De Roma, Antwerpen

Beoordeling

(The) Nits

De Nits - lotgevallen van een vergeten wereldgroep

Geschreven door

De Nits - lotgevallen van een vergeten wereldgroep
Het zal Kraantje Pappie en zijn gevolg worst wezen, maar er was ooit een tijd dat The Nits behoorden tot de hipste Nederlandse bands van hun generatie. Wie in de 80ies en early 90ies boven de Moerdijk op zoek ging naar melancholische Nederpop, orkestrale kamermuziek of progressieve kleinkunst kwam steevast uit bij dit Amsterdamse los-vast collectief rond songsmid Henk Hofstede, percussionist Rob Kloet en keyboardwonder Robert Jan Stips. Jarenlang regende het Edisons, Gouden Harpen en nationale popprijzen ten huize Hofstede & co, maar de jongste twee decennia heeft het trio toch flink wat airplay moeten inboeten.
Nu is commerciële aandacht nooit echt een drijfveer geweest voor The Nits. Meer nog, de groepsleden staan er op om “The” uit hun bandnaam te weren om hun eigenzinnige Hollandse roots niet te verloochenen voor gratuit buitenlands succes. Voor De Nits zelf blijven de artistieke gloriejaren gewoon verder duren, en wordt ver buiten het bereik van de commerciële schijnwerpers met de regelmaat van de klok een nieuw album bedacht in hun Amsterdamse hoofdkwartier De Werf.

De halflege theaterzaal van de Gentse Vooruit vormde afgelopen zaterdag het sfeervolle decor voor de jongste zaalshow van het Amsterdamse trio, dat met ‘Malpensa’ net haar 21ste studioalbum uit heeft. De titel verwijst naar de internationale luchthaven van Milaan, maar ook andere wereldlijke oorden hebben op de één of andere manier bijgedragen tot de sfeer op de nieuwe plaat. Fans van De Zevende Dag op zondagmorgen kennen ongetwijfeld reeds “Five Fingers”, de op een Egyptische folkbeat drijvende nieuwe single waarmee de set avontuurlijk werd geopend.
Ondanks de 38 (!) dienstjaren van Hofstede als minzame frontman van De Nits zijn bij de Amsterdammer nog maar weinig sporen van enig communicatief verval te merken. Gestoken in een te groot zwart maatpak en dito deukhoed vertelt de globetrotter in Hofstede honderduit over zijn reisverhalen, waarin hij graag een al dan niet fictieve hoofdrol voorziet voor zijn muzikale helden. Zo komt Joni Mitchell in “Home Before Dark” als enige klant langs Hofstede’s denkbeeldige tankstation in een godverlaten Amerikaans stadje. Of vinden zijn fascinatie voor melancholische treurwilgen en The Beatles elkaar in “Nick In The House Of John”, het surrealistische verhaal over Nick Drake die ronddwaalt in de leegstaande parelwitte villa van John Lennon na diens emigratie naar The Big Apple. Maar evengoed kan ook Nederland’s enige rock’n’roll animal Herman Brood op de stille bewondering van de Nits frontman rekenen. Die paar dagen ooit samen op tournee in Berlijn worden op het nieuwe album herdacht met het Duitstalige “Schwebebahn”, een muzikale kwinkslag geïnspireerd door Trio’s “Da Da Da” tegen een achtergrond van welgemikte zwart-wit projecties op twee veelhoekschermen.
De Nits vormen niet enkel een muzikaal vehikel voor Hofstede’s verhaaltjes, maar bieden tevens een thuis voor een aantal rasmuzikanten. Dat er op het podium ook visueel iets te beleven valt is grotendeels de verdienste van het inventieve percussiewerk van Rob Kloet; de man aanspreken als de drummer van de groep is dan ook een regelrechte belediging voor de neo-zestiger. De tandem Hofstede-Kloet werd in de Vooruit voorts versterkt door de boomlange Laetitia van Krieken, die voor de gelegenheid de geblesseerde Stips verving en met haar fraaie engelenstem wat extra dramatiek toevoegde aan de meer intimistische nummers.
In het eerste deel van de set kozen The Nits vooral voor recenter en dus minder bekend werk, en moest het publiek het stellen met het vrolijke anti-voetbal lied “J.O.S. Days” en de ingetogen pianosymfonie “Cars & Cars” als enige radiohits. Wie tijdens de pauze een Duvel achterover sloeg werd bij aanvang van het tweede deel van de set echter net niet in slaap gewiegd in de fluwelen zeteltjes. “Jazz Bon Temps’ en “Blue Things” zijn op zich wel genietbaar, maar kabbelden wat te braafjes voorbij om de set echt boeiend te vervolgen. Net op tijd greep van Krieken naar de accordeon om een magistraal “Adieu, Sweet Bahnhof” in te zetten, onmiddellijk gevolgd door de eerste echte Nits hit “Nescio” die ondertussen net geen 30 kaarsjes mag uitblazen.
Ook tijdens de twee bisrondes ging het feest der herkenning gewoon verder met “The Bauhaus Chair”, het onvermijdelijke “In The Dutch Mountains” waar Hofstede ongedwongen publieksparticipatie vroeg en kreeg, en een in bloedrode spots gedrenkt “Sketches Of Spain” waarmee de bijna twee uur durende set werd uitgewuifd.

Dat het publiek uitgerekend op Record Store Day maar met mondjesmaat de weg vond naar de Vooruit is best wel pijnlijk voor een groep die altijd veel aandacht heeft besteed aan haar artwork. Wie Kraantje Pappie al na een halve luisterbeurt beu is weet dus volgende keer waar naar toe.

