logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Afghan Whigs
Ora Cogan
Concertreviews

Joe Bonamassa

Virtuoze powerblues - Joe Bonamassa

Geschreven door

Als Joe Bonamassa de laatste jaren alom geprezen wordt om zijn supertalent, dan gaat het duidelijk niet om zijn songschrijverschap, maar wel om zijn virtuoze gitaarspel. Zijn songs zijn gebouwd op de aloude vaste structuren die al sinds mensenheugenis vastliggen in de wereld van de bluesrock, maar de man onderscheidt zich door zijn indrukwekkende gitaarspel. De sublieme gitarist refereert vooral naar blanke grote voorbeelden als Jimmy Page, Rorry Gallagher en Stevie Ray Vaughan, van de authentieke zwarte blues heeft hij veel minder kaas gegeten.
Op Bonamassa’s platen vinden we dus niet echt onvergetelijke songs terug, maar voelen we wel in de uitvoering ervan de klasse van het schijfje druipen. De coverkeuze is vaak verassend maar al even vaak een beetje ongelukkig, zo verbrandt Bonamassa zich op zijn laatste plaat aan “Stop” van Sam Brown, “Feeling good” (onsterfelijk gemaakt door Nina Simone) en “Jockey Full of Bourbon” (Tom Waits coveren is altijd riskant, nog nooit heeft iemand een Waits song beter gebracht dan the man himself).

Gelukkig voor ons heeft JB de vermelde coverversies vanavond wijselijk links laten liggen, hij speelde wel het reeds platgecoverde “Further on up the road” maar zijn versie mocht er best wezen.
Bonamassa en zijn puike band begonnen de set meteen met de twee sterkste songs van het laatste album ‘The Ballad of John Henry’, namelijk de titelsong en een snedig en scherp “Last kiss”. Hiermee bewees JB meteen een artiest te zijn die je best live aanschouwt (een virtuoze gitarist op een podium aan het werk zien heeft toch altijd iets meer dan gewoon thuis naar een plaatje te luisteren dat overstroomt van de solo’s). Het was een lust voor oog en oor om die kerel met volle overgave op zijn instrument te zien loos gaan. Bonamassa soleerde er op los, al dan niet met bijhorende smoelentrekkerij, beheerste alle mogelijke truukjes van het genre en kon werkelijk geen enkele keer op een foutje of een scheve noot betrapt worden. Overdaad, zegt u ? Bwah, wie geen liefhebber is van een waterval aan gitaarsolo’s had ook geen reden om hier te zijn.
Bonamassa schakelde geregeld over van stevige rockers als “Bridge to better days” naar powerbluesballads als “So many roads” en een heel mooi en lang uitgesponnen “Sloe Gin”.
Een echte demonstratie was “Woke up dreaming”, in zijn eentje en op akoestische gitaar schakelde Bonamassa in die ene song met branie over van snelle boogie naar blues naar zonnige Spaanse oorden en castagnetten.
En van een goeie coverkeuze gesproken : Om te eindigen trakteerde hij ons op een lange en felle versie van “Just got paid” (tijdloze ZZ TOP klassieker) met daarin op geniale wijze een flinke scheut “Dazed and confused” van Led Zeppelin verwerkt. Een stevig hoogtepunt van een toch wel hoogstaand concert.

Liefhebbers van elektrische powerblues hadden hier een vette kluif aan, fans van meer authentieke blues waren vorige week beter af geweest met Seasick Steve. Wij hebben beiden gezien en vonden het vooral een interessant contrast. Waarom niet beiden op één affiche ?

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Greenhouse Talent, Gent ism AB, Brussel

Beoordeling

Jerry Lee Lewis

Jerry Lee Lewis in concert: familiereünie in het Kursaal Oostende

Geschreven door

Jerry Lee ‘The Killer’ Lewis is een rock’n’roll legende. Hij werd in 1935 geboren in L.A. en ontpopte zich al snel tot een natuurtalent op de boogie woogie piano. Hij scoorde een aantal reuzehits, zoals “Whole Lotta Shakin' Goin' On” en “Great Balls Of Fire” en baarde opzien met zijn pianospel, dat zeer spectaculair was. Jerry Lee bespeelde de piano ook met zijn voeten, danste er bovenop en stak ze soms zelfs in brand.
Hij leidde een turbulent leven vol drank en vrouwen en veegde de vloer aan met moraal en normen. Als jonge twintiger huwde hij zijn 13-jarig nichtje. Een schandaal, dat zijn carrière in het Verenigd Koninkrijk een halt toeriep en waardoor hij in de ban geslagen werd door de moraalridders in de U.S.
Het duurde twaalf jaar voor hij er in slaagde uit het dal te klimmen en beleefde in 1989 weer triomfen met de biografische film ‘Great Balls Of Fire’. De laatste jaren toert de nu vierenzeventig jarige opnieuw. We waren erg benieuwd wat hij er nog zou van terecht brengen.

Maar eerst verscheen zijn zuster Linda Gail Lewis op het podium. Zij is absoluut geen onbekende, maakt ook reeds platen sinds 1969 en nam zelfs een CD vol duetten op met Van Morrison. Het visueel plaatje klopte helemaal: de bandleden, allemaal oudere heren, waren stuk voor stuk rasmuzikanten. Ze zagen er heel authentiek uit, vooral de gitarist met zijn vetkuif en de 62-jarige Linda zelf met haar ouderwetse kapsel en haar grote lederen handtas! Als zuster van de meester speelde ze piano als de beste. Haar bevallige dochter Annie Marie nam ook een deel van de zangpartijen voor haar rekening. Met een resem klassiekers, zoals “Jambalaya”, “Cotton Fields”, “Good Golly Miss Molly”, “Shake, Rattle And Roll” en “Let’s Have A Party” brachten ze de zaal op temperatuur. Helemaal niet slecht, maar ietwat stereotiep, met de typische countrystem van Linda Gail en haar energieke pianospel met iets té veel Jerry Lee loopjes.

Na de pauze keek iedereen in de goed gevulde zaal reikhalzend uit naar de oude meester. Maar hij liet zich nog niet zien. Eerst kwam zijn band, een stelletje uitstekende en grijzende muzikanten uit Memphis (Tennessee), het podium op. Iedereen, drummer, bassist en de twee sologitaristen mochten om beurten een nummertje zingen. Niet slecht, maar iedereen zat toch uit te kijken naar het moment dat The Killer op het podium zou verschijnen.
Toen dit uiteindelijk dan toch gebeurde en de oude, versleten en gebogen legende het podium opslofte, ontplofte de zaal. Jerry Lee liet het zich minzaam welgevallen en plofte zich neer achter de piano. En toen bleek dat hij het métier nog helemaal niet verleerd heeft. Hij bracht een voor zijn doen lange set van 37 minuten met mindere bekende blues en rock’n’roll nummers. Af en toe kon er een flauwe glimlach af en een snedige opmerking, zoals tegen de mensen op de eerste - dure - rijen:
"I don't mind if you don't applaud, as long as you are having a good time". Hij besloot met “C.C. Rider”, “Whole Lotta Shakin’ Goin’ On” en “Great Balls Of Fire”, met grandioze piano- en gitaarsolo’s. Waarna hij, na enkele stramme buigingen richting zaal, terug de coulissen in schuifelde. Totaal uitgeput, dat was duidelijk te zien. Je vraagt je af waarom de man nog steeds blijft optreden.