Neem gerust een kijkje naar de pics van de set in de Roma, Antwerpen (een dag eerder)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/nits-20-04-2012/

Organisatie Culturavof, Kasterlee + Vooruit Gent

Beoordeling

Drums Are For Parades

Drums are for parades - Record Store Day eindigt met de Imperium Freak Show

Geschreven door

Drums are for parades - Record Store Day eindigt met de Imperium Freak Show

Op 21 april beleefden onafhankelijke platenzaken wereldwijd waarschijnlijk opnieuw de drukste dag van het jaar. Record Store Day, die in het bijzonder vinyl in de kijker zet, is dé ultieme dag om exclusieve releases te ontdekken.
Ook in Gent werd dat door Music Mania goed begrepen: op het lijstje stonden onder andere Triggerfinger, Mauro Pawlowski, Intergalactic Lovers,…
RSD werd in de Arteveldestad afgesloten door een optreden van Drums Are For Parades, die voor de gelegenheid hun EP ‘IMPERIUM’ uit brachten. Op de EP enkele verrassingen, en een weergaloze set in de Handelsbeurs ter bevestiging.


Maria Isn’t A Virgin Anymore warmde het reeds aanwezige publiek op met een dosis instrumentale postrock/-metal. Wat ooit begon als een nevenproject, groeide op korte tijd uit tot een volwaardige band. Vorig jaar kwam de tweede EP uit (‘The Fall of Public Man’) en onlangs gaf Music Mania de vinylversie uit.
Telkenmale wij MIAVA bezig horen, klinkt het er recht op en wordt duidelijk dat de (overigens zeer jonge!) band nog bijlange niet aan haar muzikaal plafond zit.
Hoewel de muziek getuigt van heel wat razernij, is de aandacht voor sterke composities en gelaagde nummers alom tegenwoordig. Een soort gekanaliseerde woede zeg maar, die ons verdomd goed in de oren klinkt.


Openen deed Drums Are For Parades met werk van hun eerste full album, ‘Master’ (2010), maar de echte reden dat dit trio aantrad in de Handelsbeurs was naar aanleiding van de release van ‘Imperium’, een EP speciaal uitgebracht voor Record Store Day. De plaat staat bol van de verrassingen en tegenstellingen maar bovenal: muziek die geen hokjes behoeft.
Een onheilspellende intro zette de trend voor een set met een hoog showgehalte. Het mysterieuze aftellen werd gevolgd door een intro van drie blazers (blik op oneindig, gehuld in lange gewaden) waarna “Idiot Check” werd ingezet.
Hofnar van dienst was ongetwijfeld Younes Faltakh: gekleed in niet meer dan een rode string betrad de zanger/gitarist van The Hickey Underworld het podium om “The Beast” (zijn bijdrage destijds aan Master) mee te kelen met het trio.
Daarna was het de beurt aan Patrick Tilon, aka Rudeboy van het ter ziele gegane Urban Dance Squad. “Virgin Powder Part One” werd al een hele tijd geleden opgenomen, en circuleert al een poos op het internet. Hierdoor werd het een soort van teaser voor de nieuwe plaat.
De Gentse Kurt Cobain-lookalike Pieter-Paul Devos nam op de EP ook een nummer voor zijn rekening, en zelfs eentje zonder veel stemvervormers. “Warning” begint als een trage ballad, maar krijgt naar het einde toe meer karakter.
Daarna viel de Kapitan Korsakov-frontman in voor Chris Goss, die op de EP de vocals verzorgt van “Enjoy your Psychosis”. We kunnen er niet omheen: QOTSA zijn nooit veraf in deze song.
Ook op ‘Imperium’ staat “Hammerang”, een nummer waarbij zowel Jeroen De Pessemier (Papillon van the Subs) als DAFP even vreemdgaan. Toegegeven, het koste ons telkens moeite om dit nummer niet door te spelen bij het beluisteren van de EP, maar live werd geheel Subs-gewijs tot een hoger niveau getild. Verwacht in de toekomst trouwens nog meer materiaal, want “Hammerang” is een nevenproject van beide partijen.

Na nog wat ouder materiaal kwam de apotheose, “Fuck like a beast”, opnieuw in samenwerking met Younes Faltakh. Voor de gelegenheid had de zanger de tijd genomen zich even om te kleden: van een weinig verhullende string naar een vleeskleurig Borat-pakje – en hij leek zich nog te amuseren ook! De gitaren gingen aan de kant en het publiek werd getrakteerd op licht- en geluidsshow die volgens ons geen enkele epilepsiepatiënt kan overleefd hebben, en waarbij alle aanwezige gasten nog even het podium opkwamen om de live freak show te bezegelen. En dat bedoelen we op een goede manier, geloof me. £

‘Imperium’ werd gereleased uit liefde voor het vak en uit respect voor elkaars muziek. Alle gastmuzikanten geven hun eigen touch aan de nummers waar zij verantwoordelijk voor zijn, wat een bonte mengeling van invloeden en stijlen teweegbrengt. Rode draad doorheen de EP en vooral de liveshow blijven nog steeds de immer klinkende gitaarriffs, hier en daar aangevuld met opzwepende synths. Wie een exemplaar van ‘Imperium’ bemachtigd heeft: koesteren, al was het maar om het geniale artwork. Dit gezegd zijnde, Drums Are For Parades blijft verbazen maar vooral ook amuseren, en dat doen ze goed!


Organisatie: Democrazy i.s.m. Music Mania en Handelsbeurs, Gent

Beoordeling

Pagina 284 van 395