En, hebben we genoten? Zeker! De pianosolo’s van Jerry Lee zijn steeds inventief, met de meest onverwachte wendingen en twists. Dit viel des te meer op omdat we zijn pianospel konden vergelijken met dat van zijn zuster.  Zijn stem is nog steeds dezelfde, alleen is de dynamiek ver te zoeken. Maar wat wil je? Wie had verwacht dat de man de meeste van zijn beroemde leeftijdsgenoten zou overleven? Zo’n gulzige levensstijl moet zijn tol eisen.
Blij dat we deze laatste kans om hem te zien optreden benut hebben. Laatste kans? Dat zei men vijf jaar geleden ook reeds…

Organisatie: Kursaal Oostende

Beoordeling

Jack Peñate

Leuk, ontspannend en dansbaar avondje met Jack Penate

Geschreven door

Bij het horen van de muziek van de Londense singer/songwriter Jack Penate komen meteen volgende woorden naar boven: leuk, ontspannend, fris, luchtig, bruisend, dynamisch en charmant. In een goede vijftig minuten stelde Penate met z’n vierkoppige band songs voor van z’n twee cd’s ‘Matinée’ en ‘Everything is new’. Een kort, krachtig, ontstressend setje van fraai springerig en sfeervol popmateriaal met aanstekelijke, opzwepende ritmes.

Vanavond bereikte hij ons aan met de ideale muziek om de donkere avonden door te komen en het gure weer van de voorbije dagen even te vergeten; kortom, het ‘Piet-wat-heb-je-geleerd’ recept om je wintervakantie te starten.
Popmuziek als medicament om je zorgen te vergeten, want hij wou iedereen een fijne avond bezorgen, maar hij moest toch wel eerst verdomd veel moeite doen om het publiek warm te krijgen! Het duurde dus even voor de vonk oversloeg naar het publiek, die eerder genoot van die catchy (zomerse) pop, de uitzinnigheid van Penate op het podium en de meezingbare refreinen. De synths en de vrouwelijke backing vocals waren een duidelijke meerwaarde.
De rock’n’roll groove van “Spit at stars” uit het debuut ‘Matinée’ (2007) gaf meteen de juiste maat en tempo, gevolgd door het fris sprankelende “Everything is new”, titelsong van de huidige cd en “So near”. Net als de band kwamen we even op adem met het ingetogen “Every glance”. Maar Penate legde de klemtoon op ‘happy music’, zoals in de dansbare droompop van het opzwepende “Pull my heart away” (klassesong!), de drumbeats van “Let’s all die”, die door de ritmes kon gelinkt worden aan Vampire Weekend en Paul Simon’s ‘Graceland’, “Second minute or hour” was een regelrecht ‘60’s uptempo nummer en van de vaardige “Have I been a fool” en “Today’s tonight” ging het naar het broeierig opbouwende “I’ll be” en “Bodydown”, waarbij Jack de toetsen bespeelde. “Torn on the platform” kon wel de godvergeten doorbraaksingle zijn van ‘Matinée’ en verdient een duidelijke herkansing als men uitgeput lijkt met het huidig single aanbod.
De uitgelatenheid bracht hij in de bis terug aan met een uiterst dansbare en uitgesponnen “Be the one”, die door de diepe bastune de dansspieren sterk injecteerde.

Ondanks de korte set, overtuigden de fraai gearrangeerde, melodieus, relaxte dansbare popsongs, die zich nestelden in onze hersenspinsels. Van deze vrouwelijke Lily Allen konden we al fluitend in de regendruppels huiswaarts rijden. Tof concertje!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

A Place To Bury Strangers

A Place To Bury Strangers: stofzuigers zonder geluidsdemper

Geschreven door

Het trio A Place To Bury Strangers meende waarschijnlijk dat een vorm van ‘je m’en foutisme’ bij hun muziek hoort en legde dan ook de volgens hen nodige dosis arrogantie aan de dag door hun communicatie met het publiek volledig tot nul te herleiden. Geen woord kregen we, geen simpele hello of thank you. Gewoon opkomen, amper een uurtje spelen, en zonder commentaar terug weg, geen bis of wat dan ook. U mag het arrogant vinden, zij vinden het ongetwijfeld cool, want ze hebben het vroeger hun grote voorbeelden Jesus And The Mary Chain ook zien doen en die waren extremely cool, niet ?

Snoeihard en pokkeluid ramde APTBS hun noise en shoegaze vanaf een quasi onbelicht en in rook gehuld podium door de zaal. Enkel een zuinige schijnwerper richtte een dreigend wit, geel of rood licht de zaal in.
Nu goed, deze opzet paste eigenlijk wel bij hun sound, een wervelwind van donkere en wilde gitaarerupties en loden bastonen onder weinig verstaanbare duistere vocals. Voor wie een beetje vertrouwd was met ‘Exploding head’, het pas verschenen nieuwe album, waren er wel wat herkenbare momenten en sterke songs doorheen de noise te bespeuren. De plaat werd er dan ook bijna volledig doorgeramd via een onophoudelijke geluidsmuur met een duurtijd van 50 minuten en dat was het. Net als op het album werd er afgesloten met “I lived my life to stand in the shadow of your heart” dat uitmondde in een pijngrensoverschrijdende gitaarherrie.

Een wel heel kort concertje, niet onvergetelijk maar zeker ook niet slecht, want dit soort lawaai hadden we eigenlijk ook wel verwacht na het beluisteren van ‘Exploding head’, en wij houden nogal van dat plaatje. Wie geen oorbescherming mee had zit nu volgens ons met onherstelbare schade.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Tortoise

Tortoise: spannend concert van een band die nieuwe horizonten blijft opzoeken

Geschreven door

Kortrijk heeft misschien de reputatie van de stad te zijn van ‘la petite bourgeoisie qui boit du champagne’, maar de laatste jaren is er toch een nieuw elan in de stad, er wordt dikwijls over de grenzen samengewerkt, en als je avant-garde wil zien, ben je in Kortrijk eigenlijk beter bediend dan in Gent of Antwerpen. Het Next Festival, is een mooi voorbeeld waar avant-garde, dans en  theater samenkomt; een tiendaags festival in onder meer Doornik, Kortrijk en Rijsel. In het kader van dit festival, kon je vanavond dus ook naar Tortoise in de Kortrijkse Schouwburg.

Ik was te vroeg aanbeland in Kortrijk, want het concert begon dus maar om tien uur. Ruim tijd genoeg om de Schouwburg te bewonderen: een neogotische facade uit 1920, en binnenin een klein Italiaans theater met 3 balkons, een koninklijke loge, en fuchsiarode zetels en aankleding en een opvallende glaskoepel met dierenriem van de Franse kunstenaar Alberola. Kwa grootte is de Schouwburg eigenlijk wel te vergelijken met de Arenbergschouwburg in Antwerpen. Het publiek was niet alleen uit de streek gekomen, we hoorden ook veel Frans en er waren ook diehard fans van Tortoise die de dag ervoor al het concert in het Stuk in Leuven meegepikt hadden.

Tortoise zijn zowat de vaandeldragers van de post-rock zoals die opkwam in de tweede helft van de jaren negentig, maar eigenlijk doet die term geen recht aan hun muziek, ze staan mijlen af van de typische post-rock gitaargroepen zoals Mogwai, Explosions in the sky, of het Japanse Mono, die hun nummers vooral op spanningsbogen van hard naar zacht laten lopen. Het gebruik van elektrische gitaren, bas en drums, en het ontbreken van zang is eigenlijk het enige wat Tortoise gemeen heeft met die typische post-rock groepen.
Tortoise is het altijd veel avontuurlijker geweest, met uitstappen naar Ennio Moricone, jazz, dub, minimale techno, ambient en nog veel meer. Tortoise bracht eerder dit jaar hun zesde ‘Beacons of ancestorship’, dit vijf jaar na hun vorige ‘It’s all around you’ en stond ook Pukkelpop deze zomer, maar ik had hun eigenlijk een beetje uit het oog verloren, dus ik was benieuwd.

Iets na tienen begon Tortoise er dus aan, en het publiek werd meteen verrast met een furieus begin: de dubbele drumopstelling hakte er op los, terwijl de bas stevig pompte. Een aantal jaren geleden had ik de band rond John McEntire nog in de AB gezien, en toen kabbelde het optreden maar een beetje lusteloos verder, maar dit zou duidelijk niet het geval zijn vanavond: we leken wel op een concert van Battles te zijn.
In het derde nummer werd wat gas terug genomen, het kon “ I set my face to the hillside” of “ Swing from the gutters” geweest zijn, in ieder geval kregen we  een prachtig filmisch nummer, je waande je zo in een Franse of Italiaanse zwart-wit film uit de jaren zestig, met Alain Delon en Catherine Deneuve die in een Citroen DS in de Gorges du Verdon rijden. Dit is een van de grootste sterktes van Tortoise, ze slagen er heel goed in je op een verrassende muzikale trip mee te nemen, met steeds iets nieuws om de hoek.
De nummers van Tortoise lijken soms geïmproviseerd, het lijkt op jazz ,maar ze zijn het niet, ze zijn eigenlijk heel zorgvuldig en kunstig opgebouwd, bijna als een architect die verschillende bouwelementen in mekaar schuift.
Zoals we van Tortoise gewoon zijn, werd er dikwijls van instrumenten gewisseld, en na een halfuur of zo, kwamen we in rustiger vaarwater terecht, met een heel aantal nummers uit wellicht hun beste album ‘TNT’, waarin de marimbas(die mij altijd heel sterk aan Indonesische gamelans doen denken)  en xylofoon het voortouw namen. Zo kregen we onder meer “Ten day interval”, met de marimba die het nummer leidt, waarna het thema ingezet wordt, bijna zoals bij “Clocks” van Pink Floyd en “In sarah menchen, christ, beethoven there were woman and man,” een heel relaxte groove met een jazzy gitaarmotiefje.

Tortoise blijft zijn muzikale grenzen verkennen, zo hoorden we vanavond ook een soulnummer a la Curtis Mayfield, en kon je in “The suspension bridge at Iguazu falls” en “It’s all around you” bossa nova ritmes ontwaren.
Na ruim een uur en drie kwart werden de bissen ingezet (we zouden twee bisrondes krijgen), en die sloten het concert weer even stevig af als het begonnen was. “Yinxianghechengqi” en “Gigantes” , (twee nieuwe nummers) die als een rollende donder over het goedkeurende publiek in de Schouwburg raasden, vormden de mooie apotheose van een spannend en avontuurlijk concert.

Organisatie: Kreun, Kortrijk (ikv Next-festival)

Beoordeling

Seasick Steve

Heerlijke non nonsens blues met Seasick Steve

Geschreven door

Seasick Steve blijft niet bij de pakken zitten en maakt gretig gebruik van het onverhoopte succes dat hem nu al twee jaar te beurt valt. In februari zagen we hem nog aan het werk in de Brusselse AB in het kader van de promotie van zijn vorig album ‘I started out with nothing and still got most of it left’, een tournee die hem later op het jaar ook naar de grote festivals, waaronder Rock Werchter, zou brengen. Nu is er alweer een nieuwe overigens prima plaat ‘Man from another time’ waarmee Steve terug de hort optrekt.

Blijkbaar is in Frankrijk de hype rond zijn persoontje nog niet zo hoog opgelaaid, te merken aan de eerder matige opkomst in le Grand Mix in Tourcoing. Steve liet het niet aan zijn hart komen, integendeel. Nu hij het gewoon is om voor uitverkochte zalen te spelen, vond hij het toch bijzonder interessant om nog eens als vanouds in een kleinere club, die dan nog maar halfvol was, zijn duivels te ontbinden. Hier kon hij zich tenminste nog eens volledig uitleven en hij maakte dan ook van de gelegenheid gebruik om zich even tussen het publiek te begeven en aldaar een lekker potje boogie te spelen.
Tourcoing ging dan ook volledig door de knieën voor deze onweerstaanbaar sympathieke ouwe man die onwaarschijnlijke klanken haalde uit de meest primitieve gitaren. Nou ja, gitaren, een sigarenkist en een houten plank met maar één snaar zullen we voor ’t gemak ook maar gitaren noemen. Uit dat laatste ding puurde hij trouwens op geniale wijze de uiterst stomende boogie “Diddley Bo”.
Steve had ook twee trouwe vrienden meegebracht. De eerste was een krachtige en bij momenten wilde drummer die de ideale aanvulling was voor diens rauwe sound, de tweede een goeie ouwe fles Jack Daniels. Een mens moet zo zijn vrienden weten te kiezen.
Heerlijk ook hoe Steve zijn bluessongs telkens inleidde met fijne, uit het leven gegrepen, verhalen. Naast een opmerkelijke gitaarspeler (misschien wel beperkt, maar wel uniek) en een begenadigd blueszanger, is hij vooral ook een zeer entertainende storyteller. Zijn verhaal die “Chiggers” aankondigde, een song over ellendige motherfuckers van beestjes die vreselijke jeuk veroorzaken, was verdomd geestig en de song zelf was werkelijk fenomenaal en rolde als de beesten. Ook de boogie krakers “Thunderbird” en “Never go west” rockten als opgefokte dekstieren, maar Steve kwam ook met een paar wondermooie rustpunten op de proppen. Voor het pareltje “Walking man” nodige hij een dame uit om op het podium naast hem van die heerlijke song mee te genieten (de vrouw in kwestie was trouwens speciaal voor Steve helemaal van het verre Newcastle overgekomen) en samen met de wonderlijke verschijning Amy Laverge (ze lurkte eerst even flink aan de whiskey en kwam daarna met een hemelse stem tevoorschijn) speelde hij een bloedmooie versie van de Hank Williams klassieker “I’m so lonesome I could cry”. Prachtig.
Steve eindigde als verwacht zijn set met een spetterend “Dog house boogie” waarbij hij, na een alweer aangrijpend verhaal midden in de song, op het einde gans de zaal aan het zingen kreeg.

Dit was een onvergetelijk concert waarmee een uiterst goedlachse Seasick Steve zich letterlijk terug onder de mensen begaf. Fantastische man.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Zion Train

Het muzikale leven volgens Zion Train …stomend feestje

Geschreven door

Het Britse Zion Train onder de tandem Neil Perch (DJ/bassist/producer/ knoppenfreak) en de zanger Molara, aangevuld met hun vaste twee blazers, zijn al twintig jaar lang de onvervalste pioniers van de dubreggae/dancehall/rave. Ze hebben een eigen herkenbare sound ontwikkeld en zijn een begrip geworden. Om even te situeren het doorgebroken Buraka Som Sistema haalde voor z’n ‘kuduro’ de mosterd bij deze heren, en van de jaren ’90 onthouden we de worldreggae en –ragga van Transglobal Underground, Banco de Gaia, Suns of Arqa, African Headcharge, Loop Guru en de indietabla’s van Asian Dub Foundation, Talvin Singh, Nitin Sawhney en het onlangs her-geformeerde Cornershop. Voor een paar concerten kwam Zion Train langs in ons landje, wat meteen hoog aangestipt werd door elke gerenomeerde reggaefreak.
Op hun live optredens zorgen zij steevast voor een stomend feestje en wordt het soberder en avontuurlijker geluid van op plaat kracht bijgezet, wat ons brengt tot een venijnig groovy, dansbare sound. In hun intrigerende sound klonk de ‘mishmash’ van world, trance, breakbeats, 2step drum’n’ bass, elektronicableeps en techno beats door. De diepe basses op z’n Jah Wobbles en de overdubte rapzang gaven hierbij de toon.
Een kleine twee uur lang werden we in deze unieke dance getrokken en ging een uitverkochte 4ad uit zijn dak. “Jah holds the key”, “Follow like wolves” en “War on Babylon” vormden de finalereeks, nadat de klemtoon kwam te liggen op de remixreeks van hun recente ‘Live as one’, die in 2007 een reggae Gramma Award wegkaapte.

Respect voor deze veertig- vijftigers (?), die naast de doorwinterde reggaeliefhebber de jonge, jeugdige proever naar zich toe wist te trekken!

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Beoordeling

Alice In Chains

Alice In Chains: vergane glorie van weleer herleeft

Geschreven door

Zeven jaar na het overlijden van grunge-icoon en frontman Layne Staley en veertien jaar na hun laatste studio-album kwamen de Seattle rockers van Alice in Chains hun 'nieuwe' zanger en comebackalbum 'Black gives way to blue' voorstellen in een uitverkochte Trix. In 2006 werd de nieuwe rekruut, William DuVall (ex-Comes with the Fall), al enthousiast onthaald middels een meer dan degelijke passage op Graspop. De verwachtingen waren dus hooggespannen.

Er werd afgetrapt met het epische"Rain when I die" van doorbraakalbum en meesterwerk 'Dirt'. Meteen werd duidelijk dat het met de vocale prestaties wel in orde was. De power en het bereik van DuVall waren minstens even opzienbarend als zijn voorganger. Het stemgeluid had natuurlijk wat weg van Layne, maar hij was geen karikatuur van de man. Hij behield zijn identiteit. Met het stuwende "Again" en het snedige "Them bones" werd het tempo hoog gehouden. Het publiek was duidelijk onder de indruk van de verrichtingen. DuVall profileerde zich als een volwaardig bandlid en als de meest charismatische figuur op het podium. Hij genoot zichtbaar van de oprechte reacties.
Het bezwerende "Dam that river" en de recente sfeervolle single, "Your decision" volgden. "Check my brain" met killer riff en catchy refrein deden de temperatuur nog wat stijgen. Bassist Mike Inez en drummer Sean Kinney vormden een solide en goed op elkaar ingespeelde ritmesectie. Daarna kwamen twee songs van het debuut 'Facelift' aan de beurt: "Love, hate, love" kreeg een indrukwekkende en intense vertolking en het zwaar groovende "It ain't like that" deed daar niet voor onder. Cantrell liet zijn gitaar zwaar ronken bij het logge en slepende "A looking in view". Hier was Black Sabbath niet ver weg. Niettemin bijzonder straf.
Er werd even gas terug genomen met een akoestisch intermezzo: "Down in a hole", "No excuses" en "Black gives way to blue". De vocale tandem Cantrell-DuVall bleef goed overeind. De prachtige samenzang en harmonieën herinnerden ons aan de MTV-Unplugged sessie uit '96. Voor velen een absoluut hoogtepunt.
Het moddervette en grimmige"God am", het dissonante "Acid bubble", het duistere "Angry chair" en het onverslijtbare "Man in the box" besloten het eerste deel van de set. De aanwezigen hadden merkbaar nog niet genoeg gekregen en schreeuwden om meer.
Dit kregen ze dan ook. De bisronde werd geopend met het midtempo en melodieuze "Lesson learned". De onvermijdbare en tijdloze hymnes "Would?" en "Rooster" deden de zaal nog een laatste keer ontploffen en werden als één stem luidkeels meegezongen. Dit blijven fenomenale nummers die zorgden voor euforische reacties.
Spijtig genoeg was dit ook het einde van een memorabel optreden. Bandleider Jerry Cantrell was zichtbaar onder de indruk van de sterke respons en nam uitgebreid afscheid van het Belgische publiek met de woorden "Thanks, we needed you!". Daar kunnen we volmondig en zonder enige twijfel op antwoorden: "We needed you too!"

Dit was een herboren groep die bewees nog niet afgeschreven te zijn Alice In Chains klonk als een klok, misschien zelfs beter dan voorheen. We hopen dat ze volgend jaar ons Belgenlandje nog eens aandoen. We zullen alvast present zijn!

Setlist:  Rain when I die – Again - Them bones - Dam that river - Your decision - Check my brain - Love, hate, love - It ain't like that - A looking in view - Down in a hole - No excuses –Black gives way to blue – God am - Acid bubble - Angry chair – Man in the box
Bis: Lesson learned - Would? – Rooster

Organisatie: Rocklive (ism Trix, Antwerpen)


Beoordeling

Pagina 346 van 